CConstaterende datDe Ronde Venen
Koppel je AI →
Document · PDF

230411 Reactie Energiek Abcoude Beleidsplan Zonnevelden

Politieke commissie 12 april 2023, gemeente De Ronde VenenBij agendapunt: Bij agendapunt 7: Raadsvoorstel realisatie grootschalige en kleinschalige zonnevelden in De Ronde Venen - Inspreker dhr. Reijn namens Energiek Abcoude2.388 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Datum: 3 april 2023 Van: Energiek Abcoude Betreft: reactie op Beleidsplan grootschalige zonnevelden De Ronde Venen 2023 Geachte leden van de raad, Samenvatting Het Beleidsplan grootschalige zonnevelden is een welkome aanzet om realisatie van zonnevelden in DRV mogelijk te maken. Energiek Abcoude ziet echter ook een aantal tekortkomingen in het Beleidsplan. Deze tekortkomingen leiden ertoe dat DRV haar doelstellingen met betrekking tot hernieuwbare energie niet zal kunnen realiseren. Ook de initiatieven waar Energiek Abcoude concreet aan werkt zijn hiermee niet realiseerbaar. In deze brief geven wij aan wat onze bezwaren zijn en geven wij concrete aanbevelingen hoe deze tekortkomingen weggenomen kunnen worden. Samengevat: 1. Uitbreiding van de gebieden waar zonnevelden mogelijk zijn; 2. Wegnemen van generieke beperkingen die opgelegd worden aan de grootte van zonnevelden om daarmee te komen tot economisch haalbare zonnevelden. Inleiding Onlangs verscheen het ‘Beleidsplan grootschalige zonnevelden De Ronde Venen 2023’. Energiek Abcoude, een van de werkgroepen van Energieke Rondeveners, is blij dat de nota er eindelijk is. Energiek Abcoude probeert al enkele jaren de productie van hernieuwbare energie rond het dorp Abcoude van de grond te krijgen. Dat lukte tot nu toe niet, mede doordat er nog geen gemeentelijk beleid was rond dit onderwerp.

Deze nota (wij hebben op eerdere versies ook onze visie kunnen geven) voorziet in de aanleg van 95 hectare zonneveld en maakt deze leemte goed. Dat wil niet zeggen dat Energiek Abcoude het nieuwe beleid voluit kan omarmen. We zijn blij dat het er is, maar we hebben wel enkele kanttekeningen. Enkele passages in de beleidsnota bevatten duidelijk hinderpalen voor de doelstelling van DRV in het geheel en de plannen van Energiek Abcoude in het bijzonder. De belangrijkste kanttekeningen zijn de volgende: 1. Met dit beleid zal DRV haar eigen, ook in deze nota genoemde, doelstellingen, niet halen. Er komt niet genoeg ruimte voor zonnevelden. Wij denken dat er ruimte moet komen voor grotere zonnevelden, en dat er minder beperkende regels moeten komen. 2. De nota bevat enkele hindernissen die het voor bewonersorganisaties zoals Energiek Abcoude moeilijk maken projecten van de grond te krijgen. Wij vragen u uit te spreken dat zonnevelden op twee locaties nabij Abcoude in principe aanvaardbaar zijn. 3. De nota neemt alle maatregelen die het huidige landschap beschermen als een gegeven. De raad kan er echter in het kader van urgent klimaatbeleid voor kiezen bepaalde prioriteiten opnieuw te herijken. Het betreft specifiek de afweging landschapswaarden/natuur en doelstellingen rond duurzame energie. 4.

De kaart die uiteindelijk aangeeft waar zonnevelden mogelijk zijn (pagina 38) is niet de optelsom van de kaarten die per beperking mogelijke gebieden aangeven. Ad 1. Het doel dat de gemeenteraad zelf heeft gesteld, is met dit beleid niet haalbaar. In de RES U16 heeft de raad aangekondigd dat er in 2030 410 terajoule (114 gigawattuur) duurzame elektriciteit zal worden opgewekt. Volgens de raad moet dat gebeuren met zonnevelden (90 gigawattuur op jaarbasis) en grootschalige zonnedaken (30 gigawattuur).

Die opgave op land, zo schrijft u, vergt netto 95 hectare zonneveld. Dat zijn dan wel alleen de hectares met zonnepanelen; daar komt nog de ruimte bij die voor de landschappelijke inpassing nodig is. Dat zal 20-50% zijn, afhankelijk van grootte van het veld en eisen ten aanzien van die landschappelijke inpassing. De cruciale vraag is of met dit beleid die netto 95 hectare zonneveld er wel komen. Wij hebben de overtuiging dat dit niet gaat lukken. Ten eerste is het stroomnet vol en kan er op dit moment nauwelijks een zonnepark worden aangesloten. Maar ook als dat probleem bijtijds zou worden opgelost, zien wij het gestelde doel niet binnen bereik komen. Dat komt vooral door kwesties met betrekking tot de aansluiting. Een initiatiefnemer moet zelf de kosten dragen voor het aansluiten van zijn zonneveld op het stroomnet. Die kabel moet naar een aansluitpunt, een onderstation van een netbeheerder. De aansluiting, inclusief de kabel, is een relatief grote kostenpost bij de aanleg van een zonneveld en is daarmee een bepalende factor voor initiatiefnemers bij het vaststellen van de economische haalbaarheid van een veld. Bestaande zonnevelden liggen daarom meestal niet verder dan 2-3 km van een aansluitpunt. Grotere zonnevelden maken kostentechnisch een langere aansluitkabel mogelijk en geven daarmee meer ruimte zonnevelden te ontwikkelen.

Op pagina 14 van het beleidsplan is een 8-tal aansluitstations weergegeven (zie appendix) waarmee gesuggereerd wordt dat deze beschikbaar zouden zijn als aansluitpunt en dat daarmee een heel groot deel van DRV afgedekt is. In werkelijkheid zijn slechts 2 stations, gegeven de beleidsrandvoorwaarden, relevant. Binnen DRV heeft alleen Stedin de verplichting zonnevelden aan te sluiten op het net. Slechts 3 van de 8 stations zijn van Stedin. De overige stations zijn van Liander. De netcongestie beperkt zich niet tot DRV. Liander zal de aansluitverplichting die zij heeft in haar verzorgingsgebied daarom voorrang geven. Het is onwaarschijnlijk dat Liander een project in DRV zal aansluiten op haar netwerk. De Stedin aansluitstations zijn de volgende: • • •

Aan de Groenlandsekade bij de afslag Vinkeveen van de A2 (op Google maps 52.224543, 4.981536). Deze is bruikbaar voor het gebied rond Baambrugge. Aan de Nijverheidsweg 24 in Mijdrecht (52.203230, 4.871599). Dit aansluitpunt staat midden in de bebouwde kom. Binnen een straal van 2-3 km liggen slechts enkele weidegebieden. Bij Breukelen, (op Google Maps 52.188472, 4.992875). Dit station heeft een aansluitpunt voor kleinere velden (10MW) en grotere velden (>50MW). Voor kleinere velden tot 10 MW ligt dit aansluitpunt te ver voor DRV. Voor grote velden van tenminste 50 MW (50+ ha) is het wel een relevant aansluitstation (dan is ook een langere kabel mogelijk).

Samenvattend: met de beperkingen die samenhangen met de aansluitpunten, zullen de gewenste 95ha zonneveld niet gerealiseerd kunnen worden. Wij geven u in overweging daarom grotere velden toe te staan die het mogelijk maken op grotere afstand van een aansluitstation ontwikkeld te worden. In het beleidsplan en de wijze waarop deze tot stand is gekomen is alleen gekeken naar de landschappelijke inpassing. Dat is de achtergrond bij de keuze voor een groot aantal kleine velden, en daarmee een versnippering van de zonnevelden over het landschap. Die versnippering wordt nog groter als ook de energieopgave na 2030 wordt meegenomen.

Het alternatief dat wij u willen meegeven is een keuze voor concentratie op enkele grotere velden. Het lijkt ons beter op zoek te gaan naar locaties voor bijvoorbeeld twee tot vijf grote velden. De nota verwacht veel van innovatie. Wij zijn daar sceptisch over. Natuurlijk zijn ook wij vol goede hoop op relevante, technische doorbraken, maar die worden op dit moment niet voorzien. De nota noemt drie voorbeelden van innovaties die het toch mogelijk zouden maken zonnevelden te realiseren verder van aansluitpunten: opslag in batterijen; directe levering aan grootverbruikers; en conversie van elektriciteit naar waterstof of warmte. Geen van deze voorbeelden biedt enig perspectief. Ook als energie van een zonneveld in een batterij wordt opgeslagen, blijft een aansluiting op het stroomnet noodzakelijk; alleen het tijdstip van levering aan het net wordt beïnvloed. En voor directe levering aan grootverbruikers heb je nabije grootverbruikers nodig. Die zijn er nauwelijks binnen of nabij de gemeente. En voor conversie naar waterstof is een grootschalige installatie nodig, compleet met grootschalige infrastructuur en grootschalige afnemers. Dat is ondenkbaar binnen deze gemeente. Uit een eerder rapport van CE Delft voor de gemeente blijkt dat waterstof voor bewoners mogelijk pas na 2035 relevant zou kunnen worden.

Dit wordt ook nog eens bevestigd in een recent rapport van CE Delft over Buurtwarmte Achter de Kerken (Abcoude). Overigens zien ook wij wel het toenemende belang van batterijopslag bij zonnevelden, als antwoord op netcongestie. Daarom vragen we u zich uit te spreken dat installaties voor batterijen als een integraal onderdeel van zonneveld beschouwd zullen worden. Concluderend: gegeven het beperkte aantal aansluitstations en het belang van de afstand tot die stations, is een uitbreiding van gebieden waar zonnevelden mogelijk zijn van groot belang. Daarnaast moet er ruimte komen voor grotere zonnevelden. Ad 2. Hindernissen In de nota staan enkele bepalingen die het aanleggen van zonnevelden bemoeilijken. 1. Kernrandzones. Zie pag. 9, 2.3.1. “In principe wordt een zone van 500 meter rondom de kernen vrijgehouden, tenzij een initiatiefnemer kan aantonen dat het zonneveld geen ruimtelijke ontwikkelingen in de weg zit.” Energiek Abcoude heeft enkele locaties op het oog voor een zonneveld. Die stukken liggen binnen die 500-meterzone rond het dorp. Gezien vanuit Abcoude betreft het een locatie aan de andere kant van de A2, tussen de afslag Abcoude en de Holendrecht, en een locatie aan de andere kant van het spoor Amsterdam-Utrecht, ten noorden van het station Abcoude.

Op beide locaties zijn geen bebouwingen gepland en, gegeven de ligging, is het buitengewoon onwaarschijnlijk dat die plannen er zullen komen. Wij vragen de raad dan ook zich nu al uit te spreken over de toelaatbaarheid van zonnevelden op deze locaties, uiteraard binnen de overige gestelde eisen. Voor ons is het van belang nu al te weten dat de beperking voor kernrandzones op deze locaties geen beletsel zal zijn. In dit verband wijzen we u er ook op dat een zonneveld een levensduur heeft van rond 25 jaar. Het gaat dus niet om een beslag op de grond voor de eeuwigheid. 2. Beëindigen pacht. Zie pag. 26, onder Aanvullende Randvoorwaarden: “We willen voorkomen dat een pachter wordt gedwongen zijn bedrijf te beëindigen, omdat de grondeigenaar op de gepachte gronden zonnevelden ontwikkelt. Als het agrarisch bedrijf

van de pachter daardoor niet meer levensvatbaar is, zorgt de initiatiefnemer ervoor dat de pachter vervangende grond kan pachten of op een andere manier compensatie krijgt”. Ons uitgangspunt als bewonersorganisatie is om op basis van overleg en redelijkheid met belanghebbenden tot een voor iedereen acceptabele oplossing te komen. Echter, volgens de formulering in het beleidsstuk kan de initiatiefnemer dan verplicht worden voor de pachters een alternatief te vinden, dus een ander stuk te pachten land. Het opzeggen van een pachtovereenkomst is in de wetgeving al sterk gereguleerd, met veel waarborgen voor de pachter (zie https://www.binnenlandsbestuur.nl/ruimte-enmilieu/beeindiging-pachtovereenkomst-wat-zijn-de-mogelijkheden). Als de pachter zich verzet, kan opzegging of beëindiging alleen via de rechter. Het is oneigenlijk om de bestaande bescherming nog eens te verzwaren. De wet is er niet voor niets. Het is denkbaar dat Energiek Abcoude zelf initiatiefnemer wordt, of deel zal uitmaken van de initiatiefnemer. Energiek Abcoude heeft geen mogelijkheden in handen om een pachter die moet wijken een ander stuk pachtland aan te bieden. We hebben geen land, en we hebben ook geen kennis van de markt voor land. Wij stellen daarom voor dat vanuit het oogpunt de energietransitiedoelen te realiseren, het de gemeente zou moeten zijn die verantwoordelijk is voor deze compensatie.

Wij vragen de raad daarom de passage over compensatie van de pachter door de initiatiefnemer te schrappen. Ad. 3. Herbezinning op regels Bestaande regelingen zijn als uitgangspunt genomen. Gegeven nieuwe prioriteiten zouden echter nieuwe keuzes gemaakt moeten worden. Op dit moment is dat de afweging natuur (m.n. weidevogels) en hernieuwbare energie. Het is daarom voor de gemeente van belang een nieuwe en weloverwogen keuze te maken met betrekking tot de ruimte die geboden wordt bij weidevogelkerngebieden ("ja, mits ...") en NNN - NatuurNetwerkNederland ("nee, tenzij ...). Het opwerpen van belemmeringen zal frustrerend werken voor initiatieven uit de markt waar de gemeente bij het realiseren van haar doelstellingen juist zo afhankelijk van is. Onze concrete aanbeveling is tenminste een aantal van deze gebieden vrij te maken voor zonnevelden. Ad. 4. Beleidssamenvattende kaart bladzijde 38 Er zijn op het kaartje van bladzijde 38 meer gebieden uitgesloten dan op basis van de eerder in het Beleidsplan genoemde beperkingen verwacht zou mogen worden. Met andere woorden, de samenvattende kaart dekt niet de voorafgaande tekst. Een voorbeeld is het Gein-gebied waar volgens de tekst alleen in het gebied rond de Stelling van Amsterdam een beperking/uitsluiting geldt, maar dat nu geheel rood is ingekleurd. Hetzelfde geldt voor het gebied rond de Angstel ten zuiden van Baambrugge.

Tenslotte zijn bepaalde weidevogelkerngebieden in het kaartje rood gekleurd, terwijl andere groen of groen gearceerd zijn. Onduidelijk is hoe deze keuze tot stand is gekomen. Wel duidelijk is dat dit de keuze voor mogelijke zonnevelden verder beperkt. Onze vraag is de ruimte waar geen beperkingen gelden zoveel mogelijk uit te breiden. Tenslotte

Nog een enkele opmerking tot slot. In de nota staat nergens hoe vergunningaanvragen in behandeling worden genomen. Wij nemen aan dat die behandeling gebeurt op volgorde van binnenkomst. Juist bij de in het beleidsplan geïmpliceerde versnippering, kan dat van belang zijn, omdat een vergunning voor een zonneveld betekent dat op een naburig stuk grond geen vergunning kan worden verleend. Het voorgestelde beleid eist immers een forse ruimte tussen de zonnevelden. Onze vraag is hier in het definitieve beleidsplan duidelijkheid te scheppen. _____ Appendix 1 – overzicht aansluitstations

• •

•

•

•

•

een van Stedin aan de Groenlandsekade bij de afslag Vinkeveen van de A2 (op Google maps 52.224543, 4.981536). Dat is bruikbaar voor het gebied rond Baambrugge. een van Stedin, Nijverheidsweg 24 in Mijdrecht (52.203230, 4.871599). Dit aansluitpunt staat midden in de bebouwde kom. Binnen een straal van 2 km liggen slechts enkele weidegebieden. Een derde aansluitpunt, staat in Amsterdam Zuidoost. Schurenbergweg, coordinaten 52.2952835022992, 4.947811325390128). Dit ligt ongeveer 2 kilometer buiten onze gemeente, zodat alleen een kleine strook vlak tegen de gemeentegrens aan mogelijk kan gebruikmaken van dit aansluitpunt. Dit aansluitpunt is extra onzeker omdat het in het verzorgingsgebied van Liander staat (dat geldt voor alle Liander-stations). Liander heeft daarom de vrijheid om een Rondeveens zonneveld aan te sluiten of te weigeren. Gezien de congestie op alle netten, is de kans op aansluiting bijzonder klein. Een van Liander, bij Weesp, (52.300965, 5.031888 ). De zelfde onzekerheid. Plus dat er extra kosten moeten worden gemaakt om onder het Amsterdam-Rijnkanaal door te komen. En het gebied van DRV dat dan zou kunnen worden ontsloten, is in de nota (om onduidelijke redenen) verboden voor zonnevelden. Een van Liander in Uithoorn, bij de Amsterdamse Weg. De zelfde onzekerheid.

Bovendien ontsluit dit onderstation een gebied in DRV dat volgens de kaart in de bijlage is uitgesloten voor zonnevelden. Een van Stedin bij Breukelen, (op Google Maps 52.188472, 4.992875) . Voor de kleine zonnevelden tot 10 MW ligt dit aansluitpunt te ver. Voor grote velden van bijvoorbeeld 50 MW zou het mogelijk kunnen, aangezien dan meer geld kan worden gestoken in de aansluitingskabel. Maar zulke grote velden zijn in het uiteengezette beleid niet mogelijk.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12611024/1