CConstaterende datDe Ronde Venen
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel 07, bijlage 2 Informatienota voorbereiding gesprek U10 en college De Ronde Venen.

Gemeenteraad 1 april 2021, gemeente De Ronde VenenBij agendapunt: Toetreding gemeente De Ronde Venen tot U10, raadsvoorstel 07/21 (21.15 uur)1.514 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Informatienota raad AAN DATUM ORGANISATIEONDERDEEL PORTEFEUILLEHOUDER BEHANDELEND AMBTENAAR TOESTELNUMMER

de gemeenteraad 21 oktober 2020 CS-BMO Maarten Divendal Martin Heijtel 291818

REGISTRATIENUMMER

20.0012087

TER INZAGE BIJLAGE(N)

Onderwerp Voorbereiding gesprek U10 en college De Ronde Venen.

Waarom naar de raad In verband met de eventuele toetreding van De Ronde Venen tot de netwerkorganisatie U10 vindt binnenkort een overleg plaats tussen een bestuurlijke delegatie van de U10 en het college van De Ronde Venen. Ter voorbereiding van dit overleg willen wij aan de hand van deze informatienota in de commissie van gedachten wisselen over de U10. Hier is ook door de ChristenUnie/SGP om verzocht. Doel van bespreking is om kennis te delen over de U10 en de actuele ontwikkelingen met elkaar door te nemen. Aansluitend aan het overleg van het college met U10 zal vervolgens via een raadsvoorstel de discussie in de raad over het al of niet toetreden van De Ronde Venen tot U10 worden gevoerd.

Inleiding In de Programmabegroting 2020 is activiteit 3.07.1 opgenomen, dat in 2020 wordt uitgezocht wat de mogelijkheden zijn om onze positie in de regio verder te optimaliseren of te formaliseren. Wij nemen al enige tijd informeel deel aan de U10. Deze samenwerking is geïntensiveerd sinds de samenwerking die er vanaf 2019 is ontstaan met U10 door deelname aan het door U10 op te stellen Ruimtelijk Economisch programma (REP). Onze deelname aan de REP en de daarbij opgedane ervaringen over de samenwerking met U10 in het algemeen, biedt kansen om onze positie in de regio verder te optimaliseren c.q. te formaliseren en heeft ook tot de vraag geleid of het wenselijk is om verdere formele aansluiting te zoeken bij de U10. Wat is U10? De U10 samenwerking is in 2015 ontstaan na afschaffing van de wettelijk verplichte samenwerking in de regio Utrecht (het voormalige BRU-gebied). Doel van de samenwerking is het samen verkennen van gemeenschappelijk onderwerpen en belangen en op basis hiervan gemeenschappelijke ambities formuleren en gezamenlijk activiteiten ondernemen. De samenwerking is daarbij gestart vanuit de gedachte van een samenwerking tussen de gemeenten rondom de Dom van Utrecht en is primair gericht op de werkvelden economie, ruimtelijke ontwikkeling, wonen, sociaal domein, energietransitie

Informatienota raad - documentnummer: 47096

en landschap. De samenwerking vindt plaats op basis van een bestuursconvenant, waarbij is afgesproken dat de gemeente Utrecht de menskracht levert voor het ondersteunende procesteam. Alle deelnemende gemeenten dragen bij aan de uitvoering van het bestuursconvenant via bestuurlijke en ambtelijke inzet en betalen jaarlijks een deelnemersvergoeding. Inmiddels werken 12 gemeenten samen via U10 te weten Bunnik, De Bilt, Houten, IJsselstein, Nieuwegein, Stichtse Vecht, Utrecht, Utrechtse Heuvelrug, Vijfheerenlanden, Wijk bij Duurstede, Woerden en Zeist. Hoe wordt samengewerkt binnen U10? De U10 samenwerking fungeert als een netwerkorganisatie waarbij de samenwerking met name plaatsvindt via de zogenaamde U10-bestuurstafels. De bestuurstafels zijn gevormd rondom de integrale thema's die belangrijk zijn in de U10-regio, te weten Gezonde woon- en leefomgeving, Economische positionering, Gezonde en inclusieve regio, Duurzame bereikbaarheid en Klimaat neutrale regio. De U10 samenwerking houdt niet in, dat alle U10-gemeenten per se moeten meedoen aan ieder via de bestuurstafels besproken onderwerp of project. Iedere gemeente beslist zelf over deelname aan concrete projecten. Evenmin betekent de samenwerking dat gemeenten buiten de formele deelnemers, nooit mee mogen doen aan bestuurstafels of regionale projecten.

Kernboodschap Rondom de eventuele toetreding van De Ronde Venen tot U10 spelen twee vragen: -

Wat zijn de argumenten voor De Ronde Venen om toe te treden tot de U10?

-

Wat zijn de argumenten voor de U10 om De Ronde Venen toe te voegen?

1.1. Wat biedt U10 waardoor toetreding van De Ronde Venen tot U10 van belang is? Hierna zijn door ons college argumenten benoemd die hierbij voor De Ronde Venen van belang zijn. Deze argumenten willen wij met de delegatie van U10 gaan bespreken en verder onderzoeken tijdens het overleg met U10. a. Toetreden is van belang voor het realiseren van lokale opgaven. Toetreden door De Ronde Venen is van belang omdat meedoen bijdraagt aan het vormen van een sterke en aantrekkelijke regio. Actief meedoen en meedenken over de regio, is daarbij van belang voor zowel De Ronde Venen zelf als voor de regio. Bepaalde onderwerpen zijn beter in regioverband te regelen dan als zelfstandige kleinere gemeente. b. Deelnemen aan U10 verbetert onderhandelingspositie richting provincie en rijk. Door een gezamenlijk optrekken verbetert de onderhandelingspositie richting provincie en rijk. Dit is mede van belang vanwege de ontwikkeling, dat rijk en provincie steeds vaker zaken met regio’s doen in plaats van met individuele gemeenten. Het betreft dan niet afspraken over generieke regels, maar over specifieke zaken. Denk hierbij aan de regiodeals die specifiek met de U10-regio worden gemaakt, maar ook voor het vinden van oplossingen en het maken van afspraken over bijvoorbeeld de bodemdaling.

Binnen U10 is de samenwerking momenteel vooral gericht op het gezamenlijk vaststellen van een Ruimtelijk Economisch Programma (REP). Dit ter uitwerking van het toekomstbeeld voor de regio voor de langere termijn zoals deze is vastgelegd in de door U10 vastgestelde gemeenschappelijke

Informatienota raad - documentnummer: 47096 - pagina 2

Ruimtelijke Economische Koers (REK). In de REP worden de onderwerpen wonen, economie, bereikbaarheid, energie en landschap in hun onderlinge samenhang afgewogen en beoordeeld, met het doel om zo gezamenlijk de grote opgaven in de regio aan te pakken. De REP wordt vervolgens de basis om de grote regionale opgaven te bespreken met de provincie en het rijk en over deze opgaven met hen afspraken te maken. Bijvoorbeeld over afspraken in het kader van de verstedelijkingopgave waarvoor Nederland staat en het daaruit voortkomende centrale beleidskader voor het omgevingsbeleid. Aan dit centrale beleidskader wordt naar verwachting ook de verdeling gekoppeld van de hiervoor bij het rijk beschikbare gelden over de verschillende regio’s. In U10 verband wordt erop ingezet dat U10 als regio onderdeel wordt van deze plannen. Dit doel van het plan maakt dat het voor De Ronde Venen van groot belang is dat het onderdeel is van U10 en zo direct betrokken is bij het maken van regionale afspraken. Deze samenwerking biedt De Ronde Venen kansen om volwaardig onderdeel te zijn van een sterke en aantrekkelijke regio. Een regio die van groot belang is voor onze inwoners en bedrijven in het kader van wonen, werken en recreëren. 1.2.

Wat biedt De Ronde Venen als het gaat deelnemen aan U10? Onze situering in de regio is anders en ook onze inbreng kan daardoor afwijkend zijn van de meer stedelijke deelnemers. Als de Ronde Venen kunnen wij in U10 bijdragen om de verbinding tussen de stedelijke en overige gemeenten in de regio te zoeken en te verbeteren, waardoor beter de belangen van alle deelnemers in besluitvorming wordt betrokken. De situering van De Ronde Venen in de Randstad en onze deelname aan de gemeenschappelijke regeling Amstelland Meerlandenoverleg (AM) biedt kansen en voordelen voor U10, bijvoorbeeld bij het vinden van de verbinding tussen U10 en de Metropool Regio Amsterdam (MRA). 1.3. Wat betekent deelname voor De Ronde Venen aan U10 in de praktijk Een besluit tot toetreden betekent dat wij ons zowel bestuurlijk als ambtelijk actief gaan inzetten in de U10 samenwerking en ook de daarvoor benodigde financiële middelen voor de deelnemersbijdrage beschikbaar gaan stellen. Hiervoor is in de begroting budget gereserveerd. Qua tijdsbesteding is de gedachte vanuit de U10, dat de opgaven zich steeds meer op regionaal niveau voordoen. Het zou dus geen ‘extra’ werk moeten zijn om samen te werken, maar vooral een mogelijkheid om de regionale opgaven in samenhang aan te pakken. Vanuit deze gedachte gaan we niet uit van extra ambtelijke inzet op inhoudelijke onderwerpen vanwege u10.

Wij blijven onze ambtelijke inzet prioriteren op basis van onze lokale opgaven. De extra werkzaamheden op het gebied van coördinatie en proces zullen zo praktisch mogelijk worden opgepakt. 1.4. Bij samenwerken is ook een actieve rol voor de raad aan de orde. In het bij toetreden te ondertekenen convenant is de betrokkenheid van de raden uitgewerkt en toegelicht. Van belang en vanzelfsprekend is daarbij dat wij uw raad actief betrekken en betrokken houden bij de U10-samenwerking. Afspraken dienen te worden gemaakt hoe we hieraan dit invulling te kunnen geven. Voor suggesties staan wij uiteraard open. Een actieve opstelling van de raad is daarbij van belang, bijvoorbeeld door deelname aan door U10 georganiseerde Informerende U10beraad(t) avonden voor raadsleden.

Informatienota raad - documentnummer: 47096 - pagina 3

Consequenties Bespreking in de raadscommissie is ter voorbereiding van het overleg van ons college met de delegatie van U10. Vragen vanuit het commissieberaad worden hierbij meegenomen.

Communicatie Via verschillende informatienota’s, laatstelijk via de informatienota 4 februari 2020, bent u geïnformeerd over de mogelijkheid tot toetreden tot U10, de voortgang van de totstandkoming van het nieuwe U10-convenant en het belang van dit nieuwe convenant voor De Ronde Venen. Deze informatienota is bedoeld als aanloop tot het komende gesprek met U10.

Vervolg Aansluitend aan het overleg met U10 wordt via een raadsvoorstel, waarin de bevindingen uit het voorbereidende overleg met U10 worden opgenomen, vindt de discussie in de raad plaats over het al of niet toetreden van De Ronde Venen tot U10.

Informatienota raad - documentnummer: 47096 - pagina 4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9928897/1