beantwoordingTechnische vragen Veenenergie 1 mei
Tekst van het document
Technische vragen
Fractie PvdA/GroenLinks 1. De indieners geven aan dat voor de lening bij BNG een borgstelling door de gemeente moet worden afgegeven. Is door de indieners met BNG gesproken over deze lening/mogelijkheid? Zo ja, is BNG bereid de coöperatie te financieren? Antwoord: Ja, er is door ons indieners gesproken met de BNG. De BNG is bereid de lening te verstrekken onder borgstelling door de gemeente met in achtneming van de juiste formulering, zoals die in het raadsvoorstel staat beschreven. Van die omschrijving mag niet worden afgeweken.
2.
Welk bedrag is BNG bereid te financieren?
Antwoord: De BNG is bereid een bedrag te financieren waarvoor de gemeente garant staat. Dat betekent niet dat de BNG niet naar de businesscase kijkt. Vanuit de zorgplicht van de BNG kijkt de BNG als een normale financier naar de gevraagde lening en de businesscase. 3. Gaat het om een lening uit het BNG duurzaamheidsfonds? Voor deze leningen is geen borgstelling van de overheid nodig. Is dat bij u bekend? Zo nee, bent u bereid om uw investeringsplan bij BNG voor te leggen?
Antwoord: Het gaat niet om een lening uit het duurzaamheidsfonds. Zo’n lening uit het duurzaamheidsfonds is vergelijkbaar met “normale” bankleningen, waar ook “normale” voorwaarden, zoals rentepercentages aan verbonden zijn. Er is, gezien het maatschappelijk karakter van het project, bewust voor gekozen om voor een lening met borgstelling door de gemeente te
gaan, om inwoners van de gemeente maximaal te kunnen laten profiteren van dit project.
4. De indieners geven aan voor de omgevingsvergunning een vrijstelling voor de leges te willen hebben. Kan de indiener aangeven wie de omgevingsvergunning gaat aanvragen? Antwoord: De coöperatie Veenergie.nu u.a. gaat de omgevingsvergunning aanvragen
5. De indieners verzoeken het college stappen te zetten voor een (tijdelijke) bestemmingswijziging. De gemeente en provincie staan binnen het ruimtelijke instrumentarium momenteel geen zonnevelden toe. Daar komt met de inwerkingtreding van de nieuwe provinciale Omgevingsvisie- en verordening verandering in. Zowel door de gemeente als door de provincie worden hierbij wel voorwaarden gesteld. Wij hebben de volgende ambtelijke vraag: Wij hebben het plangebied op de kaart bekeken en volgens ons ligt dit gebied in het Natuur Netwerk Nederland. Klopt dit? Antwoord: Het plangebied ligt in NNN 6. Zo ja, dan moet vanuit de nieuwe voorwaarden van de provincie de opbrengst van het zonneveld onder meer gebruikt worden voor realisatie van natuur na afloop van de planperiode. Onze vraag aan de indiener: Is deze investeringsverplichting meegenomen in de business case? Antwoord: In de businesscase is voldoende geld opgenomen om het gebied weer in de oude staat terug te brengen, waarmee aan de gestelde voorwaarde wordt voldaan 7. Op welke wijze krijgen leden van de coöperatie energiekosten vergoed via de postcoderoosregeling? Wordt hier bedoeld de teruggave van energiebelasting via de postcoderoosregeling (de fiscale benaming is de Regeling Verlaagd Tarief) of heeft u hier een ander vergoedingsmodel voor ogen? Graag een toelichting hierop, met een rekenvoorbeeld voor een gezin.
Antwoord: In de postcoderegeling of Regeling Verlaagd Tarief is het wettelijk geregeld dat de energiebelasting voor zover het niet de opslag duurzame energie betreft wordt teruggegeven. In principe moet elke afnemer dit individueel aanvragen. Zoals in het raadsvoorstel is opgenomen draagt de afnemer van stroom het terugvragen van de energiebelasting verplicht over aan de coöperatie. De coöperatie gebruikt een klein deel van deze terug te ontvangen energiebelasting voor een deel voor de exploitatie van het veld. Afnemers krijgen echter een stroomprijs van € 0,12 excl. BTW oftewel € 14,51 inclusief BTW per KWh. Dat betekent een aanzienlijke reductie van de prijs per KWh die op dit moment tenminste € 0,20 per KWh bedraagt. Bij een gemiddeld gebruik van 3000 KWh bedraagt het voordeel voor de afnemer dus tenminste € 165. De coöperatie heeft het aanvragen van de energiebelasting overgedragen aan de energieleverancier EnergyZero als onderdeel van het service pakket, waar € 5 per maand voor moet worden betaald. Deze € 5 per maand is marktconform. Zo vraagt Eneco € 4,99 per maand. In de businesscase is in het tarief van € 0,12 excl. BTW rekening gehouden met teruggave door de Belastingdienst na afloop van een kalenderjaar. 8. De planperiode van het veld is een periode van 15 jaar.
Wordt het veld daarna opgeruimd of blijft het staan zolang de levensduur het volhoudt, met een vanuit de provinciale regelgeving maximum van 25 jaar? Antwoord: De planperiode is inderdaad 15 jaar. Reden daarvoor is: De postcoderegeling en daarmee de teruggave energiebelasting geldt voor 15 jaar. Onbekend is of er daarna ook een regeling komt
voor zelf opgewekte energie. Om die reden is ook de businesscase uitgewerkt voor 15 jaar, waarna het hele zonneveld in financiële zin is afgeschreven, is afgelost en alle (rente)kosten zijn betaald. Wat over blijft is een zonneveld dat technisch gezien nog een aantal jaren mee kan. Om die reden is in de oprichtingsakte ook in artikel 21 lid 3 opgenomen dat in het veertiende jaar de leden moeten bepalen wat er met het veld gebeurt. Een aanvullende reden is dat gewerkt wordt met een tijdelijke ontheffing van het bestemmingsplan en daar past die 15 jaar in, zeker gezien de looptijd van de postcoderoosregeling. Bij een eventuele verlenging van de ontheffing naar 25 jaar staat er na 15 jaar een werkend zonneveld, dat stroom kan leveren, echter zonder postcoderoosregeling. Dat betekent dat de stroomprijs ca. € 0,04 lager kan zijn dan de huidige variabele stroomkosten, die ongeveer € 0,08 bedragen. Dat betekent bij een gemiddeld gebruik van 3000 KWh per huishouden een voordeel van ca. € 120 per jaar. Echter niemand weet wat de stroomprijs op termijn gaat doen, noch weten we met welke overheidsregelingen we dan te maken gaan krijgen. Technisch gezien levert een zonneveld elk jaar iets van het rendement in. De totale piekopbrengst van de jaren na het 15e levensjaar zal dan ook minder zijn dan hiervoor.
9. Mocht het veld blijven staan, eindigt dan de huurovereenkomst tussen eigenaar en coöperatie? Zo niet: tegen welke voorwaarden loopt de huur door en blijft de stroomvergoeding voor leden van de coöperatie na die 15 jaar dan ook doorlopen? Zo wel: klopt het dat de eigenaar van de grond door natrekking dan de eigenaar wordt van zonnepanelen? Antwoord: De huurovereenkomst zal een huurprijs bevatten voor de looptijd gelijk aan het bestaan van het zonneveld. De kosten samenhangende met de huur van de grond kan wel hoger komen te liggen indien lokale en/of landelijke overheden ten opzichte van nu extra belastingen en/of heffingen op het benutte land leggen voor de exploitatie van het zonneveld. De grondeigenaar zal deze lasten doorberekenen. 10. Daarop aanvullend. Voor de aanleg van het zonneveld wordt een dure stroomkabel getrokken om de energie van het zonneveld te kunnen vervoeren. Deze komt, naar wij aannemen, als onderdeel van de totale aanlegkosten voor rekening van de coöperatie. De kabel wordt echter eigendom van de eigenaar van de grond. Welke bijdrage levert de eigenaar van de grond voor dit deel van de investering? Antwoord: Stedin legt een kabel aan indien de aanvrager beschikt over een EAN code. Die EAN code wordt door de Belastingdienst uitgegeven aan de coöperatie Veenergie. De aanlegkosten zijn dan ook logischerwijs voor de coöperatie.
De kosten daarvan zijn verwerkt in de businesscase. Het eigendom ligt bij Stedin. Het ligt daarom niet in de rede dat de eigenaar van de grond een bijdrage zou moeten leveren.
11. Klopt het dat leden voor het ontvangen van de vergoeding via de door u genoemde postcoderoosregeling, niet meer hoeven te betalen dan de lidmaatschapskosten van 10 euro per jaar? Antwoord: Dit klopt, met dien verstande en met verwijzing naar de beantwoording van vraag 7) dat de leden de teruggave energiebelasting terugkrijgen in een lagere stroomprijs. Reden dat hiervoor is gekozen, is dat elke inwoner van De Ronde Venen, ongeacht de omvang van zijn of haar portemonnee, kan profiteren van een lagere stroomprijs.
12. Hoe is de aansprakelijkheid van de leden van de coöperatie geregeld voor de schulden van de coöperatie?
Antwoord: De coöperatie Veenergie.u.a. is zoals de naam aangeeft een coöperatie met uitgesloten aansprakelijkheid. Dit betekent dat individuele leden niet aansprakelijk zijn voor eventuele tekorten. Zie hiervoor artikel 8, waarvan de tekst luidt: “De leden zijn tegenover de coöperatie niet aansprakelijk voor een tekort “
13.
Hoe is het opheffen en de liquidatie van de coöperatie geregeld?
Antwoord: hiervoor verwijzen we naar artikel 21 in de oprichtingsakte.
14. Wordt de aanschaf van de panelen door de coöperatie gedaan, en dus ook door de coöperatie betaald? Zo niet, wie doet de aanschaf en betaling?
Antwoord: Inderdaad, de coöperatie schaft aan en gaat ook alle verplichtingen aan.
15. Indien de lening door de coöperatie wordt aangegaan, zijn de opbrengsten van de coöperatie uit de verkoop van de stroom en de ontvangen subsidie voldoende om gedurende de looptijd de rente en aflossingen en mogelijke onderhoudskosten en andere kosten op te brengen? Kunt u dit aantonen aan de hand van een rekenmodel? Antwoord: We moeten hier echt verwijzen naar de businesscase, die bij het raadsvoorstel is gevoegd. Alle door u genoemde kosten, maar ook verzekeringen e.d., maar in oude staat herstellen van de grond na afloop van de 15 jaarstermijn kunnen worden betaald. Om die reden wordt ook een deel van de teruggave energiebelasting benut voor de exploitatie. Indien gewenst kan de financiële kant van de exploitatie worden toegelicht. De samenvatting hiervan is door de griffie bij de (vertrouwelijke) raadsstukken gevoegd.
16.
Klopt het dat de coöperatie de eigenaar is van de zonnepanelen?
Antwoord: De coöperatie is inderdaad eigenaar van de zonnepanelen en andere benodigde investeringen. 17. Klopt het dat de coöperatie de huurder is van de grond? Zo ja, wat is de huurvergoeding aan de eigenaar van de grond? Hoe luiden de overige voorwaarden in de huurovereenkomst? Wat is de looptijd? Antwoord: De coöperatie is inderdaad huurder van de grond. De huurvergoeding bedraagt € 1 per jaar met een looptijd van 15 jaar. Overige voorwaarden zijn o.a. dat de coöperatie onderhoud verricht, zoals maaien en slotenonderhoud, maar ook de verplichting van de coöperatie na afloop van de 15 jaar het perceel weer in oude staat op te leveren.
ChristenUnie-SGP 1.
Oppervlakte is 7,2 ha (72.000 m2) incl. watergangen. Wat is het effectieve grondbeslag voor
de zonnepanelen? 6,5 ha (zoals vermeld op pag. 2 van de ruimtelijke onderbouwing)? Maar het voorstel spreekt ook van panelen boven water. Dus wat is het nu? Antwoord: de totale oppervlakte van het perceel is 7,2 ha, waarvan ca 6,5 ha. gebruikt wordt voor zonnepanelen. Dat betreft zonnepanelen op grond, maar ook op het water. Op het water worden transparante (doorzichtig) panelen gebruikt, waardoor het onder water leven nauwelijks wordt beïnvloed. Bovendien hebben deze panelen door de spiegelwerking een hogere opbrengst per paneel. 2. De grondeigenaren stellen de grond voor een symbolisch bedrag (€ 1 per jaar) beschikbaar. Waar zit het voordeel voor de grondeigenaren? Wat is hun motivatie om dit te doen? Antwoord: Het bedrag is inderdaad € 1 per jaar voor het hele perceel. Het enige voordeel dat de eigenaar heeft is dat hij niet meer hoeft te maaien en slootonderhoud hoeft uit te voeren. Het symbolische bedrag van € 1 is nodig om het huurcontract juridisch een titel te geven. Dat dit bedrag niet hoger is moet worden gezien als maatschappelijk verantwoord. De basis van dit initiatief wordt in belangrijke mate gevormd door een zuivere, wellicht historische coöperatieve gedachte. Er zijn ook eigenaren die nutsmaximalisatie niet vertalen naar winstmaximalisatie maar naar maximale maatschappelijke participatie. 3.
Uit de businesscase blijkt dat aan het eind van de duur er nog wel een “winst” begroot is. De Coöperatie zegt geen winstoogmerk te hebben. Wat is de bedoeling dan wel bestemming van de winst bij het einde van het project? Antwoord: Wat u “winst” noemt is een bedrag bedoeld om aan de verplichting te voldoen om na afloop van de 15 jaar de gronden weer in oude staat terug te brengen.
VVD 1.
Klopt het dat dit gebied grotendeels valt binnen het NNN gebied? Zo ja heeft er een provinciale toetsing plaatsgevonden? Zo ja, kunt u deze ter beschikking stellen?
Antwoord: Het gehele gebied valt binnen NNN. Er heeft nog geen provinciale toetsing plaatsgevonden. In het raadsvoorstel wordt staat onder beslispunt 1. het volgende: Het college van B&W opdracht te geven om een procedure te starten tot een tijdelijke afwijking van het bestemmingsplan voor de duur van 15 jaar t.b.v. het realiseren van een zonneveldenpark in het beoogde plaatsingsgebied achter de Herenweg 293 te Vinkeveen Indien een procedure wordt gestart tot het tijdelijk afwijken van het bestemmingsplan zal, net als met alle andere omgevingsvergunningen, de gehele procedure doorlopen moeten worden, waaronder toetsing aan provinciaal beleid. Ten aanzien van het provinciale beleid staat in de POVI dat beleid omschreven als volgt: Mogelijkheden voor zonne-energie Voor zonne-energie hebben wij de voorkeur voor (de meestal relatief dure) plaatsing van zonnepanelen op daken, gevels en infrastructurele werken boven veldopstellingen, omdat zonnepanelen op deze plekken doorgaans minder invloed hebben op de kenmerken of identiteit van een gebied. Om aan de gestelde energiedoelen te voldoen zijn echter ook zonnevelden nodig, bij voorkeur op gronden met een andere functie dan landbouw of natuur, zoals waterzuiveringsinstallaties, vuilnisbelten, binnenwateren, langs van spoor- en autowegen en kanalen. Ook hierbij gaat onze voorkeur uit naar het zoeken van slimme functiecombinaties,
waarbij, met gebruikmaking van creatieve toepassingen, ruimtelijke kwaliteit kan worden gerealiseerd. Daarnaast zien wij kansen om zonnevelden te combineren op locaties zoals als buffer rondom natuurgebieden, op sommige waterplassen en in combinatie met recreatie. Met al deze voorkeurslocaties binnen de provincie Utrecht is onvoldoende oppervlak beschikbaar om onze energieambities te behalen. Ook zonnevelden gecombineerd met landbouw of op gronden met lage natuurkwaliteit is nodig om aan onze energie-ambities te voldoen. Deze voorkeursvolgorde houdt geen volgtijdelijkheid in.
2. Wat is het effect op de natuur? Heeft er een flora en fauna toets plaatsgevonden? Zo ja, kunt u deze doen toekomen? Antwoord: Onder verwijzing naar de beantwoording van vraag 2 zal bij het doorlopen van de procedure om af te wijken van het bestemmingsplan een flora- en faunatoets deel uit maken van de procedure. In de ruimtelijke onderbouwing, die bij het raadsvoorstel is gevoegd staat over dit onderwerp het volgende vermeld: Ecologie De Flora- en faunawet staat de uitvoering van het plan niet in de weg. De voorgenomen ontwikkeling leidt niet tot negatieve effecten op beschermde natuurgebieden of beschermde soorten. Het aspect ecologie vormt dan ook geen belemmering voor de uitvoering van het plan. 3. Zijn er vergelijkbare garantstellingen bij dit soort projecten door andere gemeenten aangegaan? Zo ja onder wat voor een voorwaarden is dit gebeurd? Antwoord: Het onderhavige burgerinitiatief is uniek in Nederland, door de combinatie van wijze van financiering met garantstelling, de inbreng van grond, maar bovenal de maatschappelijke participatie van inwoners, zonder een financiële inbreng (investering) te vragen van dezelfde inwoner.
4. Er is een termijn van 15 jaar aangehouden, hoe gaat de afhandeling na 15 jaar plaatsvinden (beëindiging/ liquidatie corporatie, eigenaarschap panelen, opbrengsten)? Antwoord: In artikel 21 van de oprichtingsakte staat hierover het volgende vermeld, waarbij we lid 3 graag extra onder uw aandacht brengen: Artikel 21 1. De coöperatie kan worden ontbonden door een besluit van de algemene vergadering. Het bepaalde in de leden 1, 2 en 3 van het voorgaande artikel is van overeenkomstige toepassing. 2. Het batig saldo na vereffening vervalt aan degenen die ten tijde van het besluit tot ontbinding lid waren. Ieder van hen ontvangt een gelijk deel. Bij het besluit tot ontbinding kan echter ook een andere bestemming aan het batig saldo worden gegeven. 3. in het veertiende jaar na oprichting van de coöperatie, zal een bijzondere algemene vergadering worden gehouden om het voortbestaan van de coöperatie te evalueren.
5. Is het zo dat de eigenaar de grond gedurende de looptijd niet kan verkopen aan een andere partij? Antwoord: Koop breekt geen huur Artikel 7:226 BW bepaalt dat overdracht van een verhuurde zaak geen einde maakt aan de
huurovereenkomst. De koper treedt tegenover de huurder in al die rechten en verplichtingen van de oorspronkelijke verhuurder (de verkoper), die onmiddellijk verband houden met het doen hebben van het gebruik van de zaak tegen een door de huurder te betalen prijs. Deze bepaling is van dwingend recht; in die gevallen kan dus niet bij overeenkomst worden afgeweken van dit artikel. Wettelijk gezien is de eigenaar gerechtigd het perceel te verkopen, maar de intentie om te verkopen ontbreekt geheel.
6. Wat is de regeling als de eigenaar van de grond onverhoopt iets overkomt in de doorlooptijd van 15 jaar?
Antwoord: Voor een eigenaar, ongeacht of dit een natuurlijke- of rechtspersoon is geldt dat Koop geen huur breekt, zie ook vraag 5. In dit geval is de eigenaar een rechtspersoon. In het ergste geval gaat deze rechtspersoon failliet. Ook dan geldt dat de overnemende partij de huurovereenkomst moet respecteren, gezien Artikel 7: 226 BW. Aan de gestelde vragen onder 5 en 6 hierboven willen we nog toevoegen dat er geen privaatrechtelijke beperking is aan de kant van verhuurder om de grond voor 1 euro per jaar te verhuren. Dit betekent dat elke overgang van de grond onder welke titel dan ook (bijvoorbeeld faillissement van verhuurder) niet zal leiden tot aantasting van het huurrecht.
R. Bultena, voorzitter
A.J.C. Goldhoorn, secretaris