05C.03 - BBV Principebesluit Gemeenschappelijke Regeling Beschermd Wonen Regio Rotterdam - 914629
Tekst van het document
Collegevoorstel Openbaar Behandelaar: T.F.M. Bank Afdeling / Unit: SL - Samenleving Portefeuillehouder: M.E. Wilson
Vergaderdatum: 27 september 2022 Behandelwijze: Bespreekstuk Documentnummer: 914639
ONDERWERP Principebesluit Gemeenschappelijke Regeling Beschermd Wonen Regio Rotterdam SAMENVATTING Met ingang van 2024 vindt de doordecentralisatie van beschermd wonen plaats, van centrumgemeenten naar alle gemeenten. Hierbij verschuiven de verantwoordelijkheid en de middelen van centrumgemeenten naar alle gemeenten. Regionale samenwerking hierin wordt verplicht. In onze regio is de centrumgemeente Rotterdam. De andere gemeenten in de regio zijn Capelle aan den IJssel, Krimpen aan den IJssel, Lansingerland en de BAR-gemeenten (Barendrecht, Albrandswaard en Ridderkerk). De regiogemeenten werken al geruime tijd nauw samen. Het is nodig om deze samenwerking (publiekrechtelijk en niet-vrijblijvend) vast te leggen, omdat beschermd wonen een eigen gemeentelijke taak betreft én omdat wij vanaf 2024 de financiële verantwoordelijkheid krijgen. Dit gebeurt in de vorm van de Gemeenschappelijke Regeling Beschermd Wonen Regio Rotterdam. Doel van de regeling is het bestendigen en formaliseren van de samenwerking om daarmee te zorgen voor een kwalitatief goede en efficiënte uitvoering van beschermd wonen en om invulling te geven aan de wettelijke verplichting tot regionale samenwerking. In de regeling worden de uitvoerende taken neergelegd bij de gemeente Rotterdam, waarmee de bestaande situatie wordt gecontinueerd.
Voordat het college de gemeenschappelijke regeling kan treffen dient de gemeenteraad, conform artikel 1 lid 3 WGR, in de gelegenheid te worden gesteld een zienswijze kenbaar te maken bij het college ten aanzien van de ontwerp Gemeenschappelijke Regeling Beschermd. Het college heeft in principe besloten de Gemeenschappelijke Regeling Beschermd Wonen Regio Rotterdam te treffen en de gemeenteraad de ontwerp Gemeenschappelijke Regeling Beschermd Wonen toegestuurd. Ook besloot het college de gemeenteraad voor te stellen wel/geen zienswijze kenbaar te maken bij het college ten aanzien van de ontwerp Gemeenschappelijke Regeling Beschermd Wonen. ADVIES OM TE BESLISSEN 1. In principe de Gemeenschappelijke Regeling Beschermd Wonen Regio Rotterdam te treffen; 2. Gelet op het onder 1. genoemde besluit, conform artikel 1 lid 3 WGR, de ontwerp Gemeenschappelijke Regeling Beschermd Wonen toe te sturen aan de gemeenteraad en de gemeenteraad voor te stellen wel/geen zienswijze kenbaar te maken bij het college van B&W ten aanzien van de ontwerp Gemeenschappelijke Regeling Beschermd Wonen Regio Rotterdam; 3. Het conceptraadsvoorstel en -besluit inzake de zienswijze ontwerp Gemeenschappelijke Regeling Beschermd Wonen Regio Rotterdam vast te stellen; 4.
Het conceptraadsvoorstel en -besluit inzake de zienswijze ontwerp Gemeenschappelijke Regeling Beschermd Wonen Regio Rotterdam ter besluitvorming voor te leggen aan de gemeenteraad; 5. De gemeenteraad via de collegebrief actief te informeren over dit besluit. BESLUIT: 27 september 2022
Het college besluit conform het voorstel.
1
INHOUD/STREKKING 1. Doordecentralisatie Met ingang van 1994 zijn gemeenten verantwoordelijk voor maatschappelijke opvang en vanaf 2015 voor beschermd wonen. Beschermd wonen is wonen in een accommodatie van een zorgaanbieder met daarbij behorend toezicht en begeleiding. Deze woonvorm is bestemd voor personen met psychische of psychosociale problemen, die (nog) niet in staat zijn zich op eigen kracht te handhaven in de samenleving. Vanaf 2020 zijn de voorbereidingen gestart voor de doordecentralisatie van beschermd wonen en in een later stadium van maatschappelijke opvang. Dit voorstel heeft alleen betrekking op beschermd wonen. Belangrijk doel van de doordecentralisatie is, dat mensen zo zelfstandig mogelijk wonen, ofwel: van beschermd wonen naar beschermd thuis (conform advies Commissie Toekomst beschermd wonen, in de volksmond: Commissie Dannenberg). Met de doordecentralisatie wordt de verantwoordelijkheid verschoven van centrumgemeenten naar alle gemeenten. De doordecentralisatie gaat gepaard met herverdeling van de middelen. In februari van 2022 besloot de staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport tot uitstel van de invoering van het woonplaatsbeginsel en het daarmee samenhangend nieuw verdeelmodel, omdat de invoering nog teveel onzekerheden en risico’s met zich mee zou brengen (op basis van een negatief advies van de Raad van State).
Dit betekende feitelijk uitstel van de doordecentralisatie. In juli 2022 is bekendgemaakt dat de middelen met ingang van 1 januari 2024 zullen worden verdeeld over alle gemeenten op basis van een objectief verdeelmodel. Ook wordt dan het woonplaatsbeginsel ingevoerd (de gemeente van herkomst betaalt). Vanwege de genoemde risico’s zijn bij de invoering extra waarborgen ingebouwd (o.a. evaluatie verdeelmodel, landelijke contractstandaarden). De middelen zullen stapsgewijs in een periode van 10 jaar overgaan van centrumgemeente naar alle gemeenten. Nieuw is het voornemen om de samenwerking tussen gemeenten beter in de wet te verankeren. Samenwerking wordt verplicht en de staatssecretaris wil kunnen ingrijpen als de beschikbaarheid van beschermd wonen in een regio onvoldoende is. 2. Regionale samenwerking In het centrumgemeentegebied Rotterdam werken zeven gemeenten, waaronder onze gemeente, vanuit een gezamenlijk kader aan de invulling van de verantwoordelijkheid voor beschermd wonen. De doordecentralisatie vraagt om nieuwe afspraken over de samenwerking tussen de zeven gemeenten. Deze zijn vastgelegd in het Regionaal beleidsplan maatschappelijke ontwikkeling en beschermd wonen 2022-2026. Het beleidsplan is vastgesteld door de gemeenteraad op 7 februari 2022. In het beleidsplan zijn verwoord de visie, ambitie en doelen van de zeven gemeenten.
De visie is dat alle cliënten naar vermogen meedoen in de samenleving. De ambitie is herstel (oplossen van en/of leren omgaan met problematiek) zodat cliënten uiteindelijk weer zelfstandig kunnen wonen. In het beleidsplan wordt voorgesteld het beleid gezamenlijk vorm te geven waarbij gemeente Rotterdam de uitvoering voor zijn rekening blijft nemen. Lokaal wordt zorggedragen voor voldoende plekken, doorstroommogelijkheden en aanvullende lokale voorzieningen. Met de huidige samenwerking geven de regiogemeenten invulling aan de komende wettelijke verplichting tot samenwerking. 3. Vorm Gemeenschappelijke Regeling Het is nodig om deze samenwerking (publiekrechtelijk en niet-vrijblijvend) vast te leggen, omdat beschermd wonen een eigen gemeentelijke taak betreft én omdat vanaf 2024 de financiële verantwoordelijkheid en geldstroom vanuit het Rijk verschuift van de centrumgemeente naar alle individuele gemeenten. Omdat het om afspraken gaat tussen gemeenten en het gaat om de uitvoering van een publieke taak is het logisch om het in een gemeenschappelijke regeling (hierna: GR) vorm te geven. Daarmee is het ‘zwaarder’ dan een ondertekend convenant.
Een dienstverleningsovereenkomst past niet goed bij de vormgeving van een intergemeentelijke samenwerking en veronderstelt een opdrachtgever-opdrachtnemer relatie (in de privaatrechtelijke sfeer) en doet geen recht aan de wijze waarop er ambtelijk en bestuurlijk wordt samengewerkt.
2
Conform afspraak in het Bestuurlijk overleg is deze concept GR een zogenaamde centrumregeling. Dit is de lichtste vorm van een GR. Dat betekent dat deze GR geen eigen rechtspersoonlijkheid heeft, geen bevoegdheden krijgt, geen personeel in dienst heeft en geen eigen middelen heeft en geen eigenstandige begroting of jaarrekening voert. Het is daarmee een geheel andere GR dan bijvoorbeeld de ‘zware’ GR Jeugdhulp Rijnmond. In de concept GR worden procesafspraken neergelegd over verstrekkingen, uitvoering, het maken van beleid, de noodzakelijke regelgeving in de gemeentelijke verordeningen, contracten, contractmanagement, monitoring en de financiering. Deze GR kan geen zelfstandige besluiten nemen. Wel zal het Bestuurlijk overleg, zijnde de betreffende portefeuillehouders van de regiogemeenten, advies geven aan de deelnemende gemeenten om een collegebesluit te nemen. Er moet dus altijd een collegebesluit, en soms daarna een raadsbesluit, genomen worden om iets vast te leggen. Denk hierbij aan het vaststellen van een regionaal budget, een uitvoeringsplan, het beleidsplan of een verordening. Dit geldt niet voor de taken die in de GR worden gemandateerd (zoals het verstrekken van de individuele maatwerkvoorziening beschermd wonen). Doordat ook bij een lichte GR de instemming van de gemeenteraden vereist is, wordt tevens de noodzakelijke democratische legitimiteit gerealiseerd.
De GR wordt gepubliceerd conform de vereisten aan gemeentelijke regelgeving waarmee wordt voldaan aan vereisten van transparantie en kenbaarheid voor inwoners. 4. Inhoud Gemeenschappelijke Regeling In het Regionaal beleidsplan Maatschappelijke Ontwikkeling en Beschermd Wonen 2022-2026, vastgesteld door de raad op 7 februari 2022, is een aantal uitgangspunten voor een GR genoemd: − Beleidsvoorbereiding De deelnemende gemeente stellen gezamenlijk een beleidsplan op en een plan voor de uitvoering van taken, waarna deze door elke gemeente worden vastgesteld. − Uitvoering door Rotterdam De taken die horen bij de uitvoering van beschermd wonen, zoals intake, onderzoek, indicatiestelling, maar ook de inkoop en contractmanagement, zijn in mandaat belegd bij de gemeente Rotterdam. Dat betekent dat iedere gemeente nog steeds zelf eindverantwoordelijk is, maar de uitvoering heeft belegd bij Rotterdam. Dit is een continuering van de huidige situatie. − Budget De deelnemers accorderen jaarlijks een regionaal budget voor de uitvoering van de taken en stellen de bijdrage per gemeente vast. Het budget en gemeente-lijke bijdragen wordt door alle afzonderlijke gemeenten goedgekeurd en verwerkt in de eigen gemeentelijke begrotingen. − Informatie en verantwoording De vergaderingen van de GR zijn openbaar en de vergaderstukken worden gepubliceerd.
− Deze uitgangspunten zijn toegepast bij de invulling van de GR. De essentie van de GR is de volgende: Centrumgemeente De GR wijst Rotterdam als uitvoerende gemeente aan. De term ‘centrumgemeente’ betekent niet meer of minder dan de uitvoerende gemeente, op de wijze zoals afgesproken in de GR. Hiermee wordt de feitelijke situatie van dit moment gecontinueerd. Mandatering taken De GR krijgt geen eigen bevoegdheden. De gemeenten zijn en blijven eindverantwoordelijk voor beschermd wonen. De gemeenten spreken wel af dat zij de uitvoering in mandaat laten uitvoeren door de gemeente Rotterdam. Deze GR regelt welke taken gemandateerd worden. Hiermee vervangt de GR de mandatering van de taken die nu per gemeente apart zijn afgesproken in mandaatbesluiten. Bestuurlijk en ambtelijk overleg Aan het bestuurlijk overleg nemen de wethouders met maatschappelijke ondersteuning in hun portefeuille deel. De GR regelt geen stemverhoudingen. Het bestuurlijk overleg streeft naar consensus en geeft gezamenlijk een advies aan de colleges. Ook is er een ambtelijk overleg dat het bestuurlijk
3
overleg adviseert. Deze overleggen bestaan reeds, maar worden formeel vastgelegd in de GR. De GR voorziet in een ambtelijk secretaris. Deze bereidt de ambtelijke en bestuurlijke overleggen voor en onderhoudt de noodzakelijke contacten met de gemeenten. De ambtelijk secretaris is in dienst van de gemeente Rotterdam. Beleidsplan en Werkplan De raden van de deelnemende gemeenten stellen op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 het beleidskader voor beschermd wonen vast. Het regionaal beleidsplan vormt het meerjarige inhoudelijke kader voor de uitvoering van de taken in deze regeling. Het beleidsplan heeft ook betrekking op maatschappelijke opvang, maar de GR heeft slechts betrekking op beschermd wonen. Tweejaarlijks wordt een werkplan voorgelegd waarin een overzicht wordt gegeven van de wijze waarop de taken van de centrumgemeente worden uitgevoerd. Verdeling middelen Het is de bedoeling van de staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport dat per 1 januari 2024 het woonplaatsbeginsel in de Wmo 2015 wordt verankerd en het daarmee samenhangend nieuw financieel verdeelmodel. In de GR staan afspraken over de wijze waarop de financiële middelen terecht komen bij de uiteindelijke uitvoerder van BW, te weten de gemeente Rotterdam als centrumgemeente.
Gemeenten maken 90% van hun budget over naar de uitvoerende gemeente Rotterdam voor de regionale uitvoering van beschermd wonen (inkoop, contractbeheer, toegang, beleidscoördinatie, monitoring, etc.). De overige 10% van de middelen worden lokaal ingezet ten behoeve van de doelgroep BW. De gemeenten mogen zelf de besteding bepalen. Dit kan bijvoorbeeld worden gebruikt voor Beschermd thuis. Het oplossen van een eventueel tekort wordt verrekend naar rato van de financiële inbreng van deelnemende gemeenten. Het woonplaatsbeginsel zal worden ingevoerd met ingang van 2024 dat betekent het volgende: − Voor cliënten die van buiten de regio instromen worden de kosten aan de gemeente van herkomst gedeclareerd. Deze opdracht wordt belegd bij de uitvoerende gemeente. − Cliënten uit het werkgebied die buiten regio zorg ontvangen, worden betaald uit de gezamenlijke begroting. Deze opdracht wordt belegd bij de uitvoerende gemeente. FINANCIEN Tot en met 2023 is gemeente Rotterdam de ontvanger van de Rijksmiddelen voor beschermd wonen in de regio. Met ingang van 2024 start de decentralisatie van de financiële middelen naar alle gemeenten. Deze herverdeling volgt een ingroeipad van 10 jaar. Voor 2023 zijn er dus geen financiële gevolgen voor onze gemeente. Uit de meerjarenraming van gemeente Rotterdam van augustus 2022 blijkt dat wij de komende jaren uitkomen met de beschikbare middelen.
Met ingang van 2030 zou er een tekort kunnen gaan ontstaan waar de deelnemende gemeenten naar rato aan bijdragen. De komende jaren zal worden gewerkt aan het voorkomen van een tekort. Dit kan door beschermd thuis te bevorderen, optimale doorstroom in de keten te bevorderen en efficiënt en effectief samen te werken. Naar verwachting worden in de meicirculaire 2023 de definitieve budgetten met ingang van 2024 bekend gemaakt. In de begroting voor 2024 zal een voorstel worden gedaan met betrekking tot de te ontvangen rijksmiddelen en de overheveling naar gemeente Rotterdam. In de concept GR is opgenomen dat 90% van de middelen worden overgemaakt naar de GR. De overige 10% van de middelen worden lokaal ingezet ten behoeve van de doelgroep BW. Deze verdeling wordt meegenomen in de begroting 2024. In de concept GR is opgenomen dat een eventueel tekort of overschot worden verrekend naar rato van de financiële inbreng van deelnemende gemeenten. Deze raming/begroting is opgesteld op basis van de beschikbare informatie. Hier zitten veel onzekerheden in. Het objectief verdeelmodel wordt ingevoerd met ingang van 1 januari 2024. Op dit moment zijn alleen de budgetten voor de centrumgemeenten bekend uit de meicirculaire 2022 op basis van het historisch verdeelmodel.
Op basis van de budgetten uit de meicirculaire 2022 en de informatie uit de septembercirculaire 2021 over het aanstaande verdeelmodel, heeft Rotterdam een schatting gemaakt van de budgetten. Zie de tabel hieronder. 4
In het voorstel over het Regionaal Beleidsplan Maatschappelijke Ontwikkeling en Beschermd wonen 2022-2026 (BBV 586109) hebben wij de voorlopige budgetten voor onze gemeente gepresenteerd op basis van de Overgangsregeling integratie-uitkering beschermd wonen van september 2021. Hiervan is in 2022 nog geen actualisatie. Deze cijfers kloppen niet meer omdat de overheveling van middelen start in 2024 en niet in 2023. Op dit moment is dus niet aan te geven welke middelen onze gemeente met ingang van 2024 zal ontvangen. Regionale begroting o.b.v. 90% uitgaven Objectieve verdeelmodel BW 2023
2024
2025
2026
2027
2028
2029
2030
2031
2032
2033
93,73 Beschikbare middelen - Historisch 104,14 verdeelmodel 2022 na uitname Wlz - Objectief verdeelmodel vanaf 2024 86,68 Totaal uitgaven 7,04 Overschot (+) / Tekort (-) Voorlopige ramingen
92,46
91,19
89,93
88,63
87,32
86,02
84,72
83,42
82,12
80,82
102,73
101,32
99,92
98,47
97,03
95,58
94,13
92,69
91,24
89,80
86,03
85,69
85,35
85,01
85,68
85,68
85,68
85,68
85,68
85,68
6,43
5,50
4,57
3,61
1,65
0,35
-0,96
- 2,26
- 3,56
- 4,86
JURIDISCH ADVIES Een centrumregeling is een GR waarbij een bestuursorgaan (college of raad) van een gemeente bevoegdheden mandateert aan een bestuursorgaan – of personen werkzaam bij – een andere gemeente. Deze mogelijkheid wordt geboden in artikel 8, vierde lid, van de Wet gemeenschappelijke regeling (hierna; Wgr). De regeling heeft geen rechtspersoonlijkheid. Er wordt geen openbaar lichaam, gemeenschappelijk orgaan of bedrijfsvoeringsorganisatie ingesteld. Tevens heeft de centrumregeling geen bestuur. De continuïteit van de GR zal moeten worden gewaarborgd middels bestuurlijk en ambtelijk overleg. Daarmee is de centrumregeling de ‘lichtste’ vorm van een GR. Het verstrekken van beschermd wonen is een wettelijke taak van het college (artikel 1.2.1 aanhef en onderdeel b Wmo 2015). Hierdoor is het college het aangewezen orgaan van de gemeente om een GR op het gebied van beschermd wonen in te stellen. De centrumregeling is in dit geval dus ook een collegeregeling. Instemming van de gemeenteraad is niet nodig. Wel moet voor het treffen van de GR de gemeenteraad toestemming verlenen, aldus artikel 1 lid 4 Wgr. Deze toestemming is ook nodig bij wijziging van de GR of bij het toe- of uittreden uit de GR. De gemeenteraad kan toestemming slechts onthouden wegens strijdigheid met het recht of het algemeen belang. Hiervan is volgens het college geen sprake.
Voordat de gemeenteraad zijn toestemming kan geven, krijgt de raad eerst de gelegenheid om een zienswijze naar voren te brengen. Dat is het doel van het nu voorliggende voorstel. De raad mag ook afzien van een zienswijze (zie artikel 1 lid 3 Wgr). Mocht uit de verkregen zienswijze blijken dat de gemeenteraad meent dat de GR moet worden aangepast, dan zal de portefeuillehouder dit voorleggen aan de portefeuillehouders van de andere gemeenten binnen de GR. Alle zeven gemeenteraden krijgen de gelegenheid een zienswijze naar voren te brengen. Daarna wordt de regeling in alle zeven gemeenten voorgelegd aan de colleges. De regeling kan pas van kracht worden als alle zeven colleges besluiten tot vaststelling van de GR en alle zeven gemeenteraden hun toestemming verlenen. In het bestuurlijk overleg is afgesproken dat de GR BW zo spoedig als mogelijk
5
van kracht wordt. Er is geen reden te wachten tot het van kracht worden van de doordecentralisatie op 1 januari 2024. Met het van kracht worden van de GR BW wordt de (voortgang van de) regionale samenwerking geformaliseerd en bestendigd.
ONDERNEMINGSRAAD Niet van toepassing.
COMMMUNICATIE Cliënten / Capellenaren Omdat er voor (Capelse) cliënten niets verandert met de oprichting van een GR, is communicatie naar cliënten niet nodig. Zorginstellingen Gemeente Rotterdam spreekt regelmatig met de zorginstellingen als aanbieder/uitvoerder van beschermd wonen, ook over de doordecentralisatie. Gemeenteraad De gemeenteraad is op verschillende momenten (BBV’s, collegebrief) geïnformeerd over de doordecentralisatie en ook over het voornemen tot oprichting van een GR. Dit is onder meer gebeurd bij de vaststelling van het Regionaal Beleidsplan Maatschappelijke Ontwikkeling en Beschermd Wonen 2022-2026. In het voorjaar van 2021 zijn er webinars gehouden voor raadsleden over de doordecentralisatie en het Regionaal Beleidsplan. In oktober 2022 zijn er opnieuw webinars over de doordecentralsatie en de op te richten GR. Adviesraad Sociaal Domein De Adviesraad is geïnformeerd over de concept GR middels een regionaal webinar voor alle adviesraden in juli 2022. Advies vragen van de raad is niet nodig omdat het geen nieuw beleid betreft en er geen raadsbesluit wordt genomen. De beleidsadviseur houdt samen met communicatie in de gaten of er gevoeligheden in de media verschijnen, zodat op eventuele persvragen geanticipeerd kan worden. Indien nodig wordt afstemming gezocht met de gemeente Rotterdam.
BIJLAGEN 1. Conceptraadsvoorstel en -besluit; 2. Concept Gemeenschappelijke Regeling Beschermd Wonen Regio Rotterdam; 3. Concept Artikelgewijze Toelichting Gemeenschappelijke Regeling Beschermd Wonen Regio Rotterdam.
6