260624 Beantwoordgin technische vragen - PRO - Programmarekening 2025 (aangevuld)
Tekst van het document
Gemeenteraad De Ronde Venen Vragen vanuit de Raad aan het College A. B. C.
Technische vragen B
Schriftelijke vragen als bedoeld in artikel 40 Reglement van orde (beantwoording binnen 30 dagen) Technische vragen vergadering (beantwoording zo snel mogelijk) (Technische vragen overig)
Indiener: Fractie: Datum van Indienen: Onderwerp:
Pieter Kroon, PRO PRO 16-6-2026 Programmarekening 2025
Portefeuillehouder Behandelend ambtenaar: Coumou, Melody Liefhebber, Gerda van Dijk Datum beantwoording: Volgnummer:
Anja Vijselaar Gilbert Okx, Geert Kieviet, Tessa Klik of tik om een datum in te voeren. Klik of tik om tekst in te voeren.
Inleiding n.v.t. Vragen: 1. Op pagina 54, actie 1.3.2., van de programmarekening wordt aangegeven dat er geen economische visie is opgesteld en dat hier in 2026 uitvoering aan wordt gegeven. Er staat echter geen reden bij. Wat is de reden dat deze actie niet in 2025 is uitgevoerd? Antwoord: In 2025 lag de focus op het vaststellen van de Bedrijventerreinenstrategie en het opstellen van het inspiratiemagazine Maak Mijdrecht. Daarnaast speelt de keuze tussen een economische visie of een programma onder de Omgevingsvisie (vastgesteld november 2025). In 2026 verwachten we hierover meer duidelijkheid te krijgen en te starten met het opstellen van nieuw economisch beleid.
2. Op pagina 79 lezen we dat alle huisartsenpraktijken inmiddels over een POH-GGZ Jeugd beschikken. a. Hoeveel jongeren zijn er in 2025 door de POH-GGDZ Jeugd geholpen? Antwoord: In 2025 hebben 272 jeugdigen een intakegesprek met de POH-GGZ Jeugd gehad. b. In hoeveel gevallen daarvan is doorverwijzing naar specialistische jeugdhulp voorkomen?
Antwoord: Van de groep van 272 jeugdigen zijn 177 jeugdigen niet (alsnog) verwezen naar een vorm van specialistische jeugdhulp. c.
Zijn er wachtlijsten voor de POH-GGZ Jeugd? Antwoord: Nee, er zijn geen wachtlijsten voor de POH-GGZ Jeugd. Wel is het zo dat er momenteel een vacature uitstaat voor een POH-GGZ Jeugd, verbonden aan de huisartsenpraktijken in Abcoude en Baambrugge.
d. Zorgt de inzet van de POH-GGZ Jeugd inmiddels aantoonbaar voor besparing van zorgkosten? Zo ja, hoeveel kostenbesparing is dat? Antwoord: Het is helaas moeilijk vast te stellen in hoeverre preventieve inzet jeugdhulp voorkomt en zo ja, welke jeugdhulp precies. Allereerst kan een positieve ontwikkeling in de hulpvraag van jeugdigen ook samenhangen met andere factoren, zoals ontwikkelingen in de thuissituatie, schoolomgeving of natuurlijke herstelprocessen. Daarnaast doen kosten en baten zich vaak op verschillende plekken voor (bijvoorbeeld onderwijs, Sociaal Domein of specialistische jeugdhulp), en zijn deze niet altijd direct aan elkaar te koppelen. Ook variatie in problematiek, verwijspatronen en externe ontwikkelingen in de jeugdhulp maken het moeilijk om (financiële) effecten specifiek toe te schrijven aan de inzet van de POH-GGZ Jeugd. Wel valt uit de gegevens van De Ronde Venen op te maken dat een groot aantal van de jeugdigen met betrokkenheid van de POH-GGZ Jeugd niet (alsnog) leidt tot een verwijzing naar geïndiceerde jeugdhulp . 3. Op pagina 80 lezen we dat er meer inzicht is in de jeugdzorgkosten door de inzet van verschillende instrumenten en dat er hierdoor meer grip is. We zien ook dat de zorg- en uitvoeringskosten voor Wmo en jeugdzorg 441.000 euro lager zijn dan begroot. a.
Zijn deze lagere kosten het gevolg van de inzet van instrumenten? Zo nee, waar is dit wel het gevolg van? Antwoord: Met de inzet van het Programma Vizier op de toekomst hebben we een start gemaakt om de kosten voor Jeugdzorg en WMO beheersbaar te houden. Hierbij worden de inwoners in hun eigen kracht gezet en wordt een beroep op de zelfredzaamheid en samenredzaamheid van onze inwoners in de Ronde Venen. b. Is de verwachting dat dit effect structureel is? Antwoord: Het is moeilijk op dit moment al te onderbouwen dat de effecten structureel zijn. Zoals tijdens de Raadsacademie is besproken is de verwachting dat de kosten van Jeugd en Wmo zullen stijgen. Dit komt door maatschappelijke ontwikkeling zoals de vergrijzing, en het langer thuis wonen van ouderen. Voor Jeugd is dit de problematiek rondom de toenemende mentale klachten van jeugdigen in onze Gemeente. Tegelijkertijd wordt er ingezet op eigen kracht en laagdrempelige ondersteuning met als doel de kostenstijging te verminderen. 4. Op pagina 80 lezen we dat er een lokaal afwegingskader is vastgesteld tussen onderwijs en jeugdhulp. a. Hoe worden de effecten en resultaten hiervan gemeten? Antwoord: Het lokale afwegingskader onderwijs-jeugdhulp heeft als doel de wettelijke kaders van onderwijs en jeugdhulp te verduidelijken, discussies over
verantwoordelijkheden te voorkomen en professionals handvatten te bieden voor een goede samenwerking. Uiteindelijk moet dit bijdragen aan een snellere inzet van passende ondersteuning voor jeugdigen. Omdat het afwegingskader primair een instrument is om samenwerking en rolverduidelijking te bevorderen, worden de effecten in eerste instantie gemeten aan de hand van een evaluatie onder de professionals die ermee werken. Daarbij wordt gekeken naar de bekendheid en toepasbaarheid van het afwegingskader, de ervaren verbetering van de samenwerking, minder onduidelijkheid over verantwoordelijkheden en de mate waarin ondersteuning sneller tot stand komt. De uitkomsten worden gebruikt om te beoordelen of het afwegingskader moet worden aangepast of dat aanvullende initiatieven nodig zijn om de samenwerking tussen onderwijs en jeugdhulp verder te versterken. b. Hoeveel thuiszitters telde De Ronde Venen in 2025 en hoe ontwikkelt dit aantal zich de afgelopen jaren? Antwoord: Het aantal thuiszitters wordt door de Samenwerkingsverbanden niet per jaar, maar per peildatum bijgehouden. Het heeft volgens de Samenwerkingsverbanden geen zin om het per jaar bij te houden, omdat het aantal thuiszitters per dag kan verschillen. Het is een momentopname. De meeste thuiszitters wachten op een plekje op het speciaal onderwijs en stromen vrij snel door.
Het merendeel van de thuiszitters heeft wel een dagbesteding. De meest recente peildatum was maart 2026. Er waren toen in De Ronde Venen in het Primair Onderwijs 11 thuiszitters en in het Voortgezet Onderwijs 13 thuiszitters. Maar nogmaals dit is een momentopname. Het aantal kan nu heel anders zijn. De ontwikkelingen van de afgelopen jaren zijn lastig in kaart te brengen, omdat het om een momentopname gaat. We kunnen wel voorzichtig zeggen dat er de afgelopen jaren een toename te zien is van het aantal thuiszitters. Dat heeft te maken met meerdere oorzaken: gedragsproblematiek, toenemende psychische problematiek en het beperkte aantal plekken in het Speciaal Onderwijs. 5. Op pagina 120 lezen we dat er voor 925.000 euro ten onrechte niet Europees is aanbesteedt. In 2024 was dit nog ca. 1,4 miljoen. Hoe komt het dat er ten onrechte niet Europees wordt aanbesteed? Zijn de voorwaarden hiervoor onduidelijk of is er daarvoor een andere reden? Antwoord: De aanbestedingsregels zijn helder, maar in de praktijk ontstaan deze overschrijdingen vaak door onvoorziene omstandigheden. Veelvoorkomende oorzaken zijn historische contracten die noodgedwongen langer doorlopen, onvoorziene uitbreidingen van opdrachten, en prijsstijgingen (inflatie) waardoor een contractwaarde alsnog de Europese drempelwaarde passeert. We hebben dit door de jaren heen al succesvol teruggedrongen.
Die sterke dalende lijn zet zich voort: het bedrag daalt van € 1.404.000 in 2024 naar € 925.000 in 2025. Dit is een forse afname van ruim 34%, waarmee we aantonen dat onze inkoopsturing werkt.