CConstaterende datDe Ronde Venen
Koppel je AI →
Document · PDF

bp Hoef WZ 41 Bijlage 4. Aanmeldnotitie MER

Gemeenteraad 24 november 2022, gemeente De Ronde VenenBij agendapunt: Bestemmingsplan De Hoef1.600 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Buro SRO B.V. 3525 AA Utrecht BTW nummer: NL8187.16.071.B01 KvK nummer: 30232281 Rekeningnummer: NL44 RABO 01421.54.024 t.n.v. Buro SRO B.V. te Utrecht

Gemeente De Ronde Venen t.a.v. het college van burgemeester en wethouders Postbus 250 3640 AG Mijdrecht Utrecht, 2 februari 2022 Ons kenmerk: SR160136 Betreft: Verzoek vormvrij m.e.r.-beoordelingsbesluit De Hoef Westzijde 41 De Hoef

Geacht college, Hierbij verzoeken wij u namens initiatiefnemer om een besluit te nemen op deze aanmeldingsnotitie voor de ontwikkeling aan De Hoef Westzijde 41 in De Hoef. De ontwikkeling heeft betrekking op het stoppen van een agrarisch bedrijf en het slopen van agrarische bebouwing. Daarvoor in de plaats beoogd initiatiefnemer de bestaande bedrijfswoning om te zetten naar burgerwoning en een tweede burgerwoning te realiseren. Daarbij worden verschillende ingrepen gedaan om de beoogde situatie landschappelijk in te passen. Een stedelijk ontwikkelingsproject, zoals de bouw van woningen, staat vermeld als activiteit op de zogenaamde D lijst (D11.2) van het Besluit milieueffectrapportage. Bij een oppervlakte van 100 ha of meer en een aaneengesloten gebied met 2000 of meer woningen is het verplicht een m.e.r.(-beoordeling) op te stellen. De beoogde ontwikkeling betreft een aanzienlijk kleinere oppervlakte en beduidend minder aantal woningen. Daarmee bestaat er geen verplichting om een m.e.r.(-beoordeling) op te stellen en zou volstaan kunnen worden met een vormvrije m.e.r.-beoordeling.

Conform de gewijzigde regelgeving van 7 juli 2017 moet voor elke aanvraag, waarbij een vormvrije m.e.r.-beoordeling aan de orde is: • door de initiatiefnemer een aanmeldnotitie worden opgesteld; • het bevoegd gezag een m.e.r.-beoordelingsbesluit nemen; • de initiatiefnemer het (vormvrije) m.e.r.-beoordelingsbesluit bij de vergunningaanvraag voegen. De aanmeldnotitie heeft tot doel het bevoegd gezag een besluit te laten nemen omtrent de m.e.r. De aanmeldnotitie moet daarom inzicht geven in de gewenste activiteit, de verwachte milieugevolgen en het tijdspad. Voorliggende aanmeldnotitie voorziet hierin, waarmee wordt voldaan aan de in bijlage III bij de EU-richtlijn milieueffectbeoordeling (85/337/EEG) aangegeven omstandigheden. Deze omstandigheden hebben betrekking op: 1. de kenmerken van de activiteit; 2. de plaats van de activiteit; 3. de kenmerken van mogelijke effecten.

1. Kenmerken activiteit De initiatiefnemer heeft het voornemen om een tweede woning op het terrein te realiseren. De beoogde ontwikkeling omvat het stopzetten de huidige agrarisch bedrijfsvoering en onder meer het inleveren van bouwmogelijkheden. In ruil hiervoor wenst initiatiefnemer een extra woning te realiseren. Deze woning is direct ten noorden van de bestaande bedrijfswoning beoogd. Gezien de beperkte omvang van het initiatief worden de drempelwaarden uit de D-lijst van het Besluit m.e.r. niet overschreden, waardoor volstaan kan worden met een vormvrije m.e.r.-beoordeling. Daarnaast zorgt deze beperkte omvang er ook voor dat er geen sprake is van cumulatie met eventuele initiatieven in de omgeving. In de aanlegfase, bij de graafwerkzaamheden, wordt voor het aanleggen van de fundering mogelijk zand uit de bodem onttrokken. Voor de bouw worden de reguliere natuurlijke hulpbronnen gebruikt als bouwmateriaal (hout, beton, metaal). Er zijn geen andere natuurlijke hulpbronnen in het gebied aanwezig die invloed ondervinden van de voorgenomen activiteit. Verder komt bij de sloop van de bestaande bebouwing sloopafval vrij. Dit afval wordt conform geldende wet- en regelgeving afgevoerd. Als gevolg van de ingebruikname van de nieuwe woning zal er een toename van de productie van afvalstoffen ontstaan. Deze afvalstoffen bestaan uit regulier huisafval.

In lijn met de landelijke tendens ten aanzien van het scheiden van afval zal ook het afval van deze woningen in toenemende mate gescheiden worden afgevoerd. Dit resulteert in een kleinere hoeveelheid stoffen die feitelijk als afvalstoffen gezien moeten worden. De milieugevolgen zijn dermate beperkt dat deze geen aanleiding geven tot het laten opstellen van een milieueffectrapportage. 2. Plaats activiteit Het plangebied is gelegen aan De Hoef Westzijde 41 in De Hoef. De planlocatie ligt aan de rivier de Kromme Mijdrecht, wat het een aantrekkelijke woonlocatie maakt. Het plangebied is onderdeel van perceel 1336 dat kadastraal bekend is onder kadastrale gemeente Mijdrecht, sectie D. De oppervlakte van het plangebied is circa 5.600 m². De gronden waar de realisatie van de woning is voorzien zijn in de huidige situatie bebouwd dan wel verhard. Er zijn dan ook geen hernieuwbare natuurlijke hulpbronnen aanwezig op de locatie. Ook met de sloop van de huidige bebouwing geen natuurlijke hulpbronnen verloren. Het plangebied bevindt zich niet in beschermde natuurgebieden of in een gebied waar milieunormen worden overschreden. Ook heeft het project geen effect op omliggende natuurgebieden. 3. Kenmerken mogelijke effecten De effecten van het project zijn lokaal van aard. De meest verstrekkende effecten zijn te verwachten op het gebied van geluid in de aanlegfase.

Deze effecten zijn tijdelijk van aard en hebben daarmee geen belangrijke gevolgen. In het kader van de planologische procedure zijn allerlei zaken onderzocht, waaronder ook de milieueffecten van verschillende aspecten. Navolgend wordt een beknopt overzicht van de onderzoeksresultaten weergegeven:

pagina 2 van 4

•

•

•

•

•

•

•

•

Bodem. Voor de locatie is een verkennend bodem- en asbestonderzoek uitgevoerd. Hieruit blijkt dat er voor het aspect bodem geen belangrijke nadelige milieueffecten zijn. Geluid. De woningen in het plangebied bevinden zich niet binnen de onderzoekszone van 250 m van de Oude Spoorbaan. De Hoef Westzijde en De Hoef Oostzijde zijn met een snelheidsregime van 30 km/u niet onderzoeksplichtig. Verder bevinden zich in de omgeving geen spoorlijnen of geluidgezoneerde inrichtingen. Geluidhinder vormt geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van het initiatief. Omdat woningen daarnaast geen geluidbronnenn als bedoeld in de Wgh zijn worden er vanuit het aspect geluid geen ernstige milieueffecten verwacht. Luchtkwaliteit. Voor dit plan is sprake van een plan dat niet in betekende mate (<1.500 woningen) bijdraagt aan een eventuele verslechtering van de luchtkwaliteit. De wettelijke normen ten aanzien van luchtkwaliteit worden daarnaast niet overschreden. Er kan geconcludeerd worden dat er voor het aspect luchtkwaliteit geen belangrijke nadelige milieueffecten zijn. Bedrijven en milieuzonering. Omliggende bedrijven veroorzaken geen milieugevolgen voor de beoogde woning en de ontwikkeling in het plangebied beperken omliggende bedrijven niet in hun bedrijfsvoering. Externe veiligheid.

Er overlappen geen plaatsgebonden risicocontouren als gevolg van Bevi-inrichtingen, transportroutes gevaarlijke stoffen en buisleidingen met het plangebied. Ook ligt het plangebied buiten het invloedsgebied van risicobronnen. Daarmee zijn er belemmeringen vanuit externe veiligheid. Water. Doordat het plangebied in de huidige situatie volledig verhard is leidt de planontwikkeling niet tot een toename van het verhard oppervlak. Watercompensatie is daarmee niet aan de orde. De hemelwaterafvoer van de nieuwe woning wordt afgekoppeld van het gemeentelijk rioleringsstelsel. Dit leidt per saldo tot minder emissie en zorgt bovendien voor een minder grote belasting van de afvalwaterketen. Doordat daarnaast de traditionele waterstructuur wordt hersteld kan er extra regenwater worden opgevangen bij extreme regenbuien. Voor de bodemroeringen die plaatsvinden in beschermingszone van de waterkering wordt vergunning aangevraagd bij het waterschap Amstel, Gooi en Vecht. Gelet op het voorgaande wordt voldoende rekening gehouden met het aspect water. De ontwikkeling veroorzaakt geen nadelige gevolgen voor het watersysteem. Ecologie. Uit de quickscan flora en fauna blijkt dat het plangebied mogelijk geschikt is voor nesten van boerenzwaluwen en algemene broedvogels. Er wordt dan ook aanbevolen de sloop van de bebouwing uit de voeren buiten het broedseizoen (ná half juli en vóór half maart).

Naast gevolgen voor diersoorten kan het project ook negatieve effecten hebben op beschermde natuurgebieden. Gezien de significante afstand tot Natura 2000-gebieden en de beperkte omvang van het project zijn effecten op deze beschermde natuurgebieden uitgesloten. Daarnaast is op 1 juli 2021 de Wet stikstofreductie en natuurverbetering in werking getreden. Onderdeel van deze wet is de vrijstelling voor bouw-, sloop- en eenmalige aanlegactiviteiten, in het kort de bouwvrijstelling. Dit betekent in het vergunningstraject dat voor het aspect stikstof alleen nog de neerslag (depositie) in de gebruiksfase een rol speelt. Aangezien de depositie in de gebruiksfase niet toeneemt kan het uitvoeren van een AERIUSberekening achterwege blijven. Archeologie. Uit de archeologische waarden- en verwachtingskaart van de gemeente blijkt dat ter plaatse van het plangebied een hoge archeologische verwachting geldt. De bodem is ter plaatse van de te realiseren woning echter reeds verstoord, waardoor er geen archeologische waarden in het geding komen.

pagina 3 van 4

•

•

Cultuurhistorie. De langhuisboerderij die in het plangebied gesitueerd is en in de huidige situatie in gebruik als bedrijfswoning met stal is aangemerkt als gemeentelijk monument. Aangezien er geen ingrepen aan het monument plaatsvinden en het monument niet ontsierd of in gevaar gebracht wordt, is er geen vergunning vereist. Duurzaamheid. De ambitie van de ontwikkeling is om te voorzien in een duurzame woning die voldoet aan de eisen van BENG en het Bouwbesluit 2012. De woning wordt gasloos uitgevoerd en hoogwaardig geïsoleerd.

Beoordeling Om te beoordelen of er een milieueffectrapport noodzakelijk is, is een eerste verkenning naar de milieueffecten uitgevoerd. Geconcludeerd wordt dat volstaan kan worden met een vormvrije m.e.r.-beoordeling. De vormvrije m.e.r.-beoordeling geeft antwoord op de vraag of belangrijke nadelige milieugevolgen kunnen worden uitgesloten. Uit de voorgenoemde milieuaspecten blijkt dat geen belangrijke nadelige milieugevolgen gesignaleerd worden als gevolg van de voorgenomen ontwikkeling. Conclusie Op grond van artikel 7.19 van de Wet milieubeheer wordt geconcludeerd dat er geen m.e.r.(-beoordeling) behoeft te worden opgesteld en volstaan kan worden met een vormvrije m.e.r.-beoordeling die wordt ingevuld middels de voorliggende aanmeldnotitie. Dit geeft in voldoende mate inzicht in de milieueffecten om deze volwaardig mee te kunnen wegen in het nog te nemen besluit tot vaststelling van het bestemmingsplan ‘De Hoef Westzijde 41, De Hoef’. Mocht u naar aanleiding van dit verzoek nog vragen hebben dan kunt u uiteraard met ons contact opnemen.

Met vriendelijke groet, Buro SRO

pagina 4 van 4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11929940/1