08.02 - WAS-WORDT Tabel
Tekst van het document
WAS/WORDT TABEL REGLEMENT VAN ORDE VOOR DE VERGADERINGEN EN ANDERE WERKZAAMHEDEN VAN DE RAAD CAPELLE AAN DEN IJSSEL 2018 – BEHOREND BIJ RAADSVOORSTEL/-BESLUIT NR XXXXXX Artikel 6 Benoeming kandidaatwethouders 3. De commissie fungeert als opdrachtgever voor een voorafgaand aan de benoeming van een of meerdere wethouders uit te voeren integriteitstoets door een daartoe aan te wijzen onafhankelijke organisatie.
Artikel 7
Fracties
Artikel 6 Benoeming wethouders 3.1. De commissie fungeert als opdrachtgever voor een voorafgaand aan de benoeming van een of meerdere wethouders uit te voeren integriteitstoets door een daartoe aan te wijzen onafhankelijke organisatie. 3.2. De commissie onderzoekt of de benoeming van de -kandidaatwethouder(s) voldoet aan de vereisten van de artikelen 36a, 36b, eerste, derde en vierde lid, en 41c, eerste lid van de wet. Artikel 7 Fracties
1. Raadsleden die door het centraal stembureau op dezelfde kandidatenlijst verkozen zijn verklaard, worden bij de aanvang van de zittingsperiode als één fractie beschouwd.
1. Raadsleden die door het centraal stembureau op dezelfde kandidatenlijst verkozen zijn verklaard, worden bij de aanvang van de zittingsperiode als één fractie beschouwd. Indien onder een lijstnummer slechts één lid is verkozen, dan wordt dit lid als een afzonderlijke fractie beschouwd.
2. Als boven de kandidatenlijst een aanduiding was geplaatst, voert de fractie in de raad deze aanduiding als naam. Als daar geen aanduiding was geplaatst, deelt de fractie in de eerste raadsvergadering aan de voorzitter mee welke naam deze fractie in de raad wil voeren. 3. De namen van de fractievoorzitter en diens plaatsvervanger worden zo spoedig mogelijk doorgegeven aan de voorzitter.
2. Oude lid vervalt.
4. Als een of meer raadsleden van één of meer fracties als zelfstandige fractie gaan optreden of als een of meer raadsleden van een fractie zich aansluiten bij een andere fractie, wordt hiervan zo spoedig mogelijk schriftelijk mededeling gedaan aan de voorzitter.
4. Oude lid vervalt.
5. Een nieuwe naam van een fractie voldoet aan de eisen uit artikel G3, vierde lid van de
5. Oude lid vervalt.
2. Nieuw (=oud 3) De namen van de fractievoorzitter en – indien van toepassing -diens plaatsvervanger worden zo spoedig mogelijk doorgegeven aan de voorzitter. 3. Nieuwe fracties kunnen gedurende een zitting slechts worden gevormd door: a. een samenvoeging van twee of meer fracties; b. een splitsing tot twee of meer fracties.
4. Een splitsing als bedoeld in het derde lid, onder b, is slechts mogelijk, indien bij een afscheiding van leden van een fractie onduidelijk is welk deel van de leden als voortzetting van de oorspronkelijke fractie moet worden beschouwd, en het presidium heeft besloten dat hierdoor twee of meer nieuwe fracties zijn gevormd.
Kieswet en wordt gebruikt met ingang van de eerstvolgende raadsvergadering na de naamswijziging.
Artikel 8
Vergaderfrequentie
5. Indien leden anders dan als gevolg van een splitsing als bedoeld in het derde lid, onder b, afgescheiden zijn van een fractie, worden zij ieder afzonderlijk, of twee of meer leden gezamenlijk als zij dit meedelen aan de voorzitter, betiteld als “groep”. 6. De betiteling “groep” wordt gevolgd door de naam / namen van het lid / de leden. Artikel 8 Vergaderfrequentie
1. De raad vergadert volgens een door het presidium vastgestelde frequentie. 2. In de regel vinden de vergaderingen van de raad plaats op maandagavond, vangen deze aan om 19.30 uur en worden gehouden in het gemeentehuis. Indien de actualiteitenraad plaatsvindt (zie artikel 40) begint de raadsvergadering om 20.00 uur.
1. De raad vergadert volgens een door het presidium vastgestelde frequentie. 2.1. In de regel vinden de vergaderingen van de raad plaats op maandagavond, vangen deze aan om 19.30 uur en worden gehouden in het gemeentehuis. Indien de actualiteitenraad plaatsvindt (zie artikel 40) begint de raadsvergadering om 20.00 uur. 2.2. Het presidium kan - op basis van de omvang / zwaarte van de agenda – besluiten de vergadering van de raad eerder te doen aanvangen.
3. De vergaderingen eindigen niet later dan 23.30 uur, tenzij twee derde van het aantal aanwezige leden besluit de vergadering voort te zetten. In dat geval wordt tevens bepaald welke voorstellen nog worden behandeld dan wel tot welk tijdstip de vergadering maximaal wordt voortgezet.
3. Oude lid vervalt.
Artikel 11
Ter inzage leggen van stukken
2. Als omtrent stukken op grond van artikel 25, eerste of tweede lid, van de wet geheimhouding is opgelegd, worden deze stukken in afwijking van het eerste lid, niet beschikbaar gesteld via de gememoreerde website.
Artikel 15
Spreekrecht
5. Elke spreker krijgt maximaal vijf minuten het woord. De voorzitter verdeelt de spreektijd evenredig over de sprekers als er meer dan zes sprekers zijn.
3. De vergaderingen eindigen in principe niet later dan 23.30 uur. Om 23.00 uur inventariseert de voorzitter of een eindtijd van 23.30 uur realistisch is gezien het aantal / zwaarte van nog te behandelen agendapunten. Op basis van deze inventarisatie besluit de raad welke agendapunten in de betreffende vergadering nog zullen worden behandeld. Artikel 11 Ter inzage leggen van stukken 2. Oude lid vervalt. 2. Informatie van de raad of aan de raad verstrekte informatie waaromtrent op grond van hoofdstuk Va van de wet geheimhouding is opgelegd, blijft in afwijking van het eerste lid, in NotuBox beschikbaar in een map met het kenmerk ‘besloten’. Tenzij de partij die de informatie heeft verstrekt direct verzoekt de informatie onder berusting van de griffie te houden. Artikel 15 Spreekrecht 5. Oude lid vervalt. 5. Elke inspreker krijgt per onderwerp waarover hij wenst te spreken maximaal vijf
minuten het woord. De voorzitter verdeelt de spreektijd evenredig over de sprekers als er meer dan zes sprekers zijn of als een inspreker over meerdere onderwerpen wenst te spreken. Artikel 17.1 Handhaving van de orde
Artikel 29
Verslag
1. Conceptverslagen en —besluitenlijsten van besloten raadsvergaderingen worden aan de leden toegezonden.
1. De voorzitter handhaaft de orde in de vergadering. 2. Een spreker wordt in zijn betoog niet gestoord, tenzij: a. de voorzitter het nodig oordeelt hem aan het opvolgen van dit reglement te herinneren; b. een raadslid hem interrumpeert. 3. De voorzitter kan bepalen dat de spreker zonder verdere interrupties zijn betoog kan afronden. 4. Indien een spreker zich in beledigende of onbetamelijke uitdrukkingen uitlaat, afwijkt van het in behandeling zijnde onderwerp, een andere spreker herhaaldelijk interrumpeert, dan wel anderszins de orde verstoort, wordt hij door de voorzitter tot de orde geroepen. Indien de betreffende spreker, hieraan geen gevolg geeft, kan de voorzitter hem gedurende de vergadering waarin zulks plaats heeft over het aanhangige onderwerp het woord ontnemen. 5. De voorzitter kan ter handhaving van de orde de vergadering voor een door hem te bepalen tijd schorsen en - indien na de heropening de orde opnieuw wordt verstoord - de vergadering sluiten. 6. De voorzitter kan voorstellen een aan de vergadering deelnemend raadslid dat door zijn gedragingen de geregelde gang van zaken belemmert, verdere deelname aan de vergadering te ontzeggen. 7. Over het voorstel om deelname aan de vergadering te ontzeggen aan een raadslid dat door zijn gedragingen geregeld de gang van zaken belemmert, wordt niet beraadslaagd.
Na aanneming daarvan verlaat het raadslid de vergadering onmiddellijk. Zo nodig doet de voorzitter hem verwijderen. Bij herhaling van zijn gedrag kan het (burger)raadslid – art. 26 van de wet - bovendien voor ten hoogste drie maanden de toegang tot de vergadering worden ontzegd. Artikel 29 Verslag 1. Oude lid 1 vervalt. 1. De conceptverslagen van besloten vergaderingen worden in NotuBox elektronisch beschikbaar gesteld in een map
2. Deze verslagen en besluitenlijsten worden in de eerst volgende raadsvergadering vastgesteld, tenzij raadsleden hierover willen spreken. In dat geval wordt het verslag in een besloten raadsvergadering besproken en vastgesteld.
Artikel 30
Opheffing geheimhouding
Als de raad op grond van de artikelen 25, derde en vierde lid. 55, tweede en derde lid, of 86, tweede en derde lid, van de wet voornemens is de geheimhouding op te heffen dan wel niet te bekrachtigen, wordt, als het orgaan dat geheimhouding heeft opgelegd daarom verzoekt, daarover in een besloten raadsvergadering met het desbetreffende orgaan overleg gevoerd.
met het kenmerk ‘besloten’; tenzij wetgeving hierover anders vermeld. De conceptverslagen worden toegezonden aan de deelnemers die geen raadslid zijn om vermelding van feitelijke onjuistheden in het verslag te voorkomen. Opmerkingen van de deelnemers worden als addendum aan de raad voorgelegd. Oude lid 2 vervalt. 2. Deze verslagen worden zo spoedig mogelijk ter vaststelling in een vergadering aangeboden. Dit kan een openbare vergadering zijn. Als een van de leden in een openbare vergadering over deze verslagen het woord wil voeren, wordt aansluitend aan de openbare vergadering een besloten vergadering belegd, waarin het besloten verslag kan worden besproken. Vaststelling vindt daarna plaats in een openbaar deel van de vergadering. Het besluit over het al dan niet opheffen van de geheimhouding op het verslag vindt plaats tijdens de halfjaarlijkse besluitvorming over stukken waarop geheimhouding van toepassing is. Artikel 30 Opheffing geheimhouding Oude artikel vervalt. Als de raad op grond van artikel 89, vierde lid, van de wet het voornemen heeft de geheimhouding van aan de raad verstrekte informatie op te heffen, wordt, als het orgaan dat geheimhouding heeft opgelegd daarom verzoekt, daarover in een besloten raadsvergadering met het desbetreffende orgaan overleg gevoerd. Artikel 37A
Technische vragen
1. Technische vragen handelen over verduidelijking (feiten, harde gegevens) van een onderwerp, zijn informatief van aard en hebben geen politieke lading. De vragen worden kort en duidelijk geformuleerd en kunnen van een toelichting worden voorzien. 2. De vragen worden rechtstreeks bij de betrokken ambtelijk medewerker ingediend met een afschrift aan de griffier. 3. Technische vragen over een onderwerp op de agenda van een eerstvolgende commissieof raadsvergadering worden binnen één werkdag / 24 uur beantwoord, zodat het antwoord kan worden betrokken bij de advisering / besluitvorming.
4. Technische vragen over een onderwerp dat niet op de agenda van een commissie- of raadsvergadering voorkomt, worden binnen 10 werkdagen beantwoord.