Bijlage 3 - Achtergrondinformatie Huisvestingsverordening: hoe en wat
Tekst van het document
Bijlage 3 Huisvestingsverordening: hoe en wat? Nut en noodzaak regionale Huisvestingsverordening In totaal zijn er in Nederland negentien woningmarktregio’s vastgesteld. Een woningmarktregio is een begrip in de Huisvestingswet en bepalend voor het niveau waarop samengewerkt moet worden. In onze regio vindt deze samenwerking plaats op de bestuurstafel van de U10. Artikel 6, lid één en twee van de Huisvestingswet is hiervoor het juridisch kader. De Huisvestingsverordening is regionaal door de eenduidige regelgeving en de ‘gereedschapskist’ om lokaal maatwerk toe te passen. In de Huisvestingsverordening is deze gereedschapskist vertaald naar een aantal keuzes (zie volgende twee kopjes) om het gemeentelijk woonbeleid uit te voeren. Voor een efficiënte en duidelijke uitvoering (met name voor woningzoekenden) is daarbij gekozen voor eenduidigheid. Bijvoorbeeld het gebruik van kernbinding, waarbij de gemeente de keuze maakt van de kernen maar de methodiek regionaal is. Huisvestingsverordening: hoe is deze opgebouwd en waar liggen de bevoegdheden? 1. De Huisvestingsverordening bevat algemene bepalingen in hoofdstuk 1. 2. Hoofdstuk 2 gaat over het verdelen van zelfstandige woonruimte: sociale voorraad tot de liberalisatiegrens, (een deel) tot de middenhuurgrens en nieuwbouw betaalbare koopwoningen.
Hoofdstuk 2 is afgestemd met de regiogemeenten en de corporaties, zodat de woonruimteverdeling in de regio op een zo eenduidig mogelijke manier plaatsvindt. In dit hoofdstuk zijn de regels voor onder andere urgentie, voorrangsregels naar aard, grootte en prijs van een woning en voorrang op basis van economische en maatschappelijke binding vastgelegd. Zo maakt dit hoofdstuk het mogelijk om sociale huurwoningen en nieuwbouw betaalbare koopwoningen toe te wijzen aan woningzoekenden met een lokale binding. 3. Hoofdstuk 3 van de verordening gaat over het wijzigen van de samenstelling van de woonruimtevoorraad. Bijvoorbeeld het beleid ten aanzien van woningsplitsen of opkoopbescherming. Hoofdstuk 3 van de verordening kan elke gemeente op zijn eigen manier inrichten zonder regionale afstemming. Er zijn ook gemeenten in de regio die hier geen beleid voor hebben opgenomen. In de huidige Huisvestingsverordening zijn regels opgenomen over het onttrekken, samenvoegen, omzetten, woningvormen en kadastraal splitsen van woonruimte. Lokaal beleid Genoemde hoofdstukken 2 en 3 geven haakjes om een en ander ook in lokaal beleid verder uit te werken, wat dan alleen geldt voor de desbetreffende gemeente. De raad geeft via de verordening de kaders aan, waarin de raad bevoegdheden neer kan leggen bij het college.
Een aanpassingen van de Huisvestingsverordening geeft in sommige gevallen dan ook aanleiding om ook de lokale beleidsregels, die gekoppeld zijn aan dat hoofdstuk, aan te passen. Het gaat dan om inhoudelijke wijzigingen of het aanpassen van de artikelsgewijze verwijzingen. Deze besluiten moeten door B&W worden vastgesteld in de periode voor inwerkingstreden van de nieuwe Huisvestingsverordening, onder voorbehoud van vaststelling van de nieuwe verordening.