Bijlagen bij motivering 11 Memo watertoets
Tekst van het document
Watertoets natuurinrichting bloemrijke percelen Groot Mijdrecht Noordoost Datum Projectnummer Onderwerp
1
21-02-2025 019-24-BWZ Watertoets natuurinrichting bloemrijke percelen Groot Mijdrecht Noordoost
Inleiding
In polder Groot Mijdrecht liggen meerdere percelen die in eigendom zijn van de provincie Utrecht of Natuurmonumenten, maar die nog geen natuurinrichting hebben. Het gaat om een oppervlakte van circa 50 hectare die de beheertypen kruiden- en faunarijk grasland (N12.02) of vochtig hooiland (N10.02) als natuurambitie hebben. In opdracht van de provincie Utrecht is een inrichtingsplan uitgewerkt om de natuurpotentie van deze percelen zoveel mogelijk te benutten, dit binnen de afspraken van het Pact van Poldertrots. In deze memo is een watertoets uitgewerkt voor het opgestelde inrichtingsplan. Hierin worden de waterhuishoudkundige aspecten van het inrichtingsplan beschreven en beoordeeld. Projectgebied De ligging van het projectgebied en de beoogde beheertypen per perceel zijn weergegeven in Figuur 1-1.
Figuur 1-1 Overzicht ligging percelen natuurinrichting
Kantoorboerderij Rustenburg | Lekdijk 15 | 4121 KG Everdingen | www.bwz-ingenieurs.nl
1
2
Inrichtingsplan
Het inrichtingsplan is beschreven in de rapportage Bloemrijke graslanden Groot Mijdrecht, Rapport bij het Voorlopig Ontwerp/Definitief Ontwerp (BWZ Ingenieurs, 25 oktober 2024 (VO)) en de bijbehorende ontwerpkaarten. Samengevat omvat het inrichtingsplan de volgende maatregelen: •
•
•
•
•
• • • •
Hol leggen van percelen. Op percelen waar het kwelwater van hoge kwaliteit is, wordt een holle maaiveldsligging gerealiseerd, zodat binnen het perceel een gradiënt tot stand wordt gebracht en kwelwater optimaal wordt vastgehouden en benut. Welke percelen in aanmerking komen voor deze maatregel zal worden bepaald op basis van nader onderzoek naar de kwelwaterkwaliteit. Aanleg natuurvriendelijke oevers -. Op percelen waar de kwaliteit van het kwelwater onvoldoende is, worden (eventueel) natuurvriendelijke oevers aangelegd in de vorm van een flauw talud over een maximale breedte van 3 meter (deze maximale breedte is gekozen vanwege beheerbaarheid). De natuurvriendelijke oevers worden eenzijdig aangelegd en alleen in de watergangen tussen de natuurpercelen, niet aan de buitenranden van het projectgebied. Welke percelen in aanmerking komen voor deze maatregel zal worden bepaald op basis van nader onderzoek naar de kwelwaterkwaliteit en de realisatiemogelijkheden. Herprofileren van oevers Langs oevers waar geen natuurvriendelijke oever wordt aangelegd en sprake is van een verhoogde oeverrand (‘grondwal’), zal (eventueel) herprofilering van de oever plaatsvinden. Welke percelen in aanmerking komen voor deze maatregel zal worden bepaald op basis van nader onderzoek naar de kwelwaterkwaliteit en de realisatiemogelijkheden.
Bij de meest zuidwestelijk gelegen percelen zijn in de huidige situatie geen ‘grondwallen’ aanwezig, herprofilering is hier niet nodig. Aanleg greppels. Op enkele percelen wordt over een deel van het perceel een greppel aangelegd. Deze greppels zijn maximaal 0,2 meter diep en 0,5 meter breed. Bedoeling is dat bodemhoogte van de greppels boven de GHG ligt. De greppels zijn niet aangesloten op een watergang. Optie kan zijn om de greppels nat te houden met een greppelpomp. Hierover is nog geen besluit genomen. Graven nieuwe dwarswatergang. Aan de zuidzijde van de noordwestelijke natuurpercelen wordt een nieuwe dwarswatergang gegraven. Deze ‘dwarswatergang’ is voorzien als onderdeel van de omleidingswatergang voor het nog aan te leggen moerasblok 1, fase 2. Omdat bij deze percelen nu toch al werkzaamheden plaatsvinden, wordt ook de aanleg van dit deel van de omleidingswatergang nu direct meegenomen. NB In het Voorlopig Ontwerp is ook voorzien in aanleg van een nieuwe dwarswatergang aan de noordoostzijde van het projectgebied. Inmiddels is gebleken dat deze dwarswatergang in de praktijk reeds aanwezig, en kan deze maatregel hier dus vervallen. Aanleg dammen met duikers. Op een aantal locaties worden dammen met duikers aangelegd. Deze dammen ontsluiten de natuurpercelen ten behoeve van beheer. Vervangen landbouwbrug.
Aan de noordzijde van het meest oostelijke natuurperceel wordt een bestaande landbouwbrug vervangen ten behoeve van het beheer. Aanplant wilgen/ struweel. Op enkele locaties worden wilgen of struweel aangeplant. Verwijderen slenken. Op een aantal locaties in het gebied komen in het perceel slenken voor die de beheerbaarheid belemmeren. Deze worden gedicht, zodat deze gepasseerd kunnen worden door beheervoertuigen.
Kantoorboerderij Rustenburg | Lekdijk 15 | 4121 KG Everdingen | www.bwz-ingenieurs.nl
2
3
Beoordeling effecten voor waterhuishouding
Met de voorziene inrichtingsmaatregelen blijft de huidige waterhuishouding vrijwel ongewijzigd. Voor de natuurontwikkeling wordt niet afgegraven en de peilen in het gebied wijzigen niet. Hol leggen van percelen Met het hol leggen van percelen wordt in de percelen een maaiveldgradiënt gerealiseerd, waarbij kwelwater optimaal wordt vastgehouden en benut en waarbij midden in de percelen (voor vochtig hooiland noodzakelijke) natte omstandigheden blijven, ook als de grondwaterstand hier door verdamping wegzakt. De nattere percelen vereisen wel aangepast materieel voor beheer en onderhoud. Ten behoeve van het beheer wordt op deze percelen wel een beheerpad aangelegd. Aanleg natuurvriendelijke oevers In Figuur 3-1 is een voorbeelduitwerking voor deze maatregel weergegeven uitgaande van ‘profiel J’. Aanleg van de natuurvriendelijke oevers draagt bij aan het verbeteren van de biodiversiteit langs de watergangen. Omdat de basisvoorwaarden voor een goede waterkwaliteit slecht zijn (lichtklimaat en produktiviteit van water en bodem zij onvoldoende) hebben de natuurvriendelijke oevers maar een beperkte invloed op het realiseren van de KRW-doelstellingen voor het gebied.
Figuur 3-1 Voorbeeld aanleg natuurvriendelijke oever, Profiel J
Herprofileren oevers. Deze maatregel heeft geen effecten voor de waterhuishouding van het gebied. Aanleg greppels. Deze maatregel vindt alleen lokaal plaats op een enkele locatie en zorgt voor het afvangen van infiltrerend neerslagwater. Deze maatregel heeft geen effecten voor de waterhuishouding van het gebied. Graven nieuwe dwarswatergang. De dimensionering van deze nieuw te graven dwarswatergang is overeenkomstig de uitgangspunten zoals die met het waterschap zijn afgestemd bij de planvorming voor moerasblok 1. De dimensionering van de nieuwe dwarswatergang is daarbij afgestemd op het afvoerdebiet dat door de (toekomstige) omleidingswatergang verwerkt moet kunnen worden. Zie ter toelichting de memo die als bijlage bij voorliggende memo is gevoegd.
Kantoorboerderij Rustenburg | Lekdijk 15 | 4121 KG Everdingen | www.bwz-ingenieurs.nl
3
Het principeprofiel voor de nieuwe dwarswatergang is weergegeven in Figuur 3-2. De nieuwe watergang krijgt een waterdiepte van 0,60 meter (uitgaande van waterpeil -6,70 mNAP) en de breedte van de watergang van insteek tot overzijde waterlijn bedraagt maximaal 6 meter. Bij aanleg van de nieuwe watergang is er risico op opbarsten van de waterbodem, bij uitvoering moet hiermee rekening worden gehouden. Vanwege de gevoeligheden voor het opbarsten van de waterbodem is een diepere watergang niet gewenst.
Figuur 3-2 Principeprofiel nieuw aan te leggen dwarswatergang
Conclusie: de dimensionering van de nieuw aan te leggen dwarswatergang is overeenkomstig de uitgangspunten zoals die met het waterschap overeen zijn gekomen bij de planuitwerking voor Moerasblok 1 in Groot Mijdrecht Noordoost. Aanleg dammen met duikers. De dammen met duikers die aan de zuidzijde van de noordwestelijke natuurpercelen worden aangelegd (4 locaties) zijn nodig ten behoeve van de beheerontsluiting van de agrarische percelen aan de zuidzijde van de nieuwe dwarswatergang. Omdat de dammen voorzien worden van een duiker, heeft deze maatregel verder geen effecten voor de waterhuishouding van het gebied. Ditzelfde geldt voor de aan te leggen dammen met duikers bij de percelen aan de noordzijde van het projectgebied (3 locaties). Op 1 locatie wordt een bestaande dam verbreed. De nieuw aan te leggen dammen en de verbreding van de bestaande dam zorgen voor een vermindering van het waterbergend oppervlak van maximaal circa 150 m2 (uitgangspunt demping open water voor nieuwe dam: 20 m2; voor verbreding bestaande dam: 10 m2). Dit wordt gecompenseerd door de aanleg van natuurvriendelijke oevers (zie uitwerking bij maatregel afdamming natuurpercelen). Vervangen landbouwbrug. Deze maatregel heeft geen effecten voor de waterhuishouding van het gebied. Aanplant wilgen/ struweel. Deze maatregel heeft geen effecten voor de waterhuishouding van het gebied. Verwijderen slenken.
Deze maatregel heeft geen effecten voor de waterhuishouding van het gebied. Conclusie effecten waterhuishouding: • Het functioneren van de waterhuishouding zal door de voorgenomen ingrepen niet wezenlijk veranderen.
Kantoorboerderij Rustenburg | Lekdijk 15 | 4121 KG Everdingen | www.bwz-ingenieurs.nl
4
• •
Aanleg natuurvriendelijke oevers draagt positief bij aan het vergroten van de biodiversiteit langs de watergangen. In het noordwestelijk deel van het projectgebied wordt een nieuwe dwarswatergang gerealiseerd. Deze voldoet aan de dimensionering zoals die eerder met het waterschap is afgestemd voor de omleidingswatergang voor moerasblok 1. Aandachtspunt voor de uitvoering is het risico op welvorming.
Kantoorboerderij Rustenburg | Lekdijk 15 | 4121 KG Everdingen | www.bwz-ingenieurs.nl
5
Bijlage 1 Dimensionering omleidingswatergang Moerasblok 1
Kantoorboerderij Rustenburg | Lekdijk 15 | 4121 KG Everdingen | www.bwz-ingenieurs.nl
6
Kantoorboerderij Rustenburg | Lekdijk 15 | 4121 KG Everdingen | www.bwz-ingenieurs.nl
7
Kantoorboerderij Rustenburg | Lekdijk 15 | 4121 KG Everdingen | www.bwz-ingenieurs.nl
8
Kantoorboerderij Rustenburg | Lekdijk 15 | 4121 KG Everdingen | www.bwz-ingenieurs.nl
9
Kantoorboerderij Rustenburg | Lekdijk 15 | 4121 KG Everdingen | www.bwz-ingenieurs.nl
10