CConstaterende datDe Ronde Venen
Koppel je AI →
Document · PDF

231109 Beantwoording technische vragen - ChristenUnie-SGP - Vastgoedbeheer

Gemeenteraad 27 november 2023, gemeente De Ronde VenenBij agendapunt: Raadsvoorstel Integraal Vastgoed beheerplan 2023-20271.440 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Gemeente De Ronde Venen Vragen vanuit de Raad aan het college: A. Schriftelijke vragen als bedoeld in artikel 39 Reglement van Orde (beantwoording binnen 30 dagen) B. Technische vragen vergadering (beantwoording zo snel mogelijk) C. Technische vragen overig

Categorie:

A/B/C (Doorhalen wat niet van toepassing is)

Logo

Naam indiener: Wim Stam Fractie: ChristenUnie-SGP De Ronde Venen Datum van indienen: 6-11-2023 Onderwerp: RV Integraal Vastgoedbeheerplan 2023 - 2027 In te vullen door organisatie Behandelend ambtenaar:André van Leeuwen/Gilbert Okx Datum beantwoording: 9 november 2023. Volgnummer: Inleiding . Vraag: NAV Raadsvoorstel 1) Waarom is er geen keuze gemaakt mbt de toekomst van de Polderbloesem; hoe lang staat het al leeg, waar is het het meest recent (afgezien van antikraak bewoning) voor gebruikt? Er is nog geen keuze gemaakt omdat binnen het beleidsplan Maatschappelijk vastgoed en dorpshuizen (2024) onderzocht wordt om het maatschappelijk vastgoed zo efficiënt mogelijk in te zetten. In dit onderzoek is de Polderbloesem ook betrokken. Intentie is om in 2024 een definitieve beslissing te nemen. Het object staat leeg sinds 1 januari 2023 en was daarvoor in gebruik als kinderdagverblijf. 2) Wegen de inkomsten van antikraak bewoning (we gaan ervan uit dat de bewoners een bescheiden huurprijs betalen) op tegen de kosten van onderhoud? Het gebouw is antikraak aan een vastgoedbeschermer uitgegeven. Daar staan geen opbrengsten tegenover. De onderhoudskosten bedragen € 2.700 per jaar en daarnaast zijn er kosten voor verzekering van het opstal (circa € 800), elektra (circa € 3.000) en belastingen (circa € 1.000).

3) Is er enige kans of voornemen om het pand alsnog te gaan gebruiken in de toekomst? Zo niet, waarom is er dan niet voor gekozen om het pand alvast te slopen (voorkomt verpaupering)? Die kans is aanwezig, zie hiervoor onder 1. Sloop is niet logisch zolang onderzoek loopt en gebouw vertegenwoordigt ook een waarde.

4) Wij begrijpen dat deze investeringen en kosten nog niet in de begrotingen van 2023 en 2024 zijn verwerkt en ook niet in de 2 e BRAP die we afgelopen donderdag hebben vastgesteld? Dat klopt. De cijfers van het integraal vastgoedbeheer zijn op 16 oktober 2023 definitief ontvangen. Op dit tijdstip was de begroting en de 2 e berap al in de bestuurlijke besluitvorming en was er nog geen voorstel vanuit het college voor uw raad. Het is een bevoegdheid van uw raad om budgetten vast te stellen, aangezien hier nog geen besluitvorming over was kon dit niet opgenomen worden in de begroting 2023, 2024 en in de 2 e berap. 5) Waarom vraagt u nog een investeringsbudget voor 2023 als het jaar al zo ongeveer om is? Een deel van de investeringen is reeds uitgegeven maar deze zijn verkeerd geboekt. Met de vaststelling van dit plan en beschikbaar stellen van het budget wordt dit hersteld. De intentie was om dit plan eerder vast te stellen maar vanwege andere uitgangspunten is dit later geworden. We gaan in het laatste kwartaal van 2023 de eerste investeringswerkzaamheden uitvoeren. Dit houdt in dat deze werkzaamheden doorlopen naar 2024.

6) Kunt u een overzicht aanleveren van toekomstige voorstellen dit jaar of volgend jaar met, naar verwachting, substantiële kosten (meer dan 250.000) en/of substantiële investeringen (meer dan 1 miljoen) die nog niet in de begrotingen van 2023 of 2024 zijn verwerkt? In 2024 zal het beleidsplan Maatschappelijk Vastgoed worden voorgelegd aan uw raad, de financiële consequenties hiervan zijn nog niet inzichtelijk NAV Beheerplan 7) In tabel 3 geeft u een exploitatie overzicht, waarin wel een jaarlijkse dotatie aan de onderhoudsvoorziening (we nemen aan tabel 11, klopt dat?) is opgenomen maar geen onttrekking. Of moeten de regel “beschikbare middelen” zien als onttrekking uit de voorziening. En indien dat niet zo is, wat wordt dan bedoeld met “beschikbare middelen”? De beschikbare middelen zijn de budgetten van gebouwen die ingezet kunnen worden voor het uitvoeren van het integraal vastgoedbeheerplan. De kosten die te maken hebben met de onderhoudsvoorziening worden direct verrekend met de voorziening. 8) In het beheerplan zitten ook maatregelen mho op verduurzaming. Dat levert dus ook een besparing in de energielasten op. In die gevallen dat het pand niet door de gemeente wordt gebruikt, is dat een voordeel voor de gebruiker die lagere kosten heeft.

Wordt de investering in dat geval op enigerlei wijze nog verhaald op de gebruiker (bv door een verhoging van huurtarieven)? Bij de woningen zal dat invloed hebben op de hoogte van de huren. Voor de overige gebouwen geldt dat dit afhankelijk is van de contracten die met partijen zijn aangegaan. Daarnaast geldt dat de toekomstige waarde van de gebouwen wordt verhoogd. 9) Waarom wordt gekozen voor externe expertise voor advies (in plaats van eigen personeel) aangezien die een structurele kostenpost is (in ieder geval voor 10 jaar) en die expertise ongetwijfeld ook bij andere projecten ingezet kan worden? Bij complexe aanbestedingen, duurzaamheidsvraagstukken en begeleiding tijdens de uitvoering hiervan, is de specifieke kennis niet in huis aanwezig. Het is daarom noodzakelijk om dan gericht externe expertise in te kunnen zetten om de voortgang erin te houden. Daarnaast is de expertise telkens anders. De inschatting is gebaseerd op de kosten van voorgaande jaren. Daarnaast is het erg lastig om in de huidige markt voor deze specifieke taak vast personeel te vinden. 10) Er zijn een tiental objecten met de kwalificatie “dispositie”; kunt u enige duiding geven of en wanneer die panden worden afgestoten en wat er met de netto opbrengst (verkoop-kostenboekwaarde) gebeurt? Ten aanzien van deze objecten geldt dat de huidige bewoners een huurovereenkomst hebben voor onbepaalde tijd.

Het betreft veelal oudere bewoners. Op het moment dat deze objecten vrij

komen, door opzegging van de huur als gevolg van verhuizing of overlijden worden deze objecten via de makelaar te koop aangeboden. De netto opbrengst valt vrij in de algemene reserve. 11) Er zijn 13 objecten die ca 70% van het energieverbruik voor hun rekening nemen; welke 13 zijn dat en wat is de beoogde aanpak van deze objecten (versneld afstoten, als eerste renoveren, etc…)? Hier staat abusievelijk nog een oud stukje tekst. Betreft onder andere; Gymzalen De Brug, de Eendracht en Sporthal de Phoenix deze zijn opgenomen in het IHP onderwijs met de daarbij behorende werkzaamheden en planning. Veenweidebad mogelijkheden verduurzaming onderzocht en zaken met snelle terugverdientijd toegepast , brandweerkazernes gerenoveerd/nieuwbouw, gemeentehuis nieuwbouw, Trekvogel sloop en gemeentewerven verduurzaming op natuurlijk moment gelijktijdig met onderhoud. In dit vastgoedbeheerplan wordt onderhoud en verduurzaming integraal opgepakt. 12) Waarom ontbreekt in de tabel 11 over de onderhoudsvoorziening het jaar 2022 (daarvan is de programmarekening al maanden geleden vastgesteld, dus de uitkomsten van die voorziening moeten ook bekend zijn); graag alsnog de cijfers over 2022 en (indien mogelijk) een prognose voor 2023. Onderstaand overzicht komt uit de programmarekening 2022.

In onderstaande tabel is het nieuwe verloop van de onderhoudsvoorzieningen opgenomen. Saldo op 1 januari Toevoegingen Vrijval ten gunste van de exploitatie Aanwendingen Saldo op 31 december

2022 2.146.216,85 963.606,16 -337.875,06 -882.855,50 1.889.092,45

2023 1.889.092,45 404.750,00 0,00 -529.228,38 1.764.614,07

2024 1.764.614,07 330.250,00 0,00 -301.852,00 1.793.012,07

2025 1.793.012,07 330.250,00 0,00 -159.921,00 1.963.341,07

2026 1.963.341,07 330.250,00 0,00 -546.744,00 1.746.847,07

2027 1.746.847,07 330.250,00 0,00 -171.316,00 1.905.781,07

2028 1.905.781,07 330.250,00 0,00 -212.080,00 2.023.951,07

2029 2.023.951,07 330.250,00 0,00 -1.008.747,00 1.345.454,07

2030 1.345.454,07 330.250,00 0,00 -209.109,00 1.466.595,07

2031 1.466.595,07 330.250,00 0,00 -80.966,00 1.715.879,07

2032 1.715.879,07 330.250,00 0,00 -330.517,00 1.715.612,07

13) Indien we het investeringsbudget (tabel 2) zouden beperken tot (bv) 500.000 per jaar (ongeveer het gemiddelde over de hele periode in deze tabel) te beginnen in 2024; wat zou daarvan de consequentie zijn? Het gemeentelijk vastgoed wordt in zijn algemeenheid onderhouden op conditieniveau 3 (redelijk niveau ofwel sober en doelmatig). De keuze om een gebouw matig tot zeer slecht te onderhouden heeft impact op de omvang van de investeringen. Daarnaast heeft dit gevolgen voor de dienstverlening voor onze inwoners. In dit voorstel is uitgegaan van conditieniveau 3. Door de investeringen uit te voeren zorgt ervoor dat in de toekomst geen desinvesteringen nodig zijn en zorgt bij verkoop voor een hogere waarde van de gebouwen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13462042/2