CConstaterende datCastricum
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 4 Expertbijeenkomst

Raadsplein - Carrousels 25 maart 2021, gemeente CastricumBij agendapunt: Hoofdlijnennotitie Omgevingsvisie incl. moties en amendementen1.843 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Aantekeningen overleg expertgroep Omgevingsvisie Bergen en Castricum. Datum 7 januari 2021 Aanwezig vertegenwoordigers van: Provincie NH, Landschap NH, Water Land en Dijken, Stg. Duinbehoud, Vereniging voor Bloembollencultuur (KAVB), GGD, LTO, Kennemer Wonen, SBB, PWN, Natuurmonumenten en HHNK.

Agenda -

-

Voorstellen Inleiding In de omgevingsvisie komen alle beleidsthema’s samen, bestaand beleid maakt hier deel van uit. We beginnen niet op nul maar gaan verder op wat we hebben met aanvullingen vanuit de actualiteit. Stand van zaken proces Uitnodiging aan partijen op BUCH-niveau Waardenkaarten Speerpunten/opgaven

-

Bespreken dilemma’s en vraagstukken.

Dilemma’s en vraagstukken gemeenten Bergen en Castricum 1.

Er is een grote ruimtevraag voor verschillende opgaven in de dorpskernen, hoe gaan we hier mee om, respectievelijk welke keuzes zou u maken?

Overwegingen          

Woningzoekenden kunnen geen woningen in de gemeente vinden en moeten uitwijken naar andere gemeenten al dan niet in de regio Er is grote druk op de woningmarkt vanuit de gehele provincie Het groene karakter van de dorpen wordt gezien als kenmerkend De kleinschaligheid en het dorpse wordt sterk gewaardeerd Tussen 2019-2030 is er behoefte aan circa 1.000 extra woningen per gemeente Meer inwoners geven een betere basis voor voorzieningen, als scholen en winkels en zorgen mogelijk voor een evenwichtiger bevolkingsopbouw Locaties in de dorpen zijn schaars Buiten de dorpen zijn zeer beperkte bouwmogelijkheden door het huidige provinciaal beleid Ruimtevraag voor versterking van de biodiversiteit en voor bewegen en ontmoeten Klimaatadaptatie vraagt om ruimte voor bomen (tegengaan hittestress) en voor waterinfiltratie (piekbuien), dus groene onbebouwde ruimte. 1

Aantekeningen: Er is een mismatch tussen bouw en vraag. Bebouwde ruimte anders inrichten. Lege winkels omzetten, duurzaam en sociaal inzetten voor jongeren en ouderen. Sociale cohesie belangrijk binnen de kernen. Voorzieningen missen draagvlak als er geen sociale cohesie is. Biodiversiteit ook binnen de kom nodig en mogelijk. Provincie heeft regiefunctie op bouwen. Voldoende woningen is een grote zorg, tekort aan sociale huur, goedkope koop en middenhuur. Lastig geschikte woning te vinden. Concurrentie op schaarse ruimte. Sluit niet uit buiten en binnen de kom te bouwen en de hoogte in waar het kan. Dit is niet in het landelijk gebied, maar er is bereidheid tot hoogte. Verenigen met klimaatdoelstellingen en natuurinclusief bouwen. Houd rekening met wensen. Ouderen verhuizen vooral op korte afstand. Als je niet bouwt dan versterk je het vertrek van jongeren. Is er sprake van een mismatch tussen waar je bouwt en voor wie je bouwt. Discussie ontstaat over waar je op in moet zetten. Kiezen voor groeikernen en concentreren van woningbouw en voorzieningen of in alle kernen inzetten op woningbouw. Kiezen voor groeikernen maakt een betere bescherming mogelijk van het landschap. Confronteer vraag en aanbod, kijk naar de mogelijkheden. Wat zijn de drempels bij ontwikkelingen. Provincie hanteert knooppunt beleid. Of je bedient alle kernen. Dit zorgt voor behoud waarde vastgoed.

Als je niet bouwt dan verdwijnt de middenstand. Er gaat al veel weg in kleine kernen omdat er geen woningen beschikbaar zijn. Kan ook inbreiden, er zijn locaties beschikbaar. Voor behoud dorp moet grond beschikbaar worden gesteld. Soms lijkt het alsof dure woningen snel worden gebouwd en goedkoop langzaam. Is niet in algemene zin waar. Het is complex. Vaak meer weerstand in de omgeving bij goedkopere bouw. Het verplichten van ontwikkelaars om sociaal te bouwen is soms moeilijk. Dit kan je als gemeente regelen in het bestemmingsplan of anterieur. Klimaatadaptatie is een kans om hoger te bouwen. Wel de parkeernormen voor sociale bouw aanpassen. Praktijk leert dat 0,7 voldoende is. In grotere kernen meer bereidheid tot hogere bouwhoogte, bijvoorbeeld 4-5 lagen. Sociale koop raakt in zijn klasse al snel kwijt door marktontwikkelingen. Moet iets tegen gedaan worden. Niet bouwen in het buitengebied. Woningbouw door corporaties wordt beperkt door de verhuurdersheffing. Dit roomt vermogen van corporaties af. Kennemer Wonen zal de komende jaren wel flink investeren in de BUCH-gemeenten. Kies niet te snel voor de makkelijke oplossing. Binnen de kom bouwen stuit op praktische bezwaren, maar wees terughoudend buiten de kom, dit kun je maar één keer doen. Wees zuinig met de ruimte. Kies voor grastegels bij parkeren ivm klimaat.

Dit is wel lastig voor bijvoorbeeld gehandicapten, die kunnen daarmee problemen ondervinden. Het landschap wordt aangetast door kleine ontwikkelingen (kaasschaaf) door claims vanuit woningbouw en energie. Kijk bij woningbouw naar de natuurwaarden in de omgeving. Ervaring is dat mensen ook de natuurgebieden ingaan en dit geeft extra druk op deze waarden.

2

2.

Het gebied buiten de kernen kan veranderen door nieuwe functies en gebruik, is dit gewenst en hoe gaan we ermee om?

Overwegingen    

  

   

Het buitengebied wordt overwegend gebruikt als agrarisch productiegebied (vee en bollen) en voor natuur (weidevogels) Agrariërs en natuurorganisaties beheren het landschap Het landschap heeft waarden als openheid, rust, ruimte Er is regelgeving om de stikstof uitstoot te beperken, dit vereist een andere manier van werken onder andere van veehouders, voor herstel van biodiversiteit en ruimte voor landschappelijk ingepaste woningbouw In de binnenduinrand is potentie voor natuurontwikkeling in aansluiting op het duingebied Ruimte is nodig voor het bufferen van regenwater, zodat droogte en extreme buien beter opgevangen kunnen worden. Binnen de kernen is niet altijd genoeg ruimte voor nieuwe ontwikkelingen, zoals woningbouw, transferia, scholen, sportactiviteiten. Ruimte is wel aanwezig aangrenzend aan de kernen.

Het landschap verandert door de jaren heen voortdurend, door: aanleg wegen, fietspaden, vergroten agrarische bouwblokken en bedrijfsgebouwen, aanleg windsingels, maisteelt, woningbouw, sportterreinen, bedrijfsterreinen, etc Ieder nieuw gebruik neemt ruimte af van het agrarisch areaal Ontwikkelingen buiten de bebouwde kom worden beperkt door provinciaal beleid Mismatch tussen de voortgaande schaalvergroting en intensivering van de landbouw en de wens voor een aantrekkelijk landschap/meer biodiversiteit Levensvatbare agrarische bedrijfsvoering en nieuwe vormen van landbouw vragen om ruimte voor bedrijfsontwikkeling of ontwikkeling van nevenactiviteiten, bijvoorbeeld voor de omschakeling naar kringlooplandbouw, voldoende ruimte op wegen voor landbouwverkeer en het faciliteren van kleinschalige windmolens bij agrarische bedrijven om te voorkomen dat teveel areaal ingezet wordt voor zonneweides.

Aantekeningen: Grootschalig en intensivering is niet gewenst, denk meer aan kleinschaligheid van de landbouw. Schaalvergroting is niet aan de orde in dit gebied. Er zijn wel enkele grotere bedrijven aanwezig. Het aantal bedrijven in dit gebied is laag. Uitbreidings- en nevenactiviteiten is niet voor iedereen weggelegd, je moet dit willen en ook kunnen. Het is een misvatting dat schaalvergroting leidt tot intensivering. Dit is niet hetzelfde zeker niet bij bollenteelt. Bij bollenteelt wordt tussenteelt toegepast als groenbemester, bijvoorbeeld met bijenmengsels. Voorkomen dat teveel andere activiteiten op de wegen plaatsvinden. Landbouw is de drager van het gebied. De landbouw moet dan ook de faciliteiten krijgen. Graslanden geven biodiversiteit, zeker als randen met bloemrijke mengsels worden ingezaaid. Mais past minder in het gebied en zal ook afnemen. Landbouw is de goedkoopste partij voor het landschapsbeheer. Bij Castricum werkt de waterberging niet. Deze grond zou bijdrage kunnen leveren voor landbouw. De berging werkt nu nog beperkt, dat heeft te maken met het 3

benodigde peil dat gehaald moet worden bij overlast. Het heeft echter ook een natuurfunctie. Geldt ook landschapsbehoud in het Oer-IJ. In het gebied geldt ook NNN. Bestemming is natuur, maar de natuur regelt dit zelf. In de stellingen veel waarden geplaatst vanuit de mens bezien. Scheiden wat wij als mens denken en voorwaarden schappen hoe natuur kan herstellen. Houd ook rekening bij nieuwbouw met geurhinder van agrarische bedrijven en het gebruik van bestrijdingsmiddelen als woningen richting landelijk gebied gaan. Probleem met vrijkomende agrarische bebouwing. Ruimte voor ruimte wel in de benen houden. Kijk goed; niet omschakelen naar burgerwoningen in verband met de voortgang van de bedrijven in het gebied. Staat ‘potentie voor natuurontwikkeling in binnenduinrand’, maar daar zitten wel jonge vitale bedrijven met toekomstperspectief. Die moet je wel behouden. Bouwvlakken behouden van 1,5 hectare met doorgroei naar 2 hectare. Bestemmingsplan werkt helaas niet door het ontbreken van een MER. Het bestaande plan is nu verouderd met alle gevolgen van dien. Dit beperkt ook in de hoogte. Zet in voor landbouwverkeer op rondweg Alkmaar om dit verkeer uit de kernen te weren. Geen drempels op doorgaande wegen. Natuurontwikkeling in de binnenduinrand is rijksbeleid en is overgenomen in het provinciale programma natuur. De gemeenten hebben hierop weinig invloed.

Kan wel mogelijkheden bieden door de regelingen die erin staan. Binnenduinrand zijn eersteklas gronden, moeilijk te vervangen. De overwegingen zijn vaak sectoraal ingestoken. Denk ook aan de ondergrond met alle leidingen en kabels en de zoetwaterbel in dit gebied voor de drinkwatervoorziening. De stellingen gaan erg uit van het bestaande. Nederland wordt steeds minder een agrarische samenleving. Er is mobiliteit op dit gebied. Mensen zoeken naar ruimte om te recreëren en dat is vaak de natuur. De coronatijd maakt dit zeer duidelijk. De druk wordt steeds groter op het gebied. Mis visie, waar willen we naartoe. Waar zitten de landbouwgebieden van de toekomst. Ook meenemen in deze visie de huisvesting van seizoensarbeiders op het erf zelf. Daarbij moet dan ook gedacht worden aan het afvalwater en de riolering. Kringlooplandbouw wordt op dit moment uitgewerkt in Den Haag in samenspraak met de sector. Hiervoor moet je aansluiten op het landelijk beleid en geen eigen gemeentelijk beleid formuleren.

3.

Toerisme en recreatie horen bij de gemeenten Bergen en Castricum maar zetten ook druk op het gebied. Hoe gaan we hiermee om?

Overwegingen    

Duizenden toeristen bezoeken jaarlijks het gebied, geven hier geld uit en zorgen daarmee voor een breed aanbod aan winkels, horeca en (culturele) evenementen Op zomerse dagen ontstaan bereikbaarheidsproblemen door grote verkeersstromen. Naar verwachting neemt het aantal bezoekers in de toekomst verder toe dit zet druk op het beheer en de toegankelijkheid van de natuurgebieden. We kunnen het toerisme beter spreiden als we het aantal hotelaccommodaties uitbreiden. Het aanbod nu bestaat voor een groot deel uit campings.

4

Aantekeningen: Het bereikbaarheidsprobleem wordt gevormd door mensen van buitenaf. Eigen inwoners komen op de fiets. Door bezoekers schade aan de natuur, meer mensen gaan de natuur in. Meer focus op recreatie van eigen bewoners. Het gaat om de hele gemeente, niet alleen focussen op kamperen bij de boer, maar ook op andere plaatsen in de gemeente. Geen recreatie beperken in de natuur. Het is goed als mensen hier blijven, wordt er minder gevlogen. Zorg ook voor goed intergemeentelijk openbaar vervoer om autoverkeer te voorkomen. Het goud van Bergen is het omliggende gebied en de binnenduinrandzone. Geen Nassau doen. Gebruik verschillende functies, eisen allemaal een plekje op. Dit gaan we niet redden. Ook aantrekkelijk maken van het buitengebied, dit verder ontwikkelen. Plaats de doelgroep op de juiste plaats en zorg voor spreiding. Dit hoort in de visie: wat en waar doen we het. Niet meer van alles wat hebben, maak een duidelijke keuze. Ook bij strandbebouwing liggen dilemma’s. Ook het kustpact moet een rol krijgen. Wat is de doelgroep en welke activiteiten horen daarbij en wat is de consequentie van meer, maar ook hoe past het in de gebiedsontwikkeling. Kamperen bij de boer: in Castricum 30 plekken in Bergen 15. Recreëren in het buitengebied zorgt voor meer gevaar op de landbouwwegen. Agrariërs werken met het weer en kunnen altijd de weg op moeten.

Uitbreiding van boerencampings wordt niet verwacht. Niet zozeer inzetten op campings als wel op fietspaden en recreatieplekken, rustplekken in het buitengebied.

5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9900889/1