CConstaterende datCapelle aan den IJssel
Koppel je AI →
Document · PDF

10.05 - Bijlage 4 - Was-wordt tabel verzamelvoorstel technische wijzigingen

Commissie Bestuur, Veiligheid en Middelen 19 januari 2026, gemeente Capelle aan den IJsselBij agendapunt: Verzamelvoorstel technische wijzigingen verordeningen gemeenteraad14.483 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Artikel 4. Samenstelling 1. Alle leden van de raad zijn lid van de commissies. 2. Een commissie vergadert met maximaal: a. één commissielid per fractie, als de fractie beschikt over vier raadszetels of minder; b. twee commissieleden per fractie, als de fractie beschikt over meer dan vier raadszetels. 3. Iedere fractie kan niet-raadsleden voordragen om als burgerraadslid deel te nemen aan commissies. Fracties die op het moment van installatie van de nieuwe raad beschikken over twee raadszetels of minder, mogen maximaal twee burgerraadsleden voordragen. Fracties die beschikken over drie of meer raadszetels, mogen maximaal één burgerraadslid voordragen. Fracties die een voorzitter of plaatsvervangend voorzitter van een commissie leveren, hebben de mogelijkheid een extra burgerraadslid voor te dragen. 4. De raad benoemt de burgerraadsleden. Om als burgerraadslid benoemd te kunnen worden, moet het niet-raadslid verkiesbaar zijn geweest tijdens de meest recent gehouden gemeenteraadsverkiezing. Het niet-raadslid kan slechts tot burgerraadslid worden benoemd voor en op voordracht van de fractie van de partij waar het op de kandidatenlijst heeft gestaan.

In dit artikel is expliciet gemaakt dat alle leden van de raad automatisch lid zijn van de commissies (en er dus geen benoemingsbesluit is vereist). Verder is verduidelijkt dat bij het bepalen van het aantal burgerraadsleden per fractie wordt uitgegaan van de grootte van de fractie op het moment van installatie van de nieuwe raad. Inhoudelijk is niets gewijzigd. Aan de opsomming van artikelen uit de Gemeentewet die van toepassing zijn op burgerraadsleden is artikel 28 toegevoegd. Per abuis was de verwijzing naar artikel 28 opgenomen in artikel 5 in plaats van dit artikel; dat wordt nu gecorrigeerd. Een burgerraadslid neemt geen deel aan de bespreking van een onderwerp in een commissie als hij een persoonlijk belang heeft bij dat onderwerp. Het vijfde lid is redactioneel aangepast. Verder is toegevoegd dat de raad aan een burgerraadslid ontheffing kan verlenen voor het aangaan van een overeenkomst met de gemeente (bijvoorbeeld voor het leveren van goederen of diensten). Dit is namelijk een verboden handeling (artikel 15 lid 1, aanhef en onder d, Gemeentewet). Voor raadsleden ligt deze ontheffingsbevoegdheid bij gedeputeerde staten. In het nieuwe zesde lid is geregeld dat de geloofsbrieven van burgerraadsleden worden onderzocht op de wijze zoals dat gebeurt bij de tussentijdse vervulling van een vacature in de raad.

Dit sluit aan bij de aanbevelingen van de VNG (in de toelichting bij het model RvO). De 22

niet-raadslid kan slechts tot burgerraadslid worden benoemd voor en op voordracht van de fractie van de partij waar het op de kandidatenlijst heeft gestaan. 4. De artikelen 10, 11, 12, 13 en 15 van de Gemeentewet zijn van overeenkomstige toepassing op burgerraadsleden. Met uitzondering van het gestelde in artikel 10, eerste lid van de Gemeentewet, inhoudende dat het ook burgerraadslid kan zijn als men ten minste de leeftijd van 16 jaar heeft bereikt

5. De voorzitter van de raad roept een toegelaten burgerraadslid op de in artikel 14 van de wet voorgeschreven eed of belofte af te leggen, met dien verstande dat in de eed of belofte, als beschreven in artikel 14, de zinsnede: "om tot lid van de raad benoemd te worden" wordt vervangen door "om tot burgerraadslid benoemd te worden". 6. De fracties zijn, met inachtneming van het eerste lid, vrij (burger)raadsleden af te vaardigen naar een commissie. De vertegenwoordiging per fractie kan wisselen per agendapunt. Per agendapunt voert slechts één fractielid het woord.

vereisten die onderzocht moeten worden zijn immers gelijk. Dit onderzoek gaat vooraf aan het raadsbesluit waarmee de burgerraadsleden worden benoemd. 5. De artikelen 10, 11, 12, 13, 15 en 28 van de wet zijn van overeenkomstige toepassing op burgerraadsleden, met dien verstande dat: a. de minimumleeftijd, bedoeld in artikel 10, eerste lid, 16 jaar betreft; b. de raad ontheffing kan verlenen van artikel 15, eerste lid, aanhef en onder d. 6. Op het onderzoek van de geloofsbrieven van een burgerraadslid is het bepaalde in artikel 7a van het Reglement van Orde gemeenteraad Capelle aan den IJssel 2026 van overeenkomstige toepassing. 7. De voorzitter van de raad roept een benoemd burgerraadslid op de in artikel 14 van de wet voorgeschreven eed of belofte af te leggen, met dien verstande dat in de eed of belofte, als beschreven in artikel 14, de zinsnede: “om tot lid van de raad benoemd te worden” wordt vervangen door “om tot burgerraadslid benoemd te worden”. 8. De fracties zijn, met inachtneming van het tweede lid, vrij (burger)raadsleden af te vaardigen naar een commissie. De vertegenwoordiging per fractie kan wisselen per agendapunt. Per agendapunt voert slechts één fractielid het woord.

De regel dat per agendapunt slechts één fractielid het woord voert, is verplaatst naar artikel 16. Dat artikel bevalt meer regels over het voeren van het woord. Verder zijn enkele verschrijvingen gecorrigeerd en tekstuele verbeteringen aangebracht.

23

Artikel 5 Zittingsduur en vacatures

Artikel 5. Zittingsduur en vacatures

8. Het lidmaatschap van een burgerraadslid eindigt: a. als het burgerraadslid ontslag neemt als burgerraadslid; b. als de fractie die hem heeft voorgedragen via e-mail (of schriftelijk) aan de voorzitter van de raad mededeling doet dat de aanwijzing als burgerraadslid wordt ingetrokken: op voorstel van de voorzitter verleent daarop de raad het burgerraadslid ontslag; c. door overlijden; d. als de raad het burgerraadslid ontslag verleent; e. als het burgerraadslid niet meer voldoet aan de vereisten als bedoeld in de artikelen 10, 11, 12. 13, 15 en 28 van de wet, of een met het lidmaatschap onverenigbare betrekking vervult; f. als het burgerraadslid een benoeming tot lid van de raad aanneemt: g. de zittingsperiode van een burgerraadslid eindigt in ieder geval met het einde van de zittingsperiode van de raad. Artikel 8 Oproep en voorlopige agenda 1. De voorzitter zendt ten minste tien dagen voor een vergadering een oproep aan de (burger)raadsleden onder vermelding van de dag. het tijdstip en de plaats van vergadering. 2. De voorlopige agenda en de daarbij behorende stukken, met uitzondering van de in artikel 86, eerste en tweede lid, van de wet bedoelde stukken. worden in principe tegelijkertijd met de oproep aan de (burger)raadsleden verzonden. 3. Als een aanvullende agenda zoals bedoeld in artikel 9, tweede lid, wordt vastgesteld wordt

8. Het lidmaatschap van een burgerraadslid eindigt: a. als het burgerraadslid ontslag neemt als burgerraadslid; b. als de fractie die hem heeft voorgedragen via e-mail (of schriftelijk) aan de voorzitter van de raad mededeling doet dat de aanwijzing als burgerraadslid wordt ingetrokken: op voorstel van de voorzitter en de griffier verleent daarop de raad het burgerraadslid ontslag; c. door overlijden; d. als de raad het burgerraadslid ontslag verleent; e. als het burgerraadslid niet meer voldoet aan de vereisten, bedoeld in de artikelen 10, 11, 12, 13 en 15 van de wet, of een met het lidmaatschap onverenigbare betrekking vervult; f. als het burgerraadslid een benoeming tot lid van de raad aanneemt: g. de zittingsperiode van een burgerraadslid eindigt in ieder geval met het einde van de zittingsperiode van de raad. Artikel 8. Oproep en voorlopige agenda 1. De voorzitter roept de (burger)raadsleden ten minste tien dagen van tevoren op voor een vergadering door het delen van de voorlopige agenda en de daarbij behorende stukken via het raadsinformatiesysteem. 2. Een eventuele aanvullende agenda wordt zo spoedig mogelijk, maar uiterlijk 48 uur voor aanvang van de vergadering, met de (burger)raadsleden gedeeld. 3. Als na het delen van de voorlopige agenda stukken in het raadsinformatiesysteem

In het achtste lid is de verwijzing naar artikel 28 van de Gemeentewet geschrapt. Dit artikel gaat over deelname aan beraadslagingen bij persoonlijke betrokkenheid bij het onderwerp. Dit is geen vereiste op basis waarvan het lidmaatschap eindigt, zoals dat bijvoorbeeld wel het geval is als men niet langer woonachtig is in de gemeente of een functie heeft aanvaard die niet verenigbaar is met het zijn van burgerraadslid. Het verbod om deel te nemen aan beraadslagingen als sprake kan zijn van belangenverstrengeling geldt overigens wel voor burgerraadsleden. Dit is geregeld in artikel 4 van de verordening.

Het bepaalde in dit artikel is beter afgestemd op de praktijk. Er wordt geen oproep verstuurd, maar een voorlopige agenda gedeeld.

24

deze zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk 48 uur voor aanvang van de vergadering aan de (burger)raadsleden gezonden. Artikel 9 Aanvullende agenda en vaststellen agenda 1. De vergadering wordt tegelijkertijd met de oproep door aankondiging op de voorafkondigingen in de gemeente gebruikelijke wijze en door plaatsing op de gemeentelijke website openbaar gemaakt. 2. Bij aanvang van de vergadering stelt de commissie de agenda vast. Op voorstel van een lid of de voorzitter kan de commissie bij de vaststelling van de agenda onderwerpen aan de agenda toevoegen of van de agenda afvoeren. 3. Wanneer de commissie een onderwerp of voorstel onvoldoende voor de beraadslaging voorbereid acht, kan hij aan het college of de burgemeester nadere inlichtingen of advies vragen. De commissie bepaalt in welke vergadering het onderwerp of voorstel opnieuw geagendeerd wordt. 4. Als omtrent de inhoud van stukken op grond van artikel 86, eerste en tweede lid van de wet geheimhouding is opgelegd, blijven deze stukken in afwijking van het eerste lid onder berusting van de griffier en verleent deze commissieleden op verzoek inzage. 5. Een agenda wordt bij de aanvang van een vergadering door de commissie vastgesteld. 6. Op voorstel van een lid of de voorzitter kan de commissie de volgorde van behandeling van de agendapunten wijzigen. Artikel 10 Ter inzage leggen van stukken 1.

Stukken die ter toelichting van de onderwerpen of voorstellen op de agenda dienen, worden gelijktijdig met het verzenden van de oproep op het gemeentehuis ter

worden toegevoegd, wordt hiervan mededeling gedaan aan de (burger)raadsleden. Artikel 9. Aanvullende agenda en vaststellen agenda

Het vierde lid (oud) is geschrapt; dit verwees naar een vervallen artikel uit de Gemeentewet en stemde ook niet overeen met de gang van zaken in de praktijk. Herhalingen zijn uit het artikel verwijderd. Verder zijn enkele tekstuele verbeteringen aangebracht.

1. Bij aanvang van de vergadering stelt de commissie de agenda vast. Op voorstel van een commissielid of de voorzitter kan de commissie bij de vaststelling van de agenda onderwerpen aan de agenda toevoegen of van de agenda afvoeren. 2. Wanneer de commissie een onderwerp of voorstel onvoldoende voorbereid acht voor de beraadslaging, kan zij aan het college of de burgemeester nadere inlichtingen of advies vragen. De commissie bepaalt in welke vergadering het onderwerp of voorstel opnieuw wordt geagendeerd.

3. Op voorstel van een lid of de voorzitter kan de commissie de volgorde van behandeling van de agendapunten wijzigen. Artikel 10. Ter inzage leggen van stukken 1. Stukken die ter toelichting van de onderwerpen of voorstellen op de agenda dienen, worden via het

Het bepaalde in dit artikel is beter afgestemd op de praktijk.

25

inzage gelegd. Als na het verzenden van de schriftelijke oproep stukken ter inzage worden gelegd, wordt hiervan mededeling gedaan aan de (burger)raadsleden zo mogelijk in door middel van een openbare kennisgeving. 2. Indien voor stukken op grond van artikel 86, eerste en tweede lid, van de wet geheimhouding is opgelegd, blijven deze stukken in afwijking van het eerste lid, in een elektronisch beveiligde omgeving beschikbaar en onder berusting van de griffie die een lid desgewenst inzage verleent.. 3. Informatie van de commissie of aan de commissie verstrekte informatie waaromtrent op grond van hoofdstuk Va van de wet geheimhouding is opgelegd, blijft in afwijking van het eerste lid, in NotuBox beschikbaar in een map met het kenmerk 'besloten' onder berusting van de griffier die een lid desgewenst inzage verleent. Artikel 11 Openbare kennisgeving 1. De vergadering wordt tegelijkertijd met de oproep door aankondiging op de voorafkondigingen in de gemeente gebruikelijke wijze en door plaatsing op de gemeentelijke website openbaar gemaakt. 2. Daarnaast worden de bij de voorlopige agenda behorende stukken, indien digitaal beschikbaar, op de website van de gemeente geplaatst. Artikel 13 Opening vergadering en quorum 1.

De voorzitter opent de vergadering op het vastgestelde uur, indien op basis van de presentielijst meer dan de helft van het aantal fracties in de raad is vertegenwoordigd in de commissievergadering. 2. Wanneer een kwartier na het vastgestelde tijdstip niet het vereiste aantal fracties is vertegenwoordigd in de

raadsinformatiesysteem gepubliceerd op de website van de gemeente.

De regel dat (burger)raadsleden worden geïnformeerd als er nieuwe vergaderstukken worden toegevoegd, is verplaatst naar artikel 8.

2. Informatie van de commissie of aan de commissie verstrekte informatie waaromtrent op grond van hoofdstuk Va van de wet geheimhouding is opgelegd, wordt in afwijking van het eerste lid niet op de website gepubliceerd. Artikel 11. Openbare kennisgeving De vergadering wordt aangekondigd op de website van de gemeente en in een lokaal huis-aan-huisblad.

Het bepaalde in dit artikel is beter afgestemd op de praktijk. Herhaalde tekst is verwijderd.

Artikel 13. Opening vergadering en quorum 1. De voorzitter opent de vergadering op het vastgestelde uur, als op basis van de presentielijst meer dan de helft van het aantal fracties is vertegenwoordigd. 2. Als op grond van het eerste lid de vergadering niet kan worden geopend, opent de voorzitter direct een nieuwe vergadering. In deze vergadering worden

Dit artikel is in overeenstemming gebracht met de praktijk. Als het quorum niet wordt gehaald, wordt niet op een later tijdstip een nieuwe vergadering gepland. Er wordt direct een nieuwe vergadering geopend, waarbij geen nieuwe onderwerpen aan de agenda mogen worden toegevoegd.

26

commissievergadering, bepaalt de voorzitter onder verwijzing naar dit artikel, na voorlezing van de afwezige fracties, dag en uur van de volgende vergadering, op een tijdstip dat ten minste vierentwintig uur na het bezorgen van de oproep is gelegen. 3. Op de vergadering, bedoeld in het tweede lid, is het eerste lid niet van toepassing. De commissie kan echter over andere aangelegenheden alleen beraadslagen of besluiten, indien blijkens de presentielijst meer dan de helft van het aantal fracties in de raad is vertegenwoordigd. Artikel 16 Aantal spreektermijnen / het voeren van het woord 1. Beraadslaging over onderwerpen of voorstellen geschiedt in ten hoogste twee termijnen, tenzij de commissie anders beslist. 2. Het woord kan slechts worden gevoerd, nadat iemand dit heeft verkregen van de voorzitter. 3. Spreektermijnen worden door de voorzitter afgesloten. 4. Commissieleden voeren in een termijn niet meer dan eenmaal het woord over hetzelfde onderwerp of voorstel. 5. In gecombineerde commissievergaderingen, waarbij het is toegestaan dat meerdere leden van dezelfde fractie het woord voeren bij een agendapunt, geldt dat de sprekers zich niet allen richten op de totale inhoud van het te bespreken onderwerp, maar in hun betoog ingaan op een van de thema’s uit het voorstel. 6.

Bij de bepaling hoeveel keer een commissielid over hetzelfde onderwerp of voorstel het woord heeft gevoerd, wordt niet meegerekend het spreken over een voorstel van orde.

alleen onderwerpen behandeld die voor de eerste vergadering aan de orde waren gesteld.

Artikel 16. Aantal spreektermijnen / het voeren van het woord 1. Beraadslaging over onderwerpen of voorstellen geschiedt in ten hoogste twee termijnen, tenzij de commissie anders beslist. 2. Per agendapunt voert slechts één fractielid het woord. 3. Het woord kan slechts worden gevoerd, nadat iemand dit heeft verkregen van de voorzitter. 4. Spreektermijnen worden door de voorzitter afgesloten. 5. Commissieleden voeren in een termijn niet meer dan eenmaal het woord over hetzelfde onderwerp of voorstel. 6. In gecombineerde commissievergaderingen, waarbij het is toegestaan dat meerdere leden van dezelfde fractie het woord voeren bij een agendapunt, geldt dat de sprekers zich niet allen richten op de totale inhoud van het te bespreken onderwerp, maar in hun betoog ingaan op een van de thema’s uit het voorstel. 7. Bij de bepaling hoeveel keer een commissielid over hetzelfde onderwerp of voorstel het woord heeft gevoerd, wordt niet meegerekend het spreken over een voorstel van orde.

Het tweede lid is toegevoegd. Dit stond eerder in artikel 4.

27

Artikel 18 Spreekrecht burgers

Artikel 18. Spreekrecht burgers

2a. Degene die van het spreekrecht gebruik wil maken, meldt dit uiterlijk om 12.00 uur op de dag waarop de vergadering plaatsvindt bij de commissiesecretaris. Hij vermeldt daarbij zijn naam, adres en telefoonnummer en het onderwerp, waarover hij het woord wil voeren. 2b. De griffier bevestigt de aanmelding en deelt aan de degene die gebruik wil maken van het spreekrecht mee welke spelregels er aan het inspreken verbonden zijn. Daarbij wordt de inspreker toestemming gevraagd voor het maken en uitzenden van geluid- en beeldopnames van diens inspraak. De inspreker wordt erop gewezen dat ook anoniem kan worden ingesproken of dat de in te spreken tekst kan worden voorgelezen door de voorzitter. Tot slot wordt de inspreker verzocht de uit te spreken tekst vooraf bij de griffie aan te leveren, zodat die kan worden verspreid onder de (burgers)raadsleden. 2c. De raad wordt vooraf aan de commissievergadering geïnformeerd over wie er komt inspreken en over welk onderwerp. Indien beschikbaar wordt ook de uit te spreken tekst aan (burger)raadsleden beschikbaar gesteld. 3. Het woord kan niet worden gevoerd over: a. een besluit van het gemeentebestuur waartegen bezwaar en beroep openstaat of heeft opengestaan: b. benoemingen, keuzen, voordrachten of aanbevelingen van personen; c. een gedraging waarover een klacht ex artikel 9:1 van de Algemene wet bestuursrecht kan of kon worden ingediend.

2. Degene die van het spreekrecht gebruik wil maken, meldt dit uiterlijk om 12.00 uur op de dag waarop de vergadering plaatsvindt bij de griffie. Hij vermeldt daarbij zijn naam, adres en telefoonnummer en het onderwerp, waarover hij het woord wil voeren. 3. De griffie bevestigt de aanmelding en deelt aan de degene die gebruik wil maken van het spreekrecht mee welke spelregels er aan het inspreken verbonden zijn. Daarbij wordt de inspreker toestemming gevraagd voor het maken en uitzenden van geluid- en beeldopnames van diens inspraak. De inspreker wordt erop gewezen dat ook anoniem kan worden ingesproken of dat de in te spreken tekst kan worden voorgelezen door de voorzitter. Tot slot wordt de inspreker verzocht de uit te spreken tekst vooraf bij de griffie aan te leveren, zodat die kan worden verspreid onder de (burgers)raadsleden. 4. De (burger)raadsleden worden voor de commissievergadering geïnformeerd over wie er komt inspreken en over welk onderwerp. Als de uit te spreken tekst beschikbaar is, wordt deze ook met hen gedeeld. 5. Het woord kan niet worden gevoerd over: a. een besluit van het gemeentebestuur waartegen bezwaar of beroep openstaat of heeft opengestaan; b. benoemingen, keuzen, voordrachten of aanbevelingen van personen; c. een gedraging waarover een klacht ex artikel 9:1 van de Algemene wet bestuursrecht kan of kon worden ingediend.

Verduidelijkt is dat insprekers zich kunnen aanmelden bij de griffie; dit staat ook zo in het RvO. Verder is het artikel vernummerd, zijn enkele redactionele wijzigingen aangebracht en is een verschrijving in het vijfde lid (nieuw) gecorrigeerd.

28

Artikel 22 Verslag 1. De conceptverslagen van besloten vergaderingen worden in NotuBox elektronisch beschikbaar gesteld in een map met het kenmerk 'besloten'. De conceptverslagen worden toegezonden aan de deelnemers die geen commissielid zijn om vermelding van feitelijke onjuistheden in het verslag te voorkomen. Opmerkingen van de deelnemers worden als addendum aan de commissie voorgelegd. Artikel 23 Opheffing geheimhouding Indien de raad op grond van artikel 25, derde en vierde lid, van de wet voornemens is de geheimhouding op te heffen, wordt als de commissie die geheimhouding heeft opgelegd daarom verzoekt, in een besloten vergadering met de commissie overleg gevoerd. Artikel 25 Geluid- en beeldregistraties

Degenen die in de vergaderzaal tijdens de vergadering geluid- dan wel beeldregistraties willen maken doen hiervan vooraf aan de vergadering mededeling aan de voorzitter en gedragen zich naar diens aanwijzingen.

Artikel 22. Verslag 1. De conceptverslagen van besloten vergaderingen worden via het raadsinformatiesysteem met de commissieleden gedeeld in een map met het kenmerk 'besloten'. De conceptverslagen worden toegezonden aan de deelnemers die geen commissielid zijn om vermelding van feitelijke onjuistheden in het verslag te voorkomen. Opmerkingen van de deelnemers worden als addendum aan de commissie voorgelegd. Artikel 23. Opheffing geheimhouding Als de raad op grond van artikel 89, vierde lid, van de wet voornemens is de geheimhouding van aan de raad verstrekte informatie op te heffen, wordt, als de commissie die geheimhouding heeft opgelegd daarom verzoekt, daarover in een besloten vergadering met de commissie overleg gevoerd. Artikel 25. Geluid- en beeldregistraties 1. Openbare vergaderingen worden voor zover mogelijk rechtstreeks uitgezonden via het raadsinformatiesysteem op de website van de gemeente. De opnamen blijven daar beschikbaar. Aanwezigen kunnen in beeld komen. 2. Degenen die in de vergaderzaal tijdens de vergadering geluid- dan wel beeldregistraties willen maken doen hiervan vooraf aan de vergadering mededeling aan de voorzitter en gedragen zich naar diens aanwijzingen.

Dit artikellid is alleen redactioneel gewijzigd.

Dit artikel is in overeenstemming gebracht met de Gemeentewet, zoals die luidt sinds de inwerkingtreding van de Wet bevorderen integriteit en functioneren decentraal bestuur.

Aan dit artikel is een lid toegevoegd. Hierin is in overeenstemming met de bestaande praktijk vastgelegd dat openbare vergaderingen rechtstreeks worden uitgezonden en de opnamen beschikbaar blijven. Uitzondering geldt voor situaties waarin het uitzenden technisch niet mogelijk is, bijvoorbeeld wanneer een beeldvormende vergadering op locatie plaatsvindt.

29

Verordening op de agendacommissie Capelle aan den IJssel 2022 WAS Artikel 1 Begripsbepalingen In deze verordening wordt verstaan onder:

WORDT Artikel 1 Begripsbepalingen In deze verordening wordt verstaan onder:

d. commissie: een bijeenkomst aangeduid als een raadscommissievergadering; Artikel 3 Taken

d. commissie: door de raad ingestelde raadscommissie als bedoeld in artikel 82 van de Gemeentewet; Artikel 3 Taken

2. De agendacommissie kan – zo nodig – extra commissievergaderingen uitschrijven of een commissievergadering annuleren; daarbij dient de termijn als bedoeld in art. 8, lid 3 van de Verordening op de raadscommissies Capelle aan den IJssel 2022 in principe in acht te worden genomen (uiterlijk 48 uur voor aanvang van de vergadering).

2. De agendacommissie kan – zo nodig – extra commissievergaderingen uitschrijven of een commissievergadering annuleren; daarbij dient de termijn als bedoeld in artikel 8, derde lid, van de Verordening op de raadscommissies Capelle aan den IJssel 2026 in principe in acht te worden genomen (uiterlijk 48 uur voor aanvang van de vergadering).

4. De agendacommissie bepaalt de inhoud en de invulling van de thema-avonden, de “Benen-optafel-overleggen”, de hoorzittingen en de werkbezoeken. Artikel 4 Verzoeken tot het agenderen van onderwerpen voor een commissie en/of het houden van een extra commissie

4. De agendacommissie bepaalt de inhoud en de invulling van de beeldvormende vergaderingen.

2. Het college van burgemeester en wethouders kan de agendacommissie verzoeken een extra commissievergadering te beleggen. Indien de agendacommissie het verzoek honoreert dient voor het verzenden van de voorlopige agenda en de daarbij behorende stukken de termijn als bedoeld in artikel 8, lid 3 van de Verordening op de raadscommissies Capelle aan den IJssel 2022 verordening minimaal in acht te worden genomen

2. Het college van burgemeester en wethouders kan de agendacommissie verzoeken een extra commissievergadering te beleggen. Indien de agendacommissie het verzoek honoreert dient voor het verzenden van de voorlopige agenda en de daarbij behorende stukken de termijn als bedoeld in artikel 8, derde lid, van de Verordening op de raadscommissies Capelle aan den IJssel 2026 minimaal in acht te worden

Artikel 4 Verzoeken tot het agenderen van onderwerpen voor een commissie en/of het houden van een extra commissie

TOELICHTING De definitie van commissie is aangepast aan de nieuwe Verordening op de raadscommissies Capelle aan den IJssel 2026.

In het tweede lid wordt verwezen naar de nieuwe Verordening op de raadscommissies Capelle aan den IJssel 2026. Verder is de overkoepelende term ‘beeldvormende vergaderingen’ verwerkt in dit artikel. De agendacommissie bepaalt de inhoud en de invulling van een beeldvormende vergadering, bijvoorbeeld in de vorm van een themabijeenkomst of werkbezoek.

In het tweede lid van dit artikel wordt verwezen naar de nieuwe Verordening op de raadscommissies Capelle aan den IJssel 2026.

30

(uiterlijk 48 uur voor aanvang van de vergadering).

genomen (uiterlijk 48 uur voor aanvang van de vergadering).

31

Verordening rekenkamer Capelle aan den IJssel 2021 WAS Artikel 9 Rapportage 5. De onderzoeksrapporten van de rekenkamer zijn openbaar. Op grond van de belangen genoemd in artikel 10 van de Wet openbaarheid van bestuur, kan de rekenkamer rapporten die aan de raad worden voorgelegd of gedeelten daarvan als geheim aanmerken.

WORDT Artikellid vervalt

TOELICHTING Dit artikellid is overbodig en niet meer actueel; het betreffende onderwerp is al geregeld in de Gemeentewet. Volgens artikel 185, zesde lid, van de Gemeentewet zijn de rapporten van de rekenkamer openbaar. Verder heeft de rekenkamer niet de bevoegdheid geheimhouding op te leggen. Die bevoegdheid is voorbehouden aan het college, de burgemeester, de raad en commissies (artikel 87 Gemeentewet). De rekenkamer kan de raad wel verzoeken om geheimhouding op te leggen en moet zelf een opgelegde geheimhouding respecteren. Verder bepaalt artikel 185, eerste lid, van de Gemeentewet dat de rekenkamer geen gegevens en bevindingen in haar rapport opneemt die naar hun aard vertrouwelijk zijn.

32

Verordening Auditcommissie gemeente Capelle aan den IJssel 2010 WAS Artikel 8 Openbaarheid vergaderingen en vergaderstukken 1. De vergaderingen van de commissie zijn niet openbaar. 2. De adviezen van de commissie en de verslagen van de vergaderingen van de commissie zijn in beginsel openbaar. De commissie kan op grond van een belang genoemd in artikel 10 van de Wet openbaarheid van bestuur geheimhouding opleggen ten aanzien van stukken die zij aan het college, aan de raad of de leden van de raad overlegt. Het bepaalde in artikelen 25 en 55 van de wet is van toepassing. Geheimhouding geldt voor hen die bij de behandeling aanwezig waren en allen die van het behandelde of de stukken kennis dragen. De geheimhouding wordt in acht genomen totdat de commissie die opheft. 3. Indien de commissie zich ter zake van het behandelde waarvoor een verplichting tot geheimhouding geldt tot de raad heeft gericht, wordt geheimhouding in acht genomen totdat de raad haar opheft. 4. Op grond van het belang in artikel 10 van de Wet openbaarheid van bestuur, kan geheimhouding eveneens worden opgelegd door het college en de burgemeester, ieder ten aanzien van de stukken die hij aan de commissie overlegt. Daarvan wordt op de stukken melding gemaakt. De geheimhouding wordt in acht genomen tot het orgaan dat haar heeft opgelegd dan wel de gemeenteraad haar opheft.

WORDT Artikel 8 Openbaarheid vergaderingen en vergaderstukken 1. De vergaderingen van de commissie zijn niet openbaar. 2. De adviezen van de commissie en de verslagen van de vergaderingen van de commissie zijn openbaar, tenzij de commissie ten aanzien daarvan een verplichting tot geheimhouding oplegt. Het bepaalde in artikel 87 van de Gemeentewet is van toepassing.

TOELICHTING Dit artikel is aangepast aan de Gemeentewet, zoals die luidt sinds de inwerkingtreding van de Wet bevorderen integriteit en functioneren decentraal bestuur. De regels over geheimhouding zijn nu opgenomen in artikel 87 en verder van de Gemeentewet.

33

Verordening werkgeverscommissie griffier/ griffie van de gemeente Capelle aan den IJssel WAS Artikel 1 Taken en bevoegdheden werkgeverscommissie

WORDT Artikel 1 Taken en bevoegdheden werkgeverscommissie

3. De werkgeverscommissie kan ten aanzien van de aan haar overgedragen bevoegdheden met betrekking tot het griffiepersoneel volmacht verlenen aan de griffier. Artikel 7 Beslotenheid van vergaderingen 1. De vergaderingen van de werkgeverscommissie worden in het belang als bedoeld in artikel 10, tweede lid, onder e of f van de Wet openbaarheid van bestuur in beslotenheid gehouden.

3. De werkgeverscommissie kan ten aanzien van de aan haar overgedragen bevoegdheden met betrekking tot het griffiepersoneel mandaat verlenen aan de griffier. Artikel 7 Beslotenheid van vergaderingen 1. De vergaderingen van de werkgeverscommissie worden in het belang van de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer, bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, onder e, van de Wet open overheid, in beslotenheid gehouden. 2. De agenda, de stukken en de besluitenlijst zijn openbaar, tenzij de werkgeverscommissie ten aanzien daarvan een verplichting tot geheimhouding oplegt. Het bepaalde in artikel 87 van de Gemeentewet is van toepassing. 3. Als een raadslid de stukken, bedoeld in het tweede lid, wil inzien, kan hij daartoe een verzoek indienen bij de voorzitter van de werkgeverscommissie. De voorzitter weigert een dergelijk verzoek slechts als sprake is van strijd met het openbaar belang, waarbij de criteria uit artikel 5.1 van de Wet open overheid van toepassing zijn.

2. De agenda, de stukken en de besluitenlijst zijn openbaar, tenzij de werkgeverscommissie beslist dat op grond van een belang, genoemd in artikel 10 van de Wet openbaarheid van bestuur, hierop of een deel daarvan geheimhouding moet worden gelegd. 3. Indien een raadslid de stukken als bedoeld in het tweede lid wil inzien, kan hij daartoe een verzoek indienen bij de voorzitter van de werkgeverscommissie. De voorzitter weigert een dergelijk verzoek slechts als sprake is van strijd met een belang genoemd in artikel 10 van de Wet openbaarheid van bestuur.

TOELICHTING Per abuis is in het derde lid vermeld dat de werkgeverscommissie volmacht kan verlenen aan de griffier. Dit moet mandaat zijn.

Dit artikel is aangepast aan de Gemeentewet, zoals die luidt sinds de inwerkingtreding van de Wet bevorderen integriteit en functioneren decentraal bestuur, en de Wet open overheid.

34

Onderzoeksverordening gemeente Capelle aan den IJssel 2003 WAS Artikel 11 Geheimhouding 1. Een commissie kan in een besloten vergadering, op grond van een belang genoemd in artikel 10 van de Wet openbaarheid van bestuur, omtrent het in die vergadering met gesloten deuren behandelde en omtrent de inhoud van de stukken die aan de commissie worden overgelegd, geheimhouding opleggen. Geheimhouding omtrent het in een besloten vergadering behandelde wordt tijdens die vergadering opgelegd. De geheimhouding wordt door hen die bij de behandeling aanwezig waren en allen die van het behandelde of de stukken kennis dragen, in acht genomen totdat de commissie haar opheft. 2. De commissie kan op grond van een belang als bedoeld in het eerste lid besluiten aan haar anderszins overgelegde bescheiden of gedeelten daarvan niet openbaar te maken. 3. De leden en plaatsvervangende leden van de commissie bewaren geheimhouding omtrent de inhoud van de bescheiden of gedeelten daarvan, die ingevolge een besluit, als bedoeld in het eerste of tweede lid niet openbaar worden gemaakt. 4. Voor zover de in het eerste en tweede lid bedoelde bescheiden deel uitmaken van het onderzoeksverslag van de commissie, worden deze ter inzage of anderszins ter kennisneming gelegd van de leden van de raad.

De leden bewaren omtrent de inhoud van de zodanige bescheiden geheimhouding, met inachtneming van artikel 25, leden 3 en 4 van de Gemeentewet.

WORDT Artikel 11 Geheimhouding 1. Een commissie kan op grond van een belang genoemd in artikel 5.1, eerste of tweede lid, van de Wet open overheid een verplichting tot geheimhouding opleggen ten aanzien van informatie die bij de commissie berust of op stukken die aan de commissie worden overgelegd. 2. Als met gesloten deuren wordt vergaderd, geldt een verplichting tot geheimhouding omtrent informatie die in die vergadering ter kennis van de aanwezigen komt. 3. De verplichting tot geheimhouding wordt in acht genomen door allen die bij de behandeling aanwezig waren en door allen die van het behandelde of de informatie kennis dragen. De verplichting duurt voort totdat de commissie of de raad haar opheft. 4. Voor zover de in het eerste lid bedoelde stukken of een gedeelte daarvan deel uitmaken van het onderzoeksverslag van de commissie, worden deze ter inzage of anderszins ter kennisneming van de leden van de raad gelegd. De leden van de raad bewaren omtrent de inhoud hiervan geheimhouding.

TOELICHTING Dit artikel is aangepast aan de Gemeentewet, zoals die luidt sinds de inwerkingtreding van de Wet bevorderen integriteit en functioneren decentraal bestuur, en de Wet open overheid. Bij besloten vergaderingen geldt van rechtswege geheimhouding voor alles wat wordt besproken. Bij schriftelijke informatie kan de commissie besluiten geheimhouding op te leggen.

35

36

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16469766/1