CConstaterende datDe Ronde Venen
Koppel je AI →
Document · PDF

1 St. Red het Angstellandschap (1)

Commissie Ruimtelijke Zaken 13 januari 2021, gemeente De Ronde VenenBij agendapunt: Informatienota resultaten Zon en Windkaart (21.00 uur)1.858 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Achtergrond bij Inspraak Vergadering Politieke Commissie RZ & PW en ABZF SI 13-01-2021 Notitie 1: Stichting Red het Angstellandschap.

1. Stichting ‘Red het Angstellandschap’ Onlangs is door een groep bewoners van Baambrugge, met steun van bewoners van Abcoude, Baambrugge en Loenersloot, de Stichting Red het Angstellandschap opgericht. Het statutaire doel van de stichting is “het behoud en de bescherming van het bijzondere landelijke karakter en de cultuurhistorische waarde van het gebied rondom de (oude en nieuwe) loop van de rivier de Angstel tussen Abcoude en Loenersloot, het erfgoed aldaar, zowel immaterieel als materieel, natuur, en alles wat daartoe dienstbaar is”. 2. Over (de geschiedenis van) het Angstelgebied: “Landschap tussen dorpsgezichten” Vanouds vormt de rivier de Angstel de natuurlijke verbinding tussen de dorpen Abcoude, Baambrugge en Loenersloot. De loop van de rivier is in de loop der tijd enigszins veranderd, evenals de wegen die langs de rivier zijn aangelegd, maar in hoofdzaak is het traject nog hetzelfde. Daar waar nu auto’s en fietsen rijden op de Rijksstraatweg reed men vroeger met paard en wagen. Vervoer over het water ging per boot en met de trekschuit. Het traject tussen Abcoude en Loenersloot maakt deel uit van de route tussen Amsterdam en Utrecht. Afgezien van de aanleg van de Kleine of Korte Coupure en de Lange of Grote Coupure na 1812 en de verbreding in de loop van de tijd is er aan de weg langs de rivier weinig veranderd.

De aanleg van de spoorlijn tussen Amsterdam en Utrecht die in 1843 werd geopend en de aanleg van de snelweg A2 in de jaren vijftig van de twintigste eeuw zorgden voor een ontlasting van de Rijksstraatweg die voor het autoverkeer in de vijftiger jaren wel bekend stond als de “weg der honderd bochten en duizend zuchten”. De weg werd minder druk en ontkwam op die manier aan grote veranderingen, alhoewel sluipverkeer nog een lange periode voor grote overlast heeft gezorgd. De aanleg van het Amsterdam-Rijnkanaal dat in 1952 werd geopend zorgde ervoor dat het Angstelgebied niet verder doorsneden werd door andere wegen. Liggend tussen de A2 en het kanaal lag het Angstelgebied relatief rustig en kon het zijn karakter behouden. Het karakter van het gebied De naam Angstel is typerend voor het gebied. Het woord Angstel is een samenstelling van Ame (= natuurlijke waterloop) en stelle (= land of plaats) wat met elkaar “land bij een rivier” betekent. Het is dan ook de combinatie van de loop van de rivier en het aangrenzende open gebied dat het Angstelgebied typeert. De weg tussen Abcoude en Baambrugge en die tussen Baambrugge en Loenersloot kenmerkt zich door aaneengesloten bebouwing van de dorpskernen afgewisseld met open weidegebied. Langs de Rijksstraatweg staan vanouds de boerderijen waar het land bij hoorde, afgewisseld met een aantal buitenplaatsen met een eigen parkaanleg.

Vroeger stonden er veel meer buitenplaatsen langs de Angstel. De aandachtige voorbijganger vindt daarvan nog veel terug in de namen van de bebouwing die ervoor in de plaats is gekomen, maar ook in de indeling van het landschap. De dorpskernen afgewisseld met de historische boerderijen en buitenplaatsen in het buitengebied hebben hun karakter weten te behouden mede dankzij bewust beleid van overheidswege en de plaatselijke gemeente. Ingrijpende vernieuwingen op voorstel van de in 1964 benoemde burgemeester Knoppers haalden het niet in de gemeenteraad. In Baambrugge speelde in die tijd het ontsluiten van het dorp door afbraak van de bebouwing aan de noordzijde van de Brugstraat. Mede

dankzij de inzet van Bond Heemschut werd dit voorkomen. Ook de plaatselijke monumentencommissie heeft zich hiervoor ingezet. Reeds in 1969 heeft de gemeentelijke monumentencommissie een advies uitgebracht (geciteerd in het blad van de Bond Heemschut in februari 1970) waarin is te lezen: “Aan de plaats en de functie van de historische dorpsbebouwing te midden van haar nieuwe omgeving kan men geen recht doen door uitsluitend te letten op de betekenis, die de afzonderlijke gebouwen op zichzelf hebben uit een historisch-bouwkundig oogpunt.” Het moge duidelijk zijn dat het gaat om de gebouwen in hun omgeving en de samenhang tussen deze twee. De dorpen Abcoude en Baambrugge hebben hun historische karakter en hun typische identiteit weten te houden. De bebouwing in een dorp staat niet op zichzelf maar is onderdeel van de omgeving. De relatie met het open buitengebied is dan ook een belangrijk gegeven bij de aanwijzing in 1990 van Abcoude en Baambrugge als beschermd dorpsgezicht. Hoewel het tussenliggende buitengebied zelf geen beschermde status heeft, is het onlosmakelijk met de dorpen verbonden en heeft het grote landschappelijke waarde. Het dorpsgezicht van Loenersloot werd al in 1967 aangewezen als beschermwaardig.

In de “Toelichting op het voorstel tot aanwijzing” uit 1983 van beide kernen komt duidelijk het belang naar voren van de rivier de Angstel die vanouds de natuurlijke verbinding vormt tussen de twee dorpen. Het aanzien van de Rijksstraatweg tussen Abcoude en Baambrugge wordt mede bepaald door de buitenplaatsen Postwijck en Lindenhoff, die beeldbepalend aan de Rijksstraatweg liggen en vanaf de landelijke weg De Horn beide duidelijk zichtbaar zijn. Het open agrarisch gebied aan de westzijde is bepalend voor de beleving. Voor beide buitenplaatsen geldt dat er nog veel over is van de negentiende eeuwse landschappelijke aanleg, waardoor sprake is van samenhangend cultuur-historisch belang. Langs het traject tussen Baambrugge en Loenersloot bevinden zich ook buitenplaatsen of delen daarvan zoals Kroonesteyn (later verbouwd tot boerderij), het negentiende eeuwse Donkervliet aan de overzijde van de Angstel en tegen Loenersloot aan het bekende Valk en Heining met de kenmerkende blauwe theekoepel. Langs het hele traject bevinden zich boerderijen waarvan een aantal nog steeds in bedrijf. Het groene agrarische karakter van het gebied is dan ook niet alleen nostalgie van het verleden, maar een actuele situatie die van belang is voor inkomsten en levensonderhoud van de bewoners.

In de in 1998 uitgegeven brochure bij het bestemmingsplan buitengebied Abcoude-Loenen is dit gebied dan ook aangegeven als agrarisch gebied met landschapswaarden en met cultuurhistorische waarden. Hoewel de Gemeente Abcoude niet met Loenen is samengevoegd, geeft het goed aan wat het karakter is van het gebied dat zelf niet is veranderd. Reeds in 1969 werd opgemerkt: “Het is bekend genoeg dat men zich meer dan eens heeft blindgestaard op de welvaart en de materiële vooruitgang, zonder te beseffen dat de (historische) situatie, die men daaraan opofferde, een leegte zou achterlaten, die men achteraf als een absolute verarming van het leefmilieu moest ervaren.” Het beleid van de vroegere gemeente Abcoude is steeds gericht geweest op het behoud van de agrarische bestemming en het open karakter. Op beperkte schaal is nieuwbouw gepleegd met woonwijken landinwaarts en niet langs de Angsteloevers. Verrommeling van het landschap door industrie-achtige ontwikkelingen is in een aantal gevallen tegengegaan door het stimuleren van vestiging op een industriegebied. Maar lang niet altijd heeft de gemeente Abcoude ongunstige ontwikkelingen in de hand gehouden. De problematiek van de klimaatverandering en de transitie naar natuurlijke energiebronnen is waar de Gemeente De Ronde Venen zich voor gesteld ziet. Het is van belang om samen met alle partijen

weloverwogen keuzes te maken op welke plaatsen hier invulling aan gegeven kan worden om te voorkomen dat het leefmilieu onherstelbaar wordt beschadigd. En kwetsbaar is het gebied, want nergens zijn zonneweides en windturbines zo zichtbaar als in het open weidegebied dat nu juist het kenmerk is in combinatie met de bebouwing langs de Angstel. In de gemeente De Ronde Venen worden geen beschermde dorpsgezichten gevonden, anders dan die van Abcoude, Baambrugge en Loenersloot1. Nergens in de gemeente De Ronde Venen is de concentratie van rijksmonumenten, bestaande uit een combinatie van historische buitenplaatsen, bijzondere boerderijen en dorpse bebouwing, zo groot. Het zijn dan ook precies deze kwaliteiten die, tezamen met het open landschap, de bewoners van dit gebied zo aantrekt als leefomgeving en jaarlijks vele recreanten aantrekt, die de lokale ondernemers weer voorzien van clientèle. In de steeds toenemende populariteit van dit gebied bij mensen die van heinde en verre komen om te fietsen, wandelen of anderszins te recreëren, kan men bewijs vinden van de waarde van dit type landschap in dit deel van Nederland.

Het is wrang om te moeten constateren dat juist het waardevolle buitengebied tussen de dorpen met een beschermd dorpsgezicht geschikt zou zijn als locatie voor een groot park met zonnepanelen, of voor grootschalige windturbines langs de zijkanten van dit gebied; een functionaliteit die bij uitstek een industriële uitstraling heeft en daarmee niet passend is in dit gebied. Eerder zou aansluiting gezocht moeten worden bij reeds bestaande industriegebieden. Het Angstellandschap behoort samen met het Gein tot een van de fraaiste cultuurlandschappen van onze provincie, met buitenplaatsen, historische boerderijen, agrarisch cultuurlandschap, monumentale poldermolens en een 13e-eeuws kasteel. Dit cultuurlandschap staat al lange tijd onder 1

https://www.cultureelerfgoed.nl/onderwerpen/bronnen-en-kaarten/overzicht/kaart-van-beschermde-stads-en-dorpsgezichten

grote stedelijke druk, maar heeft deze tot nu toe altijd weten te weerstaan. Zou dit gebied het niet waard zijn om een beschermde status te krijgen, zoals dat ook met de Stelling van Amsterdam/het Geingebied is gebeurd, en uitgesloten te worden voor de plaatsing van zonneparken en windturbines? Of laat de gemeente het toe dat het bijzondere landschap willens en wetens wordt aangetast? 3. Waardebepaling door specialisten, rijk en provincie Specialisten en autoriteiten op het vlak van cultuurhistorie delen het standpunt dat het Angstelgebied een bijzonder gebied is en beschermd dient te worden. Zo geeft de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed aan dat de hele oostelijke oever van de Angstel tot aan het AmsterdamRijnkanaal als “beschermd (of te beschermen) gebied van cultuurhistorisch belang” geldt en dat het “vanuit cultuurhistorisch oogpunt is aan te raden om een norm van 2000 meter te hanteren. Deze begrenzing is ook op de kaart opgenomen.”2 De westelijke Angsteloever valt integraal (en de Vinkeveense Plassen nagenoeg geheel) binnen deze 2km-zone.

2

https://www.landschapinnederland.nl/bronnen-en-kaarten/cultuurhistorische-landschappen-enzoekgebieden-windenergie

Niet alleen vanuit het Rijk, maar ook vanuit de provincie is er erkenning voor de bijzondere waarden van het Angstelgebied. Het gehele stuk tussen de snelweg A2 en het Amsterdam-Rijnkanaal wordt door de 3 Groene Hart provincies Noord-Holland, Zuid-Holland en Utrecht als van “topkwaliteit” bestempeld3. Hierbij baseert de Provincie zich onder andere op het rapport van prof. Borgers en drs. Vesters getiteld ‘Cultuurhistorie in het Groene Hart’ . Dit stuk van de provincies is speciaal geschreven voor de regionale energiestrategieën in het Groene Hart.

4. Weidevogels en natuur Juist in dit gebied lopen projecten voor de stimulering van weidevogels, waar een aantal agrariërs aan mee werkt en zelfs voortrekker van zijn. Er wordt steeds meer biologisch geboerd en de vogelstand verbetert, ondanks de toenemende bevolkingsdruk. Naast (beschermde) weidevogels, zien we hier ijsvogels, kerkuilen, buizerds en andere vogelsoorten. Ook de steeds meer bedreigde haas wordt in dit gebied nog veel gezien. 5. Waar zetten wij op in in de discussie over zon en wind? Wij zetten in op de bescherming van het Angstellandschap tegen een onomkeerbare aantasting door grootschalige zonneparken en windmolens in de nabije omgeving van de Angstel, tussen Abcoude en Loenersloot en tussen de snelweg A2 en het Amsterdam-Rijnkanaal.

3

https://www.provincie-utrecht.nl/sites/default/files/202011/Regionale%20energiestrategie%C3%ABn%20en%20het%20Groene%20Hart%20%28november%202020%29 .pdf p. 58-59

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9626599/1