CConstaterende datDe Ronde Venen
Koppel je AI →
Document · PDF

220920 Rapport gem huis de Ronde Venen 2020-08-16

Politieke commissie 21 september 2022, gemeente De Ronde VenenBij agendapunt: Voorstel ontwikkeling gemeentehuis14.126 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Project Opname brandveiligheid Gemeentehuis De Ronde Venen Croonstadtlaan 111 3648 EB Mijdrecht

Vlampunt B.V. | Baarnsche Dijk 6 B14 | 3741 LR Baarn | t 035 – 541 62 23 | www.vlampunt.nl | e info@vlampunt.nl | IBAN NL62ABNA 0460016997 | BIC. ABNANL2A | KvK nr. 75184524| BTW nr. NL 8601.74.463.B01 |

Brandveiligheidsrapportage Croonstadtlaan 111, Mijdrecht

Uitgegeven door:

Vlampunt

Adres:

Baarnsche Dijk 6 B14 3741 LR Baarn

Telefoon E-mail

035-541 62 23 info@vlampunt.nl

Opdrachtgever:

Gemeente Ronde Venen Croonstadtlaan 111 3641 AL Mijdrecht

Samestelling:

Vlampunt

Opgemaakt door:

O. Halmans

Gecontroleerd door:

M. van Amerongen

Datum:

16-08-2020

Versie:

1.0

Rapportnummer:

202059827

Status:

Definitief

Pagina 2 van 40

Brandveiligheidsrapportage Croonstadtlaan 111, Mijdrecht

Inhoud 1.

Inleiding .......................................................................................................................................................... 4 1.1 Doel van deze rapportage ..................................................................................................................... 4 1.2 Opbouw van de rapportage................................................................................................................... 4 1.3 Uitgangspunten ..................................................................................................................................... 4 1.4 Het rechtens verkregen niveau met bestaande bouw .......................................................................... 5

2.

Algemeen bouwwerk ..................................................................................................................................... 6 2.1 Beschrijving bouwwerk .......................................................................................................................... 6

3.

Inspectieresultaten......................................................................................................................................... 7 3.1 Algemeen ............................................................................................................................................... 7 3.1.1 Zorgplicht ............................................................................................................................................... 7 3.1.2 Omgevingsvergunning (brandveilig gebruik)/ gebruiksmelding ............................................................ 7 3.2 Bouwkundige brandveiligheid ............................................................................................................... 8 3.2.1 Sterkte bij brand .................................................................................................................................... 8 3.2.2 Afscheiding ............................................................................................................................................ 8 3.2.3 Overbruggen van hoogteverschillen...................................................................................................... 8 3.2.4 Beperking van het ontwikkelen van brand en rook ...............................................................................

8 3.2.5 Brandcompartimentering ...................................................................................................................... 8 3.2.6 Vluchtroutes ........................................................................................................................................ 19 3.3 Installatietechnische brandveiligheid .................................................................................................. 20 3.3.1 Noodverlichting ................................................................................................................................... 20 3.3.2 Brandmeld- en ontruimingsalarminstallatie ........................................................................................ 20 3.3.3 Ontruimingsplan .................................................................................................................................. 20 3.3.4 Vluchtrouteaanduidingen .................................................................................................................... 20 3.3.5 Deuren in vluchtroutes ........................................................................................................................ 21 3.3.6 Brandbestrijdingsmiddelen .................................................................................................................

21 3.3.7 Aanduiding blusmiddelen .................................................................................................................... 21 3.3.1 Bereikbaarheid voor hulpdiensten ...................................................................................................... 21 3.4 Organisatorische brandveiligheid ........................................................................................................ 22 3.4.1 Vastzetten zelfsluitend constructie onderdeel .................................................................................... 22 3.4.2 Aankleding ........................................................................................................................................... 22 3.4.3 Restrisico brandgevaar en ontwikkeling van brand............................................................................. 23 3.4.4 Restrisico veilig vluchten bij brand ...................................................................................................... 23

4.

Aanvulling op spreadsheet en rapportage ................................................................................................... 24 4.1 Volledigheid inspectie ......................................................................................................................... 24 4.2 Logboek ............................................................................................................................................... 24 4.3 Beperkingen inspectie ......................................................................................................................... 24

5.

Actielijst ........................................................................................................................................................ 25

6.

Aanbesteding................................................................................................................................................ 26

7.

Fotorapportage ............................................................................................................................................ 27

BIJLAGE I Draadglas in bestaande bouwwerken ................................................................................................... 36 BIJLAGE II Spreadsheet (programma van eisen) ................................................................................................... 39 BIJLAGE III Plattegrondtekening met fotoposities ................................................................................................ 40

Pagina 3 van 40

Brandveiligheidsrapportage Croonstadtlaan 111, Mijdrecht

1.

Inleiding

Vlampunt heeft het bouwwerk, gelegen aan de Croonstadtlaan 111 te Mijdrecht, in opdracht van de gemeente Ronde Venen gecontroleerd op brandveiligheid. Vlampunt heeft op 14 juli een nagenoeg volledige opname uitgevoerd. Het bouwwerk betreft een kantoorfunctie. Tijdens een opname zijn de aanwezige brandveiligheidsvoorzieningen visueel gecontroleerd. Dit document is opgesteld op basis van de door de gemeente verstrekte gegevens, en een rondgang ter plaatse. De wet schrijft voor dat de gebruiker de verantwoordelijkheid heeft voor de veiligheid op locatie. De door Vlampunt uitgevoerde inspectie dient als een momentopname te worden beschouwd.

1.1

Doel van deze rapportage

Het doel van deze rapportage is het inzichtelijk maken van eventuele tekortkomingen op het gebied van brandveiligheid in de huidige situatie. Met de Veiligheidsregio Utrecht is op basis van een plan van aanpak afgestemd welke voorzieningen worden getroffen om het huidige gebouw, voor een periode van maximaal 5 jaar zoveel mogelijk aan de eisen te laten voldoen. Afwijkingen van bouwbesluit zijn vastgelegd in het plan van aanpak. Aan het einde van deze rapportage is bekend of er voldaan wordt aan de minimale eisen uit het Bouwbesluit 2012, niveau het rechtens verkregen niveau/ bestaande bouw. De rapportage wordt ondersteund door middel van een fotoreportage, waardoor eventuele opmerkingen worden verduidelijkt.

1.2

Opbouw van de rapportage

De rapportage is als volgt opgebouwd: De rapportage zal aanvangen met een omschrijving van het gebouw. Aansluitend hierop zullen de belangrijkste aspecten van brandveiligheid worden beschreven op basis van de voorwaarden gesteld in het bouwbesluit. Uitgaande van de huidige situatie met de daarbij waargenomen tekortkomingen. Van de huidige situatie is een fotoreportage toegevoegd. Als laatste worden bijlagen toegevoegd, Een spreadsheet met een opsomming van de gebreken, tekeningen met fotoposities en indien aanwezig in het gebouw een notitie draadglas. Hierdoor zal er een duidelijk beeld van de tekortkomingen in de huidige situatie ontstaan.

1.3

Uitgangspunten

De opname is zo goed als volledig uitgevoerd op basis van het Bouwbesluit 2012. Bij het opstellen van deze rapportage zijn voor de beoordeling van het brandveiligheidsniveau de Nederlandse wettelijke kaders toegepast. Hierbij hebben wij de volgende uitgangspunten aangehouden. o o o o

Bouwbesluit 2012 niveau nieuwbouw, van rechtens verkregen en bestaande bouw niveau; Alle van toepassing zijnde NEN-normen en bij behorende wetgeving; kantoorfunctie Tekeningen uit het plan van aanpak van Vlampunt Bouwjaar 1993 (bron: Bagviewer.nl)

Pagina 4 van 40

Brandveiligheidsrapportage Croonstadtlaan 111, Mijdrecht

Voor de opname is op verzoek van de gemeente Ronde Venen, getoetst op het minimumniveau Bouwbesluit 2012, zoals gold ten tijde van de ingebruikname van het bouwwerk. Bouwwerken die voor 1 januari 2003 in gebruik zijn genomen, zullen worden getoetst op het niveau bestaande bouw, dan wel het van rechtens verkregen niveau. Voor bouwwerken die nadien zijn opgeleverd of in gebruik zijn genomen zal er getoetst worden op het nieuwbouw niveau, dan wel het van rechtens verkregen niveau. Indien wordt voldaan aan beide niveaus dan wordt voldaan aan het Bouwbesluit 2012. Als er wordt voldaan aan het niveau bestaande bouw, zal dit expliciet worden aangegeven. Indien aan beide niveaus niet wordt voldaan zal dit worden aangegeven. Sinds 1 april 2012 is het Bouwbesluit 2012 van kracht gegaan. Hierin wordt in tegenstelling tot het Bouwbesluit 2003 meer verwezen naar het van rechtens verkregen niveau, dan het niveau nieuwbouw of bestaande bouw. Hierdoor heeft de gebruiker meer vrijheden en is de regelgeving in sommige situaties versoepeld.

1.4

Het rechtens verkregen niveau met bestaande bouw

Het Bouwbesluit 2012 artikel 1.12 (verbouw), maakt onderscheid tussen het volledig nieuw bouwen van een bouwwerk en het vergroten of gedeeltelijk vernieuwen van een bouwwerk. Op het geheel of gedeeltelijk vernieuwen of veranderen of het vergroten van een bouwwerk zijn wat betreft de voorschriften van de hoofdstukken 2 tot en met 5 uit het Bouwbesluit 2012 de voorschriften van een te bouwen bouwwerk van toepassing, tenzij in de betreffende afdeling voor een voorschrift anders is aangegeven. Ten behoeve van hoofdstuk 6 geldt het van rechtens verkregen niveau. De toelichting op het Bouwbesluit 2012 (BB) geeft aan dat er vooraf direct vastgesteld wordt wat het specifieke niveau van eisen bij verbouw zijn. In veel gevallen wordt verwezen naar het van rechtens verkregen niveau. Ten overvloede wordt in de toelichting opgemerkt dat wanneer de nieuwbouweisen buiten toepassing zijn gesteld zonder dat daarvoor het rechtens verkregen niveau of ander specifiek niveau voor in de plaats is gesteld ten minste moet worden voldaan aan de relevante eisen voor bestaande bouw. Bestaande bouw is dan ook de minimale ondergrens waaraan altijd moet worden voldaan, al dan niet via een gelijkwaardige oplossing.

In de toelichting en in het praktijkboek Bouwbesluit 2012 wordt toegelicht dat een bouwwerk, na oplevering valt in de categorie bestaande bouw, waarbij in eerste instantie het rechtens verkregen niveau van toepassing is. Bij het niet voorhanden hebben van het van rechtens verkregen niveau is de gebruiker in de mogelijkheid het rechtens verkregen niveau zelf te bepalen, door middel van aannames ter plaatse in het bouwwerk. Tijdens de inspectie hadden wij beschikking over een tekeningen, waarop de brandveiligheid voorzieningen staan aangegeven. Tijdens de inspectie houden wij rekening met kwaliteitsverminderingen (zie alinea hieronder) en eventueel gunstigere mogelijkheden, met name gericht op de brandcompartimentering. Als aanvulling willen wij nog verwijzen naar de mogelijkheid op kwaliteitsvermindering, waarbij bestaande constructies in eerste instantie een zwaardere eis op brandwerendheid hadden, maar in verband met kwaliteitsvermindering in de loop der jaren niet meer voldoen aan de toenmalige eis. Kwaliteitsvermindering is alleen mogelijk als die betreffende constructie niet door menselijk toedoen is verlaagd en het minimale niveau van 20 minuten brandwerendheid niet overschreden wordt. Als er sprake is van een brandwerendheid lager dan 20 minuten zal dit aangepast moeten worden, dan wel via een gelijkwaardige oplossing oplossen.

In afstemming met bevoegd gezag is een plan van aanpak (PVA) opgesteld voor de huidige situatie. In dit PVA is vastgelegd dat er wat betreft de omvang van de brandcompartimenten niet kan worden voldaan aan de eisen uit het bouwbesluit bestaande bouw. De omvang is groter dan 2000m2. In het PVA is vastgelegd dat voor de tijdelijke situatie de overschrijding wordt geaccepteerd. Het risico voor de omgeving blijft ook met de overschrijding beperkt. De brandpreventieve maatregelen en aanpassingen worden op basis van vluchtveiligheid op orde gebracht. Deze uitgangspunten worden in dit rapport gebruikt als toetskader.

Pagina 5 van 40

Brandveiligheidsrapportage Croonstadtlaan 111, Mijdrecht

2.

Algemeen bouwwerk

2.1

Beschrijving bouwwerk

Het gecontroleerde bouwwerk wordt voor een deel gebruikt als kantoorfunctie, het gemeentehuis. Het andere deel betreft een horecafunctie. Aangezien dit deel, buiten het gemeente huis deel ligt en zelfstandige brandveiligheidsvoorzieningen heeft is dit gebouwdeel niet verder beoordeeld. Het gemeentehuis bestaat uit 3 bouwlagen. Het gebouw is voorzien van een brandmeldinstallatie en ontruimingsinstallatie, noodverlichting, transparant verlichting, brandslanghaspels en draagbare blusmiddelen. De opname van het gebouw betreft de bouwkundige brandwerende scheidingen. Voor alle brandveiligheidsinstallaties geldt dat alleen de benodigde aanpassingen zijn beoordeeld.

Situatie (bron: bagviewer.nl).

Pagina 6 van 40

Brandveiligheidsrapportage Croonstadtlaan 111, Mijdrecht

3.

Inspectieresultaten

-

Algemeen Bouwkundige brandveiligheid Installatietechnische brandveiligheid Organisatorische brandveiligheid

3.1

Algemeen 3.1.1

Zorgplicht

Brandbeveiligingsinstallaties, zoals brandslanghaspels, noodverlichting of vluchtrouteaanduiding dienen op adequate wijze te worden onderhouden, beheerd en gecontroleerd. Behoudens draagbare blusmiddelen deze dienen tenminste eens per twee jaar gecontroleerd en onderhouden te worden. Tijdens de opname zijn de brandveiligheidsinstallatie niet beoordeeld. Op basis van de genoemde zorgplicht dient de gemeente de installatie te onderhouden. Bescheiden voor het vastleggen van onderhoud van de genoemde installaties, zoals een logboek, zijn op locatie niet beoordeeld.

3.1.2

Omgevingsvergunning (brandveilig gebruik)/ gebruiksmelding

Het gebouw is in gebruik als kantoorfunctie waarin meer dan 50 persoenen aanwezig zijn. Formeel geldt voor een dergelijke gebruiksfunctie een meldingsplicht. Een dergelijke melding hebben wij tijdens de inspectie niet op locatie aangetroffen. Indien er voor het gebouw in het verleden geen melding brandveilig gebruik/ Omgevingsvergunning brandveilig gebruik, of voor 2008 een gebruiksvergunning is ingediend bij de gemeente, dient dit alsnog te gebeuren. Een melding dient te voldoen aan de indieningsvereisten uit het bouwbesluit.

Pagina 7 van 40

Brandveiligheidsrapportage Croonstadtlaan 111, Mijdrecht

3.2

Bouwkundige brandveiligheid 3.2.1

Sterkte bij brand

Wij gaan ervan uit dat de hoofddraagconstructie voldoet aan de bestaande vergunning/het rechtens verkregen niveau. De hoofddraagconstructie bestaat voornamelijk uit beton/metselwerk en is niet volledig geïnspecteerd.

3.2.2

Afscheiding

Een voor personen bestemde vloer heeft bij een rand een niet beweegbare afscheiding als die rand meer dan 1 m hoger ligt dan een aansluitende vloer, het aansluitende terrein of het aansluitende water. -

Er zijn geen afwijkende vloerafscheidingen aangetroffen.

3.2.3

Overbruggen van hoogteverschillen

Een bouwwerk heeft voorzieningen voor het veilig overbruggen van eventuele hoogteverschillen. Een hoogteverschil is maximaal 0,21 m tussen vloeren waarover waar over personen kunnen vluchten. -

Er zijn geen hoogte verschillen aangetroffen die niet voldoen aan de gestelde eisen. Er zijn op basis hiervan geen aanpassingen nodig.

3.2.4

Beperking van het ontwikkelen van brand en rook

Een zijde van een constructieonderdeel die grenst aan de binnenlucht heeft een volgens NEN 6065 bepaalde bijdrage tot brandvoortplanting, die voldoet aan aangegeven brandklasse 4 en een rookproductie met een volgens NEN 6066 bepaalde rookdichtheid van ten hoogste 10 m-1 voor een verblijfsgebied en brandklasse 2 en een rookproductie met een volgens NEN 6066 bepaalde rookdichtheid van ten hoogste 5,4 m-1 voor een extra beschermde vluchtroute (deze normering was van toepassing ten tijde van de bouw). Voor de bovenzijde van een vloer geldt een klasse van T3 voor een verblijfsgebied een T1 voor een extra beschermde vluchtroute. Voor nieuwbouw geldt een Europese norm, doch het type brandklasse, welke nog wel bij bestaande bouw worden benoemd in het Bouwbesluit, zijn nagenoeg gelijk aan elkaar. -

In de trappenhuizen is natuursteen vloerbedekking gelegd. Natuursteen voldoet aan de eisen met betrekking tot de brandklassen van materialen.

3.2.5

Brandcompartimentering

Een besloten ruimte ligt in een brandcompartiment. Een brandcompartiment strekt zich uit over niet meer dan een perceel. De weerstand tegen branddoorslag en brandoverslag (WBDBO) van een brandcompartiment naar een ander brandcompartiment is ten minste 30 minuten zoals aangegeven op de tekeningen. Deze 30 minuten grens is het niveau dat bepaald is aan de hand van het rechtens verkregen niveau. Voor de kantoren geldt dat deze in een sub-brandcompartiment liggen. Voor sub-brandcompartimenten geldt dat de WBDBO 30 minuten moet zijn, zoals op tekening aangegeven. Op basis van veroudering en slijtage van een constructie kan de brandwerendheid van een bestaand constructieonderdeel, verminderen. Een constructie onderdeel mag echter nooit een lagere brandwerendheid hebben dan 20 minuten. Bij aanpassingen van de constructies, moet men voldoen aan de WBDBO-eisen, conform het van rechtens verkregen niveau. Het van rechtens verkregen niveau wat in dit geval van toepassing is gelet op de WBDBO is aan de hand van de aangeleverde plattegrondtekeningen inzichtelijk, te weten 30 minuten. Uitgangspunt bij noodzakelijke aanpassingen: WBDBO 30 minuten. De totale oppervlakte van een brandcompartiment in een (bestaand) kantoorgebouw is maximaal 2000 m2, volgens artikel 2.89 uit het Bouwbesluit 2012. Een technische ruimte groter dan 100 m2 en een stookruimte Pagina 8 van 40

Brandveiligheidsrapportage Croonstadtlaan 111, Mijdrecht

met één of meer verbrandingstoestellen met een totaal nominaal vermogen groter dan 160 kW liggen in een apart brandcompartiment voor bestaande bouw niveau (art. 2.89 lid 7). Voor het gecontroleerde gebouw geldt op basis van het bouwjaar en de aangeleverde tekeningen het van rechtens verkregen niveau. de maximale omvang zoals op tekening aangegeven moet worden aangehouden te beoordeling. Het gebouw heeft een gebruiksoppervlakte groter dan 2000m2 op basis van bestaande bouw en dient dus te zijn opgedeeld in meerdere brandcompartimenten. De aangeleverde documenten geven geen duidelijkheid omtrent de horizontale inwendige scheidingsconstructie met een WBDBO. Voorafgaand aan de inspectie is met bevoegd gezag overeenstemming bereikt over de omvang van de brandcompartimenten. In een plan van aanpak is vastgelegd wat de uitgangspunten zijn. in het PVA is vastgelegd dat er wordt uitgegaan van 2 brandcompartimenten en twee beschermde vluchtroutes. De omvang van één van de brandcompartimenten is daarmee groter dan 2000m2. Doordat is vastgelegd dat er geen risico’s zijn voor de omgeving bij een brand in het gemeente huis en dat e.e.a. geldt voor een tijdelijke periode, van maximaal 5 jaar, zijn de uitgangspunten geaccepteerd. De verdiepingen zelf zijn opgedeeld in zelfstandige sub-brandcompartimenten en beschermde vluchtwegen.

Tijdens de controle zijn diverse gebreken geconstateerd aan bestaande brandwerende scheidingen de gebreken aan doorvoeren naden etc. worden in de volgende alinea’s benoemd en expliciet aangegeven in de bijgeleverde spreadsheet. Tijdens de controle is geconstateerd dat op diverse plaatsen de brandwerende scheiding in praktijk anders loopt of aangepast dient te worden, zodat wordt voldaan aan het PvA. Op de 1e verdieping is een aanpassingsvoorstel opgenomen, door de aanwezige brandwerende scheiding juist op tekening aan te geven en de brandwerende voorzieningen daar waar nodig aan te passen. Op de begane grond worden 2 aanpassingsvoorstellen opgenomen. Er is geconstateerd dat de brandscheiding tussen BC1 en BC 2 in praktijk anders loopt dan op tekening verwerkt. De aan te houden brandwerende scheiding is opgenomen, wordt hersteld daar waar nodig en op tekening verwerkt. Ter plaatse van de bestaande entreehal in de oudbouw zijn de aangegeven brandwerende scheidingen niet aangetroffen. Hiervoor is een aanpassingsvoorstel opgesteld. Door een andere wand aan te wijzen als brandwerende scheiding zijn bouwkundige brandwerende aanpassingen haalbaar, daarmee wordt tevens wat vluchten betreft voldaan aan bouwbesluit. E.e.a. zal op tekening worden aangegeven. Zie voor alle aanpassingsvoorstellen bijlage 2.

Gebreken (sub)brandcompartimentering Tijdens de opname zijn ten behoeve van de brand- en sub brandcompartimentering meerdere gebreken geconstateerd in het geïnspecteerde bouwwerk. De gebreken hebben voornamelijk betrekking op de bouwkundige staat van de trappenhuizen en de kabel-, kanaal- en/of leidingdoorvoeren, die niet of niet op de juiste wijze brandwerend zijn afgewerkt, zowel van bestaande als van nieuw aan te brengen brandwerende materialen. Van onder andere brandwerende applicaties, zullen certificaten en testrapporten moeten worden overgelegd, in combinatie met een logboek, waarin alle werkzaamheden per doorvoer staan beschreven. Uit deze logboeken zullen bepaalde doorvoeren duidelijk gespecificeerd moeten zijn, waaruit kan blijken dat enkele doorvoeren op die betreffende wijze van afwerking voldoen of dat er in bepaalde luchtkanalen wel brandkleppen aanwezig zijn, die wij tijdens de inspectie niet hebben kunnen waarnemen. De (sub)brandcompartimentering voldoet m.b.t. gebreken aan kabel-, kanaal- en/of leidingdoorvoeren niet. Tevens voldoen een aantal bouwkundige scheidingen niet aan de voorwaarden. Daarmee wordt niet voldaan aan het Bouwbesluit 2012. Met de genoemde aanpassingen en herstellen van bouwkundige scheidingen, sparingen, doorvoeren etc. wordt behoudens de omvang voldaan aan Bouwbesluit. Afspraken wat betreft de omvang zijn vastgelegd in het PvA.

Pagina 9 van 40

Brandveiligheidsrapportage Croonstadtlaan 111, Mijdrecht

Cannelure dak beplating Een dakconstructies die bestaat uit een stalen dakconstructie met cannelure beplating, moet brandwerend zijn afgewerkt. Volgens de testrapporten bij dit soort dakconstructies dienen er vlammenschermen geplaatst te worden. Dit is van toepassing wanneer de cannelures over de brandcompartimenteringwand heen lopen. In de huidige situatie zijn deze dakconstructies niet aangetroffen.

Naadafwerking Om branddoorslag te voorkomen tussen (sub)brandcompartimenten dienen ook naden tussen wand- en plafondaansluitingen en naden tussen brandwerende aftimmeringen brandwerend te zijn afgedicht. Uit de opname komt naar voren dat er in veel gevallen boven de verlaagde plafonds tussen de gangzones en de (sub)-brandcompartiment scheidingen van de bouwdelen weinig tot geen aandacht is besteed aan het brandwerend afwerken/ aftimmeren van scheidingsconstructies. Van naadafwerking in deze vorm is dan ook geen sprake. De wand/vloeraansluitingen zijn in bijna alle gevallen dichtgezet met PUR-schuim. (zie volgende alinea).

PUR PUR is een veel toegepast materiaal. Bij brandcompartimentering mag brandwerende PUR over het algemeen alleen toegepast worden tussen steenachtig materiaal, waarbij de dikte en diepte bepalend is. Brandwerende PUR kan niet worden gebruikt tussen andere materialen, tenzij dit kan worden aangetoond door middel van testrapporten en certificaten. In het verleden zijn er verschillende soorten PUR op de markt gebracht en gebruikt. Vooraf is niet te bepalen of het toegepaste materiaal brandwerend is. Op meerdere locaties is al dan niet brandwerende PUR toegepast als afdichting tussen wand- en plafondaansluitingen. Dit betreft de naden die brandwerend moeten worden afgewerkt zoals opgenomen in de spreadsheet. De bestaande PUR dient te worden verwijderd waarna de brandwerende scheiding volgens de voorschriften moet worden afgewerkt.

Afwerken doorvoeren Alle doorvoeren die brandwerend afgewerkt dienen te worden, dienen volgens de testrapporten en montage voorschriften van de toe te passen applicatie afgewerkt te worden. Aangezien er sprake is van een brandwerendheid van 30 minuten, zullen doorvoeringen bij een 30 minuten brandwerende scheiding aan de brandzijde van een scheiding ter plaatse van een trappenhuis enkelzijdig uitgevoerd kunnen worden. Overige doorvoeren dienen wel 2-zijdig te worden afgewerkt, of er dient middels den rapport te worden aangetoond dat enkelzijdige afwerking voldoet. In een beperkt aantal situaties zijn oude applicaties ongewijzigd, waarbij beschadigingen zijn geconstateerd. Ook zijn er situaties aangetroffen die niet voldoen aan de voorschriften, dit geldt met name voor brandwerende afwerkingen over doorvoeren met Armaflex/isolatie. Brandwerende afwerkingen en constructies dienen volgens de zorgplicht adequaat onderhouden te worden. De bestaande doorvoeren dienen daarom waar nodig te worden hersteld of conform montagevoorschriften alsnog te worden afgewerkt. Bij uitvoering zal alles ge-her-codeert moeten worden, zodat er uiteindelijk 1 totaal logboek overlegd zal kunnen worden.

Pagina 10 van 40

Brandveiligheidsrapportage Croonstadtlaan 111, Mijdrecht

Luchtkanalen Tijdens de inspectie is geconstateerd dat luchtkanalen niet allemaal zijn voorzien van brandkleppen t.h.v. brandcompartimentscheidingen. Daar waar wel brandkleppen aanwezig zijn, zijn deze niet alle op de juiste wijze brandwerend afgewerkt/ gemonteerd. Daar waar brandkleppen ontbreken zullen de betreffende luchtkanalen voorzien moeten worden van brandkleppen. De luchtkanalen die door een brandscheiding heen leiden dienen voorzien te zijn van een brandklep, dienen voorzien te zijn van een juiste ophanging en dienen op juiste wijze brandwerend te worden afgewerkt. Montage dient, conform testrapporten uitgevoerd te worden. Diverse sparingen rondom de brandkleppen zijn niet dan wel onvoldoende brandwerend afgewerkt. deze sparingen moeten brandwerend worden afgewerkt volgens de voorschriften. Bij nieuw te plaatsen kleppen dienen de brandwerende afwerkingen te worden aangebracht nadat de brandkleppen zijn geplaatst.

Schachten Door de indeling van het gebouw zoals vastgelegd in het PVA, zijn er geen schachten in het gebouw aanwezig die moeten voldoen aan een brandwerendheidseis. Tijdens de opname heeft er daarom geen inspectie van schachten plaatsgevonden.

Brandwerende deur en kozijnconstructies Deuren In het bouwwerk zijn deurconstructies toegepast in brandscheidingen. De deuren zijn over het algemeen afgehangen in vurenhouten kozijnen. De kozijnen zijn bevestigd aan steenachtige wanden. Er zijn diverse deur types toegepast. 30 minuten brandwerende deuren in brandcompartimentscheidingen en 30 minuten brandwerende deuren naar de beschermde vluchtroutes. Veel deuren zijn voorzien van draadglas. Hieronder volgt een opsomming van de aangetroffen deurtypes. De deuren inclusief kozijnen en glas, zijn als volgt uitgevoerd: Kozijnmerk A, 30 minuten brandwerende kozijnconstructie met deur naar trappenhuis - Kozijn uitgevoerd in vurenhout gemonteerd tegen een steenachtige wand - deur dik 40 mm - afgehangen met 3 scharnieren - voorzien van een Dorma deurdranger - sponningmaat kozijn >25mm - glaslatten hardhout afm. 30x26 deels geschroefd uitgevoerd h.o.h. 340mm - Nemef slotkast - toegepaste glassoort, draadglas afm. 620x1420 = 0.88m2 - boven paneel massief multiplex dik 40 mm. - geen opschuimende strips - geen naden groter dan 6 mm onder de deur en 3 mm aan zij en boven zijde - hardstenen dorpel onder de deur. Met de volgende aanpassing is het aannemelijk dat de deur een brandwerendheid van 30 minuten bezit: Glaslatten aanvullend schroeven h.o.h. maximaal 250 mm.

Pagina 11 van 40

Brandveiligheidsrapportage Croonstadtlaan 111, Mijdrecht

Kozijnmerk B, 30 minuten brandwerende kozijnconstructie incl. deur met zijlicht gemonteerd in een steenachtige wand. Deur t.p.v. de compartiment scheiding 2e verdieping. - Kozijn uitgevoerd in vurenhout gemonteerd tegen een steenachtige wand - deur dik 40 mm - afgehangen met 3 scharnieren - voorzien van een Dorma deurdranger - sponningmaat kozijn >25mm - glaslatten zijlicht afm. 15x15mm niet geschroefd uitgevoerd - glaslatten deur afm. 25x25 deels geschroefd uitgevoerd h.o.h. > 250 mm - Nemef slotkast dagschoot defect - toegepaste glassoort, draadglas afm. 600x2060 + 530 x 2400 = 2.5m2 voldoet niet aan de voorwaarden - geen opschuimende strips - geen naden groter dan 6 mm onder de deur en 3 mm aan zij en boven zijde - hardstenen dorpel onder de deur. Met de volgende aanpassing is het aannemelijk dat de deur een brandwerendheid van 30 minuten bezit: Glaslatten aanvullend schroeven h.o.h. maximaal 250 mm. Oppervlakte aan draadglas terugbrengen naar een maximaal oppervlak van 1,7 m2 volgens de richtlijn draadglas in bestaande brandwerende scheidingen. Zijlicht voorzien van brandwerend beplating. brandwerende plaat bevestigen met glaslatten met een minimale afmeting van 25x25 mm. Nieuwe glaslatten geschroefd aanbrengen h.o.h. maximaal 250mm. Bestaande glaslatten aanvullend schroeven h.o.h. maximaal 250 mm.

Kozijnmerk C, 30 minuten brandwerende kozijnconstructie met deur zijlichten en bovenlicht trappenhuis oudbouw 2e verdieping - Kozijn uitgevoerd in hardhout - doordraaiende deur dik 50 mm - deur niet voorzien van bij brand opschuimende strippen - afgehangen met Dorma vloerpot en bovenspeun - glaslatten deur hardhout afm. 30 x30 mm niet geschroefd uitgevoerd 2 zijdig - glaslatten zijlichten en boven licht hardhout afm. 18x30 mm geschroefd uitgevoerd. - geen slotkast - geen brandwerend deurnaald. - geen brandwerende strips - deur op kleefmagneet - deur sluit niet volledig bij lossturen magneet. - toegepaste glassoort, draadglas, afm. (300x900) + (580 x 1650) + 2 x (270 x 2240) = 2.43m2 voldoet niet aan de voorwaarden Met de volgende aanpassing is het aannemelijk dat de deur een brandwerendheid van 30 minuten bezit: Glaslatten boven en zijlichten vervangen met afmeting 25x25 mm en aanvullend schroeven h.o.h. maximaal 250 mm. oppervlakte aan draadglas terugbrengen naar een maximaal oppervlak van 1,7 m2 volgens de richtlijn draadglas in bestaande brandwerende scheidingen. Zijlichten voorzien van brandwerend beplating. brandwerende plaat bevestigen met glaslatten met een minimale afmeting van 25x25 mm. de deur voorzien van bij brand opschuimende strippen. deur herstellen zodat deze voldoende sluit.

Pagina 12 van 40

Brandveiligheidsrapportage Croonstadtlaan 111, Mijdrecht

Kozijnmerk D, 30 minuten brandwerende kozijnconstructie met dubbele deur zijlichten en bovenlicht trappenhuis oudbouw 1e verdieping - Kozijn uitgevoerd in hardhout - doordraaiende deur dik 50 mm - deur niet voorzien van bij brand opschuimende strippen - afgehangen met Dorma vloerpot en bovenspeun - glaslatten deur hardhout afm. 30 x30 mm niet geschroefd uitgevoerd 2 zijdig - glaslatten zijlichten en boven licht hardhout afm. 18x30 mm geschroefd uitgevoerd. - geen slotkast - geen brandwerend deurnaald. - geen brandwerende strips - naad aan onderzijde van de deur >6mm - deur op kleefmagneet - toegepaste glassoort, draadglas, afm. (550x1800) + 2x (580 x 1650) + 2 x (270 x 2400) = 4.23 m2 voldoet niet aan de voorwaarden Met de volgende aanpassing is het aannemelijk dat de deur een brandwerendheid van 30 minuten bezit: Glaslatten boven en zijlichten vervangen met afmeting 25x25 mm en aanvullend schroeven h.o.h. maximaal 250 mm. oppervlakte aan draadglas terugbrengen naar een maximaal oppervlak van 1,7 m2 volgens de richtlijn draadglas in bestaande brandwerende scheidingen. Zij, bovenlichten en 1 deurdeel voorzien van brandwerende beplating. brandwerende plaat bevestigen met glaslatten met een minimale afmeting van 25x25 mm. de deur voorzien van bij brand opschuimende strippen.

aansluiting dubbele deur voorzien van brandwerende deurnaald naad aan de onderzijde van de deur terug brengen naar maximaal 6 mm Groene handmelder aanbrengen voor ontvluchting. Kozijnmerk E, (2x) 30 minuten brandwerende kozijnconstructie incl. deur met zijlicht gemonteerd in een steenachtige wand. 1e verdieping oudbouw. - Kozijn uitgevoerd in hardhout gemonteerd tegen een steenachtige wand - deur dik 38 mm - afgehangen met 3 scharnieren - deurdranger defect en 1x geen deurdranger aanwezig - sponningmaat kozijn <25mm - slotkast onbekend - geen opschuimende strips - glaslatten zijlichten en boven licht hardhout afm. 17x30 mm geschroefd uitgevoerd. - toegepaste glassoort, draadglas, afm. (550x900) + (270 x 2400) = 1.14 m2 voldoet aan de richtlijn - naad aan onderzijde van de deur >6mm - hardstenen dorpel onder de deur. Met de volgende aanpassing is het aannemelijk dat de pui-constructie/deur een brandwerendheid van 30 minuten bezit: beide deuren vervangen voor een gecertificeerde brandwerende, inclusief hang en sluitwerk en deurdranger. Glaslatten boven en zijlichten vervangen met afmeting 25x25 mm en aanvullend schroeven h.o.h. maximaal 250 mm.

Pagina 13 van 40

Brandveiligheidsrapportage Croonstadtlaan 111, Mijdrecht

Kozijnmerk F en F’, 30 minuten brandwerende deur gemonteerd in een steenachtige wand. 1e verdieping oudbouw . - Kozijn uitgevoerd in hardhout gemonteerd tegen een steenachtige wand - sponning opgedikt met hardhouten lat. Niet geschroefd aangebracht. - deur dik 40 mm - afgehangen met 4 scharnieren - geen deurdranger - valdorpel aan onderzijde deur - geen brandwerend glas afm. 170x670 mm - glaslatten <25mm niet geschroefd - Lips slotkast - geen opschuimende strips Met de volgende aanpassing is het aannemelijk dat de pui-constructie/deur een brandwerendheid van 30 minuten bezit: Type F Glas vervangen door brandwerend glas 30 minuten EW Vastzetten met hardhouten glaslatten afm. min. 25x25 mm Opdiklat kozijn aanvullend schroeven h.o.h. maximaal 250 mm. Deurdranger aanbrengen Type F’ Opdiklat kozijn aanvullend schroeven h.o.h. maximaal 250 mm. Deurdranger aanbrengen Kozijnmerk G, 30 minuten brandwerende kozijnconstructie met enkele deur en zijlichten compartimentscheiding 1e verdieping - Kozijn uitgevoerd in hardhout - deur dik 38 mm - deur niet voorzien van bij brand opschuimende strippen - afgehangen met 3 scharnieren - Nemef Slotkast - Dorma deurdranger - glaslatten in deur afm. 30x30 mm onvoldoende geschroefd aangebracht - glaslatten zijlichten afm. 30x17 mm onvoldoende afmeting en niet geschroefd aangebracht - toegepaste glassoort, draadglas, afm.

2x (600x1500) + 2x (420 x2500) + 3 x (540 x 2500) = 7.95 m2 voldoet niet aan de voorwaarden - hardstenen dorpel onder de deur Met de volgende aanpassing is het aannemelijk dat de deur een brandwerendheid van 30 minuten bezit: Glaslatten boven en zijlichten vervangen met afmeting 25x25 mm en aanvullend schroeven h.o.h. maximaal 250 mm. oppervlakte aan draadglas terugbrengen naar een maximaal oppervlak van 1,7 m2 volgens de richtlijn draadglas in bestaande brandwerende scheidingen. Zij lichten voorzien van brandwerende beplating. de deur voorzien van bij brand opschuimende strippen.

Pagina 14 van 40

Brandveiligheidsrapportage Croonstadtlaan 111, Mijdrecht

Kozijnmerk H, 30 minuten brandwerende kozijnconstructie met dubbele deur en zijlicht aangepaste compartimentscheiding 1e verdieping - Kozijn uitgevoerd in hardhout deursponning 25 mm - deur dik 40 mm - deur niet voorzien van bij brand opschuimende strippen - afgehangen met 4 scharnieren - brandwerende deurnaald - Dorma deurdrangers - deur op kleefmagneet niet gestuurd door rookmelders - glaslatten in deur afm. 30x30 mm onvoldoende geschroefd aangebracht - glaslatten zijlicht afm. 25x17 mm onvoldoende afmeting en niet geschroefd aangebracht - toegepaste glassoort, draadglas, afm. 2x (560x950) + (270 x2450) = 1.72 m2 voldoet formeel niet aan de voorwaarden - hardstenen dorpel onder de deur - deur is fysiek krom getrokken. Met de volgende aanpassing is het aannemelijk dat de pui-constructie een brandwerendheid van 30 minuten bezit: Glaslatten zijlicht vervangen met afmeting 25x25 mm en aanvullend schroeven h.o.h. maximaal 250 mm. oppervlakte aan draadglas geringe overschrijding afm. accepteren. deuren voorzien van bij brand opschuimende strippen aan boven en achterzijde. rookschakelaars aan beide zijde van de deuren aanbrengen voor het sturen van de kleefmagneet. kromgetrokken deur herstellen/vervangen.

Kozijnmerk I, 30 minuten brandwerende kozijnconstructie met enkele deur met boven en zijlichten compartimentscheiding 1e verdieping - Kozijn uitgevoerd in hardhout sponningmaat 19 mm - deur dik 38 mm - deur niet voorzien van bij brand opschuimende strippen - afgehangen met 4 scharnieren - Lips Slotkast - Dorma deurdranger defect - glaslatten in deur afm. 30x30 mm onvoldoende geschroefd aangebracht - glaslatten zijlichten afm. 30x17 mm onvoldoende afmeting en niet geschroefd aangebracht - toegepaste glassoort draadglas, afm. 3x (340x2600) + (830x600) + (630x1670) = 4.20 m2 voldoet niet aan de voorwaarden - hardstenen dorpel onder de deur Met de volgende aanpassing is het aannemelijk dat de deur een brandwerendheid van 30 minuten bezit: Glaslatten boven en zijlichten vervangen met afmeting 25x25 mm en aanvullend schroeven h.o.h. maximaal 250 mm. glaslatten in de deur aanvullend schroeven h.o.h. maximaal 250 mm. oppervlakte aan draadglas terugbrengen naar een maximaal oppervlak van 1,7 m2 volgens de richtlijn draadglas in bestaande brandwerende scheidingen. Zij lichten voorzien van brandwerende beplating. de deur voorzien van bij brand opschuimende strippen. deurdranger herstellen vastzethaakje verwijderen.

Pagina 15 van 40

Brandveiligheidsrapportage Croonstadtlaan 111, Mijdrecht

Kozijnmerk K, 30 minuten brandwerende kozijnconstructie met enkele deur met boven en zijlichten compartimentscheiding 1e verdieping - Kozijn uitgevoerd in hardhout sponningmaat 25 mm - deur dik 42 mm - deur niet voorzien van bij brand opschuimende strippen - afgehangen met 3 scharnieren - Lips Slotkast - Dorma deurdranger defect - glaslatten in deur afm. 30x30 mm onvoldoende geschroefd aangebracht - glaslatten zijlichten afm. 35x20 mm onvoldoende afmeting en niet geschroefd aangebracht - toegepaste glassoort draadglas, afm. 2x (220x2550) + (870x560) + (630x1670) = 2.66 m2 voldoet niet aan de voorwaarden - hardstenen dorpel onder de deur - elektronische dagschoot niet gestuurd - geen groene handmelder voor ontvluchting Met de volgende aanpassing is het aannemelijk dat de deur een brandwerendheid van 30 minuten bezit: Glaslatten boven en zijlichten vervangen met afmeting 25x25 mm en aanvullend schroeven h.o.h. maximaal 250 mm. glaslatten in de deur aanvullend schroeven h.o.h. maximaal 250 mm. oppervlakte aan draadglas terugbrengen naar een maximaal oppervlak van 1,7 m2 volgens de richtlijn draadglas in bestaande brandwerende scheidingen. Zij lichten voorzien van brandwerende beplating. de deur voorzien van bij brand opschuimende strippen. aanvullend een groene handmelder aanbrengen voor de ontvluchting.

Kozijnmerk L, 30 minuten brandwerende kozijnconstructie met enkele deur met boven en zijlichten compartimentscheiding 1e verdieping - Kozijn uitgevoerd in hardhout sponningmaat 20 mm - deur dik 38 mm - deur niet voorzien van bij brand opschuimende strippen - afgehangen met 4 scharnieren - Lips Slotkast - Ivana deurdranger defect - glaslatten gehele pui afm. 17x30 mm geschroefd aangebracht - toegepaste glassoort draadglas, afm. 3x (280x2560) + (890x550) = 2.63 m2 voldoet niet aan de voorwaarden - hardstenen dorpel onder de deur - deur vastgezet met houten keg Met de volgende aanpassing is het aannemelijk dat de deur een brandwerendheid van 30 minuten bezit: Glaslatten boven en zijlichten vervangen met afmeting 25x25 mm en aanvullend schroeven h.o.h. maximaal 250 mm. oppervlakte aan draadglas terugbrengen naar een maximaal oppervlak van 1,7 m2 volgens de richtlijn draadglas in bestaande brandwerende scheidingen. Zij lichten voorzien van brandwerende beplating. de deur voorzien van bij brand opschuimende strippen. aanvullend keg onder de deur verwijderen.

Pagina 16 van 40

Brandveiligheidsrapportage Croonstadtlaan 111, Mijdrecht

Kozijnmerk M, 30 minuten brandwerende kozijnconstructie met dubbele deur entreehal begane grond oudbouw - Kozijn uitgevoerd in hardhout sponningmaat 25 mm - deur dik 38 mm - deur niet voorzien van bij brand opschuimende strippen - afgehangen met 3 scharnieren - geen Slotkast - geen brandwerende deurnaald - deurdranger onbekend - glaslatten gehele pui afm. 25x25 mm niet geschroefd aangebracht - toegepaste glassoort draadglas, afm. 2x (650x1700) = 2.21 m2 voldoet niet aan de voorwaarden - naad aansluiting rondom en onderzijde deur > 6mm - kleefmagneten worden niet gestuurd door rookmelders Met de volgende aanpassing is het aannemelijk dat de deur een brandwerendheid van 30 minuten bezit: Glaslatten aanvullend schroeven h.o.h. maximaal 250 mm. oppervlakte aan draadglas terugbrengen naar een maximaal oppervlak van 1,7 m2 volgens de richtlijn draadglas in bestaande brandwerende scheidingen. Zijlicht voorzien van brandwerende beplating. brandwerende plaat bevestigen met glaslatten met een minimale afmeting van 25x25 mm. de deur voorzien van bij brand opschuimende strippen. Tevens om de naden te verkleinen aanvullend rookmelders aanbrengen voor sturing kleefmagneet.

Kozijnmerk N, 30 minuten brandwerende kozijnconstructie met dubbele deur zij en bovenlichten nieuwe brandwerende scheiding begane grond oudbouw - Kozijn uitgevoerd in hardhout sponningmaat 25 mm - deur dik 38 mm geen randhout - deur niet voorzien van bij brand opschuimende strippen - afgehangen met 3 scharnieren - Nemef slotkast - geen brandwerende deurnaald - 2x Dorma deurdranger - glaslatten gehele pui afm. 30x25 mm niet geschroefd aangebracht - toegepaste glassoort draadglas, afm. 2x (610x970) + (1640x520) + (610x520) = 2.35 m2 voldoet niet aan de voorwaarden - naad onderzijde deur > 6mm - kleefmagneten worden niet gestuurd door rookmelders - deur sluit onvoldoende Met de volgende aanpassing is het aannemelijk dat de deur een brandwerendheid van 30 minuten bezit: Glaslatten aanvullend schroeven h.o.h. maximaal 250 mm. oppervlakte aan draadglas terugbrengen naar een maximaal oppervlak van 1,7 m2 volgens de richtlijn draadglas in bestaande brandwerende scheidingen. Bovenlicht voorzien van brandwerende beplating. brandwerende plaat bevestigen met glaslatten met een minimale afmeting van 25x25 mm. de deur voorzien van bij brand opschuimende strippen. naad onderzijde deur terugbrengen naar maximaal 6 mm, aanbrengen opdiklat deur opnieuw afstellen zodat deze voldoende sluit. brandwerende deurnaald aanbrengen aanvullend rookmelders aanbrengen voor sturing kleefmagneet.

Pagina 17 van 40

Brandveiligheidsrapportage Croonstadtlaan 111, Mijdrecht

Kozijnmerk O, 30 minuten brandwerende kozijnconstructie met enkele deur t.p.v. toiletten nieuwe brandscheiding begane grond oudbouw - Kozijn uitgevoerd in hardhout sponningmaat 18 mm - deur dik 38 mm met 36 randhout - deur niet voorzien van bij brand opschuimende strippen - afgehangen met 3 scharnieren - Lips slotkast - Dorma deurdranger - deur sluit onvoldoende Met de volgende aanpassing is het aannemelijk dat de deur een brandwerendheid van 30 minuten bezit: de deur voorzien van bij brand opschuimende strippen. deur opnieuw afstellen zodat deze voldoende sluit. Meerdere deuren/kozijnen voldoen daarmee formeel niet aan de gestelde voorwaarden In de spreadsheet worden de geconstateerde gebreken omschreven. De genoemde aanpassingen dienen te worden uitgevoerd om te voldoen aan de minimale eisen voor brandveiligheid. Zelfsluitende deuren In een aantal gevallen zijn brandwerende deuren niet zelfsluitend uitgevoerd door het ontbreken van een voorziening zoals een deurdranger. Betreffende deuren dienen zelfsluitend te worden uitgevoerd door het toepassen van een deurdranger. Andere zelfsluitende deuren zijn uitgevoerd met een dranger echter zijn niet meer in staat de deur te sluiten in dat geval dienen drangers opnieuw te worden afgesteld. Dit geldt niet voor de vrijloopdeurdrangers, die worden gestuurd door een BMI.

Aftimmering boven kozijnen/ puien In een aantal gevallen voldoet de aftimmering boven de brandwerende pui constructie niet aan de vereiste brandwerendheid. Betreffende locaties zijn opgenomen in de spreadsheet. Betreffende aftimmering dienen vervangen/ aangepast te worden.

Draadglas pui constructies Draadglas werd vroeger gezien als brandwerend glas. In de loop der tijd is men hierop teruggekomen. Het nadeel van draadglas is dat de straling bij een brand niet wordt tegengehouden, conform de hiervoor geldende eisen. Dit betekent dat erbij langs vluchtende mensen letsel opgelopen kan worden, of dat brandoverslag en/of -doorslag mogelijk is, binnen de gestelde brandwerendheid. Voor draadglas geldt dat al het daadwerkelijke draadglas van voor 2007, mag voldoen aan bijlage A van de NEN 6069. Dit betekent het volgende: - Bij een brandwerendheid van 60 minuten, heeft het draadglas een maximale oppervlakte van 0.9 m2, in een wandsegment van 2.5 x 2.5 meter. - Bij een brandwerendheid van 30 minuten, heeft het draadglas een maximale oppervlakte van 1.7 m2, in een wandsegment van 2.5 x 2.5 meter. - Bij een brandwerendheid van 20 minuten, heeft het draadglas een maximale oppervlakte van 3.0 m2, in een wandsegment van 2.5 x 2.5 meter. In het bouwwerk zijn diverse brandwerende pui en deurconstructie aangetroffen die zijn voorzien van spiegeldraadglas. De voorwaarden zijn van toepassing op deze pui constructies. Afwijkingen van de hierboven genoemde oppervlaktes zijn opgenomen in de spreadsheet met toevoeging van aanvullende maatregelen.

Het bouwjaar volgens Bag viewer is 1993, waardoor volgens de huidige uitgangspunten 3.0 m2 draadglas aangehouden mag worden (Zie bijlage I).

Pagina 18 van 40

Brandveiligheidsrapportage Croonstadtlaan 111, Mijdrecht

Glaslatten en sponningen Glaslatten van brandwerende beglazing, of kozijn sponningen van brandwerende houten kozijnen dienen (als vuistregel) een minimale afmeting van 25 x 25 mm te bezitten. Het meest voor de hand liggende materiaal is hardhout. De glaslatten en kozijn sponningen dienen geschroefd en verlijmd te zijn aangebracht. Bij nieuw te realiseren constructies kunnen sponningen of glaslatten in enkele gevallen ook kleiner worden uitgevoerd. Dit zal aangetoond dienen te worden door middel van testrapporten en/of certificaten. Niet alle aanwezige glaslatten/sponningen voldoen aan de vereiste afmetingen, en zijn niet allen bevestigd middels schroeven, volgens montagevoorschriften. Zie alinea deuren en kozijn constructies voor het aanpassingsvoorstel. Posities en aantallen worden benoemd in de spreadsheet.

3.2.6

Vluchtroutes

De maximale loopafstanden, conform artikel 1.102 van het Bouwbesluit 2012, is 30 meter op nieuwbouw niveau. Op het niveau bestaande bouw betreft dit 75 meter (artikel 2.112). Bij een niet ingedeelde ruimte dient voor de berekening van de loopafstand rekening te worden gehouden met een factor 1.5 (geldt enkel bij nieuwbouw eisen). De loopafstanden vallen voor een groot deel binnen de 30 meter, zoals gesteld in het Bouwbesluit 2012. Die loopafstanden voldoen aan de eisen voor nieuwbouw uit het Bouwbesluit 2012. Met een hoge bezetting in het gebouw. Tijdens de opname is geconstateerd dat er op diverse verdiepingen een relatief lage bezetting aanwezig is. Indien wordt aangetoond wat de daadwerkelijke bezetting is, kan er wellicht worden uitgegaan van loopafstanden tot 45 meter. daarmee kan het gehele gebouw wat loopafstanden betreft voldoen aan de nieuwbouweisen. Indien e.e.a. niet kan worden aangetoond, is de maximale loop afstand 35 meter. Dit voldoet ruimschoots aan de eisen voor bestaande bouw. Met aanpassing van de trappenhuizen en brandwerende scheidingen is de vluchtveiligheid in het gebouw voldoende ingericht. Op de tweede en eerste verdieping dusdanig ingericht dar er samenvallende vluchtwegen aanwezig zijn.

Er moet vluchtweg detectie worden aangebracht in de vorm van rookmelders, die zijn aangesloten op de brandmeldinstallatie en die direct de ontruimingsinstallatie aansturen. Deuren gelegen in een vluchtroute, dienen bij aanwezigheid van personen zodanig gesloten te zijn dat deze tijdens het vluchten zonder sleutels onmiddellijk te openen zijn. (Artikel 7.12). Als er meer dan 100 personen op één deur zijn aangewezen, dient de deur met een lichte druk geopend te kunnen worden. Deuren gelegen in de vluchtroute zijn over het algemeen voorzien van een zogenaamd loopslot of deurnaald zonder slot. Deze deuren kunnen worden geopend zonder gebruik te maken van een los voorwerp. In een aantal gevallen zijn deuren elektronisch afgesloten. Deze deuren zijn voorzien van een ontsluitingsmechanisme die door middel van een groene handmelder kan worden overbrugd. De entree van het bouwwerk bestaat uit automatisch werkende schuifdeuren. De schuifdeuren zijn niet voorzien van een opdruk hoe de deuren bij stroomuitval zijn te openen. Het was tijdens de opname niet inzichtelijk of deze deuren voorzien zijn met een noodstroomvoorziening. Indien deze deuren voorzien zijn van een dergelijke noodstroomvoorziening, waardoor de deuren tijdens vluchten automatisch openen of open staan, is dergelijke sticker niet noodzakelijk.

Een nooduitgang, moet aan de buitenzijde voorzien zijn van een opdruk; ‘nooduitgang’ of ‘nooddeur vrijhouden’, conform de NEN 3011. Niet alle deuren gelegen in de vluchtroute zijn voorzien van een dergelijke sticker. Deze dienen alsnog te worden aangebracht

Pagina 19 van 40

Brandveiligheidsrapportage Croonstadtlaan 111, Mijdrecht

3.3

Installatietechnische brandveiligheid 3.3.1

Noodverlichting

Een verblijfsruimte waarbij meer dan 75 personen gelijktijdig aanwezig zijn, is voorzien van noodverlichting (artikel 6.3). Een beschermde vluchtroute dient voorzien te zijn van noodverlichting. Algemene noodverlichting is toegepast op die locaties waar het noodzakelijk is. Er is duidelijk of de projectie van de armaturen voldoende is om te voldoen aan de eisen. Tijdens de uitvoering van de aanpassingen zal tevens onderzocht moeten worden of de lichtopbrengst voldoende is.

3.3.2

Brandmeld- en ontruimingsalarminstallatie

Het kantoorgebouw moet minimaal voorzien zijn van een niet-automatische brandmeldinstallatie met daar waar sprake is van samenvallende vluchtwegen aangevuld met ruimte bewaking. Zonder doormelding naar de Regionale Alarm Centrale (RAC) . Daar waar sprake is van samenvallende vluchtwegen dient de ontruimingsinstallatie direct te worden aangestuurd. Het bouwwerk dient te zijn voorzien van een type B-ontruimingsalarminstallatie (luid alarm middels slow whoops) volgens de NEN 2575. Het bouwwerk is voorzien van een brandmeldinstallatie met niet automatische bewaking. Volgens het logboek is deze installatie in 2019 aangebracht. Op de eerste en tweede verdieping is sprake van samenvallende vluchtwegen, hier moet de installatie worden uitgebreid. De brandmeldinstallatie is niet voorzien van een directe doormelding naar de regionale alarmcentrale. De ontruimingsalarminstallatie is uitgevoerd als een type B-installatie, zoals voorgeschreven. De brandmeld- en ontruimingsalarminstallatie dienen aantoonbaar volgens de NEN 2654-1 en -2 beheerd, gecontroleerd en jaarlijks onderhouden. Het laatste onderhoud van de brandmeldinstallatie is niet duidelijk, hiervoor dient een rapport van onderhoud te worden overlegd.

3.3.3

Ontruimingsplan

Het bouwwerk moet voorzien zijn van een ontruimingsplan, waarbij de NEN8112 wordt geadviseerd om aan te houden, conform artikel 6.23 uit het Bouwbesluit 2012. In een gebruiksfunctie met een brandmeldinstallatie als bedoeld in artikel 6.20, in een bouwwerk met een vergunning voor brandveilig gebruik en in een bouwwerk waarvoor een gebruiksmelding als bedoeld in artikel 1.18 is gedaan zijn voldoende personen aangewezen om de ontruiming bij brand voldoende snel te laten verlopen. (Artikel. 7.11a) Het is niet duidelijk geworden of er voor de locatie een ontruimingsplan is opgesteld op basis van de NEN 8112.

3.3.4

Vluchtrouteaanduidingen

Een ruimte waardoor een verkeersroute voert en een ruimte voor meer dan 50 personen hebben een vluchtrouteaanduiding die voldoet bij een te bouwen bouwwerk aan NEN 3011 of bij een bestaand bouwwerk aan NEN 6088, en aan de zichtbaarheidseisen, bedoeld in de artikelen 5.2 tot en met 5.6 van NEN-EN 1838. De aanwezige vluchtrouteaanduidingen voldoen aan de voorschriften voor een nieuw gebouw volgens de NEN 3011. Pagina 20 van 40

Brandveiligheidsrapportage Croonstadtlaan 111, Mijdrecht

3.3.5

Deuren in vluchtroutes

Deuren gelegen in een vluchtroute, dienen bij aanwezigheid van personen zodanig gesloten te zijn dat deze tijdens het vluchten zonder sleutels onmiddellijk te openen zijn. (artikel 7.12). Als er meer dan 100 personen op één deur zijn aangewezen, dient de deur met een lichte druk geopend te kunnen worden. Een nooduitgang moeten aan de buitenzijde voorzien zijn van een opdruk; ‘nooduitgang’ of ‘nooddeur vrijhouden’, conform de NEN 3011. Er zijn tijdens de controle geen stickers met opdruk ``nooduitgang vrijhouden`` waargenomen op de nooduitgangen aan de binnenzijde/ buitenzijden van het bouwwerk.

3.3.6

Brandbestrijdingsmiddelen

Voor zover er onvoldoende brandslanghaspels aanwezig zijn, is een gebouw voorzien van voldoende draagbare of verrijdbare blustoestellen om een beginnende brand zo snel mogelijk door in het gebouw aanwezige personen te laten bestrijden. Een blustoestel is duidelijk zichtbaar opgehangen of gemarkeerd met een pictogram als bedoeld in NEN 3011. De onderhoudsdatum van de brandslanghaspels is niet opgenomen. Er moet op basis van de zorgplicht jaarlijks onderhoud aan de brandslanghaspels plaatsvinden. Van een aantal draagbare blusmiddelen is niet duidelijk of deze zijn gekeurd.

3.3.7

Aanduiding blusmiddelen

Brandblusmiddelen en voorzieningen voor het melden van brand dienen duidelijk zichtbaar worden opgehangen. Indien dit niet het geval is dienen deze middelen voorzien te worden van een pictogram De kasten van de brandblusmiddelen zijn voorzien van een pictogram. Dit voldoet aan de eisen.

3.3.1

Bereikbaarheid voor hulpdiensten

Brandkranen op eigen terrein of openbaar gebied Op het terrein zijn geen brandkranen gesitueerd.

Brandweeringang Een bouwwerk voor het verblijven van personen heeft een brandweeringang. Dit geldt niet indien de aard, de ligging of het gebruik van het bouwwerk dat naar het oordeel van het bevoegd gezag niet vereist. In een bouwwerk met een brandmeldinstallatie met doormelding wordt een brandweeringang bij een brandmelding automatisch ontsloten of ontsloten met een systeem dat in overleg met de brandweer is bepaald. Bij een bouwwerk voor het verblijven van personen zijn zodanige opstelplaatsen voor brandweervoertuigen dat een doeltreffende verbinding tussen die voertuigen en de bluswatervoorziening kan worden gelegd. De hoofdentree fungeert als brandweeringang.

Brandweerlift Een gebouw met een gebruiksgebied hoger gelegen dan 20 meter boven meet niveau heeft minimaal één brandweer lift. Het bouwwerk is op basis van de hoogte niet voorzien van een brandweerlift. Dit voldoet aan de wettelijke eisen

Pagina 21 van 40

Brandveiligheidsrapportage Croonstadtlaan 111, Mijdrecht

Droge blusleiding Een gebruiksfunctie met een vloer van een verblijfsgebied hoger gelegen dan 20 m boven het meetniveau, heeft een droge blusleiding. Het bouwwerk is niet voorzien van een droge blusleiding, dit is geen wettelijke verplichting voor dit gebouw.

3.4

Organisatorische brandveiligheid 3.4.1

Vastzetten zelfsluitend constructie onderdeel

Een zelfsluitend constructieonderdeel in een inwendige scheidingsconstructie met een weerstand tegen branddoorslag en brandoverslag (WBDBO), mag niet in geopende stand zijn vastgezet tenzij het constructieonderdeel bij brand en bij rook door brand automatisch wordt losgelaten. Op een aantal plaatsen in het gebouw worden wiggen en of ander materiaal gebruikt om brandwerende zelfsluitende deuren van te zetten. Deze voorzieningen moeten worden verwijderd.

3.4.2

Aankleding

Aankleding besloten ruimte Aankleding in een besloten ruimte mag geen brandgevaar opleveren. Dit gevaar is niet aanwezig, indien de aankleding: a. Een ondergeschikte bijdrage aan brandgevaar levert; b. Onbrandbaar is, bepaald volgens NEN 6064; c. Voldoet aan brandklasse A1, conform NEN-EN 13501-1; d. Voldoet aan de eisen voor constructieonderdelen, zoals eerder beschreven (brandklasse 4), of e. Een navlamduur heeft van ten hoogste 15 seconden en een nagloeiduur van ten hoogste 60 seconden. De aankleding binnen onder andere de verkeersruimten dienen te voldoen aan bovenstaande voorschriften. In het gehele gebouw is nauwelijks tot geen sprake van een dergelijke aankleding.

Pagina 22 van 40

Brandveiligheidsrapportage Croonstadtlaan 111, Mijdrecht

3.4.3

Restrisico brandgevaar en ontwikkeling van brand

Onverminderd het bij of krachtens dit besluit bepaalde is het verboden in, op, aan of nabij een bouwwerk voorwerpen of stoffen te plaatsen, te werpen of te hebben, handelingen te verrichten of na te laten, werktuigen, middelen of voorzieningen te gebruiken of niet te gebruiken of anderszins belemmeringen op te werpen of hinder te veroorzaken waardoor: a. Brandgevaar wordt veroorzaakt, of b. Bij brand een gevaarlijke situatie wordt veroorzaakt. Geen opmerkingen.

3.4.4

Restrisico veilig vluchten bij brand

Onverminderd het bij of krachtens dit besluit bepaalde is het verboden in, op, aan of nabij een bouwwerk voorwerpen of stoffen te plaatsen, te werpen of te hebben, handelingen te verrichten of na te laten, werktuigen, middelen of voorzieningen te gebruiken of niet te gebruiken of anderszins belemmeringen te veroorzaken waardoor: a. Melding van, alarmering bij of bestrijding van brand wordt belemmerd; b. Het gebruik van vluchtmogelijkheden bij brand wordt belemmerd, of c. Het redden van personen of dieren bij brand wordt belemmerd. Er zijn geen constateringen gedaan waarbij vluchtwegen geblokkeerd waren door goederen.

Pagina 23 van 40

Brandveiligheidsrapportage Croonstadtlaan 111, Mijdrecht

4.

Aanvulling op spreadsheet en rapportage

4.1

Volledigheid inspectie

Alhoewel Vlampunt met de inspectie heeft beoogd alle benodigde brandveiligheidsvoorzieningen in kaart te brengen, is deze rapportage niet uitputtend. Vlampunt adviseert in de budgettering rekening te houden met een opslag van 7.5 %, die als stelpost in de offertes kan worden opgenomen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11856266/1