CConstaterende datDe Ronde Venen
Koppel je AI →
Document · PDF

250108 Technische vragen B - CDA -Vinkeveense plassen

Politieke commissie 12 februari 2025, gemeente De Ronde VenenBij agendapunt: Raadvoorstel Vaststelling bestemmingsplan Vinkeveense Plassen 20251.786 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Gemeente De Ronde Venen Vragen vanuit de Raad aan het college: A. Schriftelijke vragen als bedoeld in artikel 40 Reglement van Orde (beantwoording binnen 30 dagen) B. Technische vragen vergadering (beantwoording zo snel mogelijk) C. Technische vragen overig

Categorie:

B

Naam indiener: Jan Rouwenhorst, Rody van der Pouw-Kraan, Willem van Schaick Fractie: CDA De Ronde Venen Datum van indienen: 7 januari 2025 Onderwerp: Bestemmingsplan Vinkeveense Plassen

In te vullen door organisatie Portefeuillehouder: Datum beantwoording: Inleiding

Vragen (Antwoorden volgen direct onder de vragen)

1. In het raadsvoorstel wordt verwezen naar het door de gemeenteraad in 2018 aangenomen amendement (‘Handhaving illegale legakkers’). Gemeld wordt dat dit amendement expliciet gaat over handhaving met “als eerste prioriteit het handhaven van geconstateerde nieuwe gevallen na luchtfotomoment 2018 en niet als moment van finale verkaveling.” Ook staat in het raadsvoorstel: “Het ijkpunt voor ‘bestaande’ kavels is de luchtfoto van 27 april 2023.” (Dat is het moment vlak voor inzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan.) Graag ontvangen wij antwoord op de volgende vragen: a. Wanneer en door wie is het officiële besluit genomen om het moment van de luchtfoto 2018 te verschuiven naar het genoemde ‘ijkpunt’ van 27 april 2023 dat nu wordt gehanteerd? b. Is dit besluit gedeeld met en geaccordeerd door het provinciebestuur? Zo ja waaruit blijkt dat, zo niet, waarom niet (nodig)? c. Konden alle betrokkenen/stakeholders/indieners van zienswijzen tijdig op de hoogte zijn van dat (nieuwe) ijkpunt d.d. 27 april 2023? d. Waarom? En dan in het bijzonder: op basis van welke schriftelijke communicatie en de datum/data daarvan? e. Zo niet, welke (mogelijke) consequenties n.a.v. ingebrachte zienswijzen kunnen dan van toepassing zijn? f.

In het raadsvoorstel staat: “Het College heeft gekozen voor deze datum (luchtfoto 27 april 2023) omdat er in het (ontwerp)bestemmingsplan duidelijkheid dient te bestaan over het moment van de bestaande situatie van de verkaveling.” Waarom is bij de daaraan voorafgaande afweging geen koppeling gemaakt, dan wel geen relatie gelegd, met de luchtfoto van 2018?

g. Op basis van welke constructie is de verschuiving van het gekozen ijkpunt (nu 2023 in plaats van 2018) juridisch sluitend onderbouwd? h. Is het juist dat er zienswijzen zijn ingediend na de initiële termijn van terinzagelegging? i. Is het juist dat in het destijds ter inzage gelegen hebbende bestemmingsplan (achteraf) regels zijn aangepast en mogelijkheden zijn verruimd? 2. In het rekenkamercommissierapport van 2018 staat o.a. “(door een niet effectief toezicht en handhavingsbeleid) ontstond de situatie dat het loonde om snel illegale bouwwerken te plaatsen. Het aantal illegale bouwwerken is explosief gestegen van ca. 500 in 2010 naar meer dan 1500 in 2017. Hoeveel illegale bouwwerken er op dit moment zijn, is bij de gemeente niet bekend, maar de verwachting is dat dit aantal anno 2018 nog groter is.” In het voorliggende raadsvoorstel staat (blz. 7 onder 2.8): “Bij het bestemmingsplan zit een finale verkavelingskaart waarop 1400 kavels staan waarop bebouwing, onder de genoemde voorwaarden, mogelijk wordt gemaakt.” a. Waarom wordt nu niet het aantal illegale bouwwerken genoemd (zoals in 2018), maar wordt het aantal kavels gemeld waarop bebouwing mogelijk wordt gemaakt? b.

Hoeveel illegale bouwwerken zijn er dan nog, als uitgegaan wordt van de genoemde 1400 kavels waarop bebouwing mogelijk gemaakt wordt en de vermelding van “meer dan 1500 illegale bouwwerken in 2017 (en) de verwachting dat dit aantal anno 2018 nog groter is”? c. Hoeveel illegale bouwwerken zijn sinds het verschijnen van het rekenkamercommissierapport in 2018 al daadwerkelijk door of als gevolg van handhavend optreden afgebroken? d. Hoeveel nu al bestaande bouwwerken en situaties zullen op basis van het nieuwe bestemmingsplan naar verwachting verwijderd worden, als zijnde illegaal, gelet op de mededeling: “de focus komt steeds meer te liggen op handhaving van illegale situaties (…) en het handen en voeten geven aan de manier van toezicht en handhaving.” (blz. 8, punt 3.1)? e. Welke (harde) zekerheden zijn van toepassing dat toezicht en handhaving in het voorliggende bestemmingsplan (eindelijk) wel effectief zullen zijn en het beschikbare budget in wezen geen ondermijnende factor zal blijken voor doeltreffend optreden? 3. In onderdeel 2.5 (blz. 6) staat: “Op de zandeilanden 9, 10 en 12 wordt aangesloten bij de huidige situatie en bij recht beperkte plaatsing van tenten toegestaan.” a. Wat is op elke van deze locaties de “bestaande situatie” en waar en hoe is die duidelijker omschreven? b. Wat betekent “aansluiten bij”? c. Wat wordt bedoeld met de aanduiding “bij recht”? d.

Wat wordt, kwantitatief gezien, het maximale aantal van “beperkte plaatsing” en hoe is of wordt dat zo eenduidig mogelijk geformuleerd? 4. In het voorliggende raadsvoorstel wordt aangegeven dat o.a. voorzien wordt in beperkte bebouwingsmogelijkheden voor recreatie (blz. 2, beoogd effect). Graag meer een technisch gespecificeerde én eveneens kwantitatieve uitwerking van het begrip ‘beperkte bebouwingsmogelijkheden’, zowel uitgewerkt naar het effect op de legakkers en naar de (afzonderlijke) zandeilanden. 5. Om (nog) niet toegestane bebouwing alsnog te legaliseren (zoals op de legakkers), zal een vergunning moeten worden aangevraagd en verleend. a. Om welke specifieke vergunning(en) gaat het (nu nog) niet gelegaliseerde bouwwerken (1) op, (2) aan, en (3) rond legakkers? b. Zijn de legeskosten van de afzonderlijke noodzakelijke vergunningen al bekend en zo ja, welke leges zijn dan (volgens de meest recente uitgangspunten) van toepassing

en hoe hoog zijn de kosten daarvan? c. Is er sprake van een heldere (digitale) vergunningscheck, zodat initiatiefnemer op heel eenduidige wijze zelf kunnen controleren/vaststellen of ze op een specifieke locatie hun idee mogen uitvoeren (zoals de Vergunningscheck in het Omgevingsloket)? d. Zo niet, waarom niet? 6. Wat betreft de (uitvoerings)organisaties van de overheid die betrokken zijn bij advies, ondersteuning en beoordeling van de noodzakelijk te doorlopen vergunningaanvraag/aanvragen. a. Welke (uitvoerings)instanties zijn hierbij betrokken? b. Welke specifieke rol heeft de ODRU? c. Is gegarandeerd zeker dat de ODRU voldoende capaciteit heeft voor het tijdig verwerken van het aantal aan te vragen vergunningen binnen gestelde termijnen? d. Wat is de doorlooptijd van een vergunningaanvraag? e. Als op alle 1.400 percelen (zie blz. 7, onder 2.8) een vergunning wordt aangevraagd, wat wordt dan de doorlooptijd, gerelateerd aan de beschikbare capaciteit? f. Zijn steigers bouwwerken en zo ja, moet hiervoor (aanleg of uitbreiding) een (omgevings)vergunning worden aangevraagd en om welke specifieke vergunning(en) gaat het dan? 7. In het onderdeel Financiën (blz. 10) is een kostenoverzicht aangegeven. Dat bevat de regel “totale kosten vergunningverlening”, “opbrengst leges omgevingsvergunningen” en “saldo vergunningverlening ten gunste van het begrotingsresultaat”.

Betreffende het jaar 2025 (ervan uitgaande dat 2025 het jaar is met de meest realistische, financiële gegevens): a. Graag een duidelijke uitleg hoe sprake kan zijn van een opbrengst leges (€746.000), tegenover de inzet capaciteit en overige kosten (€601.000), ervan uitgaande dat leges hooguit kostendekkend mogen zijn volgens artikel 229b van de Gemeentewet? b. Graag een relevante uitleg hoe vanaf 2029 structureel in de tabel sprake is/kan zijn van een negatief saldo. c. Impliceert het structurele negatieve saldo vanaf 2029 dat het benodigde budget zal moeten worden verhoogd en dat die verhoging ten nadele van het begrotingsresultaat zal zijn? d. Kan dat (geëxtrapoleerde) negatieve saldo zodanig doorwerken dat niet kan of zal worden voldaan aan eerder gemaakte afspraken over de doeltreffende uitvoering van toezicht en handhaving? e. Hoe gaat die doeltreffendheid van het uitgevoerde toezicht en handhaving beoordeeld of gemeten worden? 8. Uit het gesprek met ambtenaren eind december bleek dat er verschillende (semi)overheidsorganisaties varen op de Vinkeveense Plassen. a. Welke organisaties varen op dit moment op de Vinkeveense Plassen? b. Is er een mogelijkheid tot samenwerking op het gebied van toezicht en handhaving tussen deze organisaties? c. In welke mate zal een samenwerking meetbare positieve invloed hebben op (I) de effectiviteit m.b.t.

toezicht en handhaving en (II) (een andere) verdeling van de kosten en capaciteit van alle te betrekken organisaties? d. Is er reeds contact om tot een dergelijke samenwerking te komen. Zo ja, hoe verloopt dit contact? Zo nee, waarom niet? 9. Op blz. 11, onder Communicatiecampagne, wordt aangegeven dat “een strategisch en effectief communicatieproces” wordt gestart. a. Graag een concreet verwoorde verduidelijking (dan wel ‘operationalisering’) van de begrippen ‘strategisch’ en ‘effectief’. Wat wordt daarmee precies bedoeld in acties en

de feitelijke gebeurtenissen en procesonderdelen? b. Welke criteria zijn van toepassing en opgesteld om t.z.t. te kunnen meten in hoeverre de doelmatigheid van het proces wordt of is bereikt? c. Wat betekent “het stapsgewijs begeleiden van het publiek bij het begrijpen van wat mogelijk is binnen het bestemmingsplan en het belang van tijdige aanvragen voor omgevingsvergunningen.”? d. Wat is daarbij anders dan bij andere (nieuwe) bestemmingsplannen? 10. Er is, blijkens de toelichting op het raadsvoorstel, veel en uitgebreid overleg geweest met de provincie om optimale afstemming te realiseren over het bestemmingsplan Vinkeveense Plassen. De onderstaande vragen hebben daarop betrekking. In welke schriftelijke correspondentie heeft de provincie expliciet bevestiging van en/of akkoord afgegeven voor de provincie krijgen voor: a. Verschuiven peildatum (referentiepunt) bebouwing van 2018 naar 2023 op basis van de betreffende foto’s; b. De gevolgen hiervan, dan wel het ontbreken van de gevolgen daarvoor; c. Verschuiven peildatum (referentiepunt) van perceelsplitsing. Tot wanneer toegestaan en welke datum (en situatie) geldt nu als gebruikt uitgangspunt?; d. De gevolgen hiervan, dan wel het ontbreken van gevolgen daardoor; e. De omvang van een toereikend budget om op effectieve ‘echte’ uitvoering te geven aan toezicht en handhaving; f.

Het niet onmiddellijk introduceren van de ‘poepboot’ nadat het bestemmingsplan is vastgesteld; g. (vooralsnog geen) harde eisen te stellen aan het al dan niet lozen op de plassen; h. Het besluit dat steigers bij de legakkkers niet bij de oppervlakte van bebouwing worden gerekend. 11. Kan worden toegelicht waarom op kaart 1 het woongebied Buitenborgh wel is opgenomen, maar het naastgelegen woongebied Plaswijk niet? 12. Wat is de reden voor het niet intekenen van camping De Tachtigmorgen, en hoe verhoudt deze keuze zich tot een consistent en transparant beleid ten aanzien van de vaststelling van kaartgebieden?" 13. Welke bestemming geldt er op dit moment voor het gebied rond ’t Meertje? a. Hoe verhoudt deze bestemming zich tot de agrarische bestemming die tijdens de aankoop vorig jaar nog van kracht was? b. Zijn er sindsdien wijzigingen geweest in de bestemming en, zo ja, wat is daarvan de reden? 14a. Wat is nu de precieze regeling m.b.t. de minimale afstand tussen bebouwingsgevels (I) afzonderlijk en (II) de erfgrenzen inzake risicominimalisering van brandoverslag? b. Van welke actieve betrokkenheid is hierin sprake van brandweer en bouw- en woningtoezicht? 15 Op zandeiland 4 wordt de bouw van multifunctioneel gebouw mogelijk, dat maximaal 600 vierkante meter groot mag zijn.

Komt deze bouwmogelijkheid in de plaats van de nu al bestaande (diverse) bebouwingen op zandeiland 4 of geldt dat sprake is van een nieuwe toevoeging, kortom extra uitbreiding van bebouwing?

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15009320/2