220920 rapport gemeentehuis
Tekst van het document
Inspectierapport 09389 Adres: Croonstadtlaan 111, 3641AL, Mijdrecht Datum inspectie: 29 juli 2019 Naam inspecteur:
Paul Thijssen
BOUWBESLUIT 2012
WBDBO (art. 2.90 lid 1) Waarneming:
De algemene indruk is dat de brandwerendheid van de brandscheidingen in het gebouw onvoldoende is. De inspectie is gebaseerd op een steekproef, waarbij meerdere brandscheidingen zijn beoordeeld om een goed beeld te krijgen van het brandveiligheidsniveau. Ondanks de steekproef is het aannemelijk te stellen dat alle brandscheidingen in het gebouw een of meer van onderstaande gebreken vertonen: Locatie 1e verdieping, trappenhuis ter plaatse van kantoorruimten 1.37 & 1.38 -Glas in deur + zij- en bovenlichten niet brandwerend (geen kenmerk/stempel) zichtbaar; -Glaslatten te klein, hierdoor snellere inbranding (glaslatten dienen minimaal 25x25 mm. te bedragen); -Glaslatten gespijkerd, niet geschroefd. Hierdoor kunnen de glaslatten bij brand sneller uit de constructie komen. Bij brand trekt hout namelijk krom (naar het vuur toe) waardoor spijkers sneller uit de constructie worden getrokken. Schuin geschroefde glaslatten blijven zitten op het moment dat de glaslatten krom gaan trekken; -Geen bij brand opschuimende strips aanwezig in randhout deur. Deze strips zijn noodzakelijk om in geval van brand de deurnaden af te dichten om zodoende brand- en rookverspreiding tegen te gaan; -De brandscheiding loopt niet door tot aan de bovenliggende constructievloer. Hierdoor kunnen brand- en rook zich via de
Pagina 1
doorlopende plafondplaten makkelijk bovenlangs voortplanten in richting van het trappenhuis; -Verouderde tochtstrips die aannemelijk niet voldoen aan de minimaal vereiste brandklasse 4.
Locatie 1e verdieping, trappenhuis ter plaatse van kantoorruimten 1.39 & 1.40 -De pendeldeuren hebben geen aanslag, hierdoor kunnen deze door de overdruk die bij rookontwikkeling ontwikkeling ontstaat makkelijk worden geopend in richting van het trappenhuis; -Glaslatten zijn niet geschroefd, enkel gespijkerd; -Geen bij brand opschuimende strips aanwezig in de deuren; -Een van de deuren is voorzien van een rookborstel die er verouderd uitziet (aannemelijk geen geschikte bijdrage aan de WBDBO); - De brandscheiding loopt niet door tot aan de bovenliggende constructievloer. Hierdoor kunnen brand- en rook zich via de doorlopende plafondplaten makkelijk voortplanten in richting van het trappenhuis.
Locatie trappenhuis 1e verdieping, naast kantoorruimte 1.16 -Brandscheiding (lange zijde) heeft een groot oppervlak aan spiegeldraadglas (>1.7 m2). Door dit grote oppervlak laat de brandscheiding veel straling door en breekt het draadnet in het glas waardoor het glas voortijdig bezwijkt; -Boven het verlaagd plafond zijn de brandscheidingen dichtgezet met gips. Echter zijn meerdere kabelgoten aangetroffen die niet brandwerend zijn afgedicht. Een brand kan zich via de kabelgoten makkelijk verspreiden naar het aangrenzende brandcompartiment; -Het bovengenoemde gips sluit niet naadloos aan op de constructie, de naden zijn daarom afgedicht met PUR. De toepassing van deze PUR is niet geschikt. De hoeveelheid PUR en de naadgrootte maken dat de PUR bij brand niet de gewenste bijdrage levert aan de WBDBO. Daarnaast is het twijfelachtig of brandvertragende PUR is toegepast; -Geen bij brand opschuimende strips aanwezig in de deuren; -Glaslatten zijn gespijkerd in plaats van geschroefd.
Locatie centraal trappenhuis, begane grond t/m 2e verdieping -De binnenzijde van het trappenhuis is voorzien van een groot oppervlak aan spiegeldraadglas (>1.7 m2). Door dit grote oppervlak laat de brandscheiding veel straling door en breekt het draadnet in het glas waardoor het glas voortijdig bezwijkt. Hierdoor kan een brand op de begane grond via het trappenhuis doorslaan naar bovenliggende verdiepingen; -De buitenzijde van het trappenhuis is voorzien van normaal glas (geen brandstempel in het glas). Hierdoor kan een brand zich via de gang snel in richting van het trappenhuis verspreiden en zich voortplanten naar andere bouwlagen;
Pagina 2
-De brandscheiding rondom het trappenhuis is verder opgebouwd met kunststofpanelen en dunne stalen glaslatten. Deze constructie is onvoldoende om aan de vereiste WBDBO te voldoen; - Glaslatten van deur zijn te klein, hierdoor snellere inbranding (glaslatten dienen minimaal 25x25 mm. te bedragen); -Geen bij brand opschuimende strips aanwezig; -De vloerbekleding loopt onder de deur door zonder onderbreking in de vorm van een dorpel of onbrandbare strook. Een brand kan zich nu via het tapijt onderlangs voortplanten; - Verouderde tochtstrip die aannemelijk niet voldoet aan de minimaal vereiste brandklasse 4; -Boven het verlaagd plafond is de constructie dichtgezet met gipskartonplaten. Daarin zijn meerdere Pvc-buizen aangetroffen die niet brandwerend zijn afgedicht. Verder zijn de naden aanwezig rondom de gipskartonplaten die niet brandwerend zijn afgedicht. Overtreding:
De volgens NEN 6068 bepaalde weerstand tegen branddoorslag en brandoverslag van een brandcompartiment naar een ander brandcompartiment en een besloten ruimte waardoor een extra beschermde vluchtroute voert is ten minste 20 minuten.
Voorschrift:
Artikel 2.90 lid 1 van het Bouwbesluit. (Weerstand tegen branddoorslag en brandoverslag)
Maatregel:
De eigenaar/gebruiker van het pand moet de scheidingsconstructies met brandwerendheid zodanig aanpassen dat ten minste aan een WBDBO van 30 minuten voldaan wordt.
Toelichting:
WBDBO = weerstand tegen branddoorslag en brandoverslag. De vergunde tekeningen wijzen op een WBDBO van 30 minuten. Daar dit geldt als het rechtens verkregen niveau dienen alle brandscheidingen aan een WBDBO van 30 minuten te voldoen.
Afwijkende termijn: Omdat in het gemeentekantoor alle personen zelfredzaam zijn, de lengtes van de vluchtroutes gering (iedereen kan snel het buitterrein bereiken) en er een goed werkende en onderhouden brandmeldinstallatie aanwezig is, is er op basis van bovengenoemde bouwkundige gebreken geen sprake van een onveilige situatie. Wel is het noodzakelijk dat de gebreken worden aangepast teneinde een zo goed mogelijk veiligheidsniveau te creëren op basis van het vigerende vergunning. Om opvolging te geven aan het bovenstaande vraagt de Veiligheidsregio Utrecht u daarom om binnen een termijn van 4 weken na ontvangst van deze rapportage een Plan van Aanpak (PvA) op te stellen en dit per e-mail (p.thijssen@vru.nl) op te sturen. In het PvA vragen wij u om een (korte) omschrijving te geven van de actiepunten die uw organisatie gaat treffen alsmede binnen welke termijn u denkt dit redelijkerwijs te kunnen realiseren teneinde de overtredingen op te heffen.
Pagina 3
Ontruimingsalarminstallatie en ontruimingsplan (art. 6.23 lid 6)
Waarneming:
Er kan geen ontruimingsplan worden overgelegd.
Overtreding:
Een gebruiksfunctie met een geëiste brandmeldinstallatie heeft een ontruimingsplan.
Voorschrift:
Artikel 6.23 lid 6 van het Bouwbesluit. (Ontruimingsalarminstallatie en ontruimingsplan)
Maatregel:
De gebruiker van het pand moet een ontruimingsplan voor het bouwwerk opstellen.
Toelichting:
Bij het opstellen van dit ontruimingsplan kan gebruik worden gemaakt van de NEN 8112. Het ontruimingsplan kan ter advisering worden voorgelegd bij Veiligheidsregio Utrecht t.a.v. Paul Thijssen.
Afwijkende termijn:
Indien het ontruimingsplan voorhanden is, graag verzenden naar p.thijssen@vru.nl. Indien het ontruimingsplan nog opgesteld moet worden, hanteren wij een termijn van 4 weken waarbinnen het plan gereed moet zijn en ter inzage verstuurd.
Zelfsluitende constructieonderdelen (art. 6.26) Waarneming:
De deur van de stookruimte op de 2e verdieping heeft een defecte dranger waardoor de deur niet zelfsluitend is.
Overtreding:
Een beweegbaar constructieonderdeel in een inwendige scheidingsconstructie waarvoor een eis aan de weerstand tegen branddoorslag, weerstand tegen branddoorslag en brandoverslag of weerstand tegen rookdoorgang geldt, is zelfsluitend.
Voorschrift:
Artikel 6.26 van het Bouwbesluit 2012. (Zelfsluitende deuren)
Maatregel:
De dranger dient hersteld te worden zodat de deur van de stookruimte zelfsluitend is.
Afwijkende termijn:
Direct herstellen.
Restrisico brandgevaar en ontwikkeling van brand (art. 7.10) Waarneming:
In het trappenhuis op de eerste verdieping nabij kantoorkamer 1.16 is veel opslag aangetroffen. Deze opslag bestaat hoofdzakelijk uit houten materialen waaronder schilderezels. Dit materiaal kan zorgen voor een snelle brandvoortplanting. Omdat het trappenhuis een beschermde status
Pagina 4
heeft vanwege de vluchtroute die er doorheen voert is het niet toegestaan hier brandbare materialen te plaatsen. Overtreding:
Onverminderd het bij of krachtens dit besluit bepaalde is het verboden in, op, aan of nabij een bouwwerk voorwerpen of stoffen te plaatsen, te werpen of te hebben, handelingen te verrichten of na te laten, werktuigen, middelen of voorzieningen te gebruiken of niet te gebruiken of anderszins belemmeringen op te werpen of hinder te veroorzaken waardoor: a. brandgevaar wordt veroorzaak, of b. bij brand een gevaarlijke situatie wordt veroorzaakt.
Voorschrift:
Artikel 7.10 van het Bouwbesluit 2012. (Restrisico brandgevaar en ontwikkeling van brand)
Maatregel:
De materiaalopslag dient uit het trappenhuis verwijderd te worden.
Afwijkende termijn:
Direct herstellen.
Pagina 5