CConstaterende datCastricum
Koppel je AI →
Document · PDF

05 Concept Toekomstvisie 2030 van het RAUM

Raadsplein - Carrousels 25 maart 2021, gemeente CastricumBij agendapunt: Zienswijze op toekomstvisie RAUM14.595 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Concept visie Recreatiegebieden

Alkmaardermeer- en Uitgeestermeer “natuur en recreatie in Hollandse landschappen“

projectteam Recreatieschap Alkmaarder- En Uitgeestermeer CONCEPT 17 november 2020

Inhoud 5-minutenversie visie RAUM 4 1. Inleiding 8 2. Aanleiding 12 3. Trends 16 4. Ruimtelijke ontwikkeling omgeving 20 5. Ambities 26 6. Ontwikkelingen en gebiedskeuzes 30 7. Deelgebieden 36 8. Leidraad voor uitvoering 44 BIJLAGEN 1. Karakteristiek van het gebied 2. Bestaand gebruik 3. Bestaand beleid 4. Swipocratie

50 56 60 64

Afbeelding 1: het plangebied voor de visie (groen) ten opzichte van omliggende dorpen en steden (oranje). Het plangebied bestaat uit het Alkmaarder- en Uitgeestermeer en de ten zuiden ervan gelegen nieuwe recreatiegebieden Aagtenpark, De Buitenlanden en De Omzoom.

2 - Visie CONCEPT op hoofdlijnen V6 2030

5-minutenversie Visie RAUM Toekomstbeeld Tussen Amsterdam en Alkmaar en tussen de Noordzeekust en het IJsselmeer, ligt een prachtig natuuren recreatiegebied Alkmaarder- en Uitgeestermeer (RAUM). Bekend bij inwoners uit de omgeving en bij watersporters en recreanten uit Noord-Holland. Het recreatieschap heeft als toekomstbeeld het prachtige en zeer diverse open landschap verder te versterken, zoals gevormd door Oer-IJ, Zeedijken, veenweide en Stelling van Amsterdam. Daarbij zetten we sterk in op natuurwaarden en weidevogels. In de buurt van de woonkernen komen kleine uitbreidingen voor recreatie en toerisme. Samen met gemeenten hebben we dat in een visie vastgelegd. Diverse belangengroepen, ondernemers en belangstellenden uit het gebied hebben meegedacht. Merengebied en Zeedijkengebied Het plangebied bestaat uit het Alkmaarder- en Uitgeestermeer en omliggend land en de ten zuiden ervan gelegen nieuwe recreatiegebieden Aagtenpark, De Buitenlanden en De Omzoom. De laatstgenoemde drie liggen ten zuiden van het meer in een ‘Zeedijkengebied’. Doel van de visie Het doel van de visie is het natuur- en recreatiegebied in samenhang te versterken, als groene uitloopgebieden voor de inwoners van de omliggende dorpen en steden en met activiteiten gericht op de regio.

De kwaliteit van zowel de natuur- recreatiegebieden (inclusief waterkwaliteit) wordt verhoogd en de ontwikkeling van landschap, natuur, recreatie en routes krijgt vorm als een in elkaar overlopend geheel. De visie legt de hoofdlijnen voor thema’s en voor behoud en ontwikkeling van het gebied vast, uitgesplitst in deelgebieden met eigen accenten. De visie is tevens een kader voor hernieuwde promotie van het gebied. Uitvoering De visie dient als kader voor bestaande en nieuwe ontwikkelingen. Zo geven bestaande lopende projecten al uitvoering aan deze visie. Nieuwe eigen initiatieven of die van derden worden getoetst aan de visie. De vaststelling van de visie leidt niet tot financiële consequenties. Een aantal ontwikkelingen pakt het recreatieschap actief op aan de hand van een uitvoeringsprogramma (opstellen in 2021). In dat plan worden diverse projecten voor behoud en ontwikkeling concreet beschreven en verder uitgewerkt in stappen, waaronder de financiële haalbaarheid. Met een uitvoeringsprogramma inclusief middelen kunnen sneller de doelen bereikt worden. De visie dient als kader voor de onderbouwing van eventuele subsidieaanvragen. Behoud en ontwikkeling voor natuur en recreatie De visie is een actueel kader voor (ruimtelijke) keuzes en uitwerkingen om het gebied te beschermen en benutten.

De visie beschrijft de hoofdlijnen voor behoud en ontwikkeling van het gebied voor natuur en recreatie voor de komende 10 jaar. Daarbij is voortgebouwd op de vorige visie (2008) en aangesloten op actuele lokale en regionale beleidsplannen. Ook groeien we mee met veranderende doelgroepen en recreatieve trends. De beleidslijnen zijn samengebracht en vertaald naar een actueel ontwikkelbeeld per deelgebied. Omdat het gebied op veel vlakken waardevol is, wordt met zones gewerkt. Dit maakt duidelijk waar ruimte is voor ontwikkeling van natuurwaarden en biodiversiteit (behoud en bescherming) en waar passende recreatieve vernieuwing of verandering mogelijk is. 4 - CONCEPT V6

Uitgeestermeer gezien vanuit het westen (bron: provincie Noord-Holland)

Recreatief-toeristisch potentieel Het recreatief-toeristisch potentieel van het RAUM en omstreken is groot. RAUM is omringd door en onderdeel van kenmerkende Noord-Hollandse landschappen. Deze hebben bijna allemaal een beschermde cultuurhistorische, landschappelijke of ecologische status. Belangrijke provinciale kaders (Omgevingsvisie en Verordening 2020) zijn Natuur Netwerk Nederland, Bijzonder Provinciaal Landschap, Werelderfgoed en de provinciale leidraad landschap & cultuurhistorie. De ontwikkeling van het RAUM is opgehangen aan die kwaliteiten van beschermde landschappen, natuur, water, cultuurhistorie en verhalen over het ontstaan van het landschap. Bijvoorbeeld rondom het intomen van het “IJ” (zeedijken, afdammingen Busch en Dam en Nieuwendijk, “De Kil” als restant van het Oer-IJ als waterverbinding en voormalig Wijkermeer) en de robuuste doorlopende structuren van de IJdijken en de forten van de Stelling van Amsterdam. Doelgroepen Er zijn drie bezoekersdoelgroepen. Primair de inwoners uit de omliggende gemeenten als lokale gebruikers, (toenemend) de inwoners uit de regio en voor een beperkt deel ook toeristen uit de omringende historische steden. Met Alkmaar is een sterkere waterrelatie wenselijk. De Metropoolregio Amsterdam (MRA) stroomt over van toeristen; de Zaanse Schans profiteert mee: 2 miljoen bezoekers per jaar.

Deze verbinding kan in beperkte mate doorgetrokken worden, bijvoorbeeld door meer verblijf in RAUM te bieden, met van daaruit bezoek aan de Zaanse Schans en Amsterdam, Zaanstad en Haarlem. En vice versa kan RAUM meer opgenomen worden in arrangementen in de ruimere MRA. We gaan het recreatiegebied meer promoten samen met ondernemers en gemeenten en daarbij bijdragen aan een aantrekkelijke leefomgevingen aan de lokale economie (bestedingen). De toeristische wisselwerking met de grote steden zal daarbij in balans moeten blijven met draagkracht van de omgeving (inwoners, natuur, erfgoed).

Visie recreatiegebieden RAUM - 5

Zes deelgebieden De visie is vertaald naar zes deelgebieden: het meer zelf, het omliggend historisch veenweidelandschap en drie recreatieve ontwikkelzones rondom het meer, met eigen accenten voor versterking van toeristisch-recreatieve functies. Het zesde deelgebied omvat de drie recreatiegebieden De Buitenlanden, Aagtenpark en De Omzoom. De meren De meren zijn belangrijk voor de pleziervaart en watersport en verbinden omliggende dorpen en steden en jachthavens. De havens en trekpleisters aan de oevers krijgen meer recreatieve bestemmingen, zodat ze elkaar versterken. De overlast van waterplanten wordt aangepakt en tegelijk komt er meer biodiversiteit in het meer en natuurrijke oevers. Er komen extra routes om rondjes te varen en van de fraaie omgeving en rust te genieten. Ook komt er meer ruimte voor waterplezier zoals suppen en surfen en oeverrecreatie, bijvoorbeeld bij Akersloot. Veenweidegebieden De prachtige omliggende veenweidegebieden worden behouden. Het is een cultuurhistorisch belangrijk en vrijwel onaangetast middeleeuws landschap. Dit fraaie open gebied fungeert als tegenhanger van het dichte stedelijke gebied, met kwaliteiten als rust en ruimte. Er komt geen verdere verdichting van het gebied, de natuur staat centraal. Door het gebied liggen routes voor fietsen, wandelen, fluistervaren en kano’s.

We onderzoeken de haalbaarheid van de aanleg van een aantal ontbrekende schakels tussen fietsroutes, wandelroutes (inclusief boerenlandpaden) en kanoroutes en eventueel ruiterpaden. Watergebied Uitgeest Het recreatiegebied bij Uitgeest maken we nog aantrekkelijker en diverser voor water- en landrecreatie. Ook zijn en komen er publiekstrekkers, zodat meer mensen dit gebied gebruiken. In voorbereiding zijn plannen voor nieuwe horeca en een trailerhelling. Voorbeelden om te onderzoeken zijn een klim- of trimparcours, uitkijktoren en een recreatieboerderij. Op enkele plekken komen kleinschalige overnachtingsmogelijkheden op en langs het water. Erfgoedpark De Hoop is het centrale punt in dit toeristisch gebied, startpunt voor routes en ruimte voor kleinschalige evenementen. Bij ontwikkelingen leggen we het accent op cultuurhistorische thema’s zoals Oer-IJ, walvisvaart, Cornelis Corneliszoon en Stelling van Amsterdam. Watergebied Akersloot De verbinding tussen Akersloot en het meer willen we versterken. De oeverzone krijgt een meer recreatieve invulling, met zwemgelegenheid, wandelen en eventueel verbreed gebruik jachthavens. Ook de omgeving van de pont en strekdam zijn interessant om verder te ontwikkelen voor horeca aan het water en routes. Bij De Hoorne komen een zwemlocatie, speelbos, amfitheater en natuurvriendelijke oever.

Indien de hoge natuurwaarden het toelaten komen hier mogelijk op een later moment nieuwe horeca en ruimte voor (sportieve) activiteiten.

6 - CONCEPT V6

Watergebied Markervaart De zone Markervaart verbindt kleinschalige ontwikkelingen van waterrecreatie en bezoeken van cultuurhistorisch bijzonder plekken. Er zijn diverse bestemmingen en pleisterplaatsen langs het water: De Woudhaven, pont en stolpendorp De Woude en fort Markenbinnen. Bij ‘De Woudhaven’ komen recreatieve oevers en horeca en overnachtingsmogelijkheden. In het gebied zijn startpunten voor routes, waaronder het wandelrondje over het eiland Westwouderpolder. Bijzonder hier is het gebied Deilings, voor snelvaren en waterskiën. In de toekomst willen we de koers verleggen naar elektrisch aangedreven (stille) vaartuigen.

De Woude en een deel van de Westwouderpolder en Markervaart, gezien vanuit het zuiden (bron: dewoude.net)

Aagtenpark, De Buitenlanden en De Omzoom De nieuwe recreatiegebieden Aagtenpark, De Buitenlanden en De Omzoom vormen samen met de golfbaan een groene oostrand voor Beverwijk, Heemskerk en Assendelft. Via de historische IJdijken is dit gebied verbonden met De Meren. Centraal door het gebied loopt De Kil, een restant van het Oer-IJ. De inzet is de Kil beter zichtbaar en breder te maken en geschikt te maken als kanoroute. De drie gebieden zijn poorten naar het buitengebied, met verbeterde toegangen en meer uitstraling en beschutting. De gebieden worden verder ontwikkeld met een diversiteit aan recreatief gebruik, met ruimte voor initiatieven van inwoners of bedrijven die bijdragen aan de levendigheid van het gebied. De drie gebieden worden met routes beter aangesloten op het omliggend gebied. De eventuele aanleg van een provinciale weg (later rijksweg) tussen de A8-A9 is hier een grote ingreep in het landschap, waarbij instandhouding of aanleg van hoogwaardige noord-zuid routes voor fietsers, wandelaars en kanoërs een voorwaarde zijn.

Visie recreatiegebieden RAUM - 7

8 - CONCEPT V6

1. Inleiding Tussen Amsterdam en Alkmaar en tussen de Noordzeekust en het IJsselmeer, ligt een prachtig natuuren recreatiegebied rondom een groot meer. Het Alkmaarder- en Uitgeestermeer en de gebieden Aagtenpark, De Buitenlanden en De Omzoom. Bekend bij inwoners van de omliggende steden en dorpen en watersporters en recreanten uit Noord-Holland. → Voor een uitgebreide karakteristiek van het gebied zie bijlage 1. → Het plangebied Alkmaarder- en Uitgeestermeer en bijbehorende gebieden De Buitenlanden, Aagtenpark en de Omzoom zijn weergegeven op afbeelding 1 en in hoofdstuk 7. Het recreatieschap Alkmaarder- en Uitgeestermeer1 staat voor belangrijke uitdagingen. Hoe zorgen we er voor dat onze recreatie- en natuurgebieden blijven aansluiten bij de wensen en behoeften van het groeiend aantal inwoners van de regio en daarbuiten? Hoe bieden we een aantrekkelijk alternatief voor de kust? Hoe zorgen we er voor dat de recreatiemogelijkheden, de natuurwaarden en de biodiversiteit in het gebied zich verder kunnen ontwikkelen? En hoe dragen we bij aan het halen van klimaat- en duurzaamheidsdoelstellingen en leveren we een bijdrage aan de regionale economie? Deze visie biedt een bijdrage aan de beantwoording op deze vragen en vormt een nieuwe basis voor (ruimtelijke) keuzes en uitwerkingen.

Als aftrap voor de visie, om de potenties van recreatiegebied Alkmaarder- en Uitgeestermeer te tonen, is inspiratiedocument ‘één met natuur’ opgesteld (2018). Daarin wordt het gebied benaderd als een netwerk van recreatieve ‘hubs’ met allerlei mogelijke verbindingen. In de schets hiernaast zijn ter inspiratie voorbeelden genoemd. Per hub zijn er één of meerdere gebruiksfuncties of thema’s. Dit sluit aan bij aanbevelingen over zonering en focus op specifieke doelgroepen. De verdere ontwikkeling van het gebied met diverse natuurdoelen en recreatiedoelen is waardevol voor huidige en toekomstige generaties, inclusief duurzaam beheer Netwerk van belevingen; kaart uit inspiratiedocument ‘één met natuur’ (2018) en enkele nieuwe vormen van exploitatie. De ontwikkelruimte in het gebied is beperkt. Er is ook geen doel tot forse uitbreidingen, de visie is gericht op kwaliteitsverbetering en op enkele plekken ondersteunende verruiming van recreatief gebruik, passend bij de lokale natuurdoelen. Het recreatiegebied en toeristisch-recreatief ‘product’ worden niet benaderd op basis van lineaire groei, maar beschouwd als een ‘ecosysteem’. De kwaliteiten en voorzieningen zijn afhankelijk van elkaar om te overleven; evenwicht in plaats van maximalisatie. Het Recreatieschap Alkmaarder- en Uitgeestermeer wordt veelal afgekort als RAUM.

In deze visie wordt de afkorting RAUM gebruikt om het gebied aan te duiden waarop de visie betrekking heeft: het gebied dat het schap beheert als recreatiegebied (als eigenaar of andere grondgebruikstitel). 1

Visie recreatiegebieden RAUM - 9

Biodiversiteit en veerkracht zijn daarbij van belang, met een rol voor inheemse en exotische soorten en de realiteit van invasieve soorten.

Uitsnede uit leidraad landschap & cultuur-historie (bron: provincie Noord-Holland)

De visie zet ontwikkelingen in gang en dient tevens als kader om afspraken vast te leggen over de identiteit van het gebied, de samenwerking om vernieuwingen en promotie op te pakken. In de visie is voortgebouwd op de hoofdlijnen uit bestaande actuele plannen en visies van gemeenten en provincie. De daarin beschreven landschappelijke, ecologische en toeristisch-recreatieve streefbeelden zijn een belangrijke bron. Belangrijke provinciale kaders zijn o.a. Natuur Netwerk Nederland, Bijzonder Provinciaal Landschap en de provinciale leidraad landschap & cultuurhistorie. Ook zijn nieuwe wensen en recreatietrends geborgd in de verdere ontwikkeling van het gebied.

Dit is verder aangescherpt met resultaten uit participatie over de nieuwe visie. Daarnaast is informatie gehaald uit specifieke bronnen, zoals bezoekersonderzoek door NBTC-NIPO en Leefstijlenatlas van de provincie. Diverse maatschappelijke trends en ruimtelijke ontwikkelingen krijgen een plek in het gebied, o.a. landschapsbeleving en rust, duurzaam gebruik, ruimte voor bewegen, spel en buitensport (gezondheid), uitdagende belevenissen en combinaties met horeca en enkele verblijfsarrangementen. Ook zijn er voorstellen voor verbeteren van de bereikbaarheid en entreegebieden voor wandelaars en fietsers, verbinden van deelgebieden en verbeteren van natuurwaarden (NNN).

Doel van de visie

Het doel van de visie is het natuur- en recreatiegebied in samenhang te versterken, als groene uitloopgebieden voor de inwoners van de omliggende dorpen en steden en met activiteiten gericht op de regio. De kwaliteit van de natuurgebieden en recreatiegebieden (inclusief waterkwaliteit voor natuur- en recreatiedoeleinden) wordt verhoogd en de ontwikkeling van landschap, natuur, recreatie en routes krijgt vorm als een in elkaar overlopend geheel. Daarbij wordt aangehaakt op de directe omgeving en bij opgaven voor duurzaamheid en klimaatadaptatie. Ontwikkelingen worden waar mogelijk ‘natuurinclusief’ uitgevoerd. De visie is een samenhangend toekomstkader voor behoud en ontwikkeling, ook voor hernieuwde promotie van het gebied. → De visie legt de hoofdlijnen voor thema’s, behoud en ontwikkeling van het gebied vast, uitgesplitst in deelgebieden met eigen accenten. → De projecten voor behoud en ontwikkeling worden concreet beschreven en verder uitgewerkt in stappen op basis van een uitvoeringsprogramma. Om dit vorm te geven start het recreatieschap diverse ontwikkelingen. Het doei is dat het merendeel van de in deze visie beschreven ontwikkelingen binnen 10 jaar in voorbereiding of uitvoering is en deels al afgerond (2021-2030). Een deel van de uitvoering loopt mogelijk door tot 2040.

Daarbij wordt meer gewerkt vanuit de kwaliteiten van het gebied met unieke (natuur)belevingen en bestemmingen.

10 - CONCEPT V6

Plekken met een oude of sleetse inrichting worden vernieuwd. Het recreatieschap gaat haar gebieden beter hechten aan de omliggende Hollandse cultuurlandschappen, met dijken, molens en vaarten en de bijzondere trekpleister de Zaanse Schans. Ook wil het recreatieschap meer bekendheid geven aan de recreatiegebieden, in samenwerking met bestaande stads- en regiomarketing. De ontwikkeling moet tevens bijdragen aan vermindering van de recreatieve druk op duinen en kust en de MRA-regio.

Status en uitvoering van de visie

Het recreatieschap heeft de visie in samenspraak met gemeenten ontwikkeld en diverse belangengroepen, ondernemers en belangstellenden uit het gebied hebben meegedacht. Het schap stelt de visie op als beleidsstuk, passend binnen de doelstellingen van de gemeenschappelijke regeling en betrekking hebbend op het gehele beheergebied (zie kaart hoofdstuk 7). Provinciale Staten en de gemeenteraden van de deelnemende gemeenten wordt voorgelegd in te stemmen met de vaststelling van de visie, als basis voor maximale doorwerking in overheidsbeleid zoals omgevingsplannen en recreatief beleid. We zien daarbij al veel raakvlakken met de nieuwe (concept)visie toerisme en recreatie van de provincie Noord-Holland. De visie is beleid op hoofdlijnen en bevat een leidraad voor uitvoering (hoofdstuk 7). Tezamen wordt dit uitgewerkt in een concreet uitvoeringsprogramma, na vaststelling van de visie. Het uitvoeringsprogramma bevat een overzicht van projecten met een stappenplan voor invulling van ontwikkelingen. De projecten dragen bij aan het realiseren van de ambities van de visie. Ook in de uitwerking zal participatie een belangrijke plek innemen. Samen met onder andere inwoners van de gemeenten, ondernemers en verenigingen gaan het recreatieschap de uitwerking van de visie oppakken.

Corona omstandigheden

De in 2020 ontstane situatie door het coronavirus kan ertoe leiden dat recreatiebehoeften tijdelijk anders zijn. In hoofdstuk 3 wordt daar kort op ingegaan. Recreatieschappen: zorgdragen voor toegankelijke en aantrekkelijke landschappen tussen de agglomeraties in Noord-Holland + Natuur + Recreatie + Toerisme + Cultuurhistorie + Routes

Visie recreatiegebieden RAUM - 11

12 - CONCEPT V6

2. Aanleiding

Het Alkmaarder- en Uitgeestermeer heeft bijzondere kwaliteiten. Het is ideaal voor watersport, recreatie op de oevers en wandelen en fietsen. Daarbij zijn de natuur- en landschapswaarden hoog. Daarnaast bieden de gebieden Aagtenpark, De Buitenlanden en De Omzoom uitgebreide mogelijkheden voor recreatie op het land zoals wandelen en fietsen en dagrecreatieve functies. Tegelijkertijd is het gebied nog vrij onbekend bij veel inwoners uit de regio en provincie en zijn er diverse knelpunten om aan te pakken. Te beginnen met onderbenutting: ten opzichte van andere toeristisch-recreatieve gebieden in Noord-Holland ligt het aantal bezoekers relatief laag. Het aanbod van voorzieningen (producten) is verder te verbreden naar alle leeftijdsgroepen en het gebied kan meer gepromoot worden. → Voor meer informatie over het bestaande gebruik van het gebied, zie bijlage 2. De manier waarop mensen anno 2020 recreëren is niet vergelijkbaar met de jaren ‘70 toen de meeste recreatieterreinen rond het Alkmaarder- en Uitgeestermeer zijn aangelegd. Het verblijf in het gebied is nu veel kortstondiger en aanzienlijk actiever. Door deze andere manier van gebruik, is vanaf circa 2000 het gemiddeld iets rustiger geworden in het gebied.

In het gebied zelf knelt het vooral ten aanzien van vergrijzing van de watersport, bevaarbaarheid van het meer (overlast waterplanten), aanbod en kwaliteit van overnachtingsmogelijkheden en sterk seizoensgebonden waterrecreatie (kort seizoen).

Ontwikkelingen rondom het gebied

Daarnaast is sprake van een aantal ontwikkelingen rondom het gebied die relevant zijn voor de toekomst ervan: • nog altijd groeiende toeristische druk op Amsterdam en de kust (o.a. recreatie in duingebieden); • de bouw van veel extra woningen in de Metropoolregio Amsterdam en regio Alkmaar leidt tot een forse toename van het aantal bewoners in de regio, wat zowel een kans als potentiële bedreiging is; • zoektocht naar ruimte voor alternatieve energiebronnen op land en water. Het RAUM is nu toeristisch-recreatief nog onderbenut en kan een rol spelen in de spreiding van toerisme in en rond de Metropoolregio Amsterdam (MRA), rekening houdend met draagkracht van bijvoorbeeld erfgoed, natuur en milieu en persoonlijke leefomgeving. Daarbij kan aangehaakt worden bij kansrijke initiatieven zoals die van de regionale stichting Oer-IJ en vanuit het Interbestuurlijk Programma Vitaal Platteland (Amsterdam Wetlands).

Visie recreatiegebieden RAUM - 13

Bestaand overheidsbeleid als basis

Het optimaal inrichten van dit gebied vraagt daarom om een actuele, heldere visie op de samenhang tussen diverse thema’s. Recreatie, toerisme, natuurbescherming, waterberging, economie, ondernemerschap, cultuurhistorie en transport over water zijn daar voorbeelden van. Deze thema’s moeten in evenwicht zijn met elkaar en met de draagkracht van de diverse (deel)gebieden, binnen het totale “ecosysteem” dat het gebied in feite is. Er is al veel voorwerk verricht. Gemeenten, regio’s, provincie, Rijk, natuur- en landschaps-organisaties en andere betrokken (semi-)overheden hebben de afgelopen jaren beleid opgesteld. Dit is als basis gebruikt voor deze gebiedsgerichte visie. Die plannen kennen in grote lijnen dezelfde koers en wensbeelden. In dat beleid ligt sterk de nadruk op het beschermen en benutten van de vele (landschappelijke) kwaliteiten in het gebied. Het is niet onze bedoeling geweest om een volledig nieuwe koers uit te zetten. De nieuwe visie voor RAUM brengt deze beleidslijnen samen en vertaalt deze naar nieuwe of aangescherpte ambities en een actueel ontwikkelbeeld per deelgebied. → Een samenvatting van het bestaand beleid staat in bijlage 3.

Belangrijke provinciale kaders zijn de drie regimes in de Omgevingsvisie en Omgevingsverordening (2020) gericht op behoud en ontwikkeling van natuur, landschap en erfgoed: Natuur Netwerk Nederland (NNN), Bijzonder Provinciaal Landschap (BPL) en Unesco-werelderfgoed (w.o. Stelling van Amsterdam). De nieuwe (concept)visie toerisme en recreatie van de provincie snijdt actuele thema’s aan en geeft het recreatieschap richting om in te kunnen spelen op nieuwe behoeftes, kwaliteitsverbeteringen en spreiding van recreanten.

Meer bezoekers, meer bestedingen

Een aantal bedreigingen wordt omgezet in kansen. Een nog duidelijker beeld van de doelgroepen van het gebied, ontwikkeling van nieuwe producten met nieuwe verdienmodellen en een versterking van de inspanningen op het gebied van marketing vinden wij essentieel. Ons doel is daarmee te bereiken dat er meer bezoekers in het gebied komen, die langer blijven en meer besteden. De relatie met omliggende dorpen is van belang.

Participatie

Vele betrokkenen hebben hun bijdrage geleverd aan de totstandkoming van deze visie. Door middel van (digitale) participatie is breed getoetst of het recreatieschap alle belangen in het gebied op een juiste manier heeft afgewogen. Ook zijn de participatiesessies gebruikt om de ontwikkeldoelen meer kleur te geven. Dankzij dit proces ligt er een breed gedragen visie die de komende tien jaar duidelijk richting geeft aan de toekomst van het recreatiegebied. Met deze als basis, gevolgd door een uitvoeringsprogramma, maken we het gebied samen met betrokkenen de komende jaren graag nog mooier en aantrekkelijker!

14 - CONCEPT V6

Participatieproces Op basis van een breed participatieproces met uiteenlopende bijeenkomsten, gesprekken, de inzet van online raadpleging in de vorm van de app SWIPOCRATIE (zie afbeelding hiernaast en bijlage 4) en de inzet van interne en externe deskundigen zijn de ambities en ontwikkelingen voor de toekomst van RAUM opgesteld. In oktober en november 2020 is het recreatieschap in een aantal deelsessies met tientallen stakeholders in gesprek gegaan, in vervolg op voorbereidende gesprekken begin 2020 met diverse belanghebbenden. Op 10 september 2020 zijn de leden van de gemeenteraden en Provinciale Staten geïnformeerd over proces en inhoud van de conceptvisie via een Webinar. De conceptvisie wordt na vaststelling door het bestuur als bespreekstuk aangeboden aan de gemeenteraden en Provinciale Staten (zienswijzen) en erna gereed gemaakt voor vaststelling. Ook in de fase van uitwerking en uitvoering van de visie (zie hoofdstuk 7) zal participatie en betrokkenheid een belangrijke plek innemen, om informatie en gebiedskennis met belanghebbenden en geïnteresseerden te delen en samen mee te denken over keuzes en oplossingen.

Visie recreatiegebieden RAUM - 15

16 - CONCEPT V6

3. Trends

Trends toerisme en recreatie

Bij het opstellen van de visie zijn actuele en verwachte trends en ontwikkelingen betrokken. Met enkele experts en adviseurs is gekeken naar bewegingen die het recreatielandschap letterlijk en figuurlijk beïnvloeden. De belangrijkste en meest relevante trends voor het recreatiegebied Alkmaarder- en Uitgeestermeer zetten we hieronder op een rij. Het aantal toeristen in Nederland groeit al decennialang, sinds 2010 zelfs stormachtig. Zoals genoemd in hoofdstuk 2 wordt spreiding van deze toeristenstroom meer en meer noodzakelijk. De druk en draagkracht zijn niet overal meer in verhouding. Ook het aantal inwoners van de MRA en in de regio Alkmaar zal de komende tientallen jaren sterk groeien en daarmee het aantal (potentiële recreanten). Dit wordt ook onderschreven in de nieuwe (concept)visie toerisme en recreatie van de provincie Noord-Holland. Gedragspatronen en verwachtingen in recreatie (bijvoorbeeld wanneer en hoe lang) veranderen. Trends in dit kader zijn bijvoorbeeld behoefte aan: • ruimte voor ontmoeten, bijvoorbeeld voor het groeiende aantal alleenstaanden; • mogelijkheid tot bewegen: recreatie is minder statisch dan vroeger; • korte of meer verschillende activiteiten op één dag.

Bijvoorbeeld niet meer een hele dag zeilen, maar enkele uren en erna een andere activiteit; • 'beleven’, verhalen, thema’s, bijvoorbeeld uit de lokale (cultuur)historie; • bijzondere hotspots voor foto’s op sociale media; bijvoorbeeld Instagram heeft reizen en vrijetijdsbesteding veranderd. “Waardevol toerisme” De Raad voor de leefomgeving en infrastructuur (Rli) verwacht dat het toerisme de komende 10 jaar landelijk met 50% toeneemt (rapport “Waardevol toerisme” sept. 2019). Het Rli adviseert een regionale toeristische ontwikkelstrategie op te stellen en te sturen op een gebalanceerde groei van toerisme in Nederland, waarbij economie, samenleving en leefomgeving met elkaar in samenhang worden bekeken. Daarmee wordt richting gegeven waar (en welk soort) toeristische groei gewenst is en hoe overlast kan worden voorkomen. Deze visie dient als actuele inbreng voor de ontwikkelstrategie en als bijdrage aan de in hoofdstuk 1 genoemde spreiding van toerisme in de MRA. Het recreatieschap wil in lijn met de Rli aansturen op een balans tussen toeristische druk en draagkracht van de omgeving (inwoners, natuur, erfgoed), met daarbij als toets dat toerisme een bijdrage levert aan de leefomgeving en aan maatschappelijke opgaven. Deze visie voor RAUM is daarbij een bouwsteen voor bovengenoemde aanbevolen toeristische ontwikkelstrategie.

Indien zich overlast voordoet (fysiek of sociaal) is een gerichte aanpak nodig, zoals voldoende spreiding van bezoekers in tijd en ruimte. Ook de regio Almaar (‘Toerisme in balans’) en de provincie Noord-Holland stellen nieuw beleid op met daarin aandacht voor aanbevelingen van de Rli. Het aantal trends en ontwikkelingen is echter vele malen groter. Ook relevant zijn bijvoorbeeld de vergrijzing, het toenemend aantal inwoners met een migratieachtergrond, de urbanisatie, het gevoel van toenemende “stress” in de maatschappij, de zoektocht naar zingeving en spiritualiteit als tegenhanger hiervan, de 24 uurseconomie en het jaarrond open zijn van voorzieningen steeds meer de standaard ook in recreatie – en branchevervaging met gemengde concepten tot gevolg. Visie recreatiegebieden RAUM - 17

Bewegen, sport en gezondheid staan maatschappelijk in de belangstelling. Het is nog hypothetisch, maar de in 2020 ontstane situatie door het coronavirus kan ertoe leiden dat er meer behoefte is om lokaal buiten te kunnen zijn voor recreatie en (individuele) buitensporten. Ook indien verre (vlieg)reizen minder in trek zouden komen en mensen meer in de thuisomgeving willen blijven, kan het gebied veel meer betekenis krijgen voor intensievere vormen van recreatie. Dat levert kansen voor nieuwe verdienmodellen op. De visie en gemeentelijk RO-beleid zullen flexibiliteit moeten hebben om in te spelen op deze actuele ontwikkelingen. Het Alkmaarder- en Uitgeestermeer is het grootste binnenwater van Noord-Holland. Het wordt gebruikt voor recreatieve en sportieve zeilsport. Jaarlijks worden Nederlandse kampioenschappen, soms zelfs Europese kampioenschappen en klasse-evenementen georganiseerd. Tegelijk zien we een afname van het recreatief bootbezit (meer verhuur) en een opkomst van sloepen ten koste van de traditionele (zeil) boot. Jachthavens dienen daarmee te worden getransformeerd. De gemiddelde lengte van vaartuigen is afgenomen. Behoefte aan ligplaats langs de oever i.p.v. in een ligbox haaks op de oever. Veel gebruikers willen bijvoorbeeld naast de boot kunnen barbecueën.

Een andere verandering is de afname van het gebruik van traditionele, algemene dagkampeerterreinen (zeker die zonder veel voorzieningen). Ook hiervoor geldt overigens dat door de coronasituatie de behoefte hieraan (tijdelijk) weer kan toenemen. Onderzoek in opdracht van de provincie Noord-Holland geeft aan dat veel verblijfaccommodaties toe zijn aan modernisering en grootschalige investeringen en moeten beter worden aangesloten op de actuele vraag. Randvoorwaarde voor doorontwikkeling van recreatiegebieden is onder andere (geoptimaliseerde) bereikbaarheid. Al deze ontwikkelingen geven richting aan de verdere ontwikkeling van het aanbod in het recreatiegebied. Een scherpere focus op specifieke doelgroepen is gewenst: kiezen is belangrijk met mogelijkheden voor diverse vraag naar recreëren van luxe tot juist extreem basic.

Algemene maatschappelijke trends

Naast trends in recreatie en toerisme zijn er andere ontwikkelingen die van invloed zijn opgebruik en inrichting van (o.a.) recreatiegebieden: • Energietransitie Op zoek naar nieuwe manieren voor opwekking en opslag van energie. Bijvoorbeeld zonnepanelen kunnen eventueel een plek krijgen in recreatiegebieden (zie volgende hoofdstuk). • Klimaatverandering Het meer is van toenemend belang als zoetwaterbuffer voor de hele regio. Klimaatverandering leidt tot mildere en nattere winters, warmere en drogere zomers en daardoor minder evenwichtige spreiding van neerslag. • Klimaatadaptief, duurzaam en circulair bouwen Voorzieningen moeten niet ten koste gaan van de natuur en/of het water maar juist bijdragen aan het herstel en de ontwikkeling daarvan, van monofunctioneel naar integraal.

18 - CONCEPT V6

• Circulariteit Door transities in de landbouw meer aandacht voor duurzaamheid, stikstofuitstoot en de relatie met andere (maatschappelijke) functies. • Bodemdaling veenweidegebieden Noord-Holland Met experimenten wordt gezocht naar een nieuw evenwicht tussen bodempeil, grondwater-stand en (blijvende) mogelijkheden voor een rendabele agrarische exploitatie van gronden. • Beschermde landschappen In en rondom het plangebied zijn veel landschappelijke en ecologische waarden. Als uitwerking van het Natuur Netwerk Nederland (NNN) worden aaneengesloten natuurgebieden gerealiseerd met een diversiteit aan soorten planten en dieren. De basis hiervoor zijn de door de provincie beschreven wezenlijke kenmerken en waarden per deelgebieden, oevers en landelijke zones. De kaarten hieronder zijn uitsneden uit belangrijke provinciale regimes in de Omgevingsvisie en Omgevingsverordening (2020) gericht op behoud en ontwikkeling van natuur, landschap en erfgoed: Natuur Netwerk Nederland (NNN), Bijzonder Provinciaal Landschap (BPL) en Unesco-werelderfgoed (w.o. Stelling van Amsterdam). Weidevogelgebieden zijn in omgevingsverordening beschermd opgenomen in BPL en NNN. • Waterkwaliteit Vanuit Europese doelstellingen werkt het recreatieschap samen met het Hoogheemraadschap Hollands Noorder Kwartier aan verbetering van de waterkwaliteit van het meer.

Het Hoogheemraadschap wil verbetering van de waterkwaliteit bevorderen door o.a. aan te sturen op meer doorstroming, aanpak rioolwateroverstorten en minder toevoer van voedingsstoffen zoals nitraten en fosfaten vanuit landbouwpercelen (eutrofiëring).

Visie recreatiegebieden RAUM - 19

20 - CONCEPT V6

4. Ruimtelijke ontwikkelingen omgeving Woningbouwplannen/ verstedelijking

Het aantal inwoners in de regio Alkmaar en de MRA neemt toe. Daardoor zal ook het gebruik van het recreatiegebied in potentie toenemen. Het aantal geplande woningen in de direct omliggende gemeenten zijn in de tabel hiernaast opgenomen (plancapaciteit.nl, sept. 2020).

Infrastructurele projecten

De gebieden van het RAUM worden gescheiden door de oost-west verbinding N8 en het parallel daaraan lopende treinspoor. De invoering van Programma Hoogfrequent Spoorvervoer vormt een aandachtspunt voor de oversteekmogelijkheden ter hoogte van Busch en Dam. Een eveneens ingrijpend plan is de eventuele aanleg van een provinciale weg (later rijksweg) tussen de A8-A9. Een voorkeurstracé is door de provincie aangewezen (ten zuiden van de Omzoom en over het huidige golfterrein, zie kaartbeeld in separate beleidsbijlage bij deze visie). Deze weg is een grote ingreep in het landschap en kan de doelen van het recreatieschap t.a.v. natuur, recreatie en cultuurhistorie bemoeilijken. In 2021 stelt de provincie een landschapsplan op, omdat de weg het UNESCO Werelderfgoed Stelling van Amsterdam kruist. Er zijn meerdere hoogwaardige oversteken en/of onderdoorgangen voor fietsers, wandelaars en kanoërs noodzakelijk en voorwaardelijk, om het landschap geschikt te houden voor recreatief medegebruik.

Lopende ontwikkelingen direct rondom het meer •

•

•

•

Revitalisering van De Woudhaven (ontwerpfase bestemmingsplan Kogerpolder): opwaardering jachthaven, camperplaatsen, pontje, enkele kampeerplaatsen en bouw restaurant. Onderdeel van het initiatief is de landschappelijke verbetering van de Woudhaven. De Hoorne (Akersloot): uitwerken en uitvoeren (2021) aanleg speelbos, amfitheater, natuurvriendelijke oever en zwemlocatie met zwemsteiger. Aan de buitenzijde van de steiger kunnen recreatievaartuigen afmeren. Een eerder voorgenomen horecapaviljoen en sportveld/ hardloopbaan komen (voorlopig) te vervallen i.v.m. verstoring weidevogelleefgebied. Akersloot: bouw van woningen op 2 verouderde terreinen langs het meer: Jachthaven Laamens (90 appartementen met privé-jachthaven en 14 recreatiearken) en aansluitend bij ‘t Stet (bestemmingsplan De Skulper 2019 (8 appartementen, 4 kavels)). Erfgoedpark De Hoop (Uitgeest, bestemmingsplan Recreatiegebied de Hoop 2019): een ruime, faciliterende bestemming voor de ontwikkeling van recreatie en horeca. Tevens ruimte voor

Visie recreatiegebieden RAUM - 21

•

dagrecreatie, kleinschalige verblijfsrecreatie, maatschappelijke en educatieve voorzieningen, waaronder dagbesteding,(leer)werkplaats, museum, (traditionele) exploitatie van de molen. Met een wijzigingsbevoegdheid kan onder voorwaarden een sauna worden toegestaan. Beverwijk: De bestemmingsplannen voor Aagtenpark en De buitenlanden staan een diversiteit aan recreatief gebruik toe. Landgoed Rorik (De Buitenlanden) is een nieuwe ontwikkeling van een stadsboerderij met bezoekerscentrum, zelfvoorzienend restaurant, camping en ecolodges.

Laag Holland / Amsterdam Wetlands

Het RAUM ligt gedeeltelijk in de regio Alkmaar en de MRA en volledig in Laag-Holland. Vier terreinbeherende organisaties hebben in mei 2018 een perspectief geschreven op de toekomst van 12.000 ha natuur en landschap in Laag-Holland. De partijen willen onder de noemer ‘Amsterdam Wetlands’ afgestemd water- en natuurbeheer en aaneengesloten natuurgebieden en recreatie mogelijk maken. Het gebied gaat beter worden benut als aantrekkelijke en toegankelijke leefomgeving voor de MRA en de regio Alkmaar. Landbouw en natuur geven gezamenlijk invulling aan een kwalitatief hoogwaardig en biodivers landschap en dragen bij aan het terugdringen van CO2-uitstoot. De ambitie voor veenbehoud en veenherstel is gekoppeld aan natuurambities en op kaart gezet, met groeiend veen (nat, CO2 binding) en historisch veen (met landschapsbehoud en weidevogels) met waterpeilen afgestemd op weidevogels. De kenmerken en verhalen (geschiedenis) van het gebied worden uitgewerkt tot een Recreatief Grid of Leisure Landscape: een raamwerk voor beleving van natuur, landschap en erfgoed in de context van het groeiend aantal inwoners in de regio. De aantrekkelijkheid en toegankelijkheid van het landschap worden vergroot. Dit Recreatieve Grid bestaat uit een ruimtelijke raamwerk van routes, plekken en zones.

Vanuit dit ruimtelijke raamwerk kunnen verschillende recreatieve en toeristische projecten en programma’s worden opgestart. Als vervolg is een uitvoeringsgericht gebiedsplan (mei 2019) opgesteld in een gezamenlijk proces met diverse partijen waaronder landbouw- en natuurorganisaties. Het gebiedsplan is ingebracht in het Interbestuurlijk Programma Vitaal Platteland (IBP-VP) en er is financiering toegekend voor een integraal gebiedsprogramma met projecten. RAUM is een van de zes natuur- en waterprojecten in het gebiedsplan en gericht op grotere biodiversiteit in en langs het meer (ook aanpak groei waterplanten) en lokale verdieping onder de waterlijn: veranderingen in de onderwaterbodem morfologie (verdiepingen en/of verhogingen) voor een schoon, ecologisch gevarieerd en goed bevaarbaar en bezwembaar meer.

22 - CONCEPT V6

Het recreatieschap onderzoekt de mogelijkheid op een aantal plaatsen het meer met circa 5 meter te verdiepen. Daardoor bereikt minder zonlicht de bodem wat de groei van waterplanten vermindert. Met name aan de zuidwestzijde en in het snelvaargebied in het noordoosten van het meer zijn hiervoor opties. Ter compensatie wordt langs een aantal oevers ruimte geboden voor meer en andere waterplanten. Op bijgaande kaart zijn zoekgebieden voor lokale verdieping en voor meer biodiversiteit langs de oevers aangegeven. Daarnaast worden de mogelijkheden van integrale landschapsontwikkeling onderzocht: samenhang oever en meer (verschillende biotopen, gradiënten, verwildering, natuuroevers, zwemstrandjes) en synergie tussen opgaven beleving, energie/CO2 (waaronder drijvende zonneakkers), agricultuur, biodiversiteit en cultuurhistorie (waaronder erfgoedpark de Hoop).

De visie RAUM sluit aan op de hoofdlijnen uit Amsterdam Wetlands: Integrale landschapsontwikkeling: verder ontwikkelen van kringlooplandbouw, water- en natuurbeheer afstemmen, aaneengesloten natuurgebieden, grotere biodiversiteit in en langs het meer (ook aanpak groei waterplanten); MRA: gebied beter benutten als aantrekkelijke en toegankelijke leefomgeving voor de MRA; bijdrage leveren aan het spreiden van toeristen; Veenweiden: in RAUM wordt ingezet op behoud van het kenmerkende veenweidelandschap (historisch veen) en ruimte voor weidevogels; Verder optuigen van het Recreatief Grid: • gezamenlijke verhalen, verborgen schatten van het verleden, • bereikbaarheid en poortontwikkeling (OV-knooppunten), • lineaire erfgoedstructuren benutten als recreatieve routes, • faciliteiten, trekkers, toeristisch/recreatieve hotspots, • nieuwe (recreatieve) verdienmodellen voor landschapsbeheerders.

Visie recreatiegebieden RAUM - 23

Natuurverbinding

Als onderdeel van de ontwikkeling van het NNN (zie hoofdstuk 3) ligt aan de noordzijde van het plangebied een natuurverbinding tussen het Noordhollands duinreservaat en Eilandspolder. Dit is een 13 km lang netwerk van waterlopen tussen Bakkum en West-Grafdijk. De boezem aan de noordzijde van het Alkmaardermeer is onderdeel van deze zone.

Elektrificeren vervoersmiddelen

Elektrisch fietsen is sterk in opkomst, evenals bijbehorende oplaadpunten. Ook bijvoorbeeld elektrische steps en elektrische scooters verschijnen in het landschap. Hierdoor neemt de verplaatsingssnelheid toe en komen grotere gebieden binnen de actieradius van mensen. De maatvoering en materialisering van het onderliggende padennet is daar grotendeels nog niet op gedimensioneerd. In dit kader is voor snelvaren in het gebied Deilings op termijn mogelijk de koers te verleggen naar elektrisch aangedreven (stille) vaartuigen.

Energietransitie

Het recreatieschap wil de mogelijkheden onderzoeken om bij te dragen aan de regionale energietransitie. Dit is in aansluiting op de zoekgebieden zoals opgenomen in de Regionale Energie Strategie (RES) voor Noord-Holland (kader hiernaast). Het recreatieschap neemt daarin haar kerntaken voorop: het voorzien in mogelijkheden voor vrijetijdsbesteding (recreatie) in een aantrekkelijk landschappelijk decor met gevarieerde natuur-, milieu- en cultuurhistorische waarden. Als dit past bij de ambities, andere ontwikkelingen niet belemmert en opbrengsten ten goede komen aan het gebied, is het denkbaar ruimte te maken voor alternatieve energiebronnen. De primaire insteek van het recreatieschap is zonnepanelen, uitgaande van multifunctioneel ruimtegebruik, zoals boven parkeerterreinen en speelplaatsen. Voor de Saskerleidam zal de haalbaarheid worden onderzocht voor het plaatsen van drijvende zonnepanelen en van zonnepanelen op de dam in combinatie met begrazing. Windturbines zijn in dit gebied lastig in te passen: de meren trekken veel water-, trek- en weidevogels aan, het water en omliggend gebied zijn onderdeel van het NNN en de beschermde open zone Stelling van Amsterdam loopt door een groot deel van het gebied.

24 - CONCEPT V6

Vanwege de toenemende vraag naar elektriciteit vind er een netverzwaring plaats tussen Beverwijk en Oterleek. Aanleg van een extra ondergrondse elektriciteitsleiding schuin door het plangebied RAUM is daarvan een onderdeel. Het voorkeurstracé staat in de separaat beschikbare beleidsbijlage bij deze visie.

De RES (vast te stellen in 2021) is een uitwerking van het Klimaatakkoord. RAUM valt binnen drie deelgebieden: regio Alkmaar, IJmond en Zaanstreek. In de RES staan zoekruimten voor windturbines en zonnepanelen centraal; het bevat de volgende voorstellen voor RAUM: • Zoekgebied voor opwekken windenergie: langs Noordzeekanaal òf langs delen van de A9; langs delen van de spoorlijn Uitgeest-Krommenie; zuidkant van het Alkmaardermeer (t.h.v. oever Krommeniërwoudpolder / Stierop); De Boekel Akersloot (Castricum) is zoekgebied voor één windturbine. • Zoekgebied voor opwekken zonenergie: langs Noordzeekanaal; langs delen van de A9; langs delen van de spoorlijn Uitgeest-Krommenie; langs het Noord-Hollandsch kanaal in de gemeente Castricum; aan weerszijden van de Zuiddijk (in gemeenten Alkmaar en Castricum); langs de Markervaart. Zonnepanelen op parkeerplaatsen is aangeduid ter hoogte van entreegebied jachthaven Uitgeest.

Visie recreatiegebieden RAUM - 25

26 - CONCEPT V6

5. Ambities Hoofdambitie: Een herkenbaar en bekend gebied met een toegankelijke naam dat jaarrond eigentijdse en duurzame (water)recreatiemogelijkheden biedt voor de lokale bewoners, voor de inwoners uit de regio en voor (inter)nationale toeristen, met goede verbindingen over land en water met andere bestemmingen, waarin de natuur zich positief ontwikkelt. Vanuit de hoofdambitie wordt gewerkt met de volgende 10 deelambities: 1. werken vanuit de kwaliteiten van het gebied met unieke (natuur)belevingen, erfgoed en bestemmingen; 2. diverse natuurwaarden verder versterken (grotere biodiversiteit) en beleefbaar maken; 3. bereikbaarheid (ontvangstgebieden) en wandel-, fiets en kanoverbindingen verbeteren; 4. ruimte voor nieuwe initiatieven, diverse belevingen en hoogwaardige horeca, met mogelijkheden voor jaarrond gebruik, met innovatievermogen in aanbod; bij deze ontwikkelingen zo mogelijk inkomsten verwerven voor het recreatieschap; 5. identiteit en naamsbekendheid van het gebied versterken en promoten samen met ondernemers en gemeenten en bestaande stads- en regiomarketing; 6. gebruikmaken van bekende richtinggevende thema’s (Oer-IJ, historisch veenweidegebied, Stelling van Amsterdam) met een duidelijke focus per deelgebied; 7.

meer bezoekers (ook uit de ruimere regio en als alternatief voor de kust, duingebieden en MRA), die langer blijven en meer in het gebied besteden, in balans met draagkracht van de omgeving (inwoners, natuur, erfgoed) en bijdragen aan de lokale economie (bestedingen); 8. uitwerking geven aan Vitaal Platteland / Amsterdam Wetlands: bijdragen aan de landelijke klimaatdoelstellingen, realisatie van een “recreatief grid” en circulaire landbouw, water en bodem in balans; 9. bijdragen aan een duurzame samenleving, uitgaand van duurzaam ondernemen, natuurinclusieve en energieneutrale gebouwen en bijdragen aan de regionale energie strategie; 10. betrokkenheid verbreden (samenwerking en eigenaarschap), oprichten ‘gebiedstafels’, met inbreng vanuit belanghebbenden (participatie);

Visie recreatiegebieden RAUM - 27

Schets van ruimtelijk-fysieke relaties tussen het RAUM en het omliggend gebied. RAUM ligt tussen de toeristische trekkers Alkmaar en Zaanse Schans. Op deze lijn is een sterkere (watergebonden) relatie wenselijk. De Kil (lichtblauw op de kaart) is een restant van het Oer-IJ: breder en beter zichtbaar maken en bevaarbaar voor kano’s. Tussen de nieuwe recreatiegebieden Aagtenpark (A), De Buitenlanden (B) en De Omzoom (C) zijn meer verbindingen en recreatieve mogelijkheden gewenst, ook met het in ontwikkeling zijnde gebied Nauerna (N). Op de kaart worden nog enkele cultuurhistorische gebieden/locaties in de omgeving aangeduid.

28 - CONCEPT V6

Visie recreatiegebieden RAUM - 29

30 - CONCEPT V6

6. Ontwikkellijnen en gebiedskeuzes In dit hoofdstuk staan diverse (overkoepelende) thema’s beschreven die voor het hele plangebied van belang zijn. Ze dienen als leidraad bij ruimtelijke ontwikkelingen. Elk thema sluit af met de keuze die het recreatieschap maakt als basis voor verdere uitwerking in deelprogramma’s.

Landschap, historie en verhalen

Op de vorming van het landschap is het Oer-IJ van grote invloed geweest. De leesbaarheid c.q. herkenbaarheid van deze ontstaansgeschiedenis wordt in het gebied meer benadrukt. Het Oer-IJ gebied is verder te ontwikkelen tot een landelijk bekend recreatief-toeristisch merk. Nieuwe keuzes voor toeristisch-recreatieve en landschappelijke ontwikkelingen zijn te inspireren op het Oer-IJ en op latere landschapsvorming zoals dijken en dammen, veenweidegebied en de robuuste doorlopende structuren van de IJdijken en de forten van de Stelling van Amsterdam. Het recreatieschap wil toewerken naar verbeteringen van de centraal door het gebied lopende historische waterlopen De Kil en CrommenIJe. Dit zijn belangrijke restanten van het voormalig OerIJ. Deze zijn beter te benutten voor waterberging en natte natuurontwikkeling. De inzet is De Kil beter zichtbaar en breder te maken en geschikt te maken als kanoroute. De loop van het Oer-IJ en van De Kil en CrommenIJe zijn afgebeeld in bijlage 1.

De volgende elementen zijn tevens aanknopingspunten: • landschappelijke verscheidenheid blijft behouden, met visuele relatie tussen open ruimten; • behouden huidige verkavelingsstructuur en sloten; • behouden van zichtbaarheid en vrije ruimte (molenbiotopen) rond historische windmolens; • accentueren van de loop van voormalige kreekruggen in het veenpolderlandschap; • vindplaats Romeinse wachtoren aan de rand van Krommenie; • verspreid in het plangebied liggen stolpboerderijen. Een belangrijk cluster is in het dorp De Woude, waar een elftal stolpen het ruimtelijke beeld karakteriseert. De Stelling als verbindend kralensnoer tussen de deelgebieden De Stelling van Amsterdam verbindt de deelgebieden van het recreatieschap. De linie en forten lopen als een kralensnoer vanaf het IJ langs Aagtenpark, De Buitenlanden en De Omzoom naar Alkmaarderen Uitgeestermeer en verder door naar de Schermer en Waterland. Langs de randen van het recreatiegebied liggen vijf forten, met allerlei toeristische, culturele en maatschappelijke activiteiten. Deze lineaire erfgoedstructuur is goed te benutten voor recreatieve en thematische routes en kan zo een bijdrage leveren aan het spreiden van toeristen. Een aantal forten is nog onderbenut en kan meer ingezet worden voor toeristisch-recreatief medegebruik.

Het Land van Leeghwater: dijken, inpolderingen, vaarten, gemalen en molens: het proces van de voorgaande zeven eeuwen van landwinning, nederzettingen en landbehoud is op diverse plekken nog zichtbaar. Het zijn blikvangers in het landschap die laten zien dat het gebied van grote historische betekenis is. Deze historische lijnen, met gebiedseigen verhalen, lopen langs of dwars door het gebied. Belangrijk onderdeel is het verhaal over Cornelis Corneliszoon van Uitgeest, uitvinder van de toepassing van een krukas om op windkracht in een molen hout te verzagen (zie bijlage 1). →

Keuze: het schap stuurt erop aan dat historie (meer) mededrager van ontwikkelingen wordt. Visie recreatiegebieden RAUM - 31

Regionale betekenis

Het RAUM is een belangrijk onderdeel van het toeristisch aanbod in Noord-Holland, met kenmerkende Hollandse eigenschappen: water, polder, dijken, molens en forten. Het RAUM maakt tevens deel uit van de te beschermen landschappen Laag Holland en Metropolitaan landschap MRA. Het gebied is beter en meer te benutten als aantrekkelijke en toegankelijke leefomgeving voor de omringende dorpen en steden. Daarbij is vrijetijdseconomie een belangrijke economische groeisector in de regio, waarvan RAUM meeprofiteert. Voor het toeristisch aanbod bieden verhalen en productontwikkelingen rond het Oer-IJ en Cornelis Corneliszoon van Uitgeest kansen. Ontwikkelingen in RAUM dragen bijvoorbeeld bij aan spreiding van de toeristische druk in de MRA. De MRA stroomt over van toeristen; de Zaanse Schans profiteert daarin volop mee: 2 miljoen bezoekers per jaar. RAUM ligt tussen de toeristische trekkers Alkmaar en Zaanse Schans. Op deze lijn is een sterkere (watergebonden) relatie wenselijk. Bijvoorbeeld door Erfgoedpark De Hoop, de diverse molens in het gebied en de Stelling onderdeel te maken van het toeristisch bezoekprofiel in aansluiting op de Zaanse Schans en als onderdeel van arrangementen in de ruimere MRA.

Ook kan meer verblijf in het RAUM worden geboden, om van daaruit toeristen een bezoek te laten brengen aan Alkmaar, Zaanstad, Amsterdam, Haarlem, de Stelling van Amsterdam en de Zaanse Schans. RAUM lift daar kleinschalig op mee door meer ruimte te bieden voor nieuwe vakantie- en recreatieformules gericht op waterbeleving. Op initiatief van eigenaren kunnen waar nodig bestaande toeristische verblijfsaccommodaties worden getransformeerd. Bijkomend doel is mogelijkheden bieden voor nieuwe recreatief-toeristische verdienmodellen vanwege krimp jachthavens en verouderde verblijfsrecreatie. Door geplande investeringen van de overheid in diverse netwerken (MIRT, zie separate beleidbijlage) verbetert ook de bereikbaarheid van het plangebied voor fietsers (e-bikes) en autoverkeer. Dit vereenvoudigt de bereikbaarheid van het gebied voor mensen uit de regio. → Keuze: het recreatieschap stuurt aan op meer bezoekers uit de regio, die langer in het gebied verblijven en er meer besteden. RAUM ligt tussen de toeristische trekkers Alkmaar en Zaanse Schans. Op deze lijn is een sterkere (watergebonden) relatie wenselijk.

Natuurontwikkeling

De ontwikkeling van het gebied vormt een belangrijke bijdrage aan de provinciale doelstelling voor het voltooien van het Natuurnetwerk Nederland (NNN) en ecologische verbindingszones. Door water- en natuurbeheer op elkaar af te stemmen wordt tevens toegewerkt naar aaneengesloten natuurgebieden. In en langs het meer is grotere biodiversiteit mogelijk, zoals beschreven in het Interbestuurlijk Programma Vitaal Platteland (zie hoofdstuk 4). In de visie Amsterdam Wetlands (zie ook hoofdstuk 4) is een voorzet gemaakt welke veenweidegebieden behouden blijven uit cultuurhistorisch, landschappelijk en agrarisch oogpunt en welke op termijn zullen veranderen in moerasrijke zones. Deze keuzes komen voort uit toenemende belangen rond bufferen van water, reductie van CO2 en tegengaan van bodemdaling. → Keuze: in lijn met het perspectiefplan Amsterdam Wetlands blijven de veenweiden in RAUM behouden als historisch veen, en daarmee behoud van ruimte voor weidevogels. 32 - CONCEPT V6

Het recreatieschap wil inrichting en beheer van natuur- en recreatiegebieden, waaronder de graslanden, verweven met doelstellingen voor NNN en waterbeheer. Hierbij wordt aangesloten bij provinciale programma’s groen, metropolitaan landschap, natuurinclusieve landbouw en bodemdaling. → Keuze: bevorderen toename van biodiversiteit in de natuur- en recreatiegebieden binnen het recreatieschapsgebied, agrarisch natuur- en landschapsbeheer, gecombineerd met economisch en ecologisch duurzame agrarische sector. Langs grote delen van de waterlopen en meren zijn en komen natuurvriendelijke oevers, uit oogpunt van recreatieve meerwaarde, natuurwaarden en kostenbesparing in onderhoud. Dit vindt plaats in samenhang met lokale verdieping om het onderwatermilieu meer variatie te geven en oplossingen te bieden voor de waterplantenproblematiek. Ook de uitvoering van het oever- en natuurontwikkelingsproject Saskerleidam (fase 2) past in dit kader2. Op deze dam aan de noordzijde van het plangebied worden ecologische, landschappelijke en waterstaatkundige doelen gediend door schone bagger te borgen (bijvoorbeeld afkomstig uit verdiepingen van het meer). → Keuze: het schap stuurt aan op verdieping van het meer op diverse locaties.

De uitwerking en keuze in locaties vindt plaats in het kader van het Interbestuurlijk Programma Vitaal Platteland (zie hoofdstuk 4), waarvoor de subsidieaanvraag is ingediend.

Zonering

Natuur- en/of recreatieontwikkeling vinden plaats in samenhang met de aanwezige kwaliteiten in het gebied. Recreatie, natuur, landschap en cultuurhistorie zijn geen ‘losse waarden’, ze grijpen in elkaar en kunnen elkaar versterken. Op plekken waar een overgang nodig is (bijvoorbeeld van druk naar rustig) komen zones om dit te reguleren. Ook omdat niet alle recreatiebehoeften gelijk zijn, is het belangrijk te zoneren, zodat verschillende gebruiken goed naast elkaar kunnen. Vooral bij combinatie van unieke en kwetsbare natuur en recreatie in één gebied is zonering van druk naar rustig wenselijk. Voorzieningen worden afgestemd op deze zonering. In ontwikkelgebieden in RAUM is ruimte voor aantrekkelijke bestemmingen waar recreatievormen van water en land samenkomen, met bij voorkeur cultuurhistorie als onderdeel. De combinatie van investeren in een fijnmazig recreatief netwerk en investeren en samen-werken in recreatieve arrangementen, met water als thema en als kwaliteit, is daar een uitwerking van. In die gebieden De ophoging van de Saskerleidam is als fase 1 reeds uitgevoerd. Fase 0 zijn de vooroevers aan de noordoever van het Uitgeestermeer (ook afgerond). Fase 2 moet nog in uitvoering komen. Dit gaat om een natuurvriendelijke oever van circa 5 hectare in de oksel van de Saskerlei en Saskerleidam. Mogelijk wordt deze fase uitgevoerd i.c.m.

het Interbestuurlijk Programma Vitaal Platteland (zie hoofdstuk 4) . 2

Visie recreatiegebieden RAUM - 33

krijgen natuurwaarden die niet verstoringsgevoelig zijn ontwikkelruimte gemengd met en in samenhang met recreatiedoelen. → Keuze: het recreatieschap werkt met een zonering in deelgebieden waar natuurontwikkeling voorop staat en waar (beperkt) recreatieve en/of toeristische ontwikkeling mogelijk is.

Recreatief Grid

Deze visie is een inbreng voor het optuigen van een regionaal ‘Recreatief Grid’, zoals beschreven in het perspectiefplan Amsterdam Wetlands. Betere bereikbaarheid per auto, fiets en OV (‘buitenpoorten’) en aantrekkelijk vormgegeven ontvangstgebieden zijn daar onderdeel van, inclusief het mogelijk maken van (nieuwe) toeristisch-recreatieve hotspots. Dit moet gaan bijdragen aan nieuwe recreatieve verdienmodellen voor ondernemers en beheerders van het landschap. Daarbij speelt ook dat het belang van groen en water in de nabijheid van steden en dorpen toeneemt (trend). Voor alle deelgebieden in het RAUM zijn daarom goede recreatieve routes naar het gebied belangrijk, veilig en toegankelijk ingericht voor fietsers en wandelaars vanuit omliggende dorpen en steden. De inrichting van de groen-recreatieve ruimte is tevens bedoeld om te verleiden tot gezond gedrag. Ook wil het recreatieschap in overleg met gemeenten en jachthaven-ondernemers onderzoeken of op of nabij de havens enkele kleinschalige overnachtingsmogelijkheden kunnen komen op en langs het water. → Keuze: deze visie ondersteunt het perspectiefplan Amsterdam Wetlands door het bieden van een ruimtelijk en recreatief raamwerk van routes, zones en toeristisch-recreatieve plekken, voor beleving van natuur, landschap en erfgoed, gedragen door de kenmerken en verhalen (geschiedenis) van het gebied.

Routenetwerken

Het Alkmaarder- en Uitgeestermeer ligt centraal in een web met waterwegen als Nauernasche Vaart, Noord-Hollandskanaal, Zaan, Omval en Ringvaarten. De rol van de meren voor de pleziervaart (incl. sloepen) is groot, naast het gebruik voor de doorvaart naar bijvoorbeeld Alkmaar, Zaanstad en Purmerend, met onderweg bijvoorbeeld de havens in De Rijp en de sluis bij West-Graftdijk. In de diverse beheergebieden van het recreatieschap is ook veel vaarwater voor kano’s en fluisterboten. Het hele werkgebied van RAUM is goed dooraderd met bewegwijzerde lokale en regionale routenetwerken voor fietsen en wandelen3 en varen (BRTN4, sloepen5, kano’s). Daarnaast zijn er themafietsroutes (bijv. pontjesroute6), routes voor overdraagbare vaartuigen als kano’s en SUP boards en er zijn diverse verbindingen met omliggende gebieden. Bij Akersloot en Uitgeest/Zwaansmeer zijn Toeristische Overstappunten (TOP) als startpunt van routes. Het recreatieschap wil meer bekendheid geven aan de routenetwerken (bebording, digitaal) en nieuwe thematische routes ontwikkelen. Waar nog een slag te winnen valt is het regionale (snel)fietsnetwerk van de provincie koppelen aan de bereikbaarheid van de recreatiegebieden (provinciaal beleid ‘Perspectief Fiets’, als uitwerking van de OmgevingsvisieNH2050).

Door deze hoogwaardig en aantrekkelijk te verbindingen met de steden en dorpen worden inwoners en recreanten laagdrempelig verleid het gebied te bezoeken. Tevens wil het recreatieschap een haalbaarheidsonderzoek naar de aanleg van een aantal ontbrekende schakels in het gebied (of naar omliggende gebieden), tussen fietsroutes, wandelroutes (inclusief

34 - CONCEPT V6

boerenlandpaden) en kanoroutes en eventueel ruiterpaden. Dit geldt ook voor de verbindingen tussen en naar de gebieden rond De Kil, tussen voormalig Wijkermeer en Cromme-IJe en tussen De Omzoom en de Buitenlanden (zie ook Groen en Waterplan van de Groene IJmond: Strategisch Groen Project tussen IJmond en Zaanstad). Dit haalbaarheidsonderzoek naar eventuele extra schakels wordt in het uitvoeringsprogramma opgenomen, inclusief een overzichtskaartje van toe te voegen schakels tussen de belangrijkste bestaande recreatieve routes. → Keuze: het recreatieschap brengt ontbrekende schakels in het routenetwerk voor fiets-, wandel-, kano/fluisterboten in beeld. In het uitvoeringsprogramma wordt gekozen welke worden uitgevoerd. Daarin wordt tevens over de haalbaarheid van een of meer ruiterroute(s) beslist.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9904748/1