10 Nota zienswijzen beantwoording Schoutenbosch 60a
Tekst van het document
Nota zienswijzen ontwerpbestemmingsplan Schoutenbosch 60A Castricum
Nota zienswijzen ontwerpbestemmingsplan ‘Schoutenbosch 60A Castricum’
1
Nota zienswijzen ontwerpbestemmingsplan Schoutenbosch 60A Castricum
INHOUD
1. Inleiding 2. Ingekomen zienswijze en reactie hierop
2
Nota zienswijzen ontwerpbestemmingsplan Schoutenbosch 60A Castricum
1. Inleiding Met het ontwerpbestemmingsplan ‘Schoutenbosch 60A Castricum’ wordt de ontwikkeling mogelijk gemaakt om een braakliggend stuk grond met bedrijfsbestemming te her ontwikkelen ten behoeve van de realisatie van één vrijstaande woning met tuin. Ontwerpbestemmingsplan Het college van burgemeester en wethouders heeft op 2 maart 2021 ingestemd met het ontwerpbestemmingsplan ‘Schoutenbosch 60A in Castricum’. Het ontwerpbestemmingsplan heeft van 25 maart 2021 tot en met 6 mei 2021 ter inzage gelegen. Tijdens deze periode is een ieder in de gelegenheid gesteld om zowel mondeling als schriftelijk, een zienswijze omtrent het ontwerpbestemmingsplan naar voren te brengen. Voorafgaand aan de terinzagelegging is op grond van artikel 3.8 van de Wet ruimtelijke ordening een kennisgeving geplaatst in de Staatscourant en de Castricummer. In een eerder stadium heeft het wettelijk vooroverleg met onder andere de Provincie en de Veiligheidsregio Noord-Holland Noord plaatsgevonden in het kader van artikel 3.1.1. Bro. Het ontwerpbestemmingsplan was analoog raadpleegbaar op het gemeentehuis aan het Raadhuisplein 1 in Castricum. Ook was het ontwerp digitaal raadpleegbaar via de gemeentelijke website (www.castricum.nl) en de website van de landelijke informatievoorziening voor ruimtelijke plannen (www.ruimtelijkeplannen.nl). Over het ontwerpbestemmingsplan is één zienswijze ontvangen.
In de voorliggende nota is de ingekomen zienswijze kort samengevat en voorzien van een gemeentelijke reactie. De zienswijzenota is geanonimiseerd.
3
Nota zienswijzen ontwerpbestemmingsplan Schoutenbosch 60A Castricum
2. Ingekomen zienswijze
Zienswijze reclamant 1
Samenvatting Omdat de in het ontwerpbestemmingsplan "Schoutenbosch 60a" beoogde nieuwe woning dichtbij het spoor is gepland kan trillinghinder voor de toekomstige bewoners ontstaan als gevolg van treinverkeer. Hoewel er geen wettelijke normen bestaan voor trillinghinder dient het aspect trillingen in het kader van de goede ruimtelijke ordening en de zorgvuldige voorbereiding van besluiten wel te worden afgewogen indien een trillingsbron aanwezig is. Indiener van de zienswijze verzoekt om het aspect trillinghinder te onderzoeken en af te wegen. Daarnaast wordt geadviseert om de conclusies uit het trillingonderzoek uitgebreid op te nemen in de conclusie van een separate paragraaf Trillingen in de toelichting van het ontwerpbestemmingsplan en (indien nodig) door te laten werken in de planregels. Reactie gemeente De toekomstige woning aan de Schoutenbosch 60A te Castricum komt op ca. 45 m tot het nabijgelegen spoor. In het kader van de PHS Alkmaar-Amsterdam heeft Movares in de woning aan de Schoutenbosch 89 (gelegen op ca. 30 m afstand tot het spoor) in 2019 trillingmetingen uitgevoerd (zie rapport met referentie MNPHSAA-876048429-451 d.d. 25-12021). Daar is midden vloer een maximale trillingsterkte aangetroffen tot 0,4.
Als de woning aan de Schoutenbosch 60A qua bouwwijze redelijk vergelijkbaar is met de woning aan de Schoutenbosch 89, dan mag worden verwacht dat de optredende trillingen bij vergelijkbare afstand tot het spoor ook redelijk vergelijkbaar zullen zijn. Aangezien de woning 60A 15 m verder tot het spoor is voorzien zullen de trillingen gering lager zijn dan gemeten door Movares. Dit betekent dat in de toekomstige woning aan de Schoutenbosch 60A sprake zal zijn van een maximale trillingsterkte die gering lager is dan 0,4. Een dergelijke waarde overschrijdt de in eerste instantie te hanteren streefwaarde van 0,2 (herhaald voorkomende trillingen, nieuwe situaties cfm SBR deel B) maar aan de streefwaarde voor bestaande situaties van 0,4 zal naar verwachting wel worden voldaan. Op basis van ervaring dient de situatie, waarbij worst case een reductiedoelstelling met een factor 2 aan de orde is om te voldoen aan de streefwaarde voor nieuwbouw, beoordeeld te worden als technisch oplosbaar. De exacte maatregelen kunnen pas in een later stadium worden gedimensioneerd. Middels deze maatregelen kan een acceptabel woonklimaat worden gewaarborgd zodat qua trillingen geen belemmeringen bestaan om het bestemmingsplan vast te stellen. Conclusie: De zienswijze leidt tot aanpassing van het bestemmingsplan.
Er is een extra aanvulling in de toelichting toegevoegd, zie paragraaf 4.12 van de plantoelichting.
4