Bijlage 2 Tabel met wijzigingen
Tekst van het document
Bijlage 2 Verordening 2011 luidt als volgt: Artikel 1 Begripsbepalingen In deze verordening wordt verstaan onder: a. verwerend orgaan: bestuursorgaan dat het bestreden besluit heeft genomen; b. commissie: vaste commissie van advies voor de bezwaarschriften.
Voorstel Verordening 2024 komt te luiden: Artikel 1. Definities In deze verordening wordt verstaan onder: a. Awb: Algemene wet bestuursrecht; b. bestuursorgaan: gemeentelijk orgaan dat het bestreden besluit heeft genomen: de raad, het college van burgemeester en wethouders of de burgemeester c. bezwaarmaker: indiener van een bezwaarschrift; d. commissie: adviescommissie als bedoeld in artikel 7:13 van de Awb; e. voorzitter: voorzitter van de commissie.
Artikel 2 Inleidende bepaling commissie 1. Er is een commissie ter voorbereiding van de beslissing op bezwaren tegen besluiten van de raad, het college en de burgemeester. 2. De commissie is niet bevoegd ten aanzien van bezwaarschriften die zijn ingediend tegen besluiten op grond van: a. een wettelijk voorschrift inzake belastingen of de Wet waardering onroerende zaken; b. regelingen en verordeningen betreffende de rechtspositie van ambtenaren in gemeentelijke dienst.
Artikel 2. Ingediend bezwaarschrift 1. Het bestuursorgaan registreert het ingediende bezwaarschrift met de datum van ontvangst. 2. Het bezwaarschrift met de daarbij overgelegde stukken wordt zo spoedig mogelijk in handen van de commissie gesteld.
Artikel 3 Samenstelling van de externe commissie 1. De commissie bestaat uit een voorzitter en ten minste zes leden. 2. De voorzitter en de leden worden door het college benoemd, geschorst en ontslagen. 3. De voorzitter en leden van de commissie maken geen deel uit van en zijn niet werkzaam onder verantwoordelijkheid van een bestuursorgaan van de gemeente De Ronde Venen. 4. De voorzitter is niet woonachtig in de gemeente De Ronde Venen. 5. De commissie regelt de vervanging van de voorzitter. 6. Per vergadering van de commissie zijn naast de voorzitter minimaal twee leden per toerbeurt aanwezig. Zo nodig vervangen de leden elkaar in onderling overleg of op uitnodiging van de voorzitter.
Artikel 3. Vooronderzoek en informele behandeling 1. Het bestuursorgaan onderzoekt of het bezwaarschrift informeel kan worden afgehandeld alvorens het verder in behandeling te nemen. 2. 2. Na binnenkomst van het bezwaarschrift zal contact worden opgenomen met de bezwaarmaker en de voorbereider van het primaire besluit en met instemming van betrokken partijen zoals genoemd, zal de informele behandeling aanvangen. 3. Als het bezwaar in der minne wordt geschikt, legt het bestuursorgaan de gemaakte afspraken schriftelijk vast en neemt het zo nodig een nieuw besluit.
Artikel 4 Kamers 1. De commissie bestaat uit twee kamers, te weten de algemene kamer en de sociale kamer. 2. De algemene kamer is belast met de behandeling van en advisering over bezwaarschriften die niet onder de taakstelling vallen van de sociale kamer. 3. De sociale kamer is belast met de behandeling van en advisering over bezwaarschriften op het terrein van werk,
Artikel 4. Horen en adviseren door de commissie 1. Er is een commissie ter voorbereiding van de beslissing op bezwaarschriften. 2. De commissie is belast met het horen en adviseren over de volledige heroverweging van bestreden besluiten. 3. De commissie is niet belast met de behandeling van bezwaarschriften die zijn ingediend tegen besluiten op grond van:
Bijlage 2 inkomen en zorg. 4. Wanneer niet duidelijk is welke kamer tot behandeling van een bezwaarschrift bevoegd is, beslist de voorzitter over de toedeling. 5. Elke kamer bestaat uit ten minste drie leden: a. een voorzitter overeenkomstig artikel 7:13 Awb, zijnde de voorzitter of een van de leden van de commissie, uit haar midden aangewezen; b. ten minste twee andere leden, door de commissie aangewezen uit haar midden.
a. een wettelijk voorschrift inzake belastingen of de Wet waardering onroerende zaken; b. regelingen en verordeningen betreffende de rechtspositie van ambtenaren in gemeentelijke dienst.
Artikel 5 Secretaris 1.Het college wijst voor elke kamer van de commissie een secretaris aan. 2.Het college wijst tevens voor iedere secretaris een of meer plaatsvervangers aan.
Artikel 5. Samenstelling van de commissie 1. De commissie bestaat uit een voorzitter en tenminste twee leden. 2. De voorzitter, plaatsvervangend voorzitters en leden worden door het college van burgemeester en wethouders benoemd, geschorst en ontslagen. 3. De commissie regelt de vervanging van de voorzitter. 4. De voorzitter en leden van de commissie maken geen deel uit van en zijn niet werkzaam onder verantwoordelijkheid van een bestuursorgaan van de gemeente De Ronde Venen. 5. De voorzitter is niet woonachtig in de gemeente De Ronde Venen.
Artikel 6 Zittingsduur 1. De voorzitter en de leden van de commissie worden benoemd voor de termijn van vier jaar. 2. De voorzitter en de leden van de commissie kunnen op elk moment ontslag nemen. Zij doen daarvan schriftelijk mededeling aan het college. 3. De aftredende voorzitter en de aftredende leden van de commissie blijven hun functie vervullen totdat in de opvolging is voorzien.
Artikel 6. Instelling kamers 1. De commissie bestaat uit twee kamers, te weten de algemene kamer en de sociale kamer. 2. De algemene kamer is belast met de behandeling van en advisering over bezwaarschriften die niet onder de taakstelling vallen van de sociale kamer. 3. De sociale kamer is belast met de behandeling van en advisering over bezwaarschriften op het terrein van werk, inkomen en zorg. 4. Wanneer niet duidelijk is welke kamer tot behandeling van een bezwaarschrift bevoegd is, beslist de voorzitter over de toedeling.
Artikel 7 vergoeding 1. De voorzitter en de leden van de commissie ontvangen een vergoeding voor het bijwonen van een vergadering van de commissie en een reiskostenvergoeding. 2. De vergoeding voor het bijwonen van een vergadering bedraagt voor de voorzitter € 190 en voor de leden € 140. 3. De reiskostenvergoeding bedraagt per vergadering per kilometer vanaf de woonplaats gerekend: het bedrag per kilometer, zoals genoemd in artikel 2 van de Reisregeling binnenland. Artikel 8 Ingediend bezwaarschrift 1. Op het ingediende bezwaarschrift wordt de
Artikel 7. Secretaris 1. De secretaris wordt door het college van burgemeester en wethouders aangewezen. 2. Het college van burgemeester en wethouders kan ook een of meer plaatsvervangers van de secretaris aanwijzen.
Artikel 8. Zittingsduur 1. De voorzitter en leden worden benoemd voor
Bijlage 2 datum van ontvangst aangetekend. 2. Het bezwaarschrift met de daarbij overgelegde stukken wordt zo spoedig mogelijk in handen van de commissie gesteld.
een termijn van vier jaar. Het is mogelijk één keer herbenoemd te worden. 2. De ten tijde van de inwerkingtreding van deze verordening zittende voorzitter en leden komen voor éénmalige herbenoeming van vier jaar in aanmerking. 3. De voorzitter en de leden kunnen op elk moment ontslag nemen. Zij doen daarvan schriftelijk mededeling aan het college van burgemeester en wethouders. 4. De aftredende of ontslagnemende voorzitter of leden blijven hun functie vervullen totdat in de opvolging is voorzien.
Artikel 9 Uitoefening bevoegdheden 1. De bevoegdheden ingevolge de hierna genoemde artikelen van de Awb worden voor de toepassing van deze verordening uitgeoefend door de voorzitter van de commissie: a. artikel 2:1, tweede lid; b. artikel 6:6, voor wat betreft het stellen van een termijn aan de indiener; c. artikel 6:17, voorzover het de verzending van stukken betreft tijdens de behandeling door de commissie; d. artikel 7:4, tweede lid; e. artikel 7:6, vierde lid. 2. De voorzitter kan de in dit artikel genoemde bevoegdheden mandateren aan de secretaris van de commissie.
Artikel 9. Vergoeding Het college stelt een presentiegeldenregeling vast voor de werkzaamheden van de leden en de voorzitter van de commissie.
Artikel 10 Vooronderzoek 1. De voorzitter van de commissie is bevoegd rechtstreeks alle gewenste inlichtingen in te winnen of te laten inwinnen. 2. De voorzitter kan uit eigen beweging of op verlangen van de commissie bij deskundigen advies of inlichtingen inwinnen en hen zo nodig uitnodigen daartoe op de hoorzitting te verschijnen. Indien daaraan kosten zijn verbonden, is vooraf machtiging van het college vereist.
Artikel 10. Uitoefening bevoegdheden 1. De voorzitter oefent de volgende bevoegdheden van de hierna genoemde artikelen van de Awb zelfstandig uit: a. verzoeken om een schriftelijke machtiging aan een gemachtigde (artikel 2:1, tweede lid); b. stellen van een termijn aan de bezwaarmaker (artikel 6:6); c. verzenden van stukken tijdens de behandeling door de commissie (artikel 6:17); d. ter inzage leggen van het bezwaarschrift en de op de zaak betrekking hebbende stukken, dan wel toezenden daarvan aan een belanghebbende (artikel 7:4, tweede lid); e. al dan niet op verzoek van een belanghebbende afzien van het op de hoogte stellen van het verhandelde tijdens een hoorzitting van een andere belanghebbende, voor zover geheimhouding om gewichtige reden is geboden (artikel 7:6, vierde lid). 2. De voorzitter kan deze bevoegdheden mandateren aan de secretaris. Artikel 11. Voorbereiding hoorzitting 1. De voorzitter bepaalt plaats en tijdstip van de hoorzitting waarin de bezwaarmaker, eventuele andere belanghebbenden en het bestuursorgaan in de gelegenheid worden gesteld zich door de commissie te laten horen. 2. De voorzitter nodigt de bezwaarmaker,
Artikel 11 Hoorzitting 1. De voorzitter van de commissie bepaalt plaats en tijdstip van de zitting waarin de belanghebbenden en het verwerend orgaan in de gelegenheid worden gesteld zich door de commissie te laten horen. 2. De voorzitter beslist over de toepassing van
Bijlage 2 artikel 7:3 van de Awb. 3. Indien de voorzitter op grond van het tweede lid besluit af te zien van het horen, doet hij daarvan mededeling aan de belanghebbenden en het verwerend orgaan.
eventuele andere belanghebbenden en het bestuursorgaan ten minste twee weken voor de hoorzitting schriftelijk uit. 3. Binnen drie werkdagen na de uitnodiging kunnen de belanghebbenden of het verwerend orgaan onder opgaaf van redenen verzoeken het tijdstip van de zitting te wijzigen. 4. De voorzitter beslist op een dergelijk verzoek. De beslissing van de voorzitter wordt uiterlijk één week voor het tijdstip van de zitting aan de belanghebbenden en het verwerend orgaan meegedeeld. 5. De voorzitter is bevoegd in bijzondere omstandigheden af te wijken of afwijking toe te staan van de termijnen die genoemd zijn in het eerste tot en met het derde lid.
Artikel 12 Uitnodiging zitting 1. De secretaris nodigt de belanghebbenden en het verwerend orgaan ten minste twee weken voor de zitting schriftelijk uit. 2. Binnen drie dagen na de uitnodiging kunnen de belanghebbenden of het verwerend orgaan onder opgaaf van redenen verzoeken het tijdstip van de zitting te wijzigen. 3. De voorzitter beslist op een dergelijk verzoek. De beslissing van de voorzitter wordt uiterlijk één week voor het tijdstip van de zitting aan de belanghebbenden en het verwerend orgaan meegedeeld. 4. De voorzitter is bevoegd in bijzondere omstandigheden af te wijken of afwijking toe te staan van de termijnen die genoemd zijn in het eerste tot en met het derde lid.
Artikel 12. Quorum Voor het houden van een zitting is vereist dat minimaal drie leden – onder wie in elk geval de voorzitter, of zijn plaatsvervanger – aanwezig is, tenzij toepassing is gegeven aan artikel 7:13 lid 3 Awb.
Artikel 13 Quorum Voor het houden van een zitting is vereist dat minimaal drie leden - onder wie in elk geval de voorzitter, of zijn plaatsvervanger - aanwezig is, tenzij toepassing is gegeven aan artikel 7:13 lid 3 Awb.
Artikel 13. Onpartijdigheid leden De voorzitter en de leden nemen niet deel aan de behandeling van een bezwaarschrift als daarbij hun onpartijdigheid in het geding kan zijn. Zij laten zich zo nodig vervangen.
Artikel 14 Niet-deelneming aan de behandeling De voorzitter en de leden van de commissie nemen niet deel aan de behandeling van een bezwaarschrift indien daarbij hun onpartijdigheid in het geding kan zijn.
Artikel 14. Openbaarheid hoorzitting 1. De zitting van de algemene kamer van de commissie is openbaar. 2. In afwijking van het in het eerste lid bepaalde kunnen de deuren worden gesloten indien de voorzitter van de commissie of een van de aanwezige leden het nodig oordeelt of indien een belanghebbende daartoe een verzoek doet. Indien de commissie vervolgens beslist dat gewichtige redenen aanwezig zijn die zich tegen openbaarheid van de zitting verzetten, vindt de zitting plaats met gesloten deuren. 3. De zitting van de sociale kamer van de commissie vindt achter gesloten deuren plaats. Artikel 15. Verslaglegging 1. Het verslag, bedoeld in artikel 7:7 van de Awb, bevat in ieder geval: a. namen van de aanwezigen en hun
Artikel 15 Openbaarheid zitting 1. De zitting van de algemene kamer van de commissie is openbaar. 2. In afwijking van het in het eerste lid bepaalde
Bijlage 2 kunnen de deuren worden gesloten indien de voorzitter van de commissie of een van de aanwezige leden het nodig oordeelt of indien een belanghebbende daartoe een verzoek doet. Indien de commissie vervolgens beslist dat gewichtige redenen aanwezig zijn die zich tegen openbaarheid van de zitting verzetten, vindt de zitting plaats met gesloten deuren. 3. De zitting van de sociale kamer van de commissie vindt achter gesloten deuren plaats.
Artikel 16 Schriftelijke verslaglegging 1. Het verslag als bedoeld in artikel 7:7 van de Awb vermeldt de namen van de aanwezigen en hun hoedanigheid. 2. Het verslag houdt een zakelijke vermelding in van wat over en weer is gezegd en wat verder ter zitting is voorgevallen. 3. Indien de zitting geheel of gedeeltelijk met gesloten deuren plaatsvond, of indien belanghebbenden, respectievelijk hun gemachtigden niet in elkaars tegenwoordigheid zijn gehoord, maakt het verslag hiervan melding. 4. Het verslag verwijst naar de op de zitting overgelegde bescheiden, die aan het verslag kunnen worden gehecht. 5. Het verslag wordt ondertekend door de voorzitter en de secretaris van de desbetreffende kamer van de commissie. Artikel 17 Nader onderzoek 1. Indien na afloop van de zitting maar voordat het advies wordt opgesteld, nader onderzoek wenselijk blijkt te zijn, kan de voorzitter uit eigen beweging of op verlangen van de andere commissieleden dit onderzoek houden. 2. De uit het nader onderzoek verkregen informatie wordt in afschrift aan de leden van de commissie, het verwerend orgaan en de belanghebbenden toegezonden. 3. De leden van de commissie, het verwerend orgaan en de belanghebbenden kunnen binnen een week na verzending van de nadere informatie aan de voorzitter van de commissie een verzoek richten tot het beleggen van een nieuwe hoorzitting.
De voorzitter beslist op een dergelijk verzoek. 4. Op een nieuwe hoorzitting zijn de bepalingen in deze verordening die betrekking hebben op de hoorzitting, zo veel mogelijk van overeenkomstige toepassing. Artikel 18 Raadkamer en advies 1. De commissie beraadslaagt en beslist achter gesloten deuren over het door haar uit te brengen advies. 2. De commissie beslist bij meerderheid van
hoedanigheid; b. zakelijke vermelding van wat over en weer is gezegd en wat verder op de hoorzitting is voorgevallen; c. vermelding als de hoorzitting geheel of gedeeltelijk achter gesloten deuren plaatsvond, of als belanghebbenden of hun gemachtigden niet in elkaars tegenwoordigheid zijn gehoord; d. verwijzing naar de op de hoorzitting overgelegde bescheiden, die aan het verslag kunnen worden gehecht. 2. Het verslag wordt ondertekend door de voorzitter en de secretaris. Artikel 16. Nader onderzoek 1. De commissie is bevoegd nader onderzoek te doen als zij dit na afloop van de hoorzitting wenselijk acht. 2. De uit nader onderzoek verkregen informatie wordt in afschrift aan de bezwaarmaker, eventuele andere belanghebbenden en het bestuursorgaan toegezonden. 3. De bezwaarmaker, eventuele andere belanghebbenden en het bestuursorgaan kunnen op een door de voorzitter te bepalen termijn na verzending van de nadere informatie schriftelijk reageren en indien gewenst aan de voorzitter vragen om een nieuwe hoorzitting. De voorzitter beslist op dit verzoek. 4. Op een nieuwe hoorzitting zijn de bepalingen in deze verordening die betrekking hebben op de hoorzitting, zo veel mogelijk van overeenkomstige toepassing. Artikel 17. Raadkamer en advies 1. De commissie beraadslaagt en beslist achter gesloten deuren over het uit te brengen advies. 2.
De commissie beslist bij meerderheid van stemmen over het uit te brengen advies. 3. Als bij een stemming de stemmen staken, beslist de stem van de voorzitter. 4. Van een minderheidsstandpunt wordt bij het advies melding gemaakt als die minderheid dat verlangt. 5. Het advies is gemotiveerd en omvat een voorstel voor de te nemen beslissing op het bezwaarschrift. 6. Het advies wordt door de voorzitter en de secretaris ondertekend.
Artikel 18. Uitbrengen advies en verdaging 1. Het advies wordt met het verslag, en eventueel door de commissie ontvangen nadere informatie en nader verslag, tijdig uitgebracht aan het bestuursorgaan dat op het
Bijlage 2 stemmen over het uit te brengen advies. 3. Indien bij een stemming de stemmen staken, beslist de stem van de voorzitter. 4. Van een minderheidsstandpunt wordt bij het advies melding gemaakt indien die minderheid dat verlangt. 5. Het advies is gemotiveerd en omvat een voorstel voor de te nemen beslissing op het bezwaarschrift. 6. Het advies wordt door de voorzitter en de secretaris van de commissie ondertekend.
bezwaarschrift dient te beslissen. 2. Als naar het oordeel van de voorzitter de termijn van twaalf weken, genoemd in artikel 7:10, eerste lid, van de Awb, ontoereikend is voor achtereenvolgens het uitbrengen van een advies en het nemen van een beslissing, verzoekt hij het bestuursorgaan tijdig de beslissing te verdagen. 3. Van een besluit tot verdaging ontvangen de commissie en belanghebbenden een afschrift.
Artikel 19 Uitbrengen advies en verdaging 1. Het advies wordt, onder medezending van het verslag als bedoeld in artikel 16 en eventueel door de commissie ontvangen nadere informatie en nader verslag, tijdig uitgebracht aan het bestuursorgaan dat op het bezwaarschrift dient te beslissen. 2. Indien naar het oordeel van de voorzitter van de commissie de termijn van 12 weken, genoemd in artikel 7:10, eerste lid, van de Awb, ontoereikend is voor achtereenvolgens het uitbrengen van een advies en het nemen van een beslissing, verzoekt hij het verwerend orgaan tijdig de beslissing te verdagen. 3. Van een besluit tot verdaging ontvangen de commissie en de belanghebbenden een afschrift.
Artikel 19. Jaarverslag De commissie brengt jaarlijks aan de bestuursorganen verslag uit van haar werkzaamheden in het voorafgaande kalenderjaar.
Artikel 20 Jaarverslag De commissie brengt jaarlijks aan de bestuursorganen van de gemeente verslag uit over haar werkzaamheden in het voorgaande kalenderjaar. Artikel 21 Intrekking oude regeling De Verordening commissie bezwaarschriften De Ronde Venen 2005 wordt ingetrokken.
Artikel 20. Intrekking oude regeling De Verordening commissie bezwaarschriften De Ronde Venen 2011 wordt ingetrokken.
Artikel 22 Inwerkingtreding Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2011. Artikel 22 Overgangsbepaling Bezwaarschriften die voor de inwerkingtreding van deze verordening zijn ingediend, worden behandeld overeenkomstig deze verordening. Artikel 23 Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening commissie bezwaarschriften De Ronde Venen 2011.
Artikel 21. Inwerkingtreding en citeertitel 1. Deze verordening treedt in werking op de dag na bekendmaking. 2. Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening commissie bezwaarschriften De Ronde Venen 2024. Niet van toepassing Niet van toepassing
Niet van toepassing