230615 Beantwoording technische vragen B - PvdAGroenLinks - Startnotitie Kunst en cultuur
Tekst van het document
Gemeente De Ronde Venen Vragen vanuit de Raad aan het college: A. Schriftelijke vragen als bedoeld in artikel 39 Reglement van Orde (beantwoording binnen 30 dagen) B. Technische vragen vergadering (beantwoording zo snel mogelijk) C. Technische vragen overig
Categorie:
A/B/C (Doorhalen wat niet van toepassing is)
Naam indiener: Pieter Kroon/Monique Prins Fractie: PvdA/GroenLinks Datum van indienen: 15 juni 2023 Onderwerp: Startnotitie kunst en cultuur
In te vullen door organisatie Behandelend ambtenaar: Wendy de Waal Datum beantwoording: 15 juni 2023 Volgnummer: Inleiding n.v.t. Vragen Startnotitie Kunst en cultuur 1. Onder ambitie 1.1. wordt gesteld dat de cultuursector eerlijk beloond wordt. Betekent dit dat we als gemeente de Fair Practice Code en Fair Pay gaan hanteren? Vragen we dit dan ook van door de gemeente gesubsidieerde partners? Zo ja, hoe controleren we dit en heeft dit ook gevolgen voor de hoogte van de subsidies? Antwoord: Het is de ambitie om deze codes te hanteren en dit ook te vragen van onze subsidie-partners. In het uiteindelijke beleidsplan moet uitgewerkt worden hoe dit te controleren is. Er moet gekeken worden in hoeverre dit van invloed is op de hoogte van de subsidies. 2. Onder ambitie 1.2 wordt gesproken over het opnieuw bezien van het verstrekken van subsidies. Vanuit het veld hebben wij nog weleens kritiek gehoord op het verstrekken van subsidies aan organisaties die dat vervolgens weer verder moeten verdelen, zoals Cultuurpunt Ronde Venen. Deze structuur maakt subsidieverlening niet altijd even transparant. Wordt er opnieuw naar die structuur gekeken? Wat is de inzet daarbij?
Antwoord: Voor het verstrekken van de subsidies binnen kunst en cultuur zal er vooral een verandering nodig zijn met betrekking tot doelstellingen, opdrachten en kpi’s. Dat geldt ook voor subsidies die aan organisaties als het Cultuurpunt worden verstrekt. De structuur wordt opnieuw bekeken en voor het nieuwe beleidsplan nader uitgewerkt. 3. Onder diezelfde ambitie wordt gesproken over het belonen van vernieuwing en innovatie. Wie beoordeeld dat en hoe wordt bepaald of iets vernieuwend of innovatief is? Wat is de reden om specifiek op vernieuwing en innovatie in te zetten? Een vernieuwend idee kan immers ook langjarig van toegevoegde waarde zijn. Antwoord: De ambitie is koesteren wat er al is, maar ook ruimte creëren voor nieuwe ideeën. Op dit moment wordt er vooral subsidie verleend aan organisaties en activiteiten die al jaren bestaan, waardoor er weinig ruimte overblijft voor nieuwe ideeën. Vernieuwende en innoverende initiatieven dragen bij aan het toekomstbestendig maken van het cultuuraanbod. 4. Onder ambitie 1.3 wordt gesproken over minder versnippering. Over welke versnippering gaat het hier? Sturen op samenwerking in het sociaal domein is logisch, maar lijkt in de kunst- en cultuursector niet bevorderlijk. Samenwerkingen ontstaan waar die meerwaarde heeft voor hetgeen er gemaakt wordt.
Wat is de reden dat hiervoor gekozen wordt? Antwoord: Er is een veelheid aan initiatieven, waarin ook overlap is. Samenwerking en verbinding kunnen, zeker daar waar overlap is, zeker gestimuleerd worden. 5. Onder ambitie 1.4 wordt gesproken over verjonging van de sector en in één adem over vrijwilligers. Verjonging kan echter ook betrekking hebben op professionele, niet vrijwillige, kunstenaars. Vallen zij ook onder deze ambitie? Antwoord: Inderdaad 2 verschillende manieren van verjongen. Verjonging onder vrijwilligers is noodzakelijk om de voortzetting van activiteiten en organisaties te waarborgen. Verjonging gaat ook, maar in mindere mate, over het aanbod zelf en de doelgroepen die bereikt worden. 6. Onder ambitie 1.5 wordt gesproken over digitalisering. Dit kan de toegankelijkheid vergroten, maar is het niet aan de sector zelf om hier keuzes in te maken? Waarom vragen we dit als gemeente? Antwoord: Te denken valt aan onder andere de website van de kunstuitleen (KuRVe) en van de kunst en monumenten in de buitenruimte (van Henk Butink). Deze worden beheerd door externen (op leeftijd), maar zowel de kunstuitleen als de monumenten en buitenkunst vallen onder verantwoordelijkheid van de gemeente. Maar ook een heldere website met daarop het gehele aanbod en activiteitenprogramma kan noodzakelijk zijn.
In hoeverre dit een taak van de gemeente is wordt voor het uiteindelijke plan verder onderzocht. 7. Onder ambitie 1.6 wordt cofinanciering en specialisering hierin als voorwaarde gesteld, uit angst voor afhankelijk worden van de gemeente. Tegelijkertijd vraagt dit extra inspanning voor het vinden van cofinanciering die vaker niet dan wel aanwezig is. Dat kan betekenen dat projecten
niet van de grond komen en de cultuursector alsnog achteruitloopt. Hoe wordt dat voorkomen? Antwoord: Vanuit de provincie en het rijk zijn diverse subsidies voor cofinanciering van culturele activiteiten. Ook het gebruik maken van sponsors behoort tot de mogelijkheden. Een organisatie als het Cultuurpunt of een eventuele cultuurcoach kan organisaties hierin ondersteunen en adviseren. Voor andere subsidies, bijvoorbeeld het bewonersbudget, geldt al de voorwaarde dat cofinanciering tenminste onderzocht dient te zijn. 8. Onder ambitie 1.7 wordt gesproken over beleid voor kunst in het gemeentehuis en de openbare ruimte. Wordt dat niet opgenomen in dit beleidsstuk? Wordt daarbij ook aandacht gegeven aan het transparant in de markt zetten van opdrachten, zodat (lokale) kunstenaars hiervan op de hoogte zijn en hierop kunnen reageren? Wordt hierbij ook een marktconform tarief gehanteerd? Wordt bij kunst in nieuwe wijken ook de 1%-norm gehanteerd? En wordt bij onderhoud aan kunstwerken ook altijd de kunstenaar die het kunstwerk gemaakt heeft betrokken dan wel ingezet? Antwoord: Aankoop en onderhoud worden in het beleidsplan inderdaad opgenomen en verder uitgewerkt. De 1%-norm is afgeschaft. 9.
Hoe worden professionele kunstenaars in onze gemeente ondersteund? Welke regelingen zijn daarvoor beschikbaar? Zijn daar voorbeelden van uit andere gemeenten? Antwoord: Hier zijn op dit moment geen aparte regelingen voor in de gemeente. Voor het uiteindelijke beleidsplan kan dit onderzocht worden.
10. In bijlage 2 staat een overzicht van de subsidies. Daarin staan onder meer de Bibliotheek en RTV Ronde Venen opgenomen. Hoe komen zij terug in de uitgangspunten van dit kunst- en cultuurbeleid? Antwoord: De taken en rol van zowel de bibliotheek als RTV Ronde Venen worden in het beleidsplan verder uitgewerkt. Voor de bibliotheek geldt hierin een wettelijk opdracht welke wordt meegenomen in het beleidsplan. 11. We lezen in de nota niets over de kunstuitleen, alleen in de bijlage. Klopt dat levende kunstenaars hier op dit moment niet aan deel kunnen nemen? Wat is hier de reden voor? Antwoord: In de kunstuitleen van stichting KuRVe zitten op dit moment enkel werken die in eigendom zijn van de gemeente. Deze kunstuitleen wordt gerund door 3 vrijwilligers op leeftijd en de werken staan in een opslag in Abcoude. Er is op dit moment (praktisch) geen ruimte om werken toe te voegen. 12. Onder ambitie 2.2 wordt gesproken over inclusief, divers en aansprekend voor alle inwoners en doelgroepen. Hoe zou hier invulling aan gegeven kunnen worden? Hoe staat dat in verhouding tot drempelverhogende voorwaarden als cofinanciering, digitalisering en samenwerking?
Antwoord: Dit wordt in het beleidsplan verder uitgewerkt. Cofinanciering, digitalisering en samenwerking werken niet per definitie drempelverhogend. Deze dienen vooral drempelverlagend ingezet te worden. 13. Onder ambitie 2.4 wordt gesproken over het aanbod van kunst- en cultuuruitingen zoveel mogelijk in de eigen omgeving plaats te laten vinden. Wat moeten we ons daarbij voorstellen? Antwoord: Ruimte en kansen creëren voor cultuuruitingen in de eigen gemeente en waar nodig in de verschillende kernen hebben prioriteit. 14. Onder ambitie 2.5 wordt gesproken over dat cultuurbeleving past bij de historie en wat op dit moment in de gemeente leeft. Onder 2.6 gaat het over aansluiting bij wensen en behoeften in de verschillende kernen en wijken. Is het niet aan de kunst- en cultuursector om hier vorm aan te geven? Antwoord: De gemeente is middels de financiering van activiteiten deels opdrachtgever en kan deze ambitie zeker stimuleren. Bij het verstrekken van subsidie dient het beleidsplan mede als kader voor de inzet van subsidie. 15. Onder ambitie 3.5 wordt gesproken over een cultuurcoach. Is dit hetzelfde als de cultuurconsulent of is dit iets anders? Wat gaat de cultuurcoach doen? Antwoord: Dit is de combinatiefunctieregeling die ook geldt voor de buurtsportcoaches en waar voorheen de cultuurconsulent uit gefinancierd werd.
De cultuurcoach gaat zich inzetten voor de ambities en doelstellingen uit het beleidsplan. 16. Onder ambitie 4.5 wordt gesproken over ‘kunst en cultuur worden ingezet bij thema’. Deze zin wordt hier afgebroken. Waar gaat deze ambitie over? Antwoord: 4.5 Kunst en cultuur worden en ingezet bij thema’s als duurzaamheid en klimaatverandering.
17. Bij de bijlage lezen we dat veel kunst vanuit de BKR verloren is gegaan of zoekgeraakt. Hoe is dat mogelijk? Antwoord: Dat is helaas onduidelijk. Het vermoeden is dat werken zijn weggegooid, meegenomen en/of zoekgeraakt. Dit is in het verleden echter nooit goed geregistreerd. 18. Wat is het huidige kunst- en cultuurbudget? Hoe staat dat in verhouding tot andere gemeenten van vergelijkbare omvang? Antwoord: Zie hiervoor het bijgevoegde subsidie-overzicht. Dit is het totale budget. Dit is 20 euro per inwoner per jaar. Dat wordt ongeveer 22 euro. Het landelijk gemiddelde komt op 110 euro per
inwoner per jaar. Zo geeft Zoetermeer(127000 inwoners) 78 euro per inwoner uit en een gemeente als Oldebroek (24266 inwoners) 22 euro per inwoner per jaar aan cultuur. Doorgaans geven grotere gemeenten meer uit aan cultuur per inwoner.