01 RV Vaststellen Uitgangspuntennotitie en consultatie Warmteprogramma Castricum 2025
Tekst van het document
RAADSVOORSTEL Raadsvergadering Voorstelnummer Portefeuillehouder(s) Commissie d.d. Team Opsteller Aantal bijlagen: Onderwerp
:
22 mei 2025 D844042 Paul Slettenhaar 15 mei 2025 RO Beleid Anna Ankoné 2 Onderwerp Warmteprogramma Castricum 2025
Voorgesteld besluit De Uitgangspuntennotitie Warmteprogramma Castricum 2025 vast te stellen Geheimhouding Nee
Raadsvoorstel Castricum
INLEIDING In het Nationaal Klimaatakkoord uit 2019 hebben overheden, bedrijven en maatschappelijke organisaties afgesproken hoe Nederland de uitstoot van broeikasgassen gaat terugdringen. Onderdeel hiervan is de warmtetransitie: de opgave om 7 miljoen woningen en 1 miljoen utiliteitsgebouwen te verwarmen met hernieuwbare energie in 2050, en dus niet meer met aardgas. De verantwoordelijkheid voor de uitvoering van warmtetransitie voor de gebouwde omgeving is vanuit het Rijk bij gemeenten belegd. INVLOED KADERS OP KEUZERUIMTE Dit voorstel heeft betrekking op de volgende wet- en regelgeving: Akkoord van Parijs Nationale Klimaatwet Klimaatakkoord 2019 Urgenda-vonnis Wet Gemeentelijke Instrumenten Warmtetransitie (WGIW) In het Ambitiedocument Klimaat BUCH 2021-2025, dat ook is vastgesteld door de gemeenteraad van Castricum, staat de kortere termijn doelstelling van 20% aardgasvrije gebouwen in 2030 in lijn met de afspraken in het Klimaatakkoord. TOELICHTING OP HET VOORSTEL De Omgevingswet is op 1 januari 2024 in werking getreden. Het doel van deze wet is om de regels voor de fysieke leefomgeving te vereenvoudigen en te integreren. Dit omvat onder andere ruimtelijke ordening, milieu, natuur en water. De wet beoogt een meer samenhangende en efficiënte aanpak van projecten en plannen die invloed hebben op de leefomgeving. Een instrument daarin is het omgevingsprogramma.
Omdat het Warmteprogramma een programma onder de nieuwe Omgevingswet is, is het college bevoegd om deze vast te stellen. Bij de Visie Aardgasvrije Wijken van 5 jaar geleden was dit nog de gemeenteraad. Nu wordt dit Concept Warmteprogramma Castricum voorgelegd bij de gemeenteraad ter consultatie in mei zodat u uw opmerkingen aan het college mee kan geven en er zo nodig aanpassingen gedaan kunnen worden. Daarnaast is het van belang om de uitgangspunten voor dit Warmteprogramma te laten vaststellen door de gemeenteraad, aangezien u een kaderstellende rol heeft en over de warmtetransitie nog weinig kaders staan opgenomen in de huidige Omgevingsvisie. Vandaar dat de Uitgangspuntennotitie Warmteprogramma Castricum ter besluitvorming aan u wordt voorgelegd. Op 8 mei staat er een Raadsinformatieavond gepland over dit onderwerp zodat de inhoud van het programma daar aan u wordt gepresenteerd en er ruimte is voor allerlei technische vragen. Na consultatie van het Concept Warmteprogramma in de raadscommissie en de vaststelling van de uitgangspunten in de gemeenteraad wordt het Warmteprogramma eventueel naar aanleiding van opmerkingen in de raadscommissie aangepast en als OntwerpWarmteprogramma Castricum ter besluitvorming voorgelegd in het college. Deze Ontwerpversie wordt dan 6 weken ter inzage gelegd voor eenieder die een zienswijze wil indienen.
In deze periode zal er ook een gemeentelijke informatiebijeenkomst worden georganiseerd over het Warmteprogramma.
Pagina 2 van 7
Raadsvoorstel Castricum
Na de 6 weken wordt er een nota van zienswijzen gemaakt. Het Warmteprogramma zal zo nodig worden aangepast en daarna wordt de definitieve versie rond de zomer ter vaststelling voorgelegd aan het college van B&W. Daarna volgt nog publicatie in het DSO (Digitaal Stelsel Omgevingswet). Inhoud Warmteprogramma Het programma beschrijft de plannen voor het verduurzamen en aardgasvrij maken van onze buurten in de komende 10 jaar. Het beschrijft in welke gebieden we de komende jaren aan de slag gaan en wat ruwweg de verwachte aanpak is. Vanaf de zomer van 2025 starten we in deze gebieden met inwoners, ondernemers en andere betrokkenen uit de buurt met het uitwerken van de plannen in meer detail. In 2020 maakten we een voorloper van dit Warmteprogramma: ‘Visie Aardgasvrije Wijken Castricum 2020'. Deze visie beschrijft in grote lijnen de route naar aardgasvrij in 2050. Dit Warmteprogramma is concreter en beschrijft wat we de komende 10 jaar gaan doen: • we beschrijven in welke gebieden we starten met het maken van uitvoeringsplannen; • voor sommige gebieden geven we ook een beoogde einddatum voor de levering van aardgas; • voor de overige buurten maken we een gemeentebreed actie- en ondersteuningsplan zodat inwoners en bedrijven zich hier wel al kunnen voorbereiden op de stap naar aardgasvrij in hun buurt. De afgelopen jaren zijn er al grote stappen gezet.
Zo kwam er ondersteuning – zowel financieel als praktisch – voor het isoleren van woningen. Voor woningeigenaren met een verhoogd risico op energiearmoede bood de gemeente aanvullende subsidie. Voor de komende jaren ligt de ambitie nog hoger. De komende 5 jaar moeten jaarlijks ca 750 gebouwen de overstap naar aardgasvrij maken. Tussen 2030 en 2050 is dit aantal ruim 800 gebouwen per jaar. Dit betekent een alternatief realiseren voor de cv-ketel, het isoleren van woningen, het aanpassen van verwarmingsinstallaties, het plaatsen van zonnepanelen en het aanpassen van de ondergrondse infrastructuur van het elektriciteitsnet. Met name dat laatste verdient de komende jaren extra aandacht en nauwe afstemming met netbeheerder Liander, omdat de gemeente Castricum – net als heel Nederland – steeds meer aanloopt tegen de grenzen van het elektriciteitsnet. Onderzoeksbureau CE Delft heeft voor de gemeente onderzoek gedaan naar het beste warmte alternatief voor aardgas per buurt. Een van de belangrijkste conclusies is dat er in Castricum geen grootschalig collectief warmtenet komt. Het verwarmen gaat dan met individuele technieken zoals een warmtepomp, of met gezamenlijke installaties wanneer buurtbewoners daar gezamenlijk de voorkeur aan geven. Dit zijn kleinschalige oplossingen zoals mini-warmtenetten of een buurtwarmtepomp.
Een grootschalig warmtenet is niet haalbaar in de gemeente Castricum, zoals verderop wordt toegelicht. In dit Warmteprogramma staan de buurten waar de gemeente de komende jaren gaat starten met het opstellen van uitvoeringsplannen (UP’s) op gebiedsniveau (zie tabel). Deze planning is gebaseerd op data over de sociale, technische en economische situatie in die buurten, en in samenspraak met stakeholders als Liander, Stedin, Kennemer Wonen, CALorie en bestaande inwonersinitiatieven gericht op aardgasvrij wonen.
Pagina 3 van 7
Raadsvoorstel Castricum
Bij het opstellen van deze uitvoeringsplannen wordt – samen met inwoners en andere betrokkenen – in kaart gebracht wat nodig is om in dat gebied de stap te zetten naar een duurzame energievoorziening. Naast de gebiedsgerichte aanpak is er ook een gemeentebrede aanpak op isolatie en de overstap op (hybride) warmtepompen voor iedereen die daarmee aan de slag wil. Geen voornemen aanwijsbevoegdheid De aanpak in het Warmteprogramma is erop gericht om mensen te verleiden, ondersteunen en faciliteren bij de overstap naar aardgasvrij. Doel is dat inwoners vrijwillig die stap te zetten (ruim) voor 2050. In 2024 is de Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie (Wgiw) aangenomen. Met deze wet krijgen gemeenten per 1 juli 2025 een aanwijsbevoegdheid: de mogelijkheid om gebieden aan te wijzen waar na een periode van minimaal 8 jaar de levering van aardgas stopt. Om van deze aanwijsbevoegdheid gebruik te kunnen maken, moet het voornemen om dit voor een bepaald gebied in te zetten opgenomen worden in het Warmteprogramma. Vervolgens moet dan in een uitvoeringsplan voor dat gebied worden aangetoond en voldoende onderbouwd dat er een geschikt alternatief voor aardgas is. Pas daarna kan de voorgenomen einddatum voor gaslevering – na goedkeuring van de gemeenteraad – leiden tot aanpassing van het omgevingsplan voor dat gebied.
Al dan niet gebruik maken van deze aanwijsbevoegdheid heeft impact. Wel opnemen geeft duidelijkheid aan inwoners en bedrijven, waardoor zij mogelijk sneller aan de slag gaan met het aardgasvrij maken van hun pand. Daarnaast biedt het ook houvast voor netbeheerders bij het prioriteren van gebieden voor verzwaring van het elektriciteitsnet. Aan de andere kant betekent het ook dat inwoners door de gemeente verplicht worden eerder een alternatief voor aardgas te kiezen en die overstap te maken, terwijl dit wettelijk pas verplicht is in 2050. Het college kiest ervoor om voorlopig alleen in te zetten op verleiden en faciliteren van inwoners en bedrijven en niet gebruik te maken van de “stok achter de deur”. Dit is een bestuurlijke afweging.
Pagina 4 van 7
Raadsvoorstel Castricum
DOOR HET COLLEGE OVERWOGEN ALTERNATIEVEN Het college had ervoor kunnen kiezen om juist met de buurten te beginnen waar de stap naar aardgasvrij het lastigst is, omdat daar het meeste moet gebeuren. Er is daar niet voor gekozen omdat we ook doelstellingen op kortere termijn moeten halen en het ook handig is om te beginnen op die plekken waar het makkelijker is. Daarnaast had het college ervoor kunnen kiezen het voornemen voor de aanwijsbevoegdheid wel op te nemen in het Warmteprogramma. Een toelichting hierop staat hierboven onder het kopje Geen voornemen aanwijsbevoegdheid. REGIONALE SAMENWERKING EN COULEUR LOCALE Naast het Warmteprogramma voor Castricum worden er door de BUCH werkorganisatie ook Warmteprogramma’s gemaakt voor Heiloo, Bergen en Uitgeest op ditzelfde moment. De aanpak zal in de vier gemeenten hetzelfde zijn, omdat dezelfde warmteoplossingen het alternatief voor aardgas zijn. De Warmteprogramma’s komen dus voor een groot deel overeen, behalve uiteraard de delen over de terugblik en de planning en beschrijving van gebieden waar we de komende 5 jaar gaan starten. RISICO’S Het wordt lastig uitvoering te geven aan de doelstellingen vanuit het Klimaatakkoord als de beschikbare gelden van het Rijk voor de uitvoering niet worden gecontinueerd en niet worden opgehoogd zoals nodig is (zie onder financiën).
Daarnaast is de arbeidsmarkt krap en is het een risico dat er niet voldoende geschikte mensen zijn vanuit de gemeente voor de uitvoeringsplannen, maar ook vanuit de installatiebranche. Binnen het kader van grotendeels elektrische oplossingen om wijken van het gas te brengen, is ook de krapte op het elektriciteitsnet – beter bekend als netcongestie – een groot risico. Daarom wordt bij het opstellen van de plannen per gebied uitvoerig contact gehouden met de netbeheerder, om problemen in de wijk te voorkomen. FINANCIËN Voor het realiseren van deze uitvoeringsplannen per gebied is capaciteit en daarmee geld nodig. Hiervoor stelt de rijksoverheid subsidie beschikbaar via de CDOKE-regeling voor de uitvoering van het Klimaatakkoord. Volgens die regeling kunnen uren gedeclareerd worden. De Raad voor het Openbaar Bestuur heeft onderzoek laten doen naar de benodigde capaciteit bij gemeenten voor de uitvoering van het Klimaatakkoord. Een inschatting op basis van dat onderzoek door Andersson, Elffers, Felix en Improven (2024), is dat de gemeente circa €250.000 aan capaciteitskosten per gebied per jaar nodig heeft om de doelstellingen te behalen. Het gaat dan om kosten voor projectleiding, participatie, communicatie, onderzoek, ondersteuning inwonersinitiatieven, etc. In de komende 5 jaar starten we in 6 gebieden. Dit komt dus neer op 1,5 miljoen euro per jaar voor de uitvoeringsplanfase.
Genoemd onderzoek gaat ervan uit dat die inzet in een gebied circa 8 jaren lang nodig is om het doel te behalen. Voor het maken van de uitvoeringsplannen de komende 5 jaar maken we voor een deel gebruik van de bestaande capaciteit. Daarnaast zal er extra capaciteit nodig zijn voor de opschaling in fte, inhuur en eventueel benodigd onderzoek. Deze kosten kunnen worden gefinancierd uit de CDOKE middelen binnen de bestaande meerjarenplanning. Voor het opstellen van uitvoeringsplannen kunnen we ook subsidie aanvragen bij de Provincie NH. Voor de uitvoeringsfase na vaststellen van het Uitvoeringsplan is het mogelijk extra planfinanciering aan te vragen bij het Rijk. Voor de subsidie van de Provincie en de extra
Pagina 5 van 7
Raadsvoorstel Castricum
planfinanciering zijn extra aanvragen nodig. Dit is niet het geval voor de CDOKE gelden. Deze middelen zijn voldoende voor de uitvoering. Wanneer aanvullende financiering van Provincie en het Rijk niet kan worden verkregen, dan zal de afweging voor bekostiging hiervan opnieuw voorgelegd worden aan het college. De financiering van de uitvoering van dit Warmteprogramma staat los van de op dit moment lopende ombuigingen omdat deze kosten worden gedekt door bovenstaande subsidies. DUURZAAMHEID Dit Concept Warmteprogramma is onderdeel van de uitvoering van de Klimaatdoelstelling PARTICIPATIE Deze conceptversie van het Warmteprogramma en de Uitgangspuntennotitie Warmteprogramma Castricum is tot stand gekomen met input van ● Liander ● Stedin ● Kennemer Wonen ● CALorie ● CALorie Business ● Inwonerinitiatief Akersloot ● Inwonerspanel Klimaat BUCH ● Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (HHNK) ● HVC ● Provincie Noord-Holland ● Andere beleidsdomeinen BUCH werkorganisatie Er zijn individuele gesprekken gevoerd, in het najaar 2024 en in januari 2025 zijn er stakeholdersessies gehouden en begin februari hebben de stakeholders de gelegenheid gehad om te reageren op de 80% conceptversie van het Warmteprogramma.
UITVOERING, PLANNING EN ORGANISATIE Na vaststelling van het definitieve Warmteprogramma rond de zomer, wordt er na de zomer gestart met maken van een uitvoeringsplan in de buurt Albertshoeve. Akersloot volgt in 2026. Om continu zicht te houden op hoe ver we zijn in ons streven naar een aardgasvrije gemeente in 2050, blijven we het Warmteprogramma monitoren. De uitkomsten van de monitoring bespreken we jaarlijks intern en met onze partners. We maken een monitoringsverslag, inclusief duiding van de uitkomsten. Dit verslag delen we met de gemeenteraad. Hierin doen we ook een aanbeveling voor het uitvoeringstempo in relatie tot de risico’s en kansen met betrekking tot betaalbaarheid, netcongestie en draagvlak. Met de monitoring zijn we al gestart; het huidige Warmteprogramma kijkt terug op de periode 20202025 in hoofdstuk 1.4. Als de evaluaties daartoe aanleiding geven, passen we de plannen aan. Als dit gevolgen heeft voor budget, planning of doelen, neemt het managementteam van de BUCH hierover een besluit. In andere gevallen besluit het projectteam. Het is denkbaar dat de evaluatie ertoe leidt dat dit Warmteprogramma gewijzigd moet worden. Bijvoorbeeld om een volledig andere warmteoplossing mogelijk te maken dan hier beschreven. Voor een dergelijke wijziging van het Warmteprogramma is een nieuw besluit van het college van burgemeester en wethouders nodig.
Pagina 6 van 7
Raadsvoorstel Castricum
BIJLAGEN - Uitgangspuntennotitie Warmteprogramma Castricum 2025 - Concept Warmteprogramma Castricum 2025 met bijbehorende bijlagen
ACHTERLIGGENDE DOCUMENTEN Nvt. Hoogachtend, burgemeester en wethouders van de gemeente Castricum
mevrouw drs. H.G.M. Bakker secretaris
de heer B.A. Tap burgemeester
Pagina 7 van 7