09.10 - Bijlage 6 - HIT AB Beleidsbegroting 2022 Recreatieschap Hitland
Tekst van het document
AB 31 MAART 2021 HIT/2021-AB31032021-6.3
RECREATIESCHAP HITLAND
BELEIDSBEGROTING 2022
Inhoudsopgave Deel 1 Programmaplan 1.
Inleiding
4
2.
Uitgangspunten
5
3.
Programma’s
6
3.1.
Bestuur
6
3.1.1. Algemeen 3.1.2. Bestuur en organisatie 3.2.
Recreatie en natuur
7
3.2.1. 3.2.2. 3.2.3. 3.2.4.
Bestuur en werkapparaat Onderhoud en beheer Overige zaken Begroting recreatie en natuur
3.3.
Exploitatie golfbaan
3.3.1 3.3.2
Begroting Voorgestane resultaatbestemming
4.
Algemene dekkingsmiddelen
9
12
Deel 2 Paragrafen 5.
Introductie
14
6.
Weerstandsvermogen
15
7.
Onderhoud kapitaalgoederen
17
8.
Bedrijfsvoering
19
9.
Financiering
20
2
DEEL 1 PROGRAMMAPLAN
3
1. Inleiding Het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) en de Ministeriële Regeling informatie voor derden (Iv3) zijn ook van toepassing op gemeenschappelijke regelingen. Als gevolg hiervan dient de begroting te bestaan uit de volgende onderdelen: • de beleidsbegroting, tenminste bestaande uit o het programmaplan en o de paragrafen • de financiële begroting, tenminste bestaande uit o een overzicht baten en lasten met toelichting en o een uiteenzetting van de financiële positie met toelichting o de bijlage met overzicht geraamde baten en lasten per taakveld. In dit deel wordt het programmaplan beschreven.
4
2. Uitgangspunten Het BBV schrijft voor, dat de begroting moet worden opgesteld aan de hand van programma’s. Provincies, gemeenten en recreatieschappen kunnen in principe zelf bepalen welke programma’s i.c. beleidsthema’s worden onderscheiden. Als gevolg van de vernieuwing van het BBV dienen voorts bij ministeriële regeling vastgestelde beleidsindicatoren opgenomen te worden in de programma’s om de resultaten van de beleidsmatige inspanning meer inzichtelijk te maken. Het recreatieschap heeft op basis van de gemeenschappelijke regeling slechts één taak en dat is het beheer en de exploitatie en duurzame instandhouding van het openbaar toegankelijke recreatiegebied Hitland. Daarnaast heeft het recreatieschap zich meermalen uitgesproken voor een duurzame handhaving van het agrarisch middengebied met agrarisch gebruik.
Het zou voor de hand liggen om maar één programma te onderscheiden en wel recreatie en natuur. Zaken als bestuur en orde en veiligheid zijn hieraan gerelateerd, maar nemen geen aparte plaats als programma in. Toch is het van belang om in relatie tot de Wet dualisering gemeentebestuur apart in te gaan op alleen de bestuurlijke aspecten in een programma bestuur. Voor de duidelijkheid zullen daarnaast nog twee programma’s worden onderscheiden en wel recreatie en natuur voor wat betreft het openbare gebied en een programma exploitatie golfbaan. De bij ministeriële regeling vastgestelde basis set van beleidsindicatoren voor programma’s is niet echt van toepassing op de genoemde 3 programma’s. Hiervoor wordt dan ook verwezen naar de beleidsindicatoren van de deelnemers in de gemeenschappelijke regeling.
5
3. Programma’s De doelstellingen van het recreatieschap kunnen als volgt worden samengevat: • het duurzaam instandhouden van zowel de recreatie als de natuur • het zo toegankelijk mogelijk aanbieden van de voorzieningen en • het verstevigen van de positie van het recreatieschap in de regio. Voor de golfbaan komt daarbij, dat de golfbaan minimaal budgettair neutraal geëxploiteerd moet worden. In dit hoofdstuk zullen de (3) programma’s beschreven worden, waarbij ook zal worden ingegaan op de kosten. De programma’s hebben betrekking op bestuur, recreatie en natuur en exploitatie golfbaan. In 2005 is door de toenmalige gemeenteraad van Nieuwerkerk aan den IJssel als uitgangspunt “voor de komende jaren” meegegeven, dat de bijdrage mag toenemen met maximaal de inflatiecorrectie. Voor het begrotingsjaar 2022 is door de gemeenten Capelle aan den IJssel en Zuidplas meer specifiek aangegeven, dat de bijdrage maximaal met 1,9 % mag stijgen t.o.v. de bijdrage voor het begrotingsjaar 2021. Voor het jaar 2022 is voor het openbare gebied met enkele uitzonderingen, die nog nader zullen worden toegelicht een stijging/indexering van de lasten van 1,1 % aangehouden, voor de golfbaan wordt gerekend met 1,8%. De begroting voor het jaar 2022 valt binnen de door de gemeenten genoemde uitgangspunten.
3.1. Bestuur 3.1.1. Algemeen Het BBV heeft een nadrukkelijke relatie met de Wet dualisering gemeentebestuur. Het effect van het BBV en de Wet dualisering gemeente bestuur op de Wet gemeenschappelijke regelingen blijft beperkt tot de Gemeentewet en met name daarvan de artikelen, die betrekking hebben op de onderdelen van de financiële functie (begroting, jaarstukken en verordeningen). De artikelen met betrekking tot de gedualiseerde verhoudingen zijn niet van toepassing op gemeenschappelijke regelingen. Er is bepaald, dat de bepalingen in de Gemeentewet (met uitzondering van de eerder genoemde financiële bepalingen) zoals die luidden voor de inwerkingtreding van de Wet dualisering gemeentebesturen voor gemeenschappelijke regelingen van kracht blijven. Uit het voorgaande wordt ook duidelijk, dat er feitelijk niets is gewijzigd in de “rolverdeling” tussen algemeen bestuur en dagelijks bestuur in vergelijking met bijvoorbeeld (de rol van) gemeenteraad en College van B en W. Er moet wettelijk een begroting worden opgesteld, die voldoet aan het inmiddels vernieuwde BBV, maar er behoeft geen productraming en -realisatie gemaakt te worden op basis van de beleidsbegroting en financiële begroting. 3.1.2.
Bestuur en organisatie Het algemeen bestuur van het recreatieschap Hitland bestaat uit 4 bestuurders van Capelle aan den IJssel en 4 van Zuidplas, ieder met een vervanger voor vergaderingen van het algemeen bestuur. 6
Het dagelijks bestuur wordt gekozen door het algemeen bestuur en bestaat uit 2 vertegenwoordigers van Capelle aan den IJssel en 2 van Zuidplas. Algemeen en dagelijks bestuur worden bijgestaan door een secretaris. In 2013 is door het algemeen bestuur besloten om de penningmeesterfunctie voortaan bestuurlijk in te vullen. Algemeen en dagelijks bestuur worden in principe voor een tijdvak van 4 jaar aangewezen door de gemeenteraden respectievelijk het algemeen bestuur. Voorzitter en vice-voorzitter zijn bij toerbeurt telkens voor de helft van het tijdvak van aanwijzing hun functie. Ook de penningmeesterfunctie wordt bij toerbeurt vervuld en wel door degene, die voor de helft van het al eerder genoemde tijdvak niet de voorzittersfunctie vervuld. Voor wat betreft bestuur en werkapparaat is de organisatorische opbouw als volgt: algemeen bestuur | dagelijks bestuur | secretaris (0,1 fp) directeur / alg. manager (1 fp) | baanmanager (1 fp) medew. communicatie / pr (0,7 fp) medew. sales en evenementen (0,7 fp) medew. boekhouding (0,5 fp) caddiemaster / receptioniste (1,5 fp) hfd caddiemaster / receptioniste (0,9 fp) Het recreatieschap Hitland besteedt nagenoeg alle werkzaamheden uit. Een aantal taken is echter essentieel voor het functioneren van het recreatieschap en wordt derhalve door eigen personeel uitgevoerd. Uit het schema is op te maken, dat er ca 6,5 formatieplaatsen zijn.
Ongeveer 1,4 formatieplaats drukt op de openbare begroting en ruim 5 formatieplaatsen op de begroting van de golfbaan. Op hoofdlijnen bestaan de “eigen” werkzaamheden uit het voorbereiden van bestuursvergaderingen, de advisering van het bestuur, het opstellen van begroting en jaarrekening, het verzorgen van periodieke management- en voortgangsrapportages voor het bestuur, het voorbereiden van en het toezicht op het onderhoud van het gebied, het bijhouden van de administratie, marketing, promotie en voorlichting en diverse werkzaamheden voor de exploitatie van de golfbaan. 3.1.3. Doorontwikkeling openbaar gebied Het Algemeen bestuur van het recreatieschap heeft in 2009 een Toekomstvisie Hitland op laten stellen. Daarbij is gekozen voor een strategische toekomstvisie op hoofdlijnen. Vanuit een denkrichting doorontwikkelen van het gebied is de visie verder vormgegeven aan de hand van een aantal thema’s, te weten het ruimtelijk perspectief, de recreatie en gebiedsontwikkeling, het open middengebied, bestuurlijke en financiele aspecten en de organisatie en golfbaanexploitatie. Tenslotte is op basis van de keuze voor het doorontwikkelen van het gebied ook een uitvoeringsstrategie opgesteld. In 2015 is er voorts gefaseerd nieuw beleid voor het recreatieschap uitgewerkt. Dit heeft geleid tot een projectenlijst, die eind 2015 door het algemeen bestuur is vastgesteld.
De projectenlijst is voorts in de loop van 2016 en 2017 volledig uitgevoerd. In 2018 en 2019
7
is verder gewerkt aan een verbetering van de externe communicatie / PR / marketing, een verbreding van de communicatie naar (nieuwe) doelgroepen en de ontwikkeling van bijzondere activiteiten. In 2021 is / wordt een nieuwe Toekomstvisie voorbereid.
3.2. Recreatie en natuur Het recreatieschap Hitland heeft circa 254 hectare openbaar toegankelijk recreatiegebied in eigendom, beheer en onderhoud, alsmede circa 12 hectare weiland. Het gebied is ingericht voor openbare dagrecreatie. Een als een aparte exploitatie te beschouwen onderdeel is de 18 holes golfbaan en de 9 holes par 3 golfbaan, die in totaal circa 64 hectare beslaan. Met het beheer van het openbare gebied (exclusief golfbaan) is een bedrag gemoeid van circa € 615.000,-. De middelen hiervoor worden verstrekt door de deelnemers in de gemeenschappelijke regeling Hitland. Voor wat betreft het openbare gebied kan onderscheid gemaakt worden in een 3-tal aspecten, te weten bestuur en werkapparaat, onderhoud en beheer van het gebied en overige zaken. 3.2.1. Bestuur en werkapparaat Het algemeen bestuur zal naar verwachting 2 keer bijeenkomen en het dagelijks bestuur 4-5 keer. Er hoeft voor bestuurskosten niets opgenomen te worden in de begroting. Voor hetgeen in eigen beheer wordt uitgevoerd is ongeveer € 142.700,- opgenomen aan personeelskosten. Verder is er € 72.600,- opgenomen voor het inhuren van toezicht in het gebied op basis van een prestatieovereenkomst. Aan directe kosten is voor bestuur, werkapparaat en toezicht € 215.322,- opgenomen in de begroting. 3.2.2. Onderhoud en beheer De belangrijkste functie binnen het gebied is de recreatie.
De inrichting van het gebied is afgestemd op een intensief recreatief gebruik aan de Capelse zijde en een wat extensiever gebruik aan de Nieuwerkerkse zijde. Het gebied is in eerste aanleg ingericht met een recreatieve hoofdstructuur, waarbij ook enkele specifieke voorzieningen als het manifestatieterrein en de ijsbaan zijn aangelegd. In 2016 en 2017 is een aantal voorzieningen zoals parkeerterreinen, wandelpaden en steigers gerenoveerd en er zijn ook nieuwe voorzieningen zoals wandelpaden, speelterreinen, een ontmoetingstuin, een trimparcours en nieuw terreinmeubilair toegevoegd. Het gebied wordt hoofdzakelijk gebruikt om te fietsen, wandelen, skeeleren, paardrijden, sportvissen en kanoën. Hitland-Zuid wordt ook zeer veel gebruikt door hondenbezitters, die hun hond uitlaten. De (her-)inrichting van het gebied heeft zowel natuurverlies als natuurwinst opgeleverd; natuurverlies door de verkleining van het weidevogelgebied en de toegenomen recreatiedruk. Als natuurwinst kan worden aangemerkt het behoud van bestaande gebieden en waarden en het ontstaan van nieuwe biotopen, die nieuwe soorten hebben aangetrokken. De invloed van de (her-)inrichting zal ook in 2022 worden gemonitord. Het openbaar gebied omvat ruim 190 hectare. Circa 5 hectare wordt als natuurgebied beheerd (de oude veenputten en de wielen in Hitland-Noord).
Verder wordt ook circa 12 hectare ecologische infrastructuur primair als natuurgebied beheerd. Waar mogelijk wordt natuurontwikkeling een kans gegeven, omdat de recreatieve waarde van het
8
gebied daarmee in hoge mate toeneemt. De overige 173 hectare worden als recreatiegebied beheerd. De verdeling van de 190 hectare is als volgt: • Hitland-Noord 94 hectare • Middengebied 13 hectare • Hitland-Zuid 83 hectare. Voor wat betreft het onderhoud van het gebied wordt een kwaliteitsniveau en volume aangehouden, dat is vastgelegd in het beheerplan Hitland. Mede in relatie tot de renovatie herinrichting is er in 2020 een evaluatie en bijstelling van het beheerplan Hitland uitgevoerd. In deze begroting zijn de lasten van het onderhoud gebaseerd op een bijgesteld beheerplan. Ook de reserveringen voor meerjaarlijks onderhoud zijn gebaseerd op het beheerplan Hitland. Aan directe kosten wordt er ca € 232.197,- uitgegeven aan jaarlijks onderhoud. Verder wordt ca € 91.680,- gereserveerd voor meerjaarlijks onderhoud in toekomstige jaren. In totaal beslaat de onderhoudslast (jaarlijks onderhoud en reservering) ruim de helft van de lasten voor het openbare gebied. 3.2.3. Overige zaken Naast kosten voor bestuur en werkapparaat en onderhoud en beheer zijn voorts in de begroting nog indirecte kosten als waterschapslasten en verzekeringen, bureaukosten en overige kosten opgenomen. Een relatief groot deel daarvan wordt aangewend voor waterschapslasten (€ 20.000,-) en een bijdrage aan het voetveer (€ 25.000,-).
In totaal is aan indirecte kosten ca € 76.000,- opgenomen in de begroting recreatie en natuur. 3.2.4. Begroting In de volgende tabel wordt een overzicht gegeven van de specifiek voor het openbare gebied opgenomen lasten en baten. Begroting 2022 openbaar gebied
Lasten
Lasten Kapitaallasten Personeelskosten Bestuurskosten Vergoedingen Belastingen Verzekeringen Bureaukosten Technisch onderhoud Overige kosten Voorzieningen Dotatie aan reserve
1.100 215.100 0 500 21.000 3.250 3.500 230.000 55.000 89.240 0
Baten Opbrengsten algemeen Huur en pachten Overige exploitatiebaten Renten
Baten
2.850 4.725 0 0
9
Onttrekking aan voorziening
0
Totaal lasten en baten
618.690
Resultaat voor bestemming Toevoeging aan reserve Onttrekking (-) / bijdrage (+) Resultaat na bestemming
7.575
-611.115 0 0 -611.1115
Bijdrage gemeenten
611.115
Het overzicht geeft de geraamde lasten en baten weer. Het totaal van lasten en baten is in termen van het BBV het resultaat voor bestemming. Toevoegingen aan voorzieningen zijn via de exploitatierekening gedaan en de uitgaven ten behoeve van meerjaarlijks onderhoud worden rechtstreeks ten laste van de voorziening meerjaarlijks onderhoud gebracht. Op het resultaat voor bestemming worden toevoegingen en onttrekkingen aan reserves in meerdering respectievelijk mindering gebracht, waarna het resultaat na bestemming ontstaat. Zoals al eerder is opgemerkt is voor de begroting recreatie en natuur in het algemeen een indexering van circa 1,1 % aangehouden. Voor de grote posten personeelskosten en onderhoudskosten zijn de werkelijk verwachte kosten geraamd. Het resultaat na bestemming is de bijdrage van de gemeenten om het exploitatietekort openbaar gebied te dekken. De bijdrage van de gemeenten is € 611.115,-, wat neerkomt op € 5,44 per inwoner. In 2021 was de geraamde bijdrage € 608.431,-. De bijdrage van de gemeenten is minder dan 0,5 % hoger ten opzichte van de vastgestelde begroting voor het jaar 2021. 3.2.5. Overzichten ingevolge BBV Ingevolge het BBV moeten overzichten worden gegeven van de geraamde algemene dekkingsmiddelen, de geraamde kosten van de overhead, het geraamde bedrag van de heffing voor de vennootschapsbelasting en het geraamde bedrag voor onvoorzien.
Er zijn geen algemene dekkingsmiddelen uit heffingen, uitkeringen, dividenden of eigen middelen en Hitland heeft geen ondersteunende organisatieonderdelen, waarvan de kosten tot overheadkosten kunnen worden gerekend. Op Recreatie en Natuur is voorts geen vennootschapsbelasting van toepassing en er is niets geraamd voor onvoorziene uitgaven.
3.3. Exploitatie golfbaan De genoemde doelstellingen van het recreatieschap hebben ook betrekking op de exploitatie van de golfbaan. In essentie is het uitgangspunt het exploiteren van een openbare golfbaan, waarbij zowel in financieel opzicht als qua toelatingsbeleid een zo laag mogelijke drempel wordt gehanteerd. In financieel opzicht moet de golfbaan bedrijfsmatig en minimaal budgettair neutraal worden geëxploiteerd. Voor wat betreft het toelatingsbeleid geldt, dat iedereen welkom is voor zover er in verband met veiligheid en doorstroming in de baan over een bepaalde golfvaardigheid wordt beschikt.
10
De exploitatie golfbaan bestaat uit een driving range, een 18 holes golfbaan en een 9 holes par 3 golfbaan. Op de 18 holes baan ligt een putting green, bij de driving range een chipping green en bij de par 3 baan nog een gecombineerde putting green / chipping green. De golfaccommodatie beslaat in totaal circa 64 hectare. Binnen de exploitatie van de golfbaan zijn geen specifieke beleidsthema’s te onderscheiden. 3.3.1. Begroting In de volgende tabel wordt een overzicht gegeven van de specifiek voor de golfbaan opgenomen lasten en baten. Uit de tabel blijkt, dat in totaal een bedrag van € 1.339.095,is opgenomen aan lasten voor de exploitatie van de golfbaan. Aan baten is een bedrag ad € 1.395.950,- geraamd, waardoor de exploitatie 2022 een geraamd resultaat voor bestemming geeft van € 56.855,-. Begroting 2022 golfbaan
Lasten
Lasten Kapitaallasten Personeelskosten Vergoedingen Belastingen Verzekeringen Bureaukosten Technisch onderhoud Overige kosten Voorzieningen
Baten
213.595 337.500 1.000 28.000 9.500 76.500 460.000 120.500 92.500
Baten Opbrengsten algemeen en MGH Huur en pachten Overige exploitatiebaten Kaartverkoop Sponsoring Driving range Div. opbrengsten Doorberekening diverse kosten
34.500 98.450 898.500 150.000 125.000 100.000 40.000
Totaal der lasten en baten
1.339.095
Resultaat voor bestemming Toevoeging aan reserves Onttrekking (-) / bijdrage (+) Resultaat na bestemming
56.855 0 0 56.855
1.395.950
Het overzicht geeft de geraamde lasten en baten weer. Het totaal van lasten en baten is in termen van het BBV het resultaat voor bestemming. Hierop worden toevoegingen en onttrekkingen aan reserves in meerdering respectievelijk mindering gebracht. Voor de golfbaan is in 2016 een beheerplan vastgesteld, waarin onder meer de wenselijke reserveringen voor meerjaarlijks onderhoud zijn opgenomen. In het
11
overzicht van lasten en baten is dan ook een storting in een voorziening opgenomen voor meerjaarlijks onderhoud aan de golfbaan. In de begroting voor de golfbaan is bij de kostenpost belastingen rekening gehouden met een heffing vennootschapsbelasting van ca € 7.500,3.3.2. Overzichten ingevolge BBV Ingevolge het BBV moeten overzichten worden gegeven van de geraamde algemene dekkingsmiddelen, de geraamde kosten van de overhead, het geraamde bedrag van de heffing voor de vennootschapsbelasting en het geraamde bedrag voor onvoorzien. Er zijn geen algemene dekkingsmiddelen uit heffingen, uitkeringen, dividenden of eigen middelen en Hitland heeft geen ondersteunende organisatieonderdelen, waarvan de kosten tot overheadkosten kunnen worden gerekend. In de begroting 2022 exploitatie golfbaan is voor vennootschapsbelasting een bedrag ad € 7.500,- gereserveerd. Er is niets geraamd voor onvoorziene uitgaven. 3.3.3. Voorgestane resultaatbestemming Voor het geraamde resultaat over 2021 wordt een positief resultaat van € 56.855,voorzien. Bij de vaststelling van de jaarrekening zal een besluit over de uiteindelijke resultaatbestemming worden genomen.
12
4.Algemene dekkingsmiddelen Het recreatieschap Hitland heeft geen lokale heffingen, uitkeringen, dividenden of eigen middelen, waarmee (een deel van) het exploitatietekort wordt gedekt. Het nadelig saldo van de exploitatie van het openbaar gebied (resultaat voor bestemming) wordt conform de gemeenschappelijke regeling gedragen door de gemeenten Capelle aan den IJssel en Zuidplas. De exploitatie van de golfaccommodatie is minimaal budgettair neutraal en geeft in de komende jaren geen exploitatietekort.
13
DEEL 2 PARAGRAFEN
14
5. Introductie De paragrafen geven een “dwarsdoorsnede” van de begroting vanuit een bepaald perspectief. Een groot deel van de paragrafen geeft een aanvulling op de informatie over de (meerjarige) financiële positie. In de begroting moeten op basis van het BBV de volgende verplichte paragrafen opgenomen worden: • lokale heffingen in deze paragraaf moet inzicht gegeven worden over inkomsten, beleid en aard van de lokale heffingen, alsmede enige andere zaken als lokale lastendruk en kwijtscheldingsbeleid • weerstandsvermogen dit is een verder ontwikkelde risicoparagraaf, waarin nu ook de weerstandscapaciteit moet worden opgenomen en gerelateerd aan de risico’s (het weerstandsvermogen) • verbonden partijen participaties in deze paragraaf moet inzicht worden gegeven in de zogenoemde verbonden partijen: participaties in derde rechtspersonen, waarin bestuurlijke invloed wordt uitgeoefend en waarmee financiële belangen gemoeid zijn • onderhoud kapitaalgoederen in deze paragraaf moet inzicht worden gegeven in de (meerjarige) onderhoudstoestand en kosten van wegen, gebouwen, kunstwerken en dergelijke • grondbeleid in deze paragraaf komen de hoofdlijnen van het grondbeleid aan de orde • bedrijfsvoering in deze paragraaf komen de besturing en beheersing van, het toezicht op en de verantwoording over de bedrijfsprocessen op basis van een bedrijfsvoeringfilosofie aan de orde • financiering
deze paragraaf is bedoeld om de uitvoering van de treasuryfunctie te volgen. Voor het recreatieschap Hitland zijn de paragrafen lokale heffingen, verbonden partijen en grondbeleid niet van toepassing. Het recreatieschap heeft geen heffingen, neemt niet deel in andere rechtspersonen en voert ook geen actief grondbeleid. Op de andere paragrafen wordt hierna ingegaan.
15
6. Weerstandsvermogen / risicobeheersing Het weerstandsvermogen is te definiëren als het vermogen om niet-structurele financiële risico’s op te kunnen vangen teneinde de taken te kunnen voortzetten. Het weerstandsvermogen bestaat uit de relatie tussen weerstandscapaciteit, zijnde de middelen waarover het recreatieschap beschikt / kan beschikken om niet begrote kosten te dekken en de risico’s waarvoor geen voorzieningen zijn getroffen of verzekeringen voor zijn afgesloten. Het weerstandsvermogen is van belang voor het bepalen van de gezondheid van de financiële positie van het recreatieschap voor het begrotingsjaar, maar ook voor de meerjarenraming. Weerstandscapaciteit. Het recreatieschap heeft een Algemene Reserve om onverwachte niet structurele uitgaven op te kunnen vangen. Als uitgangspunt is vastgesteld, dat de Algemene Reserve een hoogte dient te hebben van circa 10 % van het exploitatietotaal van een begrotingsjaar met een maximum van € 200.000,-. Hieraan wordt voldaan. Voor wat betreft de exploitatie en het beheer en onderhoud van het gebied is een tweetal voorzieningen ingesteld om meerjarig onderhoud of in het geval van de exploitatie golfbaan renovatie en meerjaarlijks onderhoud te kunnen bekostigen (zie ook de paragraaf onderhoud kapitaalgoederen).
Jaarlijks worden op basis van de beheerplannen voor het openbare gebied en de golfbaan bedragen voor meerjaarlijks onderhoud gereserveerd. In het verleden zijn soms ook de positieve saldi van de exploitatie van de golfaccommodatie aan de voorzieningen meerjaarlijks onderhoud toegevoegd. Er is voorts nog een (bestemming-)reserve landelijk gebied en een (bestemming-)reserve investeringen openbaar gebied, waarover het algemeen bestuur kan besluiten om een bestemming voor (een deel van) de middelen te benoemen. Er is per 1 januari 2022 een saldo uit Algemene Reserve en (bestemming-)reserves te berekenen om de weerstandscapaciteit te kunnen bepalen. Alleen de Algemene Reserve en de bestemmingreserves zijn feitelijk niet bestemd en daardoor eventueel beschikbaar als kapitaal om risico’s op te vangen. De saldi van de reserves per 1 januari 2022 zijn minimaal als volgt: • Algemene Reserve € 200.000,• Bestemmingreserve landelijk gebied € 91.341,• Bestemmingreserve investeringen openbaar gebied € 536.214,• Totaal € 827.555,Er is dus circa € 827.555,- aan reserves beschikbaar om eventuele risico’s op te vangen. Ook de activa kunnen echter als stille reserve worden gezien. Uit de toelichting op de vaste activa kan worden vastgesteld, dat grond, golfbaan, gebouwen en duurzame terreininrichting per 1 januari 2022 een boekwaarde hebben van € 6.282.074,-.
De totale weerstandscapaciteit is hiermee te bepalen op € 7.109.629,Als laatste kan er nog op gewezen worden, dat het ingevolge de gemeenschappelijk regeling zo is, dat de deelnemende gemeenten borg staan om eventuele tekorten te dekken.
16
Risico’s. De meest risicovolle posten uit een begroting zijn de kapitaaluitgaven, de kosten van technisch onderhoud en de inkomsten, die met de golfbaan gegenereerd moeten worden. De kapitaaluitgaven zijn geraamd op basis van de te betalen rente op een 3-tal geldleningen en afschrijvingslasten op investeringen. De leningen zijn aangegaan in de jaren 2012, 2013 en 2017 voor een renteperiode van 10 jaar. Er is dus voor wat betreft de begroting en ook voor wat betreft de meerjarenraming geen risico verbonden aan de te betalen rente op de leningen. In 2022 loopt de oudste lening af (€ 1.000.000,-). Deze heeft een vast rente-percentage van 3,98%. We zullen de nieuwe lening kunnen aangaan voor een, naar verwachting, veel gunstiger percentage. Er doet zich echter mogelijk een gelegenheid voor om de golfshop, welke nu geen eigendom is van de golfbaan (er is “slechts” recht van opstal), te verwerven. De langlopende erfpacht-overeenkomst loopt in mei 2022 af. Dan zal er een hoger bedrag geleend moeten (nog niet getaxeerd), echter, tegen een veel lager rente-percentage dan 3,98%. In de begroting is het bedrag van de kapitaallasten voor de zekerheid hetzelfde gehouden. Ten aanzien van de kosten van het technisch onderhoud is het volgende van belang. Zowel voor het openbare gebied als voor de golfbaan zijn in 2018 nieuwe aanbestedingen gehouden voor een onderhoudscontract voor 3-5 jaar.
De raming van onderhoudskosten voor het openbare gebied en de golfbaan in de voorliggende begroting en meerjarenraming zijn gebaseerd op de genoemde aanbestedingen en de op basis daarvan overeengekomen vergoeding voor uitvoering van de werkzaamheden. Er is dus voor wat betreft de begroting en ook voor wat betreft de meerjarenraming geen risico verbonden aan de onderhoudskosten van het openbaar gebied en de golfbaan, tenzij er zich niet verwachte omstandigheden of calamiteiten voordoen. Indien er zich echter niet verwachte omstandigheden of calamiteiten voordoen zijn de deelnemende gemeenten in de GR gehouden in de eventuele kosten daarvan bij te dragen. De inkomsten van de golfbanen bestaan in hoofdzaak uit kaartverkoop van jaarkaarten, greenfee en bedrijfskaarten, reserveringen en arrangementen. Voorafgaand aan het opstellen van deze begroting wordt normaliter op basis van het resultaat van het begrotingsjaar 2020 eerst de verwachtingen ten aanzien van de inkomsten in de begroting voor het jaar 2021 bijgesteld. Op basis van het resultaat 2020 en de bijstelling van 2021 is voorts een sobere inschatting gemaakt van de voor 2022 te verwachten inkomsten. Ondanks die sobere inschatting blijft er een zeker risico verbonden aan de mogelijkheden tot realisatie van de kaartverkoop, de reserveringen en van de verkoop van arrangementen.
Golf is een buitenactiviteit en het weer blijkt toch van groot belang bij het plannen en uitoefenen van die activiteit. Het risico is dan te kwantificeren op zeg ca 10% van de verwachte inkomsten ad € 1.263.000, ofwel € 126.300,-. Daarnaast is het uitbreken van virus, zoals COVID-19, een groot risico gebleken hetgeen slechts ten dele te beheersen is, omdat we volledig afhankelijk zijn van, vanwege de overheid, vastgestelde en opgelegde regels en richtlijnen. De paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing heeft als doel om inzicht te geven in het vermogen van de organisatie om de risico’s die zij loopt af te kunnen dekken. Hiervoor is zowel de teller (beschikbare weerstandscapaciteit) als de noemer (kwantificering van de risico’s) van belang, ofwel € 7.109.629-/ € 126.300,- = 56,3. Indien hiervoor ook nog eens een risico-percentage van 10% wordt gehanteerd voor het optreden van een virus zoals Corona, wordt het risico € 7.109.629,-/ € 252.600,- = 28,15.
17
Kengetallen en toelichting. Begroting 2022 Kengetallen netto schuldquote netto schuldquote gecorr. solvabiliteitsratio grondexploitatie struct. exploitatieruimte belastingcapaciteit
verloop van de kengetallen jaarrek. begroting begroting meerj.r. meerj.r. meerj.r. 2020 2021 2022 2023 2024 2025 262 253 249 247 247 243 262 253 249 247 247 243 12 19 19 19 19 19 86 87 85 85 84 83 1 3 2 1 0 1 nvt nvt Nvt nvt nvt nvt
Netto schuldquote De netto schuldquote geeft inzicht in de mate waarin de schuldenlast drukt op de exploitatie. Dit kengetal wordt berekend door het totaal van de geleende gelden te delen door de totale jaarlijkse baten. Het saldo wordt uitgedrukt in een percentage van de totale jaarlijkse baten. De netto schuldquote voor 2022 is 249% en neemt geleidelijk af. Gecorrigeerde netto schuldquote Aangezien het recreatieschap geen leningen aan is gegaan of aangaat om uit te lenen aan derden is de gecorrigeerde netto schuldquote eveneens 249%. Solvabiliteit Het kengetal solvabiliteit (eigen vermogen gedeeld door totaal vermogen) geeft aan in hoeverre het recreatieschap in staat is om in de toekomst aan haar financiële verplichtingen te voldoen. De solvabiliteit is met 19% iets aan de lage kant, maar is in de afgelopen jaren wel toegenomen, behoudens het “corona-jaar” 2020. Grondexploitatie Het kengetal grondexploitatie geeft inzicht in de omvang van de grondposities in relatie tot de totale baten. Het kengetal grondexploitatie is 85%. Structurele exploitatieruimte Het kengetal structurele exploitatieruimte geeft inzicht in de ruimte om bijvoorbeeld structurele tegenvallers in de baten en/of lasten op te kunnen vangen. Dit kengetal wordt berekend door de structurele baten te verminderen met structurele lasten en dit saldo te delen door het totaal van de baten.
De structurele exploitatieruimte is 2%. Belastingcapaciteit Het kengetal belastingcapaciteit geeft aan hoe het opcenten tarief zich verhoudt ten opzichte van het landelijke gemiddelde. Aangezien het recreatieschap geen belastingen heft is dit niet van toepassing.
18
Het EMU-saldo. Als gevolg van het vernieuwde BBV dient meerjarig een geprognotiseerde balans te worden opgenomen, teneinde meer inzicht in het EMU-saldo mogelijk te maken. Er worden in de jaren na 2022 echter geen significante mutaties in de vaste en vlottende vorderingen en de vaste en vlottende schulden voorzien. Het heeft dan ook weinig zin om een meerjarige geprognotiseerde balans op te nemen. Conclusie. Er zijn voldoende vrij besteedbare middelen in reserve om de risico’s van de exploitatie voor het jaar 2022 op te vangen. Daarnaast dient ook te worden geconstateerd, dat de deelnemende gemeenten gehouden zijn om eventuele tekorten in de exploitatie aan te vullen.
19
7. Onderhoud kapitaalgoederen De kapitaalgoederen van het recreatieschap zijn te onderscheiden in openbaar groen, de golfbanen en de gebouwen. Openbaar groen. Het openbaar groen is in de jaren 1983 tot 1994 aangelegd met subsidie van Rijk en provincie. Het resterende deel van de aanlegkosten is uit reserves betaald door het recreatieschap. Ook de renovatiewerkzaamheden en investeringen in nieuwe voorzieningen in 2016 en 2017 zijn met subsidie van de provincie uit de reserves van het schap betaald, waardoor er als gevolg van de aanleg en herinrichting van het gebied geen kapitaallasten zijn voor het openbare gebied. In het beheerplan, dat in 2004 voor het eerst is vastgesteld is het onderhoud voor een periode van 10 jaar beschreven. In dat beheerplan was tevens een raming van de hieraan verbonden kosten opgenomen en een raming van de jaarlijks benodigde reserveringen voor meerjaarlijks onderhoud. Met die reserveringen wordt bereikt, dat er een redelijk constant uitgavenniveau is voor wat betreft het onderhoud. Het beheerplan is in 2014 en in 2020 bijgesteld en aangepast en ook de voor de kostenraming gebruikte normen zijn geactualiseerd op basis van het in de afgelopen jaren uitbestede onderhoud. De golfbanen. De 18 holes golfbaan is in 2 fasen aangelegd. 9 Holes zijn in 1995 in gebruik genomen en de uitbreiding naar 18 holes in het jaar 2000.
De 9 holes par 3 baan is eind 2003 in gebruik genomen. De aanleg is grotendeels gefinancierd, waardoor er voor de golfbanen wel kapitaallasten zijn. Op grond en inrichting van het terrein wordt - gezien ook het hoge voorzieningenniveau - niet afgeschreven. Er wordt wel afgeschreven op voorzieningen, die te zijner tijd vervangen moeten worden, zoals bijvoorbeeld de beregeningsinstallatie, bebording, netten en dergelijke. Het onderhoud van een golfbaan heeft een dusdanig hoog niveau, dat er eigenlijk nagenoeg geen sprake is van meerjaarlijks onderhoud. Elke noodzakelijke werkzaamheid komt ieder jaar in meerdere of mindere mate terug. Er wordt wel gereserveerd voor meerjaarlijks onderhoud voor waterlopen en verhardingen en voor renovatiedoeleinden om het hoge voorzieningenniveau op peil te houden. Voor de golfbanen is in 2007 voor het eerst een beheerplan vastgesteld. Ook hierin is het onderhoud voor een periode van 10 jaar beschreven. In het beheerplan is tevens een raming van de hieraan verbonden kosten opgenomen en een raming van de jaarlijks benodigde reserveringen voor meerjaarlijks onderhoud en renovatiewerkzaamheden. Het beheerplan is in 2016 en 2020 bijgesteld en aangepast. De gebouwen. De gebouwen van het recreatieschap hebben primair een functie voor de exploitatie van de golfbanen. Wel is in het hoofdgebouw kantoorruimte voor het recreatieschap ondergebracht.
20
Voor de gebouwen zijn contracten voor periodieke onderhoudskeuringen aangegaan. Op basis van onderhoudschema’s worden voorts onderhoudswerkzaamheden aanbesteed en uitgevoerd. Financiële consequenties. In de tabel hieronder is een overzicht gegeven van de budgettaire consequenties van het onderhoud, onderscheiden naar de programma’s. Lasten onderhoud kapitaalgoederen In programma
2020
2021
2022
2023
2024
Recreatie en natuur jaarlijks onderhoud meerj. onderhoud
206.515 82.410
229.670 86.885
230.000 89,240
232.530 91.680
235.088 91.680
Exploitatie golfbanen onderhoud golfbaan gebouwen driving range meerj. onderhoud
422.537 20.954 25.336 92.500
411.500 13.574 9.728 92.500
420.000 15.000 15.000 92.500
428.400 15.300 15.300 92.500
436.968 15.616 15.616 92.500
Totaal
850.252
843.857
861.740
875.710
887.468
Naast deze uitgaven worden nog uitgaven gedaan voor meerjaarlijks onderhoud. In het jaar 2022 zal naar verwachting voor recreatie en natuur circa € 89.126,- aan meerjaarlijks onderhoud worden uitgevoerd. Voor de golfbanen zal naar verwachting ca € 77.000,- aan meerjaarlijks onderhoud en renovatiewerkzaamheden worden besteed. Voor de overige jaren wordt verwezen naar de financiële begroting.
21
8. Bedrijfsvoering De bedrijfsvoeringparagraaf dient inzicht te geven in de stand van zaken en de beleidsvoornemens betreffende de bedrijfsvoering. Daarbij dient een relatie te worden gelegd met het uitvoeren van de programma’s in het programmaplan. Een goede bedrijfsvoering is van belang voor een rechtmatig, doelmatig en doeltreffend beheer en beleid. Bij bedrijfsvoering is het gebruikelijk om een onderscheid te maken naar personeel, organisatie, informatisering, communicatie, financieel beheer (waaronder de administratieve organisatie en de interne controle), automatisering en facilitaire dienstverlening (waaronder huisvesting). Voor een zo kleine organisatie als het recreatieschap Hitland is dat echter wat overdreven. Er worden geen ingrijpende wijzigingen in de personeelsformatie en/of de organisatie en de huisvesting voorzien. Mogelijk zal er echter als gevolg van meer externe communicatie, PR en marketing en het verbreden van de communicatie naar andere en / of nieuwe doelgroepen en activiteiten iets meer formatie moeten bijkomen. Voor wat betreft informatisering, (interne) communicatie en automatisering zijn geen bijzonderheden te melden. Het werkapparaat is klein en de communicatielijnen, werkstructuren en werkoverleggen zijn zeer direct. Het bestuur wordt door middel van voortgangsrapportages geïnformeerd.
Op het gebied van de uitvoering van de financiële functie is een nota over de administratieve organisatie en interne controle vastgesteld, die ook periodiek wordt herzien. In de AOIC zijn met name de financiën-uitvoerende taken en mandaten voor het werkapparaat vastgelegd, alsmede de controle daarvan. In de paragraaf Financiering zal wat uitgebreider worden ingegaan op de (interne) controle en de in- en externe informatievoorziening.
22
9. Financiering In deze financieringsparagraaf wordt per (financierings-) activiteit ingegaan op doelstellingen, richtlijnen en eventueel limieten. Verder zal de organisatie kort worden behandeld voor zover deze afwijkt van de Regeling Financieel Beheer. Als laatste zal worden ingegaan op de informatievoorziening, de administratieve organisatie en interne controle, wederom voor zover deze afwijken van de Regeling Financieel Beheer. Financieringsbeleid. Algemeen. De financieringsactiviteiten van het recreatieschap Hitland beperken zich tot lopende middelen (bankrekeningen en kas) en leningen. Ten aanzien van geldleningen is in het algemeen op te merken, dat dit geregeld is in de gemeenschappelijke regeling Hitland. Het voteren van kredieten voor nieuwe projecten en het als gevolg daarvan aangaan van geldleningen is voorbehouden aan het algemeen bestuur van het recreatieschap. Voor wat betreft de exploitatierekening is vastgelegd, dat de deelnemers in de gemeenschappelijke regeling naar rato van het inwonertal het exploitatietekort dekken. Hierna zal wat specifieker worden ingegaan op financiering, risico- en kasbeheer. Financiering. De doelstelling bij financiering is het voorzien in de (toekomstige) behoefte aan vreemd vermogen van het recreatieschap tegen zo laag mogelijke kosten.
Richtlijnen en limieten zijn hierbij verder niet aan de orde, omdat per gewenste financiering steeds weer besluitvorming plaatsvindt. Ten aanzien van de hoogte van lopende leningen heeft besluitvorming in het algemeen bestuur plaatsgevonden. Het aangaan van de leningen is voorts gemandateerd aan het dagelijks bestuur. De leningen zijn tegen een vaste rentevergoeding aangegaan; de leningen hebben een looptijd van 10 jaar. Voor een overzicht van de leenportefeuille wordt verwezen naar de bijlagen bij de financiële begroting. Op het renterisico is eerder al ingegaan. Het beleid ten aanzien van de exploitatierekening is er uiteraard op gericht de lasten zo laag mogelijk te houden. Risicobeheer. Ten aanzien van het risicobeheer kan worden ingegaan op rente-, koers-, krediet- en liquiditeitsbeheer. Voor het recreatieschap Hitland zijn slechts het rente- en het liquiditeitsbeheer van belang. Het recreatieschap heeft geen middelen belegd of uitgezet en heeft ook geen derivaten in gebruik. Doelstelling bij het renterisicobeheer is het minimaliseren van de rentekosten en het optimaliseren van de rentebaten. Richtlijnen en limieten rente zijn niet aan de orde. Ten aanzien van de rentekosten is nog op te merken, dat door de keuze voor een vaste looptijd van de huidige leningen de mogelijkheden om de rentekosten te minimaliseren beperkt zijn tot de (voorziene) afloop van die looptijd.
Doelstelling van het intern liquiditeitsbeheer is het voorzien in de huidige en toekomstige financieringsbehoefte, waarbij in principe geen vreemd vermogen wordt aangetrokken. Ingeval de liquiditeit van het recreatieschap onvoldoende is kan worden teruggevallen op een krediet in rekening-courant bij de BNG. Richtlijnen en limieten betreffen het
23
aanspreken van de rekening-courant (eerst na instemming penningmeester). Het krediet in rekening-courant is gelimiteerd tot € 226.890,-. Renterisico korte schulden. Prognose kasgeldlimiet 2022 (* € 1.000,-) Kasgeldlimiet 1e kwart. vlottende korte schuld maand 1 maand 2 maand 3 vlottende middelen maand 1 maand 2 maand 3 saldo (+ = schuld / - = overschot) maand 1 maand 2 maand 3
2e kwart. 3e kwart. 4e kwart.
300 200 200
200 200 225
300 200 225
300 250 225
650 650 650
600 600 600
650 700 750
700 750 750
-350 -450 -450
-400 -400 -375
-350 -500 -525
-400 -500 -525
gemiddeld saldo
-417
-392
-458
-475
kasgeldlimiet
158
158
158
158
ruimte onder kasgeldlimiet overschrijding van de limiet
575
550
617
633
geraamd begrotingstotaal 1.932 kasgeldlimiet (=8,2%) 158 1. Weergegeven is de stand per 1e van de maand. 2. De kasgeldlimiet bedraagt ca 8 % van het begrotingstotaal.
In het overzicht is het renterisico van de korte schulden getoetst aan de wettelijke norm. De kasgeldlimiet zal in het begrotingsjaar 2022 niet worden overschreden. Renterisico vaste schulden. De kapitaaluitgaven zijn geraamd op basis van onder meer de te betalen rente op een 3tal geldleningen. De leningen zijn aangegaan in de jaren 2012, 2013 en 2017 voor een renteperiode van 10 jaar. Er is voor dit en de komende begrotingsjaren geen risico verbonden aan de te betalen rente op de leningen. In 2022 loopt de oudste lening af (€ 1.000.000,-). Deze heeft een vast rente-percentage van 3,98%. We zullen de nieuwe lening kunnen aangaan voor een, naar verwachting, veel gunstiger percentage. Er doet zich echter mogelijk een gelegenheid voor om de golfshop, welke nu geen eigendom is van de golfbaan (er is “slechts” recht van opstal), te verwerven. De langlopende erfpacht-overeenkomst loopt in mei 2022 af. Dan zal er een hoger bedrag geleend moeten (nog niet getaxeerd), echter, tegen een veel lager rente-percentage dan 3,98%. In de begroting is het bedrag van de kapitaallasten voor de zekerheid hetzelfde gehouden, zodat er geen risico ontstaat.
24
Wijze van rentetoerekening De hiervoor genoemde leningen zijn aangegaan om de grond voor en inrichting van golfbaan en gebouwen te kunnen bekostigen. De te betalen rente op de leningen wordt dan ook in zijn geheel toegerekend aan de (duurzame) investeringen in grond, golfbaan en gebouwen. Vervangingsinvesteringen met een afschrijvingstermijn van 10 jaar of minder worden uit de liquide middelen bekostigd. Voor een overzicht van de rentetoerekening wordt verwezen naar de Toelichting op de vaste activa in de Financiële begroting 2021 (pag. 12). Kasbeheer. Bij het kasbeheer kan onderscheid worden gemaakt in geldstromenbeheer en saldo- en liquiditeitbeheer. De doelstelling bij het geldstromenbeheer is het betalingsverkeer zodanig in te richten, dat dit efficiënt en met zo weinig mogelijk externe bankkosten kan worden uitgevoerd. In de Regeling Financieel Beheer en in de AO/IC zijn limieten vastgelegd voor maximaal toegestane overboekingen en contante uitgaven. Verder is daarbij uiteraard vastgelegd op wie de limieten van toepassing zijn. De doelstelling van het saldo- en liquiditeitbeheer is het optimaliseren van de rentebaten. Ingeval er (tijdelijke) overtollige kas- of banktegoeden waren werden deze overgemaakt naar een depositorekening.
Richtlijnen en limieten saldo- en liquiditeiten voor wat betreft overboekingen zijn, zoals dat ook voor normale overboekingen en betalingen het geval is vastgelegd in de Regeling Financieel Beheer en de AO/IC. Organisatie. Voor zover de organisatie en de mandatering afweken van de toenmalige Regeling Financieel Beheer is dit in 2002 door het dagelijks bestuur in een AO/IC vastgelegd. Deze AO/IC is eveneens ter kennis gebracht van het algemeen bestuur van het recreatieschap. De AO/IC wordt in principe elke 2 jaar geactualiseerd. Hier wordt dan ook volstaan met een verwijzing naar de genoemde AO/IC. Informatievoorziening. Het algemeen bestuur wordt door het dagelijks bestuur geïnformeerd door middel van de normale kanalen, te weten een begroting, 1 tot 2 voortgangsrapportages en een jaarrekening per jaar. Administratieve Organisatie. Ook hier wordt volstaan met een verwijzing naar de eerder genoemde AO/IC. Interne controle. De interne controle vindt plaats door uitvoering van de in de AO/IC vastgelegde mandatering en door een accountantscontrole op de jaarrekening. Hierbij wordt ook de aansluiting tussen de financiële administratie en de zogenoemde baanadministratie van de golfbaan gecontroleerd.
25