Bijlage 2 - Heritage Impact Assessment
Tekst van het document
Quick Scan Heritage Impact Assessment Bonlocatie Abcoude UNESCO Werelderfgoed Hollandse Waterlinies (Stelling van Amsterdam)
Strategisch ontwerpers voor gebieden in beweging
Quick Scan Heritage Impact Assessment Bonlocatie Abcoude Rapport d.d. 17 maart 2022
Land-id Kantoorgebouw De Enk Tivolilaan 205 6824 BV Arnhem
Foto op omslag: Luchtfoto Fort Abcoude en omgeving in 1977 Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, CC BY-SA 4.0, via Wikimedia Commons
Inhoudsopgave 1
Inleiding 1.1 Doel 1.2 Beschrijving planlocatie 1.3 Methodiek 1.4 Aanpak en opzet rapportage
4 4 4 5 6
2
Beschrijving van de kernkwaliteiten 2.1 Stelling van Amsterdam 2.2 Statement of Outstanding Universal Value (SOUV) 2.3 Kernkwaliteiten op en nabij de planlocatie
8
3
Beschrijving van het initiatief
14
4
Beoordeling van het initiatief
16
5
Conclusie en aanbevelingen
17
6
Bijlage: Methodiek
18
8 9 10
1 Inleiding In Abcoude bevindt zich een perceel in agrarisch gebruik waar ontwikkelaar Bon Groep B.V. de intentie heeft nieuwe woningen te ontwikkelen. Het perceel bevindt zich binnen de begrenzing van UNESCO Werelderfgoed de Hollandse Waterlinies, specifiek binnen de Stelling van Amsterdam. Gezien deze ligging binnen de grenzen van Werelderfgoed is het belangrijk om in een vroeg stadium van de planvorming te weten of ontwikkeling op deze plek mogelijk is, en zo ja, onder welke voorwaarden. Ontwikkelaar Bon Groep B.V. heeft daarom een Quick Scan Heritage Impact Assessment (HIA) laten opstellen, om inzicht te krijgen in de effecten van de beoogde ontwikkeling op de kernkwaliteiten van het Werelderfgoed.
1.1 Doel Het doel van deze Quick Scan Heritage Impact Assessment is om compact, transparant en navolgbaar de effecten van de beoogde ontwikkeling op het UNESCO Werelderfgoed Hollandse Waterlinies in beeld te brengen. Op deze manier ontstaat er onafhankelijk advies dat door de ontwikkelaar gebruikt kan worden om de mogelijke negatieve dan wel positieve effecten van de ontwikkeling op het erfgoed te neutraliseren, minimaliseren of juist te versterken (bij positieve effecten). Voor de beoordelende overheden levert de HIA beslisinformatie voor het maken van een gedegen afweging met betrekking tot het beoordelen van de ontwikkeling.
1.2 Beschrijving planlocatie Het projectgebied bevindt zich aan de zuidwestzijde van Abcoude, in de oksel van de bestaande bebouwing en de A2. Het weiland is het laatste onbebouwde vlak tussen de historische kern van Abcoude en de snelweg. Aan de oostzijde wordt het gebied begrensd door een sloot, een bomenlaan en de Piet van Weingaerdtlaan. De bebouwing aan deze
laan stamt uit de jaren zestig en behoort tot de eerste naoorlogse uitbreidingslocaties van Abcoude richting de A2. De bebouwing aan de noordzijde stamt grotendeels uit het begin van de jaren ’90, gebouwd net voor het benoemen van de stelling van Amsterdam als Werelderfgoed in 1996. De achtertuinen van deze woningen zijn gescheiden van de locatie met een brede sloot. Aan de overzijde van de Burgemeester Des Tombeweg bevinden zich een aantal in 2015 en 2016 aangelegde appartementencomplexen, met erachter een woonwijk uit de jaren 60. De Burgemeester Des Tombeweg loopt vanaf de rotonde omhoog tot aan het viaduct over de A2. Bovenaan dit talud bevindt zich een P+R of carpoolplaats. Langs de geluidswal van de A2 aan de westzijde en op het talud van de Burgemeester Des Tombeweg bevinden zich wat bomen en bosplantsoen. Het plangebied zelf is in gebruik als agrarisch grasland, met begrazing door schapen en koeien. Historisch gezien is het weiland onderdeel van de polder Waardasakker (1665). Het sloten- en greppelpatroon is onregelmatig en onderdeel van de opstrekkende verkaveling vanaf de Gein
Land-id | Quick Scan HIA | Bonlocatie Abcoude | 17 maart 2022 |
en de historische kern van Abcoude. Ook is een historische loop van een wetering die uitkwam in de Winkel nog herkenbaar in de knik in het slootpatroon.
1.3 Methodiek De aanpak in een HIA is erop gericht om de effecten van een plan op de kernwaarden van het Werelderfgoed op een systematische en navolgbare wijze te verkennen, beschrijven en beoordelen.
Afbeelding 1.1 Overzichtskaart van het UNESCO Werelderfgoed Hollandse Waterlinies, inclusief markering van de locatie van de planlocatie
De Heritage Impact Assessment (HIA) is een methode en beoordelingssystematiek specifiek voor het beoordelen van effecten van ontwikkelingen op Werelderfgoed. De systematiek is in opdracht van UNESCO ontwikkeld door zijn adviesorgaan ICOMOS (International Council On Monuments and Sites). De leidraad ‘Guidance in Heritage Impact Assessment for Cultural Heritage’ uit 2011 vormt het uitgangspunt voor dit onderzoek. Deze methode dient strikt gevolgd te worden; andere criteria uit bijvoorbeeld provinciaal ruimtelijk beleid, zijn hieraan ondergeschikt of dienen aan de systematiek gekoppeld te
A2 Amsterdam Utrecht
Abcoude
Piet van Weingaerdtlaan Foto 1.6 Foto 1.5
Foto 1.4 Foto 1.3 Burgemeester des Tombeweg
Afbeelding 1.2 Planlocatie met locaties en kijkrichting foto's (foto's zie volgende pagina)
5
worden. Voor een Quick scan HIA wordt dezelfde systematiek gebruikt, maar vindt de rapportage van de beschrijving en de beoordeling plaats op hoofdlijnen. Beoordeling op kernkwaliteiten Bij de beoordeling van het beoogde initiatief in een Werelderfgoed gaat het uitsluitend om het effect van beoogde ontwikkelingen op de Outstanding Universal Value (OUV). De OUV zijn de kernkwaliteiten op basis waarvan de bijzondere en unieke waarde van een Werelderfgoed wordt bepaald. Deze OUV staan beschreven in het Statement of Outstanding Universal Value (SOUV). Er wordt vervolgens gekeken naar de integriteit en authenticiteit van de kernkwaliteiten op en nabij de planlocatie: zijn de kernkwaliteiten nog compleet en gaaf, en wordt er in de voorziene ontwikkeling op een geloofwaardige en waarheidsgetrouwe manier omgegaan met het Werelderfgoed? Ook zijn een aantal zichtlijnen belangrijk, zoals de visuele verbinding tussen de hoofdverdedigingslijn en de inundatievelden. De huidige en toekomstige situatie wordt altijd vergeleken met de nulsituatie. De nulsituatie is de situatie van het Werelderfgoed op het moment dat de site als Werelderfgoed is ingeschreven in het register, in dit geval 1996. In 2021 is de Nieuwe Hollandse Waterlinie ook genomineerd en daarna samengevoegd met de Stelling van Amsterdam in UNESCO Werelderfgoed de Hollandse Waterlinies.
Voor de beoordeling wordt echter nog steeds 1996 als nulsituatie aangehouden. De methodiek wordt uitgebreider omschreven in de bijlage van deze rapportage. Als uitgangspunt voor het kaartmateriaal worden de kernkwaliteiten van de Stelling van Amsterdam uit het Nominatiedossier Hollandse Waterlinies uit 2021 gebruikt, zoals deze zijn opgenomen in de Cultuurhistorische Atlas (CHAT) van de Provincie Utrecht.
6
1.4 Aanpak en opzet rapportage Voor het uitvoeren van de beoordeling van de beoogde ontwikkeling op de planlocatie worden de volgende stappen gezet: 1. Beschrijven van de kernkwaliteiten 2. Beschrijven van het initiatief 3. Beschrijven van de verandering 4. Beoordelen van de verandering In hoofdstuk 2 worden de kernkwaliteiten van de Stelling van Amsterdam in het algemeen, en op en nabij de planlocatie beschreven. Daarna volgt de beschrijving van het initiatief en de verandering die de ontwikkeling met zich meebrengt in hoofdstuk 3. De effectbeoordeling bevindt zich in hoofdstuk 4, waarna de conclusies en aanbevelingen worden samengevat in hoofdstuk 5.
Land-id | Quick Scan HIA | Bonlocatie Abcoude | 17 maart 2022 |
Afbeelding 1.3 Foto van planlocatie
Afbeelding 1.4 Foto van planlocatie
Afbeelding 1.5 Foto van planlocatie
Afbeelding 1.6 Foto van planlocatie
7
2 Beschrijving van de kernkwaliteiten De Stelling van Amsterdam is een aaneengesloten verdedigingslinie van 45 forten en inundatiepolders in een straal van 15-20 kilometer rondom Amsterdam. De linie, aangelegd tussen 1883 en 1920, was bedoeld om de hoofdstad op veilige afstand te kunnen verdedigen en een laatste toevluchtsoord te bieden aan de Nederlandse regering, koninklijke familie en bevolking, in afwachting van eventuele buitenlandse steun. Bij (dreiging van) een vijandelijke aanval konden de polders rondom de stelling onder water worden gezet en werd het overgebleven ‘Fort Holland’ aan alle kanten door water omgeven. Sinds 1996 is de Stelling van Amsterdam UNESCO-werelderfgoed door unieke waarden op het gebied van strategisch landschap, waterstaatkundige werken en militaire versterkingen.
2.1 De Stelling van Amsterdam De Stelling bestaat uit een 135 km lange hoofdverdedigingslijn, die het onderscheid markeerde tussen het te verdedigen gebied binnen de stelling (‘veilige’ zone) en het te inunderen gebied buiten de stelling (‘onveilige’ zone). Het te verdedigen gebied rondom Amsterdam was echter niet geheel geïsoleerd vanwege dijken, spoorwegen en waterwegen, de zogenaamde ‘accessen’. Om de stelling op deze cruciale maar ook zwakke plekken te versterken, werden er langs de gehele stelling forten aangelegd om de accessen en inundatiesluizen te verdedigen. De hoofdverdedigingslijn bevat grofweg om de 3-3,5 km een fort. De forten uit de eerste bouwfase werden nog opgetrokken uit baksteen en vormden machtige ronde bouwwerken, vaak zichtbaar in het landschap. De toenemende slagkracht van kanonnen, granaten en mortieren noodzaakte echter tijdens de tweede bouwfase tot de aanleg van robuustere forten van gewapend beton, enigszins verzonken in het landschap en bedekt onder een laag duinzand. Uit deze fase stamt ook het ‘hefkoepelgeschut’, een geschutskoepel die bij een vijandelijke
aanval verzonken lag in het fort maar bij een tegenaanval boven het fort kon uitsteken. Het voornaamste defensiemechanisme was echter het tijdelijk onder water zetten (‘inunderen’) van de polders in de onveilige zone buiten de hoofdverdedingslijn. De verdedigers ontwikkelden een ingenieus systeem van dijken, sluizen, kanalen en inundatiepolders waarmee de waterstand nauwkeurig kon worden aangepast, een perfectionalisering van een strategie die in Nederland al eeuwen werd toegepast. De waterdiepte van circa 50 cm bij inundatie was te diep om te doorwaden met wapentuig zoals kanonnen maar te ondiep om per boot te bevaren. De Stelling van Amsterdam is een groots voorbeeld van een fortificatie gebaseerd op het principe van tijdelijke onderwaterzetting. De Stelling van Amsterdam kan dan ook niet los worden gezien van de Nieuwe Hollandse Waterlinie (van Pampus tot aan de Biesbosch) en de Zuiderwaterlinie (van Bergen op Zoom tot aan Grave), eveneens defensieve structuren die berusten op het principe van het onder water zetten.
Land-id | Quick Scan HIA | Bonlocatie Abcoude | 17 maart 2022 |
2.2 Statement of Outstanding Universal Value (SOUV) De Stelling van Amsterdam wordt gezien als een erfgoed van zeer hoge waarde. In 1996 is Stelling van Amsterdam dan ook opgenomen op de lijst van UNESCO-Werelderfgoed. In 2021 is de Stelling samengevoegd met de Nieuwe Hollandse Waterlinie, waar de waarde eigenlijk niet los van kan worden gezien, in het Werelderfgoed Hollandse Waterlinies. In het dossier van de Hollandse Waterlinies is het Statement of Outstanding Universal Value (OUV) opgenomen. Hierin staan de bijzondere kernkwaliteiten van de Hollandse Waterlinies, die maken dat het waardig is om Werelderfgoed te zijn. De uitzonderlijke universele waarde van
de Hollandse Waterlinies is: • een buitengewoon voorbeeld van een Europees verdedigingssysteem van de moderne tijd dat intact is gebleven • een ingenieus systeem van militaire verdediging door inundatie dat gebruikt maakt van eigenschappen en elementen van het aanwezige landschap • uniek in de Europese architectuurgeschiedenis • een illustratie van de Nederlandse inventiviteit in land- en waterbeheersing.
Afbeelding 2.1 Overzichtkaart Stelling van Amsterdam. Afbeelding afkomstig van www.stellingvanamsterdam.nl
9
2.3 Kernkwaliteiten op en nabij de planlocatie De kernkwaliteiten van de Stelling van Amsterdam zijn herkenbaar in drie hoofdelementen: • • •
strategisch landschap waterstaatkundige werken militaire versterkingen.
In afbeelding 2.2 zijn de attributen die hierbij horen benoemd. Strategisch landschap Het plangebied ligt aan de veilige zijde van de Stelling van Amsterdam. Het is gelegen in de sector Ouderkerk, in de groep Abcoude. De zichtlijnen vanuit het plangebied richting de hoofdverdedigingslijn zijn door de bebouwing rondom het plangebied en de snelweg niet meer aanwezig. De hoofdverdedigingslijn valt grotendeels samen met de Winkeldijk en in het buitengebied is de lijn een lage kade aan de noordzijde van de rivier de Winkel. Bij de kruising van de Winkel met de snelweg verlaat de Winkeldijk als weg de kade van de lijn en loopt de weg via een viaduct onder de snelweg door. Binnen de bebouwde kom van Abcoude is de hoofdverdedigingslijn niet meer herkenbaar en opgegaan in de stedenbouwkundige structuur van Abcoude. In het Bestemmingsplan Buitengebied Abcoude van de Gemeente Ronde Venen uit 2011 is een deel van de oostzijde aangemerkt als schootsveld. Deze markering van het schootsveld is echter niet als zodanig opgenomen in het Nominatiedossier Hollandse Waterlinies. Hierin is het schootsveld aan de veilige zijde aangemerkt als een contour van 300 meter rondom de forten en de verdedigingslijn, zie afbeelding 2.3.
10
Overzicht kernkwaliteiten nabij planlocatie • Hoofdverdedigingslijn > Hoofdverdedigingslijn ligt 500 meter ten oosten en zo’n 800 meter ten zuiden van het plangebied • Komkeringen > Liniewal Geindijk- Nigtevecht, buiten plangebied op ca. 2,3 km van planlocatie • Inundatiekommen > Plangebied ligt in sector Ouderkerk, de inundatiekom ligt in groep Abcoude • Accessen > Acces spoorlijn Amsterdam-Utrecht beschermd door fort Abcoude, buiten plangebied op ca. 1,2 km afstand • Verboden kringen > Kring Fort bij Abcoude: buiten plangebied op ca. 500 meter afstand > Kring Fort aan de Winkel: buiten plangebied op ca. 1,0 km afstand > Kring Hoofdverdedigingslijn: buiten plangebied op ca. 700 meter afstand • Houten huizen > Houten Genieloods Fort bij Abcoude, buiten plangebied op ca. 800 meter afstand, in gebruik als kantine voor hengelsportvereniging
Land-id | Quick Scan HIA | Bonlocatie Abcoude | 17 maart 2022 |
Afbeelding 2.2 Drie kernkwaliteiten van de Hollandse Waterlinies, inclusief de Stelling van Amsterdam
Property (begrenzing UNESCO-site) Bufferzone Hoofdverdedigingslijn
Houten genieloods Fort bij Abcoude Verboden kringen fort Acces spoorlijn Zichtlijnen vanuit beschermd gebied naar hoofdverdedigingslijn onderbroken door snelweg en stedelijke ontwikkeling
Afbeelding 2.3 Elementen van het strategisch landschap rondom de planlocatie
11
Watersysteem Nabij de planlocatie ligt een groot voormalig inundatieveld dat zich uitstrekte tussen het hedendaagse Muiden, Weesp, Nieuwersluis en de polder Mijdrecht. De aanvoer voor dit inundatieveld vond voornamelijk plaats vanuit de Vecht via Nieuwersluis en kleinere rivieren als de Angstel, Holendrecht, Winkel en Gein. Door de stedelijke ontwikkelingen in dit inundatieveld is het veld als zodanig niet meer herkenbaar en beleefbaar, en is ook de functionaliteit verdwenen. Mogelijk heeft het restant van een wetering in het plangebied een rol gespeeld in het afvoeren van water na inundatie. De onderbreking van de wetering door stedelijke en infrastructurele ontwikkelingen heeft ervoor gezorgd dat de verbinding die deze watergang had met de Winkel niet meer gaaf is. Overzicht kernkwaliteiten nabij planlocatie • Inundatieveld > Inundatieveld aan zuidoostzijde van het plangebied, grenzend aan het plangebied in de meest zuidelijke hoek. • Waterkerende dijken en kades > Liniewal Geindijk- Nigtevecht, buiten plangebied op ca. 2,3 km van planlocatie • (Hoofd)waterwegen > Gein, buiten plangebied op ca. 400 meter > Winkel, buiten plangebied op ca. 700 meter > Goot van molen met scheprad ingezet voor inundatie van Polder de Winkel. Buiten plangebied op ca.
800 meter • Inundatielsuizen en andere waterwerken > Damsluis in de Angstel bij Abcoude Baambrugge (1892), buiten plangebied op ca. 1,5 kilometer
Militaire werken Het plangebied ligt binnen Sector Ouderkerk van de Stelling van Amsterdam. De twee dichtstbijzijnde militaire werken zijn binnen de sector onderdeel van groep Abcoude: Fort bij Abcoude en Fort aan de Winkel, zie afbeelding 2.6. Fort bij Abcoude is het oudste landfort binnen de Stelling van Amsterdam. Door de vroege ontwikkeling heeft het een unieke opbouw, die afwijkt van later gebouwde forten. Overzicht kernkwaliteiten nabij planlocatie • Forten en werken > Fort Abcoude (gebouwd 1884 - 1887) met als doel het verdedigen van de toegang tot Amsterdam via het acces van de spoorlijn. Fortwachterwoning en houten Genieloods (zie afbeelding 2.4) zijn nog aanwezig. Buiten plangebied op ca. 800 meter > Fort aan de Winkel (gebouwd 1893 - 1909, bomvrije gebouwen nooit voltooid) met als doel het verdedigen van de Vinkekade, en de oevers van de polders Waardasakker en Holendrecht. Fortwachterswoning en houten Genieloods zijn aanwezig. Buiten plangebied op ca. 1,3 kilometer > Batterijen aan het Gein (gebouwd 1805 - 1810, toegevoegd aan stelling in 1883) met als doel het afsluiten en verdedigen van de dijken en het Gein. Buiten plangebied op ca. 1,9 kilometer afstand
Afbeelding 2.4 Houten Genieloods bij Fort bij Abcoude
12
Land-id | Quick Scan HIA | Bonlocatie Abcoude | 17 maart 2022 |
Gracht om fort
Voormalige locatie scheprad Polder De Winkel
Damsluis voor inundatie in de Angstel Inundatievelden SvA
Afbeelding 2.5 Elementen van het watersysteem rondom de planlocatie
Hoofdverdedigingslijn
Fort Abcoude
Acces spoorlijn
Afbeelding 2.6 Militaire werken rondom de planlocatie
13
3 Beschrijving van het initiatief De beoogde ontwikkeling voor de planlocatie is verbeeld in het concept stedenbouwkundig plan (d.d. 24 november 2021 ) en bestaat uit het omvormen van de huidige agrarische bestemming naar de bestemming wonen en het ontwikkelen van circa 260-270 wooneenheden. Hierdoor verandert het open en landelijk karakter van de plek naar een suburbaan karakter. Het veenweidelandschap is niet meer goed herkenbaar en de infrastructuur aan de zuidwest zijde van het gebied wordt de voornaamste begrenzing van de bebouwde kom van Abcoude.
Het plan bestaat uit een mix van appartementengebouwen en grondgebonden bebouwing. De blokken met appartementen zijn maximaal vier lagen hoog en bevinden zich aan de oost- en zuidzijde van de locatie, het dichtste bij de Piet van Weingaerdtlaan en Burgemeester Des Tombeweg. De hoofdstructuur in de proefverkavelingen is ontleend aan de kavelstructuur van het gebied en sluit daardoor ook aan op de structuur in de omgeving. Er is in de mogelijke verkavelingen geen rekening gehouden met de markering van het schootsveld die aangegeven is in het bestemmingsplan (voor toelichting zie paragraaf 2.3), de appartementengebouwen bevinden zich deels binnen deze contour. Er is nog variatie tussen de verschillende modellen over hoe de blokken zich op de straat oriënteren en de hoeveelheid groen die daardoor vanuit de omgeving te zien is. De definitieve verkaveling van de gebouwen is op het moment van het opstellen van deze studie nog niet bekend, de verschillende opties opgesteld door BGSV Bureau voor Stedenbouw en Landschap staan op pagina 15.
Langs de hoofdstructuur bevinden zich in het plan de water-, groen- en ontsluitingsstructuur. De sloot parallel aan de Piet van Weingaerdtlaan wordt aangeheeld en de watergangen aan de randen worden verbreed, hierdoor is er rondom het gebied een brede sloot aanwezig met brede oevers met sporadisch een boom. Centraal in het gebied bevindt zich een “brink” of groene middenberm waar de groenstructuur uit de aanliggende woonwijk wordt doorgezet. De groenstructuur bij de carpoolplaats wordt in alle verkavelingen uitgebreid in oostelijke richting. Voor parkeren is het uitgangspunt dat de auto zoveel als mogelijk aan de zicht wordt onttrokken. In het plan bevinden de parkeerplekken zich in parkeerhoven aan de achterzijde van de woningen, of parallel aan de straat. Bij de appartementengebouwen is de optie onderzocht om parkeren binnen het blok op te lossen. Ook is het uitbreiden van de P+R aan de zuid-westzijde van het gebied meegenomen als optie om de parkeerdruk in het gebied zelf te verlichten.
Land-id | Quick Scan HIA | Bonlocatie Abcoude | 17 maart 2022 |
Afbeelding 3.1 Concept Stedenbouwkundig plan d.d. 24 november 2021
Afbeelding 3.2 en 3.3 Historische kavelstructuur van het gebied, en hoe deze gehandhaafd worden in het plan. Afbeeldingen uit Visie Bonlocatie Abcoude d.d. 6 juli 2021
Afbeelding 3.4 en 3.5 Alternatieven voor de verkaveling van de appartementenblokken en parkeeroplossingen uit Concept Stedenbouwkundig plan d.d. 24 november 2021
15
4 Beoordelen van de verandering Het beoogde initiatief, het ontwikkelen van woningbouw, is beoordeeld op de effecten op de kernkwaliteiten van het UNESCO-Werelderfgoed. Er zijn binnen de planlocatie zelf geen onderdelen van het Werelderfgoed aanwezig. De in de omgeving aanwezige onderdelen van het strategisch landschap, waterwerken en militaire werken zijn meegenomen in de analyse. De beoordeling richt zich dus voornamelijk op het effect van de ontwikkeling in de omgeving van het plangebied.
Polderlandschap en veilige zijde In het stedenbouwkundig plan worden woningen ontwikkeld op de planlocatie. Door het ontwikkelen van bebouwing, neemt het bebouwd oppervlak binnen het Werelderfgoed toe. Verdichten aan de veilige zijde van de hoofdverdedigingslijn is niet per definitie ongewenst, aangezien dit het contrast tussen de open en relatief onbewoonde onveilige zijde en de bewoonde veilige zijde benadrukt. De planlocatie is in de huidige situatie een restant van het polderlandschap aan de veilige zijde, maar het kenmerkende open karakter van het gebied is grotendeels verdwenen. Dit komt met name door de ligging van het gebied in (sub)urbaan gebied, de snelweg A2 en andere infrastructuur (aangelegd reeds voor de nulsituatie) en woningbouw (aangelegd zowel voor als na de nulsituatie). Daarmee heeft de ontwikkeling binnen het plangebied een beperkt negatief effect op de integriteit van het Werelderfgoed.
Zichtlijnen Door de eerdere ontwikkelingen rondom de planlocatie zijn de zichtlijnen vanuit het plangebied (veilige zijde) van en naar de hoofdverdedigingslijn onderbroken. Ook is er geen visuele verbinding met de nabij gelegen militaire werken. Hier geldt dat het Werelderfgoed op deze locatie in de huidige situatie beperkt beleefbaar en herkenbaar is. Het effect van de beoogde ontwikkeling op de zichtlijnen wordt daarom als niet significant beschouwd. Inundatieveld Het meest nabij gelegen onderdeel van de kernkwaliteiten van de SvA is het inundatieveld. Echter, in de huidige situatie van het plangebied is het lastig om de compleetheid en gaafheid van het inundatieveld te ervaren. De eerdere ontwikkelingen in de omgeving beperken de beleving van het inundatieveld in het plangebied. Daarom is er geen significant negatief effect op de authenticiteit van het strategisch landschap.
Land-id | Quick Scan HIA | Bonlocatie Abcoude | 17 maart 2022 |
5 Conclusie en aanbevelingen Conclusie Op basis van de beoordeling van het concept stedenbouwkundig plan concluderen we dat er een beperkt negatief effect ontstaat op één van de kernkwaliteiten van het Werelderfgoed. Dit effect ontstaat doordat er binnen het Werelderfgoed wordt gebouwd. We concluderen ook dat het effect van de ontwikkeling op de beleving van het Werelderfgoed niet significant is, gezien de beperkte omvang van de planlocatie en de reeds verstedelijkte context. Aanbevelingen Om dit negatieve effect te mitigeren, zijn een aantal aanbevelingen geformuleerd die een positieve bijdrage leveren aan de beleving van het Werelderfgoed op deze plek. We bevelen ook aan het definitieve stedenbouwkundig ontwerp te beschouwen in een oplegger op dit rapport. In deze oplegger bekijken we de belangrijkste conclusies uit dit rapport opnieuw en kijken we naar de manier waarop de aanbevelingen zijn overgenomen. De verwachting is dat met het overnemen van de aanbevelingen het beperkt negatieve effect op het Werelderfgoed kan worden gecompenseerd.
- alternatief appartementen” (pagina 8 in het concept stedenbouwkundig plan van 24 november 2021, zie afbeelding 3.4 in dit rapport) staan de appartementengebouwen meer haaks op de plangrens en los in het groen, waardoor deze doorzichten mogelijk zijn. Het advies is om deze verkavelingsoptie als vertrekpunt te gebruiken voor de verdere uitwerking. • Herstel of versterk de oorspronkelijke polderstructuur door een robuuste groenblauwe structuur in de wijk te ontwikkelen die gebaseerd is op de structuur van de voormalige polder. Zorg dat de groen-blauwe structuur doorloopt tot diep in de wijk. • Voorkom bouwhoogtes groter dan 5 bouwlagen of een verdere toename van de verharding. Dit heeft teveel invloed heeft op het groene polderkarakter van het gebied. Houd ook vast aan het principe om parkeerplaatsen zoveel mogelijk uit het zicht en/of op het eigen erf te houden en deze goed in te passen.
De aanbevelingen voor het definitieve stedenbouwkundig plan zijn: • Behoud de brede sloot en groene rand rondom het gebied zoals opgenomen in het huidige concept stedenbouwkundig plan, de huidige breedte is de minimale breedte. Dit benadrukt het groene karakter van het gebied naar buiten toe, dat aansluit bij het karakter van het polderlandschap. • Versterk het zachte karakter van de grens van het plangebied, door tussen de bebouwing goede doorzichten de wijk in te maken. In “stedenbouwkundig studie 1 studie bouwvelden 17
BIJLAGE: Methodiek De Heritage Impact Assessment (HIA) is een methode en beoordelingssystematiek die in opdracht van UNESCO ontwikkeld is specifiek voor het beoordelen van effecten van ontwikkelingen op Werelderfgoed. De systematiek is ontwikkeld door ICOMOS (International Council On Monuments and Sites), het adviesorgaan van UNESCO. De leidraad ‘Guidance in Heritage Impact Assessment for Cultural Heritage’ uit 2011 vormt het uitgangspunt voor dit onderzoek. Deze methode dient strikt gevolgd te worden; andere criteria uit bijvoorbeeld provinciaal ruimtelijk beleid, zijn hieraan ondergeschikt of dienen aan de systematiek gekoppeld te worden.
2.1 Begrippen en definitie Bij de HIA staat een aantal begrippen centraal die in deze paragraaf nader worden toegelicht: • Statement of Outstanding Universal Value (OUV) • Integrity (integriteit) • Authenticity (authenticiteit) Statement of Outstanding Universal Value Bij de beoordeling van het beoogde initiatief in een Werelderfgoed gaat het uitsluitend om het effect van beoogde ontwikkelingen op de Outstanding Universal Value (OUV). De OUV zijn de kernkwaliteiten op basis waarvan de bijzondere en unieke waarde van een Werelderfgoed wordt bepaald. Deze OUV staan beschreven in het Statement of Outstanding Universal Value (SOUV). De SOUV wordt vastgesteld door UNESCO op het moment van inschrijving op de Werelderfgoedlijst. In dit rapport staat samengevat op welke kernkwaliteiten het Werelderfgoed uniek wordt bevonden en wat de criteria zijn
op grond waarvan de site op de UNESCO Werelderfgoedlijst staat. Deze criteria zijn onderdeel van de OUV. Integrity (integriteit) De integriteit van een Werelderfgoed geeft aan of de OUV nog aanwezig is en niet is aangetast of wordt bedreigd. Integriteit refereert aan de compleetheid en gaafheid van het Werelderfgoed. In deze HIA wordt het effect op de integriteit van het Werelderfgoed bepaald door de volgende punten: • Compleetheid: zijn alle waarden en elementen nog aanwezig? Behoudt het Werelderfgoed alle elementen die noodzakelijk zijn voor de expressie van de OUV? En behoudt het Werelderfgoed een adequate omvang om de complete representatie te garanderen? • Gaafheid: zijn de waarden en elementen nog intact? In hoeverre hebben er negatieve effecten van bijvoorbeeld ontwikkeling en/
Land-id | Quick Scan HIA | Bonlocatie Abcoude | 17 maart 2022 |
of verwaarlozing plaats gevonden? Ontbreken er bijvoorbeeld (essentiële) onderdelen van elementen? Authenticity (authenticiteit) Het begrip authenticiteit refereert aan de waarheidsgetrouwe en geloofwaardige verbeelding van de historische en culturele significatie van het Werelderfgoed. Authenticiteit gaat over de beleefbaarheid en leesbaarheid van het Werelderfgoed. Dit wordt in de HIA begrepen als een waarheidsgetrouwe en oorspronkelijke expressie van vorm en ontwerp, materiaal en substantie, gebruik en functie, locatie en positie en tot slot beleving. • Vorm en ontwerp: feitelijke vorm en ontwerp van elementen. Elementen hebben nog hun oorspronkelijke vorm en ontwerp. • Materiaal en substantie: gebruik van materiaal en substantie bij reparaties/renovaties van de elementen. Bij reparaties/renovaties is gebruik gemaakt van originele materialen. • Gebruik en functie: oude functie versus nieuwe functie. Hergebruik van gebouwen sluit aan en is ondergeschikt aan de originele architectuur. De OUV is nog steeds te begrijpen ondanks de nieuwe bestemming. Elementen kunnen nog (indien gewenst) hun oorspronkelijke functie uitvoeren. Indien gewenst kan het systeem nog grotendeels functioneren. • Locatie en positionering: verbanden/relaties tussen de structuren en elementen. Structuren en elementen liggen nog op hun oorspronkelijke locatie.
Het systeem/ de context kan nog steeds goed begrepen worden, doordat structuren en elementen nog een zichtbare, fysieke en werkende relatie hebben met het landschap en elkaar.
• Beleving: het erfgoed is nog beleefbaar en uitlegbaar, nu en in de toekomst. Het systeem en de wijze waarop het heeft gefunctioneerd is nog herkenbaar en begrijpelijk. Het karakter en de sfeer van de omgeving ondersteunt de beleving van het erfgoed. Onder authenticiteit valt ook de visuele integriteit. De visuele integriteit geeft weer of een Werelderfgoed niet visueel wordt weggedrukt of gemarginaliseerd (schaalverstoring) door latere toevoegingen, ongeacht of die binnen of buiten de begrenzing van het Werelderfgoed gesitueerd zijn. Het gaat daarbij om de gebouwde verdedigingswerken, maar ook het samenstel van de gebruikte agrarische, natuurlijke, waterstaatkundige en militaire landschappelijke elementen. Niet alleen de onderdelen op zichzelf, maar ook hun onderlinge relatie als verdedigingssysteem moet visueel samenhangend zijn; zichtlijnen spelen hierin een belangrijke rol. De wijze waarop het landschappelijke systeem herkend kan worden, hangt sterk af van de positie van waarnemer in het landschap. Per standpunt en kijkrichting verschillen de eisen die aan de visuele integriteit gesteld worden. Deze zichtlijnen worden meegenomen in de beoordeling. Het rapport Visuele Integriteit Waterlinies geeft aan dat de volgende zichtlijnen van belang zijn: 1. Vanaf de hoofdverdedigingslijn richting inundeerbaar gebied; 2.
Vanaf inundeerbaar gebied richting de hoofdverdedigingslijn; 3. Vanaf de hoofdverdedigingslijn richting verdedigd gebied; 4. Vanaf verdedigd gebied richting de hoofdverdedigingslijn; 5. Op de hoofdverdedigingslijn in de lengterichting; 6. Op en rondom forten, waterwerken en vestingen. 19
Uitgangssituatie of nulsituatie De effectbeoordeling in een HIA vindt plaats aan de hand van de uitgangssituatie ofwel nulsituatie. De nulsituatie is de situatie van het Werelderfgoed op het moment dat de site als Werelderfgoed is ingeschreven in het register. De Stelling van Amsterdam is in 1996 genomineerd en benoemd als Werelderfgoed. In 2021 is de Nieuwe Hollandse Waterlinie ook genomineerd en daarna samengevoegd met de Stelling van Amsterdam in UNESCO Werelderfgoed de Hollandse Waterlinies. Voor de beoordeling wordt echter nog steeds 1996 als nulsituatie aangehouden.
2.2 Beoordelingsmethodiek HIA In de systematiek van HIA vraagt UNESCO om al het mogelijke te doen om nadelige gevolgen voor de Outstanding Universal Value (OUV) van de Stelling van Amsterdam te vermijden, te elimineren of te minimaliseren. De HIA-methodiek schrijft het maken van een effectbeoordeling voor. Om een goede effectbeoordeling te kunnen maken en oplossingsrichtingen te ontwikkelen is het van belang de ruimtelijke effecten van het initiatief goed in beeld te brengen. Een verbeelding van de ingreep is van groot belang ter ondersteuning van de effectbeoordeling en het zoeken naar oplossingen. De uitkomsten van de HIA dragen bij aan het maken van een gedegen en onderbouwde afweging, of en op welke wijze het initiatief kan worden doorgezet en onder welke voorwaarden. Aanpak De aanpak voor het opstellen van de HIA is erop gericht dat de kennis en argumenten zorgvuldig worden afgepeld en de effecten van de ontwikkeling op de kernwaarden van de Stelling van Amsterdam helder en navolgbaar zijn. 1. Beschrijven van de kernwaarden De eerste stap is het beschrijven van de kernwaarden, toegespitst op de attributen 20
van de Hollandse Waterlinies in en nabij de planlocatie. Hiervoor putten we uit de beschikbare documentatie van het Werelderfgoed, brengen we een bezoek aan de locatie en doen we een kaartstudie. De resultaten van deze stap beschrijven we bondig en verbeelden we in foto’s en kaarten in de rapportage. 2. Beschrijven van het initiatief Daarna beschrijven we uw initiatief op basis van de door u aangeleverde plannen en proefverkaveling. Belangrijke aspecten in deze beschrijving zijn de functies, locaties en volumes van de verschillende onderdelen van het plan, aangezien deze verschillende effecten kunnen hebben op het Werelderfgoed. Het resultaat van deze stap is een korte beschrijving, en een selectie van afbeeldingen en kaarten die een juiste indruk geven van het initiatief. 3. Beschrijven van de verandering Vervolgens wordt de verandering omschreven, waarin een vergelijking wordt gemaakt tussen de bestaande situatie en de voorgenomen toekomstige situatie van het Werelderfgoed. Elk van de attributen uit het Werelderfgoed wordt nagelopen en de verandering beschreven. Er worden verbeeldingen of plattegronden toegevoegd aan de beschrijving om de verandering te duiden. 4.
Beoordelen van de verandering Voor het beoordelen van de van de verandering volgen we de systematiek van de HIA, die de effecten op de integriteit en authenticiteit van het Werelderfgoed beoordeelt op een schaal van neutraal tot zeer sterk positief of negatief. Een voorbeeld van een tabel die hiervoor gebruikt wordt vindt u hieronder. De beoordeling vatten we vervolgens samen in een bondig advies.
Land-id | Quick Scan HIA | Bonlocatie Abcoude | 17 maart 2022 |
Afbeelding Bijlage.1 Verklaring van ‘effecten’ gebruikt in beoordeling.
Afbeelding Bijlage.2 Voorbeeld van beoordelingstabel
21
Land-id Kantoorgebouw De Enk Tivolilaan 205 6824 BV Arnhem www.land-id.nl