12.03 - Bijlage 1 - afwegingskader noodhulp bij humanitaire rampen
Tekst van het document
Afwegingskader noodhulp bij humanitaire rampen d.d. maart 2024
Inhoudelijke kaders Bij een humanitaire ramp gebeurt veel in een korte tijd waardoor de druk om snel een besluit te nemen over het leveren van een bijdrage hoog is. Dit wordt onder meer beïnvloed door de omvang en impact van de ramp, de media-aandacht en de lokale banden met het getroffen gebied. De volgende inhoudelijke kaders ondersteunen bij de afweging voor verstrekken van een gemeentelijke bijdrage: 1. Er is sprake van een humanitaire ramp; 2. Er is of wordt voor deze ramp een nationale actie door de Samenwerkenede Hulporganisaties (SHO) georganiseerd (ook bekend onder Giro 555); 3. De inwoners van Capelle aan den IJssel zijn betrokken of voelen zich verbonden met de (slachtoffers) van de ramp. Als alle drie de bovenstaande kaders zich voordoen kan het college van B en W besluiten tot het beschikbaar stellen van een bijdrage. Het college heeft daarnaast altijd de discretionaire bevoegdheid een afwijkend besluit te nemen. In geval sprake is van een lokaal particulier initiatief dient een formeel verzoek om een bijdrage te worden ingediend bij het college van B en W. Toelichting op de inhoudelijke kaders Een humanitaire ramp is een gebeurtenis die leidt tot een zodanige ontwrichting van de infrastructuur in een gebied, dat er enige tijd of langdurig niet kan worden voorzien in de basisbehoeften van de inwoners en waarbij direct noodhulp geboden is.
De ramp is van natuurlijke of menselijke oorsprong, zoals bijvoorbeeld oorlogen, hongersnood, Bevolkingsverplaatsingen, vluchtelingenstromen of epidemieën. De geboden noodhulp is beperkt in tijd, ruimte en omvang. Zij heeft als doel te voldoen aan primaire levensbehoeften van de bevolking die wordt geconfronteerd met de ramp. Ook kan een deel van de hulp kan bestemd zijn voor de wederopbouw direct na de ramp. De Samenwerkende Hulporganisaties (SHO) vormen een landelijk samenwerkingsverband van acht Nederlandse hulporganisaties (CARE Nederland, Cordaid, Kerk in Actie, Nederlandse Rode Kruis, Oxfam Novib, Plan International, Save the Children, Stichting Vluchteling, Terre des Hommes, UNICEF Nederland en World Vision). De SHO gebruiken de volgende criteria om een nationale actie te starten: omvang van de ramp en het aantal slachtoffers, media-aandacht, het ontbreken van capaciteit ermee om te gaan in het betreffende land, bestaan van goede kanalen voor hulp, en draagvlak in de Nederlandse samenleving.
Bij grote rampen werken zij samen in een nationale actie met als doel: Geld inzamelen op een gezamenlijk bankrekeningnummer; Informatie geven over de humanitaire situatie in het rampgebied; Hulp aan mensen in het getroffen gebied samen met andere (lokale en internationale) organisaties zo goed mogelijk afstemmen; Samen rapporteren over de bestedingen van de opbrengst van een Nationale Actie. De SHO hebben geen rechtspersoonlijkheid en besteden en verantwoorden de hulpgelden niet zelf. Dat is de taak van de individuele organisaties die deelnemen aan een Nationale Actie van de SHO. Betrokkenheid bestaat doordat de ramp plaatsvindt in het land van herkomst van een allochtone bevolkingsgroep binnen de gemeente (bijvoorbeeld de aardbevingen in Turkije, Syrië, Iran of Marokko). Het kan ook gaan om een ramp van zodanige omvang dat er in de samenleving breed gedragen burgerinitiatieven ontstaan om hulp te verlenen (zoals bijvoorbeeld bij een tsunami of aardbeving met grote impact). Tenslotte kan betrokkenheid ontstaan door een internationaal samenwerkingsband met (een deel van) het getroffen gebied.
De wijze van verstrekking van de bijdrage Als het college besluit een financiële bijdrage te geven zijn er twee wijzen waarop de hoogte van het bedrag kan worden vastgesteld: 1. Verdubbeling van de ingezamelde gelden van een particulier initiatief Het gaat hierbij om een particulier initiatief (organisatie of particulier uit de gemeente Capelle aan den IJssel) voor een lokale inzamelingsactie. Het ingezamelde bedrag kan door de gemeente worden verdubbeld tot een maximale gemeentelijke bijdrage van € 6.500,- per bedoelde inzamelingsactie. De gemeentelijke bijdrage wordt toegekend op aanvraag van de initiatiefnemers na een formeel verzoek aan het College van B en W. Betaling vindt plaats op basis van een aantoonbare storting van het ingezamelde bedrag door de organisatie of particulier op de landelijke SHO-bankrekening (Giro 555). 2. Bijdrage per inwoner Een bijdrage per inwoner bedraagt maximaal € 1,00 per inwoner van de gemeente Capelle aan den IJssel. Het bepalen van de hoogte van de bijdrage is in grote mate afhankelijk van de situatie op dat moment, aard en omvang van de ramp, de mate van lokale betrokkenheid en draagvlak, advies en inzet van de VNG, inzet van andere gemeenten en de stand van zaken van de financiën van de gemeente zelf.
Deze afwegingen laten zich lastig vatten in getallen en vaste criteria en vragen een afweging op het moment direct na het plaatsvinden van de ramp. Mochten beide situaties zich gelijktijdig voordoen dan blijft het maximale te schenken bedrag € 1,00 per inwoner. Per jaar is in totaal maximaal € 1,00 per inwoner voor humanitaire rampen beschikbaar. Besluitvorming De SHO opent in het algemeen binnen drie dagen na de ramp een gironummer. Uiterlijk drie dagen na de start van een nationale actie door de SHO, wordt de gemeente geïnformeerd door de VNG met een ledenbrief. Het advies is om zo snel mogelijk de besluitvorming ter hand te nemen. In het belang van een doelmatige en spoedige besluitvorming is het gewenst dit besluit door uw Raad te laten mandateren aan het college van B en W. U wordt via het presidium en een collegebrief meegenomen in de afweging en het besluit van ons college. Een lokaal particulier initiatief dient een formeel verzoek in en meldt zichzelf bij de gemeente. Dit verzoek kan worden ingediend tot 21 dagen na het openen van giro 555. De volgende stappen richting besluitvorming worden doorlopen: Alle ingekomen informatie wordt verzameld en beoordeeld door de afdeling BCO (bestuursadvies/kabinet). Binnen een zo kort mogelijk tijdsbestek brengt zij advies uit aan het college tot het al dan niet verlenen van noodhulp.
Dit met inachtneming van voorliggende kaders. De burgemeester informeert het presidium over het voorgenomen besluit. Het college neemt een besluit. Uw Raad wordt geïnformeerd met een collegebrief. Betaling en verantwoording De gemeentelijke bijdrage wordt gestort op de landelijke bankrekening van de SHO. De bij SHO aangesloten hulporganisaties zijn in het bezit van het CBF-keur. Vanuit het oogpunt van kwaliteit en effectiviteit van de geboden hulp biedt dit keurmerk een waarborg dat het beschikbaar gestelde geld goed besteed wordt. Verantwoording vindt plaats door de bij SHO aangesloten organisaties in hun publieke jaarverslagen. Deze organisaties rapporteren over de inkomsten van nationale acties en hanteren daarbij een uitgebreid financieel reglement. Ook rapporteren zij centraal aan de SHO, zodat een beeld ontstaat van de geboden hulp en besteding van middelen. Dit document voldoet aan bij regelgeving van het Centraal Bureau Fondsenwerving (CBF). Bronnen gebruikt bij het opstellen van dit afwegingskader: VNG brochure ‘Een ramp in het buitenland’ (2008) https://www.vng-international.nl https://giro555.nl