CConstaterende datDe Ronde Venen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 7a - Quickscan stikstof

Gemeenteraad 5 maart 2026, gemeente De Ronde VenenBij agendapunt: Raadsvoorstel Vaststellen Ruimtelijk Kader BON-gronden3.361 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Notitie Datum:

10 oktober 2025

Project:

Woningbouw Bongronden

Uw kenmerk:

-

Locatie:

Abcoude

Ons kenmerk:

N001_01_087462aa

Betreft:

Quickscan Stikstof

Versie:

01

1

Inleiding en samenvatting

De Bon Groep heeft het voornemen nieuwbouw te realiseren op een grasland/weiland grenzend aan de bestaande dorpskern van Abcoude en de Rijksweg A2. Hierbij worden 297 woningen en een school met BSO gerealiseerd. LBP|SIGHT heeft onderzoek gedaan naar de gevolgen van dit ontwikkelingsproject (BON-gronden) op het aspect stikstofdepositie tijdens de bouw- en gebruiksfase. In deze quickscan brengen we de beoogde activiteiten van de bouw- en gebruiksfase in kaart en kijken we welk effect dit heeft op de stikstofruimte. Hierbij beoordelen we in het kader van de Omgevingswet of de resulterende stikstofdepositie significante gevolgen kan hebben voor nabijgelegen Natura 2000-gebieden. In de huidige situatie is er veel agrarische stikstofemissie en depositie; deze is in deze fase nog niet in beeld gebracht. De realisatie vindt gefaseerd plaats en duurt naar verwachting in totaal vijf jaren. De laatste fase wordt naar verwachting in 2034 opgeleverd, waarbij een groot aandeel van het wagenpark elektrisch zal zijn. Ook in de bouwfase wordt deels elektrisch gewerkt. In de berekening is rekening gehouden met een bouwtijd van vijf jaren en de overlapping van gefaseerde realisatie en gebruik. Het blijkt dat in de bepalende jaren 5 en 6 de laagst nog zichtbare stikstofdepositie wordt berekend in natuurgebied Botshol: 0,01 mol/ha/j.

Dit is bijna nihil en waarschijnlijk lager dan de agrarische stikstof die in de huidige situatie wordt geëmitteerd. De depositie door het plan mag gecompenseerd worden met de huidige agrarische stikstof (saldering, ‘Passende beoordeling’ van de natuur in een procedure), voor zover deze niet nodig is voor natuurherstel. Omdat natuurgebied Botshol is overbelast en het herstel nog niet in beeld is, is toestemming juridisch niet mogelijk, ook al vermindert de depositie. De overheid (provincie, Rijk) werkt aan een oplossing, maar tot februari 2026 ligt vergunningverlening stil. Voor deze fase van de besluitvorming voor het plan (ruimtelijk kader), is dat nog niet wezenlijk, maar wel voor de ruimtelijke toestemming (Bopa, omgevingsplanwijziging). Fasering van de ruimtelijke besluitvorming kan hier mogelijk solaas bieden (juridisch te toetsen).

Kelvinbaan 40, 3439 MT Nieuwegein | Postbus 1475, 3430 BL Nieuwegein | T (030) 231 13 77 | F (030) 234 17 54 E info@lbpsight.nl | www.lbpsight.nl | IBAN: NL62 RABO 036 42 36 558 | KvK 30073990 | BTW NL007076083B01

2

Toetsingskader en situatie

2.1

Natura2000-activiteit

In de Omgevingswet zijn regels opgenomen voor de bescherming van natuur en landschap. Voor een Natura 2000-activiteit geldt een vergunningplicht conform artikel 5.1 lid 1 van de Omgevingswet. Om die reden moet beoordeeld worden of een project significante gevolgen kan hebben voor een Natura 2000-gebied en daarmee als Natura 2000-activiteit wordt beschouwd. In deze notitie beoordelen we daarom of het project leidt tot een toename van stikstofdepositie.

2.2

Projectlocatie ten opzichte van Natura 2000-gebieden

Het terrein van de BON-gronden ligt in Abcoude tussen de Piet van Wijngaerdtlaan, Burgermeester Des Tombeweg, de A2 en de Van Voorthuijsenhof. Het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied met stikstofgevoelige habitattypen is het gebied ‘Botshol’ op circa 2 km afstand. Zie figuur 1.1.

Figuur 2.1 Projectlocatie BON-gronden (rode stip) met Natura 2000-gebieden

N001_01_087462aa | 10 oktober 2025

2

2.3

Rekenmodel

De realisatie vindt gefaseerd plaats en duurt naar verwachting in totaal vijf jaren. De laatste fase wordt naar verwachting in 2034 opgeleverd, waarbij een (veel) groter aandeel van het wagenpark elektrisch zal zijn. In de berekening is daarom rekening gehouden met de overlapping van gefaseerde realisatie en gebruik, volgens deze verdeling:

Bouwen

Jaar 1

Jaar 2

Jaar 3

Jaar 4

Jaar 5

20%

20%

20%

20%

20%

20%

40%

60%

80%

In gebruik

Jaar 6 100%

Jaar 5 of 6 is bepalend voor de maximale stikstofemissie/-depositie. De berekeningen van de bijdragen aan stikstofdepositie zijn uitgevoerd met het aangewezen rekenmodel AERIUS Calculator van de Rijksoverheid, versie 2024. Elk jaar wordt Aerius geactualiseerd waarbij uitgangspunten van berekeningen en informatie over natuurgebieden kunnen veranderen; in het kader van de ruimtelijke toestemming moet te zijner tijd de laatste versie worden toegepast.

3

Uitgangspunten bouwfase

3.1

Methode van kwantificeren

Omdat er in deze fase van het project nog geen aannemer is en er geen gedetailleerde informatie over de bouwwerkzaamheden beschikbaar is, hebben we voor de kwantificering van emissies gebruikgemaakt van kengetallen op basis van referentieprojecten. Dit geeft een reële indicatie van de te verwachten stikstofemissie en depositie. Kengetallen bouwfase LBP|SIGHT heeft in samenwerking met de gemeente Utrecht kengetallen voor de bouwfase berekend. Deze kengetallen maken het mogelijk om, op basis van de bouwopgave, in bruto vloeroppervlakte (BVO)/jaar het volgende te berekenen: -

Bewegingen door bouwverkeer (vrachtwagens).

-

Bewegingen door bouwverkeer (personenwagens voor bouwpersoneel).

-

NOx- en NH3-emissies door gemiddelde inzet van mobiele werktuigen (kranen, shovels, et cetera), voornamelijk met een bouwjaar van 2014 of later.

De kengetallen zijn gebaseerd op de inventarisaties/bouwcalculaties van de bouwfase van concrete bouwprojecten variërend in omvang van 2.000 tot 70.000 m² BVO/jaar. Bijlage I geeft een extra toelichting over de totstandkoming van de kengetallen zoals die zijn gebruikt in het regressiemodel.

N001_01_087462aa | 10 oktober 2025

3

3.2

Emissiekwantificering bouwfase

Uitgangspunten emissies Op basis van het regressiemodel zijn in de bouwfase verschillende activiteiten te onderscheiden die stikstofemissies tot gevolg hebben. Hieronder geven we de voor dit onderzoek relevante inputgegevens over het bouwproject weer op basis van het huidige stedenbouwkundig plan en woonprogramma zoals aangeleverd door de opdrachtgever: -

Project omvang nieuwbouw: circa 34.000 m2 BVO. 1

-

Het grondvlak van het bouwterrein dat bouwrijp moet worden gemaakt: 1,3 ha.

-

Het grondvlak dat uiteindelijk wordt heringericht: 5,70 ha.

Als planning van de bouwwerkzaamheden is aangenomen: -

Aanvang start nieuwbouw circa start 2029 (bouwtijd vijf jaar)

Tabel 1 Inputgegevens regressiemodel Omschrijving

Kwantificering

Omvang te slopen gebouwen (m² BVO)

-

Grondwerk – bouwrijp maken (ha)

1,3

Totale bouwopgave (m2 BVO)

34.000

Grondwerk – herinrichten van buitenterrein (ha)

5,46

Emissies mobiele werktuigen en verkeersbewegingen Voor de gehele bouwfase (het bouwrijp maken, het bouwen en het herinrichten van het buitenterrein) zijn op basis van het regressiemodel de onderstaande stikstofemissies en verkeersbewegingen bepaald. Tabel 2 Outputgegevens regressiemodel: Emissies door mobiele werktuigen Activiteit Bouwrijp maken Bouwen Herinrichten van buitenterrein Totaal per jaar

Oppervlak

Emissie (kg NOx)

Emissie (kg NH3)

1,3 ha

76,6

2,31

34.000 m2 BVO

255,0

6,80

5,46 ha

226,6

8,44

-

558,2

17,56

Bij het voorbelasten van het terrein worden ook vrachtverkeer en mobiele werktuigen ingezet, echter dit is minder intensief van de bouwfase.

1

Gebasseerd op m² GBO per woning als opgegeven door de opdrachtgever (omgerekend met factor 1/0,85 naar m² BVO) en 2.000 m² BVO School+BSO.

N001_01_087462aa | 10 oktober 2025

4

Tabel 3 Outputgegevens regressiemodel: Aantal verkeersbewegingen tijdens de bouwfase Type verkeer

Bewegingen

Emissienorm

Vrachtauto’s totaal (zwaar verkeer)

6.236

Standaard AERIUS

Bouwverkeer totaal (licht verkeer)

35.333

Standaard AERIUS

Voor (de modelleringen van) het wegverkeer zijn additioneel onderstaande uitgangspunten gehanteerd: -

Voor de ontsluiting van het wegverkeer is aangenomen dat al het verkeer richting de A2 wordt ontsloten via de zuidelijke (nieuwe) ontsluitingsroute aan de rotonde van de Burgemeester Des Tombeweg. Vanaf de A2 zijn de verkeersbewegingen opgenomen in het heersend verkeersbeeld. De verkeersroute is als lus gemodelleerd. Waarbij in de rijlijn zowel de aankomende als de vertrekkende bewegingen van een voertuig zijn meegenomen. De verkeersaantallen in AERIUS zijn daarom de verkeersaantallen en geen verkeersbewegingen.

-

Voor al het licht verkeer is aangenomen dat er bij elke vertrekkende beweging (aantal verkeersbewegingen/2) sprake is van een koude start. Voor het zwaar vrachtverkeer wordt aangenomen dat de vertrekkende beweging geen koude start betreft (ze staan minder dan 2 uur stil).

-

Om aanvullend op het regressiemodel het stationair draaien van bouwverkeer op de bouwlocatie te modelleren, hebben we gebruikgemaakt van de emissiecijfers voor stationair draaien volgens de rekeninstructie2 van BIJ12. Voor het stationair draaien van de vrachtwagens tijdens de bouwfase is aangenomen dat de vrachtwagens gemiddeld 10 minuten stationair draaien. De emissiekengetallen en de daaruit volgende stikstofemissies zijn samengevat in tabel 4.

Tabel 4 Kwantificering van de emissies van stationair draaiend bouwverkeer Bouwberekening 1

2

Zwaar vrachtverkeer [Verkeersbewegingen/jaar]

6.236

Zwaar vrachtverkeer [aantal/jaar]

3.148

Stationair draaien per vrachtwagen [minuten/vw]

10

Stationaire totale tijd [uur/jaar]

520

Emissiekengetal stationair draaien NOx [g NOx/uur]

89,5771*

Emissiekengetal stationair draaien NH3 [g NH3/uur]

0,8976*

NOx emissie [kg/jaar]

48,1

NH3 emissie [kg/jaar]

0,47

BIJ12, Instructie gegevensinvoer voor AERIUS Calculator 2024, oktober 2025, versie 1

N001_01_087462aa | 10 oktober 2025

5

* Emissiekengetal voor zwaar vrachtverkeer, 2027

4

Uitgangspunten gebruiksfase

De woningen en de school met BSO worden gasloos uitgevoerd en niet aangesloten op het gasnet. Dit betekent dat er geen emissies zijn door gebouwverwarming. Het in gebruik nemen van de woningen en school met BSO genereert wel verkeersbewegingen tijdens de gebruiksfase. We hebben de verkeersgeneratie als gevolg van dit project bepaald aan de hand van de CROWkengetallen, publicatie 744 ‘Parkeerkencijfers 2024, basis voor parkeernormering’. De bouwlocatie wordt gerekend tot de ‘rest bebouwde kom’ van een ‘weinig stedelijk’ gebied. In totaal worden er circa 297 woningen gerealiseerd en 2.000 m2 BVO school/BSO. Tabel 5 laat voor alle voorziene functies het aantal verkeersbewegingen zien. De verkeersgeneratie als gevolg van het project is berekend aan de hand van het aantal en type woningen, de oppervlakte van de school en BSO en de CROW-kengetallen. Bij het CROW zijn geen kengetallen bekend voor het aantal verkeersbewegingen per etmaal voor een basisschool. Er zijn wel kengetallen bekend voor het aantal verkeersbewegingen per etmaal per 100 m2 BVO voor een kinderdagopvang. Uitgaande van een worst-case scenario wordt voor de gehele school en BSO gerekend met het aantal verkeersbewegingen van een kinderdagopvang.

Het is aannemelijk dat een kinderdagverblijf meer verkeersbewegingen per 100 m 2 BVO genereert in vergelijking met een basisschool, aangezien een deel van de kinderen op een basisschool zelfstandig naar school gaat. De uitgangspunten zijn vooralsnog worst-case zolang er geen verkeersonderzoek beschikbaar is. Op basis van de voorgaande uitgangspunten komt het totaal op 2.435 verkeersbewegingen per etmaal: 1.723 bewegingen van woningen + 712 bewegingen van de school+BSO. Tabel 5 Verkeersgeneratie Woning CROW-groep Sociale huurappartementen ‘Huur, appartement, sociale huur, <75 m² bvo’ Middeldure koopappartementen ‘Koop, appartement, 75 - 100m² bvo’ Vrije sector koopappartementen ‘Koop, appartement, >100 m² bvo’ Vrijesector koopwoningen grondgebonden: Vrijstaand ‘Koop, huis, vrijstaand Vrijesector koopwoningen grondgebonden: Twee onder een kap ‘Koop, huis, twee-onder-een-kap Vrijesector koopwoningen grondgebonden: Tussen/hoekwoning ‘Koop, huis, tussen/hoek

School + BSO Kinderdagverblijf (conservatief)

Aantal

CROW-kengetal

Verkeersbewegingen

woningen

[bewegingen/etmaal]

[Bewegingen/etmaal]

89

3,3

294

98

6,0

588

21

7,4

155

5

8,2

41

58

7,8

452

26

7,4

192

Totaal (woningen

1.723

35,6

712

2.000

N001_01_087462aa | 10 oktober 2025

6

Ontsluiting wegverkeer In de gebruiksfase krijgt het verkeer behorend bij het project BON-gronden parkeergelegenheid op verschillende parkeerhavens verspreid over de woonlocaties. De sociale huur appartementen krijgen parkeerplekken ter hoogte van de bestaande carpoolplek, deze worden los gemodelleerd. Bij het ontbreken van een volledig verkeersonderzoek worden de volgende aannames gemaakt; -

Het verkeer ontsluit zich richting de snelweg (A2). Het verkeer wordt daarom vanaf deze locatie beschouwd als opgenomen in het heersend verkeersbeeld.

-

Het verkeer wordt gemodelleerd langs de zuidelijke ontsluitingsroute. Het verkeer richting de A2 wordt ontsloten via de ontsluiting aan de rotonde van de Burgemeester Des Tombeweg.

-

Het verkeer van de sociale huurwoningen wordt gemodelleerd vanaf de parkeerplaatsen bij de carpoolplek. Het overig verkeer wordt gemodelleerd over het projectgebied BON-gronden.

-

Voor al het verkeer is aangenomen dat er bij elke vertrekkende beweging (totaal aantal verkeersbewegingen/2) sprake is van een koude start.

-

Als rekenjaar is in AERIUS voor de gebruiksfase het jaar 2029-2034 genomen.

De verkeersroute is als lus gemodelleerd. Waarbij in de rijlijn zowel de aankomende als de vertrekkende bewegingen van een voertuig zijn meegenomen. De verkeersaantallen in AERIUS zijn daarom de verkeersaantallen en geen verkeersbewegingen.

4.1

Resultaten bepalende jaren 5 en 6

Gedurende de realisatietijd van 5 jaar zijn de jaren 5 (laatste 20% bouwen en 80% in gebruik) en 6 (100% in gebruik) bepalend voor de totale stikstofemissie. Als uitgangspunt is verder genomen dat de bouwfase deels elektrisch wordt uitgevoerd (66% van het materieel) en dat een groter aandeel voertuigen elektrisch is (66%), zowel de voertuigen voor de bouwfase als de gebruiksfase. De totale emissie van bouwfase en gebruiksfase, en het aandeel van de twee bepalende jaren zijn opgenomen in onderstaande tabel. Tabel 5 Totale emissie en vertaling naar bepalende jaren 5 en 6 Model Elektrisch aandeel BOUWFASE Mobiele werktuigen Staionair bouwverkeer Verkeer bouwfase en licht koude start zwaar GEBRUIKSFASE Verkeer Staionair Verkeer gebruiksfase en licht koude start zwaar TOTAAL Mobiele werktuigen Staionair Verkeer bouwfase en licht koude start zwaar

Totaal 5 j Per jaar Totaal Bepalend jaar Aantal Aantal/5 NOx (kg) NH3 (kg) NOx (kg) NH3 (kg) 66% 66% 66% 558,2 48,9

17,6 0,5

38,0 3,3

1,2 0,0

35.333 2.403 6.236 424 100% voltooid, 66% elektrisch 100% voltooid, 66% elektrisch 98,7 14,5 33,6 4,9 2.435 0

828 0 558,2 48,9

37.768 6.236

17,6 0,5

38,0 3,3

1,2 0,0

3.231 424

N001_01_087462aa | 10 oktober 2025

7

Het model zoals hiervoor is omschreven is doorgerekend. De berekening is opgenomen in bijlage II. De uitkomst is dat er nagenoeg geen stikstofdepositie optreedt: 0,01 mol N/ha/jaar op stikstofgevoelige Natura 2000-gebied Botshol.

5

Conclusie

Uit de berekeningen blijkt dat de bepalende jaren van de overlappende bouw- en gebruiksfase een stikstofdepositie van 0,01 N/ha/jaar op stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden veroorzaakt. Hierbij is er van uitgegaan dat een deel van het bouwproces elektrisch wordt uitgevoerd. Dit is de laagst te berekenen bijdrage, net boven nul. Deze depositie komt in de plaats van de agrarische stikstof die op dit moment de natuurgebieden belast, waarschijnlijk op een hoger niveau dan de stikstof door het plan. Wanneer er gebruik wordt gemaakt van intern salderen met de bestaande functies (agrarisch) op het terrein van de BONgronden, zijn er geen depositieresultaten hoger dan 0,00 mol N/ha/jaar (maar een afname). Het hergebruik van een deel van de bestaande agrarische stikstof voor woningbouw moet beoordeeld worden door de provincie, waarbij vastgesteld moet worden dat deze agrarische stikstof niet allemaal nodig is voor herstel van overbelaste natuurgebieden (alleen stikstof die ‘additioneel’ is, dus niet nodig voor herstel, mag ingezet worden voor saldering).

LBP|SIGHT

ing. P.A.G. (Paul) van der Vleuten

N001_01_087462aa | 10 oktober 2025

8

Bijlage I

Toelichting kengetallen regressiemodel

N001_01_087462aa | 10 oktober 2025

9

Notitie

Datum:

12 januari 2025

Project:

Uw kenmerk:

-

Locatie:

Ons kenmerk:

V010500cw.20FWYAF.djs

Betreft:

Versie:

01_005

Natura 2000 Toelichting kengetallen aanlegfase

Kengetallen voor aanlegfase Omdat veelal in planvorming en bij de voorbereidingsfase van bouwaanvragen nog geen inventarisatie en/of aanbesteding van het bouwproject heeft plaatsgevonden, zijn normaliter geen (exacte) aantallen bekend van het aantal bedrijfsuren van mobiele werktuigen en het aantal transportbewegingen. Vanuit dat opzicht, en door het ontbreken van goede literatuurgegevens 1, is door LBP|SIGHT, een aantal kengetallen ontwikkeld voor de diverse onderdelen die het bouwproces met zich meebrengt. De kengetallen komen voort uit de regressie en extrapolatie van gegevens van concrete bouwprojecten. Hiermee zijn de stikstofemissies berekend met de rekentool van AERIUS Calculator, waarbij de inputparameter brandstofverbruik is berekend op basis van de AUB methode 2. De kengetallen zijn bruikbaar voor een projectomvang vanaf ca. 1.000 m 2 bvo. De volgende onderdelen van het bouwproces zijn daarbij beschouwd: Sloopfase Het kengetal voor slopen is berekend op basis van een feitelijke inventarisatie voor de sloop van ca. 2.100 m2 bvo gebouwen. De inventarisatie betreft het gecalculeerde dieselverbruik voor het gebruik van rupskranen en shovels, beide van de emissieklasse Stage IV. Het kengetal is 9,48 g NOx/m2 bvo en 0,38 g NH3/m2 bvo te slopen.

Voor de afvoer van het sloopafval wordt aangenomen dat dit 50% bedraagt van het kengetal voor bouwverkeer vrachtwagens (zie hieronder bij ‘Bouwen’). Per 1.000 m2 bvo te slopen betekent dit 92 bewegingen (= 46 ritten).

1

De Handreiking woningbouw en AERIUS (publicatie 20400607 van januari 2020) geeft geen kengetallen op basis van de huidige versie van AERIUS. Tevens zijn de datasets die daaraan ten grondslag liggen te beperkt (vijf sterk uiteenlopende datapunten) of hebben de verkeerde insteek (nl. omslagpunt bepalen bij welke emissie en afstand een depositie wordt berekend) om in deze vorm te hanteren.

2

AUB (AdBlue verbruik, Uren, en Brandstofverbruik): een robuuste schatting van NOx en NH3 uitstoot van mobiele werktuigen TNO rapport 2021 R12305 van 10 december 2021, en bijbehorende excel rekensheet.

Kelvinbaan 40, 3439 MT Nieuwegein | Postbus 1475, 3430 BL Nieuwegein | T (030) 231 13 77 | F (030) 234 17 54 E info@lbpsight.nl | www.lbpsight.nl | IBAN: NL62 RABO 036 42 36 558 | KvK 30073990 | BTW NL007076083B01

Bouwrijp maken Het kengetal voor grondwerk voor het bouwrijp maken is berekend op basis van een feitelijke inventarisatie van het bouwrijp maken van een plangebied van 22.500 m 2. De inventarisatie betreft de gecalculeerde inzetduur en vermogen van rupskranen, tractoren, dumper trucks en triplaten. Er is uitgegaan van emissieklasse Stage IV voor alle mobiele werktuigen. Het kengetal bedraagt 58,9 kg NOx/ha en 1,78 kg NH3/ha bouwrijp maken. Bouwen Het kengetal voor bouwen is drieledig, en komt voor uit de regressielijnen van gedetailleerde inventarisaties van 9 verschillende concrete bouwprojecten met een programma omvang uiteenlopend van 2.000 tot 30.000 m2 bvo. Deze projecten betreffen bouw van voornamelijk woningen (mix van appartementen en grondgebonden), en in mindere mate kantoren en utiliteit. De inventarisaties richtten zich op drie aspecten: ▪

De inzet van mobiele werktuigen (graafmachines, shovels, betonmixwagens, heistellingen, mobiele kranen, generatoren, etc.) is per project geïnventariseerd in de vorm van dieselverbruik en/of vermogen en bedrijfsduur, en vervolgens omgerekend naar emissievracht (kg stikstof voor het hele project). Ca. 90% van de ingezette werktuigen zijn Stage IV, het overige Stage III. Vervolgens is, op basis van deze 9 projecten, een regressielijn opgesteld van de stikstof emissievracht als functie van de projectomvang in m2 bvo. Het kengetal dat hieruit voortvloeit is 5,85 kg NOx/1.000 m2 bvo en 0,2 kg NH3/1.000 m2 bvo

▪

Het bouwverkeer (gebruik makend van zware vrachtwagens) is per project geïnventariseerd in de vorm het aantal voertuigbewegingen om het bouwproject uit te kunnen voeren. Vervolgens is, op basis van deze 9 projecten, een regressielijn opgesteld van het aantal vrachtwagenbewegingen als functie van de projectomvang in m2 bvo. Het kengetal dat hieruit voortvloeit is 178 vrachtwagenbewegingen/1.000 m2 bvo.

▪

Het vervoer van bouwpersoneel (gebruik makend van lichte motorvoertuigen) is per project geïnventariseerd in de vorm het aantal voertuigbewegingen. Vervolgens is, op basis van deze 9 projecten, een regressielijn opgesteld van het aantal personenwagenbewegingen als functie van de projectomvang in m 2 bvo. Het kengetal dat hieruit voortvloeit is 1.353 personenwagenbewegingen/1.000 m2 bvo.

▪

Voor de bouwfase wordt aangenomen dat alle personenwagenverkeer een koude startemissie veroorzaken (m.a.w. de voertuigen staan alle 2 uur of meer stil alvorens ze weer vertrekken). Voor het vrachtverkeer geldt dit niet, aangezien deze alleen goederen brengen en meteen vertrekken.

Grondwerk t.b.v. herinrichten/woonrijp maken Het kengetal voor grondwerk voor het herinrichten/woonrijp maken is berekend op basis van een feitelijke inventarisatie van het woonrijp maken van een plangebied van 22.500 m 2. De inventarisatie betreft de gecalculeerde inzetduur en vermogen van rupskranen, graafmachines, tractoren, en trilplaten. Er is uitgegaan van emissieklasse Stage IV voor alle mobiele werktuigen. Het kengetal bedraagt 41,5 kg NOx/ha en 1,55 kg NH3/ha woonrijp maken.

V010500cw.20FWYAF.djs | versie 01_005 | 12 januari 2023

2

LBP|SIGHT BV

dr. H.A.E. (Dirk-Jan) Simons

V010500cw.20FWYAF.djs | versie 01_005 | 12 januari 2023

3

Bijlage II

AERIUS uitvoerbestand bepalende jaren 5-6, 66% van materieel en vervoer elektrisch

N001_01_087462aa | 10 oktober 2025

10

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16510387/1