250210 Beantwoording technische vragen B - VVD - Kadernota VRU
Tekst van het document
Gemeente De Ronde Venen Vragen vanuit de Raad aan het college: A. Schriftelijke vragen als bedoeld in artikel 40 Reglement van Orde (beantwoording binnen 30 dagen) B. Technische vragen vergadering (beantwoording zo snel mogelijk) C. Technische vragen overig
Categorie:
A/B/C (Doorhalen wat niet van toepassing is)
Naam indiener: Bart Richter Fractie: VVD Datum van indienen: 02-02-2025 Onderwerp: Kadernota VRU In te vullen door organisatie Portefeuillehouder: Maarten Divendal Datum beantwoording: 10 februari 2025 Inleiding
Vragen (Antwoorden volgen direct onder de vragen) 1. Raadsvoorstel: in de inleiding staat aangegeven dat het verzoek in de zienswijze wordt gedaan om scenario’s uit te werken die kunnen leiden tot lagere gemeentelijke bijdragen. Waarom is er hierbij geen onderscheid gevraagd in wettelijke- en niet wettelijke taken? Antwoord Antwoord op vraag 1 Dat het niet expliciet gevraagd is, wil niet zeggen dat dit onderscheid niet meegenomen wordt. We kunnen dit wel duidelijker benoemen in de zienswijzebrief, bijvoorbeeld met de volgende zin: “Met betrekking tot de toekomstscenario’s vragen wij u ook uitwerkingen op te nemen die kunnen leiden tot een lagere gemeentelijke bijdrage aan de VRU. We verzoeken hierin ook onderscheid te maken tussen wettelijke en niet-wettelijke taken.” 2. Raadvoorstel: onder toekomstscenario’s op pagina drie staat aangegeven dat de ambtelijk opgestelde scenario’s bestuurlijk nog besproken zullen worden. Heeft het college de intentie om hierbij ook de raad te betrekken voordat het standpunt vanuit De Ronde Venen in het Algemeen Bestuur zal worden ingebracht? En zo ja, op welke wijze en zo niet, waarom niet?
Antwoord Antwoord op vraag 2 Het college heeft de duidelijke intentie om de raad te betrekken bij de standpuntbepaling voor het Algemeen Bestuur. Vanuit de VRU worden de processtappen uiteengezet over hoe de toekomstscenario’s met de stakeholders worden besproken. We kunnen ons goed voorstellen dat de raadsrapporteurs hierin een belangrijke rol spelen. Daarnaast willen we benadrukken dat wensen en bedenkingen via de gebruikelijke zienswijzeprocedure kenbaar kunnen worden gemaakt. Ook kunnen we verwijzen naar de informatiebijeenkomst (webinar voor raadsleden VRU op 13 januari 2025). 3. Aanbiedingsbrief: in de aanbiedingsbrief staat aangegeven dat het bestuur de volgende zaken wil laten onderzoeken: - onderzoek naar de toekomstbestendigheid van de waterongevallenbestrijding. - Analyse naar de maatschappelijke en financiële kosten en baten van de AED-taak. - Verkenning doorbelasten dienstverlening ambulancezorg. - Verkenning doorbelasten dienstverlening liftopsluitingen. - Verkennen samenwerkingsmogelijkheden. Vraag 1: De eerste vier staan ook opgenomen als bestuurlijke opdracht. Het valt op dat de beschrijving van de opdrachten (opgenomen in de bijlage) beknopt is.
Heeft het college er voldoende vertrouwen in dat dit voldoende kader geeft om met de uitkomsten ook daadwerkelijk een goed overwogen keuze te kunnen maken? Antwoord Antwoord op vraag 1 Ja, er is vooralsnog geen reden om aan te nemen dat deze beschrijving niet voldoende kader biedt. Over het vijfde punt (verkennen samenwerkingsmogelijkheden): samenwerkingsmogelijkheden worden nu al verkend en indien mogelijk gerealiseerd. Bijvoorbeeld met de VR Gooi-& Vechtstreek en Flevoland bij de totstandkoming van de nieuwe meldkamer. Vraag 2: Bij de analyse AED worden de financiële kosten en baten alsmede de maatschappelijke kosten en baten in beginsel niet meegenomen. Kan dit alsnog direct wel worden meegenomen (of is dit een vraag om politiek te stellen)? Antwoord Antwoord op vraag 2 Het ligt niet voor de hand om vooruit te lopen op een analyse die nog gemaakt moet worden. Vraag 3: Ons is bekend dat de VRU al kosten doorberekende voor dienstverlening aan de ambulancedienst (RAVU). Is dit nog steeds het geval en wil de VRU nog onderzoeken naar de mogelijkheden van aanvullende doorbelasting? En mocht er op dit moment geen doorbelasting plaatsvinden, waarom en per wanneer is daar dan eerder mee gestopt? Antwoord Antwoord op vraag 3 De VRU ontvangt nu inderdaad al een vergoeding voor de niet spoedeisende afhijsingen, maar dit is een lumpsum bedrag.
Het is daarom niet duidelijk of dit kostendekkend is. Er wordt
onderzocht of de bestaande afspraken over het in rekening brengen van de ondersteuning kunnen worden aangescherpt, zodat de ambulancedienst een kostendekkende vergoeding betaalt voor de niet spoedeisende assistentie. Vraag 4: Voor het onderzoek naar samenwerkingsmogelijkheden staat expliciet op schaal regio Utrecht opgenomen, en midden Nederland. Rondom de VRU liggen allerlei regio’s, waarom richt de samenwerking zich alleen op het provinciale Utrecht deel en Midden Nederland? En wordt er bij dit soort samenwerkingen ook gekeken naar inhoudelijke samenwerking zoals op gebied van de energietransitie en Incidentbestrijding Gevaarlijke Stoffen (IBGS) (pagina 33)? Antwoord Antwoord op vraag 4 Samenwerking met andere regio’s buiten Midden Nederland is op onderdelen ook goed mogelijk. Midden Nederland wordt als voorbeeld genoemd omdat hier al ervaring mee is opgedaan. Maar dat ligt mogelijkheden van samenwerking met andere regio’s niet in de weg. Inhoudelijke samenwerking op gebied van energietransitie en IBGS kan hier als praktische voorbeelden (‘laaghangend fruit’) uit voortvloeien. 4. Toekomstscenario’s (Bijlage B): Benchmarks: Er staan een aantal vergelijkingen opgenomen. Die zijn anoniem gemaakt waardoor dit geen duidelijk inzicht geeft.
Vraag 1: kunt u ons voorzien niet anoniem gemaakte van de tabellen figuur 3.6, pagina 19, figuur 3.7, pagina 20? Antwoord Antwoord op vraag 1 Dat is niet mogelijk, omdat door de betreffende regio’s geen toestemming is gegeven. Bestuurlijke richtinggevende keuzes: Er staan veel bestuurlijke richtinggevende keuzes opgenomen. Vraag 2: zijn deze richtinggevende keuzes ook bekrachtigd met hierin uitgangspunten. Is het college van mening dat er niet aan deze keuzes getornd kan worden of zijn deze bespreekbaar? Deze zijn namelijk stevig bepalend zijn voor de (on)mogelijkheden om niet alleen juiste zorg/ taken te kunnen leveren maar ook de financiële effecten? Antwoord Antwoord op vraag 2 Het algemeen bestuur (AB) heeft gekozen voor duidelijkheid vooraf, om onnodige onrust te voorkomen en geen tijd te verspillen aan zaken die niet haalbaar zijn. Tegelijkertijd benadrukt het AB dat er kritisch gekeken moet blijven worden naar mogelijke besparingen. Het college onderschrijft deze lijn. De bestuurlijke keuzes zijn nog niet officieel bekrachtigd door het bestuur. Het is de bedoeling dat deze keuzes in een nadere bestuurlijke bespreking verder worden uitgewerkt en op basis daarvan worden voorgelegd aan het bestuur.
Maatwerk: Er wordt relatief veel aandacht gegeven aan maatwerk en de verrekening (pagina
25/26). Vraag 3: Heeft de beschreven ontwikkeling effect op De Ronde Venen? Antwoord Antwoord op vraag 3 De Ronde Venen neemt geen maatwerk af. Een herziening van de vergoeding van kosten voor maatwerk (TUO) kan tot een andere verdeling van de kosten leiden tussen het basistakenpakket en het maatwerk. Een hogere doorbelasting van kosten voor maatwerk kan bij gelijkblijvende werkzaamheden leiden tot een voordeel in de begroting voor het basistakenpakket. Bezetting posten: Op pagina 27 staat aangegeven dat er door de groei en beschikbaarheid ook heroverwegingen plaatsvinden om dagdienstbezettingen uit te breiden. Vraag 4: Hoe is dit voor de posten binnen De Ronde Venen en wordt er, naast aanvulling, ook gekeken naar het eventueel afschalen van kazernes waar dagdienstbezetting op basis van ervaringen wellicht niet meer noodzakelijk is? Antwoord Antwoord op vraag 4 Dit wordt momenteel verder uitgewerkt in de toekomstscenario’s en het Dekkingsplan. Wat dit specifiek voor De Ronde Venen betekent, is op dit moment nog niet duidelijk.
Tankautospuiten Vraag 5: Klopt het dat bij het aangaan van de aanbesteding voor de vervanging van de tankautospuiten en specifiek 2e basisbrandeenheden niet gekeken is naar de structurele financiële dekking? Waarom heeft het bestuur in het verleden gekozen voor incidentele onttrekking uit de reserve kapitaallasten voor dit soort zaken? Antwoord Antwoord op vraag 5 Bij de start van de aanbesteding voor de vervanging van de tankautospuiten in 2015/2016 was het meerjaren investeringsplan nog in ontwikkeling. Bij het opstellen van het materieel spreidingsplan in 2019/2020 is het inzicht gecreëerd in het benodigde materieel en de financiële dekking op basis van het meerjaren investeringsplan. Hierbij is vastgesteld dat het spreidingsplan de komende 10 jaar financieel kon worden gedekt. Door de vertraagde levering van de tankautospuiten ontstond incidentele dekking, die is ingezet om ervoor te zorgen dat de slagkracht de komende jaren zoveel mogelijk kon worden behouden in het spreidingsplan. Vraag 6: Is het zo dat er bij de aanbesteding tankautospuiten juist gekozen is om de afschrijvingstermijn van de tankautospuiten naar 20 jaar te brengen en dit dus nu weer terug te brengen naar 15 jaar? Antwoord Antwoord op vraag 6 Dat klopt. Het besluit om de afschrijvingstermijn te wijzigen naar 20 jaar is in 2016 genomen, op basis van uitkomst van de aanbesteding.
Vraag 7: Op pagina 29 staat de uniformering van de piketregeling opgenomen. Zijn deze regelingen niet landelijk vanuit de (relatief) nieuwe CAO Veiligheidsregio’s te organiseren?
Antwoord Antwoord op vraag 7 Het vaststellen van een piketregeling valt onder de autonome verantwoordelijkheid van het algemeen en dagelijks bestuur van de veiligheidsregio. De Werkgeversvereniging Samenwerkende Veiligheidsregio’s (WVSV) maakt namens haar leden afspraken met de vakcentrales over collectieve arbeidsvoorwaarden voor het personeel van de Veiligheidsregio’s. Deze afspraken worden vastgelegd in de CAR(-UWO) Veiligheidsregio’s. De WVSV heeft een landelijke uniformering van de piketregeling binnen de collectieve arbeidsvoorwaarden vooralsnog niet op de agenda staan. Vraag 8: Op pagina 66 staat dat er op basis van de bestuurlijk richtinggevende keuze gewerkt gaat worden aan het elektrificeren van het wagenpak. Zal de vervanging van voertuigen alleen conform gelende afschrijvingstermijn plaatsvinden of heeft het bestuur ervoor gekozen om dit te versnellen? Antwoord Antwoord op vraag 8 Het bestuur heeft tot op heden geen besluiten genomen om dit te versnellen. Hier kan bestuurlijk een afweging op plaatsvinden op basis van de richtinggevende keuzes die worden uitgewerkt. 5. Kadernota Risico’s Vraag 1: We lezen dat het risico aanzienlijk is toegenomen en de kans percentages op één na 50% of hoger zijn. Antwoord Antwoord op vraag 1 Dat klopt. De risico’s worden vervolgens toegelicht waarbij een analyse wordt gegeven van de omvang en de kans dat het risico zich voordoet.
Vraag 2: Zijn er op dit moment al ontwikkelingen m.b.t. de geschetste risico’s als gevolg van (landelijke) ontwikkelingen? Antwoord op vraag 2 Nee, ten opzichte van de geschetste risico’s zoals deze zijn opgenomen in de kadernota VRU 2026 hebben zich nog geen wijzigingen voorgedaan.