Bijlage 1 Startnotitie Beleidsplan maatschappelijk vastgoed en dorpshuizen
Tekst van het document
Bijlage 1
Startnotitie Ten behoeve van
Beleidsplan maatschappelijk vastgoed en dorpshuizen
Inhoud 1
Inleiding....................................................................................................................................3
2
Context .....................................................................................................................................4
3
4
2.1
Maatschappelijk vastgoed ............................................................................................4
2.2
Kaders ...........................................................................................................................4
2.3
Randvoorwaarden voor het beleidsplan .......................................................................5
2.4
Urgentie ........................................................................................................................6
Dorp van het beleidsplan .......................................................................................................7 3.1
Inleiding .........................................................................................................................7
3.2
Doelstelling ...................................................................................................................7
3.3
Inzet van (gemeentelijk) maatschappelijk vastgoed .....................................................8
3.4
Exploitatie van grote dorpshuizen ................................................................................9
Vervolg .................................................................................................................................. 11 4.1
Benodigde uitwerking en informatie .......................................................................... 11
4.2
Implementatie ............................................................................................................ 12
Startnotitie beleidsplan Maatschappelijk vastgoed en dorpshuizen
Pagina 2 van 13
1 Inleiding Op het raakvlak tussen de Maatschappelijke agenda en het vastgoedbeleid ontstaan vraagstukken die op dit moment niet met de bestaande kaders te beantwoorden zijn. De startnotitie is de eerste stap om tot een beleidsplan te komen om deze vraagstukken te beantwoorden. In hoofdstuk 2 wordt de context voor het beleidsplan geschetst. Waar gaat het over, binnen welke kaders komt het tot stand en aan welke algemene randvoorwaarden moet het voldoen. In hoofdstuk 3 staat in hoofdlijnen de inhoud van het beleidsplan. Daarmee wordt ook duidelijk voor welke vraagstukken het beleidsplan houvast biedt bij de oplossing. De onderdelen in dit hoofdstuk worden de komende maanden verder uitgewerkt in het beleidsplan. Hoofdstuk 4 geeft tenslotte aan wat de volgende stappen zijn om tot het beleidsplan en de uitvoering ervan te komen.
Startnotitie beleidsplan Maatschappelijk vastgoed en dorpshuizen
Pagina 3 van 13
2 Context 2.1
Maatschappelijk vastgoed Onder maatschappelijk vastgoed verstaan we de (gebouwde) ruimte die nodig is om gewenste sociaal-maatschappelijke activiteiten mogelijk te maken. In de praktijk draait het om voorzieningen voor zorg, welzijn, maatschappelijke functies, sport (inclusief gymzalen ten behoeve van bewegingsonderwijs) en cultuur.1 Dorpshuizen zijn een specifiek type maatschappelijk vastgoed. Het gaat om gebouwen die geëxploiteerd worden om onderdak te bieden aan maatschappelijke activiteiten. Maatschappelijk vastgoed kan eigendom zijn van de gemeente en van andere partijen.
2.2
Kaders Maatschappelijke agenda (2017) Hierin is een toekomstbeeld geschetst van de samenleving. Een samenleving waar met veel partners in de gemeente aan gewerkt wordt, bijvoorbeeld door het bieden van mogelijkheden voor ontmoeten en verbinden. De thema’s die centraal staan in de Maatschappelijke agenda zijn: meedoen, veilig leven, gezond leven, opvoeden met vertrouwen, voor jezelf zorgen en naar anderen omkijken. Langs deze thema’s wordt de transitie vormgegeven met het oog op het principe ‘iedereen doet mee’ en het bevorderen van zelfredzaamheid. Diverse activiteiten en voorzieningen dragen bij aan de invulling van deze thema’s. Ze worden verzorgd door professionele organisaties, vrijwilligersorganisaties, inwoners, ondernemers, maatschappelijke partners en de gemeente. De dorpshuizen nemen hierbinnen een bijzondere positie in. De dorpshuizen bieden onderdak aan activiteiten en voorzieningen die (deels of volledig) door andere partners worden georganiseerd. De clustering van activiteiten versterkt de functie als ‘huis voor de gemeenschap’. Nota Vastgoed (2017) In de Nota Vastgoed staat centraal dat vastgoed geen kerntaak van de gemeente is. Vastgoed wordt afgestoten, tenzij het voldoende waarde heeft. Doel hiervan is om het maatschappelijk en economisch rendement van het gemeentelijk maatschappelijk vastgoed te verhogen.
In de nota is een methode opgenomen om periodiek te bepalen of vastgoed behouden moet worden, of heroriëntatie nodig is of dat vastgoed kan worden afgestoten. Dit kan periodiek worden herhaald; het bestand gemeentelijk vastgoed is niet statisch. Een van de stappen in deze methode is het bepalen van de maatschappelijke waarde. Daarbij wordt een link naar de Maatschappelijke Agenda gelegd. Rekenkameronderzoek 2021 In 2021 is een rekenkameronderzoek uitgevoerd om inzicht te verkrijgen in de exploitatie en benutting van de dorpshuizen en de verklarende factoren voor de onderlinge verschillen. In het rapport zijn 5 aanbevelingen opgenomen. 1
Scholen worden doorgaans ook tot het maatschappelijk vastgoed gerekend, maar blijven in het beleidsplan buiten beschouwing. Overig gemeentelijk vastgoed (zoals werven, brandweer kazernes, kerktorens, brugwachters gebouwen etc.) valt eveneens buiten deze definitie.
Startnotitie beleidsplan Maatschappelijk vastgoed en dorpshuizen
Pagina 4 van 13
Samengevat zijn de aanbevelingen: -
Ontwikkel gerichter beleid voor de dorpshuizen inclusief uitgangspunten voor de lange termijn van deze voorziening (behouden / renoveren / amoveren e.d.). Dit beleid dient in samenhang te worden gezien met het beleid maatschappelijk vastgoed gemeentebreed (sport, cultuur, sociaal);
-
Optimaliseer de beschikbare capaciteit van bestaande dorpshuizen door in te zetten op maximale multifunctionaliteit;
-
Herijk en objectiveer (na vaststelling van het beleid, zie conclusie 1) de hoogte van de subsidies, koppel deze aan de doelstellingen die met dorpshuizen behaald moeten worden en stuur daar gericht op;
-
Laat harmonisatie in beleid gepaard gaan met het formuleren van uitgangspunten voor een minimale onderhoudsbasis;
-
Informeer de gemeenteraad jaarlijks over de voortgang van het beleid.
Overige relevante stukken Integraal Huisvestingsplan Onderwijs Meerjarig onderhoud van gymlokalen ten behoeve van bewegingsonderwijs is opgenomen in het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs. Vastgoedbeheerplan Meerjarig onderhoud van gemeentelijk maatschappelijk vastgoed is opgenomen in het Vastgoedbeheerplan. Subsidiebeleid, subsidieverordening en subsidieregister In 2023 wordt het gemeentelijk Subsidiebeleid sociaal domein vernieuwd. Aanvraag en toekenning van subsidie vindt plaats op basis van de Algemene Subsidieverordening De Ronde Venen en diverse specifieke door college en/of raad vastgestelde subsidieregels in het sociaal domein. De verstrekte subsidies in het sociaal domein zijn openbaar en opgenomen in het subsidieregister.
2.3
Randvoorwaarden voor het beleidsplan Kostenbeheersing De kosten voor de instandhouding van maatschappelijk vastgoed zijn meerjarig inzichtelijk, zodat ze in de reguliere begrotingscyclus kunnen worden meegenomen. Voor gemeentelijk maatschappelijk vastgoed loopt dit via het Vastgoedbeheerplan. Doeltreffend en doelmatig Het gemeentelijk maatschappelijk vastgoed dat nodig is voor de doelstelling van het beleidsplan is in goede staat van onderhoud. Dit geldt ook voor de dorpshuizen. Meerjarig onderhoud en verduurzamingsmaatregelen zijn financieel geborgd en worden uitgevoerd. Bovendien wordt een zo hoog mogelijk maatschappelijk en economisch rendement bereikt. Historisch gegroeide situatie Verschillen die in de loop der jaren zijn ontstaan, worden gerespecteerd; toekomstige besluiten werken richting harmonisatie. Het gaat om verschillen in afspraken over subsidies, over gebruik
Startnotitie beleidsplan Maatschappelijk vastgoed en dorpshuizen
Pagina 5 van 13
van grond en gebouwen en over kostenverdeling. Harmoniseren is gewenst met het oog op rechtmatigheid, doelmatigheid en transparantie. En vanuit het streven naar resultaatgerichtheid in plaats van inspanningsgerichtheid. Harmoniseren kan niet als een enkelvoudig doel op zich gezien worden. Het (tempo van) harmoniseren moet in balans zijn met eerder gemaakte afspraken met de partners. Dit kan door in behapbare stappen bij toekomstige besluiten en afspraken toe te werken naar de gewenste (eind)situatie. Wettelijke verplichtingen De gemeente draagt zorg voor de (instandhouding van) voorzieningen voor wettelijke (zorg)verplichtingen: -
Binnensportvoorzieningen ten behoeve van het bewegingsonderwijs. De gemeente is verantwoordelijk voor de beschikbaarheid van gymlokalen voor het basis- en voortgezet onderwijs. Dit gebeurt in gemeentelijke sportvoorzieningen en in sportzalen bij dorpshuizen. De dorpshuizen ontvangen hiervoor een klokuurvergoeding. De gemeente bekostigt de instandhouding van de gymlokalen (via het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs).
-
Netwerk zorgverplichting voor bibliotheken. Dit is geen verplichting om bibliotheken in stand te houden, maar wel om te waarborgen dat inwoners toegang hebben tot een bibliotheek in de omgeving.
-
Opvanglocaties in het kader van de crisisbeheersing. De grote dorpshuizen hebben een rol in de gemeentelijke draaiboeken als het gaat om crisisbeheersing. Bij wijzigingen in gebouwen, moet hier opnieuw invulling aan worden gegeven.
2.4
Urgentie Een aantal concrete vraagstukken maakt dat er behoefte is aan het beleidsplan: -
Keuzes rond het al dan niet investeren in meerjarig onderhoud en verduurzaming van de verschillende gemeentelijke vastgoedobjecten.
-
De onzekere vooruitzichten van sommige dorpshuizen, mede in relatie tot bijvoorbeeld oplopende (energie)kosten en een tekort aan vrijwilligers.
-
De verdere verbetering van de sturing op doelstellingen en resultaten van dorpshuizen door de gemeente en het voeren van gestructureerd overleg hierover. Dit mede in relatie tot de governance van dorpshuizen. Dit was een aanbeveling in het onderzoek van de rekenkamercommissie en is door de gemeenteraad overgenomen.
-
Aflopende overeenkomsten voor exploitatie van gemeentelijk maatschappelijk vastgoed in de komende jaren.
Startnotitie beleidsplan Maatschappelijk vastgoed en dorpshuizen
Pagina 6 van 13
3 Dorp van het beleidsplan 3.1
Inleiding Dit hoofdstuk van deze startnotie bevat een globale schets van de inhoud van het beleidsplan Maatschappelijk vastgoed en dorpshuizen. Deze wordt in het beleidsplan zelf verder uitgewerkt en onderbouwd. In hoofdstuk 4 is opgenomen welke werkzaamheden hiervoor noodzakelijk zijn.
3.2
Doelstelling De centrale doelstelling van het beleidsplan Maatschappelijk vastgoed en dorpshuizen is: De Ronde Venen biedt laagdrempelige mogelijkheden voor ontmoeten en verbinden. Dit doet de gemeente door het faciliteren van ruimte voor essentiële activiteiten en voorzieningen in de 4 grote dorpen. Mogelijkheden voor ontmoeten en verbinden Deze begrippen leggen de relatie met de Maatschappelijke agenda. Waar mensen elkaar tegenkomen kunnen ze meedoen, een hulpvraag stellen of naar elkaar omkijken. In het beleidsplan wordt nader beschreven wat ‘laagdrempelige mogelijkheden’ in de praktijk betekenen. Faciliteren van ruimte Het beleidsplan richt zich specifiek op de wijze waarop gemeentelijk maatschappelijk vastgoed (maatschappelijk vastgoed in gemeentelijk eigendom) en dorpshuizen worden ingezet om ontmoeten en verbinden mogelijk te maken. In paragraaf 3.3 en 3.4 is opgenomen wat er nodig is om dit goed vorm te geven. Essentiële activiteiten Wat essentiële activiteiten en voorzieningen zijn, moet het beleidsplan vastleggen. Daarvoor is een integraal beeld van beschikbaar vastgoed (m²) en het bestaande en gewenste aanbod aan activiteiten en voorzieningen nodig. Verschillen tussen dorpen zijn daarbij mogelijk.
De voorzieningen zijn voor iedereen toegankelijk Voorzieningen en activiteiten in De Ronde Venen concentreren zich moment en in de toekomst in belangrijke mate in de 4 grotere dorpen. Ook inwoners van kleinere dorpen maken hier gebruik van. Het beleidsplan doet met name uitspraken over de 4 grotere dorpen. Bestaande ondersteuning en werkwijze voor de lokale gemeenschap in de kleinere dorpen wordt voortgezet. 2
2 In Amstelhoek is een verenigingsgebouw aanwezig. In Baambrugge en De Hoef een dorpshuis. Het beleidsplan richt zich
niet primair op deze voorzieningen. Bepaalde methoden en criteria zijn wel naar analogie op de voorzieningen in kleinere dorpen toe te passen.
Startnotitie beleidsplan Maatschappelijk vastgoed en dorpshuizen
Pagina 7 van 13
3.3
Inzet van (gemeentelijk) maatschappelijk vastgoed Integraal toekomstbeeld Het beleidsplan geeft duidelijkheid over welk gemeentelijk maatschappelijk vastgoed nodig is om essentiële activiteiten en voorzieningen te faciliteren. Vanuit een integraal beeld van de huidige situatie (beschikbare m² en aanbod activiteiten en voorzieningen) wordt een voorstel gedaan over hoe het gebruik van gemeentelijk maatschappelijk vastgoed kan worden geoptimaliseerd en leegstand wordt voorkomen. Dit kan met name door meer multifunctioneel gebruik, verhoging van bezettingsgraad en focus op essentiële activiteiten3. Het huidige gemeentelijk maatschappelijk vastgoed bestaat uit gebouwen met verschillende functies en een aantal sportzalen4. De komende jaren zijn investeringen nodig in verduurzaming en deels in groot onderhoud. Dit speelt in zoverre een rol in het toekomstbeeld, dat het niet wenselijk is te investeren in gebouwen die mogelijk een andere invulling kunnen krijgen of in gebouwen met een beperkt maatschappelijk rendement. Door samen met gebruikers te kijken naar de behoefte aan ruimte, kan mogelijk meer maatschappelijk en economisch rendement worden gehaald. Dit soort afwegingen speelt bijvoorbeeld rond De Trekvogel, Tumult en De Brug. In het integrale toekomstbeeld wordt vastgoed van derden meegenomen.
Denk daarbij naast de dorpshuizen aan bibliotheken, Servicepunten, sportkantines en andere ruimtes van maatschappelijke partners. Ook kerkgebouwen vervullen soms een vergelijkbare functie. Daarnaast heeft woningbouwvereniging Cazas Wonen een aantal panden in eigendom waaronder enkele bibliotheken en een servicepunt. Gemeentelijk maatschappelijk vastgoed is aanvullend hierop, voor zover dat noodzakelijk is voor het faciliteren van essentiële activiteiten en voorzieningen. Criteria voor ondersteuning activiteiten en voorzieningen Het integraal toekomstbeeld schetst het overzicht van locaties waar inwoners elkaar kunnen ontmoeten en waar activiteiten en voorzieningen de verbinding tussen inwoners versterken. De gemeente ondersteunt dit door het beschikbaar stellen van maatschappelijk vastgoed, door subsidiëring en met kennis en kunde. Het integraal toekomstbeeld laat ook zien welke activiteiten sterk vertegenwoordigd zijn en welke minder sterk. Dit kan per dorp verschillen. Het beleidsplan bevat enkele eenvoudige criteria op basis waarvan de besluitvorming over deze ondersteuning kan plaatsvinden. Criteria voor toewijzing maatschappelijk vastgoed In het beleidsplan wordt een methode opgenomen op basis waarvan beslissingen worden genomen over het wel of niet faciliteren van bepaalde functies in gemeentelijk maatschappelijk vastgoed.
Essentiële activiteiten en voorzieningen hebben daarbij voorrang. Overig gebruik van gebouwen kan bijdragen aan het maatschappelijk en/of het economisch rendement van het gebouw. De methode bestaat onder meer uit:
3 Wat essentiële activiteiten en voorzieningen zijn legt het beleidsplan vast door een onderverdeling te maken, zoals
bijvoorbeeld (maar nog niet definitief!) educatieve, ondersteunende, sport of hobby acitiviteiten. 4 Het gaat op dit moment om: Tumult, werkcentrum, Piet Mondriaangebouw, Trekvogel, NME gebouw, Clubhuis scouting. En sport: Eendracht, Brug, Phoenix, Veenweidebad, Clubhuis ijsbaan.
Startnotitie beleidsplan Maatschappelijk vastgoed en dorpshuizen
Pagina 8 van 13
-
criteria waarmee het maatschappelijk en/of economisch rendement in beeld wordt gebracht;
-
de manier waarop ruimte aan partijen wordt toegewezen;
-
de voorwaarden die gesteld worden aan gebruik van maatschappelijk vastgoed.
Daarnaast doet het beleidsplan een uitspraak over hoe het netwerk van aanbieders van maatschappelijk vastgoed versterkt kan worden. Met als doel om sneller te kunnen schakelen als zich een huisvestingsbehoefte voordoet.
3.4
Exploitatie van grote dorpshuizen5 Dorpshuizen faciliteren ontmoeten, verbinden en bewegen door het beschikbaar stellen van ruimte aan andere organisaties. Dit bestaat enerzijds uit de instandhouding van het gebouw door de eigenaar (groot onderhoud, verduurzaming) en anderzijds uit de dagelijkse exploitatie (dagelijks beheer, activiteiten, zaalverhuur, horeca, etc.) door een exploitant. Voorkeursoplossing gebouw en exploitatie Het beleidsplan doet voor de grote dorpshuizen een uitspraak over welke oplossing voor de verantwoordelijkheden rond het gebouw, de exploitatie en wijze van bekostiging het meest recht doet aan het doel van het beleidsplan, binnen de gestelde randvoorwaarden. Het uiteindelijke doel hiervan om de continuïteit van de voorziening en het beheer en onderhoud duurzaam te borgen. Het is een reële optie om het eigendom van de grote dorpshuizen als gemeente over te nemen. Voordeel hiervan zou kunnen zijn dat meerjarig onderhoud en verduurzaming mee kan lopen in het vastgoedbeheerplan. Wanneer het eigendom van de dorpshuizen bij de stichtingsbesturen blijft, geeft het beleidsplan een oplossing voor de wijze waarop zowel de kosten van het meerjarig onderhoud van de gebouwen áls de uitvoering ervan worden geborgd.
Andere aspecten die een rol spelen in dit onderzoek zijn onder meer fiscale, juridische en financiële consequenties, de relatie met de dagelijkse exploitatie van het gebouw en de noodzakelijke deskundigheid over maatschappelijk vastgoed. Ontwikkelkader voor dorpshuizen Het rekenkameronderzoek geeft aan dat gerichter beleid voor de dorpshuizen inclusief uitgangspunten voor de lange termijn nodig zijn. En dat in vervolg hierop herijking en objectivering van de hoogte van subsidies wenselijk is in relatie tot de doelstellingen van de dorpshuizen. Deze aanbevelingen worden ingevuld door in het beleidsplan een ontwikkelkader op te nemen dat gebruikt kan worden bij de besluitvorming over subsidieverlening en in gesprekken met de dorpshuizen over de langere termijn. Het kader bestaat uit doelstellingen en randvoorwaarden die zich enerzijds richten op de maatschappelijke waarde die wordt gecreëerd (activiteiten, doelgroepen, bereik, effecten) en anderzijds op de exploitatie van het maatschappelijk vastgoed.
5 Het beleidsplan richt zich primair op grote dorpshuizen. Voor De Vijf Bogen en De Springbok wordt in het beleidsplan wel
vastgelegd hoe investeringen voor groot onderhoud meerjarig worden geborgd en welke afspraken over uitvoering worden gemaakt.
Startnotitie beleidsplan Maatschappelijk vastgoed en dorpshuizen
Pagina 9 van 13
Niet alleen de huidige invulling, maar vooral ook de plannen voor de toekomst spelen hierbij een rol. Hiermee kan de gemeente toetsen en onderbouwen in hoeverre een vaak meerjarige subsidierelatie gerechtvaardigd is. Hieruit volgt welke ontwikkeling van maatschappelijke partners wordt verwacht. Hier ligt een relatie met de Kritische Prestatie Indicatoren (KPI’s) die zijn opgenomen in de subsidiebeschikkingen vanuit het sociaal domein. De KPI’s maken jaarlijks bij de toekenning van de subsidie duidelijk welke prestaties van de subsidieontvanger worden verwacht en zijn dus meer op het nu gericht. De KPI’s bestaan enerzijds uit feitelijke indicatoren rond zaken als bestuursvorm, jaarcyclus, benodigde contracten, enzovoort. En anderzijds uit indicatoren die zich richten op resultaten en effecten. Daarbij gaat het bijvoorbeeld om soorten activiteiten, het bereik van doelgroepen en de bijdrage aan maatschappelijke doelen. Deze laatste categorie KPI’s zal niet elk jaar gelijk zijn, maar ontwikkeling kennen en de doelen uit het ontwikkelkader weerspiegelen. Ook bij de kleinere dorpshuizen en bij de afspraken met exploitanten van andere voorzieningen (zwembad, sporthal) kan het ontwikkelkader als basis dienen voor besluitvorming.
Startnotitie beleidsplan Maatschappelijk vastgoed en dorpshuizen
Pagina 10 van 13
4 Vervolg 4.1
Benodigde uitwerking en informatie Met deze startnotitie is afgebakend waar het beleidsplan over gaat, maar daarmee is het er nog niet. De methode van toewijzing en het ontwikkelkader vragen om nadere uitwerking en gesprekken met partners hierover. Voor het afronden van het integraal toekomstbeeld en de voorkeursoplossing voor beheer van dorpshuizen is extra informatie nodig. Integraal inzicht in beschikbaar maatschappelijk vastgoed en aanbod activiteiten Informatie hierover is nu versnippert beschikbaar en moet mogelijk worden aangevuld. Vervolgens moet deze informatie gestructureerd inzichtelijk worden gemaakt, bijvoorbeeld door weergave op kaart. De gestructureerde en inzichtelijke informatie is nodig om een integraal toekomstbeeld te kunnen schetsen. Dit gaat enerzijds over informatie over aanbod van activiteiten en voorzieningen, zoals: -
Welke ontmoetingsmogelijkheden en activiteiten zijn er in de dorpen?
-
Door wie worden deze voorzieningen aangeboden?
-
Hebben we inzicht in hoeveel deze voorzieningen worden gebruikt en in welke behoefte ze voorzien?
-
Welke doelgroepen onderkennen we en worden deze bediend?
-
Geeft de demografische ontwikkeling per dorp inzichten die hierbij relevant zijn?
-
Zijn er dorpen waar aanbod mist of juist veel aanbod is?
-
Wat zijn sterke en zwakke punten van het aanbod per dorp?
En anderzijds om informatie over de beschikbare ruimte, zoals: -
Gemeentelijk maatschappelijk vastgoed in eigendom;
-
Overig maatschappelijk vastgoed (Cazas Wonen, kerken, scholen, sportverenigingen, etc.);
-
Gronden met opstalrecht;
-
Typering vastgoed (gymzaal, verenigingsruimte, dorpshuis, overig);
-
Welke ruimtebehoefte is er bij maatschappelijke partners?
-
Wat is de bezettingsgraad van het vastgoed?
-
Welk gebied bedient dit vastgoed?
Door deze informatie te combineren ontstaat een beeld van de huisvestingsbehoefte per dorp. En wordt in het toekomstbeeld vastgelegd welk maatschappelijk vastgoed daarvoor nodig is. Welke rol het gemeentelijk maatschappelijk vastgoed daarin speelt. En of er kansen zijn maatschappelijk vastgoed slimmer in te zetten. Onderzoek voorkeursoplossing gebouw en exploitatie In het onderzoek worden de consequenties van verschillende oplossingsrichtingen op een rij gezet. Dat gaat enerzijds om de denkbare modellen en de implicaties die daar bij horen (fiscaal, juridisch, financieel). En anderzijds om de specifieke situatie in De Ronde Venen.
Startnotitie beleidsplan Maatschappelijk vastgoed en dorpshuizen
Pagina 11 van 13
Voor wat betreft de verantwoordelijkheden die horen bij de eigenaar van het gebouw, analyseert het onderzoek de voor- en nadelen voor de verschillende betrokkenen van de opties rond eigendom van dorpshuizen: -
Van grond, gebouw of beide;
-
Gemeente of stichtingsbestuur.
Ook voor de exploitatie van een dorpshuis bestaan verschillende constructies, waarvoor de vooren nadelen voor de verschillende betrokkenen op een rij worden gezet: -
Stichting, vrijwilligers en/of professionele partners;
-
Sport- of vastgoedbedrijf of andere professionele partij;
-
Commerciële partij.
Op dit moment ondersteunt de gemeente een aantal aspecten van dorpshuizen: -
Activiteiten;
-
Exploitatie, dagelijks onderhoud en beheer;
-
In stand houding van het gebouw.
Het onderzoek moet antwoord geven op de vraag welk model voor eigendom en bekostiging het meest recht doet aan de functie van grote dorpshuizen en via welke stappen naar een gewenst model kan worden toegewerkt. Daarbij wordt gekeken naar oplossingen voor De Phoenix en het Veenweidebad, omdat hier volgens vergelijkbare beheerconstructies wordt gewerkt. Het onderzoek doet daarnaast uitspraak over de kleine dorpshuizen en of daar mogelijkheden zijn de afspraken rond bekostiging te verbeteren of verduidelijken. Op deze manier krijgen we antwoord op de vraag op welke manier de continuïteit en kwaliteit van voorzieningen geborgd worden in meerjarige afspraken tussen gemeente en partners over gebruik van (gemeentelijk) maatschappelijk vastgoed.
4.2
Implementatie Stapsgewijs naar gewenste situatie Het beleidsplan bepaalt niet alleen op een aantal punten de gewenste situatie of werkwijze, maar geeft ook aan via welke stappen deze situatie kan worden bereikt. Daarbij spelen de verschillen die historisch tussen dorpshuizen en andere partners zijn ontstaan een belangrijke rol. Waar de gewenste situatie afwijkt van de bestaande wordt in overleg met de betrokken partners bepaald via welk pad de verandering wordt ingezet. Dit zal altijd maatwerk zijn, waarbij in de tijd voor logische momenten wordt gekozen om stappen te zetten. Continuïteit Het is voor alle betrokkenen prettig wanneer er continuïteit en voorspelbaarheid zit in de wijze van samenwerking, de rol van de gemeente en de kwaliteit van geleverde prestaties. Voor de uitvoering van het beleidsplan is het belangrijk dat iedereen elkaar goed weet te vinden. Dat verwachtingen over en weer helder zijn en dat er afspraken liggen over hoe eventuele knelpunten worden geagendeerd. In het beleidsplan wordt de basis hiervoor gelegd.
Startnotitie beleidsplan Maatschappelijk vastgoed en dorpshuizen
Pagina 12 van 13
Inzichten van partners en gebruikers Voor de uitwerking van het beleidsplan en het maken van afspraken over de uitvoering ervan zijn de inzichten en behoeften van alle betrokkenen nodig. In aanloop naar het beleidsplan gaat de gemeente met deze partijen in gesprek. Dat gaat om besturen van dorpshuizen, Cazas Wonen, exploitanten van gemeentelijk vastgoed (zwembad, sporthal) en gebruikers van maatschappelijk vastgoed. Die laatste groep omvat een breed scala aan activiteiten en voorzieningen. Van gezelligheidsverenigingen en sport tot de Voedselbank en Tympaan-De Baat. Inzet van deze gesprekken is om een volledig beeld te krijgen van de belangen en wensen die spelen. En waar mogelijk kansen te benutten.
Startnotitie beleidsplan Maatschappelijk vastgoed en dorpshuizen
Pagina 13 van 13