CConstaterende datCapelle aan den IJssel
Koppel je AI →
Document · PDF

06.01 - Raadsvoorstel -besluit Referendumverordening Capelle aan den IJssel 2026

Commissie Bestuur, Veiligheid en Middelen 23 februari 2026, gemeente Capelle aan den IJsselBij agendapunt: Wijziging Referendumverordening4.415 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Zaaknr:2265658

Raadsvoorstel Nummer raadsvoorstel

Portefeuillehouder college / burgemeester griffier / initiatiefnemer raad

2265738 J.J. Manusama Raadsvergadering

Programma / product / collegewerkplan

9 maart 2026

Programma 0 Bestuur en ondersteuning

ONDERWERP Referendumverordening Capelle aan den IJssel 2026 GEVRAAGDE BESLISSING Referendumverordening Capelle aan den IJssel 2026 vast te stellen WETTELIJKE BASIS / AANLEIDING RAADSVOORSTEL De wettelijke grondslag voor dit raadsvoorstel is artikel 149 Gemeentewet. Aanleiding voor het voorstel is de wens van de gemeenteraad om de geldende Referendumverordening volledig te actualiseren. BEOOGD DOEL / EFFECT Het verduidelijken, actualiseren en toegankelijker maken van de Referendumverordening voor de inwoners van Capelle aan den IJssel. ONDERBOUWING VAN DE GEVRAAGDE BESLISSING Een referendum is een volksraadpleging waarbij inwoners zich kunnen uitspreken over een conceptraadsbesluit. De uitkomst van een referendum heeft een adviserend karakter en vormt een advies van de inwoners aan de gemeenteraad over een voorgenomen besluit. De gemeenteraad heeft de wens uitgesproken om de Referendumverordening 2020 te verduidelijken, te actualiseren en toegankelijker te maken voor de Capelse inwoner. Daarom wordt voorgesteld de Referendumverordening 2020 in te trekken en de Referendumverordening Capelle aan den IJssel 2026 vast te stellen. Ten opzichte van de Referendumverordening 2020 stellen wij uw Raad de volgende wijzigingen voor: 1. Definitie kiesgerechtigden De definitie van ‘kiesgerechtigden’ wordt aangepast naar ‘kiesgerechtigd’.

Daarnaast wordt in de bepalingen over het inleidende en definitieve verzoek vastgelegd op welk moment ondertekenaars kiesgerechtigd moeten zijn. Deze wijzigingen zijn in overeenstemming met de modelverordening van de VNG. In de huidige verordening ontbreekt deze duidelijkheid.

1

Zaaknr:2265658

2. Meerkeuzereferenda In de Referendumverordening 2026 is de beperking tot twee antwoordmogelijkheden geschrapt. Dit is in lijn met het verzoek van de gemeenteraad en het advies van de referendumcommissie. 3. Verduidelijking artikel 8, zesde lid In dit artikel is verduidelijkt dat de gemeenteraad uiteindelijk beoordeelt of een besluit referendabel is en of het houden van een referendum niet in strijd is met het algemeen belang. Deze aanpassing wijkt af van het advies van de referendumcommissie, maar sluit aan bij de wens van een meerderheid van de gemeenteraad, mits deze bevoegdheid expliciet wordt verduidelijkt. 4. Artikel 11, budget voor organisatie en uitvoering referendum Op dit moment is binnen de begroting geen budget beschikbaar voor de organisatie en uitvoering van een referendum. Gelijktijdig met uw besluit om een referendum te houden stelt uw raad een budget vast voor de organisatie en uitvoering van een referendum. Wij stellen uw raad dan ook voor om hiervoor in de verordening geen concrete bedragen op te nemen. 5. Technische en redactionele wijzigingen Daarnaast zijn diverse technische en redactionele verbeteringen doorgevoerd. Een uitgebreide toelichting hierop is opgenomen in de was-wordt-tabel, die als bijlage bij het raadsvoorstel is gevoegd. 6. Actualisering verwijzingen Enkele verwijzingen zijn geactualiseerd naar de juiste en meest recente versies.

In de raadscommissie Bestuur, Veiligheid en Middelen van 19 januari is de mogelijkheid besproken om buurtpeilingen op te nemen in de referendumverordening. Wij omarmen de buurtpeiling als waardevol instrument om de Capellenaar te betrekken bij de ontwikkeling van beleid en bij besluitvorming, maar niet in de vorm van een referendum. Wij achten de Referendumverordening dan ook niet de geschikte plaats om het instrument van de buurtpeiling te regelen. Een referendum is een formeel en relatief zwaar participatiemiddel, gericht op het uitbrengen van een advies over een politieke kwestie via een officiële stemming. Een buurtpeiling daarentegen is een informele manier om meningen op te halen, zonder formele status, en kan op verschillende wijzen worden georganiseerd, zoals via enquêtes, bijeenkomsten of online polls. Buurtpeilingen zijn vooral bedoeld om input te leveren voor de inhoudelijke voorbereiding van beleid. De referendumverordening biedt overigens wel de mogelijkheid voor de raad om een referendum te houden over een deelgebied van de gemeente (raadplegend referendum). Inwoners kunnen echter geen initiatief nemen tot een referendum dat zich beperkt tot een deelgebied (raadgevend referendum). In de raadscommissie is ook gesproken over het afschaffen van de huidige geldigheidsdrempel.

Op dit moment is het referendum pas geldig als 33 procent van het aantal kiesgerechtigden zijn stem heeft uitgebracht. Naar inzicht van de raadscommissie strookt het hanteren van een geldigheidsdrempel niet met het adviserende karakter van de uitkomst van een referendum en met het feit dat een referendum een participatie instrument is voor de burger. De raad neemt uiteindelijk het besluit. Om de hoogte van het percentage van het aantal kiesgerechtigden dat zijn stem heeft uitgebracht in het referendum – te lage deelname vanuit de Capelse bevolking of juist voldoende – geen onderdeel te laten worden van de beraadslaging door de raad over de uitkomst van het referendum stelt het college voor om een vaste geldigheidsdrempel te hanteren en daarmee de huidige geldigheidsdrempel van 33% te handhaven.

2

Zaaknr:2265658

FINANCIELE CONSEQUENTIES/ WIJZE VAN DEKKING Aan de organisatie en uitvoering van een referendum zijn kosten verbonden. De hoogte van deze kosten wordt vastgesteld op het moment dat wordt besloten tot het houden van een referendum. Binnen de huidige begroting zijn hiervoor geen middelen beschikbaar.

REACTIES VAN DERDE / FORMELE INSPRAAK EN ZIENSWIJZEN/ COMMUNICATIE De referendumcommissie zal de gemeenteraad adviseren over de voorgestelde Referendumverordening Capelle aan den IJssel 2026. VOORTRAJECT In december 2024 heeft de raad de Referendumverordening Capelle aan den IJssel 2020 gewijzigd door twee uitzonderingsgronden toe te voegen met betrekking tot de fysieke leefomgeving. Tijdens de behandeling van deze wijziging is de wens uitgesproken om de Referendumverordening volledig te actualiseren. De raadswerkgroep “Referendum” is hierover in gesprek gegaan met de referendumcommissie. Vervolgens heeft de raadswerkgroep nader advies gevraagd aan de referendumcommissie en de unit Juridische Zaken en Inkoop. De ontvangen adviezen zijn op 19 januari jl. ter consultatie besproken in de raadscommissie Bestuur, Veiligheid en Middelen. Op basis van deze consultatie is het voorliggende raadsvoorstel opgesteld. VERVOLGTRAJECT Als de referendumverordening wordt vastgesteld door de gemeenteraad, wordt deze gepubliceerd op de bekende (gemeentelijke) kanalen. RAADSCOMMISSIE Commissie Bestuur, Veiligheid en Middelen van 23 februari 2026 BIJLAGE(N) WELKE TER KENNIS VAN DE RAAD WORDEN GEBRACHT Was-wordt-overzicht (Referendumverordening 2020 vs.

Referendumverordening 2026) NADERE INFORMATIE / TECHNISCHE VRAGEN BIJ Léon van den Herik (teammanager Juridische Zaken & Inkoop), e-mail: p.l.van.den.herik@capelleaandenijssel.nl Wilma Ooms (interim raadsjurist), e-mail: w.ooms@capelleaandenijssel.nl

3

Zaaknr:2265658

Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester,

R. Elling MA

drs. J.J. Manusama

4

Zaaknr:2265658

Raadsbesluit De raad van de gemeente Capelle aan den IJssel; gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 3 februari 2026; gezien het advies van de Commissie Bestuur, Veiligheid en Middelen van 23 februari 2026; gelet op artikel 149 Gemeentewet; BESLUIT: vast te stellen de Referendumverordening Capelle aan den IJssel 2026 HOOFDSTUK 1. ALGEMEEN Artikel 1. Begripsbepalingen In deze verordening wordt verstaan onder: a. campagneactiviteit: activiteit ten behoeve van de bevordering van het publieke debat en meningsvorming in de gemeente, over het concept raadsbesluit dat onderwerp is van een referendum; b. concept raadsbesluit: aan de raad voorgelegd besluit dat op de agenda van de raadsvergadering is opgenomen; c. kiesgerechtigd: stemrecht hebben voor de verkiezing van de leden van de raad; d. presidium: presidium als bedoeld in artikel 3 van het Reglement van Orde; e. raadgevend referendum: stemming waarbij de kiesgerechtigden zich op initiatief k van kiesgerechtigden kunnen uitspreken over een concept raadsbesluit; f. raadplegend referendum: stemming waarbij de kiesgerechtigden zich op initiatief van de raad kunnen uitspreken over een concept raadsbesluit; g. referendum: raadgevend of raadplegend referendum; h. Reglement van Orde: Reglement van Orde gemeenteraad Capelle aan den IJssel 2026. Artikel 2.

Referendabele besluiten Concept raadsbesluiten kunnen onderwerp zijn van een referendum, met uitzondering van besluiten: a. over individuele kwesties, zoals benoemingen, ontslagen, schorsingen, kwijtscheldingen en schenkingen; b. over de hoogte van geldelijke voorzieningen voor ambtsdragers, gewezen ambtsdragers en hun nabestaanden; c. betreffende de vaststelling, wijziging of intrekking van de arbeidsvoorwaardenregeling en daaruit voortvloeiende besluiten met betrekking tot de griffier en de medewerkers van de griffie; d. over de vaststelling van de gemeentelijke begroting en de rekening; e. over de vaststelling van gemeentelijke tarieven en belastingen; f. over het voor kennisgeving aannemen van notities en rapporten; g. in het kader van deze verordening; h. ter uitvoering van een besluit van een hoger bestuursorgaan of de wetgever waaromtrent de raad geen beleidsvrijheid heeft; i. over de vaststelling van ruimtelijke besluiten in de zin van de Omgevingswet, met uitzondering van de omgevingsvisie; j. die naar het oordeel van de raad hun grondslag vinden in een eerder genomen besluit waarover een referendum is gehouden of kon worden gehouden; k. die naar het oordeel van de raad hun oorsprong vinden in een omgevingsvisie, kavelpaspoort, gebiedspaspoort of gebiedsvisie;

5

Zaaknr:2265658

l.

waarvan de totstandkoming, inwerkingtreding of uitvoering naar het oordeel van de raad niet kan worden uitgesteld vanwege enig daarmee gemoeid belang.

Artikel 3. Referendumcommissie 1. De raad stelt een onafhankelijke referendumcommissie in en benoemt en ontslaat haar leden. 2. Voor het lidmaatschap van de referendumcommissie komen niet in aanmerking leden van de raad, burgerraadsleden, leden van het college en ambtenaren in dienst van de gemeente. 3. De referendumcommissie bestaat uit vijf leden en kiest uit haar midden een voorzitter. 4. Voor besluitvorming door de referendumcommissie is een quorum vereist van drie leden. Bij het staken van stemmen is de stem van de voorzitter doorslaggevend. 5. De referendumcommissie wordt ondersteund door de griffier of een door de griffier aan te wijzen medewerker van de griffie. 6. De leden worden benoemd voor een periode van vier jaar. Aftredende leden kunnen worden herbenoemd. 7. De leden kunnen te allen tijde ontslag nemen. Zij die aftreden of ontslag hebben genomen blijven hun functie waarnemen totdat in hun opvolging is voorzien. Artikel 4. Taken referendumcommissie 1. De referendumcommissie heeft tot taak: a. de raad: 1. te adviseren over de vraag of sprake is van een uitgezonderd concept raadsbesluit als bedoeld in artikel 2; 2. in zijn algemeenheid gevraagd en ongevraagd te adviseren over (de toepassing van) deze verordening; 3.

te adviseren over aanpassing van deze verordening, over de bij referenda en inleidende en definitieve verzoeken te volgen procedure en over alle overige zaken die het referendum betreffen; 4. te adviseren over de vraagstelling van een referendum inclusief de antwoordmogelijkheden en stemmogelijkheden; b. het college te adviseren over het verstrekken van subsidies voor campagneactiviteiten; c. toezicht te houden op: 1. de uitvoering van de verordening; 2. de objectiviteit van de door de gemeente te verstrekken voorlichting; d. een evaluatie te schrijven over gehouden referenda en van initiatiefvoorstellen van raadsleden en verzoeken van kiesgerechtigden die niet tot een referendum hebben geleid. 2. De referendumcommissie vergadert in beslotenheid. 3. De adviezen van de referendumcommissie zijn openbaar. Artikel 5. Vergoeding voor het bijwonen van vergaderingen 1. De leden van de referendumcommissie ontvangen voor hun werkzaamheden een vergoeding conform artikel 3.4.1 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers. 2. Aan de leden van de referendumcommissie worden gemaakte reiskosten voor het bijwonen van vergaderingen vergoed conform artikel 3.1 van de Regeling rechtspositie decentrale politieke ambtsdragers. 3.

In afwijking van het eerste lid ontvangen de leden van de referendumcommissie een aanvullende vergoeding voor hun werkzaamheden ten tijde van het referendum. Over de hoogte van de vergoeding en het budget voor de werkzaamheden daarvoor besluit de raad als onderdeel van het in artikel 11, eerste lid, bedoelde budget. Artikel 6. Vraagstelling 1. De raad stelt tegelijk met het besluit om een referendum te houden, of zo spoedig mogelijk daarna, de vraagstelling vast. 2. Bij een referendum met meer dan twee antwoordmogelijkheden stelt de raad in het besluit, bedoeld in het eerste lid, tevens de stemmogelijkheden vast.

6

Zaaknr:2265658

HOOFDSTUK 2. HET RAADPLEGEND REFERENDUM Artikel 7. Initiatiefvoorstel raad 1. Leden van de raad kunnen een voorstel om een raadplegend referendum te houden doen door middel van het indienen van een initiatiefvoorstel als bedoeld in het Reglement van Orde. Het initiatiefvoorstel vermeldt om welk concept raadsbesluit het gaat. 2. Tenzij de vereiste spoed zich daartegen verzet, wordt door de indiener van het initiatiefvoorstel tevoren aan de referendumcommissie advies gevraagd of het concept raadsbesluit waaromtrent een raadplegend referendum wordt voorgesteld onderwerp van een referendum kan zijn. 3. Indien de raad besluit tot het houden van een raadplegend referendum, wordt het betreffende raadsvoorstel vervolgens op gangbare wijze behandeld met dien verstande dat het concept raadsbesluit, zoals dat luidt na verwerking van de door de raad aanvaarde amendementen, niet in stemming wordt gebracht, maar wordt aangehouden. 4. De raad kan besluiten dat een raadplegend referendum wordt beperkt tot een deelgebied van de gemeente, indien de aangelegenheid slechts dat deel van de gemeente betreft en het te nemen raadsbesluit buiten dat gebied naar verwachting geen effecten zal hebben. HOOFDSTUK 3. HET RAADGEVEND REFERENDUM Artikel 8. Inleidend verzoek 1.

Een inleidend verzoek van kiesgerechtigden om een raadgevend referendum te houden wordt uiterlijk één week voor de behandeling door de raad van het concept raadsbesluit bij de raad ingediend. Het verzoek is voorzien van een dagtekening en vermeldt om welk concept raadsbesluit het gaat. 2. Het inleidend verzoek moet worden ondersteund door ten minste 70 personen die kiesgerechtigd zijn op de dag dat het formulier, bedoeld in het negende lid, wordt verstrekt. Deze personen plaatsen daartoe hun handtekening onder het verzoek. Elke handtekening gaat vergezeld van de daarbij behorende naam, adres, postcode en woonplaats. 3. In het inleidend verzoek wordt aangegeven welke ten minste twee en ten hoogste vijf van de ondertekenaars voor het vervolg van de procedure zullen fungeren als gesprekspartners namens de indieners. 4. Zo spoedig mogelijk na de binnenkomst van een inleidend verzoek, adviseert de referendumcommissie over de vraag of sprake is van een uitgezonderd concept raadsbesluit als bedoeld in artikel 2. 5. Zo spoedig mogelijk na binnenkomst van een inleidend verzoek, onderzoekt de voorzitter van de raad of het verzoek door een voldoende aantal kiesgerechtigden wordt ondersteund. 6. De raad beslist of het inleidend verzoek wordt ingewilligd. Het verzoek wordt niet ingewilligd, indien naar het oordeel van de raad: a.

sprake is van een uitgezonderd besluit als bedoeld in artikel 2; of b. het concept raadsbesluit zich op basis van het algemeen belang niet leent voor een referendum. 7. Indien het inleidend verzoek niet voldoende wordt ondersteund of niet binnen de in het eerste lid gestelde termijn is ingediend, verklaart de raad op voorstel van het presidium het verzoek nietontvankelijk. 8. Als de raad heeft besloten om de gelegenheid te bieden tot het indienen van een definitief verzoek, wordt het betreffende raadsvoorstel op de gangbare wijze behandeld, met dien verstande dat het concept raadsbesluit, zoals dat luidt na verwerking van de door de raad aanvaarde amendementen, niet in stemming wordt gebracht maar wordt aangehouden. 9. Ondersteuningsverklaringen worden geplaatst op een daartoe door de griffie verstrekt formulier. Artikel 9. Definitief verzoek 1. Een definitief verzoek tot het houden van een raadgevend referendum moet worden ondersteund door ten minste 1.600 personen die kiesgerechtigd zijn op de dag dat de raad heeft besloten dat het inleidend verzoek wordt ingewilligd. Deze personen plaatsen daartoe hun handtekening op de daartoe door de griffie verstrekte papieren of digitale handtekeningenlijsten. De handtekeningen van het inleidend verzoek tellen niet mee voor het definitief verzoek. 7

Zaaknr:2265658

2. Gedurende zes weken zijn de digitale handtekeningenlijsten beschikbaar via een door de gemeenteraad aan te wijzen website en zijn de papieren handtekeningenlijsten beschikbaar op door de gemeenteraad aan te wijzen plaatsen in de gemeente. Elke handtekening gaat vergezeld van de daarbij behorende naam, adres, postcode en woonplaats. 3. Bij het plaatsen van een handtekening op een papieren lijst dient een geldig identiteitsbewijs te worden getoond. 4. De voorzitter van de raad maakt wekelijks bekend hoeveel geldige ondersteunende handtekeningen zijn geplaatst. 5. Zo spoedig mogelijk na binnenkomst van een definitief verzoek, onderzoekt de voorzitter van de raad of het verzoek door een voldoende aantal kiesgerechtigden wordt ondersteund. 6. Indien het definitieve verzoek niet voldoende wordt ondersteund, verklaart de raad op voorstel van het presidium het verzoek niet-ontvankelijk. 7. In de eerstvolgende vergadering van de raad na afloop van de termijn, bedoeld in het tweede lid, neemt de raad een besluit over het houden van het referendum. HOOFDSTUK 4. PROCEDURE UITVOERING REFERENDUM Artikel 10.

Datum De raad stelt tegelijk met het besluit bedoeld in artikel 7, derde lid, dan wel het besluit bedoeld in artikel 9, zevende lid, of zo spoedig mogelijk daarna, met inachtneming van de adviezen hieromtrent van het college en de referendumcommissie, de dag vast waarop het referendum wordt gehouden. Het referendum vindt minimaal vier maanden en niet later plaats dan maximaal zes maanden na de dag waarop de raad heeft besloten tot het houden van het referendum. Bij de bepaling van het moment waarop een referendum plaatsvindt, wordt rekening gehouden met de periode van de zomervakantie voor het basis- en voortgezet onderwijs in Capelle aan den IJssel. Een referendum vindt niet plaats tijdens en in de eerste week na de zomervakantie. Artikel 11. Uitvoering 1. Het college is belast met de organisatie en uitvoering van het referendum. Gelijktijdig met het besluit om een referendum te houden, stelt de raad een budget vast voor de organisatie van en de voorlichting over het referendum, alsmede een budget voor bijdragen in de kosten van de campagneactiviteiten van de bij het referendum betrokken partijen en een vergoeding voor de leden van de referendumcommissie voor hun werkzaamheden. 2.

Het is het college niet toegestaan om medewerkers die een (arbeids)overeenkomst met de gemeente hebben of anderszins in dienst zijn van de gemeente in te zetten voor het verspreiden van een inhoudelijke boodschap over het referendumonderwerp. Artikel 12. Procedure stemming De bepalingen van de Kieswet en het Kiesbesluit zijn op de gang van zaken bij het referendum van overeenkomstige toepassing. Artikel 13. Uitslag van het referendum 1. Het referendum is geldig indien meer dan 33,0% van het aantal kiesgerechtigden een stem heeft uitgebracht. 2. Het centraal stembureau berekent de uitslag van het referendum en geeft aan hoeveel stemmen voor en tegen het ontwerp raadsbesluit zijn uitgebracht, alsmede het aantal blanco en ongeldige stemmen en het aantal stemmen bij volmacht. Het centraal stembureau stelt vast of een meerderheid voor dan wel tegen het ontwerp raadsbesluit heeft gestemd, waarbij blanco en ongeldige stemmen buiten beschouwing worden gelaten. 3. Het centraal stembureau brengt de uitslag over aan de raad, vergezeld van het proces-verbaal, en maakt beide onverwijld bekend op een algemeen toegankelijke wijze. 4. In geval van een meerkeuze referendum wordt de stemverdeling over de keuzemogelijkheden vastgesteld en bekendgemaakt op een algemeen toegankelijke wijze. 5.

In de eerste raadsvergadering na het bekend worden van de uitslag van het referendum neemt de raad een besluit over het concept raadsbesluit dat onderwerp van het referendum was.

8

Zaaknr:2265658

Artikel 14. Evaluatie Binnen drie maanden na de dag waarop een referendum heeft plaatsgevonden, brengt de referendumcommissie een evaluatie uit aan de raad. HOOFDSTUK 5. SUBSIDIËRING CAMPAGNEACTIVITEITEN Artikel 15. Aanvraag subsidie 1. Zo spoedig mogelijk na het besluit bedoeld in artikel 7, derde lid, dan wel het besluit bedoeld in artikel 9, zevende lid, maakt het college op de in de gemeente gebruikelijke wijze bekend dat subsidie kan worden aangevraagd voor campagneactiviteiten. 2. Het college stelt voor het doen van de subsidieaanvragen een aanvraagformulier vast. Aanvragen worden gedaan met gebruikmaking van dit aanvraagformulier. 3. Een aanvraag kan meerdere campagneactiviteiten betreffen. 4. In aanvulling op het in dit kader bepaalde in de Algemene subsidieverordening dient de aanvraag een opgave te bevatten van de volgende gegevens: a. de aard en inhoud van de campagneactiviteit en of deze gericht zijn op activiteiten om kiezers voor of tegen het ontwerp raadsvoorstel te laten stemmen of dat deze gericht is op het debat over het ontwerp raadsbesluit op neutrale wijze te bevorderen; b. de wijze waarop de campagneactiviteit het publieke debat in de gemeente over het concept raadsbesluit dat onderwerp is van een referendum bevordert en het beoogde publieksbereik van de campagneactiviteit; c.

op welke wijze is voldaan aan de criteria genoemd in artikel 22, vierde lid, van deze verordening; d. een planning; e. een begroting; f. indien de aanvraag wordt gedaan door een groep van kiesgerechtigden: de achternaam, voorletter(s), het adres en de handtekening van deze kiesgerechtigden; g. het rekeningnummer waarop het subsidiebedrag overgemaakt dient te worden. Artikel 16. Aanvraagtermijn 1. In afwijking van de Algemene subsidieverordening, wordt een aanvraag om subsidie ingediend vanaf de dag van de bekendmaking bedoeld in artikel 10, tot uiterlijk één maand na het bekendmaken van de datum van het referendum. 2. Aanvragen ingediend eerder of later dan de termijn genoemd in het eerste lid worden niet in behandeling genomen. Wanneer de aanvraag onvolledig is, krijgt de aanvrager drie werkdagen om een herziene aanvraag in te dienen. Artikel 17. Verstrekken van subsidie voor campagneactiviteiten 1. Op het aanvragen en verstrekken van subsidie is de vigerende Algemene subsidieverordening van toepassing, voor zover daar in deze verordening niet van afgeweken wordt. 2. De referendumcommissie adviseert het college ten aanzien van de subsidie voor campagneactiviteiten. 3. Het college weegt het advies van de referendumcommissie over het al of niet toewijzen van een aanvraag om subsidie voor een campagneactiviteit mee.

Het college kan alleen gemotiveerd afwijken van het advies van de referendumcommissie. Artikel 18. Te subsidiëren campagneactiviteiten De te subsidiëren campagneactiviteit dient te voldoen aan de volgende criteria: a. de campagneactiviteit is naar redelijke verwachting bevorderlijk voor het publieke debat en meningsvorming in de gemeente over het concept raadsbesluit dat onderwerp is van een referendum; b. een campagneactiviteit in de vorm van een bijeenkomst is in voldoende mate voor het publiek toegankelijk en een campagneactiviteit in de vorm van een communicatie-uiting is voldoende openbaar; c. indien de campagneactiviteit is gericht op de aanwezigheid van publiek wordt deze vooraf in voldoende mate bij het publiek bekend gemaakt; 9

Zaaknr:2265658

d. het gevraagde subsidiebedrag staat in redelijke verhouding tot het verwachte resultaat van de campagneactiviteit. Artikel 19. Kosten die voor subsidie in aanmerking komen 1. Voor subsidie komen alleen in aanmerking de redelijkerwijs te maken kosten die direct verbonden zijn met de uitvoering van een campagneactiviteit. 2. Loonkosten of kosten voor eigen arbeid komen niet in aanmerking voor subsidie. 3. Kosten voor de inhuur van externe professionals kunnen voor subsidie in aanmerking komen tot een maximum van € 35,00 per uur, met een maximum van 20 uur. 4. Er wordt geen subsidie verstrekt in de vorm van een vrijwilligersvergoeding. Artikel 20. Weigeringsgronden In aanvulling op het in dit kader bepaalde in de Algemene subsidieverordening weigert het college de subsidie als: a. de campagneactiviteit een winstoogmerk of mede een winstoogmerk heeft; b. de campagneactiviteit reeds heeft plaatsgevonden, voordat over de subsidieaanvraag is beslist; c. de campagneactiviteit plaatsvindt na de dag waarop het referendum wordt gehouden, Artikel 21. Subsidieontvanger 1. Subsidie wordt verstrekt aan: a. een bij notariële akte opgerichte rechtspersoon; b. een groep van ten minste zes kiesgerechtigden. 2.

Geen subsidie wordt verstrekt aan politieke groeperingen die zijn geregistreerd bij het centraal stembureau voor de verkiezing van de leden van de gemeenteraad, provinciale staten, waterschappen, Europees Parlement en de Tweede Kamer, als bedoeld in de Kieswet. Artikel 22. Subsidieplafond en wijze van verdeling 1. De raad stelt aan het college financiële middelen ter beschikking voor het verstrekken van subsidies als bedoeld in artikel 15, eerste lid. Het ter beschikking gestelde bedrag geldt voor het betreffende referendum als subsidieplafond in de zin van artikel 4:22 van de Algemene wet bestuursrecht. 2. De subsidieaanvragen worden bij ontvangst van de aanvraag als eerste verdeeld over de volgende standpuntmogelijkheden: a. voor het concept raadsbesluit; b. tegen het concept raadsbesluit; c. neutraal ten opzichte van het concept raadsbesluit. 3. De subsidieaanvragen binnen een categorie worden als tweede ingedeeld naar de volgende categorieën: a. (sociale) media, inclusief digitale en analoge media; b. debatbijeenkomsten; c. educatief (materiaal); d. relatiegeschenken. 4. Een subsidieaanvraag wordt afgewezen indien: a. een directe relatie met het voorliggend referendum ontbreekt; b. een voorgenomen activiteit slechts een beperkt aantal Capellenaren beoogt; c.

de voorgenomen activiteiten onvoldoende of niet voor het publiek toegankelijk zijn en/of de uitingen onvoldoende openbaar zijn; d. de voorgenomen activiteiten vooraf niet bekend gemaakt zijn bij het publiek, wanneer de activiteiten zich daar redelijkerwijs voor lenen; e. een planning en begroting met een overzicht van de geschatte kosten en uitgaven ontbreekt; f. het gevraagde bedrag niet in verhouding staat tot het product of het verwachte resultaat van de activiteit. 5. Er is geen minimum aantal subsidies en geen minimum subsidiebedragen per activiteit. 6. Het maximaal toegekende bedrag per aanvraag is € 1.000. Het maximaal toegekende bedrag per standpuntmogelijkheid zoals genoemd in het tweede lid is € 12.000.

10

Zaaknr:2265658

Artikel 23. Beslistermijn In afwijking van het in dit kader bepaalde in de Algemene subsidieverordening, beslist het college op een aanvraag om subsidie binnen twee weken nadat de volledige aanvraag is ingediend. Het college kan deze termijn eenmaal met ten hoogste een week verdagen, mits de beslistermijn eindigt ten minste zes weken voor de dag waarop het referendum wordt gehouden. Artikel 24. Aanvraag tot vaststelling In afwijking van het in dit kader bepaalde in de Algemene subsidieverordening moeten ontvangers van een subsidie tot € 1.000 een aanvraag tot subsidievaststelling indienen. Deze aanvraag moet voldoen aan de eisen die in de Algemene subsidieverordening worden gesteld aan een aanvraag tot vaststelling van subsidies vanaf € 5.000 tot € 50.000. HOOFDSTUK 6. STRAF- EN SLOTBEPALINGEN Artikel 25. Strafbepalingen Met een hechtenis van ten hoogste drie maanden of een geldboete van de tweede categorie wordt gestraft degene die: a. stembiljetten, volmachtbewijzen of stempassen namaakt of vervalst met het oogmerk deze als echt en onvervalst te gebruiken of door anderen te doen gebruiken; b.

stembiljetten, volmachtbewijzen of stempassen die hij zelf heeft nagemaakt of vervalst of waarvan de valsheid of vervalsing hem, toen hij deze ontving, bekend was, opzettelijk als echt en onvervalst gebruikt of door anderen doet gebruiken, dan wel deze met het oogmerk om deze als echt en onvervalst te gebruiken of door anderen te doen gebruiken, in voorraad heeft met het met het oogmerk deze wederrechtelijk te gebruiken of door anderen te doen gebruiken; c. als gemachtigde stemt voor een persoon, wetende dat deze is overleden; d. bij een verkiezing door gift of belofte een kiezer omkoopt om volmacht te geven tot het uitbrengen van zijn stem; e. stelselmatig personen aanspreekt of anderszins persoonlijk benadert ten einde hen te bewegen het formulier op hun oproepingskaart, bestemd voor het stemmen bij volmacht, te ondertekenen en deze kaart af te geven. Artikel 26. Intrekking oude verordening De Referendumverordening Capelle aan den IJssel 2020 wordt ingetrokken. Artikel 27. Inwerkingtreding Deze verordening treedt in werking op de dag na die van bekendmaking. Artikel 28. Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als: Referendumverordening Capelle aan den IJssel 2026. Vastgesteld in de openbare vergadering van 9 maart 2026 De griffier, de voorzitter,

11

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16582367/1