CConstaterende datDe Ronde Venen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 11b Nader onderzoek Flora & Fauna De Meijert Noord

Gemeenteraad 4 juli 2024, gemeente De Ronde VenenBij agendapunt: Raadsvoorstel vaststelling bestemmingsplan De Meijert Noord & Zuid1.257 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

NADER ONDERZOEK FLORA EN FAUNA DOCTOR J. VAN DER HAARLAAN 3 MIJDRECHT

Opdrachtgever

:

Combinatie Brevevo De heer H. van der Kolk Postbus 59 2820 AB Stolwijk

Vestiging

:

ABO-Milieuconsult B.V. Curieweg 19 2408 BZ Alphen aan den Rijn tel. +31 (172) 44 98 27

Projectnummer Periode onderzoek Datum rapportage

: : :

ANL22-7526 Mei 2023 2 juni 2023

Veldmedewerkers:

De heer R.F.M. Sluijs (Ecoloog)

Projectadviseur:

De heer D.D.C.A. Bijl

Handtekening:

Dhr. R.J. van der Helm General Business Unit Manager Zonder toestemming van de opdrachtgever of ABO-Milieuconsult B.V. mag deze uitgave niet anders dan in zijn geheel worden vermenigvuldigd en/of openbaar gemaakt door middel van fotokopie, microfilm of welke andere wijze dan ook. Alle opdrachten worden uitgevoerd volgens onze Algemene Voorwaarden, zoals gedeponeerd bij de KvK Zuidwest-Nederland te Middelburg onder nr. 22065838. Op verzoek kunnen de Algemene Voorwaarden naar u worden toegestuurd.

1. INLEIDING 1.1 Aanleiding Aanleiding voor het uitvoeren van dit nader onderzoek zijn de voorgenomen plannen tot de realisatie van sloop van de huidige opstallen en nieuwbouw in het plangebied. Voordat een ruimtelijke ingreep uitgevoerd kan worden, moet bepaald worden of de uitvoering invloed kan hebben op beschermde soorten en/of gebieden. Hiervoor is het noodzakelijk te bepalen of er sprake is van de aanwezigheid van beschermde soorten of gebieden in, of in de nabijheid van het plangebied. Naar aanleiding van de quickscan van EcoReest van 02-09-2021, projectnummer 210693, wordt in dit kader een nader onderzoek opgestart om te bepalen of er sprake is van overtreding van de Wet natuurbescherming. Het onderhavige rapport beschrijft de bevindingen en conclusie van dit nader onderzoek. 1.2 Doel van het onderzoek Het doel is nader te onderzoeken of: in het plangebied of binnen de invloedsfeer van de werkzaamheden verblijfplaatsen of nesten van beschermde soorten aanwezig zijn; de ingreep een effect heeft op de mogelijk aanwezige beschermde soorten; er maatregelen nodig zijn om een negatief effect op beschermde soorten te voorkomen of te verzachten; ontheffing van de Wet natuurbescherming benodigd is. 1.3 Leeswijzer In hoofdstuk 1 is de aanleiding en het doel van het onderzoek besproken en in hoofdstuk 2 wordt het onderzoeksgebied en de gebruikte methodiek behandeld.

Vervolgens worden de resultaten in hoofdstuk 3 uiteengezet. Hoofdstuk 4 geeft de conclusie weer.

Nader onderzoek flora en fauna, Doctor J. van der Haarlaan 3 te Mijdrecht, ANL22-7526

2/7

2. OPZET VAN HET ONDERZOEK 2.1 Onderzoeksgebied In het plangebied staat een tennishal met twee aanpalende woningen.

Afbeelding 1: Plangebied (blauwe kader). De rode streep geeft de positie van de vier open stootvoegen weer. De gele cirkel de positie van de onderzoeker en de gele lijnen de zichtlijnen van de onderzoeker.

Tijdens de quickscan is vastgesteld dat enkele invliegopeningen in de vorm van vier open stootvoegen voor vleermuizen aanwezig zijn in het plangebied. In de quickscan wordt geen melding gemaakt van overige invliegopeningen. Uit de quickscan is naar voren gekomen dat het mogelijk is dat met de plannen vaste rust- en verblijfplaatsen worden aangetast van de in de Wet natuurbescherming beschermde soorten vleermuizen.

Nader onderzoek flora en fauna, Doctor J. van der Haarlaan 3 te Mijdrecht, ANL22-7526

3/7

2.2 Onderzoeksmethodiek vleermuisonderzoek Bij het uitvoeren van dit onderzoek naar het voorkomen van beschermde soorten en de functionaliteit van het leefgebied is gewerkt volgens de richtlijnen die zijn opgesteld door de provincies (BIJ12 kennisdocumenten) en het Iandelijk vastgestelde vleermuisprotocol (opgesteld door Gegevensautoriteit Natuur, Zoogdiervereniging en Netwerk Groene Bureaus, 2021). Dit vleermuisonderzoek vond plaats met behulp van een batdetector type Elekon batlogger M met opnameapparatuur, waarmee het mogelijk is de ultrasone geluiden van vleermuizen hoorbaar te maken. In de avond en de vroege ochtend, wanneer vleermuizen het meest actief zijn, kunnen daarmee verblijfplaatsen, vliegroutes en (essentieel) foerageergebieden binnen een plangebied of een landschap vastgesteld worden. Voor verblijven vond een avondbezoek en een ochtendbezoek plaats in de kraamtijd met één waarnemer. De weersomstandigheid was gunstig. Ter plaatse zijn vleermuizen waargenomen en is via het geluid van de batlogger M vastgesteld welke soorten dit zijn. Met deze batlogger zijn alle vleermuisgeluiden opgenomen. In hoofdstuk 3 volgt een uiteenzetting van de resultaten na het uitlezen en interpreteren van de gegevens via software (BatExplorer). Tabel 1: Onderzoekmomenten, weersomstandigheden en eventuele bijzonderheden DATUM

TIJD

21:34 - 23:40 22-05-2023 (zon onder 21:40)

SOORTGROEP

WEERSOMSTANDIGHEDEN

Specifiek: Laatvlieger, maar alle soorten zijn meegenomen.

Onbewolkt, wind 2-3 Noord, 14º - 12º

Alle soorten: kraamverblijf

Onbewolkt - Bewolkt, wind 2 Bft. 11º

03:32 – 05:34 23-05-2023 (zon op 03:34)

Nader onderzoek flora en fauna, Doctor J. van der Haarlaan 3 te Mijdrecht, ANL22-7526

4/7

3. RESULTATEN 3.1 Bezoek 1 Dit eerste bezoek was specifiek voor laatvlieger, hoewel met de Batlogger M alle soorten worden opgenomen en met het zicht alle soorten worden waargenomen. De eerste waarneming was om 22:12 van een gewone dwergvleermuis die vanaf de Kamille kwam aanvliegen en langs de open stootvoegen vloog. Kort daarna kwam er nog een gewone dwergvleermuis bij. Beide gewone dwergvleermuizen hebben de hele avond en ochtend dezelfde lijn gevlogen om te foerageren. Het is waarschijnlijk door de aanhoudende noordenwind dat de vleermuizen ervoor kiezen langs de sporthal te foerageren. Het aanwezige groen in de omgeving op onderstaande foto laat zien dat van essentieel foerageergebied geen sprake is.

Afbeelding 2: Foerageerroute gewone dwergvleermuizen in het plangebied.

Andere soorten dan gewone dwergvleermuis zijn niet waargenomen. Uitvliegende vleermuizen zijn niet waargenomen. Dat laatste is niet bijzonder, want bij inspectie van de vier open stootvoegen bleken deze vol met spinrag en cementresten te zitten. Ze zijn hierdoor niet in gebruik door vleermuizen.

Nader onderzoek flora en fauna, Doctor J. van der Haarlaan 3 te Mijdrecht, ANL22-7526

5/7

Afbeelding 3: alle vier de open stootvoegen in het plangebied zitten vol met spinrag / cementresten.

Op de afbeeldingen drie en vier is zichtbaar dat de daklijsten goed aansluiten op de gevels. Dit is overal zo. Omdat de vleermuizen telkens achter een hek naast de sporthal vlogen, is dit hek geopend om de achterliggende gevel te bekijken. Dit ondanks dat in de quickscan andere mogelijke verblijfplaatsen van vleermuizen werden uitgesloten. Op afbeelding 4 is te zien dat er geen openingen aanwezig zijn.

Afbeelding 4: Detailfoto’s van de aansluiting van betreffende gevel op sporthal, daklijst en kozijn. Er zijn geen invliegopeningen voor vleermuizen aanwezig.

Vervolgens is met een sterke zaklamp het gehele gebouw nagelopen. De conclusie uit de quickscan dat geen andere openingen aanwezig zijn dan de vier open stootvoegen waar spinrag / cementresten in zit, wordt gedeeld.

Nader onderzoek flora en fauna, Doctor J. van der Haarlaan 3 te Mijdrecht, ANL22-7526

6/7

3.2 Bezoek 2 Het tweede bezoek is het eerste bezoek in de kraamtijd voor gewone dwergvleermuis en ruige dwergvleermuis. Deze ochtend vertoonde hetzelfde beeld als de avond, namelijk twee foeragerende gewone dwergvleermuizen. Er zijn geen invliegende vleermuizen waargenomen. Dit was ook niet mogelijk, omdat het gebouw geen voor vleermuizen geschikte openingen heeft. 4. CONCLUSIE In het plangebied zijn geen verblijfplaatsen van vleermuizen vastgesteld. Omdat in het plangebied geen mogelijke invliegopeningen voor vleermuizen aanwezig zijn, is verdere voortzetting van dit nader onderzoek niet noodzakelijk. Een ontheffing van de Wet natuurbescherming is eveneens niet noodzakelijk. Tabel 2: Overzicht van de functies van het plangebied voor verblijfplaatsen van vleermuizen Soort

Zomer

Paar

Kraam

Winter

Gewone dwergvleermuis

Geen

Geen

Geen

Geen

Ruige dwergvleermuis

Geen

Geen

Geen

Geen

Laatvlieger

Geen

Geen

Geen

Geen

Watervleermuis

Geen

Geen

Geen

Geen

Nader onderzoek flora en fauna, Doctor J. van der Haarlaan 3 te Mijdrecht, ANL22-7526

7/7

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14175867/1