Bijlage 2a bij Ruimtelijk Kader - Rapportage Milieuscan Rialto Wilnis Sportvelden
Tekst van het document
Milieuscan Rialto Wilnis Sportvelden
projectnummer 0492650.100 concept revisie 00 10 juni 2024
www.anteagroup.nl
Milieuscan Rialto Wilnis Sportvelden projectnummer 0492650.100 concept revisie 00 10 juni 2024
Opdrachtgever Rialto Vastgoedontwikkeling B.V. Postbus 3009 5203 DA Den Bosch
Auteur(s) Martijn Evers Nathalie Vink
Gecontroleerd Robin Michiels
datum 10 juni 2024
beschrijving Concept
vrijgave RM
Milieuscan projectnummer 0492650.100 10 juni 2024 revisie 00 Rialto Vastgoedontwikkeling B.V.
Samenvattingstabel Aspect
Ja
Stoplichtmodel2
Nee
●
Ecologie
Stikstof
Haalbaarheid
Planvormend1
●
●
●
Bodemkwaliteit
●
●
Archeologie
●
●
Cultuurhistorie
●
Veiligheid
●
●
Geluid
●
Milieuzonering
●
Waterhuishouding
Luchtkwaliteit
●
●
● ●
● ●
●
Korte toelichting Ten oosten van het plangebied, op circa 700 m bevindt zich NNN en op circa 3,6 km ten zuidwesten Natura 2000-gebied. Momenteel is het plangebied deels verhard en onverhard. De ontwikkeling voorziet in een supermarkt, parkeerplaatsen en een sportaccommodatie. Mogelijkerwijs bevinden zich beschermde soorten in het gebied. Er dient een natuurtoets te worden uitgevoerd om de invloed op eventueel aanwezige beschermde soorten inzichtelijk te maken. De uitkomsten van de natuurtoets hebben mogelijk invloed op de planning. Het dichtstbijzijnde Natura 2000 gebied met stikstofgevoelige gebieden ligt op circa 3,6 km ten zuidwesten van het plangebied. De ontwikkeling voorziet in een supermarkt, parkeerplaatsen en een sportaccommodatie. Welke mogelijk een stikstofuitstoot hebben door de verwarming en de verkeersbewegingen van onder andere bezoekers. Gezien de afstand van het plangebied tot en met dit stikstofgevoelig gebied en de schaal van de ontwikkeling, is een negatief effect op een stikstofgevoelig habitat op voorhand niet uit te sluiten voor zowel de gebruiksfase als realisatiefase (sloop en bouw). In het kader van voorgenomen ontwikkeling dient een stikstofberekening te worden uitgevoerd. Volgens informatie uit het bodemloket zijn er binnen de grenzen van het plangebied geen bodemlocaties bekend en bodemonderzoeken uitgevoerd.
Aangezien er sloop en grondroering plaatsvindt dient er (historisch) bodemonderzoek te worden uitgevoerd. In het vigerend omgevingsplan heeft de locatie een dubbelbestemming archeologie. Aangezien er grondroerende werkzaamheden buiten de toegestane maten plaatsvinden is er archeologisch onderzoek nodig. Binnen het plangebied zijn cultuurhistorische waardevolle elementen aanwezig. Het gaat hier om het inundatiegebied Hollande Waterlinie, inundatieveld Stelling van Amsterdam, inundatieveld Kromme Mijdrecht, agrarische cultuurlandschappen van de Ronde Venen en strookverkaveling en droogmakerijen uit de 16e t/m de 19e eeuw. Het plangebied is reeds ontwikkeld. Naar verwachting heeft er aantasting van de cultuurhistorische waarde plaatsgevonden als gevolg van eerder gerealiseerde ontwikkelingen. Nader onderzoek is naar verwachting niet nodig. Een supermarkt kan onder voorwaarden vallen binnen (beperkt) kwetsbare gebouwen. Dat hangt af van de dichtheid. In het plangebied zijn geen risicobronnen aanwezig. In de omgeving zijn wel risicobronnen gelegen. Het gaat om een ondergrondse aardgasleiding en een lpgtankstation van Shell. Onder de omgevingswet is het niet meer verplicht om het groepsrisico te berekenen. Het bevoegd gezag mag dit wel vragen om inzicht te geven in de situatie. Een supermarkt en het bijhorende auto en vrachtverkeer zijn wel bronnen die geluid emitteren.
In de directe omgeving van het plangebied komen geluidgevoelige gebouwen voor. Ten aanzien van de haalbaarheid heeft dit aspect nadere uitwerking nodig. Het voornemen voorziet in de realisatie van een supermarkt, parkeerplaatsen en een sportaccommodatie Dit zijn geen gevoelige functies. De beoogde supermarkt kent daarentegen wel een uitgaande afstand richting gevoelige bestemmingen die gehandhaafd dient te worden. Er is uitgegaan van een gemengd gebied. De maximaal te handhaven afstand van het planvoornemen bedraagt 10 meter en heeft geen raakvlakken met omliggende objecten. In het plangebied is momenteel geen oppervlaktewater aanwezig. Ten gevolge van het voornemen zal het aandeel verharding gelijk blijven of toenemen. Er zal ruimte gereserveerd moeten worden binnen het planvoornemen voor eventuele aanpassingen. Er dient waarschijnlijk een weging van het waterbelang (voorheen: watertoets) uitgevoerd te worden waarin onder andere wordt beschreven hoe wordt omgegaan met de waterbelangen en de beschermingszone. De ontwikkeling in het plangebied zorgt mogelijk voor toename aan verkeer in vergelijking met de huidige situatie. De toevoeging van onder andere de supermarkt heeft een verkeergeneratie. Gezien de schaal van het voornemen, zal de bijdrage van het extra verkeer ten gevolge van het plan mogelijk niet in betekende mate zijn. Een nadere beschouwing is nodig.
Milieuscan projectnummer 0492650.100 10 juni 2024 revisie 00 Rialto Vastgoedontwikkeling B.V.
Aspect
Haalbaarheid
Planvormend1 Ja
Stoplichtmodel2
Nee
Korte toelichting
De ontwikkeling zorgt niet voor een toename aan verlichting. Vooral gezien de huidige situatie van het plangebied en omgeving. Het plangebied ligt in een gebied dat van zichzelf in matig tot veel verlicht is. Derhalve is onderzoek niet nodig. Het voornemen voorziet in de ontwikkeling van een supermarkt, parkeerplaatsen en een sportaccommodatie. Voor de aspecten bodem, luchtkwaliteit en geluid zijn geen ‘showstoppers’ aangetroffen. De in de huidige situatie aanwezige groen zal mogelijk (deels) verdwijnen. Gezondheid ● ● Geadviseerd wordt de gezondheid van de omgeving en het plangebied nader te beschouwen en waar mogelijk te versterken. Daarmee wordt het aspect gezondheid niet als belemmering beschouwd voor deze ontwikkeling. Binnen de grenzen van het plangebied zijn geen locaties met ruimrapporten, mijnenvelden of luchtaanvallen bekent. In het kader van de Ontplofbare ruimtelijke procedure is geen onderzoek nodig. Echter is er voor het gebied ten zuidoosten van het plangebied een ruimrapport opgesteld. ● ● Oorlogsresten Ten aanzien van werkzaamheden voor de bouw van de ontwikkeling dient van te voren een inventarisatie Ontplofbare Oorlogsresten te worden uitgevoerd. De locatie biedt een gunstige gelegenheid voor duurzame ontwikkeling, met de mogelijkheid om de groene identiteit van de omgeving te Duurzaamheid ● ● benutten.
Of, in het geval van sloop van de huidige panden, om de nieuwe panden duurzaam te bouwen. Het planvoornemen is opgenomen in het Omgevingsbesluit; nummer J11 ‘Stedelijk ontwikkelingsproject met inbegrip van de bouw van m.e.r.winkelcentra en de aanleg van parkeerterreinen’ onder bijlage 5 bij artikelen 11.6, 11.7 en 11.8. Er is dan ook een m.e.r. of m.e.r. ● ● beoordeling beoordeling nodig. Ten gevolge van het voornemen zal het aandeel verharding naar verwachting gelijk blijven of toenemen in het plangebied. Zowel bij buien die eens in de 100 jaar voorkomen als buien die eens in de 1.000 jaar voorkomen geldt voor het plangebied dat er minimale waterdiepte Wateroverlast verwacht wordt, het gaat om > 30 cm waterdiepte binnen de randen van het plangebied en op de huidige parkeerplaats in het noorden van ● ● het plangebied. Gezien de mogelijke toename aan verharding adviseren wij om bij de planontwikkeling rekening te houden met wateropvang. Ten gevolge van het voornemen zal het aandeel verharding naar verwachting gelijk blijven of toenemen in het plangebied. Op dit moment is het aantal tropische dagen laag tot gemiddeld met 3 tot 6 tropische dagen. Het stedelijk hitte eiland effect is aan de lage kant (tot 0,8 Hittestress ● ● graden). Naar verwachting zal het aantal tropische dagen en het stedelijke hitte eiland effect enigszins toenemen.
Er wordt geadviseerd dit aspect mee te nemen in de planontwikkeling. Ten gevolge van een lage grondwaterstand kunnen verzakkingen en beschadigingen plaatsvinden aan gebouwen en infrastructuur. Er is Droogtestress sprake van een bodemdaling van 10 tot 20 cm in het plangebied. De grondwaterstand in het plangebied kan in extreem droge zomers ● ● zakken tot 1,5 meter beneden maaiveld. Geadviseerd wordt om deze aspecten mee te nemen in de planontwikkeling. Er is een kans op overstroming ten gevolge van het falen van een waterkering waarbij het water tot 20 cm kan komen te staan. Voor het Overstromingsplangebied is de plaatsgebonden overstromingskans met water tot 20 cm beschouwd. Voor het plan is er een zeer kleine ● ● risico overstromingskans. Daarnaast ken het westen en noorden van een plangebied een overstromingsdiepte van 0,0 – 0,2 meter. Aanbevolen wordt om dit mee te nemen in de ontwikkeling. 1 Dit aspect heeft mogelijk invloed op de aard, uitvoering en uitwerking van de ontwikkeling. 2 Groen: Dit aspect is geen knelpunt en kan kwalitatief onderbouwd worden. Geel: Voor dit aspect is gebruikelijk onderzoek nodig voor de ruimtelijke procedure. Oranje: Voor dit aspect zijn verschillende aandachtspunten gevonden. Er is specifiek nader onderzoek nodig waaruit naar verwachting kaders volgen voor de uitwerking van het voornemen.
Rood: Voor dit aspect zijn significante aandachtspunten gevonden. Het is een mogelijke showstopper. Specifiek onderzoek is nodig waaruit mogelijk significante aanpassingen volgen voor het voornemen. Lichthinder
●
●
Milieuscan projectnummer 0492650.100 10 juni 2024 revisie 00 Rialto Vastgoedontwikkeling B.V.
Inleiding Methode In deze rapportage is een overzicht van de (milieu)aspecten gegeven en in welke mate deze in het kader van de ontwikkeling onderzocht dienen te worden. Door middel van het gebruik van opensource informatie is het plangebied onderzocht op de volgende (milieu)aspecten: natuur, stikstof, bodemkwaliteit, archeologie, omgevingsveiligheid, geluid, activiteiten & milieuzonering, landschap & cultuurhistorie, waterhuishouding, luchtkwaliteit, lichthinder, gezondheid, kabel & leidingen, verkeer & parkeren en duurzaamheid. Daarnaast is voor een aantal klimaataspecten een quickscan uitgevoerd, namelijk wateroverlast, hittestress, droogtestress en overstromingsrisico. Aan de rapportage is een samenvattingstabel toegevoegd met een overzicht van de belangrijkste aspecten, een beoordeling op basis van het stoplichtmodel en wat naar aanleiding van deze rapportage de (mogelijke) vervolgstappen zijn. Allereerst is ingegaan op de achtergrond van de voorgenomen ontwikkeling, waarna de hiervoor beschreven aspecten zijn behandeld.
Achtergrond Het voornemen omvat de herontwikkeling van het plangebied. Er wordt voorzien in de ontwikkeling van een supermarkt, parkeerplaatsen en een sportaccommodatie. Het plangebied ligt binnen de gemeente Wilnis. Het plan ligt in het tijdelijk omgevingsplan ‘Dorpskernen’ (27-11-2023). Het plangebied is bestemd voor ‘Sport’. Binnen deze bestemming is een supermarkt niet toegestaan. Afwijken van het omgevingsplan is daarom nodig om het voornemen te realiseren. Ook kent het plan bouwvlakken met maatvoeringseisen voor de bouwhoogte (maximaal 6 meter) en goothoogte (maximaal 3 meter) en de dubbelbestemming ‘Waarde – Archeologisch waardevol verwachtingsgebied landbodem categorie 5’ (zie onderdeel Archeologie). De omgeving kenmerkt zich als gemengd gebied met woningen, sportfuncties, maatschappelijk functies en het prominent aanwezige groen met onder andere de Ringvaart.
Samenvattingstabel
Milieuscan projectnummer 0492650.100 10 juni 2024 revisie 00 Rialto Vastgoedontwikkeling B.V.
Ecologie Wettelijk kader De Omgevingswet (Ow) regelt de bescherming van Natura 2000-gebieden, bescherming van soorten en de bescherming van houtopstanden. Naast bescherming vanuit de Ow, zijn er ook gebieden die planologisch beschermd zijn. Het betreft het 'Natuurnetwerk Nederland' (NNN). Het NNN is een stelsel van ecologisch hoogwaardige natuurgebieden; de Natura 2000gebieden maken daar deel van uit. Naast de Natura 2000-gebieden bevat het NNN ook overige leefgebieden van soorten en gebieden die een verbinding vormen tussen natuurgebieden. Het NNN is onderdeel van het actieve beleid om bedreigde dier- en plantensoorten in een gunstige staat van instandhouding te brengen. In of in de nabijheid van Natuurbeschermingswet-gebieden en in het NNN geldt het ‘Nee, tenzij’- principe. In principe zijn er geen ontwikkelingen in het NNN toegestaan als deze ontwikkelingen de wezenlijke kenmerken of waarden van het gebied aantasten. Hieraan wordt getoetst bij de verlening van een omgevingsvergunning. In het kader van een omgevingsplan moet aangetoond worden dat het aspect ecologie uit de Ow geen belemmering vormt voor de uitvoering van het plan.
Beoordeling Het plangebied ligt niet binnen een Natura 2000-gebied of Natuurnetwerk Nederland (NNN). In de omgeving van het plangebied is een aantal natuurgebieden aanwezig. Ten zuidwesten, op circa 3,6 km van het plangebied, bevindt zich Natura 2000-gebied ‘Nieuwkoopse Plassen & De Haeck’. En op circa 700 m ten oosten van het plangebied bevindt zich een NNN-gebied. De ontwikkeling voorziet in een supermarkt, parkeerplaatsen en sportaccommodatie. De huidige panden worden naar verwachting in stand gehouden. Mogelijkerwijs bevinden zich beschermde soorten in het gebied. De bestaande bebouwing komt uit 2006 of is recenter gebouwd. Ook is er een pand aanwezig die dateert uit 1982. Bij oudere gebouwen is de kans groter dat er kieren en scheuren aanwezig zijn. Deze zijn doorgaans een mogelijk geschikte verblijfplaats voor beschermde soorten (bijvoorbeeld vleermuizen). Dit gebied kan mogelijk verstoord worden door de werkzaamheden. Er dient een natuurtoets te worden uitgevoerd om de invloed op eventueel aanwezige beschermde soorten inzichtelijk te maken. De uitkomsten van de natuurtoets hebben mogelijk invloed op de planning; indien geschikte biotopen voor beschermde soorten worden aangetroffen, dient nader (jaarrond) onderzoek te Samenvattingstabel
Milieuscan projectnummer 0492650.100 10 juni 2024 revisie 00 Rialto Vastgoedontwikkeling B.V.
worden gedaan in combinatie met eventuele (mitigerende) maatregelen. Bijvoorbeeld in het geval dat de bebouwing inderdaad geschikt kan zijn voor vleermuizen zal jaarrond onderzoek moeten worden uitgevoerd (doorlooptijd van 1 jaar, waarbij onderzoek in het voor en najaar moet worden uitgevoerd). Indien er tijdens de eerste rondgang daadwerkelijk vleermuizen (met name verblijfplaatsen) worden aangetroffen is het aan te raden om voor te sorteren op mitigerende maatregelen dit kan namelijk de doorlooptijd van het geheel positief beïnvloeden. Doorgaans dient rekening gehouden te worden met een doorlooptijd van 1,5 jaar.
Samenvattingstabel
Milieuscan projectnummer 0492650.100 10 juni 2024 revisie 00 Rialto Vastgoedontwikkeling B.V.
Stikstof Wettelijk kader De bescherming van bijzondere natuurgebieden (Natura 2000) in Nederland is opgenomen in de Omgevingswet. Een nieuwe ontwikkeling kan een negatief effect hebben op flora en fauna en de instandhouding van natuurgebieden door een (mogelijk) toename aan stikstof. Binnen Natura 2000-gebieden bevinden zich namelijk stikstofgevoelige habitats. De toename van stikstof op deze stikstofgevoelige habitats is één van de aspecten waarop een project of plan moet worden getoetst. Getoetst moet worden of de toename van stikstofdepositie op Natura g2000-gebieden ten gevolge van een plan minder of gelijk is aan 0,00 mol/ha/jaar. Als de maximale bijdrage van een project aan de stikstofdepositie op een voor stikstofgevoelig habitattype binnen een Natura 2000-gebied niet significant is (0,00 mol/ha/jaar) dan kan een plan of project doorgang vinden. De wijze waarop wordt getoetst of sprake is van aantasting van stikstofgevoelige habitattypes, is onder andere door het uitvoeren van een AERIUS-berekening.
Beoordeling Het plangebied ligt niet binnen Natura 2000-gebied. Op circa 3,6 km ten zuidwesten ligt Natura 2000-gebied ‘Nieuwkoopse Plassen & De Haeck’. Deze Natura 2000-gebieden hebben stikstofgevoelige gebieden. Dit natuurgebied is belangrijk in het kader van stikstofonderzoek. Het voornemen betreft de ontwikkeling van een supermarkt, parkeerplaatsen en sportaccommodatie. Deze inrichtingen hebben mogelijk een stikstofuitstoot voor de verwarming en door de verkeersbewegingen van onder andere bezoekers. De afstand van het plangebied tot en met dit stikstofgevoelig gebied is relatief groot, echter gezien de schaal van de ontwikkeling is een negatief effect op een stikstofgevoelig habitat op voorhand niet uit te sluiten.
Samenvattingstabel
Milieuscan projectnummer 0492650.100 10 juni 2024 revisie 00 Rialto Vastgoedontwikkeling B.V.
Bodemkwaliteit Wettelijk kader Met de Omgevingswet valt bodembescherming onder de reikwijdte van het begrip ‘fysieke leefomgeving’ zoals dat als centraal begrip in de Omgevingswet fungeert (art. 1.2, Ow). Primair komt bescherming en sanering in de wet aan bod. De wet heeft betrekking op zowel landbodems als waterbodems. Het landelijk beleid gaat uit van het principe dat de bodem geschikt dient te zijn voor de beoogde functie. Met andere woorden, de bodemkwaliteit mag geen onaanvaardbaar risico opleveren voor de gebruikers van de bodem. De gewenste functie bepaalt als het ware de gewenste bodemkwaliteit. Voor alle bestemmingen waar een functiewijziging of herinrichting wordt voorzien, dient de bodemkwaliteit door middel van een bodemonderzoek in beeld te worden gebracht. Indien op grond van historische informatie blijkt, dat in het verleden bodembedreigende activiteiten hebben plaatsgevonden, dan dient een volledig verkennend bodemonderzoek te worden uitgevoerd. Op basis van de onderzoeksresultaten kan vervolgens worden nagegaan of er vervolgmaatregelen getroffen moeten worden, zoals een nader onderzoek of eventueel een (functiegerichte) sanering.
Beoordeling Een verontreinigde bodem kan zorgen voor gezondheidsproblemen en tast de kwaliteit van het natuurlijk leefmilieu aan. Uitgangspunt is dat de bodemkwaliteit als gevolg van aanwezige bodemverontreiniging geen onaanvaardbaar risico oplevert voor de gebruikers van de bodem. Bovendien mag de bodemkwaliteit niet verslechteren door grondverzet. Uit gegevens van het bodemloket blijkt dat er geen onderzoeken of aanduidingen bekend zijn. Een (historisch) bodemonderzoek is nodig voor de ontwikkeling omdat de grond geroerd wordt.
Samenvattingstabel
Milieuscan projectnummer 0492650.100 10 juni 2024 revisie 00 Rialto Vastgoedontwikkeling B.V.
Archeologie Wettelijk kader De gemeente moet bij het vaststellen van het omgevingsplan rekening houden met het belang van het behoud van cultureel erfgoed. Hieronder vallen ook bekende of aantoonbaar te verwachten archeologische monumenten. Dit staat in artikel 5.130 lid 1 van het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl). Gemeenten zijn verplicht een archeologisch beleid te voeren. Daarbij hoort ook dat de archeologische waarden en verwachtingen binnen de gemeente inzichtelijk gemaakt moeten worden. Het doel hiervan is om het 'bodemarchief' zoveel mogelijk te beschermen. De archeologische resten in de bodem vormen een belangrijke bron van informatie over het verleden. In het bijzonder voor die perioden of aspecten van het verleden waarvan geen of weinig schriftelijke bronnen bewaard zijn gebleven of waarover niet of nauwelijks is geschreven.
Beoordeling Op grond van de Erfgoedwet dient bij een ruimtelijk besluit rekening te worden gehouden met de in de grond aanwezige dan wel te verwachten monumenten en waarden. Deze verantwoordingsplicht omvat zowel het boven- als ondergronds erfgoed. In het vigerende omgevingsplan heeft de locatie van het plangebied de dubbelbestemming ‘Waarde – Archeologie waardevol verwachtingsgebied landbodem categorie 5’, waarbij geen heiwerkzaamheden plaatsvinden en waarbij de graafwerkzaamheden of niet dieper dan 30 cm, of niet over een groter oppervlakte dan 2.000 m2 plaatsvinden. Naar verwachting wordt deze regel overschreden en is er archeologisch onderzoek nodig.
Samenvattingstabel
Milieuscan projectnummer 0492650.100 10 juni 2024 revisie 00 Rialto Vastgoedontwikkeling B.V.
Cultuurhistorie Wettelijk kader De regelgeving over het behoud en beheer van cultureel erfgoed is sinds 2016 ondergebracht in de Erfgoedwet. Samen met de Erfgoedwet maakt de Omgevingswet een integrale bescherming van ons cultureel erfgoed mogelijk. De vuistregel voor de verdeling tussen Erfgoedwet en Omgevingswet is als volgt: de duiding van cultureel erfgoed en de zorg voor cultuurgoederen in overheidsbezit staat in de Erfgoedwet; de omgang met het cultureel erfgoed in de fysieke leefomgeving is geregeld in de Omgevingswet. Voor gebouwde of aangelegde monumenten betekent dit dat de vergunningverlening voor het wijzigen van rijksmonumenten is geregeld in de Omgevingswet. Ook aanwijzing en omgang met beschermde stads- en dorpsgezichten gebeurt straks op grond van de Omgevingswet. Deze verantwoordingsplicht omvat zowel het boven- als ondergronds erfgoed. Het bovengrondse erfgoed betreft de landschappelijke en cultuurhistorische waarden.
Beoordeling Binnen het plangebied zijn geen monumenten gesitueerd. Binnen het plangebied zijn cultuurhistorische waardevolle elementen aanwezig. Het gaat hier om het inundatiegebied Hollande Waterlinie, inundatieveld Stelling van Amsterdam, inundatieveld Kromme Mijdrecht, agrarische cultuurlandschappen van de Ronde Venen en strookverkaveling en droogmakerijen uit de 16e t/m de 19e eeuw. Het plangebied is reeds ontwikkeld. Naar verwachting heeft er aantasting van de cultuurhistorische waarde plaatsgevonden als gevolg van eerder gerealiseerde ontwikkelingen. Nader onderzoek is naar verwachting niet nodig.
Samenvattingstabel
Milieuscan projectnummer 0492650.100 10 juni 2024 revisie 00 Rialto Vastgoedontwikkeling B.V.
Veiligheid Wettelijk kader Omgevingsveiligheid betreft het risico dat aan bepaalde activiteiten verbonden is voor niet bij de activiteit betrokken personen. Het externe veiligheidsbeleid richt zich op het voorkomen en beheersen van risicovolle bedrijfsactiviteiten en van risicovol transport. Het gaat daarbij om de bescherming van individuele burgers en groepen tegen ongevallen met gevaarlijke stoffen of omstandigheden in risicovolle inrichtingen, vervoer van gevaarlijke stoffen (via wegen, spoorwegen, waterwegen) en leidingen. Om voldoende ruimte te scheppen tussen risicobron en de personen of objecten die risico lopen (kwetsbare of beperkt kwetsbare objecten), moeten vaak afstanden in acht worden genomen. Bij omgevingsveiligheid wordt onderscheid gemaakt in het plaatsgebonden risico (PR) en het groepsrisico (GR). Het PR is de kans dat één persoon die onafgebroken aanwezig en onbeschermd op een bepaalde plaats overlijdt als gevolg van een calamiteit met een inrichting of een transportmodaliteit. Het GR gaat over de impact van een calamiteit met veel dodelijke slachtoffers die aanwezig zijn binnen het invloedsgebied. Hierbij gaat het om de relatie tussen het aantal mensen tegenover de kans. Hierbij geldt een verantwoordingsplicht.
Beoordeling Een supermarkt kan onder voorwaarden vallen binnen (beperkt) kwetsbare gebouwen. Dat hangt af van de dichtheid. In het plangebied zijn geen risicobronnen aanwezig. In de omgeving zijn wel risicobronnen gelegen. Het gaat om een ondergrondse aardgasleiding en een lpg-tankstation van Shell. Rond de aardgasleiding ligt een belemmeringengebied. Er is geen overlap met het plangebied. Daarnaast heeft de aardgasleiding een 100% letaalzone en brandaandachtsgebied. Het brandaandachtsgebied geeft het gebied aan waarin het groepsrisico dient te worden beschouwd en waar mogelijk voorschriften kunnen gelden. Als er zeer kwetsbare zijn toegestaan moet de gemeente een voorschriftengebied voor die betreffende functie toewijzen. Onder de omgevingswet is het niet meer verplicht om het groepsrisico te berekenen. Het bevoegd gezag mag dit wel vragen om inzicht te geven in de situatie.
Samenvattingstabel
Milieuscan projectnummer 0492650.100 10 juni 2024 revisie 00 Rialto Vastgoedontwikkeling B.V.
Geluid Wettelijk kader De geluidsnormen zijn onder de Omgevingswet neergelegd in het Besluit kwaliteit leefomgeving. Een omgevingsplan bevat als waarden de standaardwaarden voor het toelaatbare geluid door een activiteit op een geluidgevoelig gebouw: Langtijdgemiddelde beoordelingsniveau • 07.00 – 19.00 uur, 50 dB(A) • 19.00 – 23.00 uur, 45 dB(A) • 23.00 – 07.00 uur, 40 dB(A) En als waarden de grenswaarden voor het toelaatbare geluid in geluidgevoelige ruimten binnen in- en aanpandige geluidgevoelige gebouwen. Langtijdgemiddelde beoordelingsniveau • 07.00 – 19.00 uur, 35 dB(A) • 19.00 – 23.00 uur, 30 dB(A) • 23.00 – 07.00 uur, 25 dB(A) Een geluidgevoelig gebouw is conform artikel 3.21 van het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) een gebouw of een gedeelte van een gebouw met een: • Woonfunctie en nevengebruiksfunctie • Onderwijsfunctie en nevengebruiksfunctie • Gezondheidszorgfunctie met bedgebied en nevengebruiksfuncties Bijeenkomstfunctie voor kinderopvang met bedgebied en nevengebruiksfuncties
Beoordeling Het voornemen betreft de ontwikkeling van een supermarkt, parkeerplaatsen en sportaccommodatie. Dit zijn geen geluidgevoelig gebouwen. Een supermarkt en het bijhorende auto en vrachtverkeer zijn wel bronnen die geluid emitteren (o.a. laden en lossen). In de directe omgeving van het plangebied komen geluidgevoelige gebouwen voor. Ten aanzien van de haalbaarheid heeft dit aspect nadere uitwerking nodig.
Samenvattingstabel
Milieuscan projectnummer 0492650.100 10 juni 2024 revisie 00 Rialto Vastgoedontwikkeling B.V.
Milieuzonering Wettelijk kader De inpasbaarheid van activiteiten kan globaal worden beoordeeld met behulp van de methodiek van de VNG uitgave ‘Activiteiten en milieuzonering Omgevingswet 2022’. Met dit hulpmiddel kan worden ingeschat of een activiteit voor wat betreft de benodigde gebruiksruimte voor geluid en geur in een bepaald gebied inpasbaar is. De milieuzonering krijgt vorm door zones die bij grotere afstand tot de woonomgeving voorzien in een oplopende gebruiksruimte voor geluid en geur per bedrijf. De afstanden gelden vanaf de grens van een locatie waar de activiteit wordt verricht tot en met een woongebied/gemengd woongebied. Voor de ligging van de verschillende zones ten opzichte van de woonomgeving onderscheid gemaakt tussen rustig woongebied en gemengd gebied. Op basis hiervan wordt bepaald in hoeverre aan de verschillende zones uit de VNG-uitgave wordt voldaan.
Beoordeling Het voornemen voorziet in de realisatie van een supermarkt, parkeerplaatsen en een sportaccommodatie. Dit zijn geen gevoelige functies. De supermarkt kent daarentegen wel een uitgaande afstand richting gevoelige bestemmingen die gehandhaafd dient te worden. Er is uitgegaan van een gemengd gebied. Op basis van de mogelijkheden binnen het omgevingsplan is in beeld gebracht wat de zones zijn van de te realiseren supermarkt en welke grootste afstanden daarbij hoort. In de directe omgeving van het plangebied is een basisschool aanwezig. De maximaal te handhaven afstand van het planvoornemen bedraagt 10 meter en heeft geen raakvlakken met omliggende objecten. Echter kan door onder andere het verkeer van de supermarkt toch hinder veroorzaakt worden op omliggende woningen. Bij het aspect geluid is hier verder op ingegaan.
Samenvattingstabel
Milieuscan projectnummer 0492650.100 10 juni 2024 revisie 00 Rialto Vastgoedontwikkeling B.V.
Waterhuishouding Wettelijk kader Bij het vaststellen van omgevingsplannen moeten gemeenten rekening houden met waterbelangen. Met ingang van de Omgevingswet vervangt het begrip 'weging van het waterbelang' de term watertoets. De weging van het waterbelang geldt bij het vaststellen van het omgevingsplan. Dit volgt uit artikel 5.37 van het Bkl. Daarnaast kan de weging van het waterbelang ook nodig zijn bij andere instrumenten. De gemeente moet de opvattingen van de waterbeheerder betrekken bij het omgevingsplan. Dit geldt in het algemeen voor alle waterbelangen. Er gelden geen regels voor hoe de gemeente de waterbeheerder hierbij betrekt. De gemeente is vrij om hier zelf invulling aan te geven.
Beoordeling In het plangebied is momenteel geen oppervlaktewater aanwezig. Ten oosten en noorden van het plangebied ligt oppervlaktewater. Ten zuiden van het plangebied ligt een waterkering. Het plangebied ligt niet in de beschermingszone van deze waterkering. Het plangebied is momenteel deels bebouwd, verhard en onverhard. Ten gevolge van het voornemen zal het aandeel verharding gelijk blijven of toenemen. Bij een nieuwe ontwikkeling dient onderzocht te worden op welke manier de waterbelangen meegenomen worden. Er zal ruimte gereserveerd moeten worden binnen het planvoornemen voor eventuele aanpassingen, denk daarbij aan een Wadi. Er dient waarschijnlijk een weging van het waterbelang (voorheen: watertoets) uitgevoerd te worden waarin onder andere wordt beschreven hoe wordt omgegaan met de waterbelangen.
Samenvattingstabel
Milieuscan projectnummer 0492650.100 10 juni 2024 revisie 00 Rialto Vastgoedontwikkeling B.V.
Luchtkwaliteit Wettelijk kader Er worden wettelijke grenswaarden gesteld aan de concentratie van verschillende verontreinigende stoffen in de lucht. Van deze diverse verontreinigende stoffen zijn over het algemeen stikstofdioxide (NO2) en zogenoemd fijnstof (PM10) maatgevend. Toetsing aan de omgevingswaarden is niet aan de orde als het plan niet in betekende mate bijdraagt aan de luchtkwaliteit, zoals bepaald in artikel 5.53 Bkl, dat dezelfde werking heeft als artikel 5.16 lid1 sub c in de huidige Wet milieubeheer. Projecten die de concentratie NO2 of fijn stof met meer dan 3% van de grenswaarde verhogen, dragen in betekenende mate bij aan het verslechteren van de luchtkwaliteit. Naast toetsing aan de omgevingswaarden geldt dat in het kader van de evenwichtige toedeling van functies aan locaties in ieder geval rekening houdt met het belang van het beschermen van de gezondheid (artikel 2.1 lid 4 Omgevingswet). Hiertoe zal moeten worden beoordeeld of de luchtkwaliteit binnen het plangebied aanvaardbaar is.
Beoordeling De ontwikkeling in het plangebied zorgt mogelijk voor toename aan verkeer in vergelijking met de huidige situatie. De toevoeging van onder andere de supermarkt heeft een verkeergeneratie. Gezien de schaal van het voornemen, zal de bijdrage van het extra verkeer ten gevolge van het plan mogelijk niet in betekende mate zijn. Een nadere beschouwing is nodig.
Samenvattingstabel
Milieuscan projectnummer 0492650.100 10 juni 2024 revisie 00 Rialto Vastgoedontwikkeling B.V.
Lichthinder Wettelijk kader In Nederland bestaat er geen overkoepelende wet over lichthinder zoals er wel is in het kader van geluid. Er zijn veel locaties met kunstmatige verlichting. Dit kan verschillende soorten negatieve effecten veroorzaken. Lichthinder is een thema dat decentrale overheden moeten afwegen. Het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) bevat daarom geen rijksinstructieregels voor lichthinder. Alleen voor kunstlicht in de tuinbouw bij kassen staan rijksregels in het Besluit activiteiten leefomgeving. Kunstmatige verlichting kan 4 soorten negatieve effecten veroorzaken. Het gaat daarbij om hinder voor de mens, hinder langs wegen, verstoring van de natuur en horizonvervuiling. De lichthinder die kunstmatige verlichting veroorzaakt hangt af van de aard, intensiteit, duur en plaats van de verlichting.
Beoordeling De ontwikkeling zorgt niet voor een toename aan verlichting. Vooral gezien de huidige situatie van het plangebied en omgeving, namelijk de voetbal- en tennisvelden met lichtmasten en het is gelegen langs een openbare weg. Het plangebied ligt in een gebied dat van zichzelf in matig tot veel verlicht is. Derhalve is onderzoek niet nodig.
Samenvattingstabel
Milieuscan projectnummer 0492650.100 10 juni 2024 revisie 00 Rialto Vastgoedontwikkeling B.V.
Gezondheid Wettelijk kader Conform artikel 1.3 sub a Omgevingswet is het bereiken en in stand houden van een veilige en gezonde fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit een belangrijk maatschappelijk doel van de Omgevingswet. De aspecten veilige en gezonde fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit hangen nauw met elkaar samen. Gelet op de centrale rol van het gezondheidsaspect binnen de Omgevingswet dient dit aspect breed te worden gemotiveerd. Betrek bij de motivering de maatschappelijke doelen uit artikel 1.3 Omgevingswet en licht toe hoe dit aspect zich verhoudt tot de evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Beargumenteer vanuit dat oogpunt dat de kwaliteit van de leefomgeving door de activiteit verbetert dan wel niet (onevenredig) verslechtert. Omdat het bereiken en in stand houden van een gezonde fysieke leefomgeving een belangrijk doel is van de Omgevings- wet bevat het Bkl een aantal instructieregels die specifiek de bescherming van de gezondheid en het milieu tot doel hebben. De instructieregels hebben onder andere betrekking tot de aspecten geluid, geur, trillingen, luchtkwaliteit en bodem.
Beoordeling Het voornemen voorziet in een supermarkt, parkeerplaatsen en een sportaccommodatie op de locatie. Voor de aspecten bodem, luchtkwaliteit en geluid zijn geen ‘showstoppers’ aangetroffen. Er is in de huidige situatie geen groen in het plangebied. Geadviseerd wordt de gezondheid van de omgeving en het plangebied nader te beschouwen en waar mogelijk te versterken door bijvoorbeeld groene buitenruimtes te realiseren. Daarmee wordt het aspect gezondheid niet als belemmering beschouwd voor deze ontwikkeling.
Samenvattingstabel
Milieuscan projectnummer 0492650.100 10 juni 2024 revisie 00 Rialto Vastgoedontwikkeling B.V.
Ontplofbare Oorlogsresten Wettelijk kader Voor het aspect verkeer en parkeren bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen is geen (landelijke) specifieke wetgeving aanwezig. Wel moet in het kader van ‘een goede ruimtelijke ordening’ aandacht besteed worden aan de effecten van de parkeerbehoefte en verkeersgeneratie van de ontwikkeling op de omgeving.
Beoordeling Binnen de grenzen van het plangebied zijn geen locaties met ruimrapporten, mijnenvelden of luchtaanvallen bekent. In het kader van de ruimtelijke procedure is geen onderzoek nodig. Echter is er voor een gebied ten zuidwesten van het plangebied een ruimrapport opgesteld. Ten aanzien van werkzaamheden voor de bouw van de ontwikkeling dient van te voren een inventarisatie Ontplofbare Oorlogsresten te worden uitgevoerd.
Samenvattingstabel
Milieuscan projectnummer 0492650.100 10 juni 2024 revisie 00 Rialto Vastgoedontwikkeling B.V.
Duurzaamheid Wettelijk kader Duurzaamheid staat centraal in de Omgevingswet. Deze wet is bedoeld om ervoor te zorgen dat we onze leefomgeving op een duurzame manier gebruiken en ontwikkelen. Dat betekent dat we rekening houden met de toekomstige generaties en ervoor zorgen dat we de natuur niet onnodig beschadigen. We willen een veilige en gezonde leefomgeving behouden en verbeteren, waarbij de natuur een intrinsieke waarde heeft. Ook is het belangrijk om onze omgeving zo efficiënt mogelijk te beheren, zodat we kunnen voldoen aan de behoeften van de samenleving op lange termijn. Voor bestuursorganen biedt de wet mogelijkheden om duurzaamheid te verankeren in beleid. Duurzaamheid van een initiatief is beoordeeld aan de hand van diverse criteria. Hierbij is de impact op het milieu, natuur, economie en sociaal beschouwd.
Beoordeling De locatie biedt een gunstige gelegenheid voor duurzame ontwikkeling, met de mogelijkheid om de groene identiteit van de omgeving te benutten. Of, in het geval van sloop van de huidige panden, om de nieuwe panden duurzaam te bouwen. Het toevoegen van een groene halfverharde parkeerplaatsen voor de ontwikkeling kunnen positief bijdragen aan onder andere de uitstraling.
Samenvattingstabel
Milieuscan projectnummer 0492650.100 10 juni 2024 revisie 00 Rialto Vastgoedontwikkeling B.V.
M.e.r.- beoordeling Wettelijk kader In het milieueffectrapport (MER) worden de effecten van een ontwikkeling voor alle relevante milieuaspecten systematisch in beeld gebracht. Tevens wordt nagegaan of er alternatieven of maatregelen zijn waarmee eventuele negatieve effecten kunnen worden verminderd of voorkomen. Enerzijds maakt het opstellen van een milieueffectrapport (MER) de initiatiefnemer bewust van de milieugevolgen en anderzijds kan de overheid diverse milieugevolgen in samenhang met elkaar en op een voor de burger transparante wijze bij de besluitvorming betrekken. De verplichting een MER op te stellen is van kracht sinds 1 september 1987 en is verankerd in de Omgevingswet (en voorheen Wet Milieubeheer). Voor sommige plannen of projecten geldt direct de verplichting om een MER op te stellen, maar er zijn ook plannen waarvoor het bevoegd gezag moet beoordelen of zij het nodig vindt om ter voorbereiding van een besluit een MER te laten maken. In het Omgevingsbesluit is opgenomen voor welke activiteiten de mer-(beoordelings)plicht bestaat. Het gaat dan met name om activiteiten die aanzienlijke nadelige effecten kunnen hebben op het milieu.
Beoordeling Het planvoornemen is opgenomen in het Omgevingsbesluit; nummer J11 ‘Stedelijk ontwikkelingsproject met inbegrip van de bouw van winkelcentra en de aanleg van parkeerterreinen’ onder bijlage 5 bij artikelen 11.6, 11.7 en 11.8. Er is dan ook een m.e.r. of m.e.r. -beoordeling nodig.
Samenvattingstabel
Milieuscan projectnummer 0492650.100 10 juni 2024 revisie 00 Rialto Vastgoedontwikkeling B.V.
Wateroverlast Wettelijk kader Klimaatadaptatiemaatregelen vallen onder het brede criterium van de fysieke leefomgeving en de evenwichtige toedeling van functies volgens de Omgevingswet. Door klimaatverandering neemt het aantal extreme buien toe, zowel in aantal als intensiteit. Het zal dus steeds vaker, steeds harder regenen in Nederland. Bovendien wordt open grond in steeds meer verhard door stenen en gebouwen. Dit brengt risico's met zich mee. Het overtollige regenwater kan niet verwerkt worden, waardoor de kans op wateroverlast stijgt. Dit bedreigt ons comfort en onze veiligheid en leidt tot materiële en immateriële schade. Om de kwetsbaarheid en risico’s voor wateroverlast van de beoogde situatie te beoordelen, zijn de waterdiepte bij kort heftige buien met een kans van 1 in de 100 jaar én met een kans van 1 in de 1.000 jaar inzichtelijk gebracht. De informatie is gebaseerd op open source gegevens vanuit de klimaateffectatlas.nl. De kaarten uit de atlas zijn bedoeld om een gevoel te krijgen bij de orde van grootte van klimaateffecten. Voor een diepere en uitgebreidere analyse dient nader onderzoek gedaan te worden.
Beoordeling Het plangebied is momenteel deels verhard met bebouwing, wegen en parkeerplaatsen en deels onverhard (groen). Ten gevolge van het voornemen zal het aandeel verharding naar verwachting gelijk blijven of toenemen in het plangebied. Om een indicatie te geven van kwetsbaarheid en risico's voor wateroverlast is de waterdiepte bij kort heftige buien in beeld gebracht. Zowel bij buien die eens in de 100 jaar voorkomen als buien die eens in de 1.000 jaar voorkomen geldt voor het plangebied dat er minimale waterdiepte verwacht wordt, het gaat om > 30 cm waterdiepte binnen de randen van het plangebied en op de huidige parkeerplaats in het noorden van het plangebied. Gezien de mogelijke toename aan verharding adviseren wij om bij de planontwikkeling rekening te houden met wateropvang. Een voorbeeld hiervan zou zijn om wadi’s of (extra) groenstroken of groene daken aan te brengen, of door te werken met half-verharding in het plangebied.
Samenvattingstabel
Milieuscan projectnummer 0492650.100 10 juni 2024 revisie 00 Rialto Vastgoedontwikkeling B.V.
Hittestress Wettelijk kader Klimaatadaptatiemaatregelen vallen onder het brede criterium van de fysieke leefomgeving en de evenwichtige toedeling van functies volgens de Omgevingswet. Het wordt warmer in Nederland. Het aantal tropische dagen en nachten, met een maximumtemperaturen van boven de 30 respectievelijk 20 graden, neemt toe. Bovendien warmt stedelijk gebied sneller op dan de omgeving, vanwege de hoeveelheid verhard oppervlak. Dit maakt dat het stedelijk gebied op een tropische dag tot 7 graden warmer kan zijn dan het buitengebied. Dit heeft negatieve gevolgen voor de gezondheid, de arbeidsproductiviteit en het comfort van mensen. Tevens hebben hete dagen negatieve effecten op de infrastructuur zoals bruggen, spoorrails en elektriciteitshuisjes en de drinkwaterlevering. Voor onderhavig onderzoek is de informatie gebaseerd op open source gegevens vanuit de klimaateffectatlas.nl. Daarbij wordt gekeken naar het aantal tropische dagen en het stedelijk hitte eiland effect om een inschatting te maken van de (mogelijk) hittestress binnen het plangebied. De kaarten uit de atlas zijn bedoeld om een gevoel te krijgen bij de orde van grootte van klimaateffecten. Voor een diepere en uitgebreidere analyse dient nader onderzoek gedaan te worden.
Beoordeling Het plangebied is momenteel deels verhard en onverhard. Ten gevolge van het voornemen zal het aandeel verharding naar verwachting gelijk blijven of toenemen in het plangebied. Op dit moment is het aantal tropische dagen laag tot gemiddeld met 3 tot 6 tropische dagen. Het stedelijk hitte eiland effect is aan de lage kant (tot 0,8 graden). Dit komt voornamelijk doordat het plangebied in een waterrijke omgeving gesitueerd is. Naar verwachting zal het aantal tropische dagen en het stedelijke hitte eiland effect enigszins toenemen. Er wordt geadviseerd dit aspect mee te nemen in de planontwikkeling. Bijvoorbeeld door het gebruik van lichte kleuren, groen en water om de gevolgen te verminderen.
Samenvattingstabel
Milieuscan projectnummer 0492650.100 10 juni 2024 revisie 00 Rialto Vastgoedontwikkeling B.V.
Droogtestress Wettelijk kader Klimaatadaptatiemaatregelen vallen onder het brede criterium van de fysieke leefomgeving en de evenwichtige toedeling van functies volgens de Omgevingswet. Door het veranderde klimaat neemt de kans op langdurige droge periodes doe. Dit neerslagtekort heeft gevolgen voor de landbouw, het openbaar groen en de bodemgesteldheid. Naast de hoeveelheid water neemt ook de waterkwaliteit af. Dit uit zich in productieverlies, sterfte van bomen en een vergrote kans op natuurbranden. Bovendien neemt door de lage grondwaterstanden de kans op zettingen van de bodem toe. Met name bij ongelijkmatige zettingen kan dit grote gevolgen hebben voor de fundering van gebouwen en de infrastructuur, zoals wegen en riolen. Voor onderhavig onderzoek is de informatie gebaseerd op open source gegevens vanuit de klimaateffectatlas.nl. Daarbij wordt gekeken naar bodemdaling van heden tot 2050 en naar grondwaterstand bij extreem droge zomers om een inschatting te maken van de (mogelijk) droogte binnen het plangebied. De kaarten uit de atlas zijn bedoeld om een gevoel te krijgen bij de orde van grootte van klimaateffecten. Voor een diepere en uitgebreidere analyse dient nader onderzoek gedaan te worden.
Beoordeling Als gevolg van een lage grondwaterstand kunnen verzakkingen en beschadigingen plaatsvinden aan gebouwen en infrastructuur. Er is sprake van een bodemdaling van 10 tot 20 cm in het plangebied. De grondwaterstand in het plangebied kan in extreem droge zomers zakken tot 1,5 meter beneden maaiveld. Geadviseerd wordt om deze aspecten mee te nemen in de planontwikkeling. Daarbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan waterretentie.
Samenvattingstabel
Milieuscan projectnummer 0492650.100 10 juni 2024 revisie 00 Rialto Vastgoedontwikkeling B.V.
Overstromingsrisico Wettelijk kader Klimaatadaptatiemaatregelen vallen onder het brede criterium van de fysieke leefomgeving en de evenwichtige toedeling van functies volgens de Omgevingswet. In het Deltaplan Waterveiligheid staan alle onderzoeken, maatregelen en voorzieningen om Nederland te beschermen tegen overstromingen. In specifieke situaties, bijvoorbeeld waar dijkversterking heel duur of maatschappelijk zeer ingrijpend is, zijn ‘slimme combinaties’ met ruimtelijke inrichting en/of rampenbestrijding mogelijk om het beschermingsniveau te behalen. In dit programma werken gemeenten, waterschappen, Rijkswaterstaat en de betrokken ministeries in Veiligheidsregio’s samen om te komen tot plannen voor het beheersen van een crisis als gevolg van een overstroming, waaronder ook de inzet en beschikbaarheid van wegen. Voor onderhavig onderzoek is de informatie gebaseerd op open source gegevens vanuit de klimaateffectatlas.nl. Daarbij wordt gekeken naar overstromingsdiepte ten gevolge van primaire of regionale keringen en de plaatsgebonden overstromingskans in 2050 dat water circa 20 cm hoog komt te staan. De kaarten uit de atlas zijn bedoeld om een gevoel te krijgen bij de orde grootte van klimaateffecten. Voor een diepere en uitgebreidere analyse dient nader onderzoek gedaan te worden.
Beoordeling Er is een kans op overstroming ten gevolge van het falen van een waterkering waarbij het water tot 20 cm kan komen te staan. Voor het plangebied is de plaatsgebonden overstromingskans met water tot 20 cm beschouwd. Dit is de kans dat een overstroming zich voordoet én vervolgens water in het plangebied tot 20 cm hoog staat. Voor het plan is er een zeer kleine overstromingskans. Daarnaast ken het westen en noorden van een plangebied een overstromingsdiepte van 0,0 – 0,2 meter. Aanbevolen wordt om dit mee te nemen in de ontwikkeling. Door bijvoorbeeld kritieke functies op een hoger niveau te plaatsen.
Samenvattingstabel
Milieuscan projectnummer 0492650.100 10 juni 2024 revisie 00 Rialto Vastgoedontwikkeling B.V.
Vervolg Disclaimer •
•
•
De werkwijze van de milieuscan voldoet niet aan protocollen en/of richtlijnen die eventueel van toepassing zijn op gebiedsonderzoeken die dienen te worden aangeleverd voor een planologische procedure (bijvoorbeeld een omgevingsplan). Het vorenstaande betekent dat Antea Group op voorhand geen aansprakelijkheid accepteert ten aanzien van mogelijke beslissingen die de opdrachtgever naar aanleiding van het door Antea Group uitgevoerde milieuscan neemt. In een voorkomend geval adviseren wij u altijd contact op te nemen met uw aanspreekpunt binnen Antea Group; We merken op dat de voor de milieuscan geraadpleegde bronnen niet altijd zonder fouten en volledig zijn. Antea Group kan niet instaan voor de juistheid en volledigheid van de verzamelde informatie.
Conclusie Naar aanleiding van het voornemen hebben wij voor u een milieuscan uitgevoerd waarin de belangrijkste milieuaspecten aan bod zijn gekomen. Daarin hebben wij onderscheid gemaakt in de mate van onderzoek wat naar verwachting nodig is en in hoeverre het milieuaspect planvormend is. Met andere woorden of het milieuaspect mogelijk invloed heeft op aard en uitwerking van de ontwikkeling. Uit de milieuscan komt naar voren dat met name het aspect stikstof een aandachtspunt is voor de verdere ruimtelijke procedure. In dit geval kunnen wij met u in gesprek gaan om te kijken welke maatregelen gedaan kunnen worden. In het kader van de Omgevingswet moet beoordeeld worden of er sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties en beoordeling van effecten op woon-/ leefkwaliteit en gezondheid. Gezondheidsaspecten zullen dan integraal afgewogen moeten worden. We zijn hierover met u in gesprek gegaan over eventuele vervolgstappen. Opgemerkt dient te worden dat uit de nadere onderzoeken mogelijk ook kaders komen die planvormend zijn. Vanuit wet- en regelgeving en beleid kunnen eveneens kaders volgen. Te denken valt aan duurzaamheidseisen. Samenvattingstabel
Over Antea Group Antea Group is het thuis van 1500 trotse ingenieurs en adviseurs. Samen bouwen wij elke dag aan een veilige, gezonde en toekomstbestendige leefomgeving. Je vindt bij ons de allerbeste vakspecialisten van Nederland, maar ook innovatieve oplossingen op het gebied van data, sensoring en IT. Hiermee dragen wij bij aan de ontwikkeling van infra, woonwijken of waterwerken. Maar ook aan vraagstukken rondom klimaatadaptatie, energietransitie en de vervangingsopgave. Van onderzoek tot ontwerp, van realisatie tot beheer: voor elke opgave brengen wij de juiste kennis aan tafel. Wij denken kritisch mee en altijd vanuit de mindset om samen voor het beste resultaat te gaan. Op deze manier anticiperen wij op de vragen van vandaag en de oplossingen voor morgen. Al 70 jaar.
Contactgegevens Zutphenseweg 31D 7418 AH Deventer Postbus 321 7400 AH Deventer
Copyright © Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar worden gemaakt door middel van druk, fotokopie, elektronisch of op welke wijze dan ook, zonder schriftelijke toestemming van de auteurs. De informatie die in dit rapport is opgenomen is uitsluitend bestemd voor geadresseerde(n) en kan persoonlijke of vertrouwelijke informatie bevatten. Gebruik van deze informatie, door anderen dan de geadresseerde(n) en gebruik door hen die niet gerechtigd zijn van deze informatie kennis te nemen, is niet toegestaan. De informatie is uitsluitend bestemd om te worden gebruikt door de geadresseerde, voor het doel waarvoor dit rapport is vervaardigd. Indien u niet de geadresseerde bent of niet gerechtigd bent tot kennisneming, is openbaarmaking, vermenigvuldiging, verspreiding en/of verstrekking van deze informatie aan derden niet toegestaan, tenzij na schriftelijke toestemming door Antea Group en wordt u verzocht de gegevens te verwijderen en direct een melding te maken bij security@antegroup.nl. Derden, zij die niet geadresseerd zijn, kunnen geen rechten aan dit rapport ontlenen, tenzij na schriftelijke toestemming door Antea Group.
www.anteagroup.nl