250509 Brief provincie over amendementen BP VVP
Tekst van het document
PROVINCIE 2: UTRECHT Gemeente De Ronde Venen T.a.v. College van Burgemeester en Wethouders Postbus 250
3640 AG Mijdrecht
ONDERWERP DATUM DOCUMENTNUMMER
Bestemmingsplan
Vinkeveense Plassen
8-05-2025 USTP-
5-1397
VAN
E-MAILADRES DOMEIN/OPGAVE
SLO
TEAM
GRO
Geacht college,
U bent bezig met de laatste fase van het bestemmingsplan voor de Vinkeveense Plassen. We werken als Provincie Utrecht en gemeente De Ronde Venen de laatste jaren goed en intensief samen om tot een oplossing te komen voor dit unieke gebied. Het doel van het bestemmingsplan is om in het
gebied de cultuurhistorisch en landschappelijk waardevolle legakkerstructuur te behouden, de natuurwaarden te behouden en te versterken en het recreatief gebruik mogelijk te houden. Daarnaast streven we gezamenlijk naar een breed gedragen plan met uitvoerbare en handhaafbare regels. Er spelen veel verschillende provinciale belangen, zo ligt het plangebied binnen het Natuurnetwerk Nederland (NNN) en is het Plassengebied een KRW-oppervlaktewaterlichaam waarvoor er voldaan moet worden aan de Kaderrichtlijn Water (KRW). Voor dit bestemmingsplan heeft Gedeputeerde
Staten (GS) twee ontheffingen verleend, in december 2023 voor het verstedelijkingsverbod en in april 2025 voor artikel 6.5 lid 4 van onze Interim Omgevingsverordening (IOV). Aan beide ontheffingen zijn voorwaarden verbonden. Het bestemmingsplan moet voldoen aan alle andere regels in de Interim Omgevingsverordening. In deze laatste fase naar vaststelling van het bestemmingsplan zijn een of meerdere amendementen en moties ingediend. Zoals ook in het memo “Amendementen en moties voor bestemmingsplan Vinkeveense Plassen” van 28 maart 2025 al is medegedeeld, ligt het oordeel over deze moties en amendementen bij de gemeenteraad. Een aantal van de moties en amendementen sluiten aan bij de liin en het beleid van de provincie Utrecht. Voor een aantal amendementen zie ik een (mogelijke)
strijdigheid. In deze brief wil ik benadrukken dat het bestemmingsplan aan de regels van de IOV moet voldoen. Wanneer dit niet het geval is, zal GS overwegen om aanspraak te maken op haar wettelijk instrumentarium. De raad is bevoegd voor het vaststellen van het bestemmingsplan. Ik vraag u dan ook om een afschrift van deze brief te delen met uw raad.
Meerwaardebenadering Omdat de Vinkeveense Plassen onderdeel zijn van het NNN, is er voor de beoogde wijziging van dit bestemmingsplan de meerwaardebenadering toegepast. Het provinciale beleid stelt dat er geen aantasting van het NNN mag plaatsvinden, in dit geval is dat mogelijk omdat er een duidelijk aantoonbare meerwaarde gerealiseerd kan worden. Om tot een meerwaarde te kunnen komen, is
het van belang om de aantasting in het gebied goed in kaart te brengen. In de NNN-toets en Natuurkwaliteitsplan is de aantasting die het bestemmingsplan met zich meebrengt in beeld gebracht. Hiervoor is gekeken naar de toevoeging van verharding en de bebouwingsmogelijkheden, maar is er ook rekening gehouden met de toename van activiteiten, bijvoorbeeld het gebruik (recreatiedruk). De meerwaarde zit in de compensatie op de gronden in ’t Meertje die de gemeente daarvoor heeft
aangekocht. Daarnaast moeten eigenaren van legakkers hun legakker goed onderhouden en 25% daarvan inrichten met inheemse beplanting. Ook de realisatie van natuurvriendelijke oevers zijn onderdeel van de meerwaardebenadering. De meerwaardebenadering is complex. De onderbouwing voor de meerwaardebenadering wordt ondersteund door verschillende onderzoeken. Ik vraag u en indirect daarmee uw raad om zorgvuldig om te gaan met planwijzigingen die een relatie (kunnen) hebben met de meerwaardebenadering. Aanpassingen in bebouwingscriteria of aanpassingen in gebruiksmogelijkheden zijn immers niet in de onderzoeken meegenomen en hebben daarom ook direct gevolgen voor de onderbouwing van het bestemmingsplan. Het uitruilen van mogelijkheden of toename van overnachtingsmogelijkheden in afwijking van uw raadsvoorstel is dus niet iets wat zomaar kan en zal daarom onderzocht moeten worden. KRW Op basis van de Wet ruimtelijke ordening is de gemeente gehouden in het bestemmingsplan een
goede ruimtelijke ordening te borgen en heeft de gemeente specifieke taken toebedeeld gekregen op het gebied van het beheer van watersystemen en waterketenbeheer. Hierbij dient rekening gehouden te worden met de vereisten van de KRW. Gelet op de normoverschrijdingen voor fosfaat en de zwemwaterfunctie van de Plassen zal het lozen van toiletwater in strijd zijn met de vereisten. De gemeente heeft een zorgplicht voor de inzameling van het toiletwater. De wijze waarop aan deze zorgplicht wordt voldaan in het plan zal, mede gelet op de deadline van de KRW in 2027, door ons,
maar ook door andere belanghebbenden met grote belangstelling worden bekeken. In één van de amendementen wordt onder andere voorgesteld om de steigerlengte te verruimen, dit heeft invloed op de waterkwaliteit en is zonder onderzoek op het effect voor de KRW, in strijd met deze richtlijn. Het waterschap heeft als bevoegd gezag in haar waterschapsverordening regels opgenomen over steigerafmetingen. De gemeente heeft zich hieraan te houden.
In de IOV zijn ook maximale steigerlengtes benoemd, in relatie tot landschap. Hoofddoel van het bestemmingsplan is om het cultuurhistorisch landschappelijk waardevolle legakkerlandschap te
behouden. Het oprekken van de steigerlengte doet naast inbreuk op de KRW-vereisten ook afbreuk aan de afspraken zoals opgesteld in het landschaps- en stedenbouwkundig plan. Handhaving en handhaafbaarheid Handhaving is een belangrijk aandachtspunt in dit bestemmingsplan. De situatie met de talloze illegale bouwsels en schepen is ontstaan door het gebrek aan handhaving en het ontbreken van handhaafbare en uitvoerbare regels. Om te voorkomen dat er over een aantal jaar weer een situatie ontstaat met illegale bouwwerken of gebruik, is goede handhaving essentieel. In de verschillende bestuurlijke overleggen en in de verschillende brieven heb ik steeds gewezen op het belang van handhaving als onderdeel van het nog vast te stellen bestemmingsplan. Bij het verlenen van de
ontheffing van het verstedelijkingsverbod heeft GS als voorwaarde toegevoegd dat het bestemmingsplan een uitvoerbaar handhavingsplan, het VTH-plan, moet bevatten. De gemeente heeft vervolgens tot 2034 een bedrag van 500.000 euro per jaar gereserveerd voor handhaving. In het VTH-plan wordt echter rekening gehouden met het aantal handhavingsverzoeken op basis van de
stukken die aan de raad zijn aangeboden. Een aantal amendementen stellen grote wijzigingen voor, bijvoorbeeld gericht op de opperviakte en de hoogte van de bouwsels. Hierdoor wordt de
handhavingsopgave van de gemeente fors groter. Als deze amendementen inderdaad worden aangenomen, verwacht ik van de raad dat ze rekening houdt met een grotere handhavingsopgave en daarmee gepaard gaand een ruimer handhavingsbudget beschikbaar stelt dan nu is begroot. Aangezien handhaving in dit gebied lastig en complex is, wil ik met klem aan het college meegeven om zorgvuldig te kijken naar voorstellen die de handhavingsopgave van de gemeente bemoeilijken.
Wanneer de gemeente niet in staat blijkt om de regels uit haar eigen bestemmingsplan op een goede manier na te leven door niet goed te handhaven, wordt er niet voldaan aan de voorwaarde aan de
ontheffing van het verstedelijkingsverbod. In uiterst geval kan de ontheffing worden ingetrokken, waardoor het bestemmingsplan geen basis meer heeft. Ook kan de provincie genoodzaakt zijn om bij gebrek aan handhaving interbestuurlijk toezicht toe te passen. Het moge duidelijk zijn dat deze ingrepen niet mijn voorkeur hebben. Ik ga er dan ook vanuit dat er bij vaststelling van het plan zorgvuldig gekeken wordt naar de consequenties voor de
handhavingsopgave van de gemeente. Instrumentarium
Aan de totstandkoming van het bestemmingsplan is een lang en zorgvuldig proces voorafgegaan waar in afstemming met voor dit plan belangrijke ketenpartners en met verschillende onderzoeken is
aangetoond hoe er aan de verschillende regels voldaan kan worden. Op die manier zijn de verschillende voorstellen en gevolgen voor de (provinciale) belangen in het bestemmingsplan goed
onderbouwd. Hierbij is door de provincie gezocht naar mogelijke ruimte binnen de regelgeving van onze verordening.
Ik wil via het college de raad dan ook adviseren om geen amendementen aan te nemen die in gaan tegen de regels van de IOV of die zorgen voor een grotere en complexere handhavingsopgave. Wanneer er een amendement wordt aangenomen waarbij ons provinciale belang in gedrang komt, dan is GS genoodzaakt om te hierop te reageren. De wijze waarop wij ons instrumentarium aangewend kan worden, is van een aantal zaken afhankelijk.
Ten eerste ligt bij GS de keuze voor om een reactieve aanwijzing te geven op die onderdelen van het plan die leiden tot strijdigheid. Afhankelijk van het anendement en de verwerking daarvan in het
bestemmingsplan. Door middel van een reactieve aanwijzing worden onderdelen van de regeling of verbeelding van het bestemmingsplan geschrapt. Dit kan voor het plan zelf in uiterst geval
verregaande consequenties hebben. Met de reactieve aanwijzing kunnen geen toevoegingen of aanpassingen aan het bestemmingsplan worden gedaan. Dit instrument wordt alleen ingezet bij
strijdigheid met het provinciale beleid. Daarnaast kan GS ook besluiten om in beroep te gaan tegen (delen van) het bestemmingsplan wanneer er aanpassingen gedaan zijn die niet in overeenstemming zijn met het provinciaal beleid. De keuze om in beroep te gaan tegen het plan is geen bevoegdheid voor enkel GS, ook derden kunnen
tegen onderdelen van het plan in beroep gaan met verwijzing naar Interim Omgevingsverordening. Ik zie daarom ook een grote kwetsbaarheid voor het plan in een mogelijke beroepsgang als het plan
grote wijzigingen bevat ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan. Dit risico is voor de gemeente, maar ik wil wel benadrukken dat dat als gevolg kan hebben dat het bestemmingsplan opnieuw ter inzage gelegd moet worden en daarmee dus omgevormd moet worden naar een Omgevingsplan waardoor er veel werk opnieuw gedaan moet worden. Het plan moet dan niet voldoen aan onze Interim Omgevingsverordening, maar Omgevingsverordening Vervolg Het inzetten van het wettelijk instrumentarium heeft niet de voorkeur van de provincie. Gemeente
en provincie hebben constructief en zorgvuldig samengewerkt op dit dossier, en ik zie dan ook graag dat een provinciaal ingrijpen niet nodig is. Ik zie echter ook dat ondanks deze gedegen voorbereiding er door uw raad aanpassingen worden overwogen die niet in overeenstemming zijn met ons beleid. Ik wil u dan ook oproepen om weloverwogen keuzes te maken wat betreft de amendementen. GS zal
genoodzaakt zijn om in te grijpen bij strijdigheid met de IOV. Daarnaast wil ik ook waarschuwen voor de kwetsbaarheid van het plan als de onderliggende onderzoeken niet meer aansluiten en als het plan te grote wijzigingen bevat.
Ik ga ervan uit dat er zorgvuldig wordt nagedacht over de consequenties van de amendementen. Ik kijk met interesse naar de vaststelling en hoop dat er met het nieuwe bestemmingsplan snel
duidelijkheid komt voor de eigenaren van legakkers en gebruikers van de Plassen. Uiteindelijk streven we een gezamenlijk doel na, het behoud van dit mooie gebied. Hoogachtend,
H.P. (Huib) van Essen
gedeputeerde Ruimtelijke Ontwikkeling, Codrdinatie Omgevingsbeleid, Energietransitie, Milieu en Bestuur