CConstaterende datCapelle Ad Ijssel
Koppel je AI →
Document · PDF

20210309 CDA vragen Hortus nav cie SOB 8-3

Gemeenteraad 22 maart 2021, gemeente Capelle Ad IjsselBij agendapunt: Definitieve Verklaring van Geen Bedenkingen appartementengebouw Hortus961 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

CDA vragen naar aanleiding commissie SOB 8 maart 2021 Hortus Opsteller Jolanda den Engelsman 9-3-2021 Lift Nota van beantwoording bewonersbijeenkomst: de lift is tenminste 1,05 m x 2,05 m. NEN 5080 is geen norm die wordt aangestuurd door het Bouwbesluit. Daar naast is het gebouw voor vergunningverlening besproken met de bouwcommissie van de BGC (Belangengroep Gehandicapten Capelle aan den IJssel) en met opmerkingen goedgekeurd. Een extra lift is hierbij niet ter sprake gekomen. Vraag: Gezien de ouderen doelgroep, is de lift geschikt voor brancard vervoer? Antwoord: De lift is geschikt voor een brandcard. Daarnaast voldoet het pand aan het keurmerk veilig wonen. Vuilopstelplaats. Die is nu ingetekend op het voorterrein, direct aan het voetpad en het dubbele fietspad. Vraag: Kan de vuilniswagen draaien op het voorterrein? Antwoord: Het manoeuvreren gebeurd op eigen terrein en wordt niet getoetst door Stadsontwikkeling. We gaan ervan uit dat ook hier de vuilniswagen achteruit het terrein zal oprijden zoals gebruikelijk. De bereikbaarheid van de vuilcontainers wordt getoetst door Stadsbeheer.

Aan de overkant van de singel is op zeer korte afstand aan de Desertosingel al een vrij ruimte ondergrondse container opslagplaats aanwezig? Vraag: Gezien de verkeersveiligheid is het een optie om de bewoners gebruik te laten maken van de ondergrondse containers aan de overkant? Antwoord: De containers worden beoordeeld door Stadsbeheer. Ondergrondse containers hebben een bepaalde capaciteit, het is dan ook niet zomaar te zeggen dat de bewoners van nieuwe grotere vastgoedontwikkelingen daar ook hun huisvuil kwijt kunnen. Uitgangspunt is dat vastgoedontwikkelingen met minimaal 4 bouwlagen in principe hun eigen afvalinzameling organiseren. Dat uitgangspunt wordt hier ook gehanteerd. Bouwkavel 55, 87 m2 Verkoopinformatie https://www.woneninhortus.nl/ De grote woningen boven 100 m2 krijgen ieder 2 parkeerplaatsen. De andere onder de 100 m2 Ieder 1 parkeerplaats. Vraag: Waarom is voor bouwkavel 55 een uitzondering gemaakt met 2 parkeerplaatsen? Antwoord: Alle appartementen worden door de ontwikkelaar aangeboden met een inpandige parkeerplaats. Bij de verdeling bleef een parkeerplaats over. Deze heeft de ontwikkelaar toegewezen aan bouwkavel 55.

Parkeernormen 2015 5.1 Bepaling normatieve parkeerbehoefte Zodra een ontwerp van een ontwikkeling zich daarvoor leent, wordt een inschatting gemaakt van de te verwachten parkeerbehoefte van de ontwikkeling op basis van de in deze Parkeernormen 2015 genoemde parkeernormen (zie bijlage 4). Het betreft de grondslag van de berekening van het aantal parkeerplaatsen waarvan de initiatiefnemer tijdens het ontwerpproces kan uitgaan dat hij zal moeten realiseren op de ontwikkelingslocatie of moet vinden binnen de benoemde loopafstanden (afhankelijk van de te faciliteren doelgroepen). Vraag : Zijn de normen in bijlage 4 dan niet de minimale normen 1,5 < 100 en 1,8 > 100, en dienen gerealiseerd te worden. In geval van Hortus 86 parkeerplaatsen? Vraag : De berekeningswijze nu is met dagen en tijden, is dit niet alleen van toepassing als er sprake is van een integrale gebiedsontwikkeling met bijvoorbeeld kantoren en winkels ed?

Antwoord: Nee, het benodigde aantal parkeerplaatsen is lager (75) door de berekeningsmethodiek waarbij dubbelgebruik wordt toegepast. Voor een uitgebreide toelichting van deze methodiek wordt ook verwezen naar de beantwoording van de technische vragen van de Raad van 22 maart.

Algemene vraag Voor de projecten van Steingoed (20 en 42 woningen) is gekozen voor een nieuw bestemmingsplan. Project Hortus, een ontwerpverklaring van geen bedenkingen. Vraag : Waarom is gekozen bij Steingoed voor nieuw bestemmingsplannen en wat is het verschil met een Ontwerpverklaring van geen bedenkingen? Antwoord: Allereerst: Een verklaring van geen bedenkingen wordt door uw raad afgegeven om aan te geven dat u geen bedenkingen heeft tegen het afgeven van een omgevingsvergunning door het college voor het betreffende initiatief/plan. Als een initiatief afwijkt van het geldende bestemmingsplan, dan zijn er enkele ‘routes’ te doorlopen om de afwijking mogelijk te maken. De meest gebruikte bij meer omvangrijke bouwplannen zijn 1) het opstellen van een nieuw bestemmingsplan en 2) de afwijking mogelijk maken via een uitgebreide omgevingsvergunning- procedure. De keuze voor een procedure hangt van een aantal zaken af; de status van de planontwikkeling (in hoeverre de ontwikkelaar al een concreet bouwplan heeft) en de mate van flexibiliteit aan de voorkant, de mate waarin men aan de voorkant rechtszekerheid wil verkrijgen, financiële overwegingen, bezwaar-en beroepsmogelijkheden en risicobeheersing. Er is geen standaard procedure of iets dergelijks. Het is puur maatwerk voor welke procedure in het betreffende geval gekozen wordt.

De reden dat NK4 en NK9 (Steingoed) een bestemmingsplanprocedure doorlopen, heeft te maken met het feit dat de ontwikkelaar vanaf het moment dat we met hen in gesprek gingen wel wisten dat ze een woningbouwplan wilde ontwikkelen, maar nog geen concreet en uitgewerkt bouwplan hadden. Een voorwaarde voor het doorlopen van een omgevingsvergunning procedure is namelijk dat de ontwikkelaar een concreet, uitgewerkt bouwplan heeft bij het indienen van de aanvraag om omgevingsvergunning. De ontwikkelaar van NK4 en NK9 had meer tijd nodig om bouwplannen uit te werken, maar wilde aan de voorkant wel de rechtszekerheid dat woningbouw mogelijk is op de betreffende locaties. Die rechtszekerheid wordt geboden middels de bestemmingsplannen waar de bestemming ‘bedrijf’ omgezet wordt in de bestemming ‘wonen’. Als de toelichting van de bestemmingsplannen van NK4 en NK9 vergeleken wordt met de ruimtelijke onderbouwing van de Hortus, dan valt op dat er in de bestemmingsplannen alleen op hoofdlijnen over het plan wordt gesproken, terwijl in de ruimtelijke onderbouwing van de Hortus een uitgewerkt plan beschreven wordt. Het plan van Steingoed doorloopt dan wel na vaststelling van het bestemmingsplan de reguliere procedure voor het bouwen waarin het dan uitgewerkte bouwplan vergund wordt.

De ontwikkelaar van de Hortus had bij aanvang van het traject al een uitgewerkt bouwplan, waardoor een uitgebreide omgevingsvergunning met een verklaring van geen bedenkingen de meest logische route is voor het planologisch mogelijk maken van het woningbouwplan. Vraag : Is bij de Steingoed projecten dezelfde parkeerberekening gehanteerd als bij de Hortus? Antwoord: Wij hanteren voor alle projecten dezelfde parkeerberekening.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9886923/1