CConstaterende datDe Ronde Venen
Koppel je AI →
Document · PDF

250418 Inspraakreactie Marion Piret-Gerard - Natuurmonumenten en NMU - geanonimiseerd

Politieke commissie 16 april 2025, gemeente De Ronde VenenBij agendapunt: Inspraakmoment Bas Koekenbier (status van de dijk-terreinen in het noorden van de Noorderplas) - Marion Piret-Gerard (Namens Natuur en Milieufederatie Utrecht en Natuurmonumenten) - Henk Pijning en/of Pieter Maas Geesteranus (namens Stichting De Kleine Natuur) - Dennis Knijpinga - Jeroen Bon (over 1. Niet mogen overnachten in de boot in de haven 2. Maximale lengte schepen 8 meter 3. Geen bebouwing (uitstervingbeid) zone 3 4. Maximale afmetingen opstallen)4.161 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

~~ Natuurmonumenten

natuur en milieu ¥ utrecht federatie

Aan: Gemeenteraad — De Ronde Venen

Datum 16 april 2025 Onderwerp _Inspraakreactie van Natuurmonumenten en Raadvoorstel bestemmingsplan Vinkeveense Plassen 2025

Natuur en Milieufederatie Utrecht op

Geachte gemeenteraad,

Onze zorgen uit onze zienswijze van 2023 (bijlage 1) en inspraaktekst van 23 januari 2025 (bijlage 2) blijven van kracht. Ondanks positieve amendementen en moties (zoals het stimuleren van elektrische boten; het toestaan

van alleen inheemse beplanting op de legakkers; bouwbeperkingen in Zone |, Il en Ill), vinden wij dat er nog steeds geen goede balans tussen recreatie en natuur is bereikt door het nieuw bestemmingsplan. De Vinkeveense Plassen zijn onderdeel van het Natuurnetwerk Nederland, dat primair bestemd is voor natuur. Hoewel wij in principe vinden dat er geen bebouwing — inclusief illegale bebouwing — zou mogen plaatsvinden binnen het Natuurnetwerk Nederland, erkennen we dat de situatie in de loop der jaren complex is geworden. Daarom ligt onze focus in deze inspraak op zone Ill. Zoals de Groene Venen, pleiten wij er uitdrukkelijk voor dat in zone Ill geen bebouwing wordt toegestaan - ook geen legalisatie van bestaande bebouwing. In zone Ill moeten alle legakkers een bestemming “natuur” krijgen, omdat: 1.

Voor het functioneren van natuur en het behoud van biodiversiteit moeten er gebieden zijn waar soorten ongestoord kunnen rusten, foerageren, broeden, voortplanten en overwinteren. Dit is

nodig om de populaties vitaal te houden. Daarom is het van belang om de recreatiedruk in Zone Ill te extensiveren. Bij het Natura 2000 gebied Botshol, een ideale broedplaats voor vogels zoals de lepelaar, aalscholver en kokmeeuw, fungeert Zone Ill als bufferzone;

2.

Op 22 januari 2025 oordeelde de rechtbank in Den Haag dat uiterlijk op 31 december 2030 minimaal 50 procent van het areaal aan stikstofgevoelige natuur op de Urgente Lijst onder de Kritische Depositiewaarde moeten worden gebracht. Een deel van Botshol' waar de kritische depositiewaarde al wordt overschreden, staat op de Urgente Lijst. In dergelijke gebieden is een snelle vermindering van de stikstofneerslag nodig om duurzaam herstel te realiseren. Echter — zoals aangegeven in het “Onderzoek stikstofdepositie” - neemt de stikstofuitstoot toe met het nieuwe bestemmingsplan. Bovendien vinden wij dat de stikstofdepositiebijdrage van 0,05

‘De veenmosrietlanden in Botshol, bijna 60 ha, zijn aangewezen als beschermd habitattype. Dit habitattype, H7140B, is zeer gevoelig voor stikstof.

CBF AN

SW)

—

|ESSieape

mol/ha/jaar op het Natura 2000-gebied Botshol herzien moet worden. De berekening is namelijk gebaseerd op de aanname dat recreatiewoningen slechts 31 dagen per jaar worden gebruikt, wat ons inziens een onderschatting is. Er wordt bijvoorbeeld geen rekening gehouden met de mogelijkheid dat deze woningen ook regelmatig via derden worden verhuurd. Wij willen nog €én aspect in het bijzonder onder de aandacht brengen: de waterkwaliteit. In de watertoets van 25 november 2024 staat vermeld dat de “legalisatie van het gebied leidt (..) tot een verbetering van de waterkwaliteit ten opzichte van de praktijksituatie”, aangezien het nieuwe bestemmingsplan het gebruik van een vuilwatervoorziening (droogtoilet, chemisch toilet of het gebruik van het aanwezige vaste rioolnet) verplicht stelt. De onderbouwing van deze veronderstelde verbetering is echter flinterdun. Bovendien vereist dit een intensieve handhaving, en het is maar de vraag of dat in de praktijk haalbaar is. Ten slotte, deze complexe situatie is mede ontstaan doordat de gemeente in het verleden onvoldoende heeft opgetreden tegen illegale bebouwing. Wij roepen de gemeente op om een concreet en uitvoerbaar handhavingsplan op te stellen en nieuwe illegale bouw effectief aan te pakken. Ook moet strikt worden toegezien op de naleving van vergunningsvoorwaarden en regels die niet direct verbonden zijn aan bebouwing op de legakkers.

Dit vereist voldoende budget en capaciteit voor handhaving. Onze conclusie is: Zorg niet alleen voor een positieve impuls voor de recreatieve waarden van het gebied en de lokale economie, maar ook voor de bescherming en versterking van de biodiversiteit. Zo kunnen ook toekomstige generaties blijven genieten van de prachtige plassen en de omliggende Natura 2000 gebieden.

Met vriendelijke groet,

Namens de Natuur en Milieufederatie Utrecht,

Mede namens Natuurmonumenten,

J.L. Veraart Directeur NMU

natuur en milieu ¥ utrecht | S@men voor een mooie en federatie

duurzame provincie Utrecht

CBE 7S) sumone comtor W/ |BOSTCODE BLOTERIE

Natuurmonumenten natuur en milieu Y utrecht federatie

gemeente De Ronde Venen

Arthur van Schendelstraat 600

T.av.

3511 MJ Utrecht

Postbus 250

030 2567 350

3640 AG Mijdrecht

Info@nmu.nl

Verzonden per e-mail gemeente@derondevenen.nl Utrecht, 16-06-2023 Kenmerk: / 2023 / MV / 205.4 De Ronde Venen Contactpersoon:

Betreft: Zienswijze bestemmingsplan Vinkeveense Plassen 2023

Geacht college,

Naar aanleiding van het gepubliceerde concept bestemmingsplan Vinkeveense Plassen 2023 stuurt Natuur en Milieufederatie Utrecht u deze zienswijze. De bezwaren tegen dit plan zijn als volgt samen te vatten: Het motto ‘ja, mits er sprake is van kwaliteit' is een verkeerd uitgangspunt voor dit gebied dat vrijwel geheel NNN is, ook volgens het natuurplan aanzienlijke natuurwaarden herbergt en kwetsbaar is. Nog meer verdrukking van natuur dreigt. Nadat de typering en de financiéle gevolgen kort besproken zijn zal worden ingegaan op de ongewenste negatieve prikkel die een grootschalige en generieke legalisatie veroorzaakt en de daardoor te verwachten toekomstige handhavingsproblemen. Vervolgens wordt de cruciale functie binnen het Natuurnetwerk Nederland en de negatieve gevolgen van deze grootschalige verstelijking qua ruimtebeslag en voor de rust in dit kerngebied van het NNN besproken. Ten slotte wordt ingegaan op de onaanvaardbare gevolgen van dit plan op omliggende Natura 2000 gebieden. Typering van het bestemmingsplan Bij de afwijkingsmogelijkheid van de bouwregels moet expliciet vermeld worden dat dit enkel mogelijk is voor de legalisatie van bestaande bouwwerken. Het plan wordt in de toelichting ten onrechte getypeerd als conserverend.

Dit terwijl het grotendeels legaliserend (ten aanzien van recreatiewoningen) en ontwikkelend (op de zandeilanden en in de zuidwesthoek) van aard is. De toelichting zelf stelt hierover: "Het doel van het voornemen bestaat primair

uit het toevoegen van planologische ontwikkelruimte op legakkers en zandeilanden." Door deze onjuiste typering van het bestemmingsplan kan de passende beoordeling niet behoorlijk zijn uitgevoerd. Financiering

Natuur en Milieufederatie Utrecht en Natuurmonumenten zien in de discussie over de Vinkeveense Plassen dat de financiering van het onderhoud van het plassengebied een belangrijke rol speelt. De natuur in de Vinkeveense Plassen heeft niet alleen waarde voor de grondeigenaren, maar ook voor de bezoekers en de samenleving als geheel. Het onderhoud dient dus ook niet alleen door de grondeigenaren, maar ook door de bezoekers en de samenleving als geheel gefinancierd te worden. Parkeer- haven- en bruggelden en subsidies zijn betere bronnen voor de financiering van het onderhoud, dan het toestaan van meer bebouwing op de legakkers.

Precedentwerking legalisatie Naast de zorgen over de directe gevolgen van dit plan is de grootschalige legalisatie ook een bron van zorg. Illegale bouwwerken vormen vaak een aantasting van de natuur. Zeker ten aanzien van illegaal gebouwde recreatie-

woningen gebouwd na 31 oktober 2003 zijn er zorgen. Die datum wordt immers doorgaans door de rijksoverheid gebruikt als ijkdatum voor de legalisatie van illegale situaties rondom recreatiewoningen. Vanaf die datum is eens te meer bevestigd dat handhaving de norm is. De bouwers van illegale recreatiewoningen na 2003 waren zich er

terdege van bewust dat de overheid geacht wordt handhavend op te treden en dat legalisatie onwenselijk is. Het belonen van dergelijk gedrag met legalisatie vormt een perverse prikkel om nog meer illegale bouwwerken op te richten. De vorige ijkdatum is immers rekbaar gebleken, waarom zou de nieuwe ijkdatum dan niet weer rekbaar

zijn? Als er wordt gekozen om 25 april 2023 als ijkdatum te hanteren is het aannemelijk dat de gemeente in de toekomst zich opnieuw geconfronteerd zou zien met illegale bouwwerken. De gemeente geeft dan immers de boodschap dat illegaal bouwen loont. Bovendien overtuigd het wel erg summiere handhavingsplan niet dat de gemeente die de afgelopen decennia ruimschoots tekortgeschoten is in de handhaving, hetgeen tot de huidige

situatie geleidt heeft, nu wel in staat zal zijn voldoende te handhaven. Waarbij handhaving op illegale bebouwing, strijdig gebruik en het lozen van afvalwater alle drie belangrijke aandachtspunten zijn. De norm dient te zijn dat er handhavend opgetreden wordt tegen illegale bouwwerken. Enkel indien de eigenaar

met overtuigend bewijs aantoont dat er sprake is van een uitzonderingssituatie dan zou hiervan afgeweken kunnen worden. Een dergelijke uitzonderingssituatie zou (naar analogie van rijksbeleid) kunnen zijn dat het bouw-

werk al voor 31 oktober 2003 gebouwd is. De bewijslast daarvan ligt bij de eigenaar, het enkele bestaan op dit moment van het bouwwerk is genoeg bewijs voor de gemeente om handhavend op te treden. Er is dus geen noodzaak voor een luchtfoto van de referentiesituatie. Zelfs als we de stelling van de gemeente volgen dat er wel

luchtfoto’s van de situatie op de ijkdatum nodig zijn, dan nog is 25 april 2023 een onjuiste ijkdatum. Er zijn op

pdok.nl immers gedetailleerde luchtfoto’s van het gebied vanaf 2016 beschikbaar. Het argument omtrent de luchtfoto’s is daarom aantoonbaar onjuist. Het is bovendien aannemelijk dat er wel degelijk bruikbare luchtfoto’s bestaan uit circa 2003. Burgers konden immers vanaf de introductie van Google Earth in 2006 gratis luchtfoto’s raadplegen. Het is aannemelijk dat met een klein beetje onderzoek en eventueel betaling iets oudere luchtfoto’s

gevonden zullen worden. De ijkdatum voor legalisatie moet 31 oktober 2003 zijn.

Bij een grootschalige legalisatie zou het doel moeten zijn om de inbreuken te verminderen en niet enkel te vergunnen. Het doel zou moeten zijn het totaal aantal recreatiewoningen en het opperviak te verminderen. Er kan hiertoe inspiratie worden gezocht bij rood-voor-rood regelingen met betrekking tot voormalige agrarische gebouwen. Voor elke gelegaliseerde recreatiewoning zou een aantal andere illegaal gebouwde recreatiewoningen afge-

broken moeten worden. Waarbij mogelijk in aantallen gedifferentieerd kan worden tussen de verschillende zones. Natuurnetwerk Nederland (NNN) De Vinkeveense Plassen zijn een belangrijke schakel in en een kerngebied van het Natuurnetwerk Nederland. Het is een uitgestrekt gebied dat de verschillende veenweidegebieden in de omgeving verbindt. De Botshol, de

Ronde Hoep, de Nieuwkoopse plassen en de Vechtplassen zijn allen deels afhankelijk van de verbindingen die de Vinkeveense Plassen bieden. De Vinkeveense Plassen zijn bovendien onderdeel van het natte netwerk van Biesbosch tot Lauwersmeer. De Vinkeveense Plassen zijn een cruciale schakel voor de natuur die de verschil-

lende delen van dit natte netwerk met elkaar verbindt. De natuurverbinding van de Vinkeveense Plassen moet versterkt worden om het Natuurnetwerk Nederland en de omliggende Natura 2000 gebieden robuuster te maken.

Hoewel het Natuurplan uit 2019 spreekt van maatregelen om de functie van de Vinkeveense Plassen als verbindende schakel in het Natuurnetwerk Nederland te versterken ontbreken deze maatregelen in het plan. Het plan moet bijdragen aan de robuustheid en aaneengeslotenheid van dit kerngebied van het NNN. Zowel

faunapassages als rustgebieden (die een deel van het jaar ontoegankelijk zouden moeten zijn) voor onder andere overwinterende als broedende vogels verdienen een volwaardige plek in dit gebied en dit bestemmingsplan. Verstedelijking (ook als dit middels recreatiewoningen is) en recreatie, tast de robuustheid en aaneengeslotenheid van de Natuur en verbindingsfunctie van de Vinkeveense Plassen aan. Niet alleen door ruimtebeslag, maar ook door de externe werking van verstoring door licht, geluid en activiteit. Gebieden met een hoge recreatiedruk

zijn geen natuur. Recreatie leidt tot verstoring die op gespannen voet staat met de noodzakelijke rust voor natuur. Extensieve recreatie is vaak mogelijk zonder natuurwaarden al te veel te schaden, maar verblijfsrecreatie leidt vaak tot verstoring, die bovendien ook ’s nachts plaatsvindt. Om de natuurwaardes te beschermen dient de bebouwing van de legakkers zo beperkt mogelijk te blijven. Zeker aangezien het hele gebied is aangemerkt als NNN. Dit is des te sterker in de zone nabij het Natura2000 gebied de Botshol.

De zonering van het gebied biedt onvoldoende rust voor de natuur. De hoek bij de Botshol fungeert als rustgebied. Het strookje natuur daar is schromelijk onvoldoende voor de ecologische verbinding tussen de Botshol en

de Oostelijke Vechtplassen. De rustige zone in de Kleine plas moet ook aanzienlijk groter zijn. Deze moet ook een deel van de Zuidplas beslaan en minstens zo groot zijn als op pagina 32 van het natuurplan wordt beschreven. Ook zou in de rustige zones geen recreatief medegebruik moeten worden toegestaan. Water en oevers moet daar zoals ook benoemd op pagina 29 van het natuurplan worden afgesloten zodat hier verblijfsmogelijkheden voor dieren ontstaan. “Ongebruikte” legakkers zijn in gebruik bij tal van vogels als onmisbare broedplaatsen. Menselijke activiteit moet op de voor de natuur meest waardevolle plekken ontmoedigd worden. De veronderstelde compensatie van natuur die ten gevolge van dit plan verloren gaat is onvoldoende omschre-

ven en geborgd in dit plan. In de brief van 25-04-2023 signaleert de provincie dit ook. Het plan wekt de indruk dat natuurcompensatie niet volwaardig is meegenomen. Zo spreekt paragraaf 3.5 van de toelichting over de achterhaalde “saldobenadering” en komt haar opvolger de “meerwaardebenadering” maar zeer summier aan bod. De veronderstelde meerwaarde en waarborgen voor de natuur zijn onvoldoende omschreven en geborgd. De inlei-

ding van de plantoelichting geeft aan dat er 5,4 — 1,6 = 3,8 ha aan illegale recreatieverblijven wordt gelegaliseerd, maar het NNN-rapport gaat ten onrechte uit van slechts 2,4 ha (of 3 ha, daar zijn de opstellers zelf ook onzeker

over) aan bebouwing en een vergelijkbaar opperviak aan verharding, wegen en paden.

De natuurcompensatie (“meerwaarde”) bij het Meertje / het Achterbos is deels een sigaar uit eigen doos en deels

te versnipperd waardoor de waarde van deze compensatie beperkt is. Een deel van de percelen in het Meertje die nu aangemerkt worden als compensatie zijn immers de facto al natuur. Bovendien leidt het behouden van de aanleg en parkeerplaats die ver het Meertje in steekt tot versnippering en verstoring van de rust in vrijwel het hele gebied. De veronderstelling dat het Meertje / het Achterbos geschikt is voor de gewenste beheertypen vochtig hooiland en kranswierwater wordt niet onderbouwd. Het gebied zou geschikt zijn voor natuurcompensatie omdat het water

relatief ondiep is, terwijl elders in het plan juist gesteld wordt dat kranswierwater veel profijt heeft van het feit dat het gebied rond de zandeilanden relatief diep, en daardoor helder is. Ten aanzien van de wens tot vochtig hooiland is het maar zeer de vraag of het gebied toegankelijk genoeg is voor hooilandbeheer, nog los van de invloed

van andere abiotische factoren op dit gewenste beheertype. De overgangen van water naar land hebben bij uitstek hoge natuurwaardes. De oevers zijn de plaatsen waar met beperkte kosten grote winsten voor natuur te behalen zijn. Het bestemmingsplan dient dus overal waar dat enigs-

zins mogelijk is natuurvriendelijke oevers op te nemen. Waterbossen en andere natuurvriendelijke oevers dienen de norm te zijn en verticale beschoeiingen dienen tot een absoluut minimum beperkt te worden, niet alleen in zone 2 en 3, maar ook in zone 1. Ten aanzien van de beschoeiingen met wiepen houdt het bestemmingsplan de

mogelijkheid open dat deze wiepen plastic mogen zijn. De regels ten aanzien van wiepen moeten dusdanig aangepast worden dat enkel wiepen uitgevoerd uit gebiedseigen hout zijn toegestaan. Ook het percentage verplichte gebiedseigen beplanting ligt veel te laag.

Hoewel er voorschriften zijn in te lezen in dit plan ten aanzien van het meubilair en de markering (pagina 20 land-

schaps- en stedebouwkundig plan) zijn die regels onvoldoende geborgd en ontbreken zij in het geheel in de andere zones. Dit terwijl de noodzaak voor dergelijke voorschriften het grootst is in zone 3.

Natura 2000, Stikstof en Wmb Het naastgelegen Natura 2000 gebied de Botshol zal als gevolg van dit bestemmingsplan aangetast worden door

een toename aan geluids- en lichtverstoring en verzuring ten gevolge van de NOx uitstoot van de toename van de pleziervaart en verblijf in recreatiewoningen. Het leefgebied van tal van soorten met hoofdverblijf in de Botshol

strekt zich tot ver op de Vinkeveense plassen uit. Negatieve gevolgen voor de gunstige staat van instandhouding van beschermde soorten en hun leefgebied zijn aannemelijk. De rust die deze soorten en hun leefgebieden nodig hebben wordt verstoord door een toename van menselijke aanwezigheid en licht en geluid.

Ten aanzien van stikstof is dit bestemmingsplan eveneens onvoldoende. De opmerking "Ecologisch gezien leiden dergelijke geringe bijdragen niet tot een aantasting van de natuurlijke kenmerken" is juridisch volstrekt onhoud-

baar. De MER erkent ook dat er een toename van de stikstofdepositie zal zijn; in de Botshol van 0,05 mol/ha/jr, in de Oostelijke Vechtplassen van 0,02 mol/ha/jr en in het Naardermeer van 0,01 mol/ha/jr, of deze waardes gebaseerd zijn op correcte aannames blijkt nergens uit. Het stikstofonderzoek zelf is oncontroleerbaar omdat de Aerius berekeningen niet zijn aangeleverd als separate in Aerius calculator te importeren bestanden. De in bijlage 1 van het stikstofonderzoek weergegeven ononder-

bouwde aannames ten aanzien van de emissies doen vermoeden dat het stikstofonderzoek onjuist is uitgevoerd. Het is goed mogelijk dat indien een controleerbare versie van de Aerius-berekening beschikbaar komt er nog meer onjuistheden blijken. De aanname dat recreatiewoningen slechts 31 dagen per jaar worden gebruikt is niet onderbouwd. Het is algemeen bekend dat tal van recreatiewoningen vrijwel permanent bewoond worden. Voor die woningen is het aanne-

melijk dat zij ruim boven de 300 dagen per jaar gebruikt worden. Zelfs voor de recreatiewoningen die enkel in de vakanties en enkele weekenden worden gebruikt is 31 dagen onaannemelijk laag. Een verblijf van 1 week in het voorseizoen, 3 in de zomer en 1 in het naseizoen en nog enkele weekenden maakt dat zelfs voor deze weinig

gebruikte woningen 45 dagen per jaar aannemelijker is dan 31. Het gemiddelde tussen recreatiewoningen die meer dan 300 dagen per jaar gebruikt worden en woningen die 45 dagen per jaar gebruikt worden zal naar verwachting circa 5 keer zo hoog liggen als waar het stikstofonderzoek vanuit gaat. Daarnaast zal ten minste in een deel van deze woningen niet alleen gekookt worden, maar zullen deze woningen ook verwarmd worden waardoor

deze uitstoot nog hoger zal liggen. Voor de emissies scheepvaart geldt hetzelfde en is het gemiddelde van 15 minuten per vaarbeweging ook nog eens onaannemelijk laag. Een vaarbeweging is in dit gebied al snel langer dan 1 kilometer. De maximale verantwoorde snelheid is zeker tussen de legakkers zelden hoger dan 5 km/h daarbij komt de tijd van het af- en aanme-

ren, waardoor een gemiddelde vaartijd van 25 minuten veel aannemelijker is dan 15 minuten.

Een belangrijk deel van de aanvullende passende beoordeling mist. De aanvullende passende beoordeling be-

staat uit 154 pagina’s waarvan er slechts 61 gepubliceerd zijn. Een gedetailleerd commentaar van dat stuk is dus thans niet mogelijk, maar de veel gebezigde redenatie: “er vindt een toename van de depositie plaats in een stik-

stofgevoelig gebied, maar omdat dat gebied ook op andere manieren aangetast wordt is een overschrijding van de kritische depositiewaarde toegestaan’, is in elk geval apert onjuist.

Het is moeilijk denkbaar dat de Raad van State tot een positief oordeel over dit aspect van dit plan zal komen. De gebreken ten aanzien van stikstof zijn zelfs zodanig ernstig dat een zienswijze al snel de vorm krijgt van een

algemene verhandeling over de standaardjurisprudentie die bekend mag worden verondersteld bij professionele partijen.

Samenvatting Resumerend is in het plan onvoldoende rekening gehouden met natuurwaarden en is het op tal van punten onvoldragen, incompleet en zijn de stukken niet op orde, zoals ook door de provincie aangegeven. Zowel op het viak van precedentwerking en handhaving, als op het viak van natuur, NNN en Natura 2000, gaat het plan uit van tal van ononderbouwde en te optimistische aannames. Op tal van viakken is er sprake van een aantasting van kwetsbare en beschermde natuur, om van de cumulatie van die aantastingen nog maar te zwijgen. Het plan moet worden teruggetrokken, uitgewerkt, verbeterd en volledig gemaakt, waarna een nieuw plan opnieuw ter inzage

gelegd te worden zodat indieners van zienswijzes dan wel de gelegenheid krijgen om op een compleet en voldragen bestemmingsplan te kunnen reageren. Natuur en Milieufederatie Utrecht en Natuurmonumenten zijn altijd bereid tot nadere toelichting van deze reactie en tot gesprekken over maatregelen ten gunste van het NNN en natuur en milieu in het algemeen.

Met vriendelijke groet,

Namens de Natuur en Milieufederatie Utrecht, Mede namens Natuurmonumenten,

J.L. Veraart Directeur NMU

wi,

natuur en milieu 9 utrecht federatie

Betreft: Inspraakreactie — Raadsvoorstel bestemmingsplan Vinkeveense Plassen 2025 Geachte Gemeenteraad, Mijn naam is Marion. Ik spreek namens de NMU en Natuurmonumenten. We hebben een zienswijze ingediend naar aanleiding van het ontwerpbestemmingsplan °Vinkeveense Plassengebied 2023”. Mijn moedertaal is frans.

De Vinkeveense plassen is een uniek natuurgebied omdat het een verbindende schakel vormt tussen verschillende natuurgebieden en onderdelen van het natte netwerk van Biesbosch tot Lauwersmeer. Vrijwel het hele gebied ligt binnen het Natuurnetwerk Nederland. Door dit bestemmingsplan wordt een groot deel van dit gebied omgevormd van natuurgebied tot een recreatiepark. Onze zorgen uit onze zienswijze zijn niet weggenomen door de aanpassingen van het bestemmingsplan Vinkeveense Plassen 2025. Het hoofddoel van dit plan is het voorkomen van het verdwijnen van legakkers door natuurlijke processen. Wij zijn het ermee eens dat het Vinkeveense Plassengebied en zijn legakkers beschermd moeten worden. We hebben ook begrip voor de aanzienlijke kosten die bij het beheer gemoeid zijn en die de eigenaren en beheerders dragen. Maar we zijn ervan overtuigd dat er alternatieven bestaan voor het behoud van de legakkers', die ook bijdragen aan een verbeterde biodiversiteit voor het hele gebied en aanpalende natuurgebieden. Ons eerste aandachtpunt is dat met dit plan 6,8 ha van het Natuur Netwerk Nederland verloren gaat. Dit komt door de legalisatie van bebouwing en nieuwe ontwikkelingen die het bestemmingsplan mogelijk maakt. Dit leidt tot ruimtebeslag, meer dagrecreatie, verblijfrecreatie, pleziervaart, verkeer en stikstofdepositie.

Hierdoor vermindert de rust en neemt geluid., licht- en visuele verstoring toe. De extra stikstofuitstoot tast het Natuur Netwerk Nederland en het naastgelegen Natura 2000 gebied het Botshol aan, waar de Kritische depositiewaarde al wordt overschreden. Ook wordt de waterkwaliteit aangetast. Ik wil nog twee dingen in het bijzonder noemen. Allereerst, “het bouwen in NNN met meerwaardebenadering”.

In het NNN kan in principe niet gebouwd worden. Er bestaan uitzonderingen, zoals de meerwaardebenadering. Die mag alleen worden toegepast als de volgende 3 elementen in het plan goed onderbouwd zijn: 1.

Ten eerste, het initiatief kan niet zonder aantasting van het NNN?;

2.

Ten tweede, er moet aangetoond worden hoe de aantasting zoveel mogelijk wordt beperkt;

‘Denk aan parkeer-, haven-en bruggelden voor bezoekers, subsidies van overheden, steun van stichtingen en vermogensfondsen die natuur helpen herstellen, samenwerking met natuurorganisaties en overheden die ook financiering kunnen bieden, en de aankoop van legakkers door natuurorganisaties, enz. 2 De gemeente moet onderzoeken of er alternatieven (alternatieve planvormen) zijn die geen schade toebrengen aan het NNN en onderbouwen waarom deze alternatieven niet mogelijk zijn.

3.

Ten derde, de compenserende maatregelen moeten leiden tot een duidelijk aantoonbaar meerwaarde voor het NNN en de wezenlijke kenmerken en waarden daarvan, zowel in opperviakte, kwaliteit als

samenhang. De onderbouwing van deze drie punten ontbreekt in dit plan. Het plan beweert dat de natuurcompensatie ‘t Meertje, de recreatiezonering en maatregelen zoals natuurvriende-

like oevers en het aanbrengen van beschoeiing meerwaarde creéren voor het NNN-gebied. De volgende punten plaatsen echter vraagtekens bij deze bewering. - | Natuurcompensatie De natuurcompensatiegebied 't Meertje is niet concreet genoeg® en onvoldoende geborgd in dit plan. Ook is er verstoring door de parkeerplaatsen, waarvan de locatie ver het Meertje in steekt. Dit leidt tot versnippering en verstoring van de rust in het gebied, dat al afgesloten is van de rest van de natuur. -

Recreatiezonering Het is nog steeds mogelijk om te bouwen in Zone Ill, wat tegenstrijdig is met het idee van rustgebieden. Recreatief gebruik moet ontmoedigd worden. De toegang tot water en oevers moet worden afgesloten om

verblijfsmogelijkheden voor dieren te creéren. Bovendien is Zone Ill te klein. De voorziene recreatiezonering leidt dus niet tot kwaliteitsverbetering van het NNN en versterkt dus ook niet de samenhang van het NNN.

-

Maatregelen zoals natuurvriendelijke oevers en het aanbrengen van beschoeiing Daarnaast mogen de maatregelen zoals natuurvriendelijke oevers en het aanbrengen van beschoeiing

niet meetellen in de meerwaardebenadering, omdat ze geen extra versterking van het NNN opleveren. Deze maatregelen zijn bedoeld om de huidige waarden van het NNN te behouden. Ze leiden dus niet tot

kwaliteitsverbetering van het NNN. Gezien het bovenstaande is de meerwaarde van dit plan niet duidelijk aantoonbaar. Ten slotte, pleiten we voor handhaving in plaats van het legaliseren. Het legaliseren van illegale bouwwerken geeft de boodschap dat de gemeente illegaal bouwen loont. Legalisatie vormt ook een perverse prikkel voor het oprichten

van meer illegale bouwwerken. Legalisatie is dus uitermate onwenselijk. Kortom, dit plan beweert de natuur te versterken maar in werkelijkheid legaliseert het illegale bouwwerken in de natuur zonder een extra plus op de biodiversiteit te zetten. Zorg voor een plan dat ook de natuur goed beschermt en een toekomst garandeert voor het behoud van de legakkers.

3 Wat is de planning voor de realisatie van de natuurcompensatie (tijdlijn)? Tot wanneer zal er monitoring van de compensatie uitgevoerd worden? De uitvoeringsplan “VTH Vinkeveense Plassen” is niet concreet genoeg en garandeert daardoor niet dat de beoogde natuurkwaliteit behaald wordt. Dit geldt ook voor de andere compenserende maatregelen.

In onze zienswijze zijn deze punten gedetailleerder uitgewerkt. Ook als u vragen heeft, beantwoord ik die graag, zowel nu, als op een later moment. Dank u wel voor uw aandacht.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15449702/1