CConstaterende datCapelle aan den IJssel
Koppel je AI →
Document · PDF

03.02 - Boekwerk Jaarstukken 2025 (gewaarmerkte versie accountant)

Raadsbrede commissie 29 juni 2026, gemeente Capelle aan den IJsselBij agendapunt: Jaarrekening 202535.045 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

Specifieke risico's

Niet van toepassing.

Bandbreedte financiële gevolgen

P.M.

Beheersingsmaatregelen

We monitoren op gezette momenten de (landelijke) fiscale ontwikkelingen en beoordelen de fiscale transacties van onze gemeente.

Verloop en bewaking

Eerste moment van opname: Begroting 2014. Geactualiseerd: elke P&C-document sindsdien. Relevante fiscale processen worden getoetst in opzet en werking en doorontwikkeld en afgestemd op organisatieontwikkelingen en fiscale wet- en regelgeving. Ten aanzien van de fiscale advisering is de kwaliteit mede gewaarborgd door de inzet van een fiscalist. De Gemeente werkt op concernniveau aan de verdere uitrol van een Tax Control Framework (TCF) teneinde fiscaal in control te komen.

Verantwoordelijken

Ambtelijk: afdeling Financiën Bestuurlijk: Van Woudenberg

Communicatie

We rapporteren over ontwikkelingen bij de diverse P&C-documenten of, als dat nodig is, afzonderlijk.

Ondernomen en mogelijke In 2026 wordt verder ingezet op de doorontwikkeling van de fiscale functie op het gebied van coördinatie, acties kennisdeling en uitvoering. Medewerkers binnen de financiële functie krijgen daarbij maatwerk-cursussen aangeboden waarin relevante casuïstiek wordt besproken die de kennis in de breedte vergroot en het fiscaal bewustzijn verder versterkt. Daarnaast zal in overleg met de vakteams gericht de fiscaliteit worden verankerd in het primaire proces ter beheersing van fiscale risico's.

Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 11 juni 2026

83

3. Dividenden Nummer / Naam

3. Dividenden

Omschrijving risico

We zijn aandeelhouder van onder andere Stedin N.V., N.V. Irado en B.V. Gemeenschappelijk Bezit Evides (Evides) en ontvangen hier jaarlijks dividend van. Het risico is dat het dividend lager of hoger is dan waar we in de begroting rekening mee houden.

Specifieke risico's

Stedin Voor Stedin is het risico dat we minder aan dividend ontvangen dan begroot. We ramen het dividend op basis van de laatst beschikbare (openbare) informatie. In de begroting 2026 is het begrote dividend als volgt opgenomen: 2026 € 1.279.000, 2027 € 1.256.000, 2028 € 1.411.000 en 2029 € 1.510.000. Evides Voor Evides is het risico dat we minder aan dividend ontvangen dan begroot. Voor 2026 is een verlaging van de drinkwatertarieven tussen de 3%-8% voorzien zodat er een optimale benutting is van het maximale toegestane bedrijfsresultaat. In de begroting 2026 is het begrote dividend voor 2026 en verder € 235.000 Irado Voor Irado is het risico dat we minder aan dividend ontvangen dan begroot. We bezitten, net als de gemeenten Schiedam en Vlaardingen, 1/3 deel van de aandelen. Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) We ontvangen ook jaarlijks dividend van de BNG. Jaarlijkse begroting vanaf 2026 is €19.000.

Bandbreedte financiële gevolgen

Op dit moment is vooral het dividend van Irado risicovol, gezien stijgende kosten van Irado. Het nu geraamde dividend voor Irado is op basis van de meest recente inzichten. Toch bestaat het risico dat het dividend niet of niet geheel gerealiseerd zal worden. Dit risico schatten we in op een kans van 50% oplopend tot 100% in 2026. Zie voor meer informatie daarover hetgeen onderstaand is opgenomen bij 'Ondernomen en mogelijkse acties'.

Beheersingsmaatregelen

We volgen de ontwikkelingen rondom de wetgeving en de bestuursbesluiten van Stedin, Irado en Evides nauwlettend.

Verloop en bewaking

Eerste moment van opname: Begroting 2016. Geactualiseerd: elk P&C-document sindsdien. De afdeling Financien volgt de ontwikkelingen.

Verantwoordelijken

Ambtelijk: afdeling Financiën Bestuurlijk: Van Woudenberg

Communicatie

We rapporteren over de ontwikkelingen bij de diverse P&C-documenten.

Ondernomen en mogelijke Irado heeft in het Strategisch meerjarenplan 2025-2028 in de meerjarenbegroting het dividend naar acties beneden bijgesteld. De verwachting is dat over de jaren 2025, 2026 en 2028 geen dividend wordt uitbetaald. In de begroting is reeds verwerkt dat we in de jaren 2026, 2027 en 2029 geen dividend ontvangen. Daarom bedraagt het risico 0% in deze jaren. De verwachting over 2027 en 2029 is nog een dividend van respectievelijk € 110.000 en € 330.000. Deze hebben wij in onze begroting staan als ontvangst in 2028 en 2030. De kans dat dit dividend niet of niet geheel gerealiseerd wordt schatten wij in op 50%.

Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 11 juni 2026

84

4. Verleende borgstellingen voor instellingen Nummer / Naam

4. Verleende borgstellingen voor instellingen

Omschrijving risico

Voor Rijksmonument Dorpsstraat 164 te Capelle aan den IJssel B.V. en Stichting IJsselland Ziekenhuis staan we garant voor een aantal leningen die zij zijn aangegaan. Het risico bestaat dat als deze organisaties niet meer aan hun verplichtingen tot terugbetaling kunnen voldoen, de lening verstrekker(s) op ons een beroep doen.

Specifieke risico's

Vanwege de aanvullende voorschriften van de provincie in het kader van het financieel toezicht, is dit een verplicht onderdeel geworden bij de bepaling van het weerstandsvermogen. Het betreft garanties voor leningen waarvoor de gemeente 100% borg staat zonder betrokkenheid van een andere waarborginstelling. Het gaat om leningen verstrekt aan Rijksmonument Dorpsstraat 164 te Capelle aan den IJssel B.V. en Stichting IJsselland Ziekenhuis, in totaliteit per 31-12-2025 € 5.634.

Bandbreedte financiële gevolgen

De ervaring leert dat geen enkele borgstelling wordt aangesproken. Vanuit het voorzichtigheidsbeginsel is het raadzaam een percentage te hanteren om de risico's van deze borgstellingen te kwantificeren. We hebben dit percentage vastgesteld op 5%. Het risico komt dan uit op circa € 282 (€ 5.634/5%).

Beheersingsmaatregelen

De Verordening Borgstellingen Gemeente Capelle aan den IJssel 2020.

Verloop en bewaking

Eerste moment van opname: begroting 2014. Geactualiseerd: elke P&C-document sindsdien. Bij de toetsing van de jaarstukken van de betrokken instellingen wordt gelet op het risico voor de gemeente.

Verantwoordelijken

Ambtelijk: Afdeling Financiën Bestuurlijk: Van Woudenberg

Communicatie

We rapporteren over de ontwikkelingen bij de diverse P&C-documenten.

Ondernomen en mogelijke Niet van toepassing. acties

4. Tabel gewaarborgde geldleningen instellingen Geldnemer

Stand per 1-1-2025

Stand per 31-12-2025

St. IJsselland Ziekenhuis

N4.538

N3.744

Rijksmonument Dorpsstraat 164

N1.924

N1.890

Totaal

N6.462

N5.634

Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 11 juni 2026

85

5. Oplopende rentelasten Nummer / Naam

5. Oplopende rentelasten

Omschrijving risico

Het risico bestaat dat we onvoldoende rentelasten in onze begroting verwerkt hebben en dat de rentepercentages stijgen.

Specifieke risico's

Uit de liquiditeitsprognose blijkt dat er sprake is van een financieringsbehoefte gedurende, maar ook na, de looptijd van onze meerjarenbegroting. Door de toenemende financieringsbehoefte zal er sprake zijn van een oplopende rentelast. De onrust in de wereld en geplande grote investeringen door EU landen, met name Duitsland, beïnvloeden de hoogte van het rentepercentage voor langlopende leningen. De verwachting is een stijgend rentepercentage voor zeker het komende jaar. Deze factoren beïnvloeden de rentelasten negatief. Voor het komende jaar wordt geen renteverlaging door het ECB verwacht.

Bandbreedte financiële gevolgen

Alle op dit moment geprognotiseerde rentelasten zijn verwerkt in de begroting. Het rentepercentage vanaf 2026 is 3% .

Beheersingsmaatregelen

De beste beheersingsmaatregel is een structureel en reëel evenwicht in de begroting. Hierbij dienen de inkomsten ten minste gelijk te zijn aan de uitgaven en de investeringen maximaal de afschrijvingslast te bedragen. Het resterend risico is dan een stijgend rentepercentage. Als het rentepercentage bij financieringsbehoefte hoger is dan het begrote rentepercentage(2025:3,5%), kan als maatregel gekozen worden voor een kortere looptijd om de rentelast te drukken. Om hier een goede keuze in te maken, zal dan ook het effect hiervan op de renterisiconorm worden meegenomen in de afweging.

Verloop en bewaking

Eerste moment van opname: Voorjaarsnota 2018. We monitoren continue de ontwikkeling van de rente.

Verantwoordelijken

Ambtelijk: afdeling Financiën Bestuurlijk: Van Woudenberg

Communicatie

In de risicoparagraaf zullen we communiceren over de verwachte financiële ontwikkelingen.

Ondernomen en mogelijke acties

We verwerken de meerjarige ontwikkeling van de rente in de begroting, kadernota en slotwijziging en stellen de te hanteren rentepercentages vast bij de begroting.

Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 11 juni 2026

86

6. Positie waarborgfonds sociale woningbouw Nummer / Naam

6. Positie waarborgfonds sociale woningbouw (WSW)

Omschrijving risico

De Gemeente is, na woningcorporaties en het Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW), als tertiaire achtervang verantwoordelijk voor leningen van woningbouwcorporaties. Woningcorporaties sluiten leningen af om het bouwen en onderhouden van sociale huurwoningen te financieren. Tot 2021 tekende de Gemeente per lening borgstelling mee (AO Bestaand). Vanaf 2021 kunnen corporaties leningen aantrekken tot het door het WSW en de Autoriteit woningcorporaties (Aw) ingestelde kredietplafond en staat WSW hiervoor borg. WSW heeft met gemeenten achtervangovereenkomsten (AO 2021) gesloten. Met deze overeenkomst kent WSW de borgstelling van de afgesloten leningen door corporaties toe aan de deelnemende gemeenten (verdeelsleutel). Per 1 mei 2024 is een nieuwe achtervangovereenkomst (AO nieuw) tussen WSW en de gemeenten gesloten, waarmee is vastgelegd hoe en met welke verdeelsleutel we als gemeente kunnen worden aangesproken. Voor de geborgde geldleningen aangegaan voor 1 augustus 2021 blijft de verdeelsleutel in de AO's Bestaand van toepassing: het Rijk voor 50%, 25% over alle gemeenten die borg staan en 25% wordt opgevraagd bij de gemeente die in de leningsovereenkomst is genoemd. Voor geborgde geldleningen aangegaan vanaf 1 augustus 2021 geld de verdeelsleutel zoals opgenomen in AO 2021: het Rijk voor 50% en 50% verdeeld over alle gemeenten die borg staan.

Tot op heden is op deze tertiaire achtervang nooit een beroep gedaan. Door de beoordeling van de financiële positie van de woningcorporaties door de Aw is het risico beperkt.

Specifieke risico's

Niet van toepassing.

Bandbreedte financiële gevolgen

De woningcorporaties waarvoor de Gemeente borg staat zijn Stichting Havensteder, Stichting Woonzorg Nederland, Stichting Hef Wonen en Woonbron. Het openstaande bedrag van deze woningcorporaties is per 31 december 2025 € 479.105. De kans van voordoen schatten we als zeer laag: 0,1%. Het totale risicobedrag komt daarmee op € 479.

Beheersingsmaatregelen

We volgen de ontwikkelingen nauwlettend.

Verloop en bewaking

Eerste moment van opname: Begroting 2020. De afdeling Financiën volgt de ontwikkelingen door de berichtgeving van de VNG. Beoordeling van de jaarstukken van het WSW en de oordeelsbrieven van de Autoriteit woningcorporaties (Aw) vindt periodiek plaats.

Verantwoordelijken

Ambtelijk: afdeling Financiën Bestuurlijk: Van Woudenberg

Communicatie

We rapporteren over de ontwikkelingen bij de diverse P&C-documenten.

Ondernomen en mogelijke Als gemeente hebben we hier geen invloed op. acties

6. Tabel gewaarborgde geldleningen WSW Geldnemer

Stand per 1-1-2025

Stand per 31-12-2025

St. Woonzorg Nederland

N21.192

N25.884

Stichting Havensteder

N430.725

N450.488

Stichting Hef Wonen Woonbron Totaal

N453

N519

N2.011

N2.214

N454.381

N479.105

Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 11 juni 2026

87

Risico's sociaal domein 7. Participatiewet Nummer / Naam

7. Participatiewet

Omschrijving risico

Risico's met betrekking tot de ontwikkeling van de rijksbijdrage BUIG (bundeling uitkeringen inkomensvoorzieningen gemeenten), participatiebudget en Wet sociale werkvoorziening (Wsw).

Specifieke risico's

BUIG De uitkomsten van de definitieve BUIG van het lopende jaar worden jaarlijks pas op of rond 1 oktober bekend gemaakt. Deze kunnen in hoge mate afwijken van het (nader) voorlopig budget BUIG. Prognoses voor de langere termijn zijn lastig te maken. Op dit moment zijn we al jaren voordeelgemeente; de kosten van de uitkeringen zijn lager dan de rijksvergoeding. We hebben in de begroting daarom een meerjarig overschot op de BUIG opgenomen. Het Rijk stelt de indiciatoren voor de verdeling van het macrobudget jaarlijks bij om structurele overschotten of tekorten op de BUIG bij de gemeenten te beperken. We voorzien daarom dat het overschot op de BUIG van onze gemeente in de komende jaren afneemt en we nemen hiervoor voorzichtigheidshalve een risico op. Het voordeel in 2025 bedraagt € 3.587k. De meerjarenbegroting over de jaren 2026-2030 laat zien dat het voordeel op de BUIG afloopt naar € 2.834k in 2029. Participatiebudget Sinds de invoering van de Participatiewet in 2015 groeit het aantal Capellenaren met een arbeidsbeperking die onder deze wet valt. Daarmee nemen de uitgaven binnen het participatiebudget toe. Bijzondere bijstand De financiële bestaanszekerheid staat onder druk, ook in Capelle. Hierdoor wordt een groter beroep gedaan op de bijzondere bijstand.

Bandbreedte financiële gevolgen

De bandbreedte bedraagt € 4.309k in 2026, € 4.044k in 2027, € 3.340k in 2028 en € 2.834k vanaf 2029. Het gemiddelde bedraagt € 3.632k met een kans van 50%, waardoor het risicobedrag gemiddeld € 1.816k bedraagt.

Beheersingsmaatregelen

De realisatie op het participatiebudget en de BUIG wordt continu gemonitord om optimaal gebruik te maken van het budget.

Verloop en bewaking

Eerste moment van opname: Voorjaarsnota 2011. Geactualiseerd: elk P&C document sindsdien. We rapporteren per P&C document en blijven de ontwikkelingen volgen.

Verantwoordelijken

Ambtelijk: afdeling Samenleving Bestuurlijk: Van Hemert

Communicatie

In de risicoparagraaf wordt aandacht gegeven aan de te verwachten financiële ontwikkelingen aangaande budgetten en bestedingen.

Ondernomen en mogelijke Bij de Slotwijziging worden de BUIG-budgetten over het huidige jaar bijgesteld op basis van de prognoses acties van de GR IJsselgemeenten. De bestedingsplannen voor het participatie- en bijzondere bijstandsbudget van de GR IJsselgemeenten wordt telkens aan het begin van het jaar beoordeeld en de gemeentelijke budgetten worden, als daartoe aanleiding is, daarop aangepast bij de Kadernota.

Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 11 juni 2026

88

8. Jeugdzorg Nummer / Naam

8. Jeugdzorg

Omschrijving risico

Risico's met betrekking tot de Jeugdzorg

Specifieke risico's

Het risico ontstaat door een aantal aspecten. Dit kan resulteren in zowel een positief als negatief risico voor onze gemeentelijke begroting. Deze aspecten zijn: • Het gebruik van jeugdhulp is de afgelopen jaren ieder jaar toegenomen en lijkt vanaf 2024 af te vlakken. De financiële gevolgen van deze autonome groei zijn vanaf de Begroting 2024 structureel meegenomen als beheersmaatregel. De kans blijft bestaan dat de kosten harder of minder hard stijgen dan de opgenomen autonome groei. Op basis van de realisatie van 2024 en 2025 hebben wij een analyse gemaakt en de uitkomsten van deze analyse hebben wij verwerkt in de begroting 2026. • Veilig Thuis heeft aangegeven als gevolg van de toegenomen complexiteit van meldingen en personeelstekorten financiële uitdagingen te hebben. De financiële impact hiervan is beperkt. • Rechters, gecertificeerde instellingen en jeugdreclassering kunnen autonoom bepalen dat jeugdhulp nodig is. Daar kunnen we niet rechtstreeks op sturen. Dit heeft betrekking op ongeveer 15% van de waarde van de toewijzingen. Via het Toekomstscenario kind- en gezinsbescherming en de Regionale bestuursopdracht kostenbeheersing proberen we hier grip op te krijgen. • De kosten voor de uitvoering van het toekomstscenario kind- en gezinsbescherming kunnen hoger uitvallen dan nu begroot.

Het kan zijn dat het CJG en Welzijn Capelle hierdoor hogere kosten moeten maken dan begroot. • De keuze om gesloten jeugdhulp af te bouwen leidt tot de inzet van duurdere alternatieve vormen van jeugdhulp. In de Regionale bestuursopdracht kostenbeheersing wordt gewerkt aan het versneld ontwikkelen van alternatieven, maar dit risico blijft actueel. • Woonplaatsbeginsel. Landelijk is het mogelijk dat er nog kosten voor jeugdigen die in een andere gemeente jeugdhulp ontvangen, maar volgens het landelijk woonplaatsbeginsel onder de verantwoordelijkheid van de gemeente Capelle vallen, nakomen. De kans dat we nog meer facturen ontvangen wordt steeds kleiner naarmate de invoerdatum van deze regeling verder in het verleden ligt. De financiële impact hiervan is beperkt. • De maatregelen die lokaal, regionaal en landelijk worden uitgewerkt en uitgevoerd moeten zich nog bewijzen. De afgelopen jaren laten zien dat de resultaten vaak te positief worden ingeschat, zowel financieel als in de tijd en kosten die nodig zijn om ze te realiseren.

Bandbreedte financiële gevolgen

De begroting van de GRJR is hoger dan de begroting van Capelle aan den IJssel. Het verschil bedraagt: 1.554K in 2026, 1.949K in 2027, 2.198K in 2028 en 2.627K in 2029. Het gemiddelde bedraagt € 1.041K met een kans van 50%, wat leidt tot een gezamenlijke impact van 777K in 2026, 974K in 2027, 1.099K in 2028 en 1.313K in 2029.

Beheersingsmaatregelen

• Lokaal uitvoeren van het plan 'tegen de stroom in voor duurzame en betaalbare jeugdhulp'. Dit plan bestaat uit 3 actielijnen met daarin maatregelen die zich zowel op de vraagkant als de aanbodkant richten. De maatregelen zijn deels in uitvoering en worden deels voorbereid. • Regionale bestuursopdracht kostenbeheersing (RBOK). Dit plan bestaat uit maatregelen die zich vooral op de aanbodzijde en de regionaal gecontracteerde jeugdhulpaanbieders richten. De maatregelen zijn deels in uitvoering en worden deels voorbereid.

Verloop en bewaking

Eerste moment van opname: Najaarsnota 2015. Geactualiseerd: elk P&C-document sindsdien. Kwartaalrapportages van de GR Jeugdhulp Rijnmond en de Stichting CJG Capelle aan den IJssel.

Verantwoordelijken

Ambtelijk: afdeling Samenleving Bestuurlijk: Faassen

Communicatie

P&C-documenten van de GR Jeugdhulp Rijnmond en de Stichting CJG Capelle aan den IJssel.

Ondernomen en mogelijke acties

We hebben meerdere maatregelen in uitvoering en voorbereiding om de kosten te beheersen.

Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 11 juni 2026

89

9. Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) Nummer / Naam

9. Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo)

Omschrijving risico

Inkomensondersteunende regelingen zijn succesvol bij hoog bereik en gebruik, maar kunnen bij sterk toenemend gebruik zorgen voor oplopende kosten.

Specifieke risico's

De uitvoering van de Wmo 2015 is onderhevig aan wet- en regelgeving. De Wmo 2015 is een openeinderegeling. Mede door de demografische ontwikkelingen (vergrijzing in Capelle ) en invoering abonnementstarief is een toenemende vraag naar Wmo-voorzieningen ontstaan. Tevens richt het Rijksbeleid zich op langer thuis blijven wonen en extramuralisatie waardoor inzet van Wmomaatwerkvoorzieningen meer en langer nodig is. Mede hierdoor kunnen de gehanteerde uitgangspunten in werkelijkheid de komende jaren afwijken van de begrote uitgaven. Daarnaast spelen binnen de Wmo de volgende ontwikkelingen/risico’s: • Doordecentralisatie Beschermd Wonen De commissie 'Toekomst Beschermd Wonen' adviseert de functies beschermd wonen en maatschappelijke opvang verder te normaliseren. Concreet betekent dit minder opnames in een intramurale setting en meer opvang en begeleiding in de wijk. Deze extramuralisering is nu al merkbaar en zal de komende jaren verder toenemen. De doordecentralisatie zou ingaan in 2026, maar is (opnieuw) uitgesteld. De staatssecretaris heeft aangegeven dat de beoogde invoeringsdatum van 1 januari 2026 niet meer haalbaar is. Nog niet bekend is wat de nieuwe invoeringsdatum is. De verantwoordelijkheid verschuift van centrumgemeente Rotterdam naar alle zeven gemeenten in de Beschermd Wonen-regio, waaronder onze gemeente.

Maatschappelijke opvang wordt op een later tijdstip doorgedecentraliseerd. Het Regionaal Beleidsplan Maatschappelijke Ontwikkeling en Beschermd Wonen 2022-2026 is op 7 februari 2022 door uw raad vastgesteld. Bij de overgang van taken hoort ook de overgang van middelen. Voor beschermd wonen en maatschappelijke opvang komt er een nieuw objectief verdeelmodel, waarbij ook de huidige middelen voor begeleiding worden meegenomen. Vanwege de onzekerheid over de financiële consequenties, is landelijk gekozen voor een ingroeipad van meerdere jaren. We ontvangen waarschijnlijk middelen met ingang van 2027. Gedurende het ingroeipad gaan de middelen geleidelijk over van centrumgemeente Rotterdam naar de regiogemeenten, waaronder Capelle. Op grond van de meest recente meerjarenraming van centrumgemeente Rotterdam voor de regio, wordt de eerstkomende jaren vooralsnog geen tekort verwacht • Taakstelling op begroting In de Begroting 2024 hebben wij een taakstelling op de Wmo gekregen. In de Kadernota 2026 is een deel van de opgelegde taakstelling vervallen. In het eerste kwartaal van 2026 is het inkooptraject Wmodiensten 2026, waaronder huishoudelijke ondersteuning en dagbesteding vallen, afgerond. Op dit onderdeel rust nog een taakstelling. Op dit moment kan echter nog niet worden vastgesteld of deze taakstelling haalbaar is.

De uitvoering van het nieuwe contract is voortvarend opgestart en de herindicatie van bestaande indicaties is inmiddels in gang gezet. De eerste effecten hiervan zullen in de komende periode geleidelijk zichtbaar en beter meetbaar worden. Gelet hierop ontbreekt momenteel een toereikende onderbouwing om de resterende taakstelling bij te stellen. U wordt via de komende P&Cdocumenten nader geïnformeerd over de voortgang en de eerste resultaten van dit proces. • Sociaal-medische advisering In het eerste kwartaal van 2026 is de overeenkomst voor sociaal-medische advisering vernieuwd met het bestaande adviesbureau. Hiermee wordt invulling gegeven aan de wettelijke verplichting op grond van artikel 3.2 van de Awb om zorgvuldig onderzoek te verrichten bij de beoordeling van Wmo-aanvragen, met name in situaties waarin sprake is van moeilijk objectiveerbare aandoeningen of beperkingen. De samenwerking is recent gestart, waardoor er nog geen uitspraken mogelijk zijn over resultaten, doorlooptijden, inzet of financiële effecten. De overeenkomst is nog te kort van kracht om dit betrouwbaar te beoordelen. Er wordt in de nieuwe overeenkomst nadrukkelijk gestuurd actief gestuurd op monitoring, analyse, contracttoetsing en het doorvoeren van verbeteringen. Doel is om meer grip te krijgen op kwaliteit, doelmatigheid en rechtmatigheid.

U wordt via de reguliere P&C-documenten geïnformeerd over de voortgang en de eventuele financiële effecten.

Bandbreedte financiële gevolgen

Niet van toepassing

Beheersingsmaatregelen

Bewaken en monitoren van de meerjarige prognose, monitoren en volgen van landelijke ontwikkelingen, implementeren van de ombuigingsmaatregelen Wmo.

Verloop en bewaking

Eerste moment van opname: Voorjaarsnota 2014. Geactualiseerd: elk P&C-document sindsdien. We rapporteren per P&C-document en blijven de ontwikkelingen volgen.

Verantwoordelijken

Ambtelijk: afdeling Samenleving Bestuurlijk: Wilson

Communicatie

Communicatie via reguliere P&C- documenten.

Ondernomen en mogelijke acties

We hebben meerdere maatregelen in uitvoering en voorbereiding om de kosten te beheersen.

Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 11 juni 2026

90

10. Openeinde inkomensondersteunende regelingen Nummer / Naam

10. Openeinde inkomensondersteunende regelingen

Omschrijving risico

Inkomensondersteunende regelingen zijn succesvol bij hoog bereik en gebruik, maar kunnen bij sterk toenemend gebruik zorgen voor oplopende kosten.

Specifieke risico's

Veel inkomensondersteunende maatregelen zoals de bijzondere bijstand en de individuele inkomenstoeslag zijn feitelijk succesvol wanneer het bereik en gebruik hoog is. Gezien de aard van de regelingen is uitsluiting van gebruik door Capellenaren niet mogelijk en niet gewenst. Dit risico geldt elk jaar. De ontwikkeling voor 2026 is lastig in te schatten, omdat naar verwachting het aantal huishoudens met een laag inkomen afneemt, maar het aantal huishoudens met een bijstandsuitkering toeneemt. Hoe dit uitpakt is in hoge mate afhankelijk van de maatregelen van het Rijk (bijvoorbeeld de Wet Proactieve Dienstverlening) en de economische ontwikkeling.

Bandbreedte financiële gevolgen

P.M.

Beheersingsmaatregelen

De te nemen maatregelen zijn afhankelijk van de ontwikkeling van de budgetten. Dit leidt tot eventueel bijstelling van beleid of aanpassing van het beschikbare budget.

Verloop en bewaking

Eerste moment van opname: Najaarsnota 2018. Geactualiseerd: elk P&C document sindsdien. Budgetten worden gemonitord, waarna bijstelling van beleid zou kunnen volgen of aanraming van het beschikbare budget.

Verantwoordelijken

Ambtelijk: afdeling Samenleving Bestuurlijk: Van Hemert

Communicatie

Communicatie via reguliere P&C-cyclus.

Ondernomen en mogelijke Met de door het Rijk beschikbaar gestelde middelen zijn inwoners van onze gemeente, die de steun acties nodig hebben, geholpen.

Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 11 juni 2026

91

Overige risico's Onderwijshuisvesting Capelle aan den IJssel Afgelopen periode hebben we uw gemeenteraad een aantal keer meegenomen in de context van de grootschalige onderwijshuisvestingsopgave voor de komende jaren. In de onderdelen 11 tot en met 13 nemen we u mee in de risico’s die we de afgelopen tijd binnen onderwijshuisvesting hebben geconstateerd.

11. Onderwijshuisvesting - beleidsrisico's Nummer / Naam

11. Onderwijshuisvesting – beleidsrisico’s

Omschrijving risico

Dit risico gaat over de mogelijke financiële consequenties van beleid en andere ontwikkelingen in onderwijshuisvesting

Specifieke risico's

Onderwijshuisvesting gaat over het passend huisvesten van leerlingen in moderne en frisse schoolgebouwen. Meerdere ontwikkelingen, beleidsmatig of anders, kunnen van invloed zijn op onderwijshuisvesting. We hebben daarbij de volgende risico’s in beeld: -Scholen concurreren, bijbouwen en bij andere scholen leegstand -Kleine scholen, risico op opheffing/sluiting -Onverwachtse groei van leerlingen door grote demografische ontwikkelingen (asielzoekers/Oekraïne) -Huisvestingsconsequenties 'contouren werkagenda route naar inclusiever onderwijs' -Eisen duurzaamheid -Risico van een verouderde voorraad van gebouwen (zie ook risico’s langjarige opgave)

Bandbreedte financiële gevolgen

De financiële gevolgen kunnen zijn dat tijdelijke huisvesting nodig is voor (onverwachte) leerlingengroei. Daarbij wordt in eerste instantie gekeken naar medegebruik bij schoolgebouwen met leegstand, omdat de prognoses aantonen dat de komende jaren geen groei is te verwachten in het totale leerlingenaantal binnen de gemeente. Voor de 'route naar inclusiever onderwijs' heeft het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen benoemd dat ze dit risico ook zien en komen met een voorstel voor normering en bekostiging van de huisvestingsconsequenties van deze werkagenda.

Beheersingsmaatregelen

Onderwijshuisvesting is in belangrijke mate relatiemanagement. Tijdig ontwikkelingen met schoolbesturen bespreken, vinger aan de pols houden en relaties bestendigen. Het Strategisch Huisvestingsplan Onderwijs (SHO) is daarbij een belangrijk instrument met als doelen vooruitkijken, ontwikkelingen benoemen en (proces)voorstellen voorleggen. Data als de capaciteit van schoolgebouwen, de ruimtebehoefte van scholen, leerlingenprognoses en beleidsstukken dragen bij aan beheersing. Deze data worden transparant gedeeld en besproken in het halfjaarlijkse op overeenstemming gerichte overleg (OGOO) met de schoolbesturen. Ook is er in sommige schoolgebouwen sprake van leegstand, leegstand die gebruikt kan worden voor het opvangen van de risico’s.

Verloop en bewaking

Het bewaken van deze ontwikkelingen is een continu proces, in de kern van het werk van de medewerkers onderwijshuisvesting en medewerkers onderwijs en jeugdzorg binnen de organisatie. De actualisatie van het Strategisch Huisvestingsplan Onderwijs is op 10 juli 2025 geaccordeerd door de raad. In vervolg hierop zal een uitvoeringsplan worden opgesteld.

Verantwoordelijken

Ambtelijk: Samenleving (Stadsontwikkeling en Vastgoed) Bestuurlijk: Wethouder Van Woudenberg

Communicatie

De communicatie over dit risico maakt onderdeel uit van de communicatie over onderwijshuisvesting en het Strategisch Huisvestingsplan Onderwijs.

Ondernomen en mogelijke Zie Beheersingsmaatregelen acties

Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 11 juni 2026

92

12. Onderwijshuisvesting - projectrisico's Nummer / Naam

12. Onderwijshuisvesting – projectrisico’s

Omschrijving risico

Dit risico gaat over de mogelijke financiële consequenties van de lopende projecten onderwijshuisvesting.

Specifieke risico's

Onderwijshuisvesting gaat over het passend huisvesten van leerlingen in moderne en frisse schoolgebouwen. Hiervoor zijn meerdere projecten in voorbereiding. Voor alle projecten geldt een aantal landelijke risico’s: -Tekort aan capaciteit en materieel om scholen te bouwen, te ontwerpen en het proces te managen; -Prijsstijgingen; -Netcongestie en daarmee mogelijk gepaarde uitstel en vertraging van projecten. Voor de lopende projecten zijn er specifieke risico’s. De realisatie van het kindcentrum in de Florabuurt wordt vertraagd door bezwaarprocedures van omwonenden tegen wijziging van het bestemmingsplan. Voor het Comenius College kunnen we het wettelijk noodzakelijkst bekostigen uit de € 16.500.000,- die beschikbaar is gesteld voor dit project. Hierbij is geen rekening gehouden met financiering voor vervanging van de gymzalen, sloop van het bestaande gebouw en het bouwrijp maken van het terrein. In een businesscase wordt onderzocht of de capaciteit van de gymzalen van het Comenius College noodzakelijk zijn om voldoende capaciteit voor bewegingsonderwijs te faciliteren. Wat betreft tijdelijke huisvesting is het Comenius College zodanig gegroeid dat de huisvesting aan de Lijstersingel niet passend zal zijn. Daartoe heeft de gemeente het pand van Zadkine aan de Dakotaweg aangekocht om te voorzien in voldoende tijdelijke huisvesting.

Bandbreedte financiële gevolgen

Comenius College: -Vertraging leidt tot latere oplevering, daarmee tot hogere kosten; -Onvoldoende tijdelijke huisvesting voor het gegroeide aantal leerlingen leidt tot hogere kosten; -Ontwikkelingen rondom behoefte en aanbod bij bewegingsonderwijs kunnen tot hogere kosten leiden; -Herstelwerkzaamheden rondom terreinverzakking kunnen tot hogere kosten leiden. -Sloop, bouwrijp maken inclusief eventuele asbestverwijdering kan leiden tot hogere kosten. Een eerste verkenning van de investeringskosten heeft uitgewezen dat voor sloop en asbestverwijdering rekening moet worden gehouden met een bedrag tussen € 900.000 en € 1.300.000. Hiervoor zijn nog geen middelen gereserveerd. KC Florabuurt en KC Meeuwensingel: -Vertraging leidt tot latere oplevering, daarmee tot hogere kosten; -Locatiegebonden kosten liggen gemiddeld tussen 10% en 30% van de bouwkosten. Specifiek voor de inpassing van de Meeuwensingel is het risico op locatiegebonden kosten groot. Voor tijdelijke huisvesting wordt gekeken naar meerdere scenario’s, waaronder inwoning in bestaande gebouwen. De financiële gevolgen voor de tijdelijke huisvesting kunnen zich beperken van een eenmalige aanpassing aan een gebouw.

Beheersingsmaatregelen

Voor het KC Florabuurt wordt rekening gehouden met uitbreiding van twee lokalen. In KC Meeuwensingel is een aantal flexlokalen binnen het programma en norm opgenomen, die flexibel ingedeeld kunnen worden.

Verloop en bewaking

Comenius College: Opgenomen op onderwijshuisvestingsprogramma 2010. Financiële besluitvorming begroting 2017, daarna jaarlijks geactualiseerd. KC Meeuwensingel en KC Florabuurt. Financiële besluitvorming voorjaarsnota 2018, daarna jaarlijks geactualiseerd. Voor Bewaking: zie Beheersingsmaatregelen.

Verantwoordelijken

Ambtelijk: Samenleving (Stadsontwikkeling en Vastgoed) Bestuurlijk: Wethouder Van Woudenberg

Communicatie

De gemeenteraad zal zowel bij de P&C producten als via collegebrieven en raadsvoorstellen op de hoogte worden gehouden

Ondernomen en mogelijke acties

Per projectfase zullen de projectbegrotingen worden geactualiseerd.

Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 11 juni 2026

93

13. Onderwijshuisvesting - Meerjarige opgave (Strategisch Huisvestingsplan Onderwijs) Nummer / Naam

13. Onderwijshuisvesting - Meerjarige opgave (Strategisch Huisvestingsplan Onderwijs)

Omschrijving risico

De inbreng voor de risicoparagraaf voor onderwijshuisvesting is gesplitst in drie delen. Hier benoemen we de mogelijke risico’s van de langjarige opgaven onderwijshuisvesting.

Specifieke risico's

Veel schoolgebouwen in Capelle dateren uit de jaren ’70 en ’80, gebouwd tijdens de groei van Capelle aan den IJssel. Het geactualiseerde Strategisch Huisvestingsplan Onderwijs (vastgesteld op 10 juli 2025) bestaat onder andere uit een perspectief voor deze oudere gebouwen. In de voorjaarsnota 2024 is reeds opgenomen dat er een forse investering is gemoeid met het uitbreiden, vervangen en vernieuwen van de schoolgebouwen. Toen al is gesteld dat twee derde van het aantal schoolgebouwen in aanmerking zou komen voor een ingreep en dat de totale geschatte investering zich beweegt tussen de € 44 miljoen en € 93 miljoen, exclusief de onderwijshuisvesting in het kader van de gebiedsontwikkeling in Rivium. Ook is er een indicatie gegeven van het verloop van de jaarlijkse lasten. In het najaar 2024 is in samenspraak met de schoolbesturen gekomen tot een concrete en meer gedetailleerde planning van de projecten waardoor het verloop van de jaarlijkse lasten afwijkt van de indicatie bij de Voorjaarsnota 2024. De geschatte investering ligt op 79 miljoen. Deze investering is gebaseerd op huidige inschattingen en kostenontwikkelingen en gaat over een doorlooptijd van 17 jaar. Hierin zijn de opgaven in Rivium en Fascinatio meegenomen. Daarnaast zijn ook kosten voor tijdelijke huisvesting en de organisatiekosten van 6% opgenomen.

Risico’s bij de geschatte investering zijn dat de raming is gebaseerd op kengetallen en huidige kostenontwikkelingen. De werkelijke situatie kan afwijken. Daarnaast zijn er meerdere scenario’s voor renovatie en nieuwbouw. Indien in de loop van de periode een ander scenario wordt geadviseerd, zal ook de prijs afwijken. Ook is nog geen rekening gehouden met eventuele ontwikkelingen binnen het aanbod voor bewegingsonderwijs. Daarnaast wordt de prioritering en fasering van de projecten bij elke actualisatie van het SHO in samenhang bezien met de periodieke herijking van de fasering en prioritering van de Omgevingsagenda. Voor alle nieuwe projecten gelden overigens dezelfde risico’s als voor de huidige projecten. Waarbij we netcongestie hier nogmaals willen uitlichten. Op 5 november kondigde Stedin netcongestie af voor een groot deel van Capelle aan den IJssel, gevolgd door TenneT op 5 december voor de gehele regio. Dit betekent dat aanvragen voor nieuwe of grotere grootverbruikersaansluitingen vooralsnog op een wachtlijst komen.

Bandbreedte financiële gevolgen

In de begroting 2026 hebben we de kredieten met bijhorende kosten opgenomen tot en met het jaar 2033.

Beheersingsmaatregelen

Vooruitlopend op de wetswijziging ‘planmatige en doelmatige aanpak onderwijshuisvesting’ wordt aan schoolgebouwen ouder dan veertig jaar een perspectief te geven. Naast renovatie en vervanging kan ook worden gekozen om later of geen voorziening toe te kennen aan het schoolbestuur. De kosten voor Rivium en Fascinatio zijn onvermijdelijk om de groei van het aantal leerlingen in beide wijken op te vangen. Het voorstel voor de ambtelijke organisatie van de uitvoering van het SHO maakt onderdeel uit van het SHO.

Verloop en bewaking

Eerste moment van opname in P&C-document: Voorjaarsnota 2024 – totaalbeeld onderwijshuisvesting. Een actualisering van de investeringen is opgenomen in de actualisatie van het SHO. Daarnaast blijven we de kostenontwikkeling de komende jaren volgen om de financiële risico’s te beoordelen.

Verantwoordelijken

Ambtelijk: Samenleving (Stadsontwikkeling en Vastgoed) Bestuurlijk: Van Woudenberg

Communicatie

In de risicoparagraaf zal blijvend aandacht geschonken worden aan beschreven risico. Met de vaststelling van het SHO is ook aandacht besteed aan de risico’s.

Ondernomen en mogelijke acties

De meerjareninvestering verwerken in het eerstvolgende P&C document.

Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 11 juni 2026

94

14. Grondexploitaties Nummer / Naam

14. Grondexploitaties

Omschrijving risico

Voor de toekomstige verwachte kosten en opbrengsten worden aannames gedaan op het gebied van planning, verwachte verkoopprijzen, geraamde kosten, verwachte rentelasten, plankosten, enzovoort. Diverse onzekerheden en risico's kunnen het begrote financiële eindresultaat van de grondexploitatie beïnvloeden. Hierbij kan onderscheid worden gemaakt tussen risico's die specifiek zijn voor een grondexploitatiecomplex en risico's die betrekking hebben op de gehele grondexploitatieportefeuille.

Specifieke risico's

In de Actualisatie Grondexploitaties MPP 2026 hebben we de voornaamste risico’s, kansen en beheersmaatregelen per project beschreven.

Bandbreedte financiële gevolgen

Kansen: 431 Risico: 3.344 Het betreft verschillende soorten risico’s. In de bepaling van de bandbreedte is reeds rekening gehouden met de kans van voordoen. Daarom zijn de risico's voor de bepaling van de weerstandsratio voor 100% meegenomen.

Beheersingsmaatregelen

In de Actualisatie Grondexploitaties MPP 2026 hebben we de voornaamste risico’s, kansen en beheersmaatregelen per project beschreven.

Verloop en bewaking

Eerste moment van opname in P&C-document: Najaarsnota 2019. Bewaking: zie Beheersmaatregelen.

Verantwoordelijken

Ambtelijk: afdeling Stadsontwikkeling Bestuurlijk: Van Woudenberg

Communicatie

In de risicoparagraaf zal blijvend aandacht geschonken worden aan dit risico.

Ondernomen en mogelijke Zie Beheersmaatregelen. acties

15. Impact nieuwe Omgevingswet en Wkb op leges omgevingsvergunningen Nummer / Naam

15. Impact nieuwe Omgevingswet en Wkb op leges omgevingsvergunningen

Omschrijving risico

Met de invoering van de Omgevingswet op 1 januari 2024, en de hieraan gekoppelde Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) is de wet- en regelgeving voor bouwinitiatieven en omgevingsvergunningen gewijzigd. In 2024 hebben we een daling gezien van het aantal vergunningaanvragen en een toename van het aantal conceptverzoeken. Dit was onder andere te verklaren door de toename van aanvragen eind 2023 nog onder de oude wetgeving. In de eerste maanden van 2025 zien we weer een stijging van het aantal aanvragen omgevingsvergunning. Dit komt onder meer omdat activiteiten niet meer samenhangend zijn en dat er nu per activiteit vergunning kan worden aangevraagd. Of en welke impact de inwerkingtreding van de Omgevingswet structureel heeft op onze inkomsten is voor nu nog onduidelijk. Uw raad bepaalt in het Omgevingsplan op welke wijze u invulling geeft aan deregulering en vergunningplichten voor bepaalde activiteiten. Tijdens de voorbereiding van het Omgevingsplan informeren we u ook over de financiele gevolgen. De Wkb is op 1 januari 2024 uitsluitend voor de nieuwbouw van gevolgklasse 1 bouwwerken ingevoerd. De verbouw van gevolgklasse 1 bouwwerken is nog uitgesloten. Het ministerie verwacht tot 2028 nog niet over te gaan tot verdere invoering van de Wkb voor verbouw van gevolgklasse 1 bouwwerken of uitbreiding met gevolgklasse 2 bouwwerken.

Vooralsnog heeft deze beperkte invoering van de Wkb geen noemenswaardige impact op de opbrengsten. Er zijn in Capelle op dit moment slechts zes projecten bekend, die onder de Wkb vallen.

Specifieke risico's

Lagere opbrengsten uit leges omgevingsvergunningen.

Bandbreedte financiële gevolgen

Het risico is op dit moment niet te kwantificeren.

Beheersingsmaatregelen

Niet van toepassing

Verloop en bewaking

Eerste moment van opname in P&C-document: Voorjaarsnota 2021

Verantwoordelijken

Ambtelijk: afdeling Stadsbeheer Bestuurlijk: Manusama en Schaatsbergen

Communicatie

De impact van de Omgevingswet op de legesinkomsten worden gemonitord. Zodra hierover meer bekend is zullen we u hierover informeren.

Ondernomen en mogelijke Niet van toepassing acties

Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 11 juni 2026

95

16. Rivium Nummer / Naam

16. Rivium

Omschrijving risico

Met de recente afspraken (ondertekening SOK/AOK december 2025) met de marktpartijen heeft de gemeente haar belangrijkste risico’s (nog voortkomend uit de SOK 2023) kunnen beperken. Belangrijke tijdsafhankelijke en uitvoeringsrisico’s zijn voor de gemeente aanzienlijk beperkt en zijn door de marktpartijen overgenomen. De gemeente is nog steeds verantwoordelijk voor de publiekrechtelijke taken, de aanleg van een groot deel van het openbaar gebied en de mobiliteitsmaatregelen. De gemeentelijke kosten tot en met 2025 zijn gefactureerd en betaald door de marktpartijen. Het bijbehorende voorfinancieringsrisico is hiermee komen te vervallen.

Specifieke risico's

Budgetoverschrijdingen Voor de periode 2026 tot 2036 zijn goed onderbouwde budgetten overeengekomen met marktpartijen voor het uitvoeren van de gemeentelijke activiteiten. In de voorbereidingsfase van deze gebiedsontwikkeling worden voornamelijk studie en engineeringskosten gemaakt. Deze kosten zijn in de DGE in beginsel toereikend gedekt. Vanaf medio 2027 zullen voor de gemeente de eerste uitvoeringswerkzaamheden starten. Voor de infrastructurele en civieltechnische onderdelen geldt een verhoogd risicoprofiel. De budgetten worden per kwartaal vooraf in rekening gebracht waarmee het risico van voorfinanciering nihil is. De budgetten zijn wel gemaximaliseerd en kunnen alleen in tijd geïndexeerd worden. Uitgaande van een goed beheers- en bewakingsproces door het projectteam heeft de gemeente voor de komende 10 jaar voldoende budget met heldere betaalmomenten waarmee alle kosten voor de gemeente worden afgehecht. In zijn algemeenheid heeft de gemeente de opgave om de kosten inzet nadrukkelijk te beheersen. Voor 2e fase (wat geen onderdeel uitmaakt van het lopende omgevingsplan) zijn nog geen afspraken gemaakt, hiervoor worden te zijner tijd anterieure overeenkomsten gesloten. Uitloop omgevingsplanprocedure De gemeente loopt het risico dat de taakstellende budgetten voor de omgevingsplanprocedure ontoereikend zijn.

Oorzaken hierbij kunnen zijn de hoeveelheid en de aard van eventuele bezwaren, mogelijke tekortkomingen in de gemeentelijke voorbereiding en uitspraak van de rechter. Samenwerking met marktpartijen De marktpartijen hebben zich niet in één ontwikkelende entiteit verenigd. Dit levert extra complexiteit op bij de projectorganisatie, aansprakelijkheidsstellingen, faillissement, etc. De hernieuwde SOK/AOK bevat verschillende bepalingen om de risico's naar de marktpartijen te beperken. WOKT subsidie mobiliteit De gemeente heeft een rijkssubsidie verkregen voor mobiliteitsmaatregelen die nodig zijn voor de ontwikkeling. De gemeente heeft een eigen cofinanciering ingebracht van 17,5 % (ca. 8 miljoen). Het risico op kostenoverschrijding en eventuele terugbetaling ligt primair bij de gemeente. De gemeente staat aan de lat voor de subsidievoorwaarden; deadline voor start en oplevering bouw, het aantal woningen (5000) en een correcte financiele verantwoording. In de AOK is overeengekomen dat de marktpartijen garant staat voor terugbetaling indien zij niet of niet tijdig tot uitvoering komen. Overige risico's Voor de onderdelen waar de gemeente voor aan de lat staat gelden generieke risico's zoals prijsstijgingen, wijzigingen wet- en regelgeving, gewijzigde beleidsinzichten en andere generieke makroeconomische effecten waaronder netwerkcongestie.

Bandbreedte financiële gevolgen

De financiele gevolgen voor onderstaande risico's zijn geraamd voor de periode 2027-2030. Budgetoverschrijding. 10% over ca 25 mln. = 2,5 mln., kans van 25% Uitloop omgevingsplanprocedure Oplopend tot 2 ton, kans van 50% Samenwerking met marktpartijen Het mogelijk geldgevolg van risico's rondom de samenwerking met marktpartijen is niet eenduidig te ramen. De gemeente heeft contractueel diverse beheersingsbepalingen opgenomen en in het uiterste geval kan de gemeente aan de noodrem trekken (kostenstop) en voorkomen dat er niet-verhaalbare kosten ontstaan. WOKT subsidie mobiliteit 10% over ca 42 mln. = 4,2 mln., kans van 10% Overige risico's In dit stadium niet te ramen. NB. Bovenstaande financiele gevolgen zijn geraamd met de kennis van nu. 2026 staat in het teken van de uitvoeringvoorbereiding. In deze fase worden diverse onderzoeken en studies verricht op basis waarvan de risico's nader kunnen worden gekwantificeerd. Samenvattend is sprake van een oplopend risicoprofiel dat zich de komende jaren verder zal manifesteren en actief gemonitord moet worden binnen de P&C cyclus.

Beheersingsmaatregelen

Risico-overdracht: tijds- en uitvoeringsrisico’s zijn grotendeels bij marktpartijen belegd. Budgetbeheersing: gemaximaliseerde budgetten, alleen geïndexeerd via CPI/GWW. Strak projectbeheer: actief bewaken van planning, kosten en risico’s door het projectteam.

Verloop en bewaking

Eerste moment van opname in P&C-document: Begroting 2023

Verantwoordelijken

Ambtelijk: Arian Pleizier Bestuurlijk: René van Hemert

Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 11 juni 2026

96

Nummer / Naam

16. Rivium

Communicatie

In de risicoparagraaf zal blijvend aandacht worden geschonken aan dit risico, daarnaast wordt de raad door middel van de voortgangsrapportages Rivium twee keer per jaar op de hoogte gehouden.

Ondernomen en mogelijke acties

Zoals hierboven reeds aangegeven worden de nodige onderzoeken en studie uitgevoerd om niet in een later stadium te worden verrast. De risico's binnen het project Rivium worden bewaakt in een risicodossier en worden regelmatig herijkt. Daarnaast wordt nadrukkelijk aandacht besteedt aan kostenbeheersing volgens de methodiek van projectmatig werken. Tot slot blijven we in gesprek met contractpartners en subsidieverstrekkende partijen.

Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 11 juni 2026

97

17. Leerlingenvervoer Nummer / Naam

17. Leerlingenvervoer

Omschrijving risico

Risico met betrekking tot Leerlingenvervoer.

Specifieke risico's

In 2025 hebben we de aanbesteding voor Vervoer Wmo- en Leerlingenvervoer met een jaar uitgesteld en zijn we een overbrugging met de huidige leverancier aangegaan. In de Kadernota 2026 bent u hierover geïnformeerd. In 2025 zetten we de aanbesteding opnieuw in de markt met ingangsdatum augustus 2026. Hoewel we de uitkomst van de aanbesteding niet kennen, hebben we de financiële consequenties van de overbruggingsperiode meerjarig in de Begroting 2026 verwerkt.

Bandbreedte financiële gevolgen

Het risico is op dit moment niet te kwantificeren.

Beheersingsmaatregelen

Niet van toepassing.

Verloop en bewaking

Eerste moment van opname in P&C-document: Begroting 2026.

Verantwoordelijken

Ambtelijk: afdeling Samenleving Bestuurlijk: van Hemert

Communicatie

In 2026 volgt de aanbesteding. Zodra hierover meer bekend is, zullen wij u hierover informeren. De financiële consequenties nemen we mee in de 1e Bestuursrapportage 2026.

Ondernomen en mogelijke Niet van toepassing. acties

18. Netcongestie Nummer / Naam

18. Netcongestie

Omschrijving risico Specifieke risico's

De risico’s als gevolg van de netcongestieproblematiek vallen uiteen in 2 categorieën: 1. Risico’s die ontstaan bij het versneld sluiten van anterieure overeenkomsten (voordat er door de raad een gebiedspaspoort of ander kaderstellend document is vastgesteld) met als doel om tijdig voor aansluiting in aanmerking te komen. Voor deze categorie is een separaat raadsvoorstel in routing gebracht met de bijbehorende kosten en risico’s. Deze risico’s zijn pas van toepassing nádat de raad hierover een besluit heeft genomen. 2. Risico’s die ontstaan indien projecten niet tijdig in aanmerking komen om aangesloten te worden (langdurig uitstel of mogelijk afstel). Onderstaand een overzicht van thema’s waar in dat geval een financieel gevolg kan ontstaan.

Gebiedsontwikkelingen algemeen - Doorlopende plankosten (bij lopende contractuele verplichtingen zoals een intentieovereenkomst) - In geval van langdurig stopzetten van het project moeten er te zijner tijd opstartkosten gemaakt worden (overleg met partners, actualisatie onderzoeken en haalbaarheid businesscase, in uiterste geval herontwikkeling) - (gedeeltelijke) terugbetaling subsidies door niet behalen subsidie deadlines - bij afstel van projecten moeten de reeds gemaakte niet verhaalbare kosten worden afgeboekt - Het niet of veel later realiseren van het bouwprogramma kan negatieve gevolgen hebben voor de uitkering vanuit het gemeentefonds Specifiek grondexploitaties - Doorlopende rentelast op boekwaarde - Lagere rentebaten door uitgestelde gronduitgifte

Bandbreedte financiële gevolgen

Wat de financiële gevolgen per project zullen zijn is in dit stadium niet te duiden. Er zijn te veel variabelen die daarbij een rol spelen. Zodra er nadere inzichten zijn waarmee de financiële risico’s gekwantificeerd kunnen worden, zullen deze op de gebruikelijke manier via de P&C cyclus worden opgevoerd.

Beheersingsmaatregelen

- Inzetten op versnelling van anterieure overeenkomsten (separaat raadsvoorstel in routing) - In overleg treden met de netwerkbeheerder over de eisen - In overleg treden met de betrokken (contract)partijen - Kostenstop voor projecten die de deadline (zeer waarschijnlijk) niet gaan halen - Afbouw van de personele flexibele schil

Verloop en bewaking

Er is een ambtelijk versnellingsteam netcongestie ingesteld. Zowel de versnelling van projecten (zie hierboven categorie 1) als de problematiek in brede zin wordt hier periodiek gemonitoord

Verantwoordelijken

Projectleiders van de betreffende projecten

Communicatie

De raad wordt actief geinformeerd over ontwikkelingen en gemeentelijke gevolgen

Ondernomen en mogelijke Zie hierboven onder beheersingsmaatregelen en bewaking acties

Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 11 juni 2026

98

Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen

Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 11 juni 2026

99

Onderhoud kapitaalgoederen In deze paragraaf gaan wij in op het eigendom, beheer en onderhoud van onze kapitaalgoederen. Kapitaalgoederen zijn zaken die de gemeente nodig heeft om de diensten en goederen die zij levert aan burgers te realiseren. Het zijn grote zaken die meerdere jaren meegaan en meestal deel uit maken van de balans van de gemeente. Voorbeelden zijn wegen, rioleringen of gebouwen. De Commissie BBV heeft in 2017 een Notitie Materiële Vaste Activa opgesteld met richtlijnen over investeringen, activeren, waarderen, afschrijven en onderhoud. Op basis hiervan hebben wij de Nota Vaste activa 2019 gemeente Capelle aan den IJssel opgesteld, die in het voorjaar van 2019 is vastgesteld. In het eerste deel van deze paragraaf gaan wij in op kapitaalgoederen in de openbare ruimte. In het tweede deel gaan wij in op onze gebouwen, het vastgoed. Aan het eind volgt een overzichtstabel met onze kapitaalgoederen.

Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 11 juni 2026

100

Openbare ruimte Openbare ruimte Beheerplannen openbare ruimte In 2023 zijn de nieuwe Beheerplannen vastgesteld. In deze beheerplannen staat hoe de diverse vakdisciplines de komende jaren het beheer en onderhoud gaan aanpakken. De beheerplannen vormen de essentiële technische basis voor het beheer en onderhoud van publieke objecten (assets) in de buitenruimte van Capelle aan den IJssel. De plannen beschrijven hoe de buitenruimte op een doelmatige wijze wordt beheerd en dienen als instrument om aan te tonen dat de gemeente 'in control' is bij het beheer van de openbare ruimte. Thema's zijn onder andere het vergroten van biodiversiteit, klimaatadaptiviteit en duurzaamheid. Dit doen we participatief, waarbij we hinder voor de bewoners zoveel mogelijk willen voorkomen. Kwaliteitsambitie openbare ruimte Op landelijk niveau wordt voor beeldkwaliteit gewerkt met de CROW-publicatie 380. Het CROW is het Nationale kennisplatform voor de infrastructuur, verkeer, vervoer en openbare ruimte. In de nieuwe Beheerplannen worden kwaliteitsniveaus uit de beeldkwaliteit van het CROW gehanteerd, te weten; hoog (A), basis (B) en sober (C). Met het vaststellen van het Programma Buitenruimte en de daarbij behorende Uitvoeringsagenda draagt het beheer en (groot) onderhoud van de buitenruimte bij aan de leefbaarheid van Capelle aan den IJssel door samen met Capellenaren de Buitenruimte te maken.

Niet alleen kwaliteitsambities spelen een rol bij de afweging voor vervangen en verbetering, maar ook bijvoorbeeld beleving, recreatie, ontmoeting en duurzaamheidsdoelen. Dit zorgt voor een intensiever ontwerpproces en daardoor soms langere doorlooptijden, maar meer tevreden gebruikers.

Wegen Gehanteerde kwaliteitsambitie Hoog voor Centrum en beschermde dorpsgezichten en sober voor overig. Financiële consequenties uit beleidskaders Bij het beheerplan 2023 is een continuering van het beheer en onderhoud binnen de bestaande financiële kaders aangegeven. Bij de Kadernota en Slotwijziging worden de afwijkingen op de IBORprojecten aangegeven.

Riolering en grondwater Riolering Het beheer van de riolering is gebaseerd op het vastgestelde GWRP 2023. Hierin staat beschreven hoe we invulling geven aan de wettelijke plicht voor het doelmatig en milieutechnisch verantwoord inzamelen en transporteren van het afvalwater binnen ons grondgebied. De zorgplicht voor afvalwater is een uitvloeisel van de invoering van de Wet gemeentelijke watertaken (2008) en als zodanig opgenomen in het GWRP. De zorgplicht is gesplitst in: •

zorgplicht voor stedelijk afvalwater – het inzamelen en transport van afvalwater naar een zuiveringtechnisch werk;

•

zorgplicht voor afvloeiend hemelwater – de inspanningen kunnen bestaan uit het inzamelen, bergen en transporteren van relatief schoon water;

•

zorgplicht voor grondwater – inzameling of aanvoer van (overtollig) grondwater om structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand te voorkomen of beperken (mits doelmatig en niet onder de verantwoordelijkheid van het waterschap of de provincie te vallen).

Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 11 juni 2026

101

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/17080088/4