CConstaterende datCapelle Ad Ijssel
Koppel je AI →
Document · PDF

10.05 - Was-wordt lijst Verordening ambtelijke bijstand en fractieondersteuning Capelle aan den IJssel 2026

Commissie Bestuur, Veiligheid en Middelen 22 juni 2026, gemeente Capelle Ad IjsselBij agendapunt: Verzamelvoorstel evaluatie fractie- en scholingsgelden en wijzigingen verordeningen gemeenteraad m.b.t. de financiële aangelegenheden van de raad3.599 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Verordening ambtelijke bijstand en fractieondersteuning Capelle aan den IJssel WAS Artikel 1 In deze verordening wordt verstaan onder: 1. ambtelijke bijstand: 2. ambtenaar: ambtenaar van de gemeente, niet zijnde een medewerker van de griffie; 3. document: document als bedoeld in artikel 1, onder a, van de Wet openbaarheid van bestuur; 4. fractie: fractie als bedoeld in artikel 7 van het Reglement van Orde voor de vergaderingen en 5. wet: Gemeentewet.

Artikel 2 Verzoek om informatie 1. Een (burger)raadslid kan de griffier of een ambtenaar verzoeken om feitelijke informatie van geringe omvang of om inzage in, of afschrift van, documenten waaromtrent geen geheimhouding krachtens de artikelen 25, 55 of 86 van de wet is opgelegd. 2. De griffier verstrekt zo spoedig mogelijk de verzochte informatie, voor zover deze daarover kan beschikken. Voor zover daarmee niet aan het

WORDT Artikel 1 Begripsbepalingen In deze verordening wordt verstaan onder: ambtelijke bijstand: bijstand, verleend door onder het gezag van het college werkzame ambtenaren; ambtenaar: ambtenaar van de gemeente, niet zijnde een medewerker van de griffie; bijstand: ondersteuning bij het opstellen van voorstellen, amendementen en moties of andere ondersteuning niet zijnde een verzoek om informatie; burgerraadslid: door de gemeenteraad benoemde burger, die bij de gemeenteraadsverkiezingen op de kieslijst van zijn partij heeft gestaan en die na zijn benoeming op voordracht van de fractie mag deelnemen aan vergaderingen van de raadscommissies; en fractie: groep van een of meerdere raadsleden als bedoeld in artikel 8 van het Reglement van Orde gemeenteraad Capelle aan den IJssel 2026.

TOELICHTING Overbodige definities zijn geschrapt. De definitie van ambtelijke bijstand en bijstand was abusievelijk niet ingevuld, deze definities zijn nu toegevoegd. Het begrip document is geschrapt aangezien dit begrip niet terugkwam in de tekst van de verordening. Verder zijn er een aantal technische wijzigingen en verwijzingen aangepast en is het begrip burgerraadslid toegevoegd.

Dit artikel zag op de technische vragen, dit onderwerp is eveneens geregeld in artikel 43 van het Reglement van Orde. Gelet op deze dubbele regeling kan het artikel in deze verordening worden geschrapt.

1

verzoek voldaan is verzoekt de griffier de secretaris één of meer ambtenaren aan te wijzen die voor zover mogelijk de resterende informatie zo spoedig mogelijk verstrekken. 3. Indien de ambtenaar twijfelt of het verzoek betrekking heeft op informatie bedoeld onder het eerste lid, stelt hij de secretaris daarvan in kennis. De secretaris beslist. Artikel 3 Verzoek om ambtelijke bijstand 1. Een (burger)raadslid kan de griffier verzoeken om ambtelijke bijstand bij het opstellen van voorstellen, amendementen en moties of andere bijstand. 2. De bijstand, bedoeld in het eerste lid, wordt zo spoedig mogelijk door de griffier of een medewerker van de griffie verleend, voor zover dit in redelijkheid kan worden gevergd. Indien de gevraagde bijstand niet door de griffier of een medewerker van de griffie kan worden verleend kan de griffier de secretaris verzoeken, één of meer ambtenaren aan te wijzen, die de gevraagde bijstand voor zover mogelijk zo spoedig mogelijk verlenen. 3. De secretaris wijst geen ambtenaar aan als: a. naar oordeel van de secretaris niet aannemelijk is gemaakt dat de ambtelijke bijstand betrekking heeft op raadswerkzaamheden of b. dit naar het oordeel van de secretaris het belang van de gemeente kan schaden. c. De secretaris beoordeelt of ambtelijke bijstand op grond van het derde lid geweigerd wordt. d.

Indien de bijstand op grond van het derde lid wordt geweigerd deelt de secretaris dit met redenen omkleed mee aan de griffier en aan het (burger)raadslid dat het verzoek heeft ingediend.

Artikel 2 Verzoek om ambtelijke bijstand 1. Een raadslid kan de griffier verzoeken om ambtelijke bijstand. Een verzoek kan namens een raadslid gedaan worden door een burgerraadslid. 2. De bijstand, bedoeld in het eerste lid, wordt zo spoedig mogelijk door de griffier of een medewerker van de griffie verleend, voor zover dit in redelijkheid kan worden gevergd. 3. Indien de gevraagde bijstand niet door de griffier of een medewerker van de griffie kan worden verleend kan de griffier de secretaris verzoeken, één of meer ambtenaren aan te wijzen, die de gevraagde bijstand voor zover mogelijk zo spoedig mogelijk verlenen. 4. De secretaris kan het verzoek om ambtelijke bijstand weigeren, als naar het oordeel van de secretaris: a. niet aannemelijk is gemaakt dat de ambtelijke bijstand betrekking heeft op raadswerkzaamheden; of b. dit het belang van de gemeente kan schaden.

In het eerste lid is aangepast dat een verzoek tot ambtelijke bijstand ten alle tijden door of namens een raadslid moet worden gedaan. Dit volgt namelijk uit het feit dat het instrument waarvoor ambtelijke bijstand wordt ingezet, in de meeste gevallen, een instrument is van een raadslid en niet een burgerraadslid. Verder zijn er een aantal redactionele wijzigingen doorgevoerd.

2

Artikel 4 Weigering ambtelijke bijstand Indien het verzoek om bijstand van een ambtenaar door de secretaris wordt geweigerd kan de griffier of het betrokken (burger)raadslid het verzoek voorleggen aan de burgemeester. De burgemeester beslist zo spoedig mogelijk over het verzoek.

Artikel 3 Weigering ambtelijke bijstand 1. Wanneer de ambtelijke bijstand op grond van artikel 2, vierde lid, wordt geweigerd, deelt de secretaris dit, onder vermelding van de redenen, mee aan de griffier, het raadslid en, indien van toepassing, het burgerraadslid. 2. Indien het verzoek om ambtelijke bijstand door de secretaris wordt geweigerd kan de griffier of het betrokken raadslid het verzoek voorleggen aan de burgemeester. De burgemeester beslist zo spoedig mogelijk over het verzoek.

Dit artikel is redactioneel gewijzigd. Verder is het eerste lid naar dit artikel verplaats vanuit het oude artikel 3. Inhoudelijk is het niet gewijzigd.

Artikel 5 Kwaliteit verleende bijstand e. Een (burger)raadslid dat niet tevreden is over de door een ambtenaar aan hem verleende ambtelijke bijstand kan hierover in overleg treden met de secretaris. 2. Als overleg met de secretaris niet leidt tot een voor beide partijen bevredigende oplossing kan het (burger)raadslid de zaak aan de burgemeester voorleggen. De burgemeester voorziet zo spoedig mogelijk in de kwestie.

Artikel 4 Kwaliteit verleende bijstand 1. Een raadslid dat niet tevreden is over de door een ambtenaar aan hem verleende ambtelijke bijstand kan hierover in overleg treden met de secretaris. 2. Als overleg met de secretaris niet leidt tot een voor beide partijen bevredigende oplossing kan het raadslid de zaak aan de burgemeester voorleggen. De burgemeester voorziet zo spoedig mogelijk in de kwestie.

Dit artikel is redactioneel gewijzigd.

Artikel 6 Verstrekking informatie over verzoeken om ambtelijke bijstand 1. De secretaris verstrekt aan het lid van het college op wiens werkzaamheden een verzoek om ambtelijke bijstand betrekking heeft, desgevraagd een afschrift van het verzoek. 2. Als het college of één of meer leden van het college informatie wensen over een verzoek om ambtelijke bijstand of over de inhoud van verleende ambtelijke bijstand, wenden zij zich daartoe rechtstreeks tot het betrokken (burger)raadslid. Artikel 7 Recht op financiële bijdrage

Artikel 5 Verstrekking informatie over verzoeken om ambtelijke bijstand 1. De secretaris verstrekt aan het lid van het college op wiens werkzaamheden een verzoek om ambtelijke bijstand betrekking heeft, desgevraagd een afschrift van het verzoek. 2. Als het college of één of meer leden van het college informatie wensen over een verzoek om ambtelijke bijstand of over de inhoud van verleende ambtelijke bijstand, wenden zij zich daartoe rechtstreeks tot het betrokken raadslid.

Dit artikel is redactioneel gewijzigd.

Artikel 6 Recht op financiële bijdrage 1. Aan elke fractie wordt door de raad jaarlijks een financiële bijdrage als tegemoetkoming in de

Dit artikel is redactioneel gewijzigd.

3

1. De fracties ontvangen jaarlijks een financiële bijdrage als tegemoetkoming in de kosten voor het functioneren van de fractie. 2. Deze bijdrage bestaat uit een vast deel voor elke fractie. Daarnaast ontvangt elke fractie een bedrag per raadszetel. De omvang van de toe te kennen bedragen wordt ieder jaar bij de vaststelling van de gemeentebegroting door de raad bepaald.

kosten verleend voor het functioneren van de fractie. 2. Deze bijdrage bestaat uit een vast deel en een bedrag per raadszetel voor de fractie. De omvang van de toe te kennen vaste bedrag en het bedrag per raadszetel wordt ieder jaar bij de vaststelling van de gemeentebegroting door de raad bepaald.

Artikel 7 Verantwoordelijkheid 1. Elk lid van een fractie ondertekent bij het begin van de raadsperiode dan wel bij splitsing of samenvoeging van een fractie een verklaring dat naar evenredigheid van het aantal leden van de betreffende fractie verantwoording bestaat voor de besteding van de tegemoetkoming overeenkomstig de bepalingen van deze verordening. 2. Indien een lid van een fractie weigert een verklaring als bedoeld in het derde lid te tekenen, wordt de totale tegemoetkoming voor betreffende fractie naar evenredigheid naar beneden bijgesteld.

Artikel 8 Besteding bijdrage 1. Fracties besteden de bijdrage om hun volksvertegenwoordigende, kaderstellende en controlerende rol te versterken. 2. Bij deze verordening is een protocol gevoegd dat nadere regels bevat omtrent het besteden van gelden betreffende de ambtelijke bijstand en

Artikel 8 Besteding bijdrage 1. Fracties besteden de bijdrage uitsluitend ter versterking van hun volksvertegenwoordigende, kaderstellende en controlerende rol 2. Fracties besteden de bijdrage overeenkomstig de nadere regels, opgenomen in het bij deze verordening behorende protocol. In dat protocol

Dit artikel is toegevoegd om duidelijk vast te leggen wie verantwoordelijk is voor de rechtmatige besteding en eventuele terugbetaling van fractievergoedingen. In de praktijk bleek namelijk dat terugvordering juridisch lastig kan zijn, omdat een fractie zelf geen rechtspersoon is en de samenstelling van fracties kan wijzigen door splitsingen, samenvoegingen of verkiezingen. Door ieder fractielid een verklaring te laten ondertekenen, wordt vooraf vastgelegd dat de leden naar rato verantwoordelijk zijn voor de besteding van de tegemoetkoming. Daarmee wordt voorkomen dat bij onjuiste besteding onduidelijkheid ontstaat over wie aanspreekbaar is voor terugvordering. De bepaling dat de tegemoetkoming wordt verlaagd als een lid weigert te tekenen, stimuleert bovendien dat alle fractieleden deze verantwoordelijkheid expliciet accepteren. Dit artikel is dusdanig gewijzigd dat uitvoering wordt gegeven aan de aanbevelingen 1,2 en 5 van de Evaluatie fractie- en scholingsgelden. Verder is het derde lid toegevoegd zodat een mogelijk wijziging van het protocol niet betekent

4

fractie ondersteuning. Dit protocol maakt onderdeel uit van deze verordening

wordt tevens bepaald welke kosten onder het eerste lid vallen. 3. Het presidium is gemandateerd om, op voorstel van de kascommissie, het protocol te wijzigen.

dat de gehele raad hier een uitspraak over hoeft te doen.

Artikel 9 Bevoorschotting bijdrage 1. De bijdrage voor fractieondersteuning wordt als voorschot op dat kalenderjaar verstrekt. 2. Uitbetaling van de in het eerste lid bedoelde bijdrage vindt plaats in twee termijnen en wel vóór 31 januari en na 1 april van een kalenderjaar. De fracties openen voor de toekenning van de vergoeding voor fractieondersteuning een aparte bank- of girorekening. 3. Het voorschot wordt verrekend met teveel ontvangen voorschotten in jaren waarvoor de raad de bedragen heeft vastgesteld bedoeld in artikel 11, vierde lid. 4. In een jaar waarin verkiezingen plaatsvinden wordt het voorschot verstrekt voor de maanden tot en met de maand waarin de verkiezingen plaatsvinden. In de eerste maand na de maand waarin de eerste vergadering van de nieuw gekozen raad plaatsvindt wordt het voorschot verstrekt voor de overige maanden.

Artikel 9 Bevoorschotting bijdrage 1. De bijdrage voor fractieondersteuning wordt als voorschot op dat kalenderjaar verstrekt. 2. Uitbetaling van de in het eerste lid bedoelde bijdrage vindt plaats in twee termijnen en wel vóór 31 januari en na 1 april van een kalenderjaar. 3. De fracties openen voor de toekenning van de vergoeding voor fractieondersteuning een aparte bank- of girorekening. Uitbetaling aan een natuurlijke persoon of landelijke fractie is niet mogelijk. 4. Het voorschot wordt verrekend met teveel ontvangen voorschotten in jaren waarvoor de raad de bedragen heeft vastgesteld bedoeld in artikel 11, vierde lid. 5. In een jaar waarin verkiezingen plaatsvinden wordt het voorschot verstrekt voor de maanden tot en met de maand waarin de verkiezingen plaatsvinden. In de eerste maand na de maand waarin de eerste vergadering van de nieuw gekozen raad plaatsvindt wordt het voorschot verstrekt voor de overige maanden.

Voor de leesbaarheid van het artikel is de laatste zin van het tweede lid is een apart lid geworden. Aan dit lid is toegevoegd dat uitbetaling aan een natuurlijk persoon of een landelijke fractie niet mogelijk is.

Artikel 10 Wijziging aantal zetels 1. Indien het zeteltal van een fractie ten gevolge van verkiezingen verandert, wijzigt de bijdrage zowel bij vermindering als vermeerdering van het zeteltal: op de eerste dag van de maand na de maand waarin de eerste vergadering van de nieuw gekozen raad plaatsvindt. 2. Als één of meer raadsleden van één of meer fracties als zelfstandige fractie gaan optreden of zich aansluiten bij een andere fractie, wordt het voor elk van deze zetels beschikbaar gestelde

Artikel 10 Wijziging aantal zetels 1. Op de eerste dag van de maand na de eerste raadsvergadering van een raadsperiode, wijzigt de bijdrage zowel bij vermindering als vermeerdering van het zetelaantal ten gevolge van de verkiezing. 2. Als één of meer raadsleden van één of meer fracties als zelfstandige fractie gaan optreden of zich aansluiten bij een andere fractie, wordt het voor elk van deze zetels beschikbaar gestelde variabele deel van de financiële bijdrage

Het eerste lid is gelet op de leesbaarheid redactioneel gewijzigd. Het zesde lid is ingevoegd gelet op het nieuwe artikel 7.

5

variabele deel van de financiële bijdrage toebedeeld aan de nieuw gevormde fractie of aan de fractie waarbij aangesloten wordt. 3. Als zich een situatie als bedoeld in het tweede lid voordoet worden de verleende voorschotten onverwijld bijgesteld overeenkomstig de uit het eerste lid voortvloeiende verdeling. 4. Als een fractie tijdens een zittingsperiode ophoudt te bestaan, vervalt de aanspraak op de financiële bijdrage met ingang van de maand volgend op de maand waarin de fractie hiervan kennisgeving heeft gedaan. 5. Als een fractie als gevolg van verkiezingen ophoudt te bestaan, vervalt de aanspraak op de financiële bijdrage met ingang van de datum dat de raad in de nieuwe samenstelling aantreedt.

toebedeeld aan de nieuw gevormde fractie of aan de fractie waarbij aangesloten wordt. 3. Als zich een situatie als bedoeld in het tweede lid voordoet worden de verleende voorschotten onverwijld bijgesteld overeenkomstig de uit het eerste lid voortvloeiende verdeling. 4. Als een fractie tijdens een zittingsperiode ophoudt te bestaan, vervalt de aanspraak op de financiële bijdrage met ingang van de maand volgend op de maand waarin de fractie hiervan kennisgeving heeft gedaan. 5. Als een fractie als gevolg van verkiezingen ophoudt te bestaan, vervalt de aanspraak op de financiële bijdrage met ingang van de datum dat de raad in de nieuwe samenstelling aantreedt. 6. Alle verplichtingen die de oorspronkelijke fractie tot de datum van de fractie splitsing of samenvoeging is aangegaan worden gedragen door de leden van de oorspronkelijke fractie, ongeacht van welke fractie zij nadien deel uitmaken.

Artikel 11 Reserve 1. De raad reserveert het in enig jaar niet gebruikte gedeelte van de bijdrage toekomend aan een fractie ter besteding door die fractie in volgende jaren. 2. De reserve is niet groter dan 30% van de bijdrage die de fractie in het voorgaande kalenderjaar toekwam ingevolge artikel 6. 3. Het beroep in enig jaar op de opgebouwde reserve, komt tot uitdrukking in de afrekening als bedoeld in artikel 12 over dat jaar. Bevoorschotting vindt desgevraagd plaats. 4. De reserve blijft na verkiezingen beschikbaar voor de fractie die onder dezelfde naam terugkeert, dan wel voor de fractie die naar het oordeel van de raad als rechtsopvolger daarvan kan worden beschouwd.

Artikel 11 Reserve 1. De raad reserveert het in enig jaar niet gebruikte gedeelte van de bijdrage toekomend aan een fractie ter besteding door die fractie in volgende jaren. 2. De reserve is niet groter dan 30% van de bijdrage die de fractie in het voorgaande kalenderjaar toekwam ingevolge artikel 6. 3. Het beroep in enig jaar op de opgebouwde reserve, komt tot uitdrukking in de verantwoording als bedoeld in artikel 12 over dat jaar. Bevoorschotting vindt desgevraagd plaats. 4. De reserve blijft na verkiezingen beschikbaar voor de fractie die onder dezelfde naam terugkeert, dan wel voor de fractie die naar het oordeel van de raad als rechtsopvolger daarvan kan worden beschouwd.

Redactioneel gewijzigd

6

5. Als bij zetelverlies de reserve voor een fractie hoger zou worden dan aangegeven in het tweede lid, vervalt het recht op dat meerdere. 6. Bij splitsing van een fractie, wordt de reserve verdeeld over de betrokken fracties naar evenredigheid van het aantal bij de splitsing betrokken leden, voor zover deze reserve niet meer bedraagt dan 30% van de bijdrage die de oorspronkelijke fractie in het voorgaande kalenderjaar ontving.

5. Als bij zetelverlies de reserve voor een fractie hoger zou worden dan aangegeven in het tweede lid, vervalt het recht op dat meerdere. 6. Bij splitsing van een fractie, wordt de reserve verdeeld over de betrokken fracties naar evenredigheid van het aantal bij de splitsing betrokken leden, voor zover deze reserve niet meer bedraagt dan 30% van de bijdrage die de oorspronkelijke fractie in het voorgaande kalenderjaar ontving.

Artikel 12 Verantwoording 1. Een fractie legt uiterlijk drie maanden na het einde van een kalenderjaar aan de raad verantwoording af over de besteding van de financiële bijdrage gedurende het vorige kalenderjaar, onder overlegging van een verslag. 2. Indien de verantwoording over het vorige kalenderjaar vóór de in het eerste lid genoemde termijn niet is ingediend, wordt de over het lopende kalenderjaar resterende vergoeding en eventueel volgende kalenderjaar vastgestelde vergoeding niet uitbetaald. 3. De griffie toetst of de uitgaven in overeenstemming zijn met hetgeen in de verordening en het daarbij behorende protocol is vastgelegd als zijnde toegestaan en rapporteert over haar bevindingen aan de kascommissie. Deze commissie bestaat uit drie door de raad uit haar midden benoemde leden. Dit zijn dezelfde leden als die welke de kascommissie vormen in het kader van de verantwoording over de besteding van de bijdrage voor scholing, als bedoeld in art. 5c, 4. De kascommissie toetst de bevindingen van de griffie en rapporteert - in de vorm van een conceptraadsvoorstel en -raadsbesluit - aan de commissie tot welke het aandachtgebied

Artikel 12 Verantwoording 1. Een fractie legt uiterlijk drie maanden na het einde van een kalenderjaar aan de raad verantwoording af over de besteding van de financiële bijdrage gedurende het vorige kalenderjaar, onder overlegging van een verslag. 2. Indien de verantwoording over het vorige kalenderjaar vóór de in het eerste lid genoemde termijn niet is ingediend, wordt de over het lopende kalenderjaar resterende vergoeding en eventueel volgende kalenderjaar vastgestelde vergoeding niet uitbetaald. 3. De griffie toetst of de uitgaven in overeenstemming zijn met hetgeen in de verordening en het daarbij behorende protocol is vastgelegd als zijnde toegestaan en rapporteert over haar bevindingen aan de kascommissie. De kascommissie bestaat uit drie door de raad uit haar midden benoemde leden. Dit zijn dezelfde leden als die welke de kascommissie vormen in het kader van de verantwoording over de besteding van de bijdrage voor scholing, als bedoeld in artikel 11, derde lid, van de Verordening houdende bepalingen over de rechtspositie van raadsleden en burgerraadsleden Capelle aan den IJssel 2026. 4. De kascommissie toetst de bevindingen van de griffie en rapporteert, in de vorm van een

Redactionele wijzigingen

7

Algemene Beleidscoördinatie behoort. Deze commissie brengt advies uit aan de raad. 5. De raad stelt de bedragen vast van: a. de uitgaven van een fractie die in het vorige kalenderjaar uit de bijdrage bekostigd zijn; b. de wijziging van de reserve; c. de resterende reserve; d. de verrekening tussen de in onderdeel a. genoemde uitgaven en het ontvangen voorschot en, voor zover nodig, de hoogte van de terugvordering van ontvangen voorschotten en indien van toepassing de sanctie als bedoeld in artikel 12, tweede lid.

raadsvoorstel, aan de commissie tot welke het aandachtgebied Algemene Beleidscoördinatie behoort. Deze commissie brengt advies uit aan de raad. 5. De raad stelt, op voorstel van de kascommissie, de bedragen vast van: a. de uitgaven van een fractie die in het vorige kalenderjaar uit de bijdrage bekostigd zijn; b. de wijziging van de reserve; c. de resterende reserve; en d. de verrekening tussen de in onderdeel a. genoemde uitgaven en het ontvangen voorschot en, voor zover nodig, de hoogte van de terugvordering van ontvangen voorschotten en indien van toepassing de sanctie als bedoeld in artikel 12, tweede lid.

Artikel 13 Intrekking oude verordening en overgangsrecht

Artikel 13. Intrekking oude verordening en overgangsrecht 1. De Verordening op de ambtelijke bijstand en de fractieondersteuning gemeente Capelle aan den IJssel 2019 wordt ingetrokken. 2. De Verordening op de ambtelijke bijstand en de fractieondersteuning gemeente Capelle aan den IJssel 2019 blijft van toepassing ten aanzien van de op basis van die verordening verleende financiële bijdragen en de verantwoording, controle, vaststelling en afrekening van die financiële bijdragen.

Dit artikel regelt dat de oude verordening wordt ingetrokken.

Artikel 14 Inwerkingtreding en citeertitel 1. Deze verordening treedt in werking op de dag na die van bekendmaking en werkt terug tot 1 april 2026. 2. Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening ambtelijke bijstand en fractieondersteuning gemeente Capelle aan den IJssel 2026.

Dit artikel regelt dat de nieuwe verordening na publicatie in werking treedt. De verordening geldt met terugwerkende kracht vanaf 1 april 2026, dus vanaf de start van de nieuwe raadsperiode. Verder bevat dit artikel de nieuwe citeertitel van de verordening.

1. De Verordening op de ambtelijke bijstand en de fractieondersteuning gemeente Capelle aan den IJssel 2008 wordt ingetrokken. 2. De Verordening op de ambtelijke bijstand en de fractieondersteuning gemeente Capelle aan den IJssel 2008 blijft van toepassing ten aanzien van de op basis van die verordening verleende financiële bijdragen en de verantwoording, controle, vaststelling en afrekening van die financiële bijdragen. Artikel 14 Inwerkingtreding en citeertitel 1. Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2019. 2. Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening ambtelijke bijstand en

8

fractieondersteuning gemeente Capelle aan den IJssel 2019.

9

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/17079968/1