CConstaterende datDe Ronde Venen
Koppel je AI →
Document · PDF

240516 Beantwoording technische vragen - PvdAGroenLinks - VVGB Gein-Noord Abcoude - Kopie

Politieke commissie 22 mei 2024, gemeente De Ronde VenenBij agendapunt: Raadsvoorstel verklaring van geen bedenkingen voor een omgevingsvergunning voor het gebruiken van een agrarische bedrijfswoning als plattelandswoning aan de Gein-Noord in Abcoude707 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Gemeente De Ronde Venen Vragen vanuit de Raad aan het college: A. Schriftelijke vragen als bedoeld in artikel 40 Reglement van Orde (beantwoording binnen 30 dagen) B. Technische vragen vergadering (beantwoording zo snel mogelijk) C. Technische vragen overig

Categorie:

A/B/C (Doorhalen wat niet van toepassing is)

Naam indiener: Ernst Schreurs Fractie: PvdA/GroenLinks Datum van indienen: 14 mei 2024 Onderwerp: Gein Noord Abcoude

In te vullen door organisatie Behandelend ambtenaar: Annemarie Brouwer Datum beantwoording: 16 mei 2024 Volgnummer: Inleiding n.v.t. Vragen 1. Voorwaarde voor omzetting van een bedrijfswoning naar plattelandswoning is, zo lezen wij, met name dat er niet te veel geur- en geluidsoverlast mag zijn. Ofwel: een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Wordt hierbij alleen getoetst op de huidige situatie of ook op de mogelijke toekomstige situatie? Bijvoorbeeld op basis van de bestaande rechten voor uitbreiding van de betreffende naburige agrariër. Antwoord Een belangrijke voorwaarde voor het toestaan van een plattelandswoning is dat er sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. In de ruimtelijke onderbouwing die is opgesteld, is aangetoond dat er sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat voor de plattelandswoning. Uitgangspunt hierbij is dat getoetst wordt op maximale planologische mogelijkheden, waarbij de Afdeling in haar uitspraken ook ruimte biedt om uit te gaan van een representatieve invulling van wat ter plaatse planologisch maximaal is toegestaan. In deze casus is de eventuele toekomstige situatie van het agrarisch bedrijf meegenomen.

2. Als alleen gekeken wordt naar de huidige situatie, zou de toekomstige situatie wel een belemmering kunnen zijn voor omzetting? En mag/moet er ook aan de mogelijke toekomstige situatie getoetst worden bij een dergelijke aanvraag, of is dat niet toegestaan? Antwoord Zie ook 1 3. Voldoet deze omzetting naar plattelandswoning volledig aan de regels zoals opgenomen in het bestemmingsplan Buitengebied-West, als dat hier van toepassing zou zijn geweest? Zo niet, waarin wijkt deze aanvraag af? Antwoord Ja, in de bijgevoegde ontwerpbeschikking wordt gemotiveerd dat aan de raad vastgestelde voorwaarden uit het bestemmingsplan Buitengebied-West voor het toekennen van een plattelandswoning wordt voldaan. 4. De betreffende woning is een tweede bedrijfswoning.

Zijn tweede bedrijfswoningen toegestaan in het huidige bestemmingsplan? Zou de eigenaar van het agrarische bedrijf de woning in de toekomst bijvoorbeeld kunnen kopen, via het recht van eerste koop, en de woning weer om kunnen zetten naar bedrijfswoning of is dat op basis van het bestemmingsplan niet mogelijk? Vormt dat een belemmering voor het gebruik van de woning als bedrijfswoning in de toekomst, of kan een plattelandswoning ook op die wijze gebruikt worden? Antwoord Nee, de definitie van plattelandswoning in het bestemmingsplan Buitengebied-West is zodanig opgesteld dat het mogelijk is om de plattelandswoning op termijn weer te gebruiken als tweede bedrijfswoning. Doelstelling is om in de gehele gemeente dezelfde definitie te gebruiken en/of hierbij aan te sluiten. Wanneer men de plattelandswoning in de toekomst weer als bedrijfswoning wenst te gebruiken, is dit geen probleem. 5. Onder argument 1.2 staat dat er volgens jurisprudentie een VVGB nodig is van de raad. De vraag of er een VVGB nodig is, wordt naar ons weten bepaald op basis van de door de raad vastgestelde lijst waarbij wel of geen VVGB nodig is.

Valt deze ontwikkeling daaronder? Of heeft de noodzaak voor een VVGB alleen een basis in jurisprudentie? Zo ja, wat is deze jurisprudentie en waar is deze op gebaseerd? Antwoord Het is juist dat op basis van de door de gemeenteraad vastgestelde lijst (Lijst met categorieën van gevallen als bedoeld in artikel 6.5, lid 3, van het Besluit omgevingsrecht waarvoor geen verklaring van geen bedenkingen van de gemeenteraad vereist is) bepaald wordt of er een VVGB nodig is of niet. Dus als de gewenste ontwikkeling op de lijst staat, is er geen VVGB van de gemeenteraad nodig. In het verleden zijn wij bij het beoordelen van een andere aanvraag voor het omzetten van een agrarische bedrijfswoning naar een plattelandswoning ervan uitgegaan dat daarvoor geen VVGB aan de raad hoefde te worden gevraagd. De rechtbank heeft in haar uitspraak in beroep over deze zaak bepaald dat deze aanvraag niet onder één van de op de lijst opgenomen categorieën valt en dat wel een VVGB aan de raad had moeten worden gevraagd. Dit is de jurisprudentie waarnaar verwezen wordt.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14158886/2