20210317 Commissie RZ PW
Tekst van het document
POSTADRES
BEZOEKADRES
Postbus 250
T
0297 29 16 16
3640 AG Mijdrecht
F
0297 28 42 81
Croonstadtlaan 111
E
gemeente@derondevenen.nl
3641 AL Mijdrecht
I
www.derondevenen.nl
Vergadering politieke commissie Ruimtelijke Zaken & Publieke Werken Datum:
17 maart 2021
Tijd:
19:30 uur
Plaats:
Digitaal via Teams
Registratienummer: Voorzitter:
De heer E.A. Dohle
Griffier:
Mevrouw J. Jonker
Raadsleden:
De heer C.W. Brouwer (CDA), de heer M.H. Brunia (D66), mevrouw C. Dijkman (VVD), de heer M.B.M. van Dijkman (VVD), de heer N.P.M. de Dood (CDA), de heer R. Evers (VVD), de heer H.J. van der Greft (Ronde Venen Belang), de heer E.C. de Haan (Ronde Venen Belang), mevrouw Y.M.G. van den Heerik (Ronde Venen Belang), de heer M. Klijn (Lijst 8 Kernen), de heer P.C. Kroon (PvdA-GroenLinks), de heer A.P.M. Luijben (Seniorenpartij), de heer G. Luijer (Ronde Venen Belang), de heer L.G.J. Rouwenhorst (CDA), de heer T. van Sligtenhorst (ChristenUnie-SGP), de heer C. van Uden (D66)
Meesprekers:
Geen
Wethouders:
Mevrouw K.B. Hagen (D66), de heer R. Kroon (CDA), mevrouw A.G. Schuurs (VVD)
Ambtenaren:
De heer W. Boersma (7b), de heer S. Dom (6a), mevrouw D. Kranenburg (7a), mevrouw R. van der Meer-de Wit (6c)
Notulist:
De heer H.C. Meinhardt (Notuleerservice Nederland)
Notulen 1.
Opening De voorzitter opent de vergadering en heet de aanwezigen welkom. De vergaderregels die samenhangen met het digitaal vergaderen, worden nog even onder de aandacht van de deelnemers gebracht.
2.
Spreekrecht inwoners Er heeft zich niemand aangemeld voor dit agendapunt.
1
3.
Vaststellen agenda De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld.
4.
Notulen commissie Ruimtelijke Zaken & Publieke Werken, Algemeen Bestuurlijke Zaken Financiën & Samenleving en Inwonerszaken d.d. 17 februari 2021 De notulen worden ongewijzigd goed gekeurd. Er zijn geen vragen of opmerkingen naar aanleiding van de notulen.
5.
Voortgang en overige ontwikkelingen
a.
Toezeggingen De heer Evers vraagt naar de stand van zaken met betrekking tot de afvalbarometer (toezegging 195/20). Die is belangrijk voor de vraag aan de inwoners om het afval goed te scheiden. Men kan daarmee de ontwikkelingen op dit gebied ook goed volgen. Dan het punt de ontwerp RES. Daaronder valt ook de Regionale Veenweide Strategie die gekoppeld zou worden aan de zonnevelden. (toezegging 143/20). Wat is de stand van zaken? Als laatste toezegging 14/21, de mogelijkheden om ondernemingen te verplichten zonnepanelen op de bedrijfsgebouwen te plaatsen. Volgens spreker zou er geen subsidie meer zijn voor de plaatsing van zonnepanelen. Graag aandacht voor dit laatste. Wethouder Hagen vraagt zich af over welke subsidie het gaat, een landelijke of een lokale. brengt naar voren dat nog niet bekend is of het over een landelijke of lokale subsidie gaat. Een lokale subsidie is er in principe niet voor zon op dak. Wellicht is het goed om even met de heer Evers hierover te spreken. Dan kan men beter vaststellen over welke subsidie men het heeft in relatie tot de situatie. Dan kan men de mogelijkheden verder bespreken. Bij de Veenweide Strategie gaat het over gebieden die niet meer zo geschikt zijn als agrarische grond. gebied schijnt minder geschikt te zijn voor zonnevelden. De wethouder gaat dit met de provincie opnemen. Spreekster onderkent het belang van de afvalbarometer.
De website komt volgende week. De barometer wordt in de komende tijd regelmatig geactualiseerd, waardoor de inwoners goed op de hoogte blijven van de ontwikkelingen. Het is goed om er tijdens de volgende commissievergadering op terug te komen. Kijken of de site het juiste inzicht geeft. Gezien er niemand nog een punt voor de toezeggingen heeft, sluit de voorzitter dit agendapunt.
b.
Informatie-uitwisseling De heer Van der Greft brengt de brief van de U16 naar de RES ter sprake. Daarin werd gesproken over meer tijd voor zorgvuldigheid en inspraak bij de besluitvorming. Begrepen is dat de wethouder hierop zou terugkomen. In aansluiting wat de wethouder hierop gaat zeggen, volgt een vraag.
2
Mevrouw Dijkman is benieuwd naar de stand van zaken bij de pilot met betrekking tot de recreatiewoningen. Daarnaast de vraag hoeveel aanvragen er binnen zijn gekomen voor de adoptiebankjes. De heer Kroon heeft een vraag over de zoekgebieden van Amsterdam. Voor een deel liggen die gebieden bij Abcoude en het Gein. Hoe loopt het overleg met Amsterdam daarover? Op welke manier worden de inwoners van De Ronde Venen bij de planvorming betrokken? Men is tenslotte belanghebbende. Daarnaast moeten er ook financiële afspraken gemaakt worden ingeval het plan doorgang vindt. Spreker is benieuwd hoe Amsterdam het proces gaat insteken en hoe deze gemeente daarbij betrokken is. De heer Luijben merkt op dat normaal gesproken hij met veel inzet de commissievergaderingen bezoekt. Alleen vandaag is het de dag van de democratie. Eenmaal per vier jaar mag men een stem uitbrengen. Door deze vergadering kan men de avond met de uitslagen niet volledig beleven. Dat doet de kijkdichtheid van deze vergadering geen goed. Dat is nadelig voor het streven om zoveel mogelijk inwoners te betrekken bij de plaatselijke democratie. Kennelijk geeft het presidium te kennen over een klaarblijkelijk te weinig inlevingsvermogen te beschikken. Daardoor missen mensen mooie momenten. De heer Brouwer begint met de doorgang bij de Maricken.
De tweede doorgang is dichtgegaan, terwijl men in de veronderstelling leefde dat die doorgang gesloten zou worden nadat andere doorgangen geopend zouden zijn. Nu blijkt dat de situatie anders is, waardoor al het verkeer van en naar de wijk gebruik moet maken van een doorgang. Dat is zorgelijk. Het verkeer heeft er al een aantal keren vastgestaan en het werkt belemmerend voor de hulpdiensten die naar de wijk moeten. Spreker vraagt het college om zo snel mogelijk te onderzoeken of er een tweede ontsluiting open kan waardoor er een veiliger situatie ontstaat. Dan de grondtransporten. Wanneer worden die bij Tijseling afgerond? Vinden de grondtransporten naar de Voorbijlocatie plaats met de nodige ontheffingen en vergunningen? In het verleden hebben ook grondtransporten zonder verleende vergunningen plaatsgevonden. Wat is de voortgang van de pont bij Nessersluis? Verloopt het proces in lijn met wat bedacht is? Als laatste de bocht bij de kruising Kannelaan en Pieter Joostenlaan is er helemaal uitgereden. Kan de wethouder contact opnemen met de aannemer om te bezien of de bocht onder garantie gerepareerd kan worden? Dan wel dat men de bocht breder maakt. De heer Evers begint over het artikel in De Telegraaf van 20 februari waarin de wethouder figureerde met enkele andere personen met kritiek op Schiphol. Er was kritiek op de strategie van Schiphol.
In het artikel werd gesuggereerd dat een failliet van KLM alle problemen rond de luchthaven zou oplossen. Kan de wethouder zich niet beter richten op de beheersing van de geluidsoverlast in het gemeentelijk gebied in plaats van de strategie van Schiphol en KLM ter discussie te stellen? Veel inwoners in de gemeente zijn economisch afhankelijk van de luchthaven en bedrijven die er werken. Wanneer gaat de wethouder de reactie op de Luchtvaartnota indienen? Kan de raad kennisnemen van die reactie voor het indienen? Wethouder Bouma van Uithoorn heeft in Nieuwe Meerbode aangegeven dat de Omgevingsraad met een advies zou moeten komen. Dat is lastig. Een verbetering voor de ene 3
gemeente betekent een verslechtering voor een andere gemeente. De voorzitter van de raad heeft een ander standpunt. Een besluit van Infrastructuur en Waterstaat op basis van belangen van verschillende partijen. Spreker suggereert dat de wethouder goed met Uithoorn samen te werken. Dan heeft men een sterkere mogelijkheid om het eigen geluid naar voren te brengen. Dan de opinienota Tijdelijke woningen bij het Veenweidebad. De wethouder schetst daarin de bezwaren van de ondernemers tegen de tijdelijke woningen. Eigenlijk staan er in de nota alleen hindernissen, maar niets over mogelijke oplossingen. Is de wethouder bereid om de nota aan te vullen met kansen? Zo ja, dan kan men komende maand een betere discussie over de nota voeren. De heer Van Sligtenhorst ondersteunt het laatste punt van de inbreng van de vorige spreker. Dat is de reden dat de CU/SGP de opinienota geagendeerd heeft voor de commissie van volgende maand. Men moet meer naar de mogelijkheden kijken. Men begrijpt de zorgen van de bedrijven, maar dan moet men daarover in gesprek gaan. Het conceptplan dat was bijgesloten bij de griffiebrief ging over 480 woningen. Dat aantal is niet in beton gegoten. De raad kan iets van dat aantal vinden. Dat biedt mogelijkheden om aan het plan iets te veranderen. Dan nog een vraag voor de wethouder.
Om de behandeling van de nota volgende mand in de commissie goed te laten verlopen, ook in het belang van de bedrijven, zou het goed zijn om een overzicht te ontvangen met een schets van de bedrijven met hun milieucategorie en de daarbij behorende cirkels. Wethouder Hagen brengt naar voren dat de Luchtvaartnota behandeld gaat worden na het aantreden van een nieuw Kabinet en een nieuwe Tweede Kamer. De luchtruimherziening die de gevolgen van de Luchtvaartnota laat zien is niet zo controversieel. Het wordt dus een uitdaging. De suggestie van het failliet van de KLM komt uit de koker van de journalist van De Telegraaf. Daarop hebben de gesprekspartners aangegeven dat dit het laatste is wat men wil. Wil men vluchten verduurzamen, dan moet men de KLM omarmen, waardoor er geen prijsvechter voor in de plaats komt. De reactie op de Luchtvaartnota is al vanuit de BRS verstuurd. Het belangrijkste punt is dat het voor De Ronde Venen vrij onoverzichtelijk is wat de consequenties van de nota zijn. Men kan de geografische effecten nog niet overzien. De provincie maakt zich daar ook zorgen over. De voorzitter van de ORS heeft aangegeven dat de gelaagdheid met de BRS soms kan leiden tot gekke constructies. Men zoekt naar een nieuw model daarvoor. Het artikel in De Telegraaf ging over de strategie die men moet volgen om te komen tot het verduurzamen en verstillen van vliegtuigen.
Waardoor er minder geluidshinder ontstaat. Met betrekking tot de pont deelt de wethouder mee dat een en ander op schema ligt. De definitieve datum van oplevering wordt morgen bekend. In de volgende commissie kan de wethouder er meer over zeggen. De bocht is de Kannelaan gaat men met de aannemer beoordelen of er sprake is van verwijtbaarheid. Daarbij komen ook de te nemen acties ter sprake. Er is regelmatig bestuurlijk overleg met Amsterdam en Ouder-Amstel over de zoekgebieden. Een aantal zoekgebieden is afgevallen, maar er is er nog steeds een ten noorden van Abcoude. De wethouder heeft bij Amsterdam aangegeven dat de afstand van windmolens tot inwoners voor de inwoners van De Ronde Venen hetzelfde wordt als de afstand die Amsterdam hanteert voor de eigen inwoners. Afgesproken is dat men actief opgeroepen wordt 4
tot participatie vanuit onze gemeente. Ook de coöperaties die onze gemeente op dit gebied heeft, worden er actief bij betrokken. Over een financiële participatie is nog niet gesproken. Dat is iets voor het vervolgtraject. Er zijn twee aanvragen voor een adoptiebank ingediend. Een ervan gaat in elk geval door. Dan de U16. Het klopt dat het bod verplaatst is naar 1 oktober. Dat komt met name doordat de raad heeft aangegeven eerst de zoekgebieden te willen aanwijzen voordat men kan aangeven wat men binnen de gemeentegrenzen gaat doen. Dat hebben meer gemeenten aangegeven. De heer Van der Greft geeft aan dat zijn vraag het gevolg is van de motie eind januari. In de motie is aangegeven dat men het vaststellen van de zoekgebieden zou moeten uitstellen. De meerderheid van de raad en de wethouder konden zich niet vinden in de motie. Dan vindt er in februari bestuurlijk overleg plaats binnen de RES en dan is er ineens wel sprake van uitstel. Een bijzondere gang van zaken. De heer Van Uden brengt naar voren dat men indertijd niet voor de motie was, maar dat men wel een zorgvuldig proces wilde. Dat hebben ook de andere partijen aangegeven. De beeldvorming die de heer Van der Greft probeert neer te zetten, past gewoon niet. Alle partijen wilden (en willen) een zorgvuldig proces. De wethouder heeft dat goed opgepakt. Door het uitstel gebeurd dat ook. De gemeente nam al meer tijd.
Er is dus geen sprake van een tegenstelling. De heer Van der Greft merkt op dat men heeft voorgesteld, en dat is wel een verschil, om het vaststellen van de zoekgebieden uit te stellen. Echter, het vaststellen van de zoekgebieden moet nog steeds in april plaatsvinden. Het enige wat nu verplaatst is, is het vaststellen van de RES. Op welke manier krijgen de inwoners extra tijd om deel te nemen? Op het moment dat de zoekgebieden zijn vastgesteld, dan is spreker benieuwd op welke wijze de inwoners dan nog bij het proces betrokken worden. Wethouder Hagen stelt dat het om twee separate processen gaat. Het eigen proces betreft het vaststellen van de zoekgebieden. Deze week komt er een voorstel naar de raad over de zoekgebieden. In aansluiting daarop vindt een gebiedsproces plaats met inwoners. De raad heeft aangegeven de bijdrage aan RES aan te geven nadat de zoekgebieden vastgesteld zijn. Voordat die zorgvuldige besluitvorming heeft plaatsgevonden, kan de gemeente nog geen bijdrage aan de RES leveren. De bijdrage moet alleen voor 1 oktober bij de RES liggen. Het is dus gunstig dat het uitstel gekomen is. Op dit moment is er niets aan de hand. Het proces wordt doorlopen zoals met de raad is afgesproken. De heer Van der Greft vraagt of het mogelijk is om het verslag van het overleg met de U16 te ontvangen.
Wethouder Hagen weet niet welk deel van het overleg openbaar is en welk deel niet. Men gaat dit na en komt erop terug. De heer Klijn heeft zojuist gehoord dat de gemeente Amsterdam nog steeds een zoekgebied ten noorden van Abcoude heeft. Is de wethouder op de hoogte van het feit dat in de provincie Noord-Holland een motie is aangenomen waarin Amsterdam wordt opgedragen om met de 5
buurgemeenten in gesprek te gaan over het plaatsen van windmolens. Gaat de wethouder met de gemeente Amsterdam in gesprek over het zoekgebied ten noorden van Abcoude? Wethouder Hagen is bekend met de motie en men is ook in gesprek. Bestuurlijk wordt er regelmatig met elkaar over zoekgebieden gesproken. De inwoners krijgen een deel in de participatie. Lastig is dat de wethouder niet gaat over de zoekgebieden in Noord-Holland, laat staan Amsterdam. Het college heeft over het betreffende zoekgebied een brief gestuurd naar Amsterdam. Ook probeert men vaker aan tafel te komen bij die gemeente. Ondanks alle moeite is er een zoekgebied nog gehandhaafd, maar twee zijn er voorlopig weggehaald. De heer Evers brengt naar voren dat het niet alleen over Amsterdam gaat, maar vooral ook over Ouder-Amstel. Die gemeente is ook op zoek naar zoekgebieden. Wethouder Kroon heeft recent overleg gehad met de provincie over de stand van zaken bij de pilots. Zoals het er nu naar uitziet gaat de pilot van de gemeente doorgevoerd worden. Dan kijkt men welk park eventueel gelegaliseerd kan worden. Echter, eerst moet er bij de provincie nog besloten worden. Er waren minder pilots dan waarop men had gehoopt. De gemeente overlegt regelmatig met de provincie en staat klaar om de pilot te starten. Dan de uitgang van de Maricken. De tijdelijke ontsluiting die is weggehaald, was niet zo’n veilige ontsluiting.
Eind april wordt er gestart met de brug bij de Van Damlaan. Daarna zijn er weer twee ontsluitingen. Daarnaast loopt nog steeds het onderzoek over het verwijderen van het paaltje. In verband met representativiteit van het onderzoek in relatie tot sluiting van scholen in verband met corona heeft de uitvoering van het onderzoek vertraging opgelopen. De wethouder zal het gevraagde plaatje toevoegen aan de nota onder voorbehoud van de mogelijkheid om de cirkels erop aangebracht kunnen worden. Anders wordt alleen de milieucategorie vermeld. Wat betreft het plan, dat wordt gewoon getoetst aan geldende regelgeving. In het plan zitten tekortkomingen. Men zou bij dit plan meer water bij de wijn moeten doen dan normaal. Daar kan men volgende maand met de commissie een discussie over voeren. De voorzitter merkt op dat er nog een antwoord moet komen op de vraag over de grondtraansporten. Wethouder Schuurs brengt naar voren dat die transporten vallen onder de portefeuille van de burgemeester. De burgemeester is morgen aanwezig bij de commissievergadering ABZ/F & SI. Dan kan de vraag beantwoord worden. De heer Brouwer heeft daar geen bezwaar tegen. Wethouder Schuurs begint met de concessie OV. Die wordt uitgesteld. Men is op dit moment in overleg om te zien of een deel van het strategisch OV-plan toch al gerealiseerd kan worden. Het moet wel een compleet deel zijn.
Er wordt al gesproken om per december wijzigingen aan te brengen in het vervoersschema. De wethouder komt hierop terug. Dan het parkeren bij het station Abcoude. Men heeft nu concept ideeën hoe men dit zou kunnen aanpakken. Op dat punt moet ook het overleg met de NS goed afgehandeld worden.
6
Is dat achter de rug, dan kan men met de omwonenden in overleg over het draagvlak van de ideeën. Het streven is om een en ander voor de zomer geregeld te hebben. Wethouder Hagen merkt op contact gehad te hebben met de firma die de glasvezel in de gemeente zou aanleggen. Zoals het eruit ziet zal de firma de glasvezel niet ver aanleggen. Een aantal gebieden is uitgesloten. Daarvoor gaat men in overleg met andere gemeenten over mogelijke opties. Kijken naar duidelijkheid voor de zomer en kijken naar een andere partij om de aanleg te realiseren. Dan het lood in de bodemproces. Inmiddels heeft men (een deel van de) subsidie van de provincie ontvangen. Er is voor dat bedrag, 225.000 euro, onderzoek gedaan bij moestuinen en particuliere tuinen. Voor het vervolgonderzoek en het treffen van passende maatregelen is nog een 225.000 euro beschikbaar. Bij drie tuinen van het onderzochte aantal tuinen (130) moet iets ondernomen worden vanwege het te hoge loodgehalte. Op basis hiervan vindt extrapolatie plaats naar de andere tuinen. Zo heeft men een idee van de te verwachten problematiek. Om dat op te lossen denkt men circa 5 miljoen euro nodig te hebben. De provincie gaat dit bedrag aanvragen bij het Rijk om verder te kunnen. Wanneer er weer nieuws is, komt de wethouder erop terug. De voorzitter sluit dit agendapunt na geconstateerd te hebben dat er geen vragen meer zijn.
De heer Van Sligtenhorst vraagt om een toezegging van wethouder Kroon om te komen met een beschrijving van de milieu categorieën. Wethouder Kroon komt met een afbeelding. Maar niet met een extra schrijven. Wel kunnen enkele duidingszinnen aan het plaatje toegevoegd zijn. De heer Van Sligtenhorst merkt op dat om de duidelijkheid gaat. De voorzitter gaat naar het volgende agendapunt.
c.
Gemeenschappelijke Regelingen De voorzitter concludeert dat er geen punten zijn voor dit agendapunt.
6.
Punten voor de raad van 1 april 2021
a.
Gewijzigde vaststelling bestemmingsplan Stationslocatie Mijdrecht, raadsvoorstel 12/21 De heer Luijben vindt het prima dat de gemeente de bedrijven tegemoet is gekomen en dat er overeenstemming is bereikt met Stedin over de akoestische maatregelen. Daarmee is de start van de bouw van circa zeventig woningen dichterbij gekomen. Spreker gaat akkoord met het gewijzigde bestemmingsplan en de instelling van de voorziening van 220.000 euro. De heer Kroon vraagt of de geluidsbelasting overdag en ’s nachts hetzelfde is. Aangenomen is dat ook de geluidsbelasting in de omgeving in het onderzoek is meegenomen.
7
Dan de voorziening voor de akoestische maatregelen. Spreker neemt aan dat de 220.000 euro het maximale bedrag is. Wanneer de kosten van de maatregelen lager uitvallen, klopt het dan dat de gemeente minder hoeft bij te dragen aan de maatregelen? Op basis waarvan is het bedrag vastgesteld. Dekt dit bedrag de volledige kosten? Of is het een bijdrage van een deel van de te verwachte kosten? De heer Klijn is benieuwd of het halen van de dekking van de voorziening akoestische maatregelen uit de algemene reserve een normale gang van zaken is. Hoe groot is de kans dat Stedin pas naar tien jaar die trafo’s zou willen aanpassen? Waarom neemt men niet meteen een bovenwijkse voorziening op in plaats van dit op een aparte manier te regelen? De heer Van Uden sluit zich aan bij wat door de Seniorenpartij naar voren is gebracht. De heer Van Sligtenhorst heeft begrepen dat het college aan het oorspronkelijke plan al hogere geluidswaarden heeft toegekend om het plan mogelijk te maken. Klopt het dat de verruiming in het raadsvoorstel met betrekking tot het traffostation van Stedin gebruik maakt van die hogere waarden? Mevrouw Dijkman kan zich vinden in de woorden van de heer Luijben. Men is blij dat er met de bouw van de woningen kan worden gestart. Wanneer daar een voorziening voor nodig is in verband met de toekomstige geluidsoverlast van het trafostation dan is dat gerechtvaardigd.
Hopelijk kan men snel beginnen met bouwen. De heer Rouwenhorst kan zich vinden in het voorliggende voorstel. Het kan naar de besluitnemende raad. Heeft het college op schrift dat de beroepen bij de Raad van State worden ingetrokken als het raadsvoorstel wordt aangenomen? Dat voorkomt vertraging. Het is wel jammer dat het proces zo lang geduurd heeft. Wellicht kan het een volgende keer wat vlotter. De heer Van der Greft spreekt over het voorstel als het kiezen tussen twee kwaden. Wanneer men niet instemt met de voorziening, dan weet men dat Stedin niet instemt en dan loopt het plan nog meer vertraging op. Wanneer men de voorziening wel treft, dan is de kans groot dat Stedin in de toekomst nog meer gaat uitbreiden en dat het de gemeenschap nog meer geld gaat kosten. De woningbouw daar is goed. Echter, men moet niet vergeten dat de grondexploitatie daar negatief is geweest. Dat kost de gemeente samen met de voorziening een grote bijdrage per woning. Echter, men is het eens met wat voorligt. De bouw moet doorgang vinden. Daarom kiest men voor het eerste kwaad. Wethouder Kroon vindt de gekozen constructie wel een beetje als het kiezen tussen twee kwaden. Gaat men het gevecht met Stedin aan of gaat men schikken. De woningnood is hoog. Daarom is voor het laatste gekozen, de opname van de voorziening van 220.000 euro.
Daardoor kan men sneller gaan bouwen dan dat men het op een procedure laat aankomen. Hetzelfde geldt voor de ondernemers die bezwaar hebben aangetekend. Men heeft schriftelijk de toezegging dat de beroepen van tafel gaan nadat het voorstel is aangenomen.
8
Men heeft de voorziening uit de algemene reserve gehaald, omdat men 2021 wil afsluiten. Wanneer men de voorziening laat lopen, dan heeft men tien jaar lang met het punt te maken. Men weet niet zeker of de voorziening gebruikt gaat worden. Vandaar deze oplossing. De werkelijke kosten voor de akoestische maatregelen zijn veel hoger dan de 220.000 euro. Als laatste, er is geen sprake van verruiming van de geluidswaarden ten opzichte van voorgaande vastgestelde hogere waarden. Het voorstel wordt op een punt aangepast. Het gaat niet om 78 woningen, maar om 71. Tweede termijn De heer Rouwenhorst kan met de aanpassing leven. De termijn om tot iets te komen heeft lang geduurd, maar het heeft resultaat opgeleverd. Spreker hoopt dat er nu nog niet meer wijzigingen komen. De heer Van Sligtenhorst denkt dat zijn vraag niet duidelijk is overgekomen. Om het oorspronkelijke plan mogelijk te maken, heeft het college hogere geluidswaarden moeten toekennen aan het plan om de woningbouw te kunnen realiseren. De vraag is of de hogere geluidswaarden ter wille van het traffostation binnen de normale waarden vallen of binnen de toegekende hogere waarden. Bij een helder antwoord kan het voorstel naar de besluitnemende raad. Wethouder Kroon antwoordt dat de geluidswaarden van het traffostation binnen de hogere toegekende hogere waarden vallen.
De voorzitter constateert dat het voorstel voldoende behandeld is. Gezien de discussie gaat het voorstel naar de besluitnemende raad.
b.
Verordening fysieke leefomgeving De Ronde Venen, raadsvoorstel 10/21 De heer De Dood geeft aan dat de VLF een lopend proces is. Het is een tussenstap naar het omgevingsplan. Het proces vergt veel tijd van de organisatie. Men heeft echter verzekerd dat het goed komt en dat er niet meer tijd mee gemoeid is. Betekent dit dan ook dat de aanvragen voor vergunningen en andere aanvragen geen langere aanlooptijd zullen krijgen? En blijft de collegebevoegdheid hetzelfde binnen de VLF Het is een goed voorstel. Na de beantwoording van de vragen kan het voorstel naar de besluitnemende raad. De heer Luijben stelt vast dat de verordening geen wijziging van het beleid inhoudt op twee punten na. Die gaan over de procedure voor de aanvraag voor toestemming voor het maken van een uitweg (art 3.1.3vfl) en het opnemen van de mogelijkheid van de keuze om twaalf keer per jaar melding te doen van incidentele festiviteiten. Met beide zaken kan men akkoord gaan. Het stemt tot tevredenheid dat er bij de verordening geen sprake is van lastenverzwaring, maar wel over handhaving van regelgeving. Dank aan de mensen die aan de verandering van de verordening veel tijd hebben besteed. Het voorstel kan naar de besluitnemende raad.
9
De heer Van Sligtenhorst kan zich aansluiten bij voorgaande sprekers. Spreker is benieuwd naar de uitkomsten van het oefenen. Kan de wethouder daar al iets over zeggen? Hoe gaat men de ervaringen bij stakeholders, inwoners en bedrijven, ophalen? Hoe neemt men deze ervaringen mee in de eventuele aanpassing van de verordening? Men ziet uit naar de verbeterslag, met name de vereenvoudigde regelgeving. Graag daarover wat meer informatie? De heer Van Uden sluit zich aan bij de woorden van de Seniorenpartij. De heer Evers denkt dat het wel goed gaat komen met de verordening. Wethouder Kroon brengt naar voren dat het gaat om een nieuwe wet waarmee men geen ervaring heeft. Daaruit komt een nieuwe werkwijze voort die men gaat toepassen om de organisatie klaar te stomen voor de nieuwe Omgevingswet. Het uitgangspunt is dat de wet ingaat op 1 januari 2022. Op basis daarvan zijn bestaande verordeningen herijkt. In november komt de wethouder naar de raad met de definitieve VFL. Wordt dan van kracht, maar die zal altijd aangepast worden aan nieuwe ontwikkelingen. Uiteindelijk moet de VFL opgaan in het omgevingsplan. Met deze stap moet de organisatie zo snel mogelijk met de nieuwe standaarden vertrouwd raken. Betreffende de bevoegdheden van het college moet men kijken naar de Omgevingswet. Die bevoegdheden zijn daarin vastgelegd en met de raad ken men bespreken hoe men daarmee omgaat.
Vooralsnog verandert er op dit punt niets. De voorzitter stelt vast dat er geen tweede termijn nodig is en dat het voorstel naar de besluitnemende raad kan.
c.
Verkoop- en verhuurprijs openbaar groen oftewel “snippergroen” herzien, raadsvoorstel 13/21 De heer Luijben vindt de gedachte achter het voorstel begrijpelijk en aanvaardbaar. Over de hoogte van de bedragen kan men eindeloos debatteren. De voorgestelde bedragen lijken in relatie tot omliggende gemeenten acceptabel. Twijfel heeft men over het gemaakte onderscheid tussen Abcoude/Baambrugge en de rest van de gemeente. Een vorm van ongelijkheid. Is dat juridisch haalbaar? De heer Luijer is van mening dat het om een prima voorstel gaat dat goed onderbouwd is. Alleen nog een vraag over de kanttekening. Door de tariefsverhoging zouden minder inwoners kunnen overgaan tot koop of huur. De wethouder verwacht dat niet. Waarop is die verwachting gebaseerd? Er is ook nog een mogelijkheid dat mensen door de verhoging van de huurprijs de huur gaan opzeggen. In dat geval loopt de gemeente weer aan tegen hogere kosten. De heer Kroon stelt de wenselijkheid van de verkoop van openbaar groen ter discussie. Daar zijn technische vragen over gesteld. Er is aangegeven dat men niet weet hoeveel snippergroen er nog verkocht of verhuurd zou kunnen worden. Kan niet inzichtelijk gemaakt worden over hoeveel groen het gaat? Dan mogelijke maatregelen in de toekomst. Is daar rekening mee gehouden? Denk aan maatregelen in het kader van klimaatadaptatie. Op die 10
vraag is geen antwoord gegeven. Misschien heeft men die kleine stukken groen wel hard nodig. Verkocht of verhuurd groen kan makkelijk aan de openbaarheid worden onttrokken. Daardoor wordt het groene aangezicht van wijken kleiner. Hoe kijkt het college daar tegenaan? Zijn er mogelijkheden om het verkochte of verhuurde groen ook groen te houden? Om het niet te onttrekken aan de openbare ruimte? Kan men besluiten het snippergroen niet verkopen wanneer men niet kan borgen dat het niet onttrokken wordt aan de openbaar groen? Moet men bij de prijzen van de verkoop niet meer rekening houden met de waardestijgingen van de woningen? Kan dat en zo niet, waarom niet? In Abcoude/Baambrugge worden andere prijzen gehanteerd dan in de rest van de gemeente. Echter, de grondprijzen in Baambrugge liggen lager dan die in Abcoude. Ook in de rest van de gemeente is nogal wat variatie. Moet daar dan ook niet gedifferentieerd worden? Kan men niet beter de verkoopprijzen koppelen aan de grondprijzen in de kernen? De laatste vraag gaat over de opbrengst van verkoop en verhuur. Die komen nu in de algemene middelen terecht. Zouden die opbrengsten niet beter in een soort van groenfonds gestopt kunnen worden om nieuw groen te scheppen? Dan levert groen ook groen op. De heer Brunia vindt de beantwoording van de technische vragen tamelijk summier. Er is een nota grondbeleid.
Daarin staan de prijzen voor verkoop en verhuur. Die nota is al (bijna) verlopen. Wil men die herzien dan moet dat ook zo spoedig mogelijk. Nu wordt de prijstabel er uitgelicht zonder een goed argument. Daarnaast loopt er nog een projectplan snippergroen in Abcoude waarbij de waarde verkoop en verhuur niet strookt met de gebrekkige administratie. Dat geeft geen inzicht in hoe het plan loopt. Dat is wel relevant. Men moet de uitkomsten van het project kennen om te weten hoe men verkoop en verhuur van snippergroen verder moet aanpakken. Misschien moet men de verhuur stop zetten. Spreker zou er niet voor gekozen hebben om de prijzen voor snippergroen separaat te herzien. Beter eerst nadenken wat men met het snippergroen wil om vervolgens daaraan vorm te geven. Wanneer men het voorstel goed leest dan kan men vaststellen dat er onder de tariefswijziging sprake is van een beleidswijziging. Die gaat over het toelaten van bebouwing op voormalig openbaar groen. Op dit moment mag het niet. Dat wordt gewaarborgd met een kettingbeding. Alleen let de gemeente er niet op met als gevolg dat iedereen doet wat men goeddunkt. Men denkt nu het probleem op te lossen door de inwoners op dit punt meer vrijheid te geven. De prijs daarvoor is het hogere kooptarief. Die beleidswijziging staat niet als zodanig in het raadsbesluit. Dat moet wel.
Spreker begrijpt niet waarom de handhaving een probleem is. Is het probleem zo groot dat men daarom maar vrijheid verleent om te bouwen? Dat staat haaks op het punt dat men openbaar groen al dan niet verkocht of verhuurd groen zou moeten houden. Zeker met het oog op de toekomst. Denk daarbij aan bijvoorbeeld klimaatadaptatie. Waarop is het verschil tussen de (hogere) prijs in Abcoude/Baambrugge en de rest van de gemeente op gebaseerd? Eigenlijk kan dat niet. Het geldt ook niet voor andere financiële zaken binnen de gemeente. Over dit principiële punt moet men goed nadenken. Bij dit laatste moet men het onderscheid tussen de kernen betrekken. Men kan niet alleen kijken naar de buurgemeenten van sommige kernen. De heer Van Sligtenhorst heeft gelezen dat de gemeente geen beeld heeft van de oppervlakte van het snippergroen. Dat is verbazingwekkend. Hoe kan men dan bijvoorbeeld controleren of de huuropbrengst correct is? Voorgesteld wordt om voor de huur een prijs te 11
bepalen met als uitgangspunt 7% van de verkoopprijs voor openbaar groen achter de gevelrooilijn. Dat betekent bijna een verviervoudiging van het huidige uurtarief. Gaat men die verhoging ook bij bestaande huurders doorvoeren? Gaat men de verhoging in een keer doorvoeren? De heer Klijn meldt dat er in het antwoord van een van de technische vragen staat dat de raad het tarief kan bijstellen door een verzoek te doen aan de wethouder. Moet men de wethouder nu gaan verzoeken om bij verlaging van verkoopprijzen van woningen en grond de indexering aan te passen en dit op te nemen in dit raadsvoorstel? Of kan de wethouder dat zelf toevoegen? Dat is het uitgangspunt bij indexeren. De heer Van Dijkman vindt het opvallend dat er veel over de tarieven wordt gesproken. In de ingebrachte technische vraag is de suggestie aangegeven om een neutrale makelaar te laten kijken naar de waarde van de grond en de hoogte van de tarieven. Waarom is niet gekozen voor deze systematiek? Is het niet de moeite waard om er alsnog op deze manier naar te kijken? Het is wel een prima initiatief om de tarieven aan te passen en deze in de toekomst te indexeren. De heer Rouwenhorst merkt op dat het om een uitgangspunt gaat dat in het grondbeleid is vastgelegd. Men moet beducht zijn voor negatieve ontwikkelingen. Hierbij de vraag wanneer het nieuwe grondbeleid komt.
Eigenlijk is het bestaande grondbeleid verleden tijd. Het zou goed zijn om naar de prijzen te kijken op basis van taxatie. Wanneer de koper het met de prijs niet eens is en zelf een taxateur inschakelt, wat gebeurt er dan? De wethouder zal wel ingaan op basis van vragen van collega’s op het verschil in tarief tussen Abcoude/Baambrugge en de andere kernen. Wanneer de antwoorden bevredigend zijn, kan het voorstel naar de besluitnemende raad. Wethouder Kroon constateert dat de meningen over het onderwerp sterk uiteen lopen. Waarom dit voorstel. Vastgesteld is dat er een grote behoefte is om stukjes grond te kopen. Bij de verkoop wordt vastgelegd dat op die verkochte stukjes op zichtbare plekken niet gebouwd mag worden. Dat moet groen blijven. Bij stukjes achter aan de tuin wordt de situatie wat anders. Dat valt binnen de mogelijkheid om vergunning vrij te bouwen. Daar kan men niet zoveel aan doen. De opbrengsten van snippergroen te stoppen in een groenfonds is wel sympathiek. Alleen is men er niet voor om overal potjes voor te creëren. Men zou het kunnen het idee kunnen koppelen aan ‘stenen eruit en planten erin’. Dan komt er ook meer groen. Gestelde technische vragen worden naar eer en geweten beantwoord. Er is veel vraag naar de grond (snippergroen). Nu worden er grote stukken grond voor relatief weinig geld aan woningen toegevoegd. Dat vindt de gemeente zonde.
Vanaf stukken grond groter dan 125 m² wordt een taxateur ingeschakeld voor de waardebepaling. Bij kleinere stukken grond wordt geen taxateur ingeschakeld vanuit kosten-batenoogpunt. De differentiatie is tarieven is conform de woningmarkt. Een huis in Abcoude is meer waard dan een soortgelijk huis in De Hoef. Het zou zonde zijn om die verhoudingen los te laten. Ook zijn de verhuurprijzen te lang niet geïndexeerd. Zou men dit niet doen, dan doet de gemeente zich tekort.
12
De heer Luijben heeft de wethouder horen zeggen dat de huizen in Abcoude nu eenmaal duurder zijn dan in andere delen van de gemeente. Echter, feitelijk is ieder huis anders in waarde. Het is alleen een onmogelijke opgaven om voor ieder huis de grondwaarde te bepalen die bij het huis hoort. Wethouder Kroon geeft de heer Luijben op dit punt gelijk. Daarom zijn kernen geclusterd. De prijzen voor openbaar groen worden per cluster gekoppeld aan de gemiddelde huiswaarde aldaar. Men kan hierover uren discussiëren. Men heeft gekozen voor voorliggende prijsbenadering. De tariefsverhogingen klinken wel heel groot, maar ze vallen feitelijk mee. Men denkt dat men op deze manier de inwoners goed kan bedienen. Dat het administratief niet allemaal op orde is met kabels en leidingen is helaas zo. Dat is met name het geval in Abcoude en Baambrugge. Het op orde brengen van deze administratie gaat verschrikkelijk veel tijd kosten. Dan houdt men geen geld meer over voor planten in plaats van stenen. Het voorstel is dan ook om dit niet te doen. De kosten wegen niet op tegen het beoogde resultaat. De wethouder komt nog terug op de pilot. Het was nogal ingewikkeld. Tweede termijn De heer Van Sligtenhorst merkt op dat de wethouder geen antwoord heeft gegeven op een vraag van de PvdA. Dat is verbazingwekkend.
De wethouder geeft aan geen beeld te hebben van de oppervlakte die nog verkocht of verhuurd kan worden. Hoe kan dat en hoe komt men dan tot een goede conclusie? Dan de vraag over de bebouwing van die gronden. Waarom kan er niet bij iedere verkoop van die grond contractueel een bouwverbod geregeld worden? Dat heeft niets met vergunning vrij bouwen te maken. De heer Brunia geeft aan dat de wethouder niet ingaat op de beleidswijziging, namelijk het in de huidige situatie niet toestaan van bebouwing, los van schuren en overkappingen, en in nieuwe situatie wel toestaan van bebouwing om daar ook de prijs voor te berekenen. Dat is een principiële stap die toegelicht moet worden en die vastgelegd moet worden. Dat er een grote vraag naar grond is, is spreker met de wethouder eens. Dat kan men op twee manieren benaderen. Men kan veel geld voor de grond vragen of men houdt de grond met een hoge waarde vast. In beide gevallen wordt de gemeente niet armer. Die grondwaarde vloeit voort uit schaarste aan grond. Wat men verkoopt is men kwijt. Dat komt niet meer terug. Dat is voor de gemeente een gemis, omdat men als gemeente niet meer kan bepalen hoe het totale grondgebied eruit moet zien. Aan dit punt gaat het college te gemakkelijk voorbij. Het projectplan in Abcoude is eigenlijk een soort treurige geschiedenis. Daar zou men eigenlijk mee moeten stoppen.
Wat dan verbaast is dat er geen voorstel ligt voor evaluatie dan wel om ermee te stoppen. Dat er geen beschouwing is naar aanleiding daarvan voor beleid voor het snippergroen. Dit soort elementen ontbreken in het voorstel. Het voorstel is te pragmatisch, te veel gericht om geld binnen te halen en te weinig gericht op de rol van de gemeente in het verhaal van het snippergroen. De heer Klijn heeft geen antwoord van de wethouder gekregen op het verzoek om in de verordening op te nemen dat, in geval de verkoopprijzen van woningen en grond dalen, de verkoopprijs en verhuurprijs naar beneden worden bijgesteld. Dat hoort bij indexering. 13
De heer Kroon komt terug op het onttrekken van groen aan de openbaarheid door verkoop of verhuur. De wethouder geeft aan dat daarbij stukjes die openbaar zichtbaar zijn niet bebouwd mogen worden. Wat wel mag is betegelen of een schutting plaatsen. Hoe kan men borgen dat wat groen was groen blijft. Men gaat ook niet in op de klimaatadaptatie. Dat men die kleine stukjes groen wellicht nodig heeft om overvloedig regenwater af te laten vloeien. Of als ruimte om meer bomen te kunnen planten. Hoe gaat men dit meewegen? Over de oprichting van een groenfonds constateert spreker dat de wethouder daar positief op heeft gereageerd. Men gaat nadenken of men hier wat mee kan doen richting raad. De heer Rouwenhorst komt terug op zijn vraag over een verschil van mening bij taxatie van de grond. Op die vraag is geen antwoord gekomen. Dan de term ‘voorgevel rooilijn’. Daar blijken nogal wat juridische discussies over te zijn. Is dat punt goed afgedekt? Binnen de fractie bestaan bezwaren tegen het gedifferentieerde tarief. Als laatste, wanneer komt het nieuwe grondbeleid? Om de commissieleden op de hoogte te stellen van het verloop van de verkiezingen leest de voorzitter de exit poll voor. De heer Luijer geeft aan de verhoging van de prijzen gerechtvaardigd te vinden. Het is pas echt effectief wanneer de gemeente er actief voor zorgt dat inwoners snippergroen van de gemeente overnemen.
Het voorstel kan naar de besluitnemende raad. Wethouder Kroon vindt het gebruikelijk dat bij een verschil van inzicht dat er een tweede taxateur bij de waardebepaling wordt betrokken. Soms komt er een derde bij wanneer het verschil tussen de waardebepaling van de eerste en de tweede taxateur wel heel erg groot is. Dit is alleen van toepassing bij de grotere percelen. Dan het punt beleidswijziging. Vorig jaar is het grondbeleid bekeken of er iets aangepast zou moeten worden. Het huidige grondbeleid voldoet en is actueel. Alleen de tarieven waren niet meer van deze tijd. Die waren niet meegestegen. Daarvan is toen gezegd dat men die moest aanpassen. Dat is gebeurd met dit voorstel. De tarieven zijn gekoppeld aan de indexcijfers. Ze worden dus niet automatisch verlaagd omdat ze niet gekoppeld zijn aan de waarde van de woningen of de grond. In oude contracten zit soms verhuur voor onbepaalde tijd in. In een aantal gevallen kan men vergunning vrij bouwen. Daar kan men geen beperking op leggen. Men moet bij elk geval kijken wat wel of niet kan. Het was met name in Abcoude en Baambrugge een totaal onoverzichtelijk beeld van snippergroen en contracten. Daar zijn mensen op gezet om dat op orde te brengen. Dan heeft men ook de keuze wat men verder wel of niet gaat doen. Een aantal mensen betaalt keurig de huurprijs en een aantal heeft gewoon grond geannexeerd.
Meestal komt men bij de laatste gevallen er wel netjes uit. Dat vergt wel wat moeite. Dan kijkt men ook naar de pragmatische weg om problemen opgelost te krijgen. Het gaat soms ook over stukjes snippergroen waarbij mensen wel baat bij hebben en de gemeente niet. Snippergroen met kabels en leidingen worden soms in bruikleen gegeven. Daar mag men niets bouwen.
14
De heer Brunia denkt dat zijn punt van de wijziging met betrekking tot het wel of niet toestaan van bebouwing anders dan schuurtjes en een overkapping achter de rooilijn heeft de wethouder nog steeds niet beantwoord. Wethouder Kroon heeft even tijd nodig om een ordentelijk antwoord te geven. De heer Kroon komt terug op zijn vraag hoe men kan voorkomen dat de verkochte of verhuurde stukjes groen betegeld worden of dat er een schutting voor komt te staan. Wethouder Kroon heeft even een schorsing nodig om de vraag te kunnen beantwoorden. De heer Kroon geeft aan dat de beantwoording schriftelijk mag, maar wel voor de raad. Wethouder Kroon zegt toe er schriftelijk op terug te komen. Mag dit als bijlage bij het raadsvoorstel? Mevrouw Van den Heerik deelt mee dat door verkoop van groen de rooilijn niet wijzigt. De voorzitter stelt vast dat het voorstel naar de meningvormende raad gaat. Daarmee is deze discussie gesloten.
7.
Overige punten
a.
Informatienota beantwoording vragen scheiden afval De heer De Haan vraagt of het de wethouder bekend is dat van alle ingezamelde plastics slechts 40% recyclebaar is? Met het invoeren van het diftarsysteem gaat men meewerken aan een systeem waarbij de overige 60% gedumpt wordt dan wel niet recycled kan worden en dus nog verbrand wordt. Met de invoering van het diftarsysteem gaat men eigenlijk meewerken aan een afvalsysteem dat niet goed functioneert. Is deze informatie bekend? Is de wethouder bereid om bij veranderende inzichten in de afvalketen bereid het beleid aan te passen? De heer Van Uden denkt dat men RVB kan bedanken voor de gestelde vragen. Daardoor is het duidelijk geworden dat alles wat men verteld niet waar is. Het ophalen van plastic is zinvol voor de gemeente. Het levert geld op voor alle inwoners. De kwaliteit van het opgehaalde plastic is winst. Wil RVB stoppen met het verspreiden van alle onwaarheden op dit onderwerp? Het ophalen van plastic op de huidige manier is positief voor de inwoners en levert bijna 80.000 euro op. De heer De Haan ziet ook dat het ophalen van plastic voor de korte termijn geld oplevert. Tegelijkertijd werkt men mee aan een systeem dat niet goed functioneert. De recycling zelf functioneert niet goed. Slechts 40% kan recycled worden. Met de invoering van diftar belast men de burger met het verhogen van de afvalstoffenheffing.
Echter, de business case klopt omdat die gescheiden inzameling wordt gesubsidieerd.
15
De heer Brouwer sluit zich aan bij de woorden van de heer Van Uden. De lijn om afval te scheiden die men nu ingezet heeft, is een goede keuze. Het is goed dat men straks de gegevens krijgt waaruit blijkt dat met inzamelen van PMD nu hoger ligt dan in 2020. Het is van belang dat men in de communicatie naar de inwoners blijven aangeven dat men de gemeente kan bellen voor advies om de ingeslagen weg te blijven vasthouden. Het systeem zoals het er is, is goed. Het is niet gebleken dat zwerfvuil, zoals RVB suggereert, toeneemt. Ook puilen containers niet uit. De heer Evers is kritisch wat betreft het recyclingpercentage van plastics. In het verleden zijn zaken op dit punt niet goed gegaan. Echter, op dit moment is RVB op weg om de inwoners een valse voorstelling van zaken te geven. De mensen doen het heel goed met afvalscheiding. Men moet alleen meer tijd nemen voor de omschakeling. Stap 1 is driewekelijks restafval ophalen. Stap 2 is misschien diftar. Men ziet dat meer mensen afval scheiden. Een probleem is dat men meer afval heeft, omdat men meer thuis zit. Misschien kan men dit probleem via communicatie verhelpen. Spreker vindt het belangrijk dat het scheidingspercentage van 61% naar 75% wordt gehaald. Dat kan. Vanwege de lockdown is er sprake van meer afval dan normaal. Daarom moet men de mensen meer tijd gunnen om de omschakeling te maken.
Daarom wil de VVD samen met CDA en D66 een motie indienen om het moment van evaluatie, deze zomer, uit te stellen tot het voorjaar 2022. Dan hebben inwoners meer tijd om in te zien dat men beter afval kan scheiden. Wethouder Hagen is bekend met wat er wel en niet wordt gerecycled. Ingewikkeld is dat in de keten bij het maken van plastic niet opgedragen wordt hoe groot het deel moet zijn van recycled plastic. Er worden nog steeds nieuwe plastics gemaakt. De vraag is waar in de keten de verantwoordelijkheid ligt, bij de consument of bij de producent. De plannen die gemaakt zijn, los van de tijd, hebben tot doel dat het scheidingspercentage hoger wordt. Een van de belangrijkste doelen in dat het GFTE-afval uit het restafval wordt gehaald. Dat is 30% van het restafval. De systematiek waarvoor is gekozen, draagt er aan bij dat de grondstoffen zoveel mogelijk worden opgehaald. Natuurlijk houdt men rekening met de ontwikkelingen, omdat men afhankelijk is van de kosten en de opbrengsten. Sinds men driewekelijks is gaan ophalen, ziet men voorzichtig een grotere scheiding tussen PMD en restafval. Men komt op dit punt terug wanneer men de gang van zaken op dit punt beter heeft kunnen volgen. De voorzitter sluit na deze woorden de discussie over dit agendapunt.
b.
Informatienota teruggave groene leges plus beantwoording vragen fractie Ronde Venen Belang Mevrouw Van den Heerik brengt naar voren dat de fractie een groot aantal vragen heeft gesteld. Niet duidelijke antwoorden op een aantal vragen hebben geleid tot nieuwe vragen. Vanmiddag heeft spreekster hierover per mail een brief rondgestuurd. Vervolgens wordt de conclusie van het gestelde voorgelezen. Belangrijk is dat in geval van de ene aanvraag die niet correct is afgehandeld men niet mag aangeven dat de ambtenaar een fout heeft gemaakt. De wethouder heeft aangegeven dat op de betreffende afdeling een slag moet worden gemaakt. Misschien moet die slag er komen. Men ziet immers een rare gang van zaken. Hoe 16
kan het zijn dat de ambtenaar die gewoon zijn werk goed doet bij een aanvraag niet goed heeft gefunctioneerd en dat er dus een slag gemaakt moet worden, terwijl iedere inwoner gewoon een aanvraag kan inleveren. Iedere aanvraag moet op gelijke wijze worden beoordeeld. Men is echter nu in een casus beland waarvan niet duidelijk is waarom men nu te maken heeft met een verschil in behandeling. Dat is de gemeente niet waardig. Dit ligt nu op straat. Men moet altijd voor komen dat gelijke aanvragen op een verschillende manier worden behandeld. De heer Evers stelt dat er bij een van de acht iets is fout gegaan. Dat betekent dat er een kans is van 12,5% op een foute beoordeling. Maar een kansberekening kan men bij de beoordeling van documenten niet hanteren. Dit wordt echter wel gesuggereerd. Mevrouw Van den Heerik merkt op dat het hier niet om kansberekening gaat. Het gaat erom dat het niet had mogen gebeuren. Er wordt nu de suggestie gewekt dat dezelfde aanvragen niet gelijk worden behandeld. Dan gaat het niet over een grote hoeveelheid aanvragen waarbij er een mis gaat, maar over zeven aanvragen waarbij er een mis gaat. De heer Evers begrijpt uit het betoog van mevrouw Van den Heerik, ook in de brief, dat deze gestoeld is op een aantal aannames en veronderstellingen. Dat iedereen die zonnepanelen aanlegt gaat speuren naar de mogelijkheid om subsidie te ontvangen.
Echter, iedereen die panelen heeft aangelegd, weet dan men BTW kan terugvorderen. Dat is een vorm van subsidie. Men gaat niet speuren. De aannames en de veronderstellingen zouden kunnen leiden tot een verdachtmaking. Dat is onbegrijpelijk en spreker wil daarin niet meegaan. Mevrouw Van den Heerik stelt dat de mensen die de aanvraag hebben ingediend er niet vanuit gegaan zijn dat die niet gehonoreerd zou worden. Mensen kijken wel degelijk na welke subsidiemogelijkheden er zijn. Op basis daarvan zijn de aanvragen subsidie Groene Leges ingediend. Kortom, de gemeente draagt een beleid uit waarbij de suggestie niet wordt gewekt dat er een verschil in behandeling is van gelijke aanvragen. Dat is nu wel het geval en toevallig ook nog bij de verkeerde persoon. Met als gevolg narigheid die voorkomen had kunnen worden wanneer de door de wethouder aangekondigde slag zou zijn gemaakt en dat men duidelijker antwoord had ontvangen op de gestelde vragen. De vraag aan de wethouder is hoe deze denkt de slag te maken zonder de ambtenaar te verwijten, maar wel met gevolg dat dit soort situaties zich zoveel mogelijk niet meer voordoen? De heer Kroon stelt de toekomst van de Groene Leges aan de orde. Zeker nu gebleken is dat de toepassing van deze leges voor bestaande woningen beperkt is. De grootste winst ligt bij nieuwbouw. Dat men verder gaat dan de BENG-norm die vanaf 1 januari 2021 geldt.
Dan hoeft men voor de meerkosten niet meer leges te betalen. Is een dergelijke regeling voor nieuwbouwwoningen niet wenselijk, eventueel met een subsidieplafond? Als een soort stimulering. Komt en nog een evaluatie van de Groene Leges? Kijken wat men er ondanks het beperkte aantal van geleerd heeft. Via het mandatenbesluit van het college wordt persoonlijke informatie van een inwoner vrij gegeven. Is het ontvangen van een subsidie vergelijkbaar met het ontvangen van een 17
omgevingsvergunning? Bij subsidie is het niet nodig om een adres te publiceren. Bij een omgevingsvergunning moet dat wel in verband met een eventueel in te dienen bezwaar. Hoe kan het college, de gemeente, inwoners beschermen tegen situaties waarbij verdachtmakingen ontstaan die schade toebrengen aan die personen? Wethouder Kroon begint zijn antwoord met de opmerking dat men de ambtenaar niet de schuld geeft. Daar draagt een de wethouder de verantwoordelijkheid voor. Het gaat om acht aanvragen subsidie Groene Leges. Bij drie ervan ging het om standaardaanvragen betreffende zonnepanelen. In die gevallen gaat het goed. Drie aanvragen zijn afgewezen. Twee aanvragen zijn ingewikkeld. Beide aanvragen gaan over een combinatie van zonnepanelen en isolatie. Daarbij ziet men dat de beoordeling moeilijk is en onjuist kan zijn. Daar moet een kwaliteitsslag gemaakt worden. Afwijkingen van standaard moeten beter worden beoordeeld. Daar wordt met de afdeling aan gewerkt. Men is er nog niet. Betreffende de evaluatie het punt dat er in twee jaar acht aanvragen zijn geweest, waarvan er drie niet voldeden. Dan kan men met elkaar snel vaststellen dat dit aantal niet het beoogde doel was. Wanneer men opnieuw Groene Leges wil, dan moet men met elkaar kijken naar een werkbare verordening.
Wanneer men normeringen daarin op gaat nemen mag het geen kapitaal kosten om te toetsen of de normeringen gehaald worden. Wanneer men een nieuwe verordening Groene Leges wil, dan moet het iets zijn waarbij men makkelijk kan aanvragen en waarbij de aanvragen overzichtelijk zijn en goed praktisch te toetsen zijn door de ambtelijke organisatie. Op de AVG komt de wethouder terug door middel van een informatienota. Mevrouw Van den Heerik vindt het jammer dat de wethouder doorgaat op de ingeslagen weg bij de beantwoording van een van de schriftelijke vragen. Van de ingediende aanvragen is er een niet goed behandeld. De wethouder geeft aan dat bij deze bewuste aanvraag er meerdere zaken werden aangevraagd. Dat hangt dan kennelijk samen met de verordening. Bij de ‘probleemaanvraag’ is helemaal geen omgevingsvergunning aangevraagd en ook niet verleend voor de zonnepanelen of de isolatie. Dat betekent dat er geen leges zijn betaald en dat men die leges dan ook niet terug kan krijgen. Dat is heel eenvoudig. Dat staat los van de verordening. Er is wel een omgevingsvergunning aangevraagd voor een opbouw op een garage. Die is verleend. Die leges zijn terugbetaald. Wanneer soortgelijke aanvragen komen, dan wordt er niet terugbetaald. De verordening schrijft die terugbetaling niet voor.
Er wordt in geval van ene terugbetaling de suggestie gewekt dat er iets bijgehaald is dat er niet bij hoorde. In alle andere gevallen is aangegeven: als er geen leges zijn betaal, dan kan men die ook niet terugkrijgen. Dit heeft niets te maken met een onduidelijke verordening. Wethouder Kroon brengt naar voren dat er wel een omgevingsvergunning is verleend voor de totale verbouwing. Mevrouw Van den Heerik stelt dat dit niet waar is. De omgevingsvergunning is alleen verleend voor de opbouw op het dak. Er is geen vergunning aangevraagd voor zonnepanelen en isolatie.
18
De heer Van Sligtenhorst uit zijn ongenoegen over de wijze waarop de wethouder omgaat met het ambtelijk apparaat. De wethouder is verantwoordelijk en had het proces beter moeten volgen. Zeker wanneer het om een beperkt aantal aanvragen gaat. De voorzitter constateert dat de discussie beëindigd is en sluit de vergadering. Mevrouw Van den Heerik wil de toezegging van de wethouder wat het vervolg op deze discussie wordt. Wethouder Kroon geeft aan toegezegd te hebben dat er bij griffiebrief van maart een informatienota zit over de kwaliteitsslag waarmee men op de afdeling ruimte bezig is. Mevrouw Van den Heerik is benieuwd of de wethouder in die informatie ook nog ingaat op wat in de brief en tijdens de discussie naar voren is gebracht. Tevens dat de wethouder goed kijkt naar de omgevingsvergunning en naar het punt niet betaalt niet terugkrijgen. Wethouder Kroon neemt de punten mee. De voorzitter sluit de discussie.
8.
Sluiting Niets meer aan de orde zijnde, sluit de voorzitter na de aanwezigen bedankt te hebben voor hun bijdrage de vergadering om 22.00 uur. Aldus vastgesteld in de raadscommissie RZ&PW op 7 april 2021. De griffier,
de voorzitter,
19