CConstaterende datCapelle Ad Ijssel
Koppel je AI →
Document · PDF

07.02 - Concept Capels Actieplan Netcongestie 1931698

Commissie Stadsontwikkeling en -Beheer 23 september 2025, gemeente Capelle Ad IjsselBij agendapunt: Concept Capels Actieplan Netcongestie9.504 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Inhoud Achtergrond ............................................................................................................................................................ 2 Wat is netcongestie? .......................................................................................................................................... 2 Situatie Capelle aan den IJssel............................................................................................................................ 2 Impact netcongestie ........................................................................................................................................... 2 Economische impact ...................................................................................................................................... 2 Woningbouw onder druk ............................................................................................................................... 3 Uitgangspunten aanpak netcongestie .................................................................................................................... 4 Algemene uitgangspunten .................................................................................................................................

4 Rollen & verantwoordelijkheden ....................................................................................................................... 4 Oplossingenladder bouwprojecten .................................................................................................................... 4 Op alle scenario’s voorbereid zijn ...................................................................................................................... 5 Trede 1: congestie voor grootverbruik .......................................................................................................... 5 Trede 2: congestie voor kleinverbruik ........................................................................................................... 5 Trede 3: gedwongen op- en/of afregelen ...................................................................................................... 5 Trede 4: (on)gecontroleerde storingen ......................................................................................................... 6 Informatievoorziening en monitoring ................................................................................................................ 6 Regionale afstemming ........................................................................................................................................

6 Acties ...................................................................................................................................................................... 7 Spoor 1: Fysiek uitbreiden elektriciteitsnet ....................................................................................................... 8 Actie 1 Bouw nieuw 50kv-station mogelijk maken ........................................................................................ 8 Actie 2 Buurtaanpak uitvoeren ...................................................................................................................... 9 Spoor 2: Beter gebruiken bestaand elektriciteitsnet ....................................................................................... 10 Spoor 2a: Technologische ontwikkelingen................................................................................................... 10 Actie 3 Energiehubs faciliteren .................................................................................................................... 10 Actie 4 Netbewuste opslag elektriciteit realiseren ...................................................................................... 11 Actie 5 Energiebesparing realiseren ............................................................................................................

12 Actie 6 Netbewust laden faciliteren ............................................................................................................ 13 Actie 7 Netbewuste nieuwbouw stimuleren ............................................................................................... 14 Actie 8 Netbewuste installaties stimuleren ................................................................................................. 15 Actie 9 Warmtevoorziening netbewust krijgen ........................................................................................... 15 Actie 10 Opwek stimuleren .......................................................................................................................... 16 Spoor 2b: Gedragsverandering .................................................................................................................... 17 Actie 11 Voorlichting bewoners + ondernemers opzetten .......................................................................... 17 Actie 12 Gemeentelijk vastgoed netbewust krijgen .................................................................................... 17

Achtergrond Wat is netcongestie?

Door de groeiende stroomvraag (o.a. nieuwbouwwijken, bedrijventerreinen, elektrische voertuigen) raakt het net in deze regio vol. Voor Capelse inwoners en kleine bedrijven zijn er op dit moment nog geen directe gevolgen; de netbeheerder kan kleine aansluitingen voorlopig nog aansluiten.

Netcongestie betekent dat het elektriciteitsnet vol raakt, waardoor er als het ware een “file” ontstaat. Dit gebeurt wanneer de vraag naar elektriciteit of het aanbod ervan groter is dan wat het net tegelijk kan vervoeren. Waar file op de snelweg vervelend maar geaccepteerd is, is file op het elektriciteitsnet gevaarlijk omdat het stroomuitval of brand in kabels en transformatoren kan veroorzaken. In heel Nederland neemt het stroomgebruik toe, onder andere door het groeiende aantal datacenters, economische groei, bevolkingsgroei, warmtepompen en elektrische auto's.

De knelpunten zitten vooral bij grootverbruikers. Bedrijven en instellingen die een nieuwe of zwaardere grootverbruikaansluiting aanvragen, komen op een wachtlijst. Zij krijgen pas een aansluiting of extra vermogen zodra het net is uitgebreid of als er door slimme oplossingen ruimte vrijkomt. Dit kan lokale economische ontwikkeling belemmeren. Bijvoorbeeld een fabriek of datacenter dat zich wil vestigen of uitbreiden moet wachten totdat het net verzwaard is. Ook duurzame initiatieven, zoals grote zonnedaken of zonneparken, lopen risico op vertraging doordat teruglevering aan het net niet altijd gegarandeerd kan worden.

Netcongestie kan optreden bij zowel de afname (verbruik) als bij opwek (terug levering) van stroom. Afnamecongestie betekent bijvoorbeeld dat nieuwe grootverbruikers niet direct aangesloten kunnen worden of dat bestaande bedrijven geen zwaardere aansluiting kunnen krijgen. Opwekcongestie betekent dat opgewekte stroom (bijvoorbeeld van zonnepanelen en windmolens) niet aan het net geleverd kan worden, waardoor nieuwe duurzame projecten vertraging oplopen.

In november 2024 heeft Stedin officieel congestie afgekondigd voor afname van stroom in deze regio, waaronder delen van Capelle. Concreet betekent dit dat grotere verbruikers in Capelle en omgeving tijdelijk geen nieuwe capaciteit kunnen krijgen, wat bijvoorbeeld de aanleg van snelladers of nieuwe bedrijfshallen uitstelt. Het is duidelijk dat netcongestie een urgent probleem vormt dat zonder aanpak de duurzame-, maatschappelijke- en economische ambities van Capelle kan remmen.

Gemeenten merken dat duurzame projecten, woningbouw en economische ontwikkeling worden geremd doordat het stroomnet vol is. Sommige onderzoekers noemen netcongestie zelfs een “showstopper” voor de benodigde woningbouw. Bedrijven kunnen hierdoor niet groeien of hun aansluiting uitbreiden, omdat er geen extra capaciteit beschikbaar is. Zo kunnen in gebieden met congestie geen nieuwe grootverbruikers (>3x80A) worden aangesloten, en scholen, bedrijven en andere organisaties kunnen hun aansluiting tijdelijk niet verzwaren totdat er weer voldoende transportcapaciteit is.

Impact netcongestie Netcongestie heeft directe en indirecte gevolgen voor Capelle aan den IJssel. De impact van deze problematiek manifesteert zich op verschillende niveaus:

Economische impact

Hoewel kleine verbruikers (zoals huishoudens en het mkb) momenteel nog weinig hinder ondervinden, waarschuwen netbeheerders en de overheid dat ook zij binnen enkele jaren in bepaalde provincies last van netcongestie kunnen krijgen als er niet snel maatregelen worden genomen.

Voor het bedrijfsleven vormt netcongestie een serieuze bedreiging. Vooral grootverbruikers (bedrijven en instellingen met een aansluiting groter dan 3x80A) ervaren problemen. Bedrijven die willen uitbreiden of zich nieuw willen vestigen, lopen tegen vertraging aan doordat zij geen of slechts beperkte stroomcapaciteit kunnen krijgen.

Situatie Capelle aan den IJssel Ook in Capelle aan den IJssel speelt het probleem van netcongestie, zo melden netbeheerders Stedin en TenneT.

2

Dit leidt concreet tot: • Rem op economische groei Nieuwe investeringen in bedrijventerreinen zoals Rivium en CapelleXL worden moeilijk of zelfs onmogelijk. Potentiële investeerders kunnen afhaken als ze niet tijdig of voldoende netcapaciteit krijgen. • Concurrentienadeel voor lokale bedrijven Lokale ondernemingen die hun activiteiten willen uitbreiden (bijvoorbeeld extra laadvoorzieningen of productiecapaciteit) kunnen achterstand oplopen ten opzichte van bedrijven in regio’s zonder congestie. • Vertraging duurzame initiatieven Ondernemers, coöperaties en instellingen die willen verduurzamen, bijvoorbeeld verwarmen met een warmtepomp in plaats van met aardgas, worden beperkt als de elektrische aansluiting niet toereikend is. Ook publieke voorzieningen, zoals scholen, ziekenhuizen en gemeentelijke gebouwen, kunnen hierdoor hun verduurzamingsambities niet volledig waarmaken of moeten langer wachten.

Woningbouw onder druk Hoewel kleinverbruikers (huishoudens) momenteel nog minder last ondervinden, dreigt netcongestie toekomstige woningbouwprojecten ernstig te beïnvloeden: • Vertraging nieuwbouwprojecten Woningbouwprojecten, vooral grootschalige ontwikkelingen zoals nieuwe wijken of hoogbouwcomplexen, vragen om aanzienlijke elektriciteitscapaciteit. Zonder voldoende netcapaciteit worden projecten vertraagd of lopen kosten op door noodvoorzieningen. • Rem op verduurzaming van woningen De overstap naar aardgasvrije wijken, die vaak meer elektriciteit vragen (warmtepompen, inductiekoken, elektrisch vervoer), wordt belemmerd. Wanneer het net vol zit, is verdere elektrificatie op korte termijn moeilijk uitvoerbaar. • Onzekerheid voor bewoners Huidige en toekomstige bewoners kunnen geconfronteerd worden met minder gunstige voorwaarden, zoals beperkingen op het terugleveren van stroom uit zonnepanelen of beperkingen op het gebruik van zware elektrische apparaten op piekmomenten.

3

Oplossingenladder bouwprojecten

Uitgangspunten aanpak netcongestie

Bij bouwprojecten waarbij netcongestie een beperkende factor is, hebben we verschillende mogelijke oplossingen. Deze oplossingen zijn niet allemaal even wenselijk vanuit financieel, duurzaamheids-, veiligheids- en beeldvormingsoogpunt. Daarom hanteren we de volgende oplossingenladder: 1. Energievraag beperken: Hoe minder elektriciteit er gebruikt wordt, hoe lager de pieken zijn en hoe meer aansluitingen er op hetzelfde net passen. In brede zin wordt energiebesparing dus nog belangrijker dan het al was. Op projectniveau wordt het beperken van de energievraag waardevoller; de kosten van netbeheer gaan omhoog, en hoe groter de aansluiting is hoe hoger die kosten zijn. Bovendien kan het zo zijn dat een project een grote aansluiting heeft en op de wachtlijst komt. In dat geval moet er gekeken worden of het project voldoende kan hebben aan een kleine aansluiting. Daarvoor is het beperken van de energievraag de eerste stap. 2. Efficiënt verwarmen: Voor het elektriciteitsnet is het bijzonder belastend om grote gebouwen volledig elektrisch te verwarmen. Als het mogelijk is om het gebouw aan te sluiten op een warmtenet, is dat voor de belasting van het elektriciteitsnet veel minder belastend. Als dat niet kan zijn er opties die minder (bv. een WKO met bodemwarmtepomp) of meer (bv. een luchtwarmtepomp) belastend zijn. 3.

Opwekken: Hoe meer stroom zelf opgewekt en gebruikt wordt, hoe lager de belasting op het regionale en landelijke net is. We zitten in een transitie van een centrale energievoorziening waarbij er op elk gewenst moment op- of afgeschaald kon worden in de energieproductie, naar een decentraal systeem waarbij vraag en aanbod veel beter op elkaar afgestemd moeten worden. Het lokaal opwekken van elektriciteit en het afstemmen van het gebruik op die opwek kan het elektriciteitsnet ontlasten. 4. Bestaand net optimaal benutten: Hoewel er hard gewerkt wordt aan uitbreiding van het elektriciteitsnet, moeten we het de komende jaren doen met het bestaande net. Het is dus belangrijk om dat net optimaal te benutten. Overbelasting van het net vindt de komende jaren alleen op piekmomenten plaats, en het net moet al het gecontracteerde vermogen tegelijk kunnen leveren. Dat betekent dat manieren om slimmer om te gaan met dat gecontracteerde vermogen, bijvoorbeeld door aansluitingen te bundelen van partijen die een verschillend gebruiksprofiel hebben, ervoor kan zorgen dat we meer uit het bestaande net kunnen halen.

Algemene uitgangspunten De acties in dit actieplan zijn zo concreet mogelijk gemaakt. Het betreft enkel acties die de gemeente zelfstandig of in samenwerking met anderen kan uitvoeren. De acties zijn gecategoriseerd op basis van de impact op netcongestie, zodat de acties met de meeste impact de hoogste prioriteit krijgen. Indien mogelijk is deze impact ook gekwantificeerd. Zoveel als mogelijk zijn ook de tijdlijnen concreet gemaakt.

Rollen & verantwoordelijkheden Netbeheerders zijn probleemeigenaar. Dit betekent dat zij de verantwoordelijkheid dragen voor het oplossen van het probleem. Zij dragen de uitvoeringskosten van de netverzwaring, faciliteren andere oplossingen en zijn aanspreekpunt voor zowel gebruikers als gemeenten. In Capelle is dit netbeheerder Stedin, Afnemers van elektriciteit zoals bewoners, ondernemers en openbare voorzieningen hebben een groot belang bij een werkend elektriciteitsnet met voldoende capaciteit voor uitbreiding. Zij dragen echter ook een deel van de verantwoordelijkheid om op een bewuste manier met het net om te gaan. Waar elektriciteit en het gebruik van het elektriciteitsnet lang vanzelfsprekend was, moet het steeds meer behandeld worden als een schaars goed waar bewust mee omgegaan dient te worden. Provinciale en lokale overheden zijn verantwoordelijk voor de ruimtelijke facilitering van het elektriciteitsnet. Via een (stabiele) visie op de energietransitie en het energiesysteem dat daarvoor nodig is regisseren zij mede de vorming van het probleem als ook de oplossing. Als aandeelhouder van de netbeheerders zijn zij daarnaast indirect verantwoordelijk voor de uitvoering van de netverzwaring. De ACM is verantwoordelijk voor de wetgeving waar netbeheerders aan moeten voldoen.

Dit is vastgelegd in netcodes, waarin bijvoorbeeld staat op welke wijze netbeheerders maatschappelijk moeten prioriteren als er een wachtlijst bestaat. De landelijke overheid is verantwoordelijk voor investeringen in de netbeheerders en voor beleid. Het is in het belang van het oplossen van netcongestie als deze investeringen voldoende zijn, en als het beleid stabiel, overzichtelijk en constructief is.

4

5.

6.

7.

8.

Overtollige opwek opslaan: Het lokaal opwekken van elektriciteit kent een grillig patroon dat niet of nauwelijks beïnvloed kan worden; als de zon schijnt en de wind waait wordt er veel opgewekt, als het donker of zwaarbewolkt en windstil is wordt er niet of nauwelijks opgewekt. Door het opslaan van overtollig opgewekte stroom, bijvoorbeeld 's middags op een zonnige dag, en deze stroom op een later piekmoment te gebruiken, bijvoorbeeld op de vroege avond van diezelfde dag, kan de piek in afname worden verlaagd. Batterijen zijn de meest voor de hand liggende manier van opslag van elektriciteit, maar er zijn ook andere methodes denkbaar, bijvoorbeeld die elektriciteit over de seizoenen kunnen opslaan zoals waterstof. Wat kan er wel? Als bovenstaande maatregelen onvoldoende effect hebben moeten de bouwplannen wellicht aangepast worden aan wat er wél mogelijk is. Bijvoorbeeld het wijzigen van de voorzieningen in de plint van een appartementencomplex van een groot restaurant naar een klein koffietentje en een broodjeszaak, of het licht inkrimpen van bouwplannen. Extra opwekken via aggregaten: Als stap 6 niet mogelijk is kunnen de mogelijkheden tot noodopwek via aggregaten onderzocht worden. Dit is geen wenselijke oplossing, zeker niet voor langere termijn, maar zou in geval van nood voor verlichting kunnen zorgen.

We zien dit altijd slechts als tijdelijke oplossing die zodra het kan weer verwijderd dient te worden. Vertraging accepteren: Als al het bovenstaande niet toereikend blijkt om een aansluiting te krijgen, moet er vertraging geaccepteerd worden en moet het project op de wachtlijst geplaatst worden.

Op alle scenario’s voorbereid zijn Er is sprake van congestie voor grootverbruik. Dit is trede 1 van de escalatieladder netcongestie. Trede 2 is congestie voor kleinverbruik, trede 3 is gedwongen op- en/of afregelen, en trede 4 is (on)gecontroleerde storingen. We zullen er alles aan moeten doen om te voorkomen dat we opschuiven op de escalatieladder, en alle acties die zijn beschreven in dit actieplan zijn erop gericht om niet op trede 2 of verder terecht te komen. Tegelijkertijd moeten we ons in bepaalde opzichten voorbereiden op de ergste scenario’s en zal te allen tijde voorkomen moeten worden dat er sprake is van fysieke overbelasting op het stroomnet, waardoor kabels of transformatoren in brand kunnen vliegen.

Trede 1: congestie voor grootverbruik Sinds 5 november 2024 is er congestie voor grootverbruik in Capelle aan den IJssel. Dit betekent dat aanvragen voor aansluitingen met een vermogen van meer dan 3x80A op de wachtlijst komen. In het eerste hoofdstuk ‘Achtergrond’ op pagina 2 staat beschreven wat de gevolgen hiervan zijn.

Trede 2: congestie voor kleinverbruik Als er niet alleen sprake is van congestie voor grootverbruik, maar ook voor kleinverbruik, betekent dat dat nieuwe woningen, kleine voorzieningen, reguliere laadpalen niet meer kunnen worden aangesloten en op een wachtlijst komen. Ook voorzieningen zoals stoplichten en straatverlichting hebben een kleine aansluiting nodig en kunnen niet zonder meer worden aangesloten. De gevolgen hiervan zijn dat de woningbouw stil komt te liggen, dat winkels en horeca die voldoende hebben aan een kleine aansluiting niet kunnen openen, en dat voorzieningen waarvoor maatregelen zijn getroffen om binnen een kleine aansluiting te passen, alsnog niet aangesloten kunnen worden. Ook komt de elektrificatie van de mobiliteit in de knel, wat voor ondernemers kan betekenen dat zij niet de nodige stappen kunnen zetten om ZE-zones zoals die in Rotterdam in te mogen.

Trede 3: gedwongen op- en/of afregelen Het kan gebeuren dat het gevraagde vermogen ondanks een stop op zowel grote als kleine aansluitingen, hard doorgroeit. Bijvoorbeeld doordat afnemers steeds verder doorgroeien richting hun maximaal toegestane vermogen.

5

Dan kan het voorkomen dat op piekmomenten fysiek onvoldoende ruimte is op het elektriciteitsnet. In trede 3 zullen netbeheerders in dat geval, als zij de fysieke krapte voorzien, grote afnemers gedwongen opregelen. In het geval van afnamecongestie betekent dit dat bijvoorbeeld eigenaren van stroomopslag op dat moment worden gedwongen opgeslagen stroom te leveren) of afregelen (het beperken van het vermogen bij bijvoorbeeld grote bedrijven.

Tot slot is de prognose van het elektriciteitsgebruik van groot belang om te bepalen welke maatregelen mogelijk en nodig zijn. Om inzicht te krijgen in de belangrijkste informatie gaan we in gesprek met Stedin over oplossingen, bijvoorbeeld in de vorm van live dashboards. Zodra de informatievoorziening op orde is, kunnen wij een monitoringssysteem opzetten. Hiermee krijgen wij inzicht in de ontwikkeling van de problematiek en de effectiviteit van de maatregelen die we hebben genomen. Wanneer mogelijk houden we periodiek de voortgang op onder andere de volgende aspecten bij: • Voortgang fysieke uitbreiding elektriciteitsnet. • Gemiddelde belastingsgraad laagspanningsnet per buurt. • Aantal aansluitingen op de wachtlijst. • Vermogen op de wachtlijst. • Overzicht projecten en impact netcongestie.

De gevolgen zijn dat ondernemers worden gedwongen om anders te handelen dan in hun economische belang. Ook zorgt de beschikbaarheid van deze maatregel voor grote onzekerheid bij grote afnemers; op elk moment kunnen zij in hun werkzaamheden worden beperkt door de netbeheerder.

Trede 4: (on)gecontroleerde storingen Als de maatregel in trede 3 niet voldoende is om fysieke overbelasting van het net te voorkomen, treden er storingen op; het net kan simpelweg niet leveren wat er gevraagd wordt. Het licht zal in bepaalde delen van Capelle letterlijk uitgaan. Zoveel mogelijk zal gepoogd worden deze ‘blackouts’ te controleren door ze bijvoorbeeld aan te kondigen en noodvoorzieningen te treffen. Echter, als het stroomnet dusdanig vol zit dat deze situatie binnen handbereik is, is het ook zeer gevoelig en kan het niet altijd voorzien worden dat er een storing optreedt.

Regionale afstemming Netcongestie is geen lokaal probleem en kent geen lokale oplossing. Er moet regionaal worden afgestemd en samengewerkt om zo snel mogelijk ruimte te creëren op het net. Dat betekent dat we de verbinding opzoeken met gemeenten om ons heen. We leren van elkaar, delen wat werkt en wat niet werkt. We werken samen met omliggende gemeenten zoals Krimpen aan den IJssel, omdat de werkzaamheden die daar plaatsvinden van directe en grote invloed zijn op het elektriciteitsnet in Capelle. En we trekken met de gehele regio op als het gaat om lobby richting de Rijksoverheid.

De gevolgen hiervan zijn enorm; wanneer er geen stroom beschikbaar is, vallen essentiële functies stil. Hierbij moet worden gedacht aan verkeersveiligheid (stoplichten, auto’s die niet meer kunnen worden volgetankt of opgeladen), warmte en koude, drinkwatervoorzieningen, communicatiekanalen en voedselvoorziening.

Informatievoorziening en monitoring Om te bepalen welke acties de meeste impact hebben, en welk effect onze acties hebben gehad, is een complete, betrouwbare en tijdige informatievoorziening van groot belang. Voor deze informatie zijn wij grotendeels afhankelijk van Stedin. Zij hebben gegevens van de belasting van de verschillende stations en achterliggende gebieden, en van de gebruikers die op het net zitten en/of op de wachtlijst staan. Daarnaast voeren zij pilots uit om nieuwe contractvormen en technologische ontwikkelingen te testen.

6

Acties De acties die wij voorstellen zijn onderverdeeld in twee sporen, waarvan het tweede spoor verdeeld is in twee subsporen: 1) Fysieke uitbreiding van het elektriciteitsnet. 2) Het beter benutten van het bestaande elektriciteitsnet: a. Technologische ontwikkelingen b. Gedragsverandering Onderstaande tabellen bevatten een voorgestelde tijdlijn.

Ook hebben we een inschatting gemaakt van de impact van elke actie op netcongestie. Hoewel dit voor veel van de acties nog moeilijk te kwantificeren is, is in overleg met Stedin wel een categorisering gemaakt. Het is nadrukkelijk de bedoeling dat alle acties uit het actieplan worden uitgevoerd, niet alleen de acties met een groot effect op netcongestie. Acties versterken elkaar en worden niet in een vacuüm uitgevoerd.

Tabel 1 Spoor 1: Fysieke uitbreiding van het elektriciteitsnet Actie

Project

Omschrijving

Tijdlijn

Effect

1

Nieuw 50kv- station bouwen

Het verzwaren van het middenspanningsnet

Q2 2025 2029

Groot

2

Buurtaanpak uitvoeren

Het verzwaren van het laagspanningsnet

Q4 2026 Q4 2030

Groot

Tabel 2 Spoor 2a: Beter benutten van het bestaande elektriciteitsnet (technologische ontwikkelingen) Actie

Project

Omschrijving

Tijdlijn

Effect

3

Energiehubs faciliteren

Bedrijven delen opwek, gebruik en opslag elektriciteit

Q3 2025 Q4 2027

Medium

4

Netbewuste opslag elektriciteit realiseren

Informeren over opslag en deze onder bepaalde voorwaarden inzetten en stimuleren om netcongestie te verzachten

Q4 2025 Q4 2026

Onzeker

5

Energiebesparing realiseren

Energieverbruik terugdringen via informatiecampagne en extra investeringen in gemeentelijk vastgoed

Q3 2025 Q4 2030

Medium

6

Netbewust laden faciliteren

Laadpalen en elektrische voertuigen inzetten om netcongestie te verzachten

Q1 2026 Q4 2030

Groot

7

Netbewuste nieuwbouw stimuleren

Nieuwbouw (laten) ontwerpen en bouwen op zo’n manier dat het minimale belasting van het elektriciteitsnet geeft

Q3 2025 Q4 2030

Groot

8

Netbewuste installaties stimuleren

Installaties als warmtepompen en elektrische boilers slim gebruiken zodat belasting op het elektriciteitsnet minimaal is

Q3 2025 Q4 2026

Groot

9

Warmtevoorziening netbewust krijgen

Netbewust verwarmen; zoveel mogelijk via warmtenetten, anders collectieve warmtepompen. Beide niet mogelijk? Dan pas individuele warmtepompen

Q3 2025 Q1 2026

Groot

10

Opwek stimuleren

Meer lokale elektriciteit opwekken via zonnepanelen

Q2 2025 Q4 2027

Medium

Tabel 3 Spoor 2b: beter benutten van het bestaande elektriciteitsnet (gedragsverandering) Actie

Project

Omschrijving

Tijdlijn

Effect

11

Bewustwordingscampagne bewoners + ondernemers opzetten

Bewust elektriciteitsgebruik stimuleren om de piek te verlagen

Q3 2025 Q4 2030

Medium

12

Gemeentelijk vastgoed netbewust krijgen

Onderzoeken nieuwe contractvormen, interne campagne netbewust gedrag

Q4 2025 Q1 2026

Klein

7

o

Spoor 1: Fysiek uitbreiden elektriciteitsnet Ons elektriciteitsnet is verdeeld in hoog-, midden- en laagspanningsnetten. Centraal opgewekte elektriciteit (bijvoorbeeld vanuit windturbines op zee of elektriciteitscentrales) komt binnen op het landelijke hoogspanningsnet (110-380kV), beheerd door TenneT. In Capelle aan den IJssel staan geen hoogspanningsstations of hoogspanningsmasten. Er loopt wel een ondergrondse hoogspanningskabel. Deze hoeft niet verzwaard te worden. Via het regionale middenspanningsnet, beheerd door regionale netbeheerders zoals Stedin, komt het bij bedrijventerreinen of andere afnemers die op het middenspanningsnet zijn aangesloten. Op het middenspanningsnet komt ook de energie opgewekt door zonnevelden op het net. Vervolgens wordt het in transformatorhuisjes omgezet naar laagspanning, waarna het door consumenten kan worden gebruikt. Particuliere zonnepanelen leveren via een eigen transformator elektriciteit aan het laagspanningsnet.

•

•

Op en tussen alle netvlakken is fysieke uitbreiding van het elektriciteitsnet nodig. Dit betekent dat er meer en zwaardere kabels gelegd moeten worden en dat er nieuwe transformatoren geplaatst moeten worden. Wij hebben invloed op de werkzaamheden aan het middenen laagspanningsnet.

•

•

Actie 1 Bouw nieuw 50kv-station mogelijk maken Omschrijving actie Een 50/13kv-station (hierna: 50kv-station) zorgt ervoor dat elektriciteit van het hoogspanningsnet omgezet wordt naar middenspanning; van een spanning van 150kv naar 50kv. Momenteel staat er 1 50kv-station in Capelle aan den IJssel; aan de Capelseweg ter hoogte van Sportpark Schenkel. Dit station levert momenteel aan het laagspanningsnet in bijna heel Capelle.

•

Om netcongestie op te lossen is het noodzakelijk dat er een tweede 50kv-station wordt gebouwd, die het laagspanningsnet in de zuidelijke helft van Capelle gaat voorzien van stroom. • Samenwerking Stedin bouwt het nieuwe 50kv-station. Wij verlenen vergunningen voor de bouw. Stedin en de gemeente bepalen gezamenlijk de locatie voor het station. • Locatiebepaling Er zijn verschillende factoren waaraan de locatie voor het nieuwe 50kv-station moet voldoen. Belangrijke factoren zijn: o afstand tot het bestaande hoogspanningsnet en het beoogde verzorgingsgebied; o publiek- en privaatrechtelijke inpassing; o impact op natuur en groen;

impact op omwonenden en andere belanghebbenden zoals bedrijven en scholen; o bereikbaarheid. Longlist Er is een longlist met 16 locaties opgesteld. Deze locaties zijn gescoord volgens een afwegingsmatrix. De locaties met de hoogste scores vormen de shortlist. De shortlist bestaat uit momenteel alleen uit de locatie Groenedijk nabij de gemeentewerf. We zoeken nog naar een tweede locatie die als back-up kan dienen. Stedin rekent deze locaties technisch door via een bekabelings-, ontsluitings- en locatiestudie. Hieruit komt een voorkeurslocatie, waarvoor een vergunningsprocedure doorlopen wordt. Vergunningen Om tot bouw van het nieuwe 50kv-station over te kunnen gaan heeft Stedin vergunningen nodig en moet, afhankelijk van de locatie, een ruimtelijke procedure worden doorlopen. De werkzaamheden moeten worden uitgevoerd volgens de Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuur (AVOI). Aankoop grond Voor de bouw van het 50kv-station is 2.500 – 3.000 m2 nodig. Stedin koopt deze grond aan. Bouwtraject Als de vergunningen verleend zijn, start Stedin met de bouw. Eerst wordt de grond bouwrijp gemaakt, waarbij de doorlooptijd afhankelijk is van de staat van de grond. Vervolgens wordt het station gebouwd en de transformatoren op de juiste locatie neergezet. Tot slot wordt het gebouwde station aangesloten op het hoogspanningsnet.

Communicatie & participatie We realiseren ons dat de bouw van het nieuwe 50kv-station impact heeft op mensen en voorzieningen die de ruimte om de locatie heen gebruiken. We maken een analyse van de belanghebbenden en informeren hen over de locatiebepaling. Ook betrekken wij hen bij keuzes die nog gemaakt kunnen worden binnen het bouwtraject. Op deze manier krijgen de belangen van deze partijen een plek in het proces.

Planning • Vaststellen locatie: Q3 2025. • Indienen principeverzoek vergunning: Q4 2025. • Principebesluit vergunning: Q2 2026. • Anterieure overeenkomst: Q4 2026. • Start bouw: Q2 2027.

8

•

Oplevering: Q4 2028.

•

Impact op netcongestie: groot Als het 50kv-station niet of te laat wordt gebouwd, dreigt er congestie op kleinverbruik en grootschalige fysieke overbelasting van het net, waarbij grootverbruikers (deels) afgeschakeld worden. Als het 50kv-station op tijd wordt gebouwd, ontstaat er extra capaciteit op het middenspanningsnet in geheel Capelle; het huidige 50kv-station wordt ontzien en er is meer ruimte voor transport van elektriciteit van hoogspanningsnet naar middenspanningsnet. Maar er zijn ook uitbreidingen op het hoogspanningsnet buiten de gemeentegrenzen (door Stedin en TenneT) en op het laagspanningsnet (zie 1.2) nodig voordat er nieuwe grootverbruikaansluitingen gerealiseerd kunnen worden.

•

Actie 2 Buurtaanpak uitvoeren

•

Omschrijving actie Om stroom van het middenspanningsnet op laagspanning te krijgen, zijn transformatorhuisjes (trafohuisjes) nodig. Hier staan er momenteel zo'n 210 van in Capelle aan den IJssel. Omdat er steeds meer elektriciteit gebruikt wordt, zijn er steeds meer trafohuisjes nodig; waar vroeger met één trafohuisje zo'n 500 woningen bediend konden worden, zijn dat er in de nieuwe situatie nog maar 200. Dat betekent ook dat huisjes meestal niet naast een bestaand huisje kunnen worden geplaatst. Er moeten tot 2050 zo'n 150 trafohuisjes bijgebouwd worden in Capelle aan den IJssel. Daarnaast moeten kabels van en naar trafohuisjes aangelegd en verzwaard worden. Om deze uitbreiding uit te voeren wordt de zogenaamde Buurtaanpak uitgevoerd, waarbij buurt voor buurt het laagspanningsnet wordt versterkt. Voor de buurtaanpak hebben Stedin en de gemeente in november 2024 een samenwerkingsovereenkomst gesloten met de volgende afspraken: • Belangentafel We zijn samen met Stedin verenigd in een belangentafel Buurtaanpak. Hierin worden afspraken gemaakt over de planning van de Buurtaanpak, de prioritering van de buurten, en de precieze locaties van de trafohuisjes. Verschillende disciplines zijn vertegenwoordigd, waaronder stedenbouw, groen, duurzaamheid en kabels & leidingen.

• Prioritering buurten De prognoses van Stedin zijn leidend voor de prioritering van de buurten; de buurten waarvan zij zien dat het laagspanningsnet het zwaarst belast wordt zijn als eerste aan de beurt in de Buurtaanpak. Ook wordt uit deze prognoses

9

vastgesteld hoeveel trafohuisjes er per buurt bijgebouwd moeten worden. Locatiebepaling Binnen de buurten die aangepakt worden, doet Stedin een voorstel voor de locaties van de nieuwe trafohuisjes. Deze locaties worden vervolgens door ons beoordeeld aan de hand van verschillende criteria; ruimtelijke inpassing, groen, mobiliteit, duurzaamheid en kabels & leidingen. Na deze beoordeling vindt er een overleg plaats waarin de definitieve locaties worden vastgesteld. Bouwtraject Zodra de locaties zijn vastgesteld, begint Stedin met de bouw. Hierbij wordt zo efficiënt mogelijk gewerkt om de overlast voor omwonenden te beperken. Stedin werkt bij het leggen van kabels bijvoorbeeld met 2 ploegen; één die de straat openbreekt, een andere die de kabels legt, waarna de eerste ploeg de straat weer dichtmaakt. Communicatie & participatie De Buurtaanpak heeft een grote impact op de leefomgeving van bewoners en ondernemers in Capelle aan den IJssel. Stedin schat in dat er landelijk één op de drie straten opengebroken moet worden voor het verzwaren van het net. Daarnaast nemen de geplaatste trafohuisjes ruimte in de buurt in. Zowel tijdens als na het verzwaren van het net is er sprake van overlast.

Via communicatie en participatie proberen wij deze overlast tot een minimum te beperken: o Informeren van bewoners en ondernemers over de noodzaak en het verloop van de werkzaamheden is van groot belang. Dit doen wij via online en offline campagnes, inloopspreekuren en bewonersavonden in de buurten waar de buurtaanpak gaat plaatsvinden. o Participatie; bewoners en ondernemers hebben geen formele stem in de besluitvorming. Trafohuisjes mogen vergunningsvrij worden neergezet. De locaties worden door ons en Stedin aangewezen, waarbij we rekening houden met veel factoren en moeten werken met schaarse ruimte. Voor de locatiebepaling vindt geen bewonersparticipatie plaats. Alleen wat betreft het uiterlijk van de huisjes is potentieel participatie mogelijk; standaard worden de huisjes gebouwd in groen of antraciet, maar in overleg met Stedin kan ervoor gezorgd worden dat de huisjes beschilderd kunnen worden. We reserveren geld om street art te laten plaatsen op een deel van de huisjes. We zetten een participatieproces op waarbij we per buurt inventariseren of, en onder welke voorwaarden, bewoners hierbij betrokken willen zijn.

Planning • Uitwerken participatieplan: Q4 2025. • Kaart voorlopige locaties trafohuisjes: Q2 2026. • Start participatietraject: Q2 2026. • Start buurtaanpak: Q4 2026.

de moeite waard is. Dit doen zij door een adviesbureau in te schakelen die de potentie van een energiehub onderzoekt; o moeten geïnteresseerde en gemotiveerde ondernemers worden verzameld; o bekijken de ondernemers of ze 'netburen’ zijn; alleen gebruikers op dezelfde middenspanningsring kunnen gezamenlijk een energiehub vormen. Doorlooptijd: afhankelijk van interesse en betrokkenheid.

Impact op netcongestie: groot Als het laagspanningsnet niet of te laat wordt verzwaard, dreigt er congestie op kleinverbruik en grootschalige fysieke overbelasting van het net, waarbij grootverbruikers (deels) afgeschakeld worden.

2. o

Plan & ontwerp. In deze fase: verkennen de ondernemers (samen met een adviesbureau) verschillende oplossingsrichtingen; o kiezen zij een oplossing en stellen zij ontwerpcriteria op; o maken zij een gedetailleerd ontwerp. Doorlooptijd: 6-8 maanden.

Als het laagspanningsnet op tijd wordt verzwaard, ontstaat er extra capaciteit op het laagspanningsnet in geheel Capelle. De huidige trafohuisjes worden ontzien en er is meer ruimte voor transport van elektriciteit van middenspanningsnet naar laagspanningsnet. Maar er zijn ook uitbreidingen op het middenspanningsnet (zie 1.1) en hoogspanningsnet (door Stedin en TenneT) nodig voordat er nieuwe grootverbruikaansluitingen gerealiseerd kunnen worden.

3. o

Realisatie. In deze fase: vormen de ondernemers samen een juridische entiteit; o sluit deze entiteit een contract met de netbeheerder; o worden de juridische, financiële en operationele verantwoordelijkheden vastgelegd; o wordt de energiehub getest en geïmplementeerd. Doorlooptijd: 12-14 maanden.

Spoor 2: Beter gebruiken bestaand elektriciteitsnet Spoor 2a: Technologische ontwikkelingen Actie 3 Energiehubs faciliteren Omschrijving actie Energiehubs zijn lokale netwerken waar opwek en gebruik van energie aan elkaar wordt gekoppeld via slimme sturing, flexibele opslag en uitwisseling tussen gebruikers. Er zijn vier 'families’ van energiehubs; gebouwde omgeving, mobiliteit, bedrijventerreinen en cluster 6 bedrijven (grootschalige energieverbruikers). In Capelle is de meeste potentie voor bedrijventerreinen en op termijn wellicht de gebouwde omgeving. Bij een energiehub op een bedrijventerrein vormen bedrijven een juridische entiteit en bundelen de elektriciteitsaansluiting. Als de verschillende gebruikers verschillende gebruiksprofielen hebben (ze gebruiken op andere momenten van de dag de meeste elektriciteit) kunnen zij gezamenlijk met dezelfde aansluiting meer elektriciteit gebruiken, of het gebruik gelijk houden en met een kleinere aansluiting toe. •

4. •

•

Omschrijving traject tot uitvoering Om tot een energiehub te komen moeten vier fasen worden doorlopen. De fases zijn: 1. Verkennen. In deze fase: o kan een onderneming, of een groep ondernemingen, ontdekken of een energiehub

10

Exploitatie. De energiehub is nu operationeel en kan worden geëxploiteerd.

Beschrijving lokale situatie Er zijn 4 bedrijventerreinen in Capelle waar een energiehub mogelijk interessant is; Fascinatio, CapelleXL, Capelle West en Van Delft. Het is een voordeel als er al een Green Business Club (GBC) of BedrijsInvesteringsZone (BIZ) actief is, wat het geval is in Fascinatio (GBC) en CapelleXL (BIZ). Door de GBC Fascinatio zijn er al offertes uitgevraagd om de mogelijkheden tot een energiehub te onderzoeken. Ook CapelleXL neemt al stappen om de potentie van een energiehub te onderzoeken. Rol netbeheerders Stedin en TenneT spelen een belangrijke rol in het proces, omdat zij de potentie van de energiehub moeten vaststellen op basis van de gebruiksprofielen en de belasting van het lokale elektriciteitsnet. Ook moeten zij het contract sluiten met de nieuw opgerichte juridisch entiteit.

Wat doen wij? We wijzen ondernemers op de mogelijkheden van een energiehub, en geven advies om uit te zoeken wie de ‘netburen’ zijn en een adviesbureau in de arm te nemen. De eerste stap die van ondernemers een financiële bijdrage vraagt is het laten onderzoeken van de potentie van de energiehub. Om hierbij te helpen zetten wij een voucherregeling ‘Potentie Energiehubs’ op.

Naast de vrijgekomen capaciteit bieden energiehubs deelnemers de mogelijkheid om meer elektriciteit te gebruiken, iets wat op andere manieren vrijwel onmogelijk is zolang netcongestie duurt. Dit heeft potentieel grote financiële impact op de deelnemers, die hun bedrijfsactiviteiten kunnen uitbreiden of verduurzamen of bijvoorbeeld hun wagenpark kunnen elektrificeren en hiermee kunnen voorkomen dat zij ZE-zones niet meer in mogen.

Groepen ondernemers die op dezelfde middenspanningsring zitten kunnen eenmalig een bedrag van maximaal € 5.000 ontvangen als zij een onderzoek hebben laten uitvoeren. Zodra de potentie is vastgesteld en de groep ondernemers verdergaat met de plan & ontwerpfase kunnen zij begeleiding ontvangen vanuit de gemeente. Wij kunnen bijvoorbeeld helpen met het opstellen van de ontwerpcriteria of meekijken met de input van het adviesbureau.

Actie 4 Netbewuste opslag elektriciteit realiseren Omschrijving actie Opslag van elektriciteit is een van de instrumenten om het piekverbruik te verlagen als het opslagmedium wordt opgeladen op momenten dat er voldoende capaciteit is op het elektriciteitsnet. Deze opgeslagen elektriciteit kan gebruikt worden op momenten van piekvraag. Hierdoor op die momenten het net minder zwaar belast wordt. Er zijn verschillende manieren om elektriciteit op te slaan: • Batterijen Batterijen zijn de meest laagdrempelige manier van het opslaan van elektriciteit. Voordelen zijn de beschikbaarheid, beperkte benodigde ruimte, snelheid van laden en ontladen en hoge efficiëntie (weinig energieverlies). Batterijen worden door hun toenemende populariteit snel goedkoper. Het grote nadeel is de beperkte termijn waarin elektriciteit kan worden opgeslagen; het kan enkele uren overbruggen, maar niet meerdere maanden. Dit maakt batterijen geschikt om pieken op dagbasis te verlagen, maar niet om de in de zomer overtollig opgewekte elektriciteit te bewaren voor de winter. • Waterstof Van stroom kan waterstof worden gemaakt via elektrolyse, en de waterstof kan vervolgens op een later moment weer omgezet worden in elektriciteit. Dit maakt het potentieel geschikt om op grote schaal elektriciteit op te slaan.

Voordelen zijn de langdurige opslag (op deze manier kan elektriciteit in de zomer worden opgeslagen voor de volgende winter) en de flexibiliteit; waterstof hoeft niet terug omgezet te worden in elektriciteit maar kan ook als hoge temperatuursbrandstof worden gebruikt, bijvoorbeeld ter vervanging van aardgas. Ook kan het vervoerd worden, waardoor de elektriciteit op plekken kan worden opgewekt waar dit goedkoop is (bijvoorbeeld zonne-energie in Marokko) en worden vervoerd waar dit duurder is (bijvoorbeeld plekken waar weinig zon, wind of ruimte is).

Om de ondernemers te stimuleren daadwerkelijk tot realisatie over te gaan, kunnen ze gebruik maken van de subsidieregeling Realisatie Energiehubs. Met een gevormde juridische entiteit kunnen ze een subsidie van €20.000 ontvangen zodra deze een contract met de netbeheerder heeft getekend. Planning • Voucherregeling Potentie Energiehubs: start in Q3 2025. • Subsidieregeling Realisatie Energiehubs: start in Q1 2026. Impact op netcongestie: medium Vermogen meten we in de eenheid Watt (W): - 1.000W = 1kW (kiloWatt). - 1.000kW = 1MW (MegaWatt) - 1.000MW = 1GW (GigaWatt) Energieverbruik wordt meestal in kWh weergegeven; iets met een vermogen van 1kW dat 1 uur aan staat verbruikt 1kWh aan stroom. Hoeveel ruimte op het elektriciteitsnet vrijkomt door het opzetten van energiehubs is sterk afhankelijk van de gebruiksprofielen van de deelnemers. Die zijn nog niet bekend en gemeenten mogen de gebruiksprofielen niet inzien. De impact voor heel Nederland is geschat op het ontlasten van het net met 3,2GW tot en met 2030 (bron: Energy Hubs: een sleutelrol in ons toekomstige energiesysteem). Gemiddeld per energiehub komt dit neer op 2,7MW. Dit vermogen is echter sterk afhankelijk van de specifieke situatie, en het is niet gezegd dat er in Capelle energiehubs mogelijk zijn van deze omvang.

11

•

•

Nadeel is de lage efficiëntie (zo’n 60% van de energie gaat verloren tijdens de twee omzettingen), de hoge opslag- en transportkosten en de beperkte infrastructuur. Warmte Elektriciteit kan worden gebruikt om water te verwarmen, en dit warme water kan op een later moment weer worden gebruikt om elektriciteit te maken. Deze methode heeft vergelijkbare voor- en nadelen als opslag via waterstof. Overig Er zijn innovatieve manieren van opslag die nog niet op grote schaal worden gebruikt, zoals via ammoniak, waterkracht, gecomprimeerde lucht en gesmolten zout. Deze moeten eerst nog verder ontwikkeld worden voordat ze eventueel in Capelle aan den IJssel gebruikt kunnen worden.

We bieden niet direct subsidies voor thuis- of zakelijke batterijen, gezien de onzekerheden rondom wetgeving en voorwaarden om netcongestie te verzachten. Zodra de wetgeving zich ontwikkelt onderzoeken wij of, en zo ja onder welke voorwaarden, een gemeentelijke subsidieregeling voor batterijen bijdraagt aan het verzachten van netcongestie. Gemeenten kunnen buurtbatterijen stimuleren door concessies of vergunningen te verlenen of subsidies te verstrekken. Wij stellen samen met Stedin voorwaarden op waaronder we dit eventueel zouden doen. Hierbij houden we rekening met veiligheid. Als we onder voorwaarden toestaan dat er buurtbatterijen komen, gebeurt dit veilig en volgens de dan geldende wet- en regelgeving. Planning • Voorlichtingscampagne over energieopslag: Q4 2025 – Q1 2026. • Onderzoek subsidieregeling thuis-, zakelijke buurtbatterijen: afgerond in Q1 2026. • Plaatsing eerste batterij bij onderwijs-huisvesting: 2026. • Opstellen energievisie met aandacht voor opslag: 2026.

Een batterij kan helpen om congestie te verzachten, maar kan de congestie juist ook verergeren. Daarom bevelen netbeheerders de aanschaf van bijvoorbeeld thuisbatterijen niet aan. Batterijen kunnen netcongestie verergeren als zij handelen op de onbalansmarkt. Dan is de stroomprijs weliswaar laag, en kan er op landelijk niveau veel aanbod en weinig vraag zijn. Maar als op een laag netvlak, bijvoorbeeld in dezelfde wijk, veel batterijen tegelijk gaan opladen om de landelijke onbalans te herstellen kan dat lokaal overbelasting van het net geven.

Impact op netcongestie: onzeker De impact van opslag op netcongestie is variabel. Als het op de juiste manier gebruikt wordt, kan het bijdragen aan het verzachten van netcongestie. Een batterij bij een schoolgebouw die ervoor zorgt dat dat schoolgebouw geen grote aansluiting nodig heeft en die niet handelt op de onbalansmarkt helpt met het verzachten van (de impact van) netcongestie. Maar een thuisbatterij die geautomatiseerd handelt op de energiemarkt kan lokaal netcongestie verergeren.

Wat doen wij? We zetten een informatiecampagne op gericht op bewoners en ondernemers over de voor- en nadelen van thuis- en zakelijke batterijen. Hiermee kunnen zij een weloverwogen keuze maken en weten zij waar ze op moeten letten om te voorkomen dat ze met een onbetrouwbare partij in zee gaan of de batterij op een onveilige manier gebruiken.

Actie 5 Energiebesparing realiseren Projecten waarbij zonder maatregelen een grote aansluiting nodig is en waar wij zelf opdrachtgever zijn, zoals de bouw van onderwijshuisvesting of gemeentelijk vastgoed, kunnen baat hebben bij de inzet van batterijen. Dit vraagt om een extra investering maar kan ervoor zorgen dat het project toe kan met een kleine aansluiting, waardoor het niet op de wachtlijst komt en toch door kan gaan. Als dit het geval is onderzoeken wij of deze extra investering financieel mogelijk is en plaatsen wij op veilige wijze een batterij als dat het geval is.

Omschrijving actie Wij stimuleren energiebesparing al vele jaren, onder andere door subsidies op isolatie, voucher-regelingen voor bedrijven en maatschappelijke organisaties, en advies op maat. Netcongestie heeft de waarde van energiebesparing alleen nog maar verhoogd; hoe minder elektriciteit je hoeft te gebruiken, hoe lager de belasting op het net. Dit kan door het veranderen van gedrag (zie spoor 2b), maar ook door het investeren in de gebouwde omgeving. Mogelijkheden tot energiebesparing: • Efficiënt verwarmen Waar mogelijk adviseren we om aan te sluiten op een warmtenet (zie verderop). Mocht dat niet nodig zijn, dan zijn er verschillende opties waarvan sommige efficiënter zijn dan andere. Grotere

We nemen inwoners en bedrijven mee in onze energievisie zoals wetgeving en beleid rondom opslag van elektriciteit. Momenteel werken wij aan deze energievisie, waarin opslag een belangrijke rol speelt.

12

•

•

grondgebonden gebouwen kunnen bijvoorbeeld kiezen voor een lucht- of bodemwarmtepomp. Een bodemwarmtepomp is duurder in aanschaf, maar efficiënter en verbruikt minder elektriciteit. Netcongestie zorgt ervoor dat die investering aantrekkelijker wordt. Omdat het alternatief mogelijk is dat er meer batterij-vermogen moet worden geplaatst of het gebouw op de wachtlijst komt. Slim gebruik installaties Als elektriciteit als een schaars goed wordt beschouwd, worden bepaalde installaties daar ook op aangepast. Zo kan in een groot gebouw (school, kantoor of fabriek) een ventilatiesysteem worden geplaatst die vraag-gestuurd werkt in plaats van het hele gebouw altijd ventileert. Dat is duurder in aanschaf maar verlaagt het energieverbruik. Als installaties slim werken en alleen werken waar en wanneer dat nodig is, kan dat veel elektriciteit besparen. Passief bouwen Passief bouwen is het ontwerpen en bouwen op zo’n manier dat gebouwen van zichzelf een zo laag mogelijke energievraag hebben. Elementen zijn bijvoorbeeld het werken met natuurlijke ventilatie, het plaatsen van zonwering om de koudevraag te verlagen, het slim gebruiken van daglicht voor de ruimtes, en het zeer goed isoleren van glas en muren.

de belasting van het elektriciteits-net, maar ook voor de structurele kosten, het comfort van gebouwen, en de toekomstbestendig-heid in het kader van toekomstige wetgeving. Energiebesparing vindt altijd in combinatie met de andere acties in het actieplan plaats, en wordt sterk aangeraden.

Actie 6 Netbewust laden faciliteren Omschrijving actie Elektrisch vervoer groeit snel in Capelle aan den IJssel. Dat leidt tot een toenemende vraag naar laadinfrastructuur, die druk zet op het elektriciteitsnet. Netbewust laden biedt een oplossing door het laadvermogen tijdelijk te verlagen tijdens piekmomenten. Hierdoor blijft het comfort voor de gebruiker behouden, terwijl het netwerk efficiënter wordt benut. Mogelijkheden tot netbewust en slim laden: • Netbewust laden Bij netbewust laden wordt het laadvermogen automatisch aangepast op basis van de beschikbare netcapaciteit. Laadpalen reageren op signalen van de netbeheerder (bijvoorbeeld bij dreigende overbelasting tussen 16:00 en 21:00 uur) en verlagen tijdelijk de laadsnelheid. Zodra de belasting daalt, wordt weer op volle kracht geladen. Uit praktijkproeven blijkt dat hiermee de piekbelasting van laadpalen met 35% tot 50% kan dalen. • Slim laden Hierbij wordt het laden afgestemd op momenten met veel hernieuwbare energie (zoals overdag bij zonnig weer) of lage net-belasting (zoals ‘s nachts). Dit draagt bij aan een stabiel elektriciteitsnet en lagere energiekosten. • Bi-directioneel laden (V2G) Bij deze techniek kunnen elektrische auto’s niet alleen laden, maar ook stroom terugleveren aan het net. Zo fungeren ze als mobiele batterijen die helpen om vraag en aanbod in balans te brengen.

Dit verlaagt de piekbelasting verder en vergroot de flexibiliteit van het net.

Wat doen wij? We maken een overzicht van de verschillende manieren van verwarmen en hun relatieve efficiëntie, en een overzicht van installaties die slim gebruikt kunnen worden. Met deze overzichten informeren wij bewoners, ondernemers en andere belanghebbenden via Duurzaam Capelle. Waar we zelf invloed hebben op de bouw van een gebouw, zoals bij onderwijshuisvesting, investeren we in energiebesparende oplossingen. Waar mogelijk en nodig vanwege netcongestie investeren we in de meest efficiënte manier van verwarmen en/of het slimme gebruik van installaties en/of we bouwen op zo’n manier dat de natuurlijke energievraag van het gebouw zo laag mogelijk is.

Wat doen wij? Wij nemen netbewust en slim laden op in de nieuwe concessieovereenkomst voor publieke laadinfrastructuur. Dit betekent dat aanbieders van laadpalen verplicht worden om bij signalen van de netbeheerder het laadvermogen tijdelijk te verlagen. Hiermee zorgen we ervoor dat nieuwe laadpunten het bestaande elektriciteitsnet zo min mogelijk belasten, terwijl het comfort voor gebruikers behouden blijft.

Planning • Gereedmaken overzichten energiegebruik gemeentelijk vastgoed: Q3 – Q4 2025. • Start bouw onderwijshuisvesting met extra energiebesparing: 2026.

Daarnaast stimuleren we het gebruik van slim laden, waarbij elektrische voertuigen vooral laden op momenten dat er voldoende capaciteit beschikbaar is, bijvoorbeeld ‘s nachts of bij een overschot aan zonne-

Impact op netcongestie: medium Het verlagen van de energievraag heeft een langdurige, werkelijk duurzame impact. Het is niet alleen goed voor

13

energie. Dit doen we door dit onderdeel mee te nemen in de gedragscampagne (zie verderop).

vooraf aan hoeveel vermogen beschikbaar is. Ontwikkelaars zoeken daarbinnen naar slimme oplossingen, waardoor innovatief en toekomstbestendig bouwen wordt gestimuleerd.

We volgen de ontwikkelingen rondom bi-directioneel laden, waarbij elektrische auto’s niet alleen stroom afnemen maar ook kunnen terugleveren aan het net.

Wat doen wij? We vragen bij elk ruimtelijk project vanaf 150 woningen een energieplan waarin wordt uitgewerkt hoe de belasting van het elektriciteitsnet wordt geminimaliseerd. We stimuleren energiezuinig bouwen door goed ontwerp. Zo bevorderen we natuurlijke en ontwerptechnische oplossingen zoals zonoriëntatie, vergroeningsmaatregelen en functiemenging.

In samenwerking met netbeheerder Stedin en marktpartijen houden we de technische, juridische en financiële ontwikkelingen in de gaten. Planning • Netbewust laden in nieuwe concessie publieke laadpalen: Q1 2026. • Volgen landelijke ontwikkeling V2G-pilots: doorlopend vanaf 2025.

Door vroegtijdige afstemming met Stedin en ontwikkelaars zorgen we dat netcapaciteit vanaf het begin wordt meegenomen, zodat plannen niet later vastlopen.

Impact op netcongestie: groot Netbewust en slim laden dragen direct bij aan het verminderen van piekbelasting op het elektriciteitsnet. Doordat laadsessies automatisch worden afgestemd op momenten met voldoende netcapaciteit, wordt de druk op het net tijdens spitsuren fors verlaagd. Praktijkproeven tonen aan dat door netbewust laden de piekbelasting bij laadpalen met 35% tot 50% kan worden teruggebracht. Slim laden maakt het mogelijk om het energiegebruik beter te spreiden, bijvoorbeeld door auto’s ’s nachts of tijdens zonnige uren op te laden. Bi-directioneel laden (V2G) biedt aanvullend de mogelijkheid om op piekmomenten tijdelijk stroom terug te leveren aan het net, wat zorgt voor extra flexibiliteit en balancering.

Voor projecten die afwijken van standaardbeleid toetsen we vroegtijdig of het plan past binnen de netcapaciteit en bespreken we eventuele aanvullende maatregelen. Dit doen we door ene intaketafel voor complexe of afwijkende plannen. Verder versterken we de samenwerking met Stedin door in te zetten op een stevige en structurele informatie-uitwisseling. Zodat we beter zicht houden op beschikbare netcapaciteit en vroegtijdig kunnen inspelen op knelpunten. Door nauwe samenwerking zorgen we ervoor dat plannen en netruimte beter op elkaar aansluiten. Planning • Toepassen intaketafel bij plannen buiten standaardbeleid: vanaf Q3 2025. • Opstellen eisen/wensen energieplan: Q4 2025. • Meewegen netbewuste principes in gemeentelijke kaders nieuwbouwlocaties: doorlopend. • Meewegen netbewuste eisen in bestemmingsplannen en uitgiftevoorwaarden: doorlopend. • Stimuleren energiezuinig bouwen via ontwerp en natuurlijke oplossingen: doorlopend. • Vroegtijdige afstemming over netcapaciteit bij nieuwe plannen: doorlopend. • Structurele samenwerking en kennisdeling met Stedin: Doorlopend.

Actie 7 Netbewuste nieuwbouw stimuleren Omschrijving actie De energietransitie zorgt ervoor dat woningen in toenemende mate gebruikmaken van elektriciteit voor verwarming, koken en mobiliteit. Netbewuste nieuwbouw betekent dat woningen en wijken zo worden ontworpen dat ze het elektriciteitsnet zo min mogelijk belasten. Voorbeelden van netbewuste maatregelen zijn: • Zeer goed geïsoleerde woningen, waardoor minder energie nodig is voor verwarming. • Lokale opslag, zoals boilers of buurtbatterijen die stroom opslaan voor later gebruik. • Functiemenging, zoals wonen en werken combineren om verbruik te spreiden over de dag. • Gedeelde voorzieningen, zoals centrale laadpleinen of collectieve warmtepompen. • Slimme sturing van installaties, die verbruik automatisch verplaatsen naar rustige uren. • Natuurlijke oplossingen, zoals zonligging en -wering en groene koeling. • Een belangrijk instrument hierbij is het netcapaciteitsbudget: de netbeheerder geeft

14

Impact op netcongestie: groot Netbewust bouwen zorgt voor structurele verlichting van de druk op het elektriciteitsnet ten opzichte van reguliere nieuwbouw. Door woningen energiezuinig en slim te ontwerpen, en door verbruik te spreiden of tijdelijk op te slaan, verlagen we de piekbelasting aanzienlijk. Praktijkervaring1 laat zien dat netbewuste wijken gemiddeld 20% minder piekbelasting veroorzaken dan traditioneel ontworpen buurten.

Onze eigen gemeentelijke gebouwen zetten we in als voorbeeldlocaties, waar slimme aansturing van installaties zo mogelijk wordt toegepast en gemonitord.

We onderzoeken of en hoe slim energiegebruik kan worden meegenomen in nieuwe en bestaande gemeentelijke subsidies en inkoopacties, zoals voor warmtepompen.

Bovendien voorkomt het toepassen van een netcapaciteitsbudget dat bouwprojecten moeten wachten op netverzwaring. Door vanaf het begin uit te gaan van wat het net aankan, wordt de kans op vertraging kleiner en blijft woningbouw haalbaar in gebieden waar het net al onder druk staat. Op deze manier draagt netbewuste nieuwbouw direct bij aan een robuust en toekomstbestendig energiesysteem in Capelle aan den IJssel.

Planning • Stimuleren standaardinstellingen buiten piekuren: vanaf Q4 2025. • Gemeentelijke gebouwen als voorbeeld voor slimme aansturing installaties: vanaf Q1 2026. • Onderzoek meenemen slim energiegebruik in subsidies en regelingen: 2025-2026.

Actie 8 Netbewuste installaties stimuleren Impact op netcongestie: groot Installaties zoals warmtepompen, boilers, laadpalen en thuisbatterijen veroorzaken samen een aanzienlijke belasting op het elektriciteitsnet, vooral wanneer ze tegelijk inschakelen tijdens piekmomenten. Door deze apparaten slim aan te sturen en hun werking te spreiden over de dag, kan de piekbelasting per woning of gebouw met tientallen procenten dalen.

Omschrijving actie Het van groot belang dat installaties in woningen en gebouwen slim worden aangestuurd. Apparaten zoals warmtepompen, elektrische boilers, laadpalen en thuisbatterijen vragen gezamenlijk veel vermogen, vooral wanneer ze gelijktijdig worden ingeschakeld. Dit kan leiden tot overbelasting van het elektriciteitsnet, met name tijdens piekmomenten in de ochtend en avond. Door het verbruik te spreiden en apparaten op slimme momenten te gebruiken, kan het net efficiënter worden benut zonder verlies van comfort voor bewoners of gebruikers. Voorbeelden van mogelijkheden tot netbewust gebruik van installaties: • Time-out voor boilers en warmtepompen Boilers en warmtepompen verbruiken veel stroom bij het opwarmen van tapwater tot 60 graden. Door deze functie standaard buiten de piekuren (16.00 tot 21.00 uur) te plannen, bijvoorbeeld 's nachts of in de middag, wordt de netbelasting verlaagd. • Slimme thermostaten en energiebeheer Thermostaten die reageren op netdrukte of stroomprijzen kunnen de warmtevraag tijdelijk verlagen of verschuiven naar gunstigere momenten. Zo wordt het elektriciteitsgebruik gespreid zonder dat de temperatuur merkbaar daalt.

In woningen kan een eenvoudige maatregel als het verplaatsen van boileractiviteiten naar de nacht al leiden tot een merkbare daling in netbelasting tussen 16:00 en 21:00. In grotere gebouwen kunnen energiemanagementsystemen voorkomen dat meerdere zware installaties tegelijk actief zijn, wat het net lokaal ontlast. Door slim ingestelde installaties als norm te hanteren in nieuwbouw en renovatie, kan de piekbelasting op het elektriciteitsnet worden beperkt. Dit helpt voorkomen dat groepen woningen of gebouwen tegelijk een hoge belasting veroorzaken, wat netcongestie kan verergeren. Netbewust gebruik van installaties biedt daarmee potentie om de gelijktijdige belasting op wijkniveau te verminderen, waardoor er meer ruimte ontstaat op het net voor andere aansluitingen en verdere elektrificatie.

Actie 9 Warmtevoorziening netbewust krijgen Wat doen wij? We stimuleren woningcorporaties, projectontwikkelaars en Verenigingen van Eigenaren (VvE’s) om boilers en warmtepompen standaard buiten piekuren in te stellen.

Omschrijving actie Het verwarmen van de gebouwde omgeving heeft een grote energievraag. Op welke wijze gebouwen verwarmd worden heeft niet alleen impact op de CO2-

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15964339/1