CConstaterende datDe Ronde Venen
Koppel je AI →
Document · PDF

231130 Beantwoording technische vragen B PvdAGroenLinks - Subsidiebeleid

Politieke commissie 7 december 2023, gemeente De Ronde VenenBij agendapunt: Raadsvoorstel Subsidiebeleid992 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Gemeente De Ronde Venen Vragen vanuit de Raad aan het college: A. Schriftelijke vragen als bedoeld in artikel 39 Reglement van Orde (beantwoording binnen 30 dagen) B. Technische vragen vergadering (beantwoording zo snel mogelijk) C. Technische vragen overig

Categorie:

A/B/C (Doorhalen wat niet van toepassing is)

Naam indiener: Fractie: PvdA/GroenLinks Datum van indienen: 29 november 2023 Onderwerp: Subsidiebeleid

In te vullen door organisatie Behandelend ambtenaar: Henrike Geurkink Datum beantwoording: 29 november 2023 Volgnummer: Inleiding n.v.t. Vragen 1. Onder argument 2.4 van het raadsvoorstel wordt gesproken over standaardbedragen op basis van de omvang van de vereniging. Om wat voor verenigingen gaat het hier? Waarom is specifiek voor het criterium ledenaantal gekozen? En niet wat bijvoorbeeld nodig is voor het in stand houden van een vereniging en de maatschappelijke functie die zo'n vereniging heeft? Het type vereniging is immers ook van invloed op de kosten en benodigde subsidie. Daarnaast is er ongetwijfeld ook een verschil in de mate waarin een vereniging bijdraagt aan gemeentelijke doelen. Antwoord: Dit gaat specifiek om waarderingssubsidies. Hierbij gaat het om relatief kleine subsidies (onder €10.000) voor met name culturele verenigingen, zoals muziekverenigingen. De subsidie wordt bij waarderingssubsidies niet verstrekt voor specifieke activiteiten, maar omdat de gemeente belang hecht aan het bestaan van dergelijke verenigingen. De omvang van de subsidie voor dit soort verenigingen is nu veelal historisch gegroeid. Het lijkt ons wenselijk dit te harmoniseren, zodat we onderlinge verschillen in hoogte van de subsidie beter kunnen uitleggen.

Daarvoor hebben we gekeken naar subsidieregelingen voor waarderingssubsidies van andere gemeente en daar wordt vaak gewerkt met ledenaantallen of bereik van de vereniging.

De wijze van ondersteuning van culturele verenigingen en organisaties komt ook aan de orde in het Kunst en Cultuurplan dat volgend jaar aan de raad wordt aangeboden. Op basis hiervan en het subsidiebeleid wordt een subsidieregeling voor waarderingssubsidies gemaakt, waarin de voorwaarden verder worden uitgewerkt. In het subsidiejaarplan willen we al meer inzicht geven in welke subsidies onder de waarderingssubsidies vallen en welke onder de andere typen subsidies. 2. Op pagina 11, 2.3.1, staat het volgende: "2.3.1 Subsidies dragen bij aan doelstellingen uit vastgesteld beleid zoals bedoeld in uitspraak 2.2.1, doelstellingen uit de gemeentebegroting of wettelijke verplichtingen; andere subsidies worden afgebouwd of niet verstrekt." Wordt hierbij ook gekeken of overal wel beleidsdoelen voor geformuleerd zijn? Zo kan het zijn dat een subsidie aan een organisatie bijdraagt aan een wenselijke voorziening, zonder dat dat een vertaling heeft gehad naar een concreet in beleid opgenomen beleidsdoel. Toch kan het wel dusdanig wenselijk zijn, dat het een beleidsdoel verdient. Hoe wordt daarmee omgegaan? Antwoord: Er moet altijd sprake blijven van flexibiliteit om wenselijke voorzieningen of activiteiten te ondersteunen. Dit hebben we opgenomen onder argument 1.2 in het raadsvoorstel en de wet biedt daar ook ruimte voor.

Wanneer het gaat om een structurele voorziening verdient het wel aanbeveling om dit alsnog ergens kenbaar vast te leggen. Het nieuwe instrument van het subsidiejaarplan kan hier ook bij helpen. Uitspraak 2.3.1 is opgenomen om altijd te blijven toetsen of een subsidie wel bijdraagt aan (expliciete of impliciete) gemeentelijk doelen. Sommige aanvragen kunnen sympathiek zijn, maar toch niet voor gemeentelijke ondersteuning in aanmerking komen. 3. Op pagina 19 wordt gesproken over KPI's die tot stand komen in overleg tussen gemeente en subsidiepartner. Wordt bij het opstellen van deze KPI's ook een duidelijke koppeling gemaakt met beleidsdoelen die door de gemeenteraad zijn vastgesteld in verschillende beleidsstukken? Dan ontstaat er namelijk een duidelijke koppeling tussen beleid, in KPI's vastgelegde indicatoren en daarop verleende subsidie. En zo ja, wordt dat ook inzichtelijk gemaakt? Antwoord: Het is de bedoeling om een betere relatie te leggen tussen gemeentelijke beleidsdoelen, verleende subsidies en de voorwaarden die hieraan worden verbonden in de vorm van KPI’s. Inzicht in deze relatie wordt gegeven in het subsidiejaarplan.

4. Er wordt gesproken over een jaarcyclus waarbij organisaties in Q1 van het jaar voorafgaand op het jaar waarop de subsidie verleend wordt al aan moeten geven wat nodig is. Dat is prettig voor onze P&C cyclus, maar betekent ook dat een organisatie in Q1 van zeg 2024 al moet weten wat ze in heel 2025, en dus ook zeg Q4 van 2025, gaan doen en nodig hebben. Dat lijkt ons best een opgave. Dit instrument wordt vooral toegepast voor grotere subsidies en dus

ook ontvangers die wellicht meer mogelijkheden daartoe hebben. Maar daar zouden we wel graag wat meer inzicht in krijgen. Welke organisaties betreft dit en is dit voor deze organisaties ook een haalbare opgave? Antwoord: Het subsidiebeleid omschrijft dat het belangrijk is dat gemeente en subsidieontvangers door het jaar heen met elkaar in contact blijven. Zodat we het van elkaar weten als zich ontwikkelingen voordoen die effect kunnen hebben op de middelen die nodig zijn of de activiteiten die uitgevoerd kunnen worden. Door in Q1 van het jaar gezamenlijk stil te staan bij de vraag of er ontwikkelingen zijn waar we rekening mee moeten houden, kunnen we dit meenemen in de kadernota. In de huidige situatie wordt hier vaak pas in aanloop naar de subsidieaanvraag (Q3) over nagedacht, maar dan is de programmabegroting al gemaakt. Het is dus niet de bedoeling om dwingend aan organisaties te vragen in januari al een begroting voor het jaar erop klaar te hebben, maar juist om hen de kans te bieden om op tijd met ons in gesprek te gaan over ontwikkelingen die mogelijk gevolgen hebben voor de subsidieaanvraag. Andersom kan het ook zo zijn dat na de behandeling van de kadernota en het subsidiejaarplan er keuzes zijn gemaakt die gevolgen kunnen hebben voor subsidieontvangers. Dan is er nog voldoende tijd om hier samen naar te kijken.

Op dit moment komt een dergelijke wijziging pas aan de orde bij de behandeling van de programmabegroting. Wij verwachten dat dit met name voor grote subsidiepartners zoals Tympaan De Baat, de bibliotheek en de grote dorpshuizen van toegevoegde waarde zal zijn.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13550117/2