Bijlage 4 Nota van zienswijzen en ambtshalve aanpassingen Herenweg 54, Vinkeveen
Tekst van het document
Nota van zienswijzen en ambtshalve aanpassingen Bestemmingsplan Herenweg 54, Vinkeveen
1. Inleiding Toelichting Vanaf 23 december 2023 heeft het ontwerpbestemmingsplan ‘Herenweg 54, Vinkeveen’ gedurende 6 weken ter inzage gelegen. Het bestemmingsplan maakt het planologisch mogelijk om een woning te kunnen realiseren op een perceel ten noorden van de Herenweg 54 in Vinkeveen. Daarnaast voorziet het plan in de mogelijkheid om een doorvaart ter hoogte van de percelen kadastraal bekend als gemeente Vinkeveen sectie A, nummer 5841 en 5844 te realiseren, waarmee de bereikbaarheid van de Vinkeveense Plassen verbetert. Wettelijk kader Het plan past niet binnen het vigerende bestemmingsplan ‘Dorpskernen’, welke onderdeel uitmaakt van het tijdelijk omgevingsplan. Om de gewenste ruimtelijke ontwikkeling mogelijk te maken wordt dan ook een bestemmingsplanprocedure ex artikel 3.8 Wet ruimtelijke ordening doorlopen. Zienswijze Een ieder heeft de mogelijkheid gekregen om in de periode dat het ontwerpbestemmingsplan ter inzage lag een zienswijze op het ontwerpbestemmingsplan bij de gemeenteraad in te dienen. Hierop is 1 zienswijze binnengekomen. Opzet De uitwerking van deze zienswijzen en de gemeentelijke reactie treft u in hoofdstuk 2 aan. Bij de zienswijze is de inhoudelijke strekking daarvan zakelijk weergegeven. Ook is de inhoudelijke reactie van de gemeente weergegeven. Hoofdstuk 3 geeft inzicht in de onderdelen die ten opzichte van het ontwerp zijn gewijzigd.
2. Beantwoording zienswijzen 1. XXX, Herenweg XX, 3645 DS Vinkeveen Ontvangstdatum: 23 januari 2024 Ontvankelijk Inhoud zienswijze Reactie gemeente A Indiener stelt dat de gemeente Het klopt dat de gemeente voornemens is een voornemens is om twee legakkers door doorvaart te realiseren ter hoogte van twee te slaan en er een doorvaart van te bestaande legakkers met als doel de maken om zo de bereikbaarheid van de bereikbaarheid van de plassen te verbeteren. De plassen te bevorderden. Wanneer dit gemeente herkent zich niet in de stelling dat het plan wordt doorgezet zullen er ter hoogte realiseren van deze doorvaart zal zorgen voor van de zeilschool en de brug onder de grote opstoppingen ter hoogte van de zeilschool N201 grote opstoppingen ontstaan. Ook en de brug onder de N201. Het is niet zullen boten die vanuit de sluis naar het aannemelijk dat het realiseren van de doorvaart tunneltje willen hier een stukje moeten tot direct gevolg heeft dat het aantal doorvaren om te kunnen vaststellen of er vaarbewegingen ter plaatse van de brug onder een boot uit de tunnel komt. Indiener ziet de N201 significant zal toenemen. niet waar dit plan goed voor is en vindt het een verstoring voor dit bewoonde Daarnaast stelt indiener dat er boten die vanuit gebied. de sluis naar het tunneltje willen een stukje moeten doorvaren om te kunnen vaststellen of er een boot uit de tunnel komt.
De gemeente ziet de relevantie van de sluis in relatie tot de beoogde doorsteek niet. Het is namelijk een onlogische vaarbeweging om vanaf de brug, parallel aan de N201 richting de sluis te varen en vice versa. Bovendien zal de beoogde doorvaart in onderhavig bestemmingsplan hier geen invloed op hebben.
Op kaarten en foto’s is goed te zien dat de bestaande vaarweg tussen de lintbebouwing aan de Herenweg en het zogeheten dijksterrein ter hoogte van Herenweg 54 wordt onderbroken. Hierdoor moeten boten omvaren, wat juist in bochten voor een onoverzichtelijke situatie oplevert. Met het doorgraven van de akkers ter hoogte van de Herenweg 54 ontstaat er een logische en nautisch betere situatie. Conclusie: zienswijze is ongegrond B Voor bewoners aan deze sloot is het een voortdurende ergernis bij de snelle vaarders, waarbij de golven oevers wegslaan. Alle reparaties aan de oevers en steigers, maar ook het schoonhouden van de sloten komt voor rekening van de gemeente.
Bevaarders van deze sloot dienen de maximum toegestane vaarsnelheid in acht te nemen. De toegestane vaarsnelheid zal niet worden verhoogd naar aanleiding van dit bestemmingsplan. Buitengewoon opsporingsambtenaren van Staatsbosbeheer handhaven in het gehele Vinkeveense Plassengebied op overschrijding van de maximale vaarsnelheid. De gemeente is niet bekend met eventuele gemelde schades aan oevers en steigers ter hoogte van deze sloot. Mocht er onverhoopt toch schade ontstaan is de veroorzaker hiervan aansprakelijk. De watergang waar indiener naar refereert is grotendeels in eigendom van Waterschap Amstel, Gooi en Vecht. Zij zijn verantwoordelijk voor het schoonhouden en op diepte houden van de watergang. Conclusie: zienswijze is ongegrond
C Er zijn 2 prima bestaande alternatieven om naar de grotere plas te komen. Namelijk via de Geuzensloot rechtsaf en een route langs diverse akkers waar je kunt aanleggen voor de rust, zwemmen, een hapje te eten en te genieten van de mooie omgeving om vervolgens onder de brug naar de 2e plassen te komen. Ook de boten die uit Wilnis komen hoeven niet via de Geuzensloot en varen rechtdoor onder de brug van de Kerklaan.
Met de beoogde doorvaart wordt vooral voorzien in een kortere vaarverbinding tussen de Heulbrug en brug onder de N201. Dit draagt bij aan een verbeterde toegankelijkheid van de Vinkeveense Plassen en sluit aan op de ambitie uit de Dorpsvisie Centrum Vinkeveen om de bereikbaarheid van de Vinkeveense Plassen te verbeteren. In deze visie worden de twee langgerekte percelen ter hoogte van Herenweg 54 als één van de knooppunten gezien in het huidige blauwe netwerk. Met de realisatie van de beoogde doorvaart wordt bijgedragen aan de verbetering van het blauwe netwerk en dus aan de bereikbaarheid van de Vinkeveense plassen. De route die men vaart is afhankelijk van de vertreklocatie en de locatie van bestemming. Tevens dient opgemerkt te worden dat de vaste bruggen over de Ringvaart rond de polder Groot Mijdrecht, de Kerklaan en de N201 een beperkte doorvaarthoogte hebben. Dit is dus ook van invloed op de route die men neemt van en naar de Vinkeveense Plassen.
Conclusie: zienswijze is ongegrond D Indiener stelt dat het een recreatiegebied betreft, waar men van de rust en natuur wil genieten en wil behouden. En niet te maken wil hebben met opstoppingen, maar ook niet om snel van A naar B te komen.
Het realiseren van deze doorvaart draagt bij aan een kortere vaarroute van en naar de Vinkeveense Plassen. Dit is onder andere prettig voor mensen die (frequent) van de vaarroute tussen de Heulbrug en de Noord- en Zuidplas gebruikmaken. Het staat mensen uiteraard vrij om wel of niet gebruik te maken van de te realiseren doorvaart. Recreanten die juist op zoek zijn naar rust en natuur kunnen uiteraard gewoon de huidige gebruikelijke route blijven bevaren. Het realiseren van een nieuwe kortere route zou er juist aan bij kunnen dragen dat het vaarverkeer zich beter verdeelt over de bestaande routes. Zo zullen mensen die snel vanaf de Heulbrug naar de grote plas willen, gebruik maken van de korte route. Maar recreanten die juist varend van de rust en natuur willen genieten, deze route mogelijk juist mijden. Op deze manier voorziet het plan er juist in dat ieder op zijn of haar eigen manier invulling kan geven aan recreatie op de plassen. Conclusie: zienswijze is ongegrond
E Indiener heeft in het plan gelezen dat er bij de brug aan de Geuzensloot wel 10.000 keer de brugwachter zijn werk moest doen. Dit getal zou veel te hoog zijn en uit de lucht gegrepen zijn.
In het ontwerpbestemmingsplan Herenweg 54 valt nergens te lezen dat er bij de brug aan de Geuzensloot een brugwachter wel 10.000 keer zijn werk moest doen. Uit tellingen blijkt dat in de periode 2019-2022 er wisselend per jaar tussen 4.500 en 7.700 boten de Heulbrug zijn gepasseerd. Daarbij dient gezegd te worden dat het aantal brugdraaiingen lager zal liggen, omdat er meerdere boten per brugdraaiing kunnen passeren. Conclusie: zienswijze is ongegrond
F De akker is volledig geel ingetekend. De indiener is door een ambtenaar van de gemeente verzekerd dat er alleen op het bestaande bouwvlak een huisje gebouwd mag worden met dezelfde afmetingen. Verder eventueel een serre en een klein schuurtje.
Het klopt inderdaad dat de akker geel is ingetekend. Dit houdt in dat er ter plaatse een woonbestemming van toepassing is. Daarnaast is er op het perceel 1 bouwvlak ingetekend. Volgens de systematiek van het bestemmingsplan is het toegestaan om binnen het bouwvlak maximaal 1 woning toe te staan. Dit bestemmingsplan maakt dus de bouw van maximaal 1 woning mogelijk op het perceel. Daarnaast mogen er bijgebouwen worden gerealiseerd conform de bijgebouwenregeling in artikel 4.2.3. Deze bijgebouwenregeling is overgenomen uit het bestemmingsplan Dorpskernen. Conclusie: zienswijze is ongegrond
G Indiener vraagt zich af van wie de sloot tussen de akker van de initiatiefnemer en de overkant eigenlijk is. Op de tekening in het bestemmingsplan wordt deze namelijk volledig als eigendom van de initiatiefnemer ingetekend.
De sloot waaraan indiener refereert is voor een gedeelte in eigendom van de initiatiefnemer en voor gedeelte in eigendom van de eigenaren van de percelen ter hoogte van Herenweg 56-66. De perceelgrens loopt over de lengte van de sloot. De tekening in het bestemmingsplan volgt de kadastrale perceelsgrenzen. Hoewel het wellicht op het eerste gezicht lijkt alsof de gehele sloot in ingetekend als eigendom van de initiatiefnemer, is dit feitelijk niet zo. Wanneer goed wordt ingezoomd op de kaart is duidelijk te zien dat een deel van de sloot in eigendom is van de eigenaren van de percelen ter hoogte van de Herenweg 56-66. Daarnaast is het goed om te vermelden dat de tekening uit de toelichting van het bestemmingsplan geen juridische waarde heeft. Om te bepalen van wie een stuk grond of sloot in eigendom is, wordt altijd de kadastrale kaart gehanteerd. Conclusie: zienswijze is ongegrond
3. Aanpassingen ontwerpbestemmingsplan De zienswijze heeft niet geleid tot het aanbrengen van wijzigingen aan het ontwerpbestemmingsplan. Er zijn wel een aantal ambtelijke wijzingen doorgevoerd aan de toelichting ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan, namelijk: - In hoofdstuk 1.3 is opgenomen dat het bestemmingsplan Dorpskernen inmiddels inwerking is getreden. - De conclusie van de bodemparagraaf is verder aangevuld t.a.v. te nemen saneringsmaatregelen op advies van de ODRU. - Hoofstuk 4.10.2 is geactualiseerd conform het recent vastgestelde Mobiliteits- en verkeerveiligheidsplan 2023-2030 - Hoofstuk 7 is verder aangevuld met informatie over de participatie in deze bestemmingsplanprocedure.