20260106 Technische vragen - GL-PvdA - Klinkhamer Vinkeveen
Tekst van het document
Gemeente De Ronde Venen Vragen vanuit de Raad aan het college: A. Schriftelijke vragen als bedoeld in artikel 39 Reglement van Orde (beantwoording binnen 30 dagen) B. Technische vragen vergadering (beantwoording zo snel mogelijk) C. Technische vragen overig
Categorie:
A/B/C (Doorhalen wat niet van toepassing is)
Naam indiener: Ernst Schreurs/Joey de Mol Fractie: GroenLinks-PvdA Datum van indienen: 6 januari 2026 Onderwerp: Ruimtelijk kader Klinkhamerlocatie
In te vullen door organisatie Portefeuillehouder: Datum beantwoording:
A. Vijselaar 8 januari 2026
Inleiding n.v.t. Vraag 1 Voor welk bedrag heeft de gemeente de gronden in 2004 aangekocht? En welke kosten zijn er sindsdien met het bezit gemoeid? Antwoord 1 De reëel geachte opbrengstverwachting is circa 1,5 tot 2 miljoen euro, zo is in het raadsvoorstel opgenomen. Dit is wat de gemeente overhoudt nadat de actuele boekwaarde en de gemeentelijke planontwikkelingskosten zijn gecompenseerd (met de kanttekening dat de uitkomst van de tender, onderhandelingen en uitwerking van plannen van invloed zullen zijn op het uiteindelijk te behalen resultaat). Over de boekwaarde-ontwikkelingen van de locatie wordt de gemeenteraad jaarlijks geïnformeerd bij de begroting. Vraag 2 Wat zijn financiële gevolgen voor de gemeente als wordt besloten de grond enkel te verkopen met de randvoorwaarde dat er 66% betaalbaar moet worden gebouwd? Is deze variant doorgerekend en voor welk bedrag kan de grond dan naar verwachting worden verkocht?
Antwoord 2
Rekenkundig zou dit betekenen dat er in dezelfde bouwmassa dan circa 15 woningen mogelijk zijn: 5 sociale huur van 40-45 m2, 5 betaalbare koop van circa 50 m2 en 5 vrije sector koop van 120-150 m2. De opbrengst zal dan circa 2 miljoen euro lager zijn. Ofwel: dit alternatieve programma kan een negatief resultaat opleveren voor de gemeente van circa 500.000. En er ontstaat daarmee geen financiële ruimte om een bijdrage te leveren aan de kwaliteitsverbetering van Zandeiland 4. Er zal voor dit alternatieve programma ook een groter aantal parkeerplaatsen gerealiseerd moeten worden voor bezoekersparkeren. En parkeerplaatsen voor de sociale huurwoningen in een parkeergarage worden niet realistisch geacht. Dat betekent dat voor een dergelijk plan een veel groter parkeerterrein nodig is. Met als gevolg dat er voor een parkachtige inrichting met zonneweide/picknickplaats onvoldoende ruimte overblijft. Doordat de ruimtelijke kwaliteit hiermee aanzienlijk verminderd, wordt dan niet meer voldaan aan de onderbouwing die met de provincie is afgestemd in het kader van de provinciale Omgevingsverordening.
Vraag 3 Is onderzocht of het vereveningsfonds kan worden ingezet om ontwikkelaars via de tender te verleiden om een plan in te dienen om meer dan 30% sociale woningbouw op deze locatie mogelijk te maken? Zo ja, wat is daarbij de conclusie? Antwoord 3 Nee, maar zoals uit antwoord 2 valt af te leiden, zou er voor het haalbaar maken van een programma met 66% betaalbaar een bijdrage van € 500.000 uit het Vereveningsfonds noodzakelijk kunnen blijken. Vraag 4 Is voor de beoogde kwaliteitsverbetering van Zandeiland 4 een grove indicatie te geven voor het gemeentelijke deel van de kosten? En hoe verhoudt dit bedrag zich tot de opbrengst die naar verwachting uit de ontwikkeling van de Klinkhamerlocatie in de algemene reserve vloeit? Antwoord 4 De Perspectievenschets beschrijft de ruimtelijke aspecten van een reeks opgaven die verder gedefinieerd en uitgewerkt kunnen worden met, en door de betreffende organisaties. De kwaliteitsverbetering van Zandeiland 4 zal met SGL (Recreatieschap Stichtse Groenlanden), en daarmee met de provincie opgepakt en afgestemd moeten worden. De kosten voor de verbreding van de brug en inrit en de aanpassingen aan de inrichting volgens de indicatieve plankaart bij de Perspectievenschets zullen uitkomen op circa 1 miljoen euro.
Vraag 5 Onder argument 1.1 lezen we dat de provinciale Omgevingsverordening als voorwaarde stelt dat de ruimtelijke kwaliteit wordt geborgd/vergroot. Daarbij wordt gesteld dat het ruimtelijk kader hier onderbouwing voor biedt. Is de provincie akkoord met deze onderbouwing en wordt hiermee inderdaad aan die voorwaarde voldaan? Antwoord 5 De onderbouwing voor de toevoeging van één appartementengebouw met verder een groene parkachtige invulling van de locatie, is met de provincie afgestemd. Vraag 6 We lezen in het ruimtelijk kader dat er fietsenstallingen gerealiseerd zullen worden. Om hoeveel extra plekken gaat het? En is dat voldoende voor de behoefte?
Antwoord 6 Omdat de zonneweide/picknickplaats met een voetgangersbruggetje ontsloten wordt, verwachten wij dat deze plek aantrekkelijk is voor fietsers. Het inrichtingsplan zal te zijner tijd opgesteld worden met stallingsmogelijkheid voor circa 25 fietsen.