Bijlage 1 Uitkomsten septembercirculaire 2023
Tekst van het document
Bijlage 1 | Uitkomsten van Septembercirculaire gemeentefonds 2023
Inleiding De 342 gemeenten ontvangen meerdere keren per jaar een circulaire van het Rijk waarin de ontwikkeling van de algemene uitkering is weergegeven. De algemene uitkering is de belangrijkste inkomstenbron voor gemeenten. Over de uitkomsten van de meicirculaire 2023 is in juli 2023 een raadsinformatiebrief uitgebracht. Nu wordt ingegaan op de septembercirculaire 2023 die vlak na Prinsjesdag is verschenen. Eind december 2023 staat de volgende circulaire gepland over de algemene uitkering.
Resultaten van septembercirculaire 2023 op de begrotingsresultaten 2023 – 2027 De resultaten van de septembercirculaire 2023 zijn: •
•
•
•
De recentere ontwikkeling van lonen en prijzen voor 2024 en volgende jaren geeft aanleiding om budgetten aan te passen. Hiervoor is € 900.000 aan ruimte beschikbaar vanuit de hogere rijksbijdragen. De hogere kosten van de inflatie voor 2024 worden inzichtelijk gemaakt in de bestuursrapportages van 2024 en de Kadernota 2025. Het financieel beeld voor 2023 – 2027 wordt gunstiger. Dit komt vooral door de nieuwe systematiek vanaf 2027 voor het ‘volumedeel’. Ondanks deze verlichting is er voor 2027 nog steeds sprake van een verwacht begrotingstekort. De eerder toegezegde resterende middelen voor de energietoelage 2023 (€ 900 miljoen) kunnen nog niet worden uitgekeerd aan de gemeenten. De noodzakelijke wijziging van de Participatiewet is nog niet goedgekeurd door de Tweede en Eerste Kamer. De rijkbijdragen worden betrokken bij de decembercirculaire 2023. Met ingang van 2023 is de herverdeling van het gemeentefonds van kracht. De Raad voor het Openbaar Bestuur (ROB) en de VNG hebben aangegeven dat het nieuwe model weliswaar een verbetering is ten opzichte van het oude model, maar dat verder onderzoek nodig is. Onderzoek naar de stapelingsproblematiek in het sociaal domein, naar de overige eigen middelen en naar de maatstaf eenpersoonshuishoudens. De eerste twee onderzoeken zijn inmiddels opgestart en de uitkomsten worden in 2024 verwacht.
In onderstaande tabel is opgenomen het effect op de begrotingsresultaten 2023 – 2027. Effecten op de begrotingsresultaten 2022 -2026 (bedragen x € 1.000) 2023 1. Bij: Hogere opbrengst van de algemene uitkering 2. Af: Reservering om hogere inflatie op te vangen 3. Af: Intensivering bijzondere bijstand en vroegsignalering 4. Verbetering begrotingsresultaten 2023 - 2027
2024
2025
2026
2027
560
1.830
1.760
1.650
2.920
0
-900
-900
-900
-900
0
-61
0
0
0
560
869
860
750
2.020
1
Bijlage 1 | Uitkomsten van Septembercirculaire gemeentefonds 2023 De verbetering van de begrotingsresultaten heeft effecten op de Tweede bestuursrapportage 2023 en de Programmabegroting 2024 – 2027. De werkwijze hiervoor is: 1. Het financieel effect voor 2023 maakt onderdeel uit van de tweede bestuursrapportage 2023. Dit wordt opgenomen in het raadsvoorstel voor het vaststellen van de tweede bestuursrapportage 2023. 2. De overige jaren maken onderdeel uit van de begrotingsbehandeling 2024 – 2027 door de septembercirculaire 2023 op te nemen in het raadsvoorstel samen met overige raadsbesluiten van september en oktober 2023.
Uitkomsten van de Septembercirculaire 2023 ten opzichte van de Meicirculaire 2023 In onderstaande tabel is opgenomen de omvang van de verwachte opbrengst van de algemene uitkering voor de jaren 2023 tot en met 2027. Ontwikkeling algemene uitkering voor de jaren 2023 – 2027 (bedragen x € 1.000) A. B. C.
Stand septembercirculaire 2023 Stand meicirculaire 2023 Verschil
2023 69.810 69.250 560
2024 76.840 75.010 1.830
2025 79.380 77.620 1.760
2026 73.600 71.950 1.650
2027 74.800 71.880 2.920
0
969
926
759
723
0 -74
0 300
0 334
0 391
1.453 244
634
500
500
500
500
0
61
0
0
0
560
1.830
1.760
1.650
2.920
Verklaring van de verschillen Algemene mutaties: 1. Hogere loon- en prijsontwikkelingen 2. Hogere volumedeel vanaf 2027 3. Overige algemene ontwikkelingen 4. Voordeel op niet gedeclareerde BTW Taakmutaties: 5. Intensivering bijzondere bijstand en vroegsignalering Totaal
1. Tot 2022 gold voor de groei van het gemeentefonds de trap-op-trap-af-systematiek. Wanneer de rijksuitgaven stegen, groeide het gemeentefonds evenredig mee. Omgekeerd gold hetzelfde: daalden de rijksuitgaven als gevolg van bezuinigingen, dan daalde ook het gemeentefonds. Nadeel hiervan was dat het beeld van de rijksuitgaven tussen mei en september vaak fluctueerde, en daarmee ook de uitkering uit het gemeentefonds. Daarom is vorig jaar besloten om, vooruitlopend op een nieuwe systematiek, de jaarlijkse groei van het gemeentefonds te splitsen in een ‘volumedeel’ en een ‘LPO-deel’ (loon- en prijsontwikkelingen). Het volumedeel staat voor de komende jaren vast, het LPO-deel groeit evenredig mee met de omvang van de inflatie. Valt de inflatie hoger uit, dan stijgt ook het LPO-deel. Valt de inflatie lager uit, dan daalt dit deel van de uitkering evenredig mee. De hiervoor gebruikte index is het gewogen gemiddelde van drie indices: de loonvoet sector overheid (60%), de index materiële overheidsconsumptie (20%) en de index overheidsinvesteringen (20%).
2
Bijlage 1 | Uitkomsten van Septembercirculaire gemeentefonds 2023 Ten opzichte van het voorjaar van 2023 houdt het Rijk er rekening mee dat de inflatie hoger uitvalt. Dit zorgt voor hogere rijksbijdragen om de gevolgen van de inflatie op de kosten op te vangen. Ter illustratie in de begroting 2024 is rekening gehouden met een inflatie van 4,2% terwijl in deze circulaire rekening wordt gehouden met 5,3%. De hogere kosten van de inflatie voor 2024 worden inzichtelijk gemaakt in de bestuursrapportages van 2024 en de Kadernota 2025. Voor het opvangen van hogere kosten door inflatie is rekening gehouden met € 900.000. 2. Vanaf 2027 wordt het gemeentefonds geïndexeerd op basis van de ontwikkeling van het bruto binnenlands product (bbp). In de Miljoenennota 2024 is deze indexering verder uitgewerkt. De volumeontwikkeling wordt gebaseerd op een 8-jaars (historisch) gemiddelde van de ontwikkeling van het bruto binnenlands product. De verwachting is dat de accressystematiek hierdoor minder zal schommelen. Hiervoor is op landelijk niveau € 706 miljoen in 2027 toegevoegd aan de algemene uitkering. Voor de gemeente De Ronde Venen betekent dit een extra opbrengst van € 1.453.000. 3.
In het onderdeel overige algemene ontwikkelingen is onder meer opgenomen aanpassingen door meer recente gegevens van bijvoorbeeld het aantal huishoudens met een laag inkomen, het aantal bedrijfsvestigingen en het aantal inwoners met een migratieachtergrond. Deze aanpassingen zorgen voor een lagere bijdrage van € 74.000 in 2023 die omslaat naar een voordeel van € 244.000 in 2026. 4. Gemeenten declareren de compensabele BTW bij het Rijk (het BTW-compensatiefonds). Dit fonds kent echter een plafond. Declareren de gezamenlijke gemeenten méér dan er in het BTWcompensatiefonds beschikbaar is, dan moet het gemeentefonds bijpassen. Blijft er geld over in het BTW-compensatiefonds, dan vloeit dit terug naar het gemeentefonds. In 2023 is op landelijk niveau € 359 miljoen toegevoegd aan het gemeentefonds. Voor de gemeente De Ronde Venen betekent dit een voordeel van € 634.000. Voor de jaren 2024 – 2027 wordt - op basis van de afrekening over 2022 en 2023 - de verwachte opbrengst op niet gedeclareerde BTW verhoogd met € 500.000 van € 100.000 naar € 600.000. 5. Het kabinet stelt in totaal incidenteel € 200 miljoen beschikbaar voor de jaren 2022 tot en met 2024, ter voorkoming van een stapeling van sociale en maatschappelijke problemen als gevolg van de hoge inflatie.
Van dit bedrag is via de meicirculaire in 2023 in totaal € 50 miljoen via het gemeentefonds aan gemeenten beschikbaar gesteld. Dit is bedoeld voor de verwachte extra inzet op het gebied van vroegsignalering, en om gemeenten tegemoet te komen in het verwachte extra beroep op bijzondere bijstand. Ook voor 2024 wordt nu een bedrag van € 50 miljoen beschikbaar gesteld. Voor de gemeente De Ronde Venen betekent dit een incidentele rijksbijdrage van € 61.000. Dit bedrag wordt toegevoegd aan de budgetten van het gemeentelijk minimabeleid.
3