231004 Afdoen toezegging 23039 LEF DRV - Veiligheid VOP
Tekst van het document
Toezegging nr. 23039 Onderwerp: Mobiliteits- en verkeersveiligheidsplan: De portefeuillehouder zegt toe schriftelijk terug te komen op de veiligheid bij oversteekplaatsen. (vragensteller mevrouw Borgstede, LEF DRV) Antwoord: Onderzoek SWOV over veiligheid Voor de beantwoording van de vraag over de veiligheid van oversteekplaatsen is bekeken of SWOV onderzoek heeft uitgevoerd naar dit onderwerp. SWOV (Stichting Wetenschappelijk Onderzoek Verkeersveiligheid) is het nationaal wetenschappelijk instituut voor verkeersveiligheidsonderzoek. SWOV beantwoordt op haar website de vraag: “Hoe veilig zijn zebrapaden (voetgangersoversteekplaatsen) en andere oversteekvoorzieningen?” De SWOV geeft aan dat voetgangers op 50 km/uur-wegen bij voorkeur oversteken op kruispunten of rotondes, waarbij rotondes het meest veilig zijn. Het is binnen wegvakken van 50km/uur-wegen voor voetgangers veiliger om over te steken op voetgangersoversteekplaatsen dan daarbuiten. Het veiligste zijn oversteekplaatsen met verkeerslichten. De SWOV geeft verder aan dat het aanbrengen van alleen zebramarkering geen groot effect heeft. Dit komt door de kleine hoek waarmee een automobilist op het wegdek kijkt. De markering op het wegdek is van een afstand moeilijk waar te nemen. Om wel een positief effect te bereiken is het wenselijk om maatregelen zoals bebording en snelheidsremmers toe te passen.
Dit verbetert de zichtbaarheid en vermindert de naderingssnelheid van het verkeer. Onderzoek Kennisnetwerk SPV over gedrag Op de website van het Kennisnetwerk SPV (Strategisch Plan Verkeersveiligheid) wordt ingegaan op de invloed van voetgangersoversteekplaatsen op het gedrag van voetgangers. Uit onderzoek blijkt dat sommige oversteekvoorzieningen veiliger zijn dan andere, maar het is niet bekend of dat komt doordat voetgangers of juist de andere weggebruikers zich veiliger gedragen. Sommige onderzoeken laten zien dat oversteekvoorzieningen (zowel met als zonder verkeerslichten) leiden tot een soort schijnveiligheid: omdat voetgangers zich veilig voelen, vertonen ze risicovoller gedrag. Andere studies laten juist veiliger gedrag zien, ook omdat voetgangers zich bij een oversteekvoorziening juist minder veilig voelen en dus voorzichtiger zijn. Er is overigens weinig onderzoek naar de veiligheid van oversteekvoorzieningen in Nederland gedaan; de hier beschreven maatregelen en effecten zijn voornamelijk gebaseerd op onderzoek uit de Verenigde Staten en Europese studies. Het is daarbij de vraag of de uitkomsten zo maar zijn te vertalen naar Nederland. Conclusie onderzoek veiligheid De conclusie is dat een oversteekplaats bij een rotonde of kruising vanuit verkeersveiligheid de voorkeur heeft.
Op een wegvak is een voetgangersoversteekplaats ook veiliger, maar is het wel noodzakelijk dat er aanvullende maatregelen worden genomen, zoals het aanbrengen van een verhoging ter hoogte van de oversteekplaats (drempel), het verbeteren van de (extra) verlichting en
aanvullende snelheidsremmende maatregelen om de zichtbaarheid te verbeteren en de naderingssnelheid te verlagen. Gemeentelijk beleid voetgangersoversteekplaatsen De gemeente heeft enige tijd gelden een inventarisatie uitgevoerd naar de bestaande voetgangersoversteekplaatsen. Dat zijn er zo’n 95. Daaruit kwam naar voren dat de zichtbaarheid van de oversteekplaatsen niet overal op orde is en de naderingssnelheid te hoog. Het college heeft toen aangegeven eerst de bestaande oversteekplaatsen op orde te willen brengen en terughoudend te zijn de aanleg van nieuwe oversteekplaatsen. En bij nieuwe oversteekplaatsen moeten sowieso de richtlijnen qua zichtbaarheid en naderingssnelheid in acht worden genomen.