02-12-2020 Commissie RZ en PW
Tekst van het document
POSTADRES
BEZOEKADRES
Postbus 250
T
0297 29 16 16
3640 AG Mijdrecht
F
0297 28 42 81
Croonstadtlaan 111
E
gemeente@derondevenen.nl
3641 AL Mijdrecht
I
www.derondevenen.nl
Vergadering politieke commissie Ruimtelijke Zaken & Publieke Werken Datum:
2 december 2020
Tijd:
19:30 uur
Plaats:
Digitaal via Teams
Registratienummer: Voorzitter:
De heer A.J.C. Goldhoorn
Griffier:
Mevrouw J. Jonker
Raadsleden:
De heer C.W. Brouwer (CDA), de heer M.H. Brunia (D66), mevrouw C. Dijkman (VVD), de heer R. Evers (VVD), mevrouw A.E. Groen (Lijst 8 Kernen), mevrouw Y.M.G. van den Heerik (Ronde Venen Belang), de heer M. Klijn (Lijst 8 Kernen), de heer P.C. Kroon (PvdAGroenLinks), de heer A.P.M. Luijben (Seniorenpartij), de heer G. Luijer (Ronde Venen Belang), de heer L.G.J. Rouwenhorst (CDA), de heer E.R. Schreurs (PvdA-GroenLinks), de heer T. van Sligtenhorst (ChristenUnie-SGP), de heer W.H.P. Stam (ChristenUnie-SGP)
Meesprekers:
De heer P. Dobbelaar (4a), de heer A. Houwert (4a), de heer L. Limonard (4a), de heer A. Mulders (4a), de heer H. Pronk (4b), de heer R. Rentink (4a), mevrouw M. Smits (4a), de heer M. van der Walle (4a)
Wethouders:
Mevrouw A.G. Schuurs (VVD), de heer R. Kroon (CDA)
Ambtenaren:
Mevrouw T. Hooijman (4b), de heer M. Woerden (4a)
Notulist:
De heer H.C. Meinhardt (Notuleerservice Nederland)
Notulen 1.
Opening De voorzitter opent de vergadering en heet de aanwezigen welkom. De vergaderregels die samenhangen met het digitaal vergaderen, worden nog even onder de aandacht van de deelnemers gebracht.
2.
Spreekrecht inwoners Er heeft zich niemand aangemeld voor dit agendapunt.
1
3.
Vaststellen agenda De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld.
4.
Punten voor de raad van 15 december 2020
a.
Parkeervisie Abcoude, raadsvoorstel 59/20 De voorzitter introduceert de insprekers bij dit agendapunt. Daarbij komen ook de spelregels bij het inspreken aan de orde. Als eerste krijgt mevrouw Smits het woord. Mevrouw Smits uit haar verbazing over het hele proces rond het parkeren. Men is naar Abcoude verhuisd omdat men ervan uitging dat er geen parkeerproblemen zouden zijn. Dergelijke problemen passen ook niet bij een dorp. Het initiatief van het sporthuis is een goed initiatief. Echter, man kan niet iets dergelijks waar veel mensen op af komen, neerzetten zonder voor voldoende parkeerplaatsen te zorgen. De bewoners mogen daarvan niet de dupe zijn. In de blauwe zone mag men maar twee uur staan. Voor een ontheffing daarvan moet men fors betalen. De vraag is of wat er gebeurt zomaar kan. Alles lijkt al geregeld te zijn, waarbij de bewoners in het centrum aan het kortste eind trekken. Wat is het nut van deze vergadering? Wat gaat er gebeuren met punten die de bewoners willen toelichten of benadrukken? Het voorstel is om een deel van het parkeerterrein te reserveren voor bewoners. Laat de bezoekers van het sporthuis maar in de blauwe zone parkeren. Er zijn al niet zoveel plekken voor de bewoners. Maar bewoners hebben wel kinderen en moeten met zware boodschappentassen sjouwen. Gebruikers van het sportcentrum kunnen makkelijker een wat grotere afstand overbruggen.
Wat zijn de mogelijkheden om aanpassingen te plegen? Een dringend verzoek is om de bewoners te ontzien door middel van een aanpassing van de parkeervisie. De voorzitter herhaalt wat het voorstel inhoudt. Er is nog geen sprake van een definitief parkeerbesluit. Wat behandeld wordt is een visie. Mevrouw Van den Heerik vraagt hoe het zit met betrekking tot het parkeren bij het sporthuis. Bij het sporthuis zelf komen twaalf parkeerplaatsen. Mevrouw Smits geeft aan dat die parkeerplaatsen komen in de straat waar zij woont. Is hier sprake van een spraakverwarring? Mevrouw Smits meldt dat ze woont tegenover een parkeerterrein. Het idee is dat de bezoekers van het sporthuis daar gebruik van maken. Alleen is dat juist de plek die bewoners gebruiken om te parkeren. Die moet men in zekere zin inleveren. Dat is het probleem. Men wordt als bewoner gedwongen om een ontheffing te betalen voor een plek waar men niet kan parkeren. Men wordt verwezen naar een straat verderop of nog verder. Dat gaat ten koste van de leefbaarheid. Dan zijn er wel een paar plaatsen bij het sporthuis, maar dat is veel te weinig. Bewoners vinden het parkeren voor de deur gewoon prettiger. Laat de bezoekers van het sporthuis maar gebruik te laten maken van een blauwe zone. Of laat de bezoekers met de fiets komen.
Wanneer er niets gebeurt moet de bewoner een dure ontheffingsvergunning aanvragen om niet elders in het dorp te moeten parkeren. Dat past niet bij een dorp.
2
Mevrouw Van den Heerik denkt dat er niet zoveel mensen naar het sporthuis komen met de auto. Er komt ook een aantal op de fiets of lopend. Dan moet er toch ruimte blijven voor bewoners om op de parkeerplaats te parkeren. Wethouder Schuurs verduidelijkt dat de Hoogstraat en de straat erachter als blauwe zone is ingericht. Zodat bewoners daar altijd kunnen parkeren. Dat is een blauwe zone voor uitsluitend vergunning parkeerders. Er komen later bij het sporthuis nog plekken die ook in een blauwe zone komen. De plekken bij het sporthuis zijn ook een blauwe zone. Hoe het echt gaat werken met het parkeren door de bezoekers van het sporthuis weet men nog niet, omdat het sporthuis nog niet geopend is. Mevrouw Smits heeft twee kinderen. Daarvoor heeft men regelmatig de auto nodig. Tot nu toe komen er weinig mensen met de fiets naar het sporthuis. Wel zullen er veel met de auto gaan komen. Ook van buiten Abcoude. Het wordt qua parkeren rampzalig. Een blauwe zone voor bewoners is onzin wanneer men er twee uur mag staan. Men heeft een vergunning nodig voor de parkeerplaats. Dat is de enige manier om de bewoners te helpen. De heer Van Sligtenhorst vraagt waaraan mevrouw Smits denkt in geval van een parkeerontheffing. Voor welke parkeerplaats? Mevrouw Smits ziet het liefst dat er met een parkeerontheffing op de parkeerplaats voor de deur geparkeerd kan worden.
Wanneer een ontheffing nodig is, moet men er twee kopen. Een voor eigen gebruik en een voor bezoek. Zonder een vergunningensysteem worden veel problemen met bezoekers van het sporthuis verwacht. Mevrouw Van den Heerik wil graag van mevrouw Smit horen hoe het beter kan. Gesuggereerd is dat bewoners een vergunning ontvangen voor de parkeerplaats voor de deur en dat bezoekers van het sporthuis verder weg in de blauwe zone moeten parkeren. Is dan het probleem opgelost? Mevrouw Smits ziet dit wel degelijk als een oplossing. Alleen valt of staat deze regeling met een goede handhaving. Mevrouw Van den Heerik denkt dat het parkeerprobleem voor bewoners oplosbaar is door een vergunningensysteem en goed handhaven. Hoewel niet ideaal, ziet mevrouw Smits dit wel als een mogelijke oplossing. Het probleem is eigenlijk dat het sporthuis zo dichtbij het centrum ligt zonder dat het voorzien is van parkeervoorzieningen. De voorzitter dankt mevrouw Smits voor haar inbreng en kondigt de heer Houwert aan. De heer Houwert woont ook in het centrum en kijkt uit op het sporthuis. Het geschetste parkeerprobleem is zeer herkenbaar. Het sporthuis is mooi, maar extra parkeerplaatsen (onder de grond) daarvoor ontbreken. De twaalf plaatsen daar zijn compleet onvoldoende. Dat leidt tot chaos. De bezoekers komen veelal met de auto. Die zullen voor een groot deel gaan 3
parkeren in de blauwe zone. Op plaatsen die bewoners gebruiken. Nu gaat het nog net, maar als het sporthuis open gaat komt het probleem. Dan is er geen parkeerplek meer voor bewoners. Die moeten dan elders in het dorp parkeren. Dat is een onwenselijke situatie. Om toch een parkeerplaats voor bewoners te scheppen, zou men moeten denken aan een gebied voor vergunninghouders. Feitelijk had men bij het sporthuis moeten denken aan een parkeermogelijkheid onder het gebouw. Wat kan men nu nog doen aan deze situatie? Hopelijk stemt de raad niet in met het voorstel. Eerst moet er sprake zijn van een oplossing van het parkeerprobleem van de bewoners. De heer Brouwer is benieuwd hoe de heer Houwert de ontwikkelingen na corona voorziet. Feitelijk gaat het om een parkeervisie voor heel Abcoude. De heer Houwert denkt dat de situatie door corona nu nog wat minder problematisch is. Na corona zal de parkeersituatie echt problematisch worden. Uitwijken naar het P&R-terrein bij het station kan niet, omdat daar ook geen plek vrij is. De heer Brouwer denkt niet dat men lang parkeren op de stationslocatie kan beperken. Dan verlegt men het probleem naar elders in de wijk. Men moet oppassen dat de discussie zich niet alleen toespitst op het sporthuis. Het gaat over het totale gebied en een aanpak daarvoor. De heer Houwert heeft gehoord dat parkeren op de Hollandse Kade ook verboden wordt.
Wanneer dat bericht klopt, moet er echt iets gaan gebeuren. De heer Brouwer weet nog niet wat er wel of niet gaat gebeuren. Misschien kan de wethouder er iets over zeggen. Wethouder Schuurs geeft aan dat de stationslocatie een deel van het parkeerprobleem is. In overleg met de inwoners is daar naar een oplossing gekeken. Daar is de blauwe zone uitgekomen. Men wil bi het station ook zaken gaan aanpakken. Door het parkeren op de Hollandse Kade te beperken, moet men elders voor nieuwe parkeerplaatsen zorgen. In het parkeerplan moet deze problematiek meegenomen worden om tot een oplossing te komen. De heer Houwert meldt dat het parkeren in Loosdrecht, toch kleiner dan Abcoude, al tot een chaos heeft geleid. Men moet zich bij de ontwikkeling van een parkeerplan wel bedenken dat het fout is om uit te gaan van het punt dat mensen op de fiets naar het centrum of het sporthuis komen. De voorzitter dankt de heer Houwert voor zijn inspraak en geeft het woord aan de heer Limonard. De heer Limonard is betrokken geweest bij de gesprekken over parkeerproblematiek. Daarbij zijn de twaalf parkeerplekken bij het sporthuis nog niet zijn gerealiseerd. Wanneer komen die parkeerplekken? Hoe permanent of tijdelijk zijn die plekken? Tijdens de gesprekken heeft de gemeente veel goocheltrucs laten zien.
Welke trucs kan men nog meer verwachten? Er moet nog veel gebeuren om de parkeerproblematiek op te lossen. De gemeente kan de stoom vergunningaanvragen niet aan. Men parkeert nu min of meer illegaal. Nu wordt men 4
ook weer verrast door een parkeerverbod op de Hollandse Kade. Dat leidt tot een verschuiving van het parkeerprobleem richting station. Er wordt op verschillende plekken illegaal geparkeerd. Via ingewonnen informatie blijkt dat het P&R-terrein bij het station niet gebruikt mag worden door bezoekers van het sporthuis. Waar moeten die dan naar toe voor parkeren? Spreker is van mening dat het voorstel weinig bijdraagt aan een oplossing van het parkeerprobleem. Het kan net zo goed verdwijnen in de prullenbak. Mevrouw Van den Heerik meldt dat de twaalf parkeerplaatsen bij het sporthuis er zeker komen. Dat vloeit voort uit de uitspraak van de Raad van State. Het zijn ook geen tijdelijke plaatsen. Wat betreft de parkeervergunningen denkt spreekster dat er sprake is van een kleine vertraging. De heer Limonard vindt dat een geruststelling. Echter, dan zijn er toch nog veel te weinig plekken. Na de heer Limonard bedankt te hebben, geeft de voorzitter het woord aan de heer Rentink. De heer Rentink merkt op weinig te kunnen toevoegen aan wat vorige insprekers al naar voren hebben gebracht. De enige toevoeging die spreker kan geven, is dat de emoties over de parkeerproblematiek en de aanpak ervan in de parkeervisie hoog oplopen in de wijk. De heer Van der Walle kan evenmin veel toevoegen aan het voorgaande.
Alleen wordt er wat makkelijk over het aantal te verwachten auto’s bij het sporthuis heengestapt. Bij het oude, veel kleinere zwembad speelde al een parkeerprobleem. Doordat het sporthuis meer faciliteiten biedt wordt het parkeren een heel groot probleem. De heer Dobbelaar heeft veel bezwaren tegen de parkeerregeling. Overdag gaat het nog wel, maar ’s avonds is het zeer problematisch. De toegezegde parkeergelegenheid bij het sporthuis komt er niet. Het is diep triest hoe men met de bewoners de afgelopen jaren is omgegaan en nu nog omgaat. De heer Brouwer merkt op dat er gezegd is dat bij het oude zwembad al parkeerproblemen waren. Toen waren er al te weinig. Hoeveel zouden er nodig zijn bij het sporthuis om problemen te voorkomen? De heer Dobbelaar vindt het wat lastig om op de vraag een antwoord te geven. In ieder geval moeten de parkeerplekken voor de bewoners bewonersparkeerplekken blijven. Het is onbegrijpelijk dat men er bij de bouw van het sporthuis niet over heeft nagedacht. Of misschien er wel nagedacht, maar men heeft ze niet aangelegd. De heer Klijn heeft de inwoners gehoord. Hoe kijkt men aan tegen de periode tijdens de realisatie van het sporthuis? De heer Dobbelaar heeft vanaf het beging men niets had tegen het sporthuis. Wel hebben bewoners vanaf het begin hun mening over de parkeerproblematiek duidelijk naar voren 5
gebracht. Daar zijn meerdere vergaderingen over geweest onder andere op het gemeentehuis. Alleen heeft men vanaf het begin niet geluisterd naar de bewoners. Men had en heeft niets tegen het sporthuis, maar wel tegen een sporthuis zonder parkeergelegenheid. De heer Santos heeft alle acties ondersteund. Tot nu toe voelt men zich miskend. Het lijkt wel of burgers niet meetellen. Het lijkt erop dat de gemeente een tunnelvisie erop nahoudt. Weinig parkeerplekken, weinig bezoekers. Hoe men het draait of keert de meeste bezoekers van het sporthuis zullen met de auto komen. Men moet ophouden met wensdenken. De Hollandse Kade valt weg. Is er een alternatief. Na coronatijd beginnen de evenementen weer. Dan komen er ook weer parkeerders voor de Arena, AFAS live en Heineken Music Hall. Wil men de bewoners helpen, dan moet men werken met een gerichte ontheffing en dat parkeren alleen met deze ontheffing mogelijk is. Plekken in een blauwe zone zijn prima voor het sporthuis en bezoekers van het centrum. De oplossing die er had moeten komen, was een parkeergarage. Dat heeft men niet gedaan. Echter, dan mag men de parkeerpijn nu niet afwentelen op bewoners. Iets dergelijks verwacht spreker niet van het bestuur van zijn gemeente.
Mevrouw Dijkman is benieuwd of de heer Santos denkt dat na invoering van het nieuwe parkeerbeleid met blauwe zones en goede handhaving vreemd parkeerders niet meer in de wijk zullen parkeren. Lost dat een deel van het probleem op? De heer Santos denkt dat op die manier het parkeerprobleem voor een klein gedeelte zal oplossen. Maar, waarom zou men het met een gericht ontheffingenbeleid niet helemaal oplossen? Wat is daar op tegen? Spreker heeft daarover nog geen argument gehoord. Mevrouw Dijkman kan ook geen andere oplossing bedenken. De heer Santos denkt dat wat men ook doet er wel iemand pijn zal lijden. Alleen mogen dat de bewoners niet zijn. Men kan een proef nemen van een paar maanden met een blauwe zone voor bewoners. Wanneer dat niet werkt dan moet men toch komen met een gerichte ontheffing. Mevrouw Van den Heerik adviseert de heer Santos zich nog even te bedenken over de proef. Wanneer de zes maanden voorbij zijn en men nog in de coronatijd zit, dan heeft men nog geen juist beeld. Echter, dan zou het wel zo maar kunnen dat op basis van de proef men besluit voor de blauwe zone. Men kan beter het bedrag van parkeerders monitoren en wanneer blijkt dat het probleem van de bewoners blijft bestaan, men een vergunning aan het parkeren koppelt.
Wanneer er een vergunningstelsel zou komen, vindt men het dan logisch dat men ervoor betaalt? De heer Santos merkt op dat men nu al betaalt voor een ontheffing in de blauwe zone. Men kan best een proef doen, maar dan moet in de spelregels wel worden aangegeven dat gegevens tijdens coronatijd niet gelden. Dan moet men de proef in de tijd verlengen. Dat zou men moeten toezeggen.
6
De voorzitter brengt naar voren dat een raadslid geen toezeggingen over het beleid kan doen. Ook komt er eerst nog een commissievergadering. Vervolgens wordt de laatste inspreker aangekondigd. De heer Mulders verzoekt de raad niet in te stemmen met de parkeervisie. De gemeente geeft voor de vierde keer het parkeerterrein bij het station weg. Men heeft kennelijk afspraken gemaakt met de Provincie om niet-forenzen te weren op dat parkeerterrein. De voorgestelde blauwe zone is er alleen maar om ervoor te zorgen dat er in de wijk een niet te accepteren parkeerdruk komt. De belangen van de bewoners worden door dit beleid geschaad. Men heeft toezeggingen gedaan bij de Raad van State die men niet waar kan maken. Men wijzigt de parkeernormen om het beleid te rechtvaardigen. De gemeente is tot op heden geen van de toezeggingen nagekomen. Al vier jaar voert spreker een kruistocht tegen het gemeentelijke parkeerbeleid. Het gaat daarbij niet om het sporthuis, maar om het woongenot van de bewoners. Dat wordt weer ondergeschikt gemaakt. Men ziet van alles gebeuren. De wijk is gebouwd met parkeernormen passend bij een laag autobezit. Te weinig voor het huidige autobezit. Toen het station ontwikkeld werd raakten de bewoners hun parkeerterrein kwijt. Men moet nu zoeken naar een parkeerplaats. Men raakt in de straat nog meer plaatsen kwijt door de blauwe zone.
Er is veel parkeercapaciteit verdwenen. Men heeft te maken met zoekparkeerders van onder andere de bezoekers van het sporthuis. De parkeerplaats bij het station is verkocht aan de Provincie. De daarbij gemaakte afspraken zijn onbekend. De bezoekers van het sporthuis mogen niet op het P&R-terrein niet parkeren. Vandaar de maximaal twaalf plekken ter compensatie. Zijn die vol dan moet men elders zoeken. De gemeente reageert niet op vragen daarover. In 2018 is het punt parkeren al in de raad besproken. Toen bleek uiteindelijk dat er qua parkeernorm een uitzondering moest komen voor het stationsgebied. Anders kon het sporthuis niet ontwikkeld worden. Nu blijkt dat parkeren bij het sporthuis niet mogelijk is. Er is veel terrein vergeven in plaats dat men er een parkeerplaats voor bewoners van heeft gemaakt. De parkeernorm verandert telkens. Er is sprake van een volle woonwijk, waaraan een sporthuis is toegevoegd. Men moet zich realiseren dat de bezoekers van het sporthuis niet met de fiets komen. Dat is wishful thinking. De laatste parkeertelling is geweest tijdens een periode dat de scholen dicht waren en tijdens de vakantie. Het is niet vreemd dat dit een gunstig cijfer opleverde. Feitelijk is er voldoende parkeerruimte op het P&R-terrein voor de bezoekers van het sporthuis. Dan blijft de wijk behouden voor het parkeren van bewoners. De gemeente wil er niet aan.
Er moet dus meer spelen. In september 2019 heeft men de problematiek opnieuw met de gemeente besproken. Elk verzoek, elke suggestie werd afgewezen. De bewoners worden aan alle kanten tegengewerkt. Het college moet dus begrijpen dat er voor de parkeervisie weinig draagvlak is bij de bewoners. Een goed voorbeeld is het plotselinge parkeerverbod op de Hollandse Kade. Dat heeft te maken met veiligheid. Echter, de auto’s die daar parkeerden moet nu elders in Abcoude een plaats zoeken. In het centrum zijn eigenlijk geen parkeervoorzieningen meer nadat het parkeerterrein is weggegeven. Het had beter gereserveerd kunnen blijven voor vergunninghouders. De blauwe zone met een maximale parkeertijd van twee uur voldoet ook niet voor bewoners. Men kent tot nu toe voor hen geen ontheffingen. Maar, de sporters mogen daar wel voor iemands deur parkeren.
7
Kortom, de gemeente gedraagt zich als een onbetrouwbare overheid. Men komt afspraken niet na. De parkeerproblemen voor de bewoners worden alleen maar groter, waardoor men het woongenot op slinkse wijze teniet doet. De heer Brunia vindt het een mooi betoog over wat gebeurd is. Waar denkt de heer Mulders aan bij een uitgebreide blauwe zone op het P&R-terrein? Wat zijn de effecten ervan? Worden ze wel of niet gebruikt? De heer Mulders geeft aan dat het sporthuis heeft aangegeven dat bezoekers in beginsel zouden kunnen parkeren op het terrein ten zuiden van het station. In alle parkeermetingen die hebben plaatsgevonden was in die ruimte niet voorzien. Op basis van plausibele aannames zouden er op dat terrein 67 parkeerplaatsen nodig zijn voor het sporthuis. In combinatie met een vergunning gebied in de woonwijk is dat acceptabel. Men ziet niet in waarom de bewoners de dupe moeten zijn van het station, het industriegebied en het sporthuis. Wellicht kan de heer Brunia het uitleggen. De heer Brunia vat het antwoord samen. Maak op het P&R-terrein een blauwe zone die beschikbaar is voor bezoekers van het sporthuis. De heer Mulders geeft aan dat men dan in ieder geval voldoende plekken reserveert voor de bezoekers van het sporthuis. Dat moet men dan wel combineren met een vergunning gebied in de woonwijk. De heer Brunia vraagt zich af waarvoor dat nodig zou zijn.
De bezoekers kunnen allemaal naar de blauwe zone. Ze hoeven dus niet in de woonwijk te komen. De heer Mulders antwoordt met een tegenvraag. Waarom moet de wijk blauwe zone zijn? De heer Brunia geeft aan dat dit te maken heeft met het parkeren bij het station en dat het los staat van het sporthuis. De heer Mulders constateert dat de heer Brunia in een andere wereld leeft. De mensen die naar het sporthuis gaan of hun kinderen wegbrengen naar sportles hebben twee uur parkeertijd nodig. Op de vraag om de tijd binnen de blauwe zone te verkorten tot een half uur heeft de wethouder aangegeven dat dit niet kon. Wanneer men het parkeren op het parkeerterrein betaald maakt en men houdt de wijk Fluitenkruid blauw, wat dan? Waar gaat de bezoeker van het sporthuis staan? Wanneer men, volgens de heer Brunia de keuze heeft, zal dat meestal het parkeerterrein zijn. Afhankelijk van het weer, kiest meen voor de dichtstbijzijnde mogelijkheid. De heer Mulders vraagt direct, gaat men betaald gaat parkeren of blauw. Mevrouw Van den Heerik vraagt de heer Mulders welke oplossing het meest voor de hand ligt. Is dat de oplossing van mevrouw Smits? Inwoners met een vergunning parkeren voor de deur en de bezoekers van het sporthuis parkeren in de blauwe zone. 8
De heer Mulders is van mening dat hij noch de bewoners moeten boeten voor het sporthuis. Mevrouw Van den Heerik vindt de oplossing van mevrouw Smits wel goed. Terecht is ook de opmerking waarom de inwoners zouden moeten boeten omdat er geen geld is voor meer parkeerruimte bij het sporthuis? Er moet een oplossing voor het probleem komen. Eigenlijk had het sporthuis dit probleem meten oplossen. De heer Mulders geeft aan dat een mooie oplossing is: voor de bewoners een parkeervergunning, bezoekers van het sporthuis naar de blauwe zone en de langparkeerders naar het P&R-terrein. De voorzitter dankt nogmaals alle insprekers voor hun bijdrage. Nu volgt de behandeling van het voorstel in de commissie. De heer Brunia merkt op dat de parkeervisie Abcoude veel beroering teweeg brengt. De visie geeft ook nog geen concrete oplossing voor het parkeerprobleem in Abcoude. Het sporthuis gooit op dit punt extra roet in het eten. Graag een uitleg op dit punt door de wethouder? Men moet vaststellen dat bezoekers van het sporthuis veel parkeren in de omgeving. De parkeerdruk hiervan is wisselvallig. Soms valt het mee, soms is er sprake van pieken. Men heeft min of meer dertig plaatsen nodig voor kort parkeren. Is de behoefte aan kort parkeren groter, dan kan men terecht in de blauwe zone. Voor lang parkeren zijn de plaatsen bij het sporthuis.
De belangrijkste vraag blijft hoe men de parkeervisie gaat uitvoeren. De heer Brouwer kan zich in grote lijnen wel aan sluiten bij wat de heer Brunia heeft gezegd. Men moet zich nu wel bedenken dat het bij de visie nog niet gaat om een uitgewerkt plan. Het gaat om denkrichtingen. Men moet de tijd nemen om met de bewoners in overleg te gaan. Kijken naar wat zij als oplossingen voor het parkeerprobleem aandragen. Welke mogelijkheden geven die. De parkeervisie geldt niet alleen voor het centrum, maar voor heel Abcoude. De heer Brunia merkt op dat men nog niet klaar was met het betoog toen de heer Brouwer het woord kreeg. Het is wel een goed idee om eerst iedereen aan het woord te laten over het stationsgebied en daarna over de rest van Abcoude. Dan clustert men het geheel een beetje. Mevrouw Dijkman begrijpt de zorgen van de insprekers. Op dit moment speelt corona. Normaliter is er een enorm probleem met langparkeerders. Wanneer men die kan weren, dan hoopt spreekster dat het probleem van deze wijk voor een groot deel opgelost kan worden. Kijken wat er gebeurt na de wering van de langparkeerders. De heer Klijn merkt op dat het voorstel gaat over een parkeervisie voor heel Abcoude. Alleen blijkt dat er toch een specifiek probleem is wat betreft parkeren in de wijk die grenst aan het stationsgebied en het sporthuis.
Het is daarom wenselijk om met die inwoners nog eens goed van gedachten te wisselen. Maar, dan moet men wel tot daden komen en het niet laten bij woorden.
9
Mevrouw Van den Heerik begint over het parkeren bij het station. De rest komt daarna. Er is nog veel rest. Met deze visie stelt men vast hoe men kijkt naar het parkeren bij het station. Voor een goede visie is het nodig dat men over alle feiten beschikt. Wanneer men naar het hele visiestuk kijkt, dan vraagt spreekster zich af of de raad bij het bespreken van een toekomstvisie voor parkeren in Abcoude heeft ingestemd met het feit dat men heel Abcoude als een geheel gaat beschouwen. Voorheen was het dorp gesplitst wat betreft parkeren en parkeereisen in verschillende delen. Delen met eigen parkeernormen. Niemand heeft zich gerealiseerd dat met deze visie alles op een hoop gegooid zou worden. Dat dit nodig zou zijn. Op de vraag daarover kwam naar voren dat dit niet met de raad wad gedeeld. Te ingewikkeld. Dat wekt de suggestie, zoals ook door de bewoners is aangegeven, dat de gemeente geen open kaart speelt. Dat men voortdurend van standpunt wijzigt. Volgens het idee is Abcoude een groot centrum geworden. Vroeger had men vier gebieden in het dorp. Als gevolg van het idee een centrum geeft men aan dat er minder parkeerplaatsen nodig zijn. De centrumbewoners lopen overal naar toe. Alle voorzieningen liggen toch op loopafstand. Vervolgens denkt men dat bewoners in het centrum minder parkeerplaatsen nodig hebben, omdat men minder auto’s heeft.
Door deze gedachte wordt ook de parkeernorm voor de wijken rondom het oude centrum lager. Echter, feitelijk heeft men meer parkeerruimte nodig door het veranderde autobezit. Het gevoel is dat men de visie met de norm tussen neus en lippen door er doorheen wil jassen. Een reden om deze visie helemaal niet aan te nemen. Er moet eerst meer duidelijkheid komen wat, wanneer en hoe is afgesproken. Merkwaardig is ook de opmerking dat men eigenlijk parkeerplaatsen over heeft bij het gebruik van de nieuwe parkeernorm. Die kan men weer gebruiken om situatie bij het station en het sporthuis op te lossen. Zonder bewijs vindt de gemeente dat men bij een nieuwe ontwikkeling in het centrum minder parkeerplaatsen nodig heeft omdat men loopt. Wanneer de nieuwe norm voor heel Abcoude geldt, heeft men daarmee te maken bij elke nieuwe ontwikkeling. Ook een reden om op dit moment tegen de visie te zijn. Men heeft in de visie niet alle ins en outs gedeeld. Het is ook vreemd dat de stationslocatie buiten het (oude) centrum valt. Met dus een andere norm. Kortom, het voorstel is niet rijp voor behandeling. Men heeft te weinig informatie. Ook de parkeerplaatsen, zoals toegewezen door de Raad van State, bij het sporthuis zijn nog steeds niet aangelegd. Tijdelijk, zoals in het voorstel staat, mag ook niet. Uit het voorstel komt een onbetrouwbare overheid naar voren.
De heer Kroon merkt op at veel bewoners uit het stationsgebied ontevreden zijn over het tot nu toe verlopen proces. Begin dit jaar is er een bijeenkomst geweest. Toen zijn dezelfde klachten naar voren gekomen. De vraag is dan ook wat ermee gedaan is. Men is nog steeds ontevreden. De bewoners hebben verschillende voorstellen naar voren gebracht. Wat vindt het college daarvan? Men heeft het veelvuldig over het sporthuis gehad. Kennelijk bestaat daar al een parkeerprobleem, terwijl het sporthuis nog geopend moet worden. Dat verdient wel de nodige aandacht. Men stelt dat men bij het station het parkeren gaat reguleren. Daarvoor zijn drie opties bedacht. Maar die moeten nog onderzocht worden. Op korte termijn moet er voor die locatie een oplossing komen. De invoering daarvan zou in Q1 volgend jaar moeten gebeuren. De heer Van Sligtenhorst dankt eerst de insprekers voor hun inspraak. Het geeft een goed beeld van wat er onder de inwoners leeft. Bij het lezen van het raadsvoorstel kon spreker veel zaken niet herleiden. Op basis van wat collega’s hebben gezegd, zitten er in het voorstel nog 10
een aantal losse eindjes. Daarom is het lastig om nu al een oordeel over he voorstel te geven. Spreker heeft de neiging om mee te gaan met de aanduiding dat het voorstel nog niet rijp is voor behandeling. De vraag aan de wethouder is, wanneer men de insprekers vanavond heeft gehoord, of men het raadsvoorstel op deze manier wel wil behandelen. Wethouder Schuurs begint met op te merken dat het over de parkeervisie voor Abcoude gaat. Het gaat niet om een parkeervisie voor het sporthuis. Het gaat over het toekomstige parkeerbeleid voor het gehele dorp. Men is nu gefocust op het sporthuis dat ligt in het stationsgebied. Dat gebied heeft een enorme aanzuigende werking vanuit andere gebieden. Langparkeerders bij het station komen uit andere dorpen. Men moet zich realiseren dat het in deze (corona)tijd even anders is. Wanneer die tijd voorbij is, komt de frustratie over de situatie ook weer terug. Het grootste probleem van voorheen en nu zijn de forenzen naar Amsterdam, de bezoekers van evenementen in de Bijlmer en de vakantiegangers die naar Schiphol gaan. Nu wordt er net gedaan of alle problemen dor het sporthuis worden veroorzaakt. Het sporthuis maakt de situatie niet makkelijker. Mevrouw Van den Heerik hort de wethouder zeggen dat het sporthuis niet echt de boosdoener is. Het zijn de forenzen die voor de problemen zorgden.
De inwoners kunnen met die gedachtegang voor een groot deel wel meegaan. Echter, dan komt daar ineens het sporthuis bij. Een extra probleem, waar de gemeente niet op voorbereid was. Men had de illusie dat de mensen op de fiets naar het sporthuis zouden komen. Wat niet waar is. Hoe gaan beide problemen samen? Wethouder Schuurs zit midden in de beantwoording van de vragen en opmerkingen en dan komt er een herhaling van wat al eerder gezegd is. Dit is geen interruptie. Mevrouw Van den Heerik heeft alleen maar willen aangeven dat de wethouder aangeeft dat de problemen groot zijn bij heet station. Wethouder Schuurs schetst dat het parkeerprobleem er al was voordat het sporthuis er kwam. Het industrieterrein aan de Hollandse Kade gaf ook al een probleem. Nu komt het sporthuis erbij. Bij de vergunningverlening voor het sporthuis is goed uitgerekend wat nodig zou zijn. Er komen daar twaalf extra plaatsen. Er zijn meer plaatsen nodig, maar dat is te verhelpen door de overlap van kortparkeerders. Het grote probleem wordt veroorzaakt door de forenzen. Dat zijn mensen die een hele dag een parkeerplaats in beslag nemen. Wanner die vertrekken, kunnen die plaatsen gebruikt worden. Een soort dubbelgebruik. Voor de blauwe zone in de woonwijk er tegenover hebben de inwoners gekozen. Vanavond hoort men dat de inwoners liever iets anders hadden gewild.
Wanneer men daar met vergunningen gaat werken, betekent dat dat bezoekers geen plek meer hebben. Dan kan er niemand staan dan de vergunninghouder. De forenzen die de problemen veroorzaken kunnen niet in de blauwe zone staan. Die kunnen niet in de woonwijk parkeren. Het kan wel dat een enkele bezoeker van het sporthuis er parkeert. De wethouder vraagt de commissie vanavond om mee te denken over de visie. Wat moet men structureel oplossen bij het station Abcoude om het parkeren voor de toekomst goed te laten werken? De focus op het sporthuis gaat daarbij niet helpen. Wat ook niet helpt is de aanduiding dat het besluit nog niet rijp is. Men moet een inhoudelijke discussie voeren over 11
wat men nodig heeft. Er is geprocedeerd tot aan de Raad Van State. Die heeft akkoord gegeven dat men het met twaalf parkeerplaatsen bij het sporthuis verder kan. Ronde Venen Belang heeft de afgelopen maanden aangegeven vooral niets te doen wat geld zou kosten en wat nog extra zou moeten gebeuren. Mevrouw Van den Heerik vindt wat er nu gebeurt schandelijk. Men suggereert de wethouder om het sporthuis niet te openen. Dat scheelt enorm in de kosten die men vanavond moet maken om een oplossing voor het parkeren te zoeken. Er moet een visie komen. Het bureau die de visie moest opstellen is al betaald. De oplossing is in elk geval niet het verwijt dat de wethouder spreekster probeert te maken. Op deze manier voert men geen discussie. Wethouder Schuurs geeft aan dat de betaling van beschikkingen te maken heeft met leges voor werkelijk gemaakte kosten. Het gaat om 43,00 euro per vijf jaar. De inwoners tegenover het sporthuis kunnen parkeren in de blauwe zone. De vergunningen ontvangen de aanvragers een dezer dagen. Daarna volgt ook de handhaving. Dan zijn ook de parkeerplekken naast het sporthuis gereed. De heer Klijn stelt vast dat de handhaving in de gemeente te wensen over laat. Kan de wethouder aangeven op welke wijze men bij het parkeren in Abcoude wel denkt goed te kunnen handhaven? Wethouder Schuurs antwoordt dat er nu ook al in blauwe zones wordt gehandhaafd.
Wanneer er sprake is van een nieuwe blauwe zone wordt er in eerste instantie intensiever gehandhaafd. Dat is om de mensen te laten wennen aan deze nieuwe blauwe zone. Wat voorligt is een parkeervisie die betrekking heeft op heel het dorp Abcoude. Er komt nog een verbijzondering naar gebied. Nu ligt het accent op het sporthuis. Er komen echter ook nog nieuwe ontwikkelingen bij de Hoogstraat. Bij nieuwe ontwikkelingen is de visie wel leidend met betrekking tot het aantal te realiseren parkeerplaatsen. De heer Klijn komt terug op het antwoord van de wethouder over de handhaving. In het antwoord heeft spreker geen structurele oplossing gehoord voor de handhaving. Wethouder Schuurs meldt dat de gemeente niet de ervaring heeft dat na een intensieve handhaving de mensen weer terugkeren naar de situatie voor de handhaving. Men houdt wel degelijk rekening met de nieuwe situatie. Natuurlijk moet er met een zekere regelmaat wel gehandhaafd worden. Dat gebeurt nu ook. De heer Klijn denkt dat de wethouder enigszins naïef is op dit punt. Na een intensieve handhaving ebt het gedrag weg en dan begint men weer in overtreding te gaan. Er moet toch een wat meer structurele oplossing komen. Wethouder Schuurs geeft aan dat er in dit voorstel niets is opgenomen over structureel handhaven. Het staat de raad vrij om op dit punt iets aan het voorstel toe te voegen.
Eigenlijk is de kadernota hiervoor het aangewezen instrument. Echter, er wordt in blauwe zones gewoon gehandhaafd. Er wordt ook gewoon bekeurd.
12
De wethouder heeft al aangegeven dat bestaande parkeernormen in bestaande delen van Abcoude blijven bestaan. De nieuwe parkeernormen gelden in heel Abcoude bij nieuwe ontwikkelingen. De berekeningen hiervoor zijn niet besproken met inwoners in de klankbordgroep. Het is een nogal technische aangelegenheid. Men snapt echter best dat de raad de informatie wel wil hebben en die ook kan interpreteren. De reden dat de nieuwe normen voor alle nieuwe ontwikkelingen in het hele dorp gaan gelden, is niet het punt dat de mensen wel kunnen gaan lopen. Het gaat om het gemiddelde aantal auto’s per huishouden. Bovendien kan men Abcoude als een gebied zien, omdat de omvang van Abcoude beperkt is. Dat mensen niet tevreden zijn is een terugkerend fenomeen bij niet alleen parkeren, maar ook bij andere onderwerpen betreffende het verkeer. Mevrouw Van den Heerik heeft zojuist gehoord dat de nieuwe parkeernorm alleen van toepassing is op nieuwe ontwikkelingen, niet op bestaande situaties. De nieuwe norm voor heel Abcoude is gebaseerd op de CROW-cijfers voor het centrum. Voor het centrum gaat men er vanuit dat er minder parkeerplaatsen per nieuwe ontwikkeling nodig zijn, omdat veel mensen er te voet of met de fiets komen. Echter, nieuwe ontwikkelingen in het centrum trekt toch autoverkeer. Voor boodschappen of het gebruik van andere voorzieningen. Dat betekent een verhoogde parkeerdruk.
Een gevolg van meer nieuwe voorzieningen met een lager parkeeraanbod. Dat leidt tot problemen. Wethouder Schuurs brengt naar voren dat juist voor de nieuwe ontwikkelingen in het centrum er een blauwe zone is gecreëerd. Mevrouw Van den Heerik vraagt de wethouder of haar redenatie correct was. Men komt et de auto en moet parkeren in de blauwe zone. Mag men aannemen dat bezoekers dan niet meer door de Hoogstraat rijden? Wethouder Schuurs kan mevrouw Van den Heerik niet helemaal volgen. Voor de winkels en andere voorzieningen is de blauwe zone de plek om te parkeren. De voorzitter stelt voor om mevrouw Van den Heerik tijdens de tweede termijn de gelegenheid te gaven om haar redenatie uit te leggen. Wethouder Schuurs heeft wel degelijk het idee dat de inwoners voldoende betrokken zijn bij de instelling van de blauwe zone. Daarbij is ook de mogelijkheid van parkeren door bewoners in de buurt van hun eigen huis aan de orde geweest. Men moet nog wel het parkeerverbod op de Hollandse Kade en de gevolgen ervan voor bewoners onderzoeken. De vraag of men het raadsvoorstel nog wel kan behandelen na de insprekers gehoord te hebben, wordt door de wethouder bevestigend beantwoord. De heer Kroon merkt op dat er nog een onderzoek komt over de Hollandse Kade. Daarnaast staat er aangegeven dat men denkt aan drie soorten reguleringen voor het parkeren bij het station Abcoude.
Men zoekt nog uit welke regulering het beste is. Mag men aannemen dat de resultaten van dit onderzoek beschikbaar zijn in het eerste kwartaal 2021? Er moet bij het station ook dringend iets gebeuren.
13
Wethouder Schuurs denkt dat de prioriteit ligt bij de goedkeuring van de parkeervisie, al dan niet in een gewijzigde vorm. Daarna volgt de uitvoering. Men is al wel met de blauwe zone begonnen. De volgende stap is tot hoever men die blauwe zone moet uitbreiden. Zo moet men stapsgewijs het aantal maatregelen uitbreiden. Er komt in het eerste kwartaal geen nieuw voorstel over hoe men denkt de verschillende stappen te plannen. Dat hangt ook samen met het moment dat het ‘coronatijdperk’ achter ons ligt. Men moet de aak goed monitoren voordat men allerlei zaken gaat doen. De heer Kroon is van mening dat met een blauwe zone in de wijk het probleem van de langparkeerders bij het station niet wordt opgelost. Spreker denkt dat tegelijkertijd met de wijk ook de regulering van parkeren bij het station aangepakt kan en moet worden. Wethouder Schuurs weet nog niet aan welke maatregelen men in het dorp aan toe is. Is men al toe aan betaald parkeren? Voordat men met betaald parkeren zou beginnen, is er nog een aantal stappen te gaan. Bij de uitwerking van de visie, het nemen van de verschillende maatregelen, neemt men zeker de suggesties van de insprekers mee. De heer Brouwer merkt op dat bij de ontwikkeling gesproken is met twee panels. Waren de insprekers van vanavond ook lid van deze panels? Wethouder Schuurs antwoordt ontkennend.
Tweede termijn De heer Brunia denkt dat men niet alleen een blauwe zone in de woonwijk moet regelen, maar ook een blauwe zone in het stationsgebied. Dat kan best samenlopen. Men moet richting inwoners helder zijn over wat men wil. Men kan niet denken onder het mom van corona da het wel los zal lopen. Dan zullen ook gebruikers van het sporthuis meer ruimte nemen dan nodig is. Een blauwe zone kan alleen maar bestaan en goed functioneren met een goede handhaving. Daar zal men in moeten investeren. Er is aangegeven dat fietsen en lopen naar het centrum zal worden gestimuleerd. Alleen is niet aangegeven hoe men dit wil doen. Dat valt kennelijk buiten het kader van deze visie. Valt er hiermee niet een essentieel onderdeel weg? Dan de vraag wat parkeervraagstukken zijn. Dat zijn kennelijk situaties waarbij de vraag naar parkeerplaatsen groter is dan het aanbod van parkeerplaatsen. Waar het om gaat is de behoefte aan parkeerplaatsen. Dat moet gesplitst worden tussen de mogelijke invulling op eigen terrein en de invulling op de openbare weg. Bij het laatste spelen veiligheid en leefbaarheid ook een rol. In de visie moet ook iets staan over hoe men om wil gaan met parkeren. Dat mist spreker. In woonwijken ziet met vaak dat parkeerplaatsen op eigen terrein, wel meegenomen in de norm, zijn opgeofferd voor andere doeleinden. Dat betekent dat de auto op de openbare weg staat.
Dat draagt bij aan de parkeerproblematiek. Wanneer men dit niet erkend dan wel niet wil aanpakken, dan wordt de parkeerproblematiek in de woonwijken alleen maar groter. Dit punt vraagt om een visie op langere termijn. De heer Kroon komt terug op het station. De wethouder vroeg zich af of inwoners al klaar zijn voor regulering bij het station. Uit de inspraak van vanavond bleek dat men er zeker klaar voor 14
is. Liever vorig jaar dan volgend jaar. Daar moet de wethouder toch nog eens over nadenken. Dan de rest van de visie. Er wordt gesteld dat men de auto moet faciliteren waar het kan. Dan staat er dat autobezit en –gebruik niet wordt ontmoedigd. Tegelijkertijd wordt er gesproken over de stimulering van lopen en fietsen. De potentie hiervoor is groot. Volgens spreker zijn de opmerkingen tegenstrijdig. Wanneer de potentie van wandelen en fietsen groot is, dan moet men dat echt bevorderen om zo de parkeerdruk te verlagen. Moet dit niet expliciet in de visie opgenomen worden? Er wordt als maatregel in het centrum gesproken over het mogelijk verwijderen van parkeerplaatsen langs de Hoogstraat. Meer ruimte voor fietsers en voetgangers en een betere doorstroming. Toch wordt er niet voor gekozen. Men geeft aan dat het een optie kan zijn op langere termijn. Over wat voor termijn gaat het dan? Is er gekeken naar het effect ervan? Men gaat onderzoeken of men meer kan doen op het gebied van deelauto’s. Daar hoort ook een evaluatie bij. Echter leent de deelauto zich hiervoor? Hoe kijkt het college hier tegenaan? Als laatste parkeren op eigen terrein. Dat vormde vaak een belemmering voor ontwikkelingen. Op eigen terrein parkeren in bebouwd gebied kan in veel gevallen niet.
Kan men dan niet beter voor maatwerk kiezen bij ontwikkelingen? Mevrouw Dijkman merkt op dat het parkeerprobleem in het stationsgebied vanwege corona misschien niet zo urgent is. Echter, wanneer corona voorbij is, wordt het probleem weer wel urgent. Spreekster pleit ervoor om op redelijk korte termijn een beslissing te nemen over mogelijke maatregelen. Om deze vervolgens ook uit te voeren. De heer Van Sligtenhorst begrijpt dat de visie betrekking heeft op geheel Abcoude. Echter, in het centrum heeft men al een parkeerprobleem. Dat probleem wordt groter op het moment dat het sporthuis open gaat. Men moet dus echt wel iets in het centrum aan het parkeerprobleem gaan doen. De gemeente geeft aan dat de bezoekers op het P&R-terrein kunnen parkeren. De insprekers bestrijden dat, omdat dat terrein eigendom is van de Provincie. Kan de wethouder aangeven hoe het nu zit? Waar moeten de parkeerders op de Hollandse Kade naar toe op het moment dat daar een parkeerverbod wordt ingesteld? De gemeente geeft aan dat betaald parkeren voorlopig nog niet aan de orde is. De insprekers denken daar anders over. De wethouder zegt wel iets over hoe men tot die keuze gekomen is, maar men gaat niet in op de voorstellen van de insprekers. Graag een reactie hierop? Mevrouw Van den Heerik onderschrijft de woorden van de heer Brunia volledig. Dat geldt eigenlijk voor alle sprekers tot op dit moment.
Spreekster is benieuwd hoe het nu eigenlijk zit met de parkeerplaatsen op het P&R-terrein. Mag de gemeente beslissen over wie er daar mogen parkeren? Mag de gemeente daar ook de parkeerduur bepalen? Wanneer er beperkingen komen voor dat terrein, zijn het dan nog P&R-parkeerplaatsen? De plaatsen zijn eigenlijk bedoeld voor mensen die de trein pakken. Op basis van wat de insprekers naar voren hebben gebracht kan men niet volstaan met een zienswijze en een visie. Er moet daadwerkelijk op korte termijn wat gebeuren. Een visie moet trouwens niet alleen aangeven over het parkeren van auto’s, maar ook over hoe men kan voorkomen dat er ergens veel auto’s worden geparkeerd. Te gemakkelijk denkt men dat lopen en fietsen zal toenemen ervan uitgaande dat iedereen in het dorp woont. Immers, de visie heeft betrekking op het hele dorp. Echter, over of dat gaat gebeuren en hoe zegt de visie niets. Spreekster heeft een artikel gelezen waarin precies staat hoe men daarmee om kan 15
gaan. Dat gaat over routes. Aanloop- en aanfietsroutes om het mensen zo gemakkelijk mogelijk te maken om de voorzieningen te bereiken. Lees het, denk erover na en verwerk het in de visie. Voor nu een beperking tot de stationslocatie en het oude centrum. In de visie staat dat er eigenlijk geen problemen zijn met betrekking tot parkeren in het centrum. Op een andere pagina staat dat men de parkeerproblemen in het centrum moet oplossen. Dat is tegenstrijdig. Het gaat om een visie waarbij men ingewikkeld omgaat met wat er staat en met wat er wordt bedoeld. Men moet de visie nog eens goed bekijken. Kijken naar wat er ontbreekt, wat er eigenlijk nog aan toegevoegd moet worden en hoe men de tegenstrijdigheden eruit haalt. Daarnaast moet men naast de visie op heel korte termijn komen met een oplossing voor het parkeerprobleem in het (oude) centrum. Om vervolgens te kijken hoe de oplossing uitpakt. Die oplossing kan in het eerste kwartaal. Dan hebben hopelijk veel mensen een virusinjectie gekregen. Dan weet men ook hoe het na corona zal gaan. De heer Klijn kan zich vinden in de woorden van de heer Brunia en die van mevrouw Van den Heerik. Naar voren is gebracht het punt auto’s weren uit het centrum. Dat is het meest moeilijke, gedragsverandering bij mensen.
Hoe denkt de heer Kroon het gedrag van mensen op het punt autogebruik te kunnen veranderen? De bezoekers van het sporthuis zullen meestal met de auto komen. De heer Kroon heeft iets gezegd over het voorstel in de visie om uit de Hoogstraat parkeerplaatsen te verwijderen om fietsers en wandelaars meer ruimte te geven. Ook de doorstroming verbetert. Dan wordt de straat aantrekkelijker voor fietsers en wandelaars. Spreker denkt dat op basis hiervan mensen ook meer zullen lopen en fietsen. Wanneer verkeersexperts aangeven dat dit een goede optie is, dan is het zeker de moeite waard om ernaar te kijken. De heer Klijn brengt naar voren dat veel mensen liever vijf rondjes rijden om voor de deur te kunnen parkeren dan dat men parkeert op een iets verder gelegen parkeerplaats waardoor men een stukje moet lopen. De heer Brouwer constateert dat de parkeervisie betrekking heeft op heel Abcoude, maar dat de discussie zich toespitst op het centrum, de stationslocatie en het sporthuis. De insprekers hebben geen deel uitgemaakt van de panels waarmee de parkeerproblematiek is besproken. De vraag is of, wanneer men het voorstel naar de meningvormende raad brengt, er een breed draagvlak voor deze parkeervisie in de kern Abcoude bestaat. Spreker constateert in de visie nog heel veel open einden.
Om het voorstel door te sturen naar de raad wil men weten of de parkeervisie breed gedragen wordt en of er niet te veel open einden in voor komen. Daar moet men zich nog over beraden. De heer Luijben heeft door problemen met de internetverbinding pas op een vrij laat moment aan de vergadering kunnen deelnemen. Spreker heeft een groot deel van de behandeling van het voorstel gehoord, maar niet alles. Daarom op dit moment geen reactie. Wel het voorstel om het voorstel door te sturen naar de meningvormende raad. Dan kan men daar nog een bijdrage aan de discussie leveren.
16
Wethouder Schuurs brengt het draagvlak voren. Er is een enquête gehouden waar iedereen aan mee kon doen. Daarnaast zijn de panels geweest. Men heeft duidelijk de mogelijkheid gehad om een mening naar voren te brengen. De visie heeft betrekking op Abcoude. Dat moet men niet vergeten. Het gaat niet om een uitvoeringsplan. Die visie moet eerst voor iedereen duidelijk en helder zijn. Daarna kan men die visie uitwerken. Dan worden er verder maatregelen genomen. Natuurlijk kan men het voorstel terugsturen met het verzoek nog een aantal zaken uit te zoeken. Dat betekent dat men weer een halfjaar verder is en men is nog niet veel opgeschoten. In dat geval gaat het nog steeds om een visie. Pas wanneer men het daarover met elkaar eens is, komt het uitvoeringsplan. Men moet zich nogmaals realiseren dat de visie over de kern gaat en niet over de twee straten waar de insprekers vandaan komen. Speciaal voor hen is een blauwe zone ingericht, waardoor die inwoners geen last hebben van langparkeerders. Dat was een goede maatregel. De blauwe zone bij het station sneller uitbreiden is nog een vraag of dat mogelijk is. Daarover moet men natuurlijk overleggen met de Provincie en met NS. Het gaat echter niet om een terrein dat exclusief door treinreizigers gebruikt mag worden. In overleg kan ander gebruik mogelijk zijn. Dat handhaving belangrijk is moge duidelijk zijn.
De heer Klijn vraagt zich af wie eigenaar van de terreinen is, de gemeente, de Provincie of de NS. Wethouder Schuurs meldt dat de terreinen voor een deel van de gemeente zijn en voor een deel van de Provincie. Wie wat exact heeft kan de wethouder niet aangeven. Wil men dat weten, dan moet de wethouder erop terugkomen. Dan het parkeren op eigen terrein. De Van Sligtenhorst geeft aan dat men met P&R-terrein en de forenzen waarover men het heeft nog niet veel kan oplossen. Het station is tijdens OV-tijden moeilijk te bereiken. Wil men naar het station, dan moet men met de auto. Wethouder Schuurs beaamt dat. Natuurlijk worden parkeerplaatsen anders gebruikt dan waar ze voor bedoeld zijn. Het punt aangegeven punt parkeren op eigen terrein neemt men mee. De parkeerbalans in omringende straten is niet heel slecht. Het is nog geen groot probleem, maar dat kan het wel worden. Het stimuleren van fietsen en wandelen staat los van deze visie. Het gaat echt over een parkeervisie. Het helpt natuurlijk wel echt wanneer mensen wat meer zouden fietsen en lopen. Dat is niet uitgewerkt, omdat het hier specifiek gaat over parkeren. Het langsparkeren in de Hoofdstraat is nog ter discussie. Voor inwoners en ondernemers is dat makkelijk om even snel naar de winkel te gaan. Wil men daar lang parkeren dan moet dat in combinatie met een profielaanpassing van de straat.
De heer Kroon is benieuwd of er onderzocht is wat het effect is wanneer men de Hoofdstraat anders zou inrichten. Wethouder Schuurs geeft toe dat dat niet onderzocht is. Wanneer men denkt dat het een positieve uitwerking kan hebben, dan werkt de gemeente graag mee aan een onderzoek om daar meer helderheid over te verkrijgen.
17
De heer Klijn reageert op de heer Kroon. Stel dat men het auto parkeren zoveel mogelijk uit het centrum weghaalt, waar moeten de mensen dan in Abcoude parkeren? De heer Kroon heeft niet voorgesteld om alles weg te halen. Het gaat alleen om de tien parkeerplaatsen in de Hoofdstraat. De aangrenzende parkeerplaatsen blijven bestaan. De heer Klijn begrijpt dat, maar de weggehaalde plaatsen moet men ergens anders scheppen. De mensen komen met de auto. Waar moeten die plekken komen? De heer Kroon is van mening dat men eerst moet afwachten om te zien of er meer mensen te voet of met de fiets komen omdat het gebied daarvoor aantrekkelijker is geworden. De heer Klijn betoogt dat de mensen toch eerst naar het centrum moeten komen. Dat doen ze met de auto. Waar moet men dan parkeren? Mevrouw Van den Heerik merkt op dat Abcoude tegenwoordig een groot centrum is. De vooronderstelling is vervolgens dat men allemaal op de fiets komt of lopend. Dat staat in de visie. Wethouder Schuurs denkt dat nog niet goed begrepen is dat Abcoude als een eenheid wordt gezien bij nieuwe ontwikkelingen. Het gaat om het aantal parkeerplaatsen bij nieuwe ontwikkelingen. Mevrouw Van den Heerik bevestigt dat. Dat zijn dan wel minder parkeerplaatsen dan die men nu heeft. Omdat men lopend en fietsend naar het centrum gaan. De parkeernorm wordt verlaagd, omdat de lagere norm bij het centrum hoort.
Wethouder Schuurs neemt niet aan dat iedereen naar het centrum gaat wandelen of fietsen. De heer Brunia denkt dat er al heel veel mensen in Abcoude al lopend of fietsend naar het centrum gaan. Slechts voor een del van de mensen zal de auto het vervoermiddel naar het centrum zijn. Een groot deel is bereid om te fietsen of te wandelen mits de route veilig is en er voldoende plaatsen zijn om de fiets kwijt te kunnen. Wanneer men daar wat aan doet is men best tot verandering bereid. Wethouder Schuurs meldt dat de gemeente eigenaar is van de parkeerplaats bij het station. Deelauto’s zouden interessant kunnen zijn om er wat mee te doen. Wat de effecten van deelauto’s zijn weet de wethouder niet. In deze tijd zijn er veel auto’s die helemaal stil staan. Men weet niet of mensen bereid zijn de auto in te wisselen voor een ander autogebruik. Om inzicht daarin te verkrijgen is nader onderzoek nodig. Voor het probleem bij de Hollandse Kade zijn een paar opties om dat op te lossen. Dat vraagt wel om wat aanpassingen om die te realiseren. Insprekers waren voor betaald parkeren. Op het moment dat men het in zou voeren zijn er even zoveel mensen tegen. Of men er op dit moment al toe over moet gaan, weet de wethouder niet. Wanneer de raad de visie aanneemt met het advies om het in te voeren, dan gebeurt het.
18
De heer Van Sligtenhorst vindt de reactie van de wethouder wat makkelijk. De insprekers spreken in omdat ze hun zorgen willen uiten. Het is dan makkelijk om te zeggen dat er ook wel een gelijk aantal mensen zal zijn dat tegen de suggesties van de insprekers zal zijn. Waar het om gaat is het punt of het voorstel breed gedragen wordt. Is dat wel of niet zo? Wethouder Schuurs merkt op dat er zoveel verschillende opinies over het probleem en de visie zijn, dat het moeilijk is om te zien wat wijsheid is om te doen. Men heeft met veel mensen gesproken. Er is op allerlei verschillende manieren naar gekeken. De insprekers richten zich op het centrum annex sporthuis en station, maar niet op de complete visie. De heer Van Sligtenhorst begrijpt dat de discussie zich toespitst op het sporthuis. Daar ligt ook het probleem. De wethouder geeft zelf aan dat het parkeerprobleem in de rest van het centrum acceptabel is. Wethouder Schuurs merkt op dat in het voorstel staat dat, wanneer er problemen in het centrum komen, men nog drie andere opties kan onderzoeken. De heer Brouwer is benieuwd of de wethouder bereid is om met de insprekers en zo indirect met alle belanghebbenden in de wijk in gesprek te gaan. De insprekers hebben zelf oplossingen aangedragen. Kijken in hoeverre dat in de visie dan wel in de oplossingen van de gemeente past. Wethouder Schuurs is daar zeker toe bereid.
Men wil ook met andere mensen praten die in die straten wonen. Echter, dat staat los van deze parkeervisie. De visie gaat over de lange termijn. De opening voor het sporthuis komt er aan. De blauwe zone is ingericht. Wanneer de bewoners van die straten collectief zeggen het anders te willen, dan moet men dat bespreken. Dan gaat het eventueel over maatregelen, die los staan van deze visie. De visie gaat over veelmeer en heeft betrekking op een langere termijn. De heer Brouwer kan het in perspectief zien. Mevrouw Van den Heerik hoort de wethouder zeggen dat het over de hele visie gaat. Echter, in de visie is het station een van de hoofdpunten. De wethouder heeft het zichzelf moeilijk gemaakt door het station en het centrum van Abcoude te noemen in de visie. Daarom praat men nu over de problemen in het stationsgebied. In de visie komt de stationslocatie als grootste pijnpunt naar voren. Dat moet men dan als zodanig behandelen. Daarom ook de vraag of er draagvlak is. De heer Luijben geeft aan dat in de visie ook gesproken wordt over parkeerregulering. Als een mogelijkheid om problemen op te lossen. Het is duidelijk dat de parkeerregulering voor rondom het station nog bekeken moet worden. Wat men daar wil, wordt te zijner tijd voor overleg aan de raad voorgelegd.
Daar kan men dan toch rustig op wachten of niet? Wethouder Schuurs vraagt of de heer Luijben wil wachten op de uitwerking of op een nieuwe visie.
19
De heer Luijben deelt in principe de visie. In de visie heeft de wethouder het over mogelijke oplossingen door middel van parkeerregulering. Onder andere rondom het station. Daar maakt men plannen voor, die te zijner tijd in de raad komen. Daar krijgt de wethouder tijd voor. Want het is noodzakelijk om het goed te doen, ondanks de druk. Wethouder Schuurs begrijpt de heer Luijben. Op die manier kan men heel goed doorwerken. De voorzitter wil het onderwerp na de lange discussie afronden. Naar welke raad moet het voorstel? Na inventarisatie blijkt dat het voorstel naar de meningvormende raad kan, maar wel inclusief de toezegging van de wethouder dat er een gesprek komt met de inwoners die hebben ingesproken. Het liefst voor de raadsvergadering. Wethouder Schuurs gaat het gesprek met de omwonenden zeker aan. Alleen is het de vraag of dat lukt voor de raadsvergadering. Men gaat het proberen, maar men kan het niet garanderen. Na deze toevoeging sluit de voorzitter het agendapunt af.
b.
Visie verblijfsrecreatie, raadsvoorstel 60/20 De voorzitter kondigt de inspreker, de heer Pronk - adviseur van de Nederlandse Kampeerautoclub (de NKC) - aan en legt de spelregels van de inspraak uit. De heer Pronk geeft aan dat het gaat om een grote vereniging met circa 60.000 leden. De NKC is een belangenbehartiger voor de Europese camperaars. In Nederland zijn er ongeveer 145,000 campers. Het aantal campers is het afgelopen jaar fors toegenomen, een toename van 8,5% Dit jaar is het nog meer toegenomen. Een van de doelen is om Nederland campervriendelijker te maken. Het aantal plaatsen waar campers terecht kunnen is relatief beperkt en blijft achter bij de vraag. De belangstelling om iets te doen met campers groeit gelukkig. Wat voor mensen zijn camperaars? Gemiddeld zijn de camperaars rond 60 jaar oud. Vaak hoog opgeleid en relatief vaak met pensioen. Ze hebben geld en tijd om te recreëren. De helft wil overnachten op een camperplaats. De camperaar reist gedurende het hele jaar. Een aantal overnachtingsplekken is buiten het seizoen dicht. Ook in deze gemeente. De meeste camperaars zoeken kleinschalige locaties waar rust en ruimte is. Kijkend naar de visie Verblijfsrecreatie ziet men dat de camperaar past binnen de aangegeven doelgroepen van de verblijfsrecreanten. De verschillende gebieden binnen de gemeenten komen tegemoet aan de wensen van de camperaars.
Er zijn veel potentiële kleinschalige camperlocaties binnen de gemeente. Plekken waarvoor betaald moet worden en die beheerd worden door ondernemers. Het zou goed zijn wanneer de gemeente wil meewerken aan die locaties. Samengevat: gemeente kijk positief naar de plannen van ondernemers en particulieren om op hun terrein kleinschalige camperplekken te willen realiseren. Het NKC is een grote organisatie met veel kennis. Die kennis wil spreker graag delen bij de uitwerking van het uitwerkingsplan van de visie.
20
De heer Luijer heeft niets gehoord over het feit dat de gemeente geen extra openbare camperplaatsen wil. Hoe denkt men daarover? De heer Pronk antwoordt dat de NKC geen voorstander is van openbare camperplaatsen. Beheerde camperplaatsen waarvoor betaald moet worden ligt meer in de lijn. Daar wil men op inzetten. De heer Evers vraagt zich af of men de huidige openbare camperplaats niet moet opheffen. Daar wordt afval achtergelaten. Dat strookt niet met de kwaliteitstoerist die men wil. De inspreker heeft veel expertise op het gebied van camperplaatsen. Zijn openbare camperplaatsen achterhaald? De heer Pronk geeft aan op de hoogte te zijn van de situaties op openbare camperplaatsen. Daar zijn geen voorzieningen, er staat geen prullenbak. Dat vergroot de kans op overlast. Dat heeft ook te maken met de toename van het aantal campers. Wat men wil zijn kleinschalige camperplaatsen met voorzieningen die beheerd worden door iemand. Alles staat of valt met het gedrag van de camperaar. De voorzitter constateert dat er geen vragen meer zijn. Na de inspreker bedankt te hebben, volgt de reguliere behandeling van het voorstel. De heer Rouwenhorst is helder. De uitgangspunten zijn duidelijk. Het toekomstbeeld is aansprekend. Kwaliteit is belangrijk. De doelgroepen zijn duidelijk aangegeven. Men is benieuwd naar de concrete uitwerking en de daadwerkelijke samenwerking met de ondernemers.