CConstaterende datCapelle aan den IJssel
Koppel je AI →
Document · PDF

09.03 - Bijlagen bij college- en raadsvoorstel Uitkomst onderzoek tijdelijke opvang vluchtelingen in Capelle aan den IJssel

Gemeenteraad 7 februari 2022, gemeente Capelle aan den IJsselBij agendapunt: Beraadslagingen Tijdelijke opvang vluchtelingen in Capelle aan den IJssel6.042 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

> Retouradres Postbus 20011 2500 EA Den Haag

Aan de voorzitter van de regio Rotterdam-Rijnmond In kopie aan de commissaris van de Koning in Zuid-Holland

Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties Postbus 20011 2500 EA Den Haag www.linkedin.com/company/ ministerie-van-bzk Kenmerk 2021-0000668845 Uw kenmerk

Datum

14 december 2021

Betreft

Acute noodopvang asielzoekers

Geachte voorzitter van de regio Rotterdam, De Nederlandse staat heeft zich via het EU-recht, het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens, het Vluchtelingenverdrag en andere internationale verdragen verbonden aan het opvangen en begeleiden van asielzoekers, vanuit de overtuiging dat mensen die vluchten voor vervolging en geweld recht hebben op bescherming in Nederland. Dat betekent dat personen die in Nederland om asielbescherming verzoeken in dat licht worden opgevangen en dat asielaanvragen in behandeling worden genomen. Asielzoekers die een verblijfsvergunning hebben gekregen gaan deel uitmaken van de Nederlandse samenleving. De Nederlandse staat is een gedecentraliseerde eenheidsstaat. Het is daarmee een gezamenlijke verantwoordelijkheid van alle Nederlandse overheden om aan de verplichtingen ten aanzien van opvang en begeleiding van asielzoekers te voldoen. Hiertoe heeft het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) de wettelijke taak om iedereen die daar recht op heeft op te vangen en te begeleiden. Het COA doet dit op vele tientallen opvanglocaties verspreid over het land. Daarnaast hebben gemeenten de wettelijke taak om vergunninghouders te huisvesten conform de taakstelling huisvesting vergunninghouders. Met het wegvallen van de reisbeperkingen en andere COVID-maatregelen is de asielinstroom weer toegenomen in de loop van 2021.

Ook het aantal nareizigers in het kader van gezinshereniging dat eerder niet naar Nederland kon komen, is de afgelopen maanden fors toegenomen. Daarnaast werden aan het einde van de zomer meer dan 2000 Afghaanse evacués opgevangen. Daarbij blijkt uitstroom uit de COA-opvang lastig. Het gaat hierbij zowel om meer dan 12.000 vergunninghouders die in gemeenten moeten worden gehuisvest als om vreemdelingen die moeten terugkeren naar het land van herkomst of een ander EU-land. De druk op de COA-opvang neemt daardoor dagelijks toe.

Pagina 1 van 5

Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

Zoals u bekend is, is het voor het COA de afgelopen periode moeilijk gebleken om voldoende opvangplekken te realiseren. De opvangproblematiek verslechtert met de dag. Inmiddels is er een situatie ontstaan van acute nood rond de opvang van asielzoekers; zonder verdergaande maatregelen ontstaat in de komende weken een situatie waarbij asielzoekers niet langer kunnen worden opgevangen. Dat is de reden dat het kabinet nu niet meer met de gebruikelijke maatregelen kan volstaan. Om deze crisis het hoofd te bieden moeten voor het einde van het jaar nog minimaal 2.000 extra opvangplekken worden gerealiseerd. Daarom zetten we een belangrijke en noodzakelijke stap om dit te realiseren. Dit houdt in dat we zo snel als mogelijk inzetten op het realiseren van zogeheten acute noodopvanglocaties.

Datum 13 december 2021 Kenmerk 2021-0000668845

Gezien deze noodsituatie is er, teneinde crisisnoodopvang te voorkomen, geen andere mogelijkheid meer dan het aanwijzen en feitelijk in gebruik nemen van geïnventariseerde locaties. Daarbij wordt voorbijgegaan aan de reguliere besluitvormingsprocessen. De inschatting dat deze locaties op korte termijn geschikt kunnen worden gemaakt om te kunnen worden ingezet is leidend bij deze aanwijzing. Ook is rekening gehouden met enige spreiding over het land van de aangewezen locaties. Hiervoor benaderen we ook de regio Rotterdam. Wij vinden het van belang om te benadrukken dat het geven van een aanwijzing aan uw regio losstaat van eerdere inzet die uw regio heeft gepleegd op deze opgave. Wij komen specifiek tot uw regio gezien het feit dat de aard en omvang van de instroom hebben geleid tot een acute noodsituatie van meer dan plaatselijke betekenis. Bovendien bent u al langere tijd met het COA in gesprek over het kleinschalig opvangen van statushouders. De omvang van uw regio en de kleinschalige mogelijkheden voor opvang die u voor zich ziet, geven ons het vertrouwen dat u (wellicht vooruitlopend hierop) ook voor de opvang van asielzoekers een rol kunt en wilt spelen. We vernemen graag op korte termijn de locaties waar deze opvang zal plaatsvinden en wanneer deze operationeel zullen zijn.

Welke stappen zijn eerder genomen? Reeds in november 2019 werd duidelijk dat het COA duurzaam extra opvangplekken nodig had. Op dat moment is via de Landelijke Regietafel Migratie en Integratie (hierna LRT) gevraagd om alle Provinciale Regietafels (hierna PRT’s) te activeren om met deze opgave aan de slag te gaan. Door de COVID-19 pandemie daalde de asielinstroom in 2020 waardoor de opgave wat minder urgent werd. Afgelopen zomer werd duidelijk dat op korte termijn extra inzet nodig is om alle asielzoekers te kunnen opvangen. Op 24 augustus jl. hebben wij middels een brief alle commissarissen van de Koning, colleges van Gedeputeerde Staten en colleges van Burgemeester en Wethouders opgeroepen om de Provinciale Regietafels (PRT’s) met spoed bij elkaar te brengen om te bespreken of gemeenten ruimte hebben voor additionele locaties voor de opvang van asielzoekers dan wel voor de huisvesting van vergunninghouders.

Pagina 2 van 5

Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

Op 18 oktober jl. is de acute opvangproblematiek ook besproken in het Veiligheidsberaad en is de veiligheidsregio’s verzocht om opties aan te leveren om op korte termijn 1.500 extra opvangplekken te kunnen realiseren. Op 20 oktober jl. heeft de voorzitter van de veiligheidsregio Groningen een bijstandsverzoek gedaan op grond van artikel 51 Wet veiligheidsregio’s, omdat de door- en uitstroom van asielzoekers in aanmeldcentrum Ter Apel stagneert en de veiligheid en leefbaarheid van asielzoekers, medewerkers en inwoners van Ter Apel in het geding is. In reactie hierop heeft het kabinet aan de commissarissen van de Koning op 22 oktober jl. een dringend beroep gedaan om op korte termijn per provincie 100 extra opvangplekken te realiseren en exploiteren om het aanmeldcentrum Ter Apel te ontlasten. Dit verzoek heeft geresulteerd in bijna 700 extra opvangplekken.

Datum 13 december 2021 Kenmerk 2021-0000668845

Daarnaast hebben leden van het Kabinet, het COA, medewerkers vanuit de ministeries van Justitie en Veiligheid (JenV) en Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) en het Rijksvastgoedbedrijf (RVB) de afgelopen periode veel contacten gehad met provincies, gemeenten en andere betrokken partijen, zoals Defensie en woningcorporaties, om extra opvangplekken te realiseren en de huisvesting van vergunninghouders naar gemeenten te versnellen. Ook zijn vanuit de ministeries van BZK en JenV middelen beschikbaar gesteld om gemeenten te ondersteunen bij het (versneld) huisvesten of overnemen van vergunninghouders. Hierbij valt te denken aan de regeling huisvesting aandachtsgroepen 1 en de hotelen accommodatieregeling 2. Door de aanhoudende druk op de opvang is op 19 november jl. wederom een brief gestuurd aan alle commissarissen van de Koning, colleges van Gedeputeerde Staten en colleges van Burgemeester en Wethouders. In deze brief zijn opgaven geformuleerd ten aanzien van de asielopvang en huisvesting van vergunninghouders voor het resterende deel van 2021 en 2022. Dit alles heeft tot nu toe geleid tot de realisatie van ongeveer 8.500 extra, veelal tijdelijke, (nood)opvangplekken op tal van bijzondere locaties zoals evenementhallen, (grote en kleinere) paviljoens, defensielocaties, hotels, vakantieparken en boten.

Mede door de goede samenwerking in het PRT zijn, alleen al in de regio Rotterdam, in de afgelopen weken meer dan 500 extra plaatsen noodopvang gerealiseerd. Sinds 1 juli jl. zijn er meer dan 10.500 vergunninghouders gehuisvest en lijkt het gemeenten te lukken om voor het eind van het jaar een eerste deel van de achterstand op de taakstelling vergunninghouders in te halen. Dit is een grote prestatie waar we gemeenten, provincies en andere betrokken partners erg dankbaar voor zijn. Tegelijkertijd moeten we constateren dat al deze inzet voor de korte termijn niet voldoende is gebleken.

1 2

Zie voor meer informatie Staatscourant 2021, 41337. Zie voor meer informatie Staatscourant 2021, 45592. Pagina 3 van 5

Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

Aanwijzing Afgelopen week is door het COA en ondergetekenden samen met de Rijksheren en deelnemers aan de LRT geconcludeerd dat de opgaven ten aanzien van het realiseren van extra opvangplekken in 2021 niet zullen worden behaald. Dat is ondanks alle inspanningen, de vele bijeenkomsten van de LRT, PRT’s en de Rijksheren en de welwillendheid van velen om mee te denken en te helpen om de opvangproblematiek het hoofd te bieden. Daarmee ontstaat het onaanvaardbare risico dat de Nederlandse Staat niet kan voldoen aan de EU- en internationaalrechtelijke verplichting om aan asielzoekers menswaardige opvangvoorzieningen te bieden.

Datum 13 december 2021 Kenmerk 2021-0000668845

Het kabinet ziet zich daarom gedwongen om een aanwijzing te geven aan de regio Rotterdam om op de kortst mogelijke termijn alle maatregelen te treffen om locaties gereed te maken voor de opvang en begeleiding van 500 asielzoekers voor een beoogde periode van circa vier maanden. Naast regio Rotterdam hebben ook andere gemeenten een aanwijzing gekregen. Hierbij is rekening gehouden met enige spreiding over het land. Samen met deze aanwijzing wordt u gevraagd om ook de start-up van de locaties vorm te geven, zulks samen met de gemeenten in uw regio, provincie en maatschappelijke partners zoals het Rode Kruis. Vanzelfsprekend kunt u ervoor kiezen om op te schalen naar een passend GRIP-niveau. Bij het vormgeven van de start-up hoort ook de (gedoog-) vergunningverleningen, noodzakelijke controles (o.m. brandveiligheid) en het exploiteren van de acute noodlocaties gedurende de eerste fase. Bij uitblijven van de tijdige en noodzakelijke stappen door de gemeente, zal (op onderdelen) het Rijk zijn juridisch instrumentarium kunnen inzetten om hierin te voorzien. De kosten hiervan zullen, via het COA, door het Rijk worden vergoed. Hiervoor kunt u met het COA nadere afspraken maken.

Daarnaast zal het COA ondersteuning bieden bij het opzetten van de opvanglocaties in de vorm van advisering bij technische voorbereiding en wijze van inrichten, advisering over de wijze van exploitatie en op verzoek het aanstellen van een liaison van het COA. Het COA zal de exploitatie en verantwoordelijkheid van deze opvanglocaties desgewenst binnen een nader af te spreken termijn overnemen. Wij verzoeken u de vormgeving van een transitieplan samen met het COA tot stand te brengen.

Pagina 4 van 5

Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

Wij realiseren ons terdege dat dit een vergaande stap is, ook in de bestuurlijke samenwerking. De actuele noodsituatie maakt dat weliswaar noodzakelijk, maar daarmee niet eenvoudiger. Wij zullen alles in het werk stellen om dit zo goed mogelijk vorm te geven en te ondersteunen. Deze acute noodopvang zien we als een vergaande en tijdelijke maatregel om iedereen die daar recht op heeft op de korte termijn te kunnen blijven opvangen. Aangezien we er nog niet zijn, blijven we met gemeenten en provincies en andere betrokken partijen aan de PRT’s en andere tafels werken aan het realiseren van nieuwe (reguliere) opvangplekken en het versnellen van de uitstroom van vergunninghouders, zodat het opvangsysteem kan stabiliseren en de acute noodopvanglocatie in uw gemeente zo spoedig mogelijk kan sluiten.

Datum 13 december 2021 Kenmerk 2021-0000668845

De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,

Kajsa Ollongren

De Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid,

Ankie Broekers-Knol

Pagina 5 van 5

. Capelle nden l]: l SPOED Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond T.a.v. de heer ing. A. Aboutaleb, voorzitter en de heer mr. drs. A. Littooij, algemeen directeur Postbus 9154 3007 AD Rotterdam

datum

kenmerk

17 december 2021

659314/65931 5

doorkiesnummer

Uw kenmerk/brief van

(010) 284 8750

onderwerp

Behandeld door/e-mail

acute noodopvang asielzoekers

J.M. Meijer j.m.meijer@capelleaandenijssel.nl

Geachte heren Aboutaleb en Littooij, Het is belangrijk dat asielzoekers in ons land op een humane manier worden opgevangen. Dat er op dit moment een te grote druk staat op de opvangcentra is duidelijk. De door de VRR voorgedragen oplossing voor opvang van asielzoekers op een schip in onze gemeente aan de IJssel, aan te meren aan het Vuykterrein, zien wij als een onverantwoorde oplossing. De aanlegsteiger is technisch gezien ongeschikt voor het aanmeren van schepen van de grootte zoals door de VRR genoemd. Aanmeren past niet binnen de vergunning die door Rijkswaterstaat is afgegeven voor deze locatie. Wij onderkennen dat de technische problemen oplosbaar zijn. In onze ogen zijn de veiligheidsproblemen dat echter niet. De bedoelde steiger ligt krap tussen twee bochten pal tegen de vaargeul waar veel zwaarbeladen vrachtschepen met diverse soorten lading gebruik van maken. De veiligheid van personen die op een aangemeerd schip op deze locatie verblijven en van omwonenden kunnen wij niet garanderen. Bij het verlenen van de vergunning voor de steiger heeft het bevoegd gezag (Rijkswaterstaat), afwegende de nautische belangen, géén toestemming verleend voor het langdurig afmeren van een schip aan de steiger Vuykpark. Kortdurend (alleen overdag) aanleggen is toegestaan binnen de regel dat een schip plus de steiger maximaal 15 m breed is.

De steiger is 7 m breed, dus een aan te meren schip mag niet breder zijn dan 8 meter. Daarmee wordt ook rekening gehouden met het feit dat aan de overzijde een overslagbedrijf voor zand en stenen is gevestigd. Aan de kade van dit bedrijf meren uiteraard vrachtschepen aan. Daardoor is er aan de overzijde geen uitwijkmogelijkheid voor passerende schepen. Aanleg- en afvaarbewegingen van de schepen die aan de overzijde moeten laden en lossen zorgen voor een extra veiligheidsrisico voor het aanmeren aan de Capelse zijde.

Wilt u bij beantwoording het kenmerk vermelden. Rivierweg 111 Postbus 70 2900 AB Capelle aan den IJssel www.capel!eaandenijssel.nl gemeente@capelleaandenijssel.nl

Telefoon: 14010 Telefax: 010-2848800 BTW nummer: 001877045805 IBAN: NL41 INGB0006691797 BIC nummer: INGBNL2A

Behorende bij brief nummer: 659314/659315

pagina: 2 van 2

Technische oplossingen die het mogelijk kunnen maken om toch bij de Vuyksteiger aan te leggen veroorzaken een verbreding van de aanlegplaats. Een aangemeerd schip komt hierdoor nog dichter bij de vaargeul te liggen. Rijkswaterstaat heeft gisteren aangegeven dat deze locatie verre van ideaal is. Er is scheepvaart en er bestaat (altijd) kans op een aanvaring, bijvoorbeeld bij het uit koers lopen van een binnenvaartschip. Wij hebben als gemeente een verantwoordelijkheid voor de openbare orde en een zorgplicht voor de veiligheid van de asielzoekers op de boot en de omwonenden in de woonwijk. De risico's op en rond de boot zijn te groot. De drukke, smalle vaargeul met passerende boten naast een grote boot met vluchtelingen vergroot de kans op aanvaringen met alle risico's van dien. Om dezelfde redenen heeft Rijkswaterstaat in het verleden geen toestemming verleend om op deze locatie een boot voor langere tijd aan te meren. Daarbij is het vooral belangrijk dat het huisvesten van deze kwetsbare doelgroep op een veilige en verantwoorde manier moet plaatsvinden. De tijdelijke opvang moet ook maatschappelijk goed te onderbouwen zijn. Het aanmeren van een schip aan een kade die feitelijk in een woonwijk ligt is vanuit het oogpunt van maatschappelijk belang niet goed te verdedigen.

Wij geven u gezien het bovenstaande in overweging om een oplossing te zoeken op een locatie die wel mogelijkheden biedt voor een veilige en verantwoorde opvang van asielzoekers. Binnen onze (waterrijke) regio moet een dergelijke verantwoorde oplossing te vinden zijn. Onze gemeente spant zich al jaren in om steeds op tijd te voldoen aan onze taakstelling voor het huisvesten van statushouders, met succes. Op dit moment zijn wij binnen onze eigen regio voorloper op het realiseren van onze taakstelling en wij zijn ook bereid om nog een extra inspanning te doen bovenop die taakstelling, waarbij wij kunnen aanbieden dat wij bovenop onze taakstelling nog 10 statushouders extra kunnen huisvesten indien dit aan ons gevraagd wordt. Hiermee dragen wij graag bij aan het doel van de regionale aanwijzing: verlichting in de AZC's. Binnen de constructieve samenwerking die wij in onze regio hebben, moeten wij deze problematiek met elkaar het hoofd bieden. Zoals bekend, is Capelle aan den IJssel altijd bereid mogelijkheden te bekijken. Met de inzet die wij reeds hebben gepleegd, aangevuld met bovenstaand aanbod, denken wij ook hierbij een goede bijdrage te leveren binnen onze regionale samenwerking. Hoogachtend, het college van burgemeester en wethouders, de gemeentesecretaris,

aer van Twist

Postadres Postbus 9154 3007 AD Rotterdam

Bezoekadres

Wilhelminakade 947 Rotterdam

Telefoon E-Mail Ons kenmerk

088 - 8779 914

College van Burgemeester en Wethouders Postbus 70 2900 AB Capelle aan den IJssel

Arjen.Littooij@vr-rr.nl 21UIT30476

Betreft

crisisnoodopvang

Datum

17 december 2021

Behandeld door

mr. drs. A. Littooij

Geacht college,

Naar aanleiding van uw brief van 17 december jl., kenmerk 659314/679315 betreffende de acute noodopvang asielzoekers, bericht ik u als volgt. Op dit moment heeft Nederland te maken met een acuut tekort aan opvangplaatsen voor vluchtelingen. Met het wegvallen van de reisbeperkingen en andere COVIDmaatregelen is de asielinstroom weer toegenomen in de loop van 2021. Daarnaast vangt Nederland sinds het einde van de zomer meer dan 2000 Afghaanse evacués op. Daarbij heeft het COA een probleem met de uitstroom. De druk op de COA-opvang neemt daardoor dagelijks toe. Inmiddels is er een situatie ontstaan van acute nood rond de opvang van asielzoekers. Hiermee is de uitzonderlijke situatie ontstaan waarbij in opdracht van het kabinet lokaal 2000 crisisnoodopvangplekken in Nederland op korte termijn gerealiseerd moeten worden. Hiertoe heb ik als voorzitter van de Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond een aanwijzing gekregen van de Staatsecretaris van Justitie en Veiligheid (kenmerk 20210000668845, zie bijlage) voor het realiseren van crisisnoodopvang voor 500 vluchtelingen in deze regio voor ongeveer vier maanden. Ook de burgemeesters van Enschede, Gorinchem, Venray en Alkmaar hebben een aanwijzing gekregen in dit kader.

Ik heb een aanwijzing als voorzitter van de veiligheidsregio gekregen, met als voordeel dat we in onze regio gezamenlijk met 15 gemeenten de gevraagde 500 plekken kunnen realiseren. Het COA neemt zo snel als mogelijk de coördinatie en realisering van de vluchtelingenopvang weer over. In uw brief geeft u aan geen mogelijkheden te zien voor de acute opvang van asielzoekers in uw gemeente en dat u bereid bent om bovenop uw taakstelling van het huisvesten van statushouders 10 extra statushouders te willen huisvesten. U zult begrijpen dat ik uitermate teleurgesteld ben over dit aanbod. Deze acute noodsituatie vraagt om -binnen de mogelijkheden die er zijn- doortastende en soms onorthodoxe besluiten. De mogelijkheid voor het aanleggen van een cruiseschip aan het Vuykterrein is dan weliswaar niet ideaal, maar is wel een optie die tot de mogelijkheden behoort. Rijkswaterstaat heeft aangegeven dat er geen onoverkomelijke bezwaren zijn voor het afmeren van een binnenvaartschip op die plek, mits er goede afspraken worden gemaakt over de nautische veiligheid. In overleg met de veiligheidsregio is ook

Veiligheidsregio Rotterdam - Rijnmond

gekeken om de kade zodanig in te richten dat gebruik van een schip tot de mogelijkheden behoort. De veiligheid van de asielzoekers op een boot is een verantwoordelijkheid die zowel u als mij aangaan en waar we oog voor moeten hebben. Met het nemen van extra maatregelen moet deze voldoende gewaarborgd kunnen worden. Uiteraard is een andere locatie op het land binnen uw gemeente ook bespreekbaar voor de opvang van asielzoekers. In uw brief heeft u echter geen andere opties opgenomen. In de vergadering van het Algemeen Bestuur van de veiligheidsregio van 13 december jl. heeft u de mogelijkheid voor de opvang van asielzoekers in een tent genoemd. Ook de opvang op locatie parkeerplaats aan de Bermweg ter hoogte van nummer 500 zou tot de mogelijkheden kunnen behoren. Gelet op de ervaringen elders in het land -o.a. in Nijmegen- zijn tenten in ons klimaat met regen en wind geen bespreekbare optie. Het gebruik van woonunits daarentegen behoort wel tot de mogelijkheden en kan -in samenwerking met de veiligheidsregio- verder worden uitgewerkt. In uw brief geeft u aan bereid te zijn om naar mogelijkheden te kijken voor opvang van asielzoekers. Graag wil ik de komende dagen in constructief overleg met u tot overeenstemming komen over een locatie voor acute noodopvang in Capelle aan den IJssel.

Met vriendelijke groet,

ing. A. Aboutaleb Voorzitter van de Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond

Bijlage: - Brief aan de voorzitter VRR dd. 14 december 201 (kenmerk 2021-0000668845): Acute noodopvang asielzoekers

-2-

AH 1305

2021Z24043 Antwoord van staatssecretaris Broekers-Knol (Justitie en Veiligheid), mede namens de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (ontvangen 10 januari 2022)

1. Herinnert u zich dat u op 12 december jl. een brief aan de Kamer heeft geschreven waarin u aankondigt ‘aanwijzingen te geven aan de gemeenten Enschede, Gorinchem en de regio Rotterdam’ voor de acute noodopvang van asielzoekers in noodopvanglocaties? Ja, met dien verstande dat niet op 12 maar op 14 december jl. het kabinet een brief aan uw Kamer heeft gezonden getiteld ´Acute noodopvang asielzoekers´. Bij de verdere beantwoording is de aanname dat u op deze brief doelt. 2. Hebben de aanwijzingsbrieven die vervolgens naar de betrokken autoriteiten zijn gegaan enig (publiekrechtelijk) rechtsgevolg? De Nederlandse staat heeft zich via het EU-recht, het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens, het Vluchtelingenverdrag, de Opvangrichtlijn en andere internationale verdragen verbonden aan het opvangen en begeleiden van asielzoekers, vanuit de overtuiging dat mensen die vluchten voor vervolging en geweld recht hebben op bescherming in Nederland. De Nederlandse staat is een gedecentraliseerde eenheidstaat. Het is daarmee een gezamenlijke verantwoordelijkheid van alle Nederlandse overheden om aan de verplichtingen ten aanzien van opvang en begeleiding van asielzoekers te voldoen. De genoemde brieven hadden tot doel de betreffende gemeenten te bewegen al het nodige te doen om de acuut noodzakelijke tijdelijke asielopvang op zeer korte termijn te realiseren.

Door verhoogde instroom, problemen bij uitstroom van statushouders naar gemeenten en beperkte terugkeer van afgewezen asielzoekers was er sprake van een acute noodsituatie in de opvanglocaties. Er waren in december in ieder geval 2000 opvangplekken te kort. Het kabinet zag zich daarom genoodzaakt om specifieke locaties aan te wijzen, vanwege de acute noodsituatie, vanwege onze internationale verplichtingen en om crisisnoodopvang in tenten en gymzalen te voorkomen waardoor Nederland asielzoekers niet langer menswaardige opvangvoorzieningen kon bieden. Met alle gevolgen van dien voor asielzoekers (waaronder kinderen), gemeenten en omwonenden. De aanwijzingen hebben geen grondslag in Nederlandse wet- en regelgeving, zoals ik gemeld heb bij de begrotingsbehandeling JenV in de Eerste Kamer op 21 december jl. Het betreft geen aanwijzing in juridische zin en de brieven hebben dan ook geen publiekrechtelijk rechtsgevolg. Het gebruik van de term

aanwijzing is ingegeven door de acute noodsituatie waarvan sprake was, mede gezien de internationaalrechtelijke verplichtingen waaraan Nederland zich verbonden heeft. Met de gemeenten is naar aanleiding van de brieven een voortvarend gesprek op gang gekomen om de aangewezen locaties zo snel mogelijk in te zetten voor de noodopvang van asielzoekers. Daarbij worden de betreffende gemeenten waar mogelijk ondersteund. Kosten die worden gemaakt zullen via het Centraal orgaan opvang asielzoekers (hierna: COA) door het Rijk worden vergoed.

3. Indien sprake is van een rechtsgevolg dat aan deze brief is verbonden, kunt u dan aangeven uit welke juridische grondslag dat rechtsgevolg voortvloeit? De aanwijzingen hebben geen grondslag in Nederlandse wet- en regelgeving, zoals ik gemeld heb bij de begrotingsbehandeling JenV in de Eerste Kamer op 21 december jl. Het betreft geen aanwijzing in juridische zin en de brieven hebben dan ook geen publiekrechtelijk rechtsgevolg. Het gebruik van de term aanwijzing is ingegeven door de acute noodsituatie waarvan sprake was, mede gezien de internationaalrechtelijke verplichtingen waaraan Nederland zich verbonden heeft.

4. Indien sprake is van een rechtsgevolg dat aan deze brief is verbonden, kunt u dan aangeven waarom die aanwijzingsbevoegdheid dan niet in alle brieven aan de betrokken autoriteiten is vermeld? De aanwijzingen hebben geen grondslag in Nederlandse wet- en regelgeving, zoals ik gemeld heb bij de begrotingsbehandeling JenV in de Eerste Kamer op 21 december jl. Het betreft geen aanwijzing in juridische zin en de brieven hebben dan ook geen publiekrechtelijk rechtsgevolg. Het gebruik van de term aanwijzing is ingegeven door de acute noodsituatie waarvan sprake was, mede gezien de internationaalrechtelijke verplichtingen waaraan Nederland zich verbonden heeft. 5. Indien sprake is van een rechtsgevolg dat aan deze brief is verbonden, kunt u dan aangeven op welke wijze de betrokken bestuursorganen bezwaar of beroep kunnen aantekenen dan wel anderszins formeel in verzet kunnen komen? De aanwijzingen hebben geen grondslag in Nederlandse wet- en regelgeving, zoals ik gemeld heb bij de begrotingsbehandeling JenV in de Eerste Kamer op 21 december jl. Het betreft geen aanwijzing in juridische zin en de brieven hebben dan ook geen publiekrechtelijk rechtsgevolg. Het gebruik van de term aanwijzing is ingegeven door de acute noodsituatie waarvan sprake was, mede gezien de internationaalrechtelijke verplichtingen waaraan Nederland zich verbonden heeft. 6.

Indien artikel 31 Huisvestingswet de (beoogde) grondslag van de aanwijzingsbevoegdheid is kunt u dan aangeven waarom dat niet

vermeld wordt en waarom de aanwijzingsbrieven dan niet (alleen) aan de college van burgemeester en wethouders gericht zijn, de formele adressant van de aanwijzingsbevoegdheid uit artikel 31 Huisvestingswet en voorts wanneer de door artikel 31 lid 1 voorgeschreven ministeriele regeling is vastgesteld en gepubliceerd? Artikel 31 van de Huisvestingswet 2014 is hier niet van toepassing.

7. Indien er (nog) geen rechtsgevolg is verbonden aan de aanwijzingsbrieven die u op of rond 12,13 en 14 december aan de autoriteiten heeft verstuurd, hoe waardeert u dan het gebruik van het woord ‘aanwijzing’ als het dus geen aanwijzing is? Gezien de acute noodsituatie was er, om crisisnoodopvang in tenten en gymzalen te voorkomen, geen andere mogelijkheid meer dan het aanwijzen en feitelijk in gebruik nemen van geïnventariseerde locaties. In december waren er 2000 opvangplekken te kort. De brieven hebben als doel de betreffende gemeenten te bewegen al het nodige te doen om op de beschreven locatie en om op korte termijn tijdelijke noodopvang te realiseren. Die noodzaak is onverkort aanwezig. Er is in dit geval geen sprake van een aanwijzing als vorm van interbestuurlijk toezicht. Het kabinet heeft locaties aangewezen die absoluut nodig zijn om asielzoekers menswaardige noodopvang te kunnen bieden. Ook is een beroep gedaan op de regio Rotterdam om zelf locaties te vinden. De term aanwijzing werd in dit geval mede passend geacht omdat bij uitblijven van realisatie van de beschreven acute noodopvang, nadere stappen, zoals de inzet van crisisnoodopvang, niet konden uitblijven. De route naar het moment van aanwijzing en de stappen die zijn gezet, staan uitgebreid beschreven in de brief aan uw Kamer getiteld ´Acute noodopvang asielzoekers´ d.d.

14 december 2021.1 Het dringende bestuurlijke verzoek was derhalve niet een middel waartoe het kabinet lichtvaardig is overgegaan. 8. Bent u van mening dat het suggereren van aanwijzingsbevoegdheden bijdraagt aan het benodigde vertrouwen in de interbestuurlijke relaties en de oplossing van het huisvestingsvraagstuk van zowel de asielzoekers als de statushouders? Zo ja, waarom? Zo nee, waarom doet u dat dan toch? Het kabinet was van oordeel dat het belangrijk was eerlijk te zijn over de urgentie van de ontstane noodsituatie in de asielopvang en daarnaar te handelen. Het uitblijven van realisatie van de beschreven acute noodopvang zou naar verwachting hebben geleid tot inzet van crisisnoodopvang. Dit zou voor asielzoekers, gemeenten en omwonenden zeer onwenselijk zijn geweest. In december werd duidelijk dat alle lopende gesprekken met gemeenten onvoldoende zouden zijn om het benodigd aantal extra plekken tot eind 2021 1

Kamerstuk 19 637, nr. 2806

te realiseren. Daarmee ontstond het onaanvaardbare risico dat de Nederlandse staat asielzoekers niet langer menswaardige opvangvoorzieningen kon bieden waar we vanuit humanitair oogpunt en op grond van de EU- en internationaalrechtelijke verplichting aan gehouden zijn. Het kabinet vond dit onacceptabel en heeft daarom specifieke locaties benoemd die op korte termijn ingezet konden worden om toch de benodigde opvangplekken te creëren. Omdat dit een vergaande stap is, is in de aanloop veelvuldig contact geweest met het lokaal bestuur door leden van het kabinet, medewerkers vanuit de ministeries van Justitie en Veiligheid en Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, de Landelijke Regietafel Migratie en Integratie, de Rijksheren (Commissarissen van de Koning) en vertegenwoordigers van het COA. Daarbij is ook ondersteuning aangeboden vanuit COA voor het gereed maken van de locaties. Kosten die gemeenten maken worden via het COA door het Rijk vergoed. Inmiddels zijn diverse gemeenten voortvarend aan de slag gegaan om de gevraagde noodopvangplekken te realiseren. 9.

Is deze gang van zaken een voorbeeld van wat in het regeerakkoord staat (Wanneer het algemeen belang dit noodzakelijk maakt, zal het kabinet, met inachtneming van de lokale autonomie en passende waarborgen, gebruik maken van de mogelijkheid een aanwijzing te geven aan de medeoverheden)? Kunt u, "de Minister-President die tevens formateur is", nader duiden wat beoogd is met die zin in het regeerakkoord? Het is aan het volgend kabinet om eventuele vragen te beantwoorden over wat bedoeld is met het coalitieakkoord. 10. Hoeveel grondwettelijke ruimte ziet u überhaupt voor positief toezicht in de autonome sfeer van het gemeentebestuur? Wanneer een onderwerp binnen de autonome sfeer van gemeenten valt, kunnen gemeenten zelf besluiten of en hoe zij dat onderwerp oppakken. Het is echter niet zo dat er in het geval van autonomie in het geheel geen interbestuurlijk toezicht kan zijn. Ook als een gemeente in autonomie handelt, kan via een vernietiging van een besluit worden ingegrepen als het handelen van de gemeente in strijd is met het recht of het algemeen belang. Dat is dan echter nadrukkelijk toezicht achteraf. Toezicht kan binnen de Grondwettelijke systematiek niet worden gebruikt om in de autonome ruimte aanwijzingen te geven aan gemeenten.

Als positief toezicht moet worden begrepen als het geven van opdrachten, dan is die ruimte er Grondwettelijk gezien uitsluitend als een specifieke wet daarin voorziet. 11. Kunt u alle interne en externe juridische en bestuurlijke adviezen over de gekozen wijze en juridische basis aan de Kamer doen toekomen? Gegeven de noodsituatie in december is aan de brieven gewerkt waarbij juridische en bestuurlijke afwegingen zijn gemaakt. De juridische

randvoorwaarden bij het geven van aanwijzingen aan gemeenten zijn bekend, ook vanuit eerdere analyses. Ook is bestuurlijk overleg gevoerd op verschillende niveaus; dat is veelal telefonisch en via videobellen gebeurd. Stukken 2 die basis vormden voor de latere besluitvorming, treft u bijgevoegd aan. 12. Kunt u de beslisnota c.q. beslisnota’s, die bij dit besluit hoort om gemeentes te dwingen, aan de Kamer doen toekomen, conform de belofte van de brief over ‘ongekend onrecht’ waarin beloofd was deze beslisnota’s openbaar te maken? In dit geval zijn geen beslisnota’s geschreven. Wel zijn de stukken die hierboven beschreven zijn gebruikt om tot een besluit te komen. 13. Op welke wijze gaat u borgen dat de besluitvorming en aanwijzing wel op ordentelijke wijze zal geschieden indien verdere opvang noodzakelijk is? We hechten eraan te benadrukken dat de huidige goede samenwerking tussen het Rijk, provincies en gemeenten via de diverse overleggremia over asielopvang de regel is. Het valt op voorhand evenwel niet uit te sluiten dat opnieuw een onaanvaardbaar risico ontstaat dat de Nederlandse staat asielzoekers niet langer menswaardige opvangvoorzieningen kan bieden waar we vanuit humanitair oogpunt en op grond van de EU- en internationaalrechtelijke verplichting aan gehouden zijn. 14. Kunt u deze vragen een voor een en binnen drie weken beantwoorden? Ja.

2

Raadpleegbaar via www.tweedekamer.nl

Postadres Postbus 9154 3007 AD Rotterdam

Bezoekadres

Wilhelminakade 947 Rotterdam

Telefoon E-Mail Ons kenmerk

088 - 8779 914 Arjen.Littooij@vr-rr.nl 22UIT000010

Betreft

Acute noodopvang asielzoekers Rotterdam-Rijnmond

Datum

14 januari 2022

Behandeld door

Burgemeester P. Oskam Gemeente Capelle aan den IJssel Postbus 70 2900 AB Capelle aan den IJssel

mr. drs. A. Littooij

Geachte burgemeester, Op 10 januari jl. heeft de voormalige staatsecretaris voor Asiel en Migratie aangegeven dat de aanwijzing van het Rijk om 500 asielzoekers in de Rotterdamse regio op te vangen niet gebaseerd is op een degelijke juridische basis. In de beantwoording van de Kamervragen van Omtzigt stelt ze: “Het betreft geen aanwijzing in juridische zin en de brieven hebben dan ook geen publiekrechtelijk rechtsgevolg. Het gebruik van de term aanwijzing is ingegeven door de acute noodsituatie waarvan sprake was, mede gezien de internationaalrechtelijke verplichtingen waaraan Nederland zich verbonden heeft.” Naar aanleiding hiervan bericht ik u het volgende. Op 14 december jl. heb ik als voorzitter van de Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond (VRR) een aanwijzingsbrief gekregen (kenmerk 2021-0000668845) voor het realiseren van noodopvang voor 500 asielzoekers voor circa vier maanden. De huidige situatie is door het kabinet aangeduid als crisissituatie. Nederland heeft een verdragsrechtelijke verplichting alle asielzoekers opvang en begeleiding te geven. Er is sprake van een acuut tekort waarbij extra opvangplaatsen noodzakelijk zijn. De urgentie en de crisisstatus van de noodopvang is door mij en door de commissaris van de Koning direct na ontvangst van de aanwijzingsbrief van het Rijk erkent.

In het overleg van het algemeen bestuur van de Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond van 13 december jl. is dat met elkaar bevestigd en voor gemeenten ook de basis voor de medewerking geworden om de noodopvang van asielzoekers in onze regio te gaan realiseren. De mededeling dat de aanwijzing geen publiekrechtelijk rechtsgevolg zou hebben kwam als een verrassing. In het geval de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid met grote stelligheid de inzet van de aanwijzing aankondigt en ook communiceert, mag in de goede verhoudingen tussen overheden erop worden vertrouwd dat hiervoor een degelijke juridische grondslag bestaat. Met het aantreden van het nieuwe kabinet, heb ik telefonisch contact gehad met de nieuwe staatsecretaris Asiel en Migratie, de heer Van der Burg. Hij gaf aan ongelukkig te zijn dat het proces zo is gelopen. Hij heeft toegezegd dat een aanwijzing in deze vorm niet nogmaals zal voorkomen. Tevens heeft hij mij verzocht om wel uitvoering te blijven geven aan het dringende appèl van het Rijk, omdat de noodzaak voor asielopvangplekken onverkort aanwezig is.

Veiligheidsregio Rotterdam - Rijnmond

Direct na ontvangst van de aanwijzingsbrief zijn vanuit de VRR en de gemeenten in de regio afgelopen periode grote inspanning geleverd om invulling te geven aan het dringende verzoek om opvangplekken te realiseren. Ik heb de regiogemeenten opgeroepen om de ‘aanwijzing’ loyaal te vervullen en daarbij is een beroep gedaan op die gemeenten die in de eerdere tranche van regie nog geen extra inspanning hadden geleverd. De gemeente Rotterdam zal maximaal 250 plekken realiseren. De overige 250 plekken zijn verdeeld over de rest van de gemeenten in de regio. Vanwege het urgente karakter voor de opvang van de extra 500 asielzoekers in onze regio, hebben de gemeente Vlaardingen en Rotterdam, die reeds opvang hadden gerealiseerd in de zogenaamde uitvraag 1e tranche, besloten de opvang verder uit te breiden en te verlengen met nog eens vier maanden. De gemeenten Schiedam, Capelle aan den IJssel, Albrandswaard, Barendrecht en Lansingerland hebben – op basis van de aanwijzing zoals genoemd in de brief van 14 december jl.- toegezegd gezamenlijk en onder regie van de VRR de resterende plekken te organiseren. Het grootste deel van de genoemde plekken komt medio januari 2022 beschikbaar. Met bovengenoemde opvanglocaties voldoet de regio Rotterdam-Rijnmond aan de ‘aanwijzing’ - zoals verwoord in de eerder genoemde brief - voor de kortstondige tijdelijke noodopvang in onze regio.

Het is in beginsel aan de lokale autonomie van gemeenten om in te staan voor de bestuurlijke opdracht van het Rijk om de asielopvang te realiseren. Om te besluiten mee te werken aan het realiseren van opvanglocaties in gemeenten is normaliter een college c.q. raadsverantwoordelijkheid. In een crisissituatie en ter voorkoming van een dergelijke situatie heeft de burgemeester bijzondere en vergaande bevoegdheden. In deze heb ik als voorzitter van de veiligheidsregio een coördinerende rol. Iedere gemeente staat eigenstandig voor de uitvoering van de gedane toezeggingen. Wel heb ik gedurende de uitvoering aangegeven dat ik zou overwegen, ondanks dat ik het zeer onwenselijk zou achten voor alle betrokken partijen, mijn verantwoordelijkheid op basis van de Wet Veiligheidsregio’s te nemen indien gemeenten blijvend geen uitvoering geven aan de vordering tot medewerking. Ondanks dat is gebleken dat de aanwijzing van de staatssecretaris een juridische basis ontbeert, doe ik - vanuit mijn coördinerende rol - een klemmend beroep op u om in deze crisissituatie uitvoering te geven aan de eerder door u gedane toezegging om voor acute noodopvang asielzoekers in uw gemeente te huisvesten. Graag hoor ik zo spoedig mogelijk van u of u de gedane toezegging voor uw gemeente gestand kan houden.

Ik ben voornemens de exacte aantallen geleverde opvangplekken inzake deze acute asielopvang aan de staatsecretaris kenbaar te maken en voor het overige de regie weer te retourneren aan de staatsecretaris. Vanuit de coördinerende functie van de VRR, doe ik een oproep om in gezamenlijkheid te blijven optrekken bij de resterende uitvoering van de aanwijzing.

-2-

Veiligheidsregio Rotterdam - Rijnmond

Ik ben er trots op en ik wens u allen te bedanken dat we gezamenlijk uitvoering gegeven hebben om asielzoekers niet op straat en in de kou te laten staan. Momenteel is alle inzet van noodopvang nodig en dat onderschrijven we in onze veiligheidsregio terdege. Ik ga ervan uit u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Met vriendelijke groeten,

ing. A. Aboutaleb Voorzitter van de Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond

-3-

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11094225/1