250415 Aanvulling inspraakreactie Piet de Bruin
Tekst van het document
Voorzitter en andere aanwezigen, Ik stuurde eerder op 16-3-2025 een document aan de griffier, echter door de voortschrijdende tijd en voorgestelde wijzigingen in de amendementen lossen zich mogelijk zaken op. Niettemin dan toch nog een aanvulling daarop. Voorop gesteld. Ik ben een voorstander van duidelijke regels en handhaving daarop. Een vrijstaat op de Vinkeveense Plassen is wat mij betreft uit den boze. Het toezicht op en handhaving van de regels is de afgelopen 40 jaar niet of slechts uitzonderlijk uitgevoerd. Het onderhoud en bescherming van legakkers valt daar ook onder. Alleen de legakkers in eigendom van particulieren worden veelal netjes gehouden. Plaatsing van kleine en wat grotere bouwsels voor recreatie verschenen steeds meer en slechts heel incidenteel werd daartegen opgetreden. De zandeilanden waren voorzien van een groot aantal haaks op de eilanden mogelijke aanlegplaatsen voor waterrecreanten. Inmiddels zijn die nu ook door de tand des tijds verdwenen. De beschoeiing is soms vervangen door kunststof. Een grote negatieve ingreep op het aantal mogelijke aanlegplaatsen. De recreatiedruk in het zomerseizoen is echter dusdanig afgenomen, dat dit geen enkel probleem hoeft te zijn. Het voorstel nieuw bestemmingsplan omvat vele regels voor regulering.
Ik heb dit proces van ver soms met triest hoofdschudden af en toe gevolgd, totdat na de versie van December 2024 ineens een paar teksten werden toegevoegd in het ontwerp. Niet veel wijzigingen zegt de Hr. Van Uden onder andere in de krant en tijdens de commissievergadering. Zijn conclusie is dat dit toegestaan is in dit stadium van het bestemmingsplan. Daarbij ook verwijzend naar de Provincie, die over de schouders meekijkt. Ik bedoel hiermee in de artikelen 22.5 en 22.6 opgenomen maximaal 8 meter bootlengte, de 3 x 24 uur en een overnachtingsverbod op een boot/schip. Daarbij worden ook ineens de openbare zandeilanden betrokken. Inderdaad een relatief kleine wijziging, echter met gigantische gevolgen voor de genieter van de Vinkeveense Plassen. Ineens wordt het ontwerp ook heel persoonlijk voor mij. Ik verdiep mij in het plan met plattegronden en kijk nu goed naar wat er gebeurt tijdens de vergaderingen. Er passeren tijdens de vergaderingen heel vreemde uitspraken, die bewust of onbewust niet altijd de huidige situatie weergeven. De hr. Van Uden legt in de commissievergadering en in een artikel in de krant uit “Nu mag er niets en straks wel”. Heel bijzonder dat slechts een enkel commissielid hier even vreemd van op kijkt. Alleen de hr. Van Sligtenhorst sputtert later nog even over bootjes in de Ringvaart richting de Plassen. Hij krijgt echter dezelfde reactie van de Hr.
Van Uden. Wat speelt hier? Het niet mogen is volgens mij echter pertinent onjuist. Men mag nu, ongeacht de bootlengte, op de Zandeilanden 3 x 24 uur aaneengesloten wel overnachten volgens artikel 9 van de Verordening Vinkeveense Plassen 2009 met daarbij gevoegd de uit Maart 1979 stammende kaart van de Provincie en markeringen waar dat dan wel mag. Mijn belang is het gebruik van de zandeilanden, wat mijn gezin ooit en nu ik alleen af en toe doe. Vroeger met een kleine boot en inmiddels met een 22 meter lang historisch schip. Ik
hou me netjes aan de regels m.b.t. de 3x24 uur. Mede door de lengte zorg ik gelijk voor een verminderde recreatiedruk, immers in plaats van drie sloepen met gemiddeld 3 tot 4 mensen per boot op die lengte is er nu maar 1 recreant. Ik begrijp het belang van eigenaren en huurders van legakkers. Zij hebben jaren lang beloftes gekregen over toestaan van bouwen op hun legakkers. Inmiddels zijn door verkavelingen echter dusdanige stukken ontstaan, dat de bebouwingsmogelijkheden gaan lijken op een afzonderlijk groot dorp in dit plassengebied. Dat is ontstaan door laks en falend beleid van de handhaving en aansluitend toezeggingen om mensen maar rustig te houden. Ik benijd echter de nieuwe eigenaren van legakkers niet. Zij hebben geld, tijd en moeite gestoken in de legakkers om daarvan met de boot te kunnen genieten in de toekomst. Ik zie dat als een “dank je wel en nu wegwezen” optie met dit bestemmingsplan in de hand. In mijn eerder document haalde ik voorbeelden aan, die inmiddels in amendementen ook aan de orde zijn gesteld. Ik ga er vanuit dat de zandeilanden niet betrokken worden bij de legakker problematiek. Echter de amendementen met verruiming van de scheepslengte tot 12 meter en een 2e boot van 6 meter verbaast me nog steeds. Er liggen vele langere al dan niet historische boten aan de legakkers.
Gaat u dat oplossen met ontheffingsmogelijkheden voor continuering? Wel of niet slapen aan boord van schepen aan legakkers? Heel eenvoudig op te lossen door een OF in de boot OF in de blokhut bepaling. Overnachten in jachthavens door passanten is ook een onderwerp wat door de Hr. Van Uden wordt afgedaan met een glimlach en de opmerking “Dat mag nergens in de jachthavens”. Daarmee wordt de hr. Fernhout de mond gesnoerd. Al jaar en dag is het gebruikelijk dat tijdens vakantietoertochten door Nederland in jachthavens een stopmoment voor passanten mogelijk is. Men bekijkt bezienswaardigheden, doet boodschappen, tankt water, laadt de accu’s op, neemt een douche, draait een wasje bij de jachthaven of laat een reparatie doen in geval van pech. Daarna trekt men weer verder naar een volgende geplande stopplaats. Deze mensen vormen een aanzienlijke bron van inkomsten voor de Vinkeveense horeca, de winkels, de jachthavens, etc.. Dat noemen wij passanten. Op het land maken deze mensen een stop op een caravanpark of bij een boer op het erf. Ik trek de conclusie dat hier geen rekening mee wordt gehouden. Onvoldoende kennis over wat op het water gebeurt bij de ontwerpers en/of politici? Ook de eigenaren van schepen met een ligplaats op de Vinkeveense Plassen vormen een bron van inkomsten voor Vinkeveense bedrijven.
Ik verbaas me overigens ook over de opname van het schootsveld met daarbij behorende bepalingen. Bij raadplegen van historische gegevens is mij gebleken dat het bewuste fort nooit is gebouwd en de grond uitsluitend verstevigd is met zand voor geschutsopstellingen. Al met al heeft dit ontwerp ontzettend veel geld gekost. Dit had beter besteed kunnen worden aan het versterken van legakkers en handhaving. P. de Bruin - Vinkeveen