CConstaterende datDe Ronde Venen
Koppel je AI →
Document · PDF

Beantwoording technische vragen PvdAGroenLinks

Gecombineerde commissies 17 mei 2021, gemeente De Ronde VenenBij agendapunt: 2. Technische vragen die voorafgaand aan de technische commissie gesteld zijn1.287 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Technische vragen Fractie PvdA/GroenLinks Technische commissie zoekgebieden zon wind, maandag 17 mei 2021 1. Zoekgebieden zon en wind Technische vragen: 1. Het raadsvoorstel stelt voor om achtereenvolgens eerst vier gebieden open te zetten voor het doorlopen van het gebiedsproces, en pas daarna de vier volgende gebieden. Na het sluiten van het 4e gebied zijn een aantal jaar verstreken, zo valt te lezen in het stuk. Hoe ziet dit proces eruit in de tijd? Hoelang duurt een gebiedsproces naar verwachting en wanneer wordt besloten om door te gaan naar het volgende gebied? Antwoord: we kunnen dit nog niet precies zeggen, omdat veel afhangt van hoe het in het gebied gaat. We verwachten dat een gebiedsproces in ieder geval een jaar duurt. Na een jaar informeren wij u over hoe het gaat met het gebiedsproces binnen het eerste zoekgebied. Ook de ruimtelijke procedure hangt sterk af van de uitvoering van de participatie. Maar ook van de benodigde ruimtelijke procedures in dat specifieke gebied. We sluiten niet uit dat we ook gebieden op hetzelfde moment openstellen. Nadat de raad een besluit over de zoekgebieden neemt werken wij de planning van het vervolg verder uit en informeren we de raad hierover. Om u een duidelijk beeld te geven van dit proces sturen we een infographic mee. Hierin beschrijven wij het gebiedsproces en de stappen erna.

Zoals ook in het raadsvoorstel Zoekgebieden voor zonnevelden en windmolens en bijlage 2 staat. 2. Hoe wordt omgegaan met initiatieven die wenselijk zijn, weinig beleidsbeperkingen kennen en kunnen rekenen op voldoende draagvlak, maar gelegen zijn in een zoekgebied dat (nog) niet open is gezet of bij de vier eerste gebieden hoort? Antwoord: Conform het raadsvoorstel nemen we deze initiatieven pas in behandeling als de aanbesteding start in dit zoekgebied. Als daar goede redenen voor zijn dan kunnen deze initiatieven mogelijk behandeld worden als versnellingsproject. 3. In de RES U16 wordt van De Ronde Venen verwacht dat we niet alleen zoekgebieden aandragen, maar ook onze verwachte bijdrage voor het jaar 2030. Gegeven het te doorlopen tijdspad van de zoekgebieden, welke opwek wordt er dan verwacht in 2030? Wordt dit ook als dusdanig opgenomen als doel in de RES 1.0? Antwoord: Zoals aangegeven in de Informatienota ‘Bijdrage van De Ronde Venen aan de RES 1.0’ geeft de gemeente voor nu geen bod op voor 2030. Als de gemeenteraad besluit het raadsvoorstel Zoekgebieden voor zonnevelden en windmolens vast te stellen, vertalen we ons doel tot 2040 naar een haalbare bijdrage in 2030. Dit delen we met de gemeenteraad en de RES U16. We verwachten dit in het najaar van dit

jaar te doen. 4. In de Beleidsnota zoekgebieden zon en wind wordt de historische buitenplaatszone benoemd. Deze onder meer langs de Angstel. Het gebied ten oosten van de Angstel is om onder meer deze reden uitgesloten voor zonnevelden en windmolens. Het deel ten westen van de Angstel bevindt zich echter binnen een geschikt zoekgebied. Tegelijkertijd wordt aangegeven dat voor dit gebied vooral gedacht wordt aan zonnevelden/windmolens langs de snelweg. Betekent dit ook dat dit deel van de historische buitenplaatszone niet is uitgesloten voor windmolens/zonnevelden? Zo ja, wat is de motivering hiervoor? Antwoord: Ja dat klopt. De ‘historische buitenplaatszone’ is niet de belangrijkste reden waarom we Angstel oost hebben uitgesloten voor zonnevelden en windmolens. Angstel oost is beperkt van omvang en windmolens zijn er niet mogelijk door geluidsnormen. Dit maakt dat er weinig ruimte is voor inwoners om in het gebiedsproces keuzes te maken. Ook komen zonnevelden al gauw dichtbij bebouwing te staan, en altijd in cultuurhistorisch waardevol gebied. Angstel west daarentegen is groter van omvang, en de snelweg biedt een goede mogelijkheid tot inpassing van zonnevelden en windmolens langs grote infrastructuur. Dit biedt meer mogelijkheden en ook meer keuzeruimte. 5. Gebied K kent als één van de weinige zoekgebieden vrijwel geen beleidsbeperkingen.

Toch zit dit gebied in de tweede tranche van geschikte zoekgebieden. Wat is hier de reden voor? Antwoord: De polder Groot Wilnis Vinkeveen west kent inderdaad in verhouding weinig beleidsbeperkingen. Op basis daarvan en de resultaten van de participatie stellen we voor dit gebied te benoemen als zoekgebied voor zonnevelden en windmolens. Er zijn een aantal redenen waarom dit gebied lager op de volgorde staat in de rij van zoekgebieden. Een van die redenen is de landschappelijke kwaliteit van het gebied. Dit gebied bestaat uit veengrond, wat wij een hogere waarde geven dan droogmakerijen (polders rond Mijdrecht en Wilnis). Ook is dit een open gebied met een van de langste zichtlijnen in de gemeente. Daarnaast wordt in dit gebied door de provincie geïnvesteerd in een drainagesysteem zodat boeren kunnen blijven boeren in deze polder. Tot slot zijn zonnevelden tot 10 hectare hier niet (goed) aansluitbaar. Tegelijk verwachten we voor grotere zonnevelden en windmolens geen aansluitproblemen. Als resultaat van deze afweging staat de polder Groot Wilnis Vinkeveen west op de 6e plaats. De raad kan na sluiting van de eerste 4 zoekgebieden de volgorde van de andere zoekgebieden vaststellen. 6. Het stedelijk gebied is uitgesloten als zoekgebied, tegelijkertijd wordt de plaatsing van windmolens op industrieterreinen weleens benoemd door inwoners. Zo staat er

bijvoorbeeld al een windmolen op het industrieterrein van Mijdrecht. Welke beperkingen gelden er op de bedrijventerreinen in onze gemeente voor de plaatsing van windmolen(s) en in hoeverre zijn deze beperkingen hard? Antwoord: Windmolens moeten aan strenge veiligheidseisen voldoen. Windmolens worden op veiligheid gekeurd en gecertificeerd. Om risico’s te beperken gelden afstandseisen tot verschillende gebouwen en objecten. Windmolens moeten hiertoe de afstand houden die uit de veiligheidsberekeningen blijkt. Daarnaast moeten windmolens voldoen aan de wettelijke geluidsnormen die een windmolen bij geluidsgevoelige gebouwen mag produceren. Het beschermingsniveau op de gevel bedraagt gemiddeld 47 decibel overdag en gemiddeld 41 decibel ’s nachts (zie ook 2.6.4. in de Beleidsnota zoekgebieden voor zonnevelden en windmolens). Voordat een vergunning voor een windturbine wordt verleend, wordt er een akoestisch onderzoek uitgevoerd. Het geluid naar de omgeving wordt berekend. Daarbij wordt rekening gehouden met het geluid dat de windturbine produceert en de eigenschappen van de omgeving. Ook moet een windmolen voldoen aan de normen voor slagschaduw. Slagschaduw mag gemiddeld niet meer dan 17 dagen per jaar en meer dan 20 minuten per dag optreden. Dit geldt voor woningen binnen een straal van 12 keer de rotordiameter. In de rechtspraak wordt vaak een maximale duur van 6 uur gehanteerd.

De windmolen wordt uitgerust met een stilstandvoorziening. Hierdoor schakelt de turbine automatisch uit als slagschaduw daadwerkelijk optreedt 7. Per zoekgebied is een minimum en maximum opwek bepaald. Met het minimum in de geschikte gebieden kan de doelstelling van klimaatneutraal 2040 behaald worden. Het stellen van ook een maximum is om reden van de draagkracht van het landschap, zo valt in de beleidsnota te lezen. Hier kan wel van afgeweken worden via een nieuw raadsbesluit. Waarom is er niet gekozen om dat maximum aan het gebiedsproces te laten, en dus aan de initiatieven die er in een gebied ontstaan, het gesprek met inwoners en het draagvlak dat daarbinnen ontstaat? Antwoord: We willen voorkomen dat het gebiedsproces tot een invulling leidt die de draagkracht van het zoekgebied overschrijdt. Daarom is gekozen om een bovengrens op te nemen die alleen kan worden overschreden wanneer dat expliciet door de raad is besloten. Voor de berekening van het maximum hebben we de minimum opwek maal 3 gedaan. De raad kan ook een ander maximum stellen. 8. Hoe wordt in het gebiedsproces rekening gehouden met mogelijke opwek in nabijgelegen zoekgebieden of gemeenten en de invloed die dit op elkaar heeft? Antwoord: Tijdens het gebiedsproces voeren we gesprekken met buurgemeenten om duurzame opwek in grensgebieden goed op elkaar af te stemmen.

Ook voeren we gesprekken met Stedin en Liander zodat zij gericht investeren op plekken in het netwerk waar duurzame opwek plaats gaat vinden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10118467/1