240403 Beantwoording technische vragen B - PvdAGroenLinks - Klimaatadaptatieplan 2024 - 2027
Tekst van het document
Gemeente De Ronde Venen Vragen vanuit de Raad aan het college: A. Schriftelijke vragen als bedoeld in artikel 40 Reglement van Orde (beantwoording binnen 30 dagen) B. Technische vragen vergadering (beantwoording zo snel mogelijk) C. Technische vragen overig
Categorie:
A/B/C (Doorhalen wat niet van toepassing is)
Naam indiener: Pieter Kroon Fractie: PvdA/GroenLinks Datum van indienen: 2 april 2024 Onderwerp: Klimaatadaptatieplan 2024 – 2027
In te vullen door organisatie Portefeuillehouder: Maarten van der Greft Datum beantwoording: 03-04-2024 Inleiding n.v.t. Vragen 1. Er wordt in het plan gesproken over een ‘nuchtere en doelmatige aanpak’. Wat wordt er hierbij verstaan onder nuchter? Dat leest haast alsof er over de uitdaging voor wat betreft klimaatadaptatie niet nuchter gedaan zou worden door ‘anderen’? Antwoord: ‘nuchter’ gaat hierbij niet om hoe wij naar de uitdagingen m.b.t. klimaatadaptieve regelen kijken. Het vat de manier waarop wij omgaan met klimaatadaptieve maatregelen wel goed samen. Tijdens de voorbereidende bijeenkomst werd na de uitleg van de organisatie de werk- en denkwijze door een aanwezig raadslid als ‘nuchter’ omschreven. Wij vonden deze typering treffend voor de ondertitel van het Klimaatadaptieplan. 2. Op pagina 21 van het plan wordt gesproken over drie mogelijke scenario’s. Voortzetten huidige praktijk, bewuste inwoner en versnellen. In het plan wordt gekozen voor het scenario ‘bewuste inwoner’. Het scenario ‘versnellen’ wordt vooral beschreven als duur en kapitaalvernietiging. Kan een kwantificatie gegeven worden van de extra kosten en kapitaalvernietiging in het scenario ‘versnellen’ in relatie tot het nu gekozen scenario? Op basis van deze algemene informatie is het namelijk lastig om een goede afweging te maken. De boodschap is
vooral dat het onverstandig is en in feite een onrealistisch scenario, zonder cijfermatige onderbouwing. Antwoord: Een cijfermatige onderbouwing is niet te geven. De mogelijke maatregelen zijn te verschillend. Wel kan gezegd worden dat het werk met werk maken een efficiënte werkwijze is. De weg ligt immers dan toch al open. Met deze werkwijze kunnen met relatief lage meerkosten klimaatadaptieve maatregelen treffen. 3. Op pagina 24 wordt gesproken over de vervanging van verharding voor groen. Dit is positief voor zowel afwatering als verkoeling. Voor het laatste effect zijn echter ook vooral (grotere) bomen effectief. Bij de acties (2.3) wordt echter gesproken over ‘verlaagd groen’. Wordt er hierbij ook ingezet op de plaatsing van bomen bij vervanging verharding? Antwoord: De actie bij 2.3. waarin gesproken wordt over “verlaagd groen” valt onder het kopje wateroverlast. Daar gaat het om de vierkante meters waar water de bodem in kan dringen. Ook bij deze acties kijken we ook naar de mogelijkheden om bomen te planten. 4. In aanvulling hierop: bij actie 4.3 wordt aangegeven dat gekozen wordt voor bomen met een zoveel mogelijk koelend effect, maar ook passend bij het type groen (buurtgroen, wijkgroen). Dit kan elkaar in de weg zitten, omdat bij buurt- en wijkgroen vooral kleinere bomen zijn bedacht die een minder koelend effect hebben.
Zijn de verwachte effecten van de maximale grootte van bomen in het wijk- en buurtgroen naar verwachting voldoende om de grootste effecten van toekomstige hittestress te voorkomen? Antwoord: In het groenbeleidsplan 2017-2040 Is het speerpunt opgenomen “Hoge bomen waar het kan, kleine bomen waar het moet’ De insteek is om grote bomen te plaatsen. Echter nabij woningen is het plaatsen van grote bomen moeilijker. Algehele hittestress kunnen we niet voorkomen. Wel kunnen we met behulp van bomen voor koelere plekken zorgen. De gevoelstemperatuur bij een boom ligt veel lager. 5. Op pagina 24 wordt gesproken over het enerzijds stimuleren van inwoners om klimaatadaptieve maatregelen te nemen en anderzijds om zaken te reguleren en borgen. Zijn er ook mogelijkheden om klimaatadaptieve maatregelen, en dus vergroening, via regulering te realiseren? Ook op privéterreinen? Bijvoorbeeld een maximaal percentage verharding in tuinen. Of juist stimuleringsregelingen via een korting op de rioolheffing bij voldoende klimaatadaptieve maatregelen op eigen terrein, waarmee belasting van het rioolnet kleiner wordt? Zo ja, welke mogelijkheden zijn dat en wordt dat ook bedoeld met hetgeen onder reguleren en borgen staat? Antwoord: Regulering is vooral mogelijk op ons eigen areaal. Hiervoor ligt het WRP en straks ook het Klimaatadaptatieplan ten grondslag.
Regulering op privéterreinen ligt veel moeilijker. Momenteel is de tendens in Nederland om de inwoners te stimuleren en waterbewust te maken. Het invoeren van een korting op de rioolheffing vereist een zeer uitgebreide inventarisatie. Daarnaast moet deze administratie continue bijgehouden worden. De kosten hiervan wegen niet tegen de baten op. Ook als verhard oppervlak wordt verkleind blijft de huidige riolering noodzakelijk. Het rioolnet verkleinen gaat niet. Daarmee worden de kosten voor de riolering niet lager.
6. Is er een doorkijk beschikbaar van de huidige inrichting van onze gemeente en de benodigde toekomstige inrichting voor een klimaatadaptieve gemeente? Kortom: is er een start- en benodigd eindbeeld? En is er een beeld van wanneer we dat eindbeeld met de nu voorgestelde inzet zouden bereiken? En dus een doorkijk naar een klimaatbestendige gemeente? Los van enige onzekerheid als gevolg van eventuele wijzigingen in het benodigde eindbeeld, als gevolg van nieuwe ontwikkelingen in het veranderende klimaat. Antwoord: We weten uit de stresstesten hoe onze gemeente er nu voorstaat. Aan de hand van de genoemde documenten in hoofdstuk 3 zoals de “Afspraken klimaatadaptief bouwen Utrecht” en de “maatlat groene klimaatadaptieve gebouwde omgeving” weten we de richting waar we heen gaan. Voor de uitvoering van grootschalige projecten waar klimaatadaptatie mee kan liften houden we het “Beheerplan wegen” aan. Periodiek wordt het “Beheerplan wegen” en ook het “Water- en Rioleringsplan” en het “Klimaatadaptatieplan” bijgesteld. Met deze werkwijze blijven we inspelen op de ontwikkelingen binnen onze gemeente.