CConstaterende datCapelle Ad Ijssel
Koppel je AI →
Document · PDF

07C.07 - Advies Nabij en Passend Regiovisie Jeugdhulp Regio Rijnmond 2.2021 ondertekend

Gemeenteraad 19 april 2021, gemeente Capelle Ad IjsselBij agendapunt: Regiovisie jeugdhulp Gemeenschappelijke Regeling Jeugdhulp Rotterdam Rijnmond: 'Nabij en Passend'1.552 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Aan het College van Burgemeester en Wethouders Postbus 70 (Rivierweg 111) 2900 AB Capelle aan den IJssel Capelle aan den IJssel, 24 februari 2021

Betreft: Advies Regiovisie Jeugdhulp Regio Rijnmond “Nabij en Passend” Geacht College, Op 12 januari 2021 ontvingen wij uw adviesaanvraag betreffende de Regiovisie Jeugdhulp Regio Rijnmond “Nabij en Passend”. Met deze regiovisie willen de vijftien gemeenten in Rijnmond laten zien voor welke opgave de jeugdhulp in onze regio staat: de lokale infrastructuur versterken, de regionale infrastructuur beter laten aansluiten en samen leren. Gebruikte informatie Ons advies is opgesteld op basis van de Regiovisie, de begeleidende memo bij de adviesaanvraag, aanvullende informatie van de beleidsambtenaar, de informatie van de jongerenraad en de input van leden van de Adviesraad Sociaal Domein. Onze bevindingen en overwegingen Wij zijn, vooropgesteld, blij met deze degelijke Regiovisie, waarin aan de hand van 19 bouwstenen wordt aangegeven hoe de jeugdhulp kan worden versterkt. In de visie komt duidelijk naar voren wat lokaal in Capelle aan den IJssel verder vormgegeven moet en kan worden, wat regio-breed ingezet moet en kan worden en waar van elkaar geleerd kan worden. Hieronder vindt u puntsgewijs onze reactie op de Regiovisie. Nabij en passend De titel van de regiovisie is welgekozen. De vijf leidende principes (pagina 4 van de regiovisie) geven adequaat weer wat onder nabij en passend moet worden verstaan. Wij onderschrijven deze principiële uitgangspunten.

In het bijzonder geldt dat voor de uitspraak dat wordt geluisterd naar het kind: “We vragen hen zelf wat ze willen”. Wij realiseren ons echter ook dat het in de praktijk best lastig is om consequent trouw te blijven aan dit uitgangspunt. Enerzijds wijzen wij op de ‘natuurlijke’ neiging van hulpverleners om problemen over te nemen, anderzijds weten we ook dat in vele gevallen niet te zeer mag worden uitgegaan van de eigen kracht van de jongere en/of het gezin. Wij vinden het van groot belang dat u alert blijft op dilemma’s die aan de orde zijn bij de realisatie van het streven om het kind centraal te blijven stellen.

1

In regionaal verband is afgesproken dat iedere gemeente een plan maakt voor de manier waarop zij jongeren (en gezinnen) betrekt in de keuze voor hulpverlening. Wij adviseren u om in dit plan ook aandacht te schenken aan de dilemma’s die wij voorzien.

Kritische succesfactoren De regiovisie berust op 19 bouwstenen. De bouwstenen tezamen vormen een samenhangend en overtuigend verhaal. Wij hebben het vertrouwen dat de muur van 19 stenen mettertijd goed gemetseld is. Onze zorg is evenwel of de muur overeind blijft staan als sommige stenen ontbreken. Wij beschouwen sommige bouwstenen als ‘kritisch’, in die zin dat het niet of onvoldoende invulling geven aan hetgeen wordt beoogd het hele bouwwerk wankel maakt. Zonder uitputtend te willen of zelfs maar kunnen zijn noemen wij de volgende bouwstenen: De casusregisseur (annex vraagverheldering) De casusregisseur krijgt een cruciale rol toebedeeld. Van hem of haar wordt een brede blik gevraagd om tot een goede vraagverheldering te komen. Zij/hij moet in staat zijn regie te voeren over het aanbod van verschillende hulpverleningsinstanties om tot een passende inzet van hulp voor de jongere te kunnen besluiten. Zij moet een goede relatie hebben met het kind en gezin. Zij moet daarnaast ook tijd besteden aan collegiaal overleg, onder meer in het kader van het van elkaar leren. Tenslotte is zij langdurig beschikbaar, mede om de ontwikkeling van het kind door de tijd heen te blijven volgen (waakvlam-functie). Hier wordt eigenlijk gevraagd naar het bekende schaap met vijf poten. Daarvan zijn er op basis van natuurlijke wetten niet bij voorbaat vele.

Bovendien is er sprake van natuurlijk verloop. Wij zien graag hoe u denkt te borgen dat er voldoende casusregisseurs zijn die voldoen aan het competentieprofiel. Daarbij is het ook van belang dat de ‘passende’ casusregisseur betrokken is bij de jongere en het gezin. Er moet een ‘klik’ zijn, opdat het beste resultaat wordt bereikt. Dit zeggende zien wij een mogelijk ander wrijvingspunt. Hoewel de opvattingen daarover verschillen vragen wij ons of de casusregisseur én ‘regisseur’ én ‘vertrouwenspersoon’ tegelijk kan zijn. Wij adviseren u om ook alert te blijven op mogelijke rolconflicten. Wachtlijsten Een evident knelpunt is het fenomeen van de wachtlijsten. In de regiovisie wordt dat kort aangestipt, in combinatie met het tekort aan ambulante hulpverlening. Wij vinden het jammer dat de aanpak van wachtlijsten in de regiovisie niet meer aandacht krijgt. Wij begrijpen dat nader onderzoek wenselijk is om de oorzaken van het bestaan en ontstaan van wachtlijsten beter te duiden, niettemin adviseren wij om dit probleem meer prioriteit te geven, mogelijkerwijs in de vorm van een separaat actieplan. Inzet op pleegzorg Op basis van het uitgangspunt dat zorg zoveel mogelijk moet worden geboden in de vertrouwde leefomgeving van het kind wordt gewezen op het belang van o.a. pleegzorg.

Naast pleegzorg worden ook gezinshuizen genoemd, en voor de iets oudere doelgroep voorzieningen van begeleid en beschermd wonen. Voor alle onderdelen is sprake van een tekortschietend aanbod. Het credo ‘nabij 2

en passend’ vergt dat in deze tekorten zo snel mogelijk wordt voorzien. Onze vraag is welke acties hierop gaan worden ondernomen. Afstemming onderwijs en jeugdhulp Voor alle kinderen en jongeren die in aanmerking komen voor jeugdhulp of een andere passende ondersteuning geldt dat zij behalve kind/jongere ook leerling zijn c.q. onderwijs volgen (of zouden moeten volgen). De ervaringen met de Corona-crisis bevestigen dat de school in principe naast de thuissituatie voor de jongere een tweede ‘thuis’ is of kan zijn. De afstemming tussen onderwijs en jeugdzorg is daarom van bovengemiddeld belang. Wij adviseren derhalve om maximale aandacht te geven aan een effectieve samenwerking tussen onderwijsinstellingen en jeugdhulp. Daarbij vragen wij ook aandacht voor de vraag of de gebudgetteerde middelen voor zorgleerlingen inderdaad volledig voor de doelgroep beschikbaar komen.

Samenwerkingsvraagstukken De decentralisatie van de jeugdzorg heeft nog niet voldoende bijgedragen aan de kwaliteit van de hulpverlening. De gebrekkige afstemming tussen lokale zorgverlening en de regionale, veelal specialistische zorg is daar mede debet aan. De regiovisie is mede ingegeven door de noodzaak tot een betere afstemming te komen. In grote lijnen kunnen wij ons vinden in hetgeen in de regiovisie op dit punt wordt voorgesteld. Wij zien echter dat ook op bestuurlijk-regionaal niveau wordt geworsteld met dit spanningsveld. Wij hebben hierover een aantal vragen en opmerkingen: Wij constateren dat de MVS-gemeenten ruimte hebben bedongen om de jeugdzorg naar eigen model in te richten. Wij begrepen dat ook onze gemeente vervolgens meer vrijheid heeft geclaimd om zelfstandige keuzes te maken. Onwillekeurig dringt zich dan het bekende beeld op van de kruiwagen en de kikkers. Wij zijn niet in staat deze keuzes op hun merites te beoordelen, wel willen wij de opmerking maken dat het risico dreigt dat de beoogde voordelen van regionale samenwerking (waaronder het kostenvoordeel van collectieve inkoop van specialistische hulp) verloren gaat. Bovenstaande geldt in het bijzonder voor de inkoop van ambulante hulp. Enerzijds is het goed mogelijk onderdelen van de ambulante (specialistische) hulp lokaal te organiseren (en in te kopen).

Dat verdient dan vanuit de optiek ‘passend en nabij’ ook de voorkeur. Anderzijds moet gewaakt worden voor een streven naar lokale autonomie waarbij de kosten de baten overstijgen. Het vraagstuk van samenwerking, wat inherent is aan de opgaven in het sociale domein, zou naar onze mening meer en uitdrukkelijke aandacht moeten krijgen. Dat geldt zowel voor de relatie tussen lokale infrastructuur en regionale infrastructuur, als voor de samenwerking tussen de verschillende betrokken partijen binnen het lokale zorgveld. Belangrijke kanttekening daarbij is bovendien dat de schaalniveaus veelal door elkaar heen lopen. Zie bijvoorbeeld de opmerking in de regiovisie over de verschillende toegangsregimes. In samenwerkingsverbanden komen zaken als inhoud, monitoring of budgetten veelal wel op tafel. Ook in de regiovisie wordt hier aandacht aan besteed. Voor het vertrouwen in en het succes van samenwerking zijn de onderwerpen die gewoonlijk ‘onder tafel’ blijven minstens van even groot belang. Denk aan persoonlijke verhoudingen, organisatiebelangen, cultuurverschillen, etc. Wij adviseren derhalve een 20e bouwsteen toe te voegen: Maak het onderwerp ‘sturing van de

3

samenwerking rond de jeugdzorg’ tot een expliciet onderdeel van de aanpak en uitwerking van de regiovisie. Ons advies Samengevat zijn wij positief over deze degelijke Regiovisie en de 19 bouwstenen om de jeugdhulp te versterken. Wel adviseren wij een 20e bouwsteen toe te voegen: ‘sturing van de samenwerking rond de jeugdzorg’. Daarnaast adviseren wij: -

-

Te zorgen voor een passende casusregisseur met een klik met de jongere en het gezin. Waarbij wij u adviseren u om alert te blijven op mogelijke rolconflicten tussen het zijn van regisseur én vertrouwenspersoon. Meer prioriteit te geven aan het voorkomen en verkleinen van wachtlijsten, mogelijkerwijs in de vorm van een separaat actieplan. Maximale aandacht te geven aan een effectieve samenwerking tussen onderwijsinstellingen en jeugdhulp.

Graag bieden wij u namens de Adviesraad Sociaal Domein dit advies aan. In het volgende traject richting Regio-agenda en lokale uitwerking zijn wij als Adviesraad en Jongerenraad graag betrokken. Kennis en ervaring delen met de CJG Cliëntenraad en de Klankbordgroep ouders bevelen wij bovendien van harte aan. Wij vertrouwen erop dat onze punten van aandacht worden meegenomen bij het vaststellen van de huidige Regiovisie en het toekomstig beleid en uitvoering. Wij zien uw schriftelijke reactie op dit advies graag tegemoet.

Met vriendelijke groet, Adviesraad Sociaal Domein Capelle aan den IJssel, Namens deze:

Ewout Bückmann, voorzitter

Silke van Alphen, secretaris

4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9996939/1