CConstaterende datCastricum
Koppel je AI →
Document · PDF

01 Memo denkrichtingen beheersmaatregelen jeugd en Wmo

Raadsinformatieavond 18 maart 2021, gemeente CastricumBij agendapunt: 19.30 - 20.45: Presentatie beheersmaatregelen jeugd en Wmo2.132 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Voorbereidende informatie ten behoeve raadsinformatieavond input vooraf lange termijn beheersmaatregelen Bestuursopdracht Beheersmaatregelen Sociaal Domein Aan:

de leden van de gemeenteraad Castricum

Van:

projectgroep Beheersmaatregelen sociaal domein

Afdeling:

Samenleven

Datum:

5 maart 2021

Bijlage:

1. 1e concept samenvatting data-analyse BUCH op hoofdlijnen Jeugdhulp 2. 1e concept samenvatting data-analyse BUCH op hoofdlijnen Wmo

Woord vooraf Op 18 maart ontvangt u tijdens de raadsinformatieavond een presentatie van de projectgroep beheersmaatregelen sociaal domein om u de mogelijkheid te geven vooraf input te geven aan de projectgroep ten aanzien van de ontwikkeling van mogelijke lange termijn beheersmaatregelen. Deze zijn aanvullend op de op 8 oktober 2020 gepresenteerde korte termijn beheersmaatregelen. Met de begroting 2021 zijn de korte termijn maatregelen vastgesteld. Wij vragen u om tijdens de raadsinformatieavond aan te geven of u zich kunt vinden in de in dit memo opgenomen denkrichtingen voor mogelijke lange termijn beheersmaatregelen en/of dat u de projectgroep nog andere denkrichtingen wilt meegeven. We bevinden ons binnen het project momenteel in de fase van uitwerking van de data-analyse en op basis hiervan ontwikkelen van mogelijke beheersmaatregelen voor de langere termijn. De eerste contouren naar aanleiding van de data-analyse zijn zichtbaar. In dit memo beschrijven we een viertal hoofdlijnen vanuit de data-analyse, waaraan we enerzijds de reeds ingezette korte termijn maatregelen koppelen en anderzijds onze denkrichtingen presenteren voor de lange termijnbeheersmaatregelen. Als cijfermatige onderbouwing van de denkrichtingen zijn als bijlagen bij dit memo gevoegd de eerste concepten van een BUCH-brede samenvatting of hoofdlijnen van de nu nog lopende data analyse.

Deze concepten zijn nog volop in bewerking en zullen nog worden aangepast op recentere data en ook de wijze van presenteren van jeugd en Wmo moet nog op elkaar worden afgestemd. Desondanks heeft de projectgroep er nu voor gekozen om deze al met u te delen zodat u uw input vooraf hierop kunt baseren. Later in het traject komen nog momenten om uw formele reacties te geven en uw keuzes te maken. Allereerst schetsen we nog even kort de aanleiding en het kader van de bestuursopdracht. Aanleiding bestuursopdracht Gemeenten zijn op een breed terrein verantwoordelijk voor ondersteuning aan inwoners middels het beschikbaar stellen van diverse sociale voorzieningen, zoals jeugdhulp, begeleiding, dagbesteding of hulp bij het huishouden. Het is een landelijk beeld: bijna elke gemeente constateert dat de kosten voor met name Jeugdhulp en Wmo blijven stijgen. Het aantal inwoners dat gebruik maakt van dergelijke voorzieningen neemt toe, maar ook de zorgzwaarte. De meerjarenbegrotingen van de BUCH-gemeenten laten deze ontwikkeling ook zien. Zonder ingrijpen zal de stijgende trend zich de komende jaren voortzetten. Dit maakt het noodzakelijk maatregelen te treffen die de organisatie van- en rond de jeugdhulp en maatschappelijke ondersteuning kwalitatief verbeteren en beheersbaar houden.

Jeugdhulp en maatschappelijke ondersteuning moeten beschikbaar zijn voor inwoners die dat nodig hebben, nu en in de toekomst.

1

Middels de bestuursopdracht verzamelt en presenteert de projectgroep, namens het domein Samenleven, gegevens over de financiële en inhoudelijke oorzaken van de kostenstijgingen, om vervolgens beheersmaatregelen uit te werken voor de korte- en de langere termijn. U zult begrijpen dat niet alles te veranderen is middels een aantal beheersmaatregelen. Gemeenten hebben ook te maken met autonome ontwikkelingen die invloed hebben op de huidige trends. Denk hierbij aan de dubbele vergrijzing, invoering van het abonnementstarief, wet- en regelgeving en financiering vanuit het Rijk, et cetera. In de eindrapportage maakt de projectgroep inzichtelijk wat de niet-beïnvloedbare factoren en autonome ontwikkelingen zijn en waar de gemeenten wel invloed op hebben. Om te komen tot beheersmaatregelen is allereerst een kwalitatief onderzoek gedaan binnen de BUCH-werkorganisatie. Op basis van ervaringen en gesprekken met diverse medewerkers en netwerkpartners zijn een aantal beheersmaatregelen voor de korte termijn tot stand gekomen. Deze korte termijn beheersmaatregelen vallen allen binnen de huidige beleidskaders die door de gemeenteraden zijn vastgesteld en binnen de kaders van de bedrijfsvoering van de Werkorganisatie.

Op basis van een grondige data-analyse zien we dat er meer mogelijkheden zijn om de organisatie van de Jeugdhulp en maatschappelijke ondersteuning te verbeteren en doelmatiger en efficiënter te maken. Tegelijk zien we ook dat er verbeteringen noodzakelijk zijn in data-gestuurd werken en monitoring. Daar wordt binnen de werkorganisatie prioriteit aan gegeven en diverse stappen zijn inmiddels gezet. Hoofdlijnen data-analyse en koppeling beheersmaatregelen Naar aanleiding van de data-analyse, momenteel in uitvoering, worden een viertal hoofdlijnen zichtbaar waarop de beheersing van de Jeugdhulp en Wmo zich kan richten. De eerste lijn gaat in op het noodzakelijke inzicht in- en grip op de cliënt- en kostenontwikkeling. De tweede lijn gaat over de effectiviteit en de doelmatigheid van de ingezette zorg, de derde over de samenwerking en afstemming met externe partners en de vierde gaat over de doorontwikkeling van data-gedreven werken en monitoring. We koppelen de korte termijn beheersmaatregelen aan de hoofdlijnen aangevuld met een aantal mogelijke denkrichtingen die bijdragen aan verbetering en beheersing. 1. Zicht en grip op cliënt- en kostenontwikkeling Sinds 2017 neemt het aantal inwoners in zorg bij de gemeente toe. Op basis van de huidige beschikbare gegevens over 2020 lijkt daar bij Jeugdhulp een voorzichtige stabilisatie in te ontstaan.

De cijfers over 2020 zijn voor de Wmo (nog) niet beschikbaar. Ook de kosten op Jeugdhulp en Wmo nemen toe. De gemiddelde kosten voor een inwoner met een vorm van ondersteuning blijft jaarlijks stijgen. De verklaring hiervan ligt zowel bij de instroom en de toegang als bij het achterblijven van afschalen en uitstroom. Korte termijn maatregelen om dit te verbeteren zijn: Maatregel 1.Toestemming nodig bij beschikken dure cliënten Maatregel 4. Werken met een preventie en triageteam Maatregel 5. Regie voeren op alle maatwerkvoorzieningen Maatregel 7. Inrichting contractmanagement sociaal domein BUCH Maatregel 9. Onderzoek naar bestaande “dure” cliënten Maatregel 10. Scherper toepassen van de wettelijke kaders; WMO, WLZ, ZWVe Maatregel 12. Pgb’s toetsen op eigen kracht en gebruikelijke zorg. Maatregel 16. Heronderzoek naar langlopende verstrekkingen vanuit de WMO

Aanvullende denkrichtingen Om meer zicht en grip te krijgen op de cliënt- en kostenontwikkeling adviseert de projectgroep de volgende denkrichtingen:  Zakelijker contractmanagement Door te sturen met in- en uitstroomgegevens krijgen we inzicht in het verloop van ondersteuningstraject. Hiermee kunnen we ondersteuning en hulp gerichter en effectiever inzetten en daarnaast kunnen we de preventieve inzet gaan vergroten. Wat gaan we hiervoor doen: o Beter handhaven en sturen op in- en uitstroom en verlengingen door het aanscherpen van de kaders; o Inzetten van tussentijdse evaluaties bij aanbieders en de producten die vaak verlengd worden;

2

o

Verbeteren van de data zodat er meer inzicht komt op de in- en uitstroom en kenmerken per ondersteuningsproduct.

2. Effectiviteit en doelmatigheid van ingezette ondersteuning Er dient, zowel bij zorgaanbieders als bij de BUCH-werkorganisatie, meer inzicht te komen in het effect, de kwaliteit en de efficiëntie van ingezette zorg (inclusief algemene en voorliggende voorzieningen). Het is wenselijk hierin regionaal op te trekken. De regionale netwerkorganisatie voor inkoop- en contractmanagement faciliteert en versterkt gemeenten bij deze verbeterslag. Korte termijn maatregelen om dit te verbeteren zijn: Maatregel 5. Regie voeren op alle maatwerkvoorzieningen Maatregel 3. Materiële controle bij zorgaanbieders Maatregel 8. Structureel borgen van toezicht; doel- en rechtmatigheidsonderzoeken Maatregel 13. Scherper toezien op motivering bij toekenning Pgb > 75% van het ZIN-Tarief Maatregel 15. Herinrichting Huishoudelijke Ondersteuning Maatregel 17. Dyslexiezorg toekennen aan jeugdigen tot 13 jaar

Aanvullende denkrichtingen Om meer zicht en grip te krijgen op de effectiviteit en doelmatigheid van de ingezette zorg adviseert de projectgroep de volgende denkrichtingen:  Gerichter inzetten van inwonersonderzoeken waardoor er beter inzicht komt in de zorgvraag/ontwikkelijking per wijk Door stelselmatig op basis van managementinformatie inwonersonderzoeken uit te voeren kunnen opvallende zaken naar boven gehaald worden. Denk bijvoorbeeld aan stijgende cliëntenaantallen huishoudelijke ondersteuning door invoering van het abonnementstarief, stijgende aantallen van (specifieke) dure voorzieningen, het ‘plotseling opkomen van aanvragen die er eerder niet waren of voorzieningen waar meer/vaker regie op gevoerd kan worden om te kunnen afschalen.  Zakelijker contractmanagement In dit proces heeft contractmanagement een essentiële rol. Zij zijn nu meer aanspreekpunt en partner van de aanbieders. Door namens de gemeenten een zakelijkere houding aan te nemen richting de aanbieders worden de belangen van de gemeenten beter behartigd. Hierbij staat de door ontwikkeling/ aanscherping, juiste inrichting en doelmatigheid van contractmanagement centraal. Zij zijn namelijk in staat om grip te houden op het nakomen van afspraken op het gebied van de contracten en financiering hiervan. Dit beperkt ook deels onze afhankelijkheid van grote partijen.

 Meer resultaatgericht sturen met subsidies Onze netwerkpartners, waaronder welzijn, zijn belangrijk voor het vervullen van onze preventieve gezamenlijk opdracht binnen het sociaal team. In onze subsidieafspraken met deze netwerkpartners sturen we tot nu toe beperkt op het te bereiken resultaat, maar veel meer op het beschikbaar hebben van aanbod. We rekenen hier ook op af. Dit leidt er toe dat netwerkpartners de neiging hebben om zich te profileren, wat vervolgens kan leiden tot concurrentiegevoel tussen netwerkpartners en sociaal team onderling. Door subsidieafspraken veel meer resultaatgericht te maken en dit te laten aansluiten bij de gezamenlijk opdracht vanuit het sociaal team wordt verwacht concretere resultaten te halen en meer toe te komen aan preventieve activiteiten die aansluiten bij de behoeftes van inwoners.  Versterken van het gebruik van de sociale kaart Door het versterken en aanvullen van het gebruik van de sociaal kaart met het aanbod aan preventieve voorzieningen, willen we voorkomen dat inwoners direct instromen in maatwerkvoorzieningen. De sociale kaart kan gebruikt worden door inwoners, netwerkpartners, zorgaanbieders en medewerkers van de gemeentelijke toegang. Er is een, door netwerkpartners geleverd, preventief aanbod beschikbaar in onze gemeente en er is over het algemene grote sociale cohesie in onze dorpen.

We hebben een sociale kaart beschikbaar waarop netwerkpartners elkaar kunnen vinden. Er is echter geen overzicht van preventieve activiteiten per hulpvraag beschikbaar. Dat overzicht willen we graag maken. Het is de bedoeling om bij elke hulpvraag per wijk/sociaal team duidelijk te hebben wat er aan alternatief aanbod beschikbaar is. Denk aan alternatief aanbod voor dagbesteding, jeugd- en

3

opvoedhulp of maatjes in plaats van begeleiding. 3. Afstemming en samenwerking externe partners De samenwerking met externe partners (inclusief externe verwijzers) kan verder worden verbeterd waardoor eventuele benodigde zorg gerichter kan worden ingezet. Korte termijn maatregelen om dit te verbeteren zijn: Maatregel 6. Versterken samenwerking huisartsen/praktijkondersteuners Maatregel 11. Nadere afspraken na verwijzing GI

Aanvullende denkrichtingen Om de afstemming en samenwerking met externe partners verder te verbeteren adviseert de projectgroep de volgende denkrichtingen:  Heroverwegen inkoopstrategieën Door het aanpassen van huidige inkoopstrategieën, zonder hierbij de keuzevrijheid van inwoners te beperken, kan gerichter worden gestuurd via afspraken met aanbieders. Momenteel hebben we te maken met een enorme hoeveelheid verschillende aanbieders. Dat past bij de bestuurlijke piketpaal ‘keuzevrijheid’ die in 2016 is meegegeven. Er valt veel te kiezen voor inwoners. Tegelijkertijd zien we dat het managen van contracten en het sturen van aanbieders in de gewenste richting, hierdoor lastig gaat. In de aanloop naar nieuwe aanbestedingen in de komende jaren is het belangrijk om als BUCH-gemeenten helder te hebben welke doelen we nastreven en welke randvoorwaarden voor zorg we belangrijk vinden. Afspraken maken met zorgverzekeraars Er kan vanuit de gemeente meer worden ingezet op het maken van afspraken met zorgverzekeraars over diverse onderwerpen: Wlz, inloop GGZ, preventie, oppakken van testcases in het maatschappelijk domein, buurthuizen, informatie vanuit gemeenten en zorgverzekeraar over zorgval en mogelijk ook shared savings. Hierdoor kan een samenwerking ontstaan die relevant is voor een groter aantal cliënten dan die alleen door pilots bereikt worden.

Denk bijvoorbeeld aan preventieve inzet op (Jeugd) GGZ. Zowel de zorgverzekeraar als de gemeente hebben baat bij minder instroom in dure GGZ. 4. Data-gedreven werken en monitoring Afwijkingen van prognoses en opvallende onderdelen in de data moeten eerder inzichtelijk worden waardoor tijdige rapportage en/of bijsturen mogelijk is. Dataoverzichten en analyses worden momenteel handmatig verwerkt. Dit kost nu iedere keer enorm veel tijd en/of de data is niet compleet. Om dit te kunnen verbeteren is niet alleen monitoring van het sociaal domein voldoende. Korte termijn maatregelen om dit te verbeteren zijn: Maatregel 2.Administratieprotocol handhaven

Aanvullende denkrichtingen Om data-gedreven werken te ontwikkelen en de monitoring te verbeteren adviseert de projectgroep de volgende denkrichtingen:  Verbeteren informatiepositie Door de informatiepositie van zowel gemeenten ten aanzien van haar inwoners die zorg ontvangen als ten aanzien van de aanbieders te verbeteren, wordt het mogelijk eerder, datagedreven, te reageren. Het vastleggen én ontsluiten van soorten klanten, indicaties, declaraties etc. biedt een informatiepositie die het mogelijk maakt eerder en beter te signaleren als aanbieders de grenzen opzoeken van contracten en niet vanuit de principes van de transformatie handelen. Een voorbeeld hiervan is het bewust over grenzen van zorgzwaarte heen diagnosticeren, wat effect heeft op de tarieven die binnen contracten gehanteerd worden. Door meer in te zetten op data-analyse, kan de gemeente eerder in actie komen vanuit de contractuele verantwoordelijkheid en bevoegdheid. Hiervoor is naast het zelf hebben van goed eigen gemeentelijk inzicht ook regionaal inzicht noodzakelijk.

4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9865721/1